Bijlage 2 Voorlopige Jaarstukken 2020 ROGplus
Tekst van het document
Voorlopige Jaarstukken 2020
rog;plus
Versie Status: Datum:
1.0 Definitief 13april 2021
Voorwoord Graag presenteer ik hiermee aan u de jaarstukken 2020 van Rogplus Nieuwe Waterweg Noord. Deze jaarstukken zijn gebaseerd op het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Over het boekjaar 2020 zijn de begrote lasten van de drie deelnemende gemeenten (Maassluis, Vlaardingen, Schiedam) onderschreden met € 4,4 miljoen. Conform de bepalingen uit de Gemeenschappelijke Regeling wordt het saldo verrekend met de gemeenten. Een nadere uitleg van alle eerder begrote en de vervolgens gerealiseerde kosten en baten per onderdeel treft u verderop in dit verslag aan, met daarbij telkens een korte toelichting. Ondanks het dempend effect van het COVID-19-virus op de uitgaven voor de Wmo hebben nagenoeg alle Nederlandse gemeenten te maken met toenemende kosten in het sociaal domein. Het jaarresultaat 2020 van Rogplus laat een onderschrijding zien ten opzichte van de begroting vanwege de impact van het COVlD-19-virus, maar desondanks blijven de kosten weliswaar langzamer dan voorheen stijgen. Rogplus heeft eerder in 2019 samen met de gemeenten een verkenning gedaan naar verdere maatregelen om de kostenontwikkeling te beheersen en blijft de noodzaak onderschrijven voor (verdere) transformatie binnen het sociaal domein.
In 2019 is gezocht naar vormen van aanbesteding waarmee de kosten in de Wmo meer beheersbaar kunnen worden gemaakt en waarmee de samenwerking tussen organisaties in het sociaal domein kan worden versterkt, zodat meer ruimte ontstaat voor versterking van de leefwereld van mensen. Het resultaat van deze zoektocht is de gunning per 1-1-2020 van de opdrachten "Schoon en leefbaar huis" en "Meedoen in de Stad". -
-
Met name de gunning van begeleiding bij Sociaal en Persoonlijk Functioneren via de opdracht "Meedoen in Stad" liet in 2020 de verwachting uitkomen dat het gegunde Consortium Zorgsamen MVS (ASVZ, Directzorg, GGZ Delfiand, Pameijer en Stoed) actief de samenwerking zoekt met bijvoorbeeld welzijnswerk, geloofs- en kerkgenootschappen en andere vrijwilligersorganisaties. We zagen in 2020 de eerste tekenen van een nieuwe werkwijze waarin de veerkracht van cliënten en wat het leven voor cliënten betekenisvol maakt centraal staat. Rogplus streeft naar een verschuiving van zorg naar welzijn, van ondersteuning door professionals naar bewoners die meer met en voor elkaar doen. Door deze gegunde opdrachten zal het meer lonen om initiatieven van bewoners te omarmen. Op basis van het Strategisch Plan 2018-2021 is Rogplus in 2020 verdergegaan met het in 2018 gestarte traject van organisatieontwikkeling om de Organisatie nôg meer toekomstbestendig te maken. In 2020 zijn we verdergegaan met de ontwikkeling van de beschikbare talenten van medewerkers en is de organisatiestructuur verbeterd. Daarnaast zijn in 2020 de taken op het gebied van P&O en facilitaire zaken verder geprofessionaliseerd.
Het bestuur van Rogplus en de MVS-gemeenteraden ben ik erkentelijk voor hun steun, vertrouwen en facilitering bij het werk, dat Rogplus als regionale Wmo-uitvoerings- en serviceorganisatie voor de inwoners c.q. cliënten van de drie gemeenten mocht en zal blijven uitvoeren. Ik spreek bij deze jaarstukken 2020 graag mijn waardering uit voor de medewerkers van Rogplus; voor hun betrokkenheid en inzet bij hun dagelijkse werk voor de inwoners en voor hun positieve attitude ten aanzien van de enorme aanpassingen die zij in hun werk moesten doorvoeren vanwege het COVID19 virus. Zij laten zien dat onze slogan: "Op eigen kracht, dat doen we samen" op hen van toepassing is. Anton van Genabeek Directeur Rogplus Maart 2021 Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus
d&
Inhoudsopgave Inleiding
4
JAARVERSLAG Programmaverantwoording 2.1
Doelstellingen
1.1
2.2 Programma Wmo Doelstellingen en maatschappelijke effecten Gerealiseerde baten en lasten Ontwikkelingen
7 7 7 7
2.3 Programma Beschermd Wonen 2.3.1 Doelstellingen en maatschappelijke effecten 2.3.2 Gerealiseerde baten en lasten 2.3.3 Ontwikkelingen
10 10 11 11
2.4 Programma Overhead 2.4.1 Doelstellingen en maatschappelijke effecten 2.4.2 Gerealiseerde baten en lasten 2.4.3 Ontwikkelingen
11 11 12 12
2.2.1 2.2.2 2.2.3
2.5
Algemene dekkingsmiddelen
Paragrafen 3.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 3.1.1 Risicoanalyse 3.1.2 Financiële kengetallen 3.2
Financiering
3.3 Bedrijfsvoering 3.3.1 Kengetallen 3.3.2 Personeel en Organisatie 3.3.3 Informatisering en automatisering 3.3.4 Privacy en informatiebeveiliging 3.3.5 Financieel beheer
JAARREKENING Balans Overzicht van baten en lasten
13 14 14 14 15 15 17 17 21 22 23 23
25 25 26
5.1
Uitgangspunten
26
5.2
Totaaloverzicht
26
5.3
Doorberekening gemeenten
28
5.4
Onvoorzien
29
5.5
Incidentele baten en lasten
29
Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogpius
2
Toelichtingen 6.1
Grondslagen voor waardering en resultaat bepaling
6.2 Toelichting balans 6.2.1 Vaste activa 6.2.2 Vlottende activa 6.2.3 Vlottende passiva 6.2.4 Niet uit de balans blijkende verplichtingen 6.2.5 EMU-saldo 6.3 Toelichting overzicht baten en lasten 6.3.1 Programma Wmo 6.3.2 Programma Beschermd Wonen 6.3.3 Programma Overhead Wet Normering Topinkomens
31 31 33 33 33 34 34 35 35 35 39 39 41
7.1
Bezoldiging topfunctionarissen
41
7.2
Overige rapportage verplichtingen op grond van de WNT
41
BIJ LAG EN Bijlagen bij de jaarrekening
42 42
8.1
Controle verklaring
42
8.2
Begrotingswijziging
43
8.3 Specificatie kosten en baten 8.3.1 Totaal 8.3.2 Maassluis 8.3.3 Vlaardingen 8.3.4 Schiedam Bijlage bij het jaarverslag 9.1
Samenstelling commissies
Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus
47 47 48 50 52 54 54
3
1. Inleiding Voor u liggen de voorlopige jaarstukken 2020 van Rogplus. Deze voorlopige jaarstukken zijn gebaseerd op het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Het BBV is bedoeld om de transparantie en daarmee het democratisch proces bij gemeenten en provincies te bevorderen. Het BBV schrijft onder meer de volgende elementen voor: • De jaarstukken bestaan ten minste uit het jaarverslag en de jaarreke ning; • Het jaarverslag bestaat ten minste uit de programmaverantwoord ing en de paragrafen; • De jaarrekening bestaat uit de programmaverantwoording, de toelicht ing, de balans en de toelichting, grondslagen voor waardering en resultaatbepaling. De in het BBV opgenomen paragrafen lokale heffingen, grondb eleid, onderhoud kapitaalgoederen en verbonden partijen zijn niet van toepassing voor Rogplus en zijn dan ook niet opgenomen in het jaarverslag. Rogplus verzorgde in 2020 de uitvoering van de individuele indicati estelling en opdrachtverstrekking van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) voor de deelnem ers aan de Gemeenschappelijke Regeling Rogplus Nieuwe Waterweg Noord: de gemeenten Maassl uis, Schiedam en Vlaardingen (hierna MVS-gemeenten).
Daarnaast voert Rogplus taken uit die door de drie gemeenten specifiek zijn opgedragen aan de stichting zoals Beschermd Wonen, applica tiebeheer van het cliëntvolgsysteem voor de wijