CConstaterende datMaassluis
Koppel je AI →
Document · PDF

Toelichting Adviesrecht Omgevingswet

Thema-avond 2 23 november 2021, gemeente MaassluisBij agendapunt: 21.15-22.45 uur: Adviesrecht Omgevingswet1.573 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Toelichting Onderwerp: Adviesrecht Omgevingswet Datum: 23 november 2021 Locatie: De Buys Karakter van de thema-avond Informatief met de mogelijkheid om vragen te stellen en input te leveren voor het op te stellen raadsvoorstel over het adviesrecht Omgevingswet. Toelichting: Voor activiteiten in strijd met het bestemmingsplan (‘buitenplanse omgevingsplanactiviteiten’) kan de gemeenteraad in de huidige situatie – voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet – beslissen dat er ‘geen bedenkingen’ zijn, met een zogenoemde ‘verklaring van geen bedenkingen’. Om het werkbaar te houden kon de raad gevallen aanwijzen waarin die verklaring van geen bedenkingen niet nodig is. Voor alle overige gevallen is deze verklaring dus wel nodig. Onder de Omgevingswet is het precies omgekeerd. Dan wijst de gemeenteraad gevallen aan waarin wel een bindend advies nodig is van de raad om af te wijken van het omgevingsplan. Voor de nietaangewezen gevallen vervalt het adviesrecht. Tijdens deze thema-avond wordt met de raad in gesprek gegaan over de invulling van uw rol als raadslid en een passende werkwijze. Het hierbij dus om de vraag welke ruimte de gemeenteraad voor zichzelf wil claimen en welke ruimte aan het college van B. en W. wordt gegeven. Het omgevingsplan De Omgevingswet bepaalt dat de gemeenteraad een omgevingsvisie en een omgevingsplan vaststelt.

Terwijl de omgevingsvisie gaat over de langere termijn en de opgaven waar de gemeente mee aan de slag gaat, staan in het omgevingsplan regels voor de fysieke leefomgeving. Er kan bijvoorbeeld in staan dat een bepaalde activiteit in een bepaald gebied wel of niet is toegestaan en onder welke voorwaarden. Denk daarbij aan de aanleg van een weg, het bouwen van woningen, het kappen van bomen of het gebruiken van een perceel als horeca in plaats van als kantoor. De regels in het omgevingsplan kunnen ‘direct werkende’ algemene regels zijn. Dat wil zeggen dat inwoners en ondernemers zich daaraan moeten houden. Er kunnen ook regels worden opgenomen die ‘direct werkend met meldingsplicht’ zijn. In dat geval moeten initiatiefnemers, voordat ze met een activiteit beginnen, dat melden. Bij sommige regels geldt voor bepaalde activiteiten een vergunningplicht, oftewel alleen toegestaan met een vergunning. In dat geval beoordeelt het college van B&W een activiteit inhoudelijk aan de hand van die regels en geeft dan wel of geen vergunning af. Op deze manier is het omgevingsplan het toetsingskader voor vergunningverlening en toezicht en handhaving binnen een gemeente. Wijziging en afwijkingen van het omgevingsplan Het is onmogelijk om alles van tevoren te voorzien.

Misschien heeft een initiatiefnemer een plan dat niet in het omgevingsplan past, maar wel op de een of andere manier bijdraagt aan de

gemeentelijke lange termijn opgaven. Ook kunnen er lokaal en landelijk ontwikkelingen zijn die het noodzakelijk maken om het omgevingsplan te actualiseren. Denk daarbij aan meer/minder/andere behoefte aan woningen, kantoren of maatregelen voor klimaatadaptatie. Soms zal het nodig zijn om het omgevingsplan te wijzigen; en soms kan het nodig zijn voor een concreet initiatief van het omgevingsplan af te wijken. In essentie blijft de rolverdeling tussen de gemeenteraad en het college van B&W na de inwerkingtreding van de Omgevingswet onveranderd. Met het bestaand raadsinstrumentarium (het indienen van amendementen, moties, schriftelijke/mondelinge vragen, interpellatie, recht van onderzoek en initiatief en de actieve informatieplicht van het college van B. en W.) houdt de gemeenteraad gedurende het beleids- en besluitvormingsproces vinger aan de pols en stuurt op de gewenste doelen. Dat is met de komst van de Omgevingswet niet anders. Het college van B. en W. krijgt wel meer bevoegdheden bij de uitvoering van het beleid en de gemeenteraad is nadrukkelijker belast met de hoofdlijnen en het monitoren van de resultaten. Ook is het college van B. en W. straks het bevoegd gezag voor de omgevingsvergunning. Met de omgevingsvisie en het omgevingsplan legt de raad de doelen vast en stuurt op de realisatie hiervan, zoals gebruikelijk is binnen een gemeente.

Over initiatieven en (bouw)plannen die passen binnen het omgevingsplan, maar waarvoor een vergunning is vereist, geeft het college van B. en W. eenvoudig en snel uitsluitsel. Onder de huidige wetgeving kan het college van B. en W. uitsluitend een omgevingsvergunning voor een initiatief of (bouw)plan dat in strijd is met het bestemmingsplan verlenen met instemming van de gemeenteraad. Daarover besluit de raad met een zogenoemde ‘verklaring van geen bedenkingen’. Daarvoor in de plaats komt met de inwerkingtreding van de Omgevingswet een verzwaard, bindend adviesrecht voor de gemeenteraad. Het college van B. en W. mag daar niet van afwijken. De gemeenteraad geeft advies over die buitenplanse omgevingsplanactiviteiten, waarvan de raad heeft vastgelegd gebruik te willen maken van het adviesrecht. Een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor een dergelijke activiteit kan B. en W. dus niet zelfstandig afdoen. Als de gemeenteraad een negatief advies geeft, dan mag het college de omgevingsvergunning niet verlenen. De gemeenteraad moet – vóórdat de Omgevingswet in 2022 van kracht wordt – een besluit nemen over de gevallen waarin hij advies wil geven. Het huidige raadsbesluit ‘aanwijzingslijst gevallen waarvoor geen verklaring van geen bedenkingen nodig is’ vervalt. Regelt de gemeenteraad niets, dan hoeft B. en W.

niet naar de raad voor activiteiten die in strijd zijn met het omgevingsplan. Bij afwijkingen van het omgevingsplan is ook de reguliere procedure van toepassing. Dat wil zeggen een uiterste proceduretermijn van acht weken met een mogelijkheid van een eenmalig verlenging met 6 weken. Er zijn enkele gevallen waarbij de termijn kan worden verlengd, onder meer op verzoek van de aanvrager of als het bevoegd gezag dat beslist, vanwege aanzienlijke gevolgen en mogelijke bedenkingen van belanghebbenden. De gemeenteraad moet bij het bepalen van de lijst meewegen dat de Omgevingswet als doel heeft om besluitvorming over initiatieven sneller en overzichtelijker te laten verlopen. Het is dus ook van belang om te bespreken wat de consequenties zijn voor de vergadercyclus van de raad om te kunnen voldoen aan het behalen van de termijn. Voorbeelden van omgevingsplanactiviteiten, waarbij de gemeenteraad gebruik wil maken van zijn adviesbevoegdheid kunnen zijn: • het bouwen van meer dan [xx] woningen binnen de bebouwde en meer dan [5] woningen buiten de bebouwde kom; • het vergroten van als zodanig bestemde (bedrijfs)woningen tot xxx m3; • een antenne-installatie hoger dan x m; • het gebruiken van een recreatiewoning voor permanente bewoning; • een activiteit die leidt tot overschrijding van omgevingswaarde;

