CConstaterende datMaassluis
Koppel je AI →
Document · PDF

Printversie transcript

commissie 1 20 april 2021, gemeente Maassluis18.583 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Daar zijn dan wel geen winkels, maar in een smalle rustige straat, waar groepen fietsers met hoge snelheid doorheen rijden, is de rust aldaar voorbij. Het is gevaarlijk voor anderen die betreffende panden in- of uitgaan, voor wandelaars, denk aan toeristen, die gaan ooit ook weer terug komen. Is dit wat we willen? Het lijkt me verstandig om hier nog eens goed naar te kijken, in gesprek te gaan met bewoners, mocht dat nog niet gebeurd zijn, en andere belanghebbenden. Dan 4.6, procedurele afweging. Ik heb nog medewerking hoogheemraadschap onzeker, is er contact geweest met het hoogheemraadschap? Sluit een beetje aan op de vraag van de heer Sonneveld, om te weten hoe zij hierin staan. Vaststellingen MRDH, onzeker, is het getoetst binnen de MRDH? Men spreekt over tijdige realisatie, alternatief onzeker. En dan als laatste vraag, voorzitter, waarom voorlopig ontwerpen en definitieve ontwerpen opgesteld en met omwonenden overleg gevoerd over de plannen, terwijl de raad zich hier nog over moet uitspreken? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Gaan we naar de heer Kleijwegt, van GroenLinks. De heer Kleijwegt: Ja, voorzitter, dank u wel. Ja, voorzitter, de raad wou een onderzoek, de raad krijgt een onderzoek. Ja, de conclusie is eigenlijk al een beetje zoals we al hadden verwacht.

Nou, goed, de eerste vraag die bij me opkwam dan van hoeveel vertraging gaat het project dan oplopen door dit onderzoek? Dat antwoord is al gegeven op de vraag van de CDA, 5 maanden vertraging. En bij verdere vertraging komt de haalbaarheid onder druk te staan. Nou, dan denk ik als ik dan de PvdA nu hoor en de VVD nu hoor, dan denk ik ja, god, wat willen we nou? Ik bedoel, we hebben een unieke kans, moeten we dan dadelijk weer de hele boel gaan uitstellen en allerlei alternatieven gaan bedenken? Misschien moeten we gewoon eens een keer wat gaan doen, want dat er eens een keer een goede fietsroute door Maassluis komt, dat is hoognodig. Nou, goed, ik vind het wel goed trouwens dat er netjes de voor- en nadelen opgesomd staan van beide dus.

15 Transcript commissie 1 d.d. 20 april 2021

De voorzitter: Meneer Kleijwegt. De heer Kleijwegt: Een belangrijke daarvan is … De voorzitter: Meneer Kleijwegt, gaat u ook nog een vraag stellen? De heer Kleijwegt: Nou ja, zeker. De voorzitter: U bent al halverwege de tijd en ik heb nog geen vraag gehoord. De heer Kleijwegt: Nee, goed. Nou ja, mijn vraag is eigenlijk van alles afwegende tegenover elkaar, zeker als je het hebt over de omrijdfactor, die bij alternatieve route 26% is en bij de oorspronkelijke route 3%, hoe ziet het college dit? Wil het college dan liever de alternatieve route of de oorspronkelijke route en dat geldt overigens ook ‘…’. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Een interruptie van de heer Keizer en daarna een interruptie van de heer Snoeck. Ik neem aan op het verhaal van de heer Kleijwegt. De heer Keizer: Ja, heel kort over, voorzitter, maar de heer Kleijwegt noemde inderdaad mijn naam, mijn partij, in dezelfde zin als met laten we nou eens wat gaan doen. Ik denk dat zowel de VVD als de PvdA het helemaal met u eens zijn, maar dat wij wel gewoon, wat daarin wel gewoon duidelijk willen over een aantal zaken. Laat ik voor mezelf spreken, ik denk dat wij niet met elkaar willen dat we zeggen we gaan dit doen, we geven een blanco cheque en ik heb gewoon een paar vragen inderdaad van goh, zijn dingen geborgd om gewoon die goede afweging te kunnen maken.

Dat staat los van, denk ik, dat we met z’n allen willen dat we iets goeds voor de fietsers willen doen, maar dat moet wel basis van een aantal zorgen die we hebben, dat die weggenomen zijn. De voorzitter: Meneer Snoeck. De heer Snoeck: Ja, dank u wel, voorzitter. Als het gaat over de vertraging, waar de heer Kleijwegt het over heeft en dan moeten we nu wat gaan doen, die vertraging is niet de oorzaak van onze vraag en onze wens voor een rapport, dat ligt veel eerder in het feit dat we niet zijn meegenomen in routes. Daarentegen vinden wij het gewoon van belang dat er een ordentelijk proces loopt als het gaat over veiligheid van de route. Er wordt een infrastructuur neergelegd voor de komende 50 jaar, waarbij snelheid in deze niet gepast is, want we moeten er 50 jaar veilig over fietsen, dus ik ben benieuwd hoe de heer Kleijwegt de veiligheid hier als prioriteit of volstrekt onbelangrijk acht. De voorzitter: Nog even een reactie van de heer Kleijwegt. De heer Kleijwegt: Ja, voorzitter, ik doelde op, in antwoord op de heer Keizer en ook, denk ik wel, de heer Snoeck, op wat ze hebben gezegd over de omwonenden erbij te betrekken. Ik ben een voorstander van zoveel mogelijk mensen erbij te betrekken, met ze te communiceren, maar als dat vertraging oplevert waardoor wij die route helemaal niet meer kunnen aanleggen duidelijk, dat is wel een gemiste kans.

Dat staat niet voor niets in de stukken, wat de heer Snoeck ook zegt, we willen graag een ordentelijk proces. Nou, dat wil ik ook. Uiteraard, het college had ons zeker beter mee kunnen nemen met beide varianten, helemaal eens. Alleen dit onderzoek heeft wel voor vertraging gezorgd, dat staat ook in de stukken, dus daar kunnen we gewoon niet omheen. En wat betreft veiligheid, natuurlijk vinden wij de veiligheid belangrijk, dat is … De voorzitter: Meneer Kleijwegt … De heer Kleijwegt: ‘…’ heeft gezegd dat ik dat niet belangrijk vind. Ja? De voorzitter: Uw punt is duidelijk. We gaan verder met de heer … De heer Kleijwegt: Oké, dank u wel, voorzitter. De voorzitter: De Jong. De heer De Jong: Ja, bedankt, voorzitter. En excuus dat ik net automatisch ging praten. Allereerst, ik ben blij met de vragen de vragen die CDA de VVD gesteld hebben met de uitgebreide beantwoording. Dat helpt bij de afweging tussen twee routes, wat mij betreft. En D66 wil de beste fietsroute, dat is het uitgangspunt geweest bij eerdere besprekingen van de Metropolitane fietsroute en het rapport van Sweco eerst liet nog een hoop ruimte over voor discussie en het proces was niet goed, dus zijn we blij dat er nu aanvullend onderzoek is gedaan. Op basis van wat we nu weten zou ik zeggen dat D66 niet overtuigd is van de alternatieve route, dat die beter is dan de voorkeursroute die er lag.

