Bijlage 3 Notulen Tafeltjesavond 10 juni 2021 Middelen
Tekst van het document
Tafeltjesavond NOTULEN van de Tafeltjesavond Middelen d.d. 10 juni 2021 Voorzitter: Aanwezig:
mw. De Zoete Ambtenaren: Mw. R. Scheek, mw. M. Kok, dhr. E. Sparreboom, dhr. A. van Kampen, dhr. V. Saurin, dhr. R. Godthelp en dhr. R. van der Hoek (verslag) (Steun)raadsleden: Mw. K.R. Oosterman (CU), dhr. J. Keijzer (PvdA), dhr. C.M.P. ’t Hart (CDA), dhr. L. Ooms (FvM), dhr. D. Snoeck (VVD), dhr. M. Ammi (GL), dhr. Luijendijk (VSP).
Opening Mw. De Zoete geeft de aanwezigen de gelegenheid vragen te stellen over de Kadernota 2022 e.v. en dan de onderdelen die betrekking hebben op Middelen/Bedrijfsvoering. •
Mw. Oosterman vraagt of iets gezegd kan worden welke consequenties de coronacrisis heeft voor het principe ‘trap op trap af’.
De meicirculaire wordt momenteel geanalyseerd. Daar wordt weliswaar een klein doorkijkje gegeven, maar de consequenties zijn niet duidelijk en die duidelijkheid zal waarschijnlijk pas komen als er een nieuw kabinet is. Overigens is de ‘trap op trap af’ systematiek bevroren in 2020/2021. Vanaf 2022 wordt deze weer toegepast. •
Dhr. Keijzer informeert naar de investeringen voor het gebouw van Vraagraak. Voor 2022 en 2023 staan nog grote bedragen genoemd terwijl Vraagraak zal verhuizen naar het stadhuis het pand aan de Haydnlaan op de nominatie staat om gesloopt te worden.
Voor de inhuizing van Vraagraak is rekening gehouden met € 1 miljoen. Als een definitief besluit wordt genomen over de inhuizing komen de investeringen voor noodzakelijk onderhoud aan het gebouw aan de Haydnlaan te vervallen. •
Aanvullend stelt mw. Oosterman dat op basis van een businesscase indertijd is besloten om Vraagraak aan de Haydnlaan te vestigen. Kan nu worden geconcludeerd dat de businesscase toen niet goed is geweest?
In het verleden waren er twee wijkteams en dat is er één geworden. Daarnaast hebben er diverse ontwikkelingen plaatsgehad en is het team gegroeid. Er is dus vooral sprake van voortschrijdende ontwikkelingen ten opzichte va keuzes die indertijd zijn gemaakt. •
Dhr. ’t Hart zegt dat op blz. 16 wordt gesproken van het doorschuiven van investeringen. Intussen lopen bouwkosten op. Wordt daar rekening mee gehouden?
Bij de raming wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met het stijgen van prijzen.
1 Tafeltjesavond Sociaal Domein d.d. 10 juni 2021
•
Dhr. Snoeck vraagt n.a.v. blz. 16 voor welke termijn rekening wordt gehouden met het verlagen van de omslagrente naar 0.5%.
De verlaging geldt voor één jaar. •
Dhr. Ammi vraagt n.a.v. blz. 13 waar de achterstanden binnen de archivering vandaan komen. Zijn er ook nog andere achterstanden op dit vlak.
Het betreft een wettelijke taak. Het gaat over het opschonen van het papieren archief over de periode 1981-2014. Dat is het laatste stuk van het papieren archief want daarna is overgegaan op digitale archivering. Het op orde brengen lukt niet binnen de huidige capaciteit zodat externe inhuur nodig is. Het enige wat nog op de gemeente af zou kunnen komen is de digitalisering van het oude bouwarchief. •
Mw. Oosterman vraagt hoe de juridische kosten binnen de gemeente Maassluis zich verhouden tot andere gemeenten.
De raming is al jaren op ongeveer € 33.000,- gesteld. Ieder jaar wordt dit bedrag overschreden. Daarom wordt het bedrag verhoogd naar € 100.000,-. Meestal zijn het zaken waarmee de gemeente wordt geconfronteerd en waarop de gemeente ook geen invloed heeft. Een vergelijking met andere gemeenten is lastig omdat het heel erg afhankelijk is van wat er in een stad gebeurt. Het aantal bezwaar- en beroepsprocedures is overigens relatief laag in Maassluis. •
Aanvullend vraagt dhr. ’t Hart of de gemeente ook kennis haalt uit de regio, bijvoorbeeld bij de MRDH.
De MRDH concentreert zich op verkeer en vervoer en economie. De samenwerking tussen collega’s vinden op die terreinen dus wel plaats en daar worden ook voordelen uit gehaald. Toen er nog sprake was van de regio Rijnmond waren er meer taken in regionaal verband. Op het gebied van bijvoorbeeld wonen en duurzaamheid zijn daar andere samenwerkingsverbanden voor teruggekomen die vaak intensiever zijn dan in het verleden. •
Dhr. Keijzer ziet dat er sprake is van behoorlijk wat vacatures bij de gemeente en vraagt of dit gevolgen heeft voor (het doorschuiven van) investeringen e.d.
Inderdaad is sprake van situaties waar projecten tijdelijk stil liggen als gevolg van vacatures e.d. Er wordt dan echter al snel gekeken naar externe inhuur of naar schuiven van functies waardoor projecten zo snel mogelijk vlot getrokken kunnen worden. Het achterblijven van investeringen wordt daarmee zoveel mogelijk voorkomen. •
Dhr. ’t Hart wijst op blz. 19 over ICT en vraagt of de uitwijklocatie voor de back-up voorziening in fysieke vorm wordt gerealiseerd of via de ‘cloud’.
Er wordt gekeken of er gebruik kan worden gemaakt van het datacentre van de huidige leverancier. Op deze wijze kan alles (stroom, koeling, veiligheid e.d.) beter worden geregeld dan op de huidige locatie bij Dukdalf.
2 Tafeltjesavond Sociaal Domein d.d. 10 juni 2021
•
Dhr. Snoeck vraagt aanvullend of dit traject wordt aanbesteed.
Het netwerk van de gemeente is aanbesteed, maar dit onderdeel blijft onder het bedrag waarvoor een aanbesteding noodzakelijk is en blijft dus bij de huidige leverancier. •
Dhr. Ooms vraagt n.a.v. blz. 23, herverdeling gemeentefonds, of het verwachte nadelige effect van € 370.000,- nog kan wijzigen als het aantal inwoners in Maassluis groeit.
Het bedrag is gebaseerd op het huidige aantal inwoners in Maassluis. Groeit het aantal inwoners dan heeft dat een positief effect op de uitkering. Hoe het precies met de herverdeling van het gemeentefonds gaat lopen is overigens afhankelijk van de besluitvorming die nog moet plaatsvinden op landelijk niveau. •
Dhr. Snoeck heeft een vraag over de investering voor kunstwerken. De renovatie van de Lijndraaiersbrug en Koepaardbrug zou uit het budget renovatie kademuren gedekt kunnen worden. Betreft dit alleen het uitstellen van de Marnixkade (€ 789.000 volgens investeringsprogramma) of gaat het ook om investeringen die in 2021 zijn geraamd, maar niet worden uitgevoerd? En wanneer start de volgende periode van het beheerplan en komt het bedrag voor de Marnixkade dan weer terug in het investeringsplan?
Nagezonden antwoord: Allereerst merken wij op dat het beheerplan met het griffienieuws van 15 juni ter kennis van de raad is gebracht. De investeringen in de kadermuren (ook Marnixkade) die gebruikt worden als dekking voor de renovatie van de bruggen, staan nog in de oorspronkelijke planning. Zodra er met de kadernota een besluit wordt genomen conform voorstel, zal de planning van deze investeringen worden aangepast in het investeringsplan (IP) dat met de begroting 2022 wordt gepresenteerd. Bij elkaar gaat dit om ca 2,5 miljoen aan investeringen met een afschrijvingstermijn van 50 jaar die worden omgezet naar ca. € 750.000 aan investeringen in bruggen met een afschrijvingstermijn van 10 jaar. •
Dhr. Keijzer stelt aanvullend dat er nog geen besluit is genomen over het beheerplan, maar dat er toch rekening mee wordt gehouden in de kadernota. Waarom is dat anders dan bij Vraagraak, waar de investering pas komt te vervallen als er een besluit is genomen.
Nagezonden antwoord: Bij de investeringen in de kademuren is het zo dat alle investeringen nog op de oude plek staan, en dat het pas aangepast wordt op het moment dat de raad een besluit genomen heeft over het beheerplan en de kadernota. Het verschil met de Inhuizing Vraagraak is dat er daarvoor in het investeringsplan wel al een investeringsbedrag is ingevuld in 2022. Voor de bruggen moet dit nog concreet worden gedaan, zoals hierboven geschetst. We benadrukken nogmaals dat de wijzigingen in het IP, wat betreft deze twee onderwerpen, budget neutraal zijn voor de begroting.
3 Tafeltjesavond Sociaal Domein d.d. 10 juni 2021
•
Dhr. Ammi vraagt waarom het extra geld voor het Kenniscentrum MVS (blz. 15) incidenteel is en niet structureel.
Het kenniscentrum wordt met structureel geld gefinacierd. Op dit moment is er incidenteel budget nodig voor de toenemende vraag naar informatie en het samenstellen van dashboards inclusief het vullen daarvan. •
Mw. Oosterman vraagt aanvullend of Maassluis echt afhankelijk is van dit kenniscentrum of dat de werkzaamheden ook ergens anders kunnen worden uitgevoerd.
Het verzamelen van data wordt steeds belangrijker. In principe kan dat wel ergens anders worden weggezet, maar het voordeel om het in MVS-verband te doen is dat de drie gemeenten op elkaar lijken en in dezelfde regio zitten en om die reden het kenniscentrum hebben opgericht. •
Mw. Oosterman zegt dat het college ruimtevragers benoemt voor de jaren na deze bestuursperiode. Zij vraagt hoe dit aan het eind van de collegeperiode werkt.
Het college heeft een aantal wensen die verder reiken dan het jaar 2022. Het is een vraag voor de raad of dit wel of niet wordt gesteund. Het is dus vooral een politieke keuze. •
Dhr. Keijzer wijst op het feit dat het weerstandsvermogen in de kadernota op 90% is gezet. Formeel is daarover nog geen besluit door de raad over genomen.
De provincie adviseert dringend 90% te hanteren. Het is juist dat de verordening er op aangepast moet worden. Dat traject loopt. •
Dhr. ’t Hart vraagt n.a.v. pagina 11 of het extra budget van € 25.000,- voor verkiezingen structureel is of wellicht te maken heeft met covidmaatregelen.
In de begroting staan jaarlijks standaardbedragen opgenomen voor dit doel om zaken up to date te houden. Het bedrag is echter onvoldoende als er daadwerkelijk verkiezingen zijn. Voor 2022 is dit extra bedrag dus nodig voor de gemeenteraadsverkiezingen. In 2021 is er extra geld van het rijk ontvangen om de extra kosten i.v.m. covid te financieren. •
Dhr. Ooms vraagt waarom de impuls armoedebeleid wordt gecontinueerd vanaf 2024 (blz. 14)
Dit is een politieke keuze. Het is iets dat eerder is wegbezuinigd, maar nu wordt teruggedraaid. •
Dhr. Snoeck vraagt onder verwijzing naar blz. 16 hoe lang de OZB-opbrengsten al hoger zijn dan begroot.
De rekeningen van de afgelopen jaren zijn geanalyseerd. De hogere opbrengsten werden o.a. toegerekend aan de areaaluitbreiding, maar ook de stijging van de woningwaarde kan een positief effect hebben op de opbrengsten. Op basis van de gemaakte analyse kan het bedrag van € 125.000,- nu met zekerheid worden meegenomen in de ramingen. •
Dhr. Ammi vraagt of er nog steeds rekening gehouden moet worden met risico’s bij jeugdhulp nu duidelijk is geworden dat er extra geld van het rijk komt.