•

• • • • •

het uitbreiden met maximaal [xx %] van de oppervlakte van sportvelden, recreatieterreinen en begraafplaatsen en de daarop aanwezige bebouwing mits de omvang van de bebouwing na de uitbreiding in overeenstemming is met de aard en de capaciteit van de terreinen; het uitbreiden van bestaande niet-agrarische bedrijven met [xx%]; projecten ten behoeve van extensieve recreatie, inclusief de daarbij behorende voorzieningen (zoals paden, ontsluiting en groen); het realiseren van windmolenparken en weiden met zonnepanelen; het uitbreiden of oprichten van bebouwing in en nabij natuurgebieden of van een bepaald omvang/inhoud; Etc…

Juridisch kader en lokale bestuurscultuur De Omgevingswet beoogt versterking van lokaal maatwerk. Een open dialoog en goede afspraken intern tussen gemeenteraad, college van B. en W., maar ook extern met de gemeenschap zijn van groot belang. Het juridisch kader vormt de basis. Verder kent elke gemeente een eigen politieke dynamiek, die minstens evenveel van invloed is op de wijze van implementatie van de Omgevingswet en de werkwijze die daarmee samenhangt. Hierover moet het gesprek worden aangegaan. Van belang hierbij is om te bezien wat de huidige werkwijze is: • Wat is de huidige procedure die geldt voor afwijkingen van het bestemmingsplan: Wie doet wat? Hoe is agendering georganiseerd? Welke termijnen gelden voor besluitvorming? Hoe wordt hierover gecommuniceerd? Op welke manier zijn inwoners hierbij betrokken en hoe kunnen ze hun mening kenbaar maken? • Hoeveel omgevingsvergunningen worden ingediend om af te wijken van het bestemmingsplan en hoe vaak stemt de gemeenteraad daarmee in (houdt rekening met eventuele delegatiebesluiten)? • Kijk kritisch naar het vergaderstelsel en de vergaderfrequentie van de gemeenteraad.

Biedt dat voldoende flexibiliteit voor insprekers om hun mening te geven over initiatieven die in voorbereiding zijn? • Hoe tevreden is de raad, het college van B&W en de ambtelijke organisatie (en eventueel initiatiefnemers) en bewoners en maatschappelijke organisaties met de huidige praktijk? • Bij dit alles bedenken dat de proceduretermijnen binnen de Omgevingswet veel korter zijn en strakker gehanteerd moeten worden dan in de huidige wetgeving het geval is. Nieuwe situatie • Het advies van de gemeenteraad is bindend, het college mag er niet van afwijken. Het verlenen van vergunningen is evenwel een bevoegdheid van het college. Een te ruime invulling van de adviesbevoegdheid van de raad kan leiden tot een verkapte verschuiving van bevoegdheden. • Zorg dat de informatievoorziening over overwegingen, standpunten en afwegingen door de gemeenteraad en het college van B&W over aanvragen van omgevingsvergunningen die in strijd zijn met het Omgevingsplan, werkbaar, transparant en toegankelijk is.

Doel van de thema-avond Op dit moment is het zo dat voor iedere aanvraag die in strijd is met het bestemmingsplan en waarvoor een uitgebreide voorbereidingsprocedure i.h.k. van de Algemene Wet Bestuursrecht moet worden doorlopen de raa een verklaring van geen bedenkingen dient af te geven alvorens het college een omgevingsvergunning kan verlenen. Allereerst moet een ontwerpverklaring worden afgegeven en tot slot nog een definitieve.

In deze thema-avond zal aan de hand van casussen die de afgelopen jaren hebben gespeeld en waarvoor een verklaring van geen bedenkingen door de raad is afgegeven, worden besproken in welke gevallen de raad het adviesrecht onder de Omgevingswet wil uitoefenen en welke categorieën van gevallen opgenomen moeten worden in de advieslijst. Aan de hand van deze input zal een raadsvoorstel worden voorbereid waarover in januari 2022 een besluit kan worden genomen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10800537/1