Bijlage 4aConcept bestuursovereenkomst Maassluis COA opvang vluchtelingen Maassluis
Tekst van het document
CONCEPT – CONCEPT - CONCEPT
Bestuursovereenkomst inzake de vestiging van een tijdelijke noodopvanglocatie aan de burgemeester de Jonghkade te Maassluis
Versie 0.1 3 november 2021
Bestuursovereenkomst inzake de vestiging van een opvanglocatie
Partijen a. Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers, gevestigd aan de Rijnstraat 8 te Den Haag, hierbij vertegenwoordigd door een lid van het bestuur van het COA, de heer M. Schoenmaker, hierna te noemen: ‘COA’ b. De gemeente Maassluis, hierbij vertegenwoordigd door de burgemeester, de heer dr. T.J. Haan, handelend ter uitvoering van het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Maassluis van 30 november 2021, hierna te noemen: ‘de gemeente’; Overwegende: • dat het COA tot kerntaak heeft de opvang en begeleiding van vreemdelingen; • dat de gemeente bereid is mee te werken aan de opvang van vreemdelingen in een opvanglocatie binnen de gemeente; • dat het COA en de gemeente een optimaal functioneren van de opvanglocatie in de plaatselijke gemeenschap en in relatie tot de betrokken diensten en instellingen willen bewerkstelligen door het maken van afspraken en het treffen van de nodige voorzieningen; • dat de bestuursovereenkomst onverlet laat dat het COA voor het gebruik van de opvanglocatie over de benodigde vergunningen moet beschikken en deze daarvoor zal moeten aanvragen; • dat de gemeente zich binnen haar publiekrechtelijke verantwoordelijkheden inspant voor een zorgvuldige en voortvarende vergunningverlening; • dat het Faciliteitenbesluit Opvangcentra, d.d. 29 juli 1994 (Stb. 636) en de aanvullingen van 8 juni 1998 (Stb. 347) en 25 januari 2001 (Stb.
60) van toepassing zijn, alsmede eventuele toekomstige wijzigingen en aanvullingen; • dat de directe verantwoordelijkheid voor het nemen van de noodzakelijke maatregelen op de beleidsterreinen Onderwijs, Gezondheidszorg en Openbare orde en veiligheid, behalve bij de gemeente en het COA, bij meerdere partijen ligt; • dat het uitgangspunt is dat de randvoorwaarden voor de te nemen maatregelen in verband met de opvang van vreemdelingen op de beleidsterreinen Onderwijs,
2 / 13
CONCEPT VERSIE 0.1
Gezondheidszorg en Openbare Orde en veiligheid voldoende in bestaande wet- en regelgeving zijn vastgelegd; • dat de opvang zal plaatsvinden op een schip, gelegen aan de burgemeester de Jonghkade te Maassluis; • dat de gemeente juridisch eigenaar is van het water en de kades van en rondom de burgemeester de Jonghkade te Maassluis; • dat het uitgangspunt dat de tijdelijke noodopvang voor de gemeente kostenneutraal zal plaatsvinden. Komen het volgende overeen: Artikel 1 - Definities In deze overeenkomst wordt verstaan onder: a) Vreemdeling: de persoon die in de opvanglocatie van het COA wordt opgevangen, zoals bedoeld in artikel 3 van de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers. Het betreft hier vluchtelingen die niet uit veilige landen komen, niet uitgeprocedeerd zijn en geen statushouders zijn. b) Capaciteitsplaatsen: plaatsen in een opvanglocatie beschikbaar voor de opvang van vreemdelingen, zoals bedoeld in artikel 1.b van het Faciliteitenbesluit; c) Opvanglocatie: een opvangvoorziening waarin door of onder verantwoordelijkheid van het COA opvang wordt geboden aan vreemdelingen. Het betreft hier een tijdelijke noodopvang op een schip voor maximaal acht weken. (of einddatum) d) Datum van ingebruikname: de datum waarop de eerste vreemdeling gebruik maakt van de opvanglocatie; e) Faciliteitenbesluit: het Faciliteitenbesluit Opvangcentra d.d. 29 juli 1994 (Stb. 636).
Artikel 2 - Opvanglocatie 1. De gemeente stemt in met het gebruik van de opvanglocatie in de buitenhaven van Maassluis op oeverfrontnummer 802 aan de burgemeester de Jonghkade. [bijlage C] 2. Het COA is verantwoordelijk voor het realiseren van de opvanglocatie. Het COA gebruikt de opvanglocatie onder eigen verantwoordelijkheid als een noodopvang ten behoeve van de opvang van vreemdelingen. 3. Het COA is tevens verantwoordelijk voor de fysieke en sociale veiligheid in de opvanglocatie en draagt zorg voor voldoende menswaardige omstandigheden en voorzieningen op de opvanglocatie. 3 / 13
CONCEPT VERSIE 0.1
4. Het COA is daarnaast verantwoordelijk voor het schoon en veilig houden van de directe omgeving van de opvanglocatie; dit laat de bevoegdheid tot het optreden van het vlak van openbare orde en veiligheid van de gemeente en andere overheidsinstellingen onverlet. Artikel 3 – Aantal en type vreemdelingen en capaciteitsplaatsen 1. In de opvanglocatie worden maximaal 70 vreemdelingen opgevangen. 2. In de opvanglocatie worden maximaal 77 capaciteitsplaatsen gerealiseerd. 3. Het COA spant zich in voor een evenwichtige samenstelling van de vreemdelingen voor wat betreft herkomst, geslacht, leeftijd en gezinssituatie. Instroom is daarbij bepalend. Geen kinderen 4. De vreemdeling mag niet uit een veilig land komen, mag geen statushouder zijn en niet uitgeprocedeerd zijn 5. Op verzoek van de gemeente verstrekt het COA de gemeente informatie over het aantal en over de in het vorige lid bedoelde samenstelling van de vreemdelingen dat in de gevraagde periode in de opvanglocatie verblijft. Artikel 4 - Duur van de overeenkomst 1.
De bestuursovereenkomst vangt aan op de datum van ondertekening en duurt voort tot uiterlijk acht weken na de datum van ingebruikname van de opvanglocatie, zoals vastgelegd in de “Verklaring datum ingebruikname opvanglocatie” Op het moment dat de eerste vreemdeling gebruik maakt van de opvanglocatie wordt deze datum vastgelegd in de “Verklaring datum ingebruikname opvanglocatie”, zoals weergegeven in bijlage A en zal aan deze overeenkomst worden toegevoegd. 2. De overeenkomst eindigt van rechtswege na het verstrijken van de in lid 1 genoemde periode. 3. Het COA kan per aangetekende brief besluiten tot tussentijdse opzegging van de overeenkomst. Indien het COA overgaat tot tussentijdse opzegging geldt een opzegtermijn van één week. Eventuele kosten in verband met voortijdige opzegging van deze overeenkomst door COA zijn voor rekening en risico van COA. 4. In de situatie dat zich ernstige ongeregeldheden op het terrein van de openbare orde en veiligheid voordoen die verband houden met de aanwezige opvanglocatie, treedt de gemeente in overleg met COA om gezamenlijk te bezien hoe een oplossing kan worden bereikt. 4 / 13
CONCEPT VERSIE 0.1
Artikel 5 - Kostenvergoeding 1. Het COA vergoedt alle kosten die de gemeente maakt met betrekking tot de realisatie. Tevens vergoedt het COA alle kosten met betrekking tot het gebruik van het Opvangcentrum, die vallen buiten de reguliere taken van de gemeente. Dit alles ongeacht de aanspraak op verstrekking van de uitkering als bedoeld in het Faciliteitenbesluit. 2. Het COA mag, zover toereikend, gebruik maken van de stroom- en watervoorzieningen van de Gemeente. Dit is voor rekening en risico van het COA. Gebruik maken van een aggregaat is niet toegestaan zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de Gemeente. Artikel 6 - Schade 1. Van elke beschadiging en onregelmatigheid tijdens en ten gevolge van het gebruik van de opvanglocatie dient door COA direct mededeling te worden gedaan aan de Gemeente. Schade veroorzaakt door schuld of nalatigheid van COA als ook schade die optreedt ten gevolge van het gebruik van de opvanglocatie door derden zal aan de Gemeente volledig en onverwijld worden vergoed. 2 Het COA vrijwaart de gemeente voor alle aanspraken tot schadevergoeding van derden terzake van het gebruik van de opvanglocatie door COA of door derden. 3 Een verzoek om nadeelcompensatie in verband met de uitvoering van deze overeenkomst, dat valt onder het bereik van de Algemene Verordening Nadeelcompensatie Maassluis, wordt door de gemeente afgewikkeld.
Indien de gemeente besluit tot het uitkeren van nadeelcompensatie zal dit bedrag door COA vergoed worden aan de gemeente. Eventueel te maken en te vergoeden kosten in verband met een dergelijk verzoek zullen door het COA gedragen worden. Hieronder wordt mede begrepen eventuele juridische kosten. 4 Ook de kosten die mogelijkerwijs worden gemaakt met betrekking tot het in goede staat achterlaten van het gebied rondom de opvanglocatie worden door COA vergoed. 5 COA vrijwaart de Gemeente voorts voor alle aansprakelijkheid door of als gevolg van het gebruik ontstane bodem- en/of waterverontreiniging. Artikel 7 Oplevering van het gebied Het gebied (water en kade) wordt ter beschikking gesteld door de Gemeente in de staat waarin zich dit bij aanvang van het gebruik van de opvanglocatie bevindt en wordt door en op kosten van COA in dezelfde staat, met medeneming van de roerende zaken en eventueel aangebrachte onroerende zaken, in goede staat weer opgeleverd. 5 / 13
CONCEPT VERSIE 0.1
Artikel 8 – Publieke gezondheid en gezondheidszorg 1. Het COA is verantwoordelijk voor het onderkennen en bestrijden van besmettelijke ziekten (waaronder COVID-19) in de opvanglocatie en de overige preventieve gezondheidszorgtaken ten behoeve van de vreemdelingen in de opvanglocatie. 2. De screening en registratie van de vreemdelingen op gezondheidsaspecten zoals bedoeld in het eerste lid gebeurt door het COA zoveel mogelijk voorafgaand aan de plaatsing in de opvanglocatie in de aanmeldcentra. Voor zover screening en registratie niet vooraf hebben plaatsgevonden verzorgt het COA deze alsnog in de opvanglocatie. Pas nadat de screening heeft plaatsgevonden mogen de vreemdelingen de opvanglocatie verlaten. 3. Het COA maakt tijdig, voor de komst van de eerste vreemdeling, afspraken met benodigde partijen over de concretisering van de publieke gezondheidszorg voor de onderhavige opvanglocatie. HET COA borgt dat partijen hun verantwoordelijkheden op gezondheidsgebied kunnen waarmaken. 4. Het COA handelt conform de richtlijnen en adviezen van de GGD inzake COVID-19. Artikel 9 – Calamiteitenplan Het COA stelt, na overleg hierover te hebben gepleegd met de gemeente, een calamiteitenplan vast dat voor de opvanglocatie zal gelden en waarmee wordt beoogd in voorkomende gevallen de hulpverleningsorganisaties adequaat te kunnen doen handelen.
Het plan zal door het COA in de daartoe bestemde gevallen worden gehanteerd. Artikel 10 - Aanvullende werkafspraken In aanvulling op de bijlagen A en B kan de gemeente en het COA, rekening houdend met elkaars bevoegdheden en verantwoordelijkheden, nadere werkafspraken maken. Deze worden vastgelegd in een separaat document ‘Aanvullende Werkafspraken’. Het betreft hier eventuele aanvullingen en uitwerkingen op de in de toelichting Bestuursovereenkomst genoemde informatie. Dit kunnen afspraken zijn op het terrein van communicatie, de organisatie van en diensten op de opvanglocatie. Deze afspraken kunnen in een bestuurlijk overleg tussen partijen worden gewijzigd en aangevuld. De gemeente zal hiertoe op de datum van ingebruikname van de opvanglocatie een brief met concreet geformuleerde afspraken toesturen.
6 / 13
CONCEPT VERSIE 0.1
Artikel 11 - Overige bepalingen 1. Bijlagen A (Verklaring datum ingebruikname opvanglocatie) en B (Toelichting Bestuursovereenkomst) behoren bij en geven een nadere toelichting en/of uitwerking van deze bestuursovereenkomst. 2. Indien de bestaande wet- en regelgeving op de beleidsterreinen Onderwijs, Gezondheidszorg en Openbare orde en veiligheid niet afdoende blijkt te zijn en hierdoor een knelpunt op dat onderdeel ontstaat, dan zullen het COA en de gemeente zich gezamenlijk inspannen dit knelpunt aan te kaarten bij het verantwoordelijke Ministerie. 3. In geval van een wijziging van wet- of regelgeving die gevolgen heeft voor deze overeenkomst, treden partijen met elkaar in overleg over hoe deze gevolgen het beste kunnen worden opgevangen. 4. Wijzigingen van deze overeenkomst zullen, na overeenstemming hierover tussen partijen, schriftelijk worden vastgelegd en als addendum aan deze overeenkomst worden gehecht. 5. In situaties waarin deze overeenkomst niet voorziet of in geval van geschillen, de uitleg en/of de uitvoering ervan, zullen partijen een maximale inspanning verrichten om deze geschillen in onderling overleg op te lossen. Aldus overeengekomen, in tweevoud opgemaakt en ondertekend. Massluis
Den Haag
Datum gemeente Maassluis
datum Centraal Orgaan opvang asielzoekers
dr. T.J. Haan burgemeester
M. Schoenmaker lid van bestuur COA
BIJLAGEN: Bijlage A: Verklaring datum ingebruikname opvanglocatie Bijlage B: Toelichting Bestuursovereenkomst Bijlage C: Kadastrale kaart
7 / 13
CONCEPT VERSIE 0.1
Bijlage A
Verklaring datum ingebruikname opvanglocatie (wordt door het COA verzonden zodra de opvanglocatie voor bewoning in gebruik is genomen)
College van burgemeester en wethouders van de gemeente Maassluis Ten aanzien van de Burgemeester Postbus 55 3140 AB Maassluis
[ datum ] [ kenmerk ] Onderwerp: Verklaring datum ingebruikname opvanglocatie aan de burgemeester de Jonghkade te Maassluis
Geacht College, Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) wil het college bedanken voor alle gezamenlijke inspanningen om te komen tot het realiseren van een opvanglocatie in de gemeente Maassluis . Samen met u geven we invulling aan een maatschappelijk vraagstuk; het bieden van opvang en begeleiding aan asielzoekers in Nederland. Met deze verklaring willen wij u informeren dat de opvanglocatie aan de langsde burgemeester de Jonghkade in Maassluis ] op [datum en jaar] voor de opvang en begeleiding van asielzoekers in gebruik wordt genomen. Dit is overeenkomstig artikel 4 van de bestuursovereenkomst. Wij vertrouwen op een goede samenwerking met uw gemeente, met omwonenden en andere betrokken organisaties. Mocht u vragen hebben over de verklaring of over de opvanglocatie dan kunt u contact opnemen met [naam regiomanager / locatiemanager en e-mailadres]. Met vriendelijke groet, Den Haag, Centraal Orgaan opvang asielzoekers
F. van der Plas Unitmanager Vastgoed en Facilitair 8 / 13
CONCEPT VERSIE 0.1
Bijlage B
Toelichting Bestuursovereenkomst
I - Doel Bestuursovereenkomst Inleiding Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) zorgt er voor – op grond van de Wet COA - dat vreemdelingen in een kwetsbare positie in een veilige en leefbare omgeving professioneel worden opgevangen en begeleid in een opvanglocatie. Het COA opent pas een opvanglocatie nadat de gemeente daarmee heeft ingestemd. In de bestuursovereenkomst staan afspraken tussen de gemeente en het COA over de vestiging en ingebruikname van een opvanglocatie. Het COA dient over de benodigde vergunningen te beschikken voordat een opvanglocatie in gebruik wordt genomen. De gemeente is door het ondertekenen van de bestuursovereenkomst niet gebonden deze vergunningen te verlenen, maar partijen komen overeen dat de gemeente zich zal inspannen voor een zorgvuldige en voortvarende vergunningverlening. Het doel van de bestuursovereenkomst is: 1.1 Afspraken vastleggen over de vestiging van een opvanglocatie in de gemeente. 1.2 Inzichtelijk maken van elkaars wettelijke bevoegdheden en verantwoordelijkheden op de beleidsterreinen Onderwijs, Gezondheidszorg en Openbare orde en veiligheid, in relatie tot de opvanglocatie.
1.1
Afspraken vastleggen over de vestiging van een opvanglocatie
In de bestuursovereenkomst zijn afspraken opgenomen die nodig zijn voor het in gebruik nemen van de opvanglocatie. Daarbij valt te denken aan afspraken over welke locatie, of het een Opvangcentrum of Noodopvang betreft, het aantal bewoners, duur en welke wettelijke financiële uitkeringen beschikbaar worden gesteld (Faciliteitenbesluit). Meer informatie over de praktische en financiële aspecten die de komst van een opvanglocatie met zich mee brengen, zoals communicatie, veiligheid, leefbaarheid, terugkeer en vertrek, bedrijfsvoering van het COA en ook over de uitkeringen en berekensystematiek van het Faciliteitenbesluit staan op de website van het COA https://www.coa.nl/nl/een-azc-de-gemeente
9 / 13
CONCEPT VERSIE 0.1
De gemeente heeft met het document ‘Aanvullende Werkafspraken’ de mogelijkheid om met het COA aanvullende werkafspraken te maken. Het betreft eventuele aanvullingen en uitwerkingen op de in deze overeenkomst genoemde informatie. Dit gebeurt onder erkenning van elkaars bevoegdheden en verantwoordelijkheden. Aantal vreemdelingen en capaciteitsplaatsen Voor het COA is het van belang om de bezetting in een opvanglocatie optimaal te kunnen gebruiken. Daarom worden in de Bestuursovereenkomst zowel het aantal vreemdelingen als het aantal capaciteitsplaatsen benoemd. Om het maximum aantal vreemdelingen te kunnen onderbrengen in de opvanglocatie, is het noodzakelijk om meer capaciteitsplaatsen beschikbaar te hebben. Zo kan het voorkomen dat een gezin bestaande uit vier personen in een wooneenheid met capaciteit voor vijf personen wordt geplaatst. De vijfde capaciteitsplaats blijft daardoor vacant. Daarom zijn meer capaciteitsplaatsen nodig dan het maximum aantal op te vangen vreemdelingen. Niet elke capaciteitsplaats zal in de praktijk bezet worden. Voor het COA is de instroom leidend bij het plaatsen van vreemdelingen in opvanglocaties. Het COA maakt geen onderscheid naar nationaliteit, leeftijd, religie, seksuele geaardheid, achtergrond, etc.
Faciliteitenbesluit Indien in een gemeente een opvangcentrum is gevestigd heeft de gemeente recht op uitkeringen volgens het Faciliteitenbesluit. Aan de gemeente wordt jaarlijks door het COA een uitkering verstrekt op basis van het aantal door asielzoekers permanent te bezetten capaciteitsplaatsen verminderd met het aantal op 1 januari van het uitkeringsjaar in de basisregistratie personen ingeschreven bewoners van het opvangcentrum. Het Faciliteitenbesluit maakt voor de bekostiging onderscheid tussen artikel 3 en 4 (Opvangcentrum) en artikel 5 (Noodopvang). Onder Opvangcentrum vallen verschillende typen locaties1 zoals azc (asielzoekerscentrum), col (Centrale Ontvangstlocatie), pol (Procesopvanglocatie), HTL (Handhaving en Toezichtlocatie) en GL (Gezinslocatie). Onder Noodopvang vallen Noodopvang en Aanvullende Opvang (AVO). De soort opvanglocatie (Opvangcentrum of Noodopvang) wordt vastgelegd in artikel 2, tweede lid van de Bestuursovereenkomst.