Hij is namelijk in afstand een stuk langer, de zogenaamde omfietsfactor en hij kent evengoed knelpunten, net als de voorkeursroute. Bovendien, de alternatieve route ligt parallel aan twee

16 Transcript commissie 1 d.d. 20 april 2021

doorgaande routes in Maassluis, namelijk de boulevard langs Het Scheur en de Industrieweg. Ik kan me zo voorstellen dat als je de ene route wel investeert, dat de andere twee dan achterwege laten, waardoor je eigenlijk misschien ander verkeer achter gaat stellen. Daarom denken wij dat fietsers in een nieuwe, maar ook Maassluisers die nu al de auto laat staan, met de zogenaamde voorkeursroute, de beste fietsroute hebben. Drukke fietspaden worden omgevormd naar asfalt en dat is een belangrijk argument voor ons om daar dan een voorkeur voor te hebben. Toch een paar … De voorzitter: Meneer De Jong. Uw tijd is voor de helft voorbij en u heeft nog geen één vraag gesteld. De heer De Jong: Nee, maar ik zit er ook niet om de wethouder bezigheidstherapie te geven. We mogen ons als raad uitspreken over deze voorkeuren en dat doe ik graag. Ik heb nog drie vragen. Volgt het college de conclusie van de nieuwe rapporten over de route om over de Westlandseweg te leiden, in plaats van de lus over de oude Maasdijk? Het tweede, het kruispunt met de naam 40-45 moet logisch en veilig worden ingericht, daar wordt ook over geschreven in het rapport.

Wordt het kruispunt ook betrokken bij het deel van de ontwikkeling van de Julianalaan? Of zijn dat twee dingen die toevallig op elkaar aan moeten sluiten? En tot slot, is het college met D66 eens dat de Hoogstraat fysieke drempels voor doorgaand fietsverkeer moet worden opgeworpen om die snelheid eruit te halen en hoe zou dat eruit kunnen zien? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Gaan we naar het CDA, de heer ‘t Hart. De heer ‘t Hart: Ja, dank u wel, voorzitter. Ook wij hebben nog een aantal aanvullende vragen. Allereerst dank voor de beantwoording van onze schriftelijke vragen en ook de snelle beantwoording daarvan. Voorzitter, in het rapport wordt gesproken over het asfalteren van het fietspad langs de Westlandseweg en in het verleden werd in dit kader van kabels en leidingen dit nog wel eens als problematisch geacht. Is dat nog steeds zo, of speelt dat niet meer? Dan, als de raad kiest voor de alternatieve route, zien we als CDA dat de oorspronkelijke route alsnog ook moet worden aangepakt, omdat dit wel de voorkeursroute blijft, zeker voor een lokaal fietsverkeer. Mocht dat zo zijn, kunnen we dan de simpele rekensom maken dat we dan die kosten ook nog een keer voor onze rekening krijgen? Dus de gesubsidieerde alternatieve fietsroute en de oorspronkelijke route volledig voor onze eigen rekening. Dan de Julianalaan.

In de oorspronkelijke route zit deze aanpassing verwerkt. Met het huidige onderzoek dat er nu ligt heeft ertoe geleid dat deze ontwikkeling eigenlijk stil ligt in het proces. Welke termijn kunt u verbinden aan het vervolgen van de ontwikkelingen aan de Julianalaan, bij zowel de oorspronkelijke, dan wel de alternatieve route? Over tabel 4.6 hebben al meer mensen gevraagd, onze vraag is hoe duidt u nu zelf die risico’s. En op dit moment onze laatste vraag, de raadsinformatiebrief geeft het college niet echt een voorkeur, hoewel de beide rapporten wel een voorkeur uitspreken. Deelt het college die uitspraak uit de rapporten? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Gaan we tenslotte naar mevrouw Oosterman. Mevrouw Oosterman: Ja, dank u wel, voorzitter. Duiding geven aan deze rapportage, dat is een vraag die ook naar voren komt in deze raadsinformatiebrief. Onze fractie wil dan ook even een moment nemen om rustig een aantal zaken door te nemen. Ik begin met een inleiding, voorzitter, en daarna stel ik enkele vragen. Wanneer je kijkt naar de dagelijkse praktijk in de stad, dan zie je dat alle fietsroutes in de stad aandacht nodig hebben. Zo zag ik gisterochtend drie lange afstandsfietsers van de pont komen. Op het Havenplein sloeg één rechtsaf, richting Julianalaan, één ging rechtdoor naar het centrum en één ging linksaf richting het Westland.

Daarmee wil ik aangeven dat langeafstandsfietsers ook uit andere richtingen komen dan Vlaardingen of het Westland. ‘s Middags kwamen de wielrenners van de Coppelbrug afracen. Op de Deltaweg nemen veel wielrenners de hoofdrijbaan en ook zijn er die het linker fietspad nemen. Alles om maar geen snelheid te verliezen. De Deltaweg is absoluut een aandachtsgebied. Deelt u dat met ons, wethouder? En op een zonnige dag komen ook de toeristische fietsers. Ook zij willen graag de route langs de Waterweg volgen. Voor deze groepen is de Metropolitane fietsroute niet direct bedoeld, maar het past wel in de bredere doelstelling van de MRDH. De kinderen uit Maassluis fietsen in groten getale langs de polder, jammer genoeg voor hen loopt de route daar niet langs. Wethouder, bent u het met ons eens dat de Metropolitane fietsroute uiteindelijk maar een klein onderdeel is van het totale fietsplan van Maassluis? We zijn het dan eens met de uitgangspunten dat de fietsroute voor zoveel mogelijk

17 Transcript commissie 1 d.d. 20 april 2021

fietsers interessant moet zijn. De Westlandseweg zou daarin een argument kunnen zijn om te kiezen voor de voorkeursroute van het college. Maar er wordt steeds gekeken naar het aantal minuten, maar Google Maps houdt nooit rekening met wachttijden voor het stoplicht. Daarmee is het in de praktijk wellicht goed mogelijk dat de alternatieve route in de tijd weinig afwijkt van de voorkeursroute van het college. Bent u dit met ons eens, wethouder? En de snelfietsroute over de Zuiddijk en de Hoogstraat blijft een minpunt, vooral de Hoogstraat is toch vragen om problemen, VSP noemde het ook al. En … De voorzitter: Wilt u afronden, mevrouw Oosterman? U bent al bijna door het plafond van de tijd heen. Mevrouw Oosterman: Voor beide routes valt iets te zeggen, het is en blijft een dilemma omdat uiteindelijk alle routes aangepakt moeten worden en daar wil ik het even bij houden als duiding in deze eerste termijn, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Gaan nu naar de wethouder, u heeft 15 minuten. De heer Voskamp: Voorzitter, ik ga mijn best doen. De VVD vraagt dat het rapport niet duidelijk is voor wat betreft de consequenties voor de voorgestelde route en wat nu de voorkeurroute is. Dat wil ik graag met u bespreken en ik hoor van u allerlei zaken hoe u tegen de routes aankijkt.

Het college ziet het tweede rapport van Goudappel als een rapport waarin duidelijke conclusies staan en voor ons is het een bevestiging voor de keuze voor de oorspronkelijke route. Even kijken. Daarna heeft u de vraag over de Julianalaan en dat u geen carte blanche wil geven. Nee, die snap ik. We hebben wel afgesproken dat in het kader van de ontsluiting van de kade we gaan kijken naar een drietal projecten, namelijk de Handelskade zelf, de verkeersveiligheidsverbetering op de Julianalaan en de overweg 40-45 naar de kade toe. De ontwikkelingen op de Julianalaan is één van deze pijlers. Dat proberen we te combineren met de MFR. Wij hebben het idee dat we daarmee extra mogelijkheden krijgen omdat een deel van de fietsinfrastructuur die we ook gebruiken voor de MFR, ook voor de ontsluiting voor de kade en de veiligheidsverbeteringen op de Julianalaan, dat we daar een dubbelslag mee slaan en voor dat bedrag krijgen wij een 70% subsidie in het kader van deze MFR. Dat betekent dus als we niet over de Julianalaan gaan, dat we dan dus de verkeersveiligheid helemaal zelf moeten gaan aanpakken en mogelijk dat daar nog wel subsidie op te krijgen is, maar dat is maar de vraag. In dit geval kunnen we het combineren. Daar moeten ook extra werk voor doen, dus in die zin moeten we uiteindelijk nog goed in kaart brengen wat dat gaat vragen.

Als we die duidelijk hebben, dan komen we natuurlijk uiteraard bij de raad terug om met dat rapport te laten zien en delen hoe we daar die inrichting gezamenlijk met de inwoners in dit participatietraject ook voor ons zien. De voorzitter: Interruptie van de heer Snoeck. De heer Snoeck: Voorzitter, ja, ik snap wat u zegt. U gaat dus, als ik het goed begrijp, toch meerdere routes dan ook onderzoeken, als het om fietsen gaat. Als ik dat nu zo hoor, maar als het over de Julianalaan gaat, betekent dat dus een uitbreiding van de kosten die daar genoemd zijn, want alleen het wegdek vernieuwen en de lampen vervangen voor 5 ton, dat is daarvoor begroot, maar wat betekent dat dan als u op die manier een uitbreiding van de Julianalaan wil geven. Lijkt het niet logisch dat nu voordat we een beslissing nemen over de juiste route in kaart hebben, dan dat we nu een beslissing nemen over de MRDH en later worden geconfronteerd met een onverantwoordelijke investering. De heer Voskamp: Voorzitter, dat is een lastige. Ik zou bijna zeggen een kip-ei-verhaal, waarbij we weten wat we volgens de rapportage zouden moeten doen op de Julianalaan.

Dat is inderdaad beschreven, maar de MRDH hebben we ook mee gesproken over de werkzaamheden die we op dit moment, of tenminste de gesprekken die we met de bewoners hebben over het verbeteren van de verkeersveiligheid, en de MRDH is er zich terdege van bewust dat het niet alleen zal blijven bij deze investering voor wat betreft, zoals u noemt het asfalteren en de lampen die u noemt. Het geeft ook enorme beperkingen als we daar de MFR over de Julianalaan leggen, want we moeten daar echt zorgen dat het daar fysiek gaat passen. Die uitbreiding, die zien wij zitten om daar combinatie te maken van en werk met werk en het project om de verkeersveiligheid en de leefbaarheid op de

18 Transcript commissie 1 d.d. 20 april 2021

Julianalaan te verbeteren. In die zin denken bij dat we daar een enorme meerwaarde hebben, waar de MRDH voor 70% in het kader van MFR aan zal meebetalen. De voorzitter: ‘…’ door, wethouder. De heer Voskamp: Ja, u heeft het over de financiële vergelijking tussen de routes. Ja, wij hebben dat juist geprobeerd om beide routes nu op een vergelijkbaar niveau te brengen. Dat is nog wel het niveau van een voorlopig ontwerp. Daar hebben we normbedragen aangehangen, die normbedragen hebben we als gemeente voor de oorspronkelijke route getoetst. Daar hebben aangegeven dat we het daarvoor kunnen doen. Het zal in de praktijk soms daar een euro meer zijn en soms daar een euro minder zijn. Voor heel veel stukken is het relatief eenvoudige, zijn eenvoudig in te schatten werkzaamheden, die gewoon per vierkante meter, of per strekkende meter uitgevoerd kunnen worden en we verwachten daarom ook niet hele grote afbuigingen op die voorlopige ontwerpen. Nogmaals, we hebben geprobeerd om met dit rapport ook voor beide routes die voorlopige ontwerpen in kaart te hebben. Voorrangspositie, in het kader van Laan 40-45. De MFR heeft als doelstelling om de fiets overal waar mogelijk in de voorrang te hebben. Dat betekent dus dat we ook gaan proberen om dat op de Laan 40-45 voor wat betreft de stoplichtafwisseling te doen.

De verwachting is dat dat geen effect zal hebben op de doorstroming van de hoofdverkeersader, omdat er nu op dit moment ook al fietsers oversteken en als die op het knopje drukken, dan gaat eindelijk ook hun verkeerslicht op groen en die van de auto’s op rood. Zolang ze niet in een enorme stroom van fietsers aan het stoplicht komen, verwacht ik dat er eigenlijk geen effect op is, maar we zullen dat uiteraard moeten blijven monitoren. De voorzitter: Interruptie van de heer Snoeck. De heer Snoeck: Dank u, voorzitter. Ja, ik snap wat u zegt, maar toch betekent dat dat die fietsers daar in de voorrang zet of in de prioriteit in ieder geval. Zeker ook gezien de discussies op de Maassluisserweg en dergelijke, waarbij gesproken wordt om daar iets dicht te gaan zetten en het is nu al druk, bij tijd en wijle, vraag ik me toch of we daar met z’n allen de juiste afweging in maken. De heer Voskamp: Voorzitter, los van het feit of fietsers in de voorrang zitten, of in de prioriteiten hebben, zullen deze fietsers moeten oversteken. Dat doen de huidige fietsers die gebruik maken van de Julianalaan en de Hoogstraat, Zuiddijk-Hoogstraat, doen dat nu ook al en daar verandert het voorrangsregeling niet zo heel veel aan, maar we zullen dat goed moeten blijven monitoren en afstellen.

De mogelijkheid om daar eventueel toch, ook in het kader van het voordeel voor het autoverkeer, om de doorstroming daar te verbeteren, positieve invloeden, die is er wel degelijk. Het is een streven om zoveel mogelijk die voorrang en die prioriteiten in te stellen, maar als het nodig is, dan kunnen we daar ook nog wel maatregelen op doen. U vraagt welke vertragende verkeersveiligheidsmaatregelen worden toegebracht op de Hoogstraat? Zowel het Sweco-rapport, als nu ook het Goudappel- ‘…’rapport geven aan dat er geen fysieke maatregelen nodig zijn in de Hoogstraat met de huidige aantallen van fietsers en de verwachte aantallen van fietsers. De menging van deze aantallen die verwacht worden, fietsers en voetgangers, regelt zichzelf en is verwacht geen verkeersveiligheidsproblemen op te leveren. Het is wel een aandachtspunt en het voldoet niet helemaal aan de eisen die de MFR, die we voor de rest van de route hebben. Dat is ook door beide partijen benoemd, waar beiden hebben gegeven dat er geen verkeersveiligheidsrisico is. De voorzitter: Interruptie van de heer De Jong. De heer De Jong: Ja, toch een vraag daarover, want het klopt dat er, er is nu een soort inritconstructie met kleine hellinkjes, maar dat is enorm afgevlakt door parkeren verkeer daar, et cetera.

Juist in deze situatie, dat is mijn vraag, in deze situatie rijden er ook wel scooters of bezorgscooters over de Hoogstraat, die waarschijnlijk niet in de fietsentelling worden meegenomen. Ik kan me voorstellen met de nieuwe inrichting van de Hoogstraat dat dat meer zal zijn, dus is de wethouder het er dan mee eens dat er echt wel wat maatregelen moeten worden genomen daar, om die snelheid er voor dat korte stukje uit te halen? De heer Voskamp: Ja, voorzitter, nogmaals, de rapporten geven aan dat dat niet nodig is. De huidige inrichting voldoet, maar geeft ook wel aandachtspunt aan. Dus in die zin worden er nu geen maatregelen voorgesteld, maar zullen we dit dus in de gaten moeten houden en als u zegt dat er

19 Transcript commissie 1 d.d. 20 april 2021

bepaalde zaken afgevlakt zijn, dan moeten we dat mogelijk herstellen. De bewoners, we hebben, bespreken met de bewoners van de Julianalaan in de participatie en we hebben een aantal bewoners op de Zuiddijk en de Noordijk gesproken, naar aanleiding van eerdere berichtgeving in eerdere gesprekken die ik met u als raad heb gehad over deze route en deze bewoners zijn overwegend positief. De voorzitter: Interruptie van de heer Van der Burg. De heer Van der Burg: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, nog even terugkomend op het vorige punt de Hoogstraat. Als u zegt dat er vooralsnog geen extra maatregelen nodig zijn en we moeten dan kijken later eventueel hoe en wat. Waar denkt u dan aan? Stel dat dat de situatie zal zijn, dat we erachter komen na een jaar of wat dan ook, dat dat toch niet helemaal veilig is. Wat voor maatregelen zijn dan mogelijk? Kunnen we dan zaken veranderen? De heer Voskamp: Voorzitter, als knelpunt wordt dit benoemd omdat er eigenlijk geen echte mogelijkheden zijn om dingen te veranderen. Alleen als beide rapporten geven aan dat er geen problemen te verwachten zijn en we hebben de aantallen die we verwachten met elkaar, de snelheid tussen de voetgangers en de fietsers zich op een goeie manier zichzelf zullen regelen.

Ik kan me voorstellen dat op een moment dat het nodig zal zijn, dat er misschien toch iets gekeken moet worden in het kader van een drempeltje, maar tot die beperkingen zal het beperkt zijn. Mogelijk wat bebordingen en waarschuwingen, voorzitter. De voorgestelde route, zoals nu in het rapport is opgenomen, die gaat inderdaad uit van het feit dat de lus op de oude Maasdijk niet meer gebruikt wordt, omdat die met name ervoor zorgen dat de Westlandseweg op de plek van de Noorddijk moeten oversteken. Uiteindelijk bij de rooms-katholieke kerk van de Lelylaan moeten oversteken. De rapportage van Goudappel geeft aan dat daar, voor wat betreft de Westlandseweg, misschien nog wel een goede inrichting te voorzien is, maar dat met name bij de brug vanuit Wilgenrijk, door het zicht van de brug, heel lastig zal zijn om daar een goede en veilige kruising te maken en hun advies is dus om van die lus af te zien en eigenlijk de route langs de Westlandseweg te pakken. De voorzitter: Interruptie van de heer Snoeck. De heer Snoeck: Ja, dank u wel, voorzitter. Dus als ik het goed begrijp dan buigen we bij de Noorddijk af richting de Westlandseweg, voor of tegenover de ROGplus. In het vorige rapport stond er dat daar een plateau moest worden geplaatst. Die was in de vorige opstelling ook niet begroot, maar kostte toen bij navraag ook 4,5 ton.