4 Tafeltjesavond Sociaal Domein d.d. 10 juni 2021
De beschreven risico’s zijn van enkele weken geleden Inmiddels heeft het rijk extra geld toegezegd t/m 2022. Voor de langere termijn is het nog niet duidelijk hoe het precies gaat lopen in financieel opzicht. Er zijn dus nog steeds risico’s. •
Mw. Oosterman vraagt n.a.v. blz. 17 hoe een gemiddeld investeringsbedrag moet worden gezien en hoe dit bedrag wordt vastgesteld.
Het doel is om flexibeler om te gaan met de beschikbare middelen. Er komt nu jaarlijks een totaalbedrag beschikbaar en er wordt ook per jaar beoordeeld wat er aan onderhoud gepleegd moet worden. •
Dhr. ’t Hart vraag over blz. 29 hoe het bedrag van € 25.000,- voor het uitvoeren van asbesttaken door de DCMR tot stand is gekomen. Deed de gemeente dit eerst zelf?
De werkzaamheden gaan over van de gemeente naar de DCMR. De DCMR maakt een inschatting van de noodzakelijke werkzaamheden en daar wordt een tarief op gezet waar dit bedrag uit rolt. Het is geen bedrag dat vrijgemaakt kan worden uit de begroting. Het bedrag is een inschatting. Na drie jaar wordt gekeken hoe het er voor staat en kan nog beter worden beoordeeld hoeveel er nodig is voor het uitvoeren van deze taken. •
Dhr. Snoeck vraagt n.a.v. blz. 12, Beheerplan Kunstwerken, of het structureel oplopen van het bedrag van € 1 ton naar € 3,5 ton (vanaf 2025) alleen onderhoud betreft of ook de kapitaalslasten van investeringen.
Dit betreft alleen extra onderhoud. Er zitten geen kapitaalslasten in voor renovaties e.d., want daarvoor is nog onderzoek nodig. •
Aanvullend zegt dhr. Snoeck dat hij aanneemt dat de extra bedragen voor onderhoud van kunstwerken bovenop al bestaande onderhoudsbudgetten komen en vraagt wat die bestaande budgetten in de afgelopen jaren waren.
Nagezonden antwoord: Deze bedragen (oplopend tot 3,5 ton in 2025) komen bovenop de bestaande budgetten. De hoogte van deze budgetten bedroeg in de afgelopen jaren gemiddeld € 274.000. Verderop treft u een tabel aan uit het beheerplan die meer inzicht geeft in de bedragen. •
Mw. Oosterman vraagt n.a.v. de gevraagde (extra) bedragen voor onderzoek en onderhoud kunstwerken wat er van die bedragen naar onderhoud gaat en wat bedoeld is voor onderzoek. Verder wil zij graag weten of inzicht kan worden gegeven in de bedragen die de afgelopen jaren zijn uitgegeven aan onderzoek voor kademuren en kunstwerken.
Nagezonden antwoord: Onderstaand een tabel uit het beheerplan kunstwerken die inzicht geeft in de besteding van de oorspronkelijke- en de extra bedragen.
5 Tafeltjesavond Sociaal Domein d.d. 10 juni 2021
indicatieve budgetverdeling Onderzoek grote bruggen (regulier onderzoek + scope-bepaling groot onderhoud) Onderzoek Kademuren (digital twin + regulier onderzoek) Niet levensduurverlengend onderhoud bruggen Niet levensduur verlengend onderhoud "nieuwe" kunstwerken Niet levensduurverlengend onderhoud kademuren Levensduurverlengend onderhoud TOTAAL
Herkomst budget Huidige exploitatie uitname onderhoudsreserves totaal toename exploitatie TOTAAL BUDGET
Saldo onderhoudsreserve uitname onderhoudsreserves SALDO
2021
2022
2023
2024
2025
75.000
50.000
25.000
25.000
25.000
50.000
50.000
50.000
50.000
123.000
148.000
198.000
248.000
298.000
25.000
25.000
50.000
50.000
50.000
151.000
151.000
151.000
151.000
151.000
50.000 424.000
50.000 474.000
50.000 524.000
50.000 574.000
50.000 624.000
2021 274.000 150.000 0 424.000
2022 274.000 100.000 100.000 474.000
2023 274.000 50.000 200.000 524.000
2024 274.000 0 300.000 574.000
2025 274.000 0 350.000 624.000
2021 150.000 417.000
2022 100.000 267.000
2023 50.000 167.000
2024 0 117.000
2025 0 117.000
Aangezien alle kosten voor onderhoud en onderzoek administratief op dezelfde boekingscombinaties worden verantwoord, is dit achteraf niet eenvoudig te splitsen. Binnen het gewenste tijdsbestek is dit inzicht niet te geven. •
Mw. Oosterman zegt dat er vroeger een bedrag van € 100.000,- in de begroting werd opgenomen voor onderzoek. Is overwogen om dat nu ook weer te doen?