10 / 13
CONCEPT VERSIE 0.1
1.2
Onderwijs, Gezondheidszorg en Openbare orde en veiligheid
Op bovengenoemde beleidsterreinen ligt de directe verantwoordelijkheid bij meerdere partijen. Dit is belangrijk om te constateren en te realiseren voor de komst van de opvanglocatie. Uitgangspunt is dat de voor de opvang van vreemdelingen benodigde voorzieningen en de te nemen maatregelen afdoende zijn geregeld in de bestaande weten regelgeving. Indien de regelgeving op een bepaald onderdeel niet afdoende blijkt te zijn en hierdoor een knelpunt kan ontstaan, dan kunnen het COA en de gemeente zich gezamenlijk inspannen dit aan te kaarten bij het verantwoordelijke Ministerie. Onderwijs In de Nederlandse leerplichtwet is opgenomen dat alle kinderen in de leerplichtige leeftijd naar school moeten. De gemeente is verantwoordelijk voor de huisvesting en inrichting van de onderwijsvoorzieningen en handhaving van de leerplicht. De leerplicht geldt dus ook voor kinderen in de opvanglocatie. Vanaf het moment dat deze kinderen staan ingeschreven in de BRP heeft de gemeente de wettelijke taak de leerplicht van deze kinderen te handhaven. Op grond van artikel 5a van het Faciliteitenbesluit kan de gemeente aanspraak maken op een uitkering verstrekt door het COA voor huisvesting van het basisonderwijs voor kinderen van de opvanglocatie. Meer informatie over het organiseren van onderwijs aan asielzoekerskinderen staat op https://www.coa.nl/nl/onderwijs-kinderen.
Gezondheidszorg Net als iedereen kunnen asielzoekers naar de huisarts, een verloskundige of het ziekenhuis. COA-medewerkers informeren asielzoekers over de Nederlandse gezondheidszorg en begeleiden minder zelfredzame bewoners bij hun gang naar de zorg. Op elk azc houdt een huisarts spreekuur. Met vragen over hun gezondheid kunnen de bewoners van een azc 24/7 bellen met een medisch contactcentrum. GGD Net als voor alle andere inwoners van Nederland is de GGD verantwoordelijk voor de publieke gezondheidszorg voor asielzoekers. Deze zorg omvat onder meer infectieziektepreventie en -bestrijding, gezondheidsvoorlichting en jeugdgezondheidszorg (JGZ). Ook voert de GGD bij aankomst in Nederland de verplichte controle op tuberculose uit, voor asielzoekers uit landen waar tbc veel voorkomt.
11 / 13
CONCEPT VERSIE 0.1
Jeugdhulp Sinds 1 januari 2019 zijn gemeenten verantwoordelijk voor de jeugdhulp aan kinderen die in een opvanglocatie wonen en aan alleenstaande minderjarige vreemdelingen (amv). Gemeenten krijgen hiervoor een vergoeding op basis van het aantal kinderen in de Opvanglocatie. Meer informatie over gezondheidszorg staat op https://www.coa.nl/nl/medische-zorgaan-asielzoekers en https://www.coa.nl/nl/vergoeding-van-medische-zorg
Openbare orde en veiligheid De burgemeester is op grond van de Gemeentewet verantwoordelijk voor de openbare orde en veiligheid in de gemeente. De burgemeester en officier van justitie maken op grond van artikel 13 van de Politiewet in het driehoeksoverleg afspraken over de inzet van politie in de gemeente. Het handhaven van de veiligheid binnen de opvanglocatie valt onder de verantwoordelijkheid van het COA. Indien incidenten binnen de opvanglocaties gevolgen kunnen hebben voor de openbare orde wordt door het COA in eerste instantie de politie geïnformeerd en indien nodig de burgemeester. Om opvanglocaties veilig en leefbaar te houden, heeft het COA huisregels die asielzoekers in alle azc's moeten naleven. Laten zij hun medebewoners of COAmedewerkers niet in hun waarde of overtreden ze op een andere manier de huisregels? Dan treft het COA maatregelen. Strafbare feiten meldt het COA altijd bij de politie. Samen met de partners uit de bestuursrecht- en strafrechtketen treft het COA maatregelen tegen overlastgevers. Uitgebreide informatie over veiligheid op een opvangcentrum staat op: https://www.coa.nl/nl/veiligheid-en-rond-azcs en https://www.coa.nl/nl/overlast-enmaatregelen.
12 / 13
CONCEPT VERSIE 0.1
Bijlage C
Kaart
13 / 13
CONCEPT VERSIE 0.1