Zit die 4,5 ton plateau er nu in of hoe gaan we daar de weg kruisen en kunt u daar even iets over vertellen? De heer Voskamp: Voorzitter, het idee is om daar gewoon de rotonde te gebruiken die daar is en kleine maatregel aan de rotonde voor inderdaad de ROG voor de moskee die daar zit te doen en daar gebruik te maken van de huidige oversteek die er al is. Tweerichtingsverkeer. Voor wat betreft het afsluiten van de Noorddijk, daar zullen we nog kijken of dat nodig is. Eén van de ideeën was, omdat we inderdaad die kruising met de Westlandseweg op een veilige manier wilden doen en daar de kruisende auto’s en fietsers niet met elkaar wilden mengen. Er is ook aangegeven dat we dat in het definitieve ontwerp verder zouden uitwerken. Dat is misschien nu geen probleem meer en zou misschien wel zo kunnen blijven bestaan. Voorzitter, dan de Noorddijk, de afgeschuinde trottoiropstanden te gebruiken. In het kader van de fietsstraten wordt geadviseerd om met name de auto’s van de straat af te parkeren en dat zou dus kunnen gebeuren in dezelfde stijl zoals dat ook al op verschillende plekken in de binnenstad en ook op de Zuiddijk gedaan wordt. Dat is met afgeschuinde stoepranden. Even kijken, hoor. Dan Maassluis Belang, Waterweg Scheur. Ja, het is een bekende discussie. Ik ga me daar op dit moment nu niet in mengen. Alternatieve route heeft medewerking nodig. Ja, dat klopt.

We hebben wel een inschatting wat dat zou kunnen betekenen, maar we hebben nog niet die gesprekken gevoerd. In het kader van het hoogheemraadschap hebben we op verschillende plekken in de stad ook grondgebied van het hoogheemraadschap fietsmogelijkheden. Ook langs de Westlandseweg is een deel daarvan op een dijk aangelegd en dat zal gepaard gaan met bijvoorbeeld precariorechten en afspraken over het gebruik van de grond en het onderhoud daarvan. De verwachting is dat dat op zich wel zou kunnen, maar de vraag is wel of het hoogheemraadschap voor deze locatie, waar nu die Werkweg ligt, misschien nog andere plannen

20 Transcript commissie 1 d.d. 20 april 2021

heeft en in hoeverre zij daartegenover staan. Voorrang Albert Schweitzerdreef, u had het over de Westgaag. Nou ja, met de Alberts Schweitzerdreef en de Maasdijk, die kruising, daar zijn we mee bezig met een VRI. Die VRI zal zowel naar de Westgaag, als rechtdoor langs de Maasdijk en afbuigend naar de Albert Schweitzerdreef het verkeer regelen. U heeft gelijk dat we dus aan de noordkant van de Westlandseweg gaan rijden. Dat betekent dus dat we bij de moskee oversteken en later bij de Kwartellaan weer. De voorzitter: Meneer Sonneveld. De heer Sonneveld: Ja, hij doet het. Nee, dat klopt dat u een VRI gaat plaatsen bij de Albert Schweitzerdreef, maar de essentie van deze route is dat er voorrang is voor fietsers en ik neem aan dat die fietsersvoorrang geldt op de route die gepland is. Linksaf gaan hoort niet bij die route, dus ik zat me een beetje van af te vragen van, zit dat dat ook in die voorrangsregeling en over dat oversteken van de Westlandseweg, ik zat me sowieso af te vragen, is de zuidkant van de Westlandseweg ook meegenomen in dat hele plan? De voorzitter: Wethouder. De heer Voskamp: Voorzitter, over de exacte inrichting van de VRI ga ik geen uitspraken doen, maar dat is altijd nog aan te passen. De zuidkant van de Westlandseweg gaan we nog asfalteren, ook in het kader van de verbetering van de fietspaden in Maassluis.

U heeft het over tabel 24 en dan is het altijd heel lastig, even kijken of ik dat hier zo één, twee, drie gelijk kan vinden over hoe we die wegen … Dat gaat volgens mij over de oorspronkelijke route en de alternatieve route. Daar hebben wij, daar heeft het rapport, op een rijtje gezet de voor- en de nadelen. Daar hebben wij geen weging bij gedaan, dus er komt hier niet aan het einde een eenduidig antwoord van zo is het en hebben we van tevoren niet afgesproken. Maar het geeft natuurlijk wel een indicatie over de afweging die we moeten maken. Op basis van dit en op basis van het advies van het rapport denken wij dat we met de oorspronkelijke route de beste route voor de stad hebben. MRDH en de subsidie heb ik even snel opgeschreven. Ik weet even niet meer precies in welke relatie dat is, maar er zijn gesprekken geweest met de MRDH over de subsidie, ook over de alternatieve route en daar zijn zorgen over de subsidieverlening en dat heeft met name te maken met het feit dat in de oorspronkelijke route een afweging is geweest over wat er mogelijk is, wat er kan, welke knelpunten er zijn en welke oplossingen er zijn bedacht.

Daar heeft de MRDH hun goedkeuring aan gegeven en ook een subsidieverplichting aangehangen en het zou kunnen zijn dat er op alternatieve routes, als zij minder overtuigd zijn van de verbetering, dat daarmee ook de subsidie niet toegekend wordt, omdat er verwezen kan worden naar een beter alternatief. Voorzitter, ik zie de heer Keizer praten, ik hoor hem niet en ik zie een handje, voorzitter. Ik hoor u ook niet, voorzitter, dus … Voorzitter, u drukt uw microfoon … De voorzitter: Interruptie van de heer Keizer. De heer Keizer: Ja, ik ben niet of de wethouder al bij mijn vragen was. De heer Voskamp: Nee. De heer Keizer: Met betrekking tot, oké. Dan zeg ik niks, voorzitter. De voorzitter: Daar gaat de wethouder weer snel door. De heer Voskamp: Voorzitter, ik had een opmerking van Forum voor Maassluis over het proces dat opnieuw opgestart moet worden, wat een risico is en dat daarmee de subsidie op losse schroeven zou kunnen komen staan. Op het moment dat we zouden kiezen voor de alternatieve route, dan heeft de MRDH aangezegd dan moeten we dus gezamenlijk datzelfde proces door als wat we al met de andere route hebben gedaan. Dat betekent dus dat we inderdaad weer een afweging moeten maken, dat betekent dat we nog dieper in de alternatieve route moeten gaan kijken welke maatregelen nodig zijn.

Dan zullen we de MRDH van moeten overtuigen dat dat de beste route is en dat ze daar een subsidie op moeten afstemmen. Dan kom ik nu bij de Partij van de Arbeid, over de bedragen die er zijn en nou, het zijn ramingen. We gaan natuurlijk alles aan doen. We hebben die ramingen geverifieerd intern, er zijn normenbedragen, er zijn nu door twee partijen geverifieerd en de MRDH aangeeft ernaar gekeken. De verwachting is dat we het voor dit bedrag kunnen doen en er is afgesproken met de MRDH dat we de subsidieverlening op de daadwerkelijke uitgaven doen. Dus

21 Transcript commissie 1 d.d. 20 april 2021

mocht het duurder uitvallen, dan zal dat betekenen dat 70% door de MRDH wordt gefinancierd. Er zit dus geen plafondbedrag aan voor wat betreft de MRDH. Op de huidige oorspronkelijke route en als we dus naar een alternatieve route gaan, dan zullen we dat dus verder weer moeten afspreken met de MRDH, waardoor er een onzekerheid ontstaat. De voorwaarden van de subsidie is dat we met elkaar hebben afgesproken dat we deze MFR-route langjarig in stand zullen houden, dus dat betekent dat we niet zomaar een stuk eruit kunnen halen. Dat zullen we echt en moeten onderhouden en dus niet zomaar doorkruisen. Dat betekent, ik weet niet of daar een subsidieterugbetaling op zit, maar misschien een andere constructie waardoor we daar op gewezen zullen worden. Ik heb de omwonenden heb ik gehad. VSP, nou ja, Noorddijk, Zuiddijk, Hoogstraat, groepen fietsers, de rust is voorbij. Voorzitter, de verwachting is echt wel dat er meer gebruik gaat maken … De voorzitter: Interruptie van de heer Keizer. De heer Keizer: Ja, voorzitter dank u wel. Ik had ook nog een vraagje, zeg maar, in de situatie dat het andersom is. Stel dat wij aanpassingen doen, die als gevolg, in de stad bijvoorbeeld bij het Wilgenrijk, komt volgens mij nog ooit een tweede ontsluiting.

Stel dat we die moeten doen en dat heeft een meerprijs omdat we de MFR-route daardoor, nou ja, dat we de aanpassing zou moeten doen dat de MFR-route in stand blijven. Ik neem aan dat dat dan allemaal gewoon voor eigen rekening is, dus dat daar meer kosten komen om aan de MFR-route te blijven voldoen. De heer Voskamp: Voorzitter, ik had die vraag niet genoteerd, maar op het moment dat we inderdaad natuurlijk ontwikkelingen hebben en we doorsnijden, of we moeten daar in de buurt van een MFR zijn, dan zullen we dat inderdaad zelfstandig moeten doen. Overigens is het natuurlijk zo dat als we straks die route daar hebben liggen, dat we zo’n aansluiting op die route natuurlijk zodanig slim in moeten richten dat we daar zo min mogelijk last van zullen hebben. VSP had het over de grote groepen fietsers en de rust voorbij. Voorzitter, ik wil echt aangeven dat de verwachting is dat we één, vooral lokale gebruikers hebben, die op dit moment al gebruik maken van die fietsroute, dat we verder interlokale gebruikers hebben die ook al gebruik maken van deze fietsroute en natuurlijk er vanuit gaan dat we met het aanleggen van een MFR-route een stimulans gaan krijgen voor extra fietsers, maar het is niet zo dat daarmee bijvoorbeeld in één keer de hoeveelheid fietsers verdubbelt of dat een peloton aan racefietsers zal zijn die voorbij zal trekken.

We hebben geen voorlopig ontwerp met de bewoners specifiek besproken, maar we hebben wel voorlopige ontwerpen met u gedeeld, in de pers gedeeld en uitgewerkt en daar hebben omwonenden zich ook over uitgesproken. De voorzitter: Interruptie van de heer Snoeck. De heer Snoeck: Ja, voorzitter, dank u wel. Nog even over dat lokale gebruik. De MFR is met name bedoeld voor grensoverschrijdend, doorgaand verkeer van het Westland naar Rotterdam. Dat is de primaire doelstelling van de MFR en als u nu hard zegt dat het alleen maar lokaal gebruik werd voornamelijk, in hoeverre krijgen we dan überhaupt subsidie? De heer Voskamp: Voorzitter, de MRDH wil heel graag het interlokaal fietsverkeer bevorderen, daarom is de MFR in het leven geroepen, daarvoor is die subsidie, dus ja, de meerwaarde zal vooral ook in die kant zitten, maar juist de MRDH vindt het belang van het verbeteren van het lokale fietsnetwerk ook meespelen en er is dus helemaal geen risico dat de MRDH subsidie niet zou verlenen als het vooral lokaal verkeer is. Er is juist een heel groot besef dat we hiermee door middel van veel lokaal te faciliteren de subsidie alleen maar beter besteden. GroenLinks had het over de vertraging die oplopen. Ja, er is een deel bestuurlijke vertraging en we hebben het hier met elkaar over.

In die zin is er nog wel vertraging, maar we zijn al aan het begin en aan het einde van de route gaan we straks bezig, dat gaan we nog in 2021 doen. Dat is ook een vraag geweest bij de vorige behandeling of we wat kunnen uitruilen. Dat kan, dus in 2021 gaan we met name in de Vlaardingse kant en aan de Maasdijkse kant gaan we al het één en ander doen. Als we hier de besluitvorming hebben gehad, dan pas kunnen we verder met de rest, dat zou of de alternatieve route zijn, wat betekent echt een vertraging, of de oorspronkelijke route verder weer oppakken. In hoeverre die besluitvorming ligt, hoe groot effect het heeft. We verwachten dat daar geen risico is voor wat betreft de oorspronkelijke route voor het halen van de doelstellingen en voor de alternatieve route is

22 Transcript commissie 1 d.d. 20 april 2021

dat een risico, waarvan we denken dat het misschien wel zou kunnen passen, maar dan wordt het wel echt steeds krapper. Omrijdfactor, nou ja, dat speelt zeker mee. Verderop wordt ook nog aangegeven dat Google niet rekening houdt met de verkeerslichten, werd er gezegd. Dat houdt Google wel. Google houdt echt de tijd bij die u rijdt en daar gebruikt een gemiddelde verkeerslicht wachttijd voor, dus dat zou af en toe kunnen meevallen en af en toe kunnen tegenvallen, maar Google houdt er wel degelijk rekening mee. Even kijken hoor. De nieuwe route voor D66, heb ik aangegeven. Ja, we moeten bij de Julianalaanweg de kruising met de Laan 40-45 zo logisch mogelijk maken, maar ook aan de andere kant met het spoor zo goed als mogelijk aan laten sluiten. Even kijken, hoor. CDA heeft het over het asfalteren. Ja, dat is inderdaad altijd gezegd en dat is ook een probleem, want op het moment dat onder de kabels, onder de grond, moet gewerkt worden voor de kabels, dan de zogenaamde kabelboer, om het maar oneerbiedig te zeggen, zullen een stuk uit het asfalt snijden en zullen niet met een asfaltwagen daarna komen asfalteren, die bestraten dat vervolgens dicht en wij zullen dus eens in de zoveel tijd moeten zorgen dat die plekjes weer netjes gemaakt worden. Ja, we moeten ook investeren in de oorspronkelijke route als we de alternatieve route doen.

Overigens is dat andersom ook het geval, dus in die zin denk ik dat we proberen zo zuiver mogelijk te vergelijken, namelijk door gewoon een aantal kosten van de oorspronkelijke alternatieve route op een rijtje te zetten en u heeft helemaal gelijk dat op moment dat we gaan mixen en matchen en schuiven, dat we dan in een hele lastige rekensom komen en dan is het geen simpele rekensom meer. De termijnen, zodra we zeker weten of we wel of niet over de Julianalaan gaan, dan kunnen we verder gesprekken gaan voeren met de bewoners, aan het kader van het ontwerpcafé wat we hebben gehad en kunnen we de uitkomsten uit die ontwerpsessies gaan meenemen, één van de twee kanten op. De vragen over de voorkeur van het college heb ik beantwoord. ChristenUnie, u geeft aan dat de Deltaweg de snelheid aandachtsgebied is. Daar zullen we inderdaad op momenten dat we straks de Handelskade gaan aansluiten, zullen we daar zeker rekening mee houden. Ook bij het ontwerp van de overgang van de Laan 40-45 naar de kade, als we die gaan verplaatsen, wordt dat uiteraard meegenomen en als wij hem houden op het Havenplein, dan zullen we hier ook extra aandacht voor moeten zijn. Het MFR toeristische route, nogmaals, hij is ingestoken inderdaad als woon- werkverkeer en scholierenverkeer, maar hij mag ook zeker toeristisch en lokaal gebruikt worden, dus daar is hij ook voor bedoeld.

Het is lastig om voor iedereen de MFR gebruik te maken, want woont u helemaal in het noorden van Maassluis, dan gebruikt u misschien maar een deel. Woont u helemaal in het zuiden, dan gebruikt u maar een deel. Als u verder moet dan Vlaardingen, of op een andere plek in Vlaardingen moet zijn, dan gebruikt u misschien ook een andere versie en daarom zijn we tot deze route gekomen, om daar zo maximaal mogelijk gebruik van te maken. Even kijken, hoor. Voor de rest heb ik volgens mij, voorzitter, ik weet dat ik lang geweest ben, maar ik heb mijn best gedaan om zo goed als mogelijk alles te beantwoorden. De voorzitter: Dank u wel. Nou, als ik kijk naar de klok dan hebben we nog 2 minuten. Dat betekent dat we geen tijd meer hebben voor de tweede termijn nu. Dus ik doe nu een voorstel: we kunnen een tweede commissievergadering en dan de tweede termijn daarin behandelen, of we gaan naar een debat en daar kunt u uw vragen die u nog heeft schriftelijk stellen. Dat debat zal dan plaats gaan vinden op 18 mei. Ik begin bij meneer Snoeck. De heer Snoeck: Dan heeft voorkeur dat ik nog aanvullend vragen stuur ter verduidelijking en het debat aangaat. De voorzitter: Meneer Sonneveld. De heer Sonneveld: Nou, voorzitter, als collega Snoeck debat wil dan, wie ben ik dan om te zeggen daar ga ik niet in mee. Ik vind, het had voor mij ook met een commissie gemogen, maar ik sluit me hier wel bij aan.

De voorzitter: Meneer Ooms. De heer Ooms: Wij hoeven geen debat, meneer de voorzitter, dank u wel. De voorzitter: Meneer Keizer.

23 Transcript commissie 1 d.d. 20 april 2021

De heer Keizer: Voorzitter, misschien even een procedurele vraag. Wij gaan nu die tweede termijn doen in debat of in commissie. Komt daarna nog een raadsvoorstel, waar we het dan vervolgens ook nog over hebben, of is dat het voor het afsluitende debat? De voorzitter: Ik durf daar niks over te zeggen nu. Misschien kan de wethouder daar wat over zeggen straks, maar ik ga eerst even mijn rondje afmaken. De heer Keizer: We wachten het even af. De voorzitter: Ja. Meneer Kleijwegt. De heer Kleijwegt: Ja, voorzitter. Ja, ik wil best een debat daarover hoor, maar het lijkt me inderdaad handig als we dan, wat de heer Keizer ook al zegt, dat we ook wat te kiezen hebben gelijk. Dat we gewoon eens aan de slag gaan. Maar goed, nou ja, ik snap het niet meer ‘…’ vraag. De voorzitter: Meneer Van der Burg. De heer Van der Burg: Ja, ook voor mij even niet geheel duidelijk. Ik ben geneigd om te zeggen, ja debat, 18 mei, maar als het in commissie komt, dan zal ik er zeker in zitten. ‘…’ debat, debat dan zal iemand anders dus voor de VSP dit geheel moeten pakken. Maar dit even terzijde. De voorzitter: Meneer De Jong. De heer De Jong: Ja, wat mij betreft kan er een debat komen over een raadsvoorstel waar echt een besluit in zit, want ik heb de commissie al gebruikt om mijn voorkeur aan te geven.

Als er gelegenheid, als partijen het nodig vinden om deze voorkeur nog in het debat te doen dan steun ik dat. De voorzitter: Meneer ‘t Hart. Microfoon. De heer ‘t Hart: Als we een debat voeren zou ik over een voorstel willen praten, niet zozeer weer over dit. Ik denk dat hier de standpunten wel over duidelijk zijn. De voorzitter: Mevrouw Oosterman. Mevrouw Oosterman: Ik ben inderdaad ook benieuwd wat de VVD inderdaad daarvan vindt. Als er een debat is, dan moet dat inderdaad over de duiding gaan en welke kant wil je op, maar ik ben ook benieuwd wat de heer Snoeck daarvan vindt. De voorzitter: Ik ga even naar de wethouder, als u het goed vindt. De heer Voskamp: Ja, voorzitter. Kijk, we kunnen een debat hebben om de duiding, zoals we die gevraagd hebben als college, ook vanuit de raad te krijgen. Het idee was dat we daarna een raadsvoorstel zouden opwerken, waarin we uw opmerkingen en duiding mee zou nemen en daar een keuze zouden voorleggen.

Wat mij betreft kan dat in een debat over een raadsvoorstel gaan, want dan moet ik dus een raadsvoorstel op gaan werken en dan is natuurlijk eventjes de vraag welke variant ga ik dan indienen, in dat raadsvoorstel opnemen? Als u dat zo aan mij vraagt, dan zou mijn voorstel zijn om daar het oorspronkelijke route in te nemen, maar nogmaals, ik wil daarin niet voorbij gaan met de gevoelens die u daarover heeft, want ik zou graag op een zo kort mogelijke termijn gewoon een ordentelijk besluit hierover nemen. Dus ik kan een raadsvoorstel gaan voorbereiden, zodat we daar over een debat kunnen hebben. Of we kunnen het debat voeren over dit stuk en dan moet daarna nog een raadsvoorstel komen om uiteindelijk het besluit te nemen. De voorzitter: Ik kijk nog even naar meneer Snoeck. De heer Snoeck: Dank u wel, voorzitter. Ik was van plan hier een debat van te maken, omdat ik het zo belangrijk vindt op langere termijn. Dus het gaat over dit stuk, de raadsinformatiebrief, om met elkaar daar juiste afwegingen te maken en keuzes te kunnen maken. Ik ben tot op heden nog niet voldoende blij met de overzichten. Ik noem als één voorbeeld gewoon een financieel overzicht in het vergelijk. Die heb ik nog niet gehad.

Maar we kunnen daar al commissie voeren en dan het debat vragen, of gelijk dat debat die tweede termijn doen, ik vind het allemaal prima, maar daarna komt er natuurlijk wel een raadsvoorstel en daar gaat het echte debat over. Dat moet wel, dan kunnen we daarvoor wel wat afkaarten. De voorzitter: Ik maak het rondje nog even af. Meneer Sonneveld. De heer Sonneveld: Nou, voorzitter, ik had al aangegeven dat ik de heer Snoeck wel kon volgen, maar het is inderdaad wel helder dat je bij een debat ergens voor of tegen bent, dat zou toch wel handig zijn. Alleen duiden, ja ik weet het niet, of dat. Een voorstel vanuit het college zou nog wel handig zijn.

24 Transcript commissie 1 d.d. 20 april 2021

De voorzitter: Meneer Ooms. Uw microfoon staat nog uit. U wil geen debat, hè? De heer Ooms: Nee, nog steeds niet, dank u wel. De voorzitter: Oké. Meneer Keizer, is het iets helderder? De heer Keizer: Ja, voorzitter. Nou ja, het blijft ingewikkeld omdat we ook denk ik gewoon recht moeten doen aan elkaar, maar als ik voor onze partij spreek, zou mijn voorkeur hebben dat we inderdaad wel iets hebben waarvan we dan gewoon de keuze dan kunnen maken, dus dat er een voorstel ligt vanuit het college. De voorzitter: Meneer Kleijwegt. De heer Kleijwegt: Ja, zeker. Ik wil wel ergens, dat het ergens over gaat. Dus zeker een voorstel. De voorzitter: Meneer Van der Burgt. De heer Van der Burgt: Ja, voor mij nog altijd niet helemaal duidelijk, maar ik zou eigenlijk verwachten dat je dus een tweede commissie zou hebben. Maar goed, er wordt gesproken over een debat, dan volg ik hierin de VVD. De voorzitter: Dan meneer De Jong. De heer De Jong: Ja, ik heb graag een voorstel en ik wil ook constateren dat deze commissie dan verkeerd is besteed, omdat we nu nog geen uitgesproken mening van alle fracties hebben. De voorzitter: Daarom moet dit ook een debat worden misschien. Meneer ’t Hart. De heer ’t Hart: Nou, die laatste opmerking deel ik niet, dat zou ook eventueel in een tweede commissie kunnen.

En eigenlijk als ik zo alles hoor, dan heb ik dat het liefst en dat we daarna een debat hebben over een voorstel. De voorzitter: Mevrouw Oosterman. Mevrouw Oosterman: Nee, wat ons betreft kan die duiding prima in een debat, om daar elkaar nog goed te bevragen over keuzes en bezwaren die we zien en alle plussen en minnen. Dus ik ga mee met de VVD. De voorzitter: Ik concludeer dat we het niet helemaal met elkaar eens zijn, dat ‘…’ het ook niet helemaal erg duidelijk is, dus mijn voorstel is dat ik het meeneem naar de agendacommissie en dat die zegt van of ‘…’ gaat het niet … De heer Van der Hoek (griffier): Er zijn meerdere partijen die met elkaar in debat willen, de afspraak is dat ‘...’. De voorzitter: Oké. Doen we het zo. Als meerdere partijen een debat willen, dat zijn de afspraken, dan wordt het een debat. Dus dat is de slotconclusie. De heer ’t Hart: Ja, voorzitter, dan hoor ik wel graag de motivatie voor het debat, want nu is het alleen ja, of gaan we alleen de duiding geven in het debat? Kijk, het debat gaat wel over politieke verschillen en waar we dan over gaan debatteren. Kijk, als we nu alleen maar duiding gaan geven, dat kan ook in een volgende commissie. De voorzitter: Mevrouw Oosterman. Mevrouw Oosterman: Ja, ik kan wel één voorbeeld geven.

Onze tweede termijn is er niet aan toegekomen, maar bijvoorbeeld de bouwweg langs Het Balkon, dat is ook een enorme kans om die te verbeteren en dat is ook een hele fijne. Er zitten echt veilige aspecten aan die alternatieve route en daar kunnen we wel een debat over voeren. De voorzitter: Meneer Snoeck, ten slotte. De heer Snoeck: Ja, ik kan mijn tweede termijn wel opnoemen, maar er zijn te veel vragen en wij zijn het er gewoon structureel niet mee eens zoals dit gegaan is. Ik wil dit gewoon in een debat echt met elkaar uitknagen, dan kan het college gewoon met een goed voorstel komen, dus dat is mijn motivatie. De voorzitter: Dan neem ik het mee naar de agendacommissie en dan stellen wij een debat voor. Ja? Oké, dan dank ik iedereen voor de deelname aan deze commissie. De heer Kleijwegt: Goedenavond.

Conclusie:

25 Transcript commissie 1 d.d. 20 april 2021

Er is geen tijd voor een commissiebehandeling in tweede termijn. In ieder geval de fracties VVD en CU hebben behoefte aan een debat in de raad. Toezeggingen: Er zijn geen toezeggingen gedaan.

26 Transcript commissie 1 d.d. 20 april 2021

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10272960/2