Het structurele budget van 100.000,- (guldens) voor onderzoek is indertijd structureel ingezet voor het kenniscentrum MVS. •
Dhr. Luijendijk vraagt of de bedragen voor de MFR in het investeringsplan de eigen bijdrage voor de gemeente betreffen (30% van de totale kosten) of de totale kosten. Verder vraagt hij hoe deze bedragen zo specifiek kunnen zijn. Waar is dat op gebaseerd?
Nagezonden antwoord: De bedragen die in het investeringsplan zijn opgenomen zijn inderdaad 30% van de totale investeringen voor de MFR. In het rapport van Sweco over de (voorkeurs) route zijn ook ramingen opgenomen van de te verwachten kosten. Hierop zijn de bedragen gebaseerd.
6 Tafeltjesavond Sociaal Domein d.d. 10 juni 2021
•
Dhr. Luijendijk vraagt n.a.v. de duurzaamheidsroadmap welk deel van het benodigde bedrag (€ 100.000) bedoeld is voor onderzoek en welke deel voor de investeringen.
Nagezonden antwoord: Dit bedrag bestaat voor ongeveer voor de helft uit kapitaallasten en het resterende deel voor kosten van onderzoek en inhuur. •
Dhr. Luijendijk wijst op het bedrag dat nodig is voor het MVS jeugdmodel (€ 2 ton). Hij vraagt waarom een dergelijk bedrag nodig is nu taken uitgevoerd gaan worden door ROGplus. Volgens dhr. Luijendijk is het nogal een verschil of je een heel nieuwe organisatie moet gaan opzetten of dat gebruik gemaakt kan worden van een bestaande organisatie.
Nagezonden antwoord: Vanaf 2023 kan het MVS Jeugdmodel gerealiseerd worden (nieuwe contracten jeugdhulp, herijking afspraken GRJR en dergelijke). Het jaar 2022 is nog een voorbereidingsjaar, waarin toegewerkt wordt naar de nieuwe situatie. De oude situatie loopt dan ook nog door. We starten al wel met het opbouwen van de nieuwe uitvoeringsorganisatie jeugd, waarbij inderdaad aangesloten wordt op de bestaande organisatie. Dit vraagt om extra inzet en brengt extra kosten met zich mee. Het gevraagde bedrag is niet alleen bedoeld voor het inrichten van de uitvoeringsorganisatie jeugd, maar ook voor de begeleiding van de transformatie/het nieuwe werken in het bredere jeugdveld, communicatie, de inzet specifieke expertise (juridisch, financieel, inkoop e.d.) en tijdelijk extra capaciteit. •
Dhr. Ooms vraagt uitleg over het gevraagde budget voor de combinatiefunctionarissen.
Als je de combinatiefunctionarissen na 2022 verder wilt continueren is extra geld nodig. In de kadernota worden nu incidenteel een bedrag € 18.000 gevraagd. Na 2024 zal opnieuw een afweging gemaakt moeten worden. •
Dhr. Keijzer zegt dat in de kadernota extra bedragen worden gevraagd of bezuinigingsbedragen worden genoemd. Er is echter geen zicht op het totaalbedrag wat al beschikbaar is. Daardoor ontbreekt de context. Is het mogelijk om de financiële context in de toekomst mee te nemen.
In principe staan de basisbedragen in de begroting. Niettemin wordt de suggestie meegenomen. Sluiting Mw. De Zoete sluit de Tafeltjesavond rond 20.30 uur.
7 Tafeltjesavond Sociaal Domein d.d. 10 juni 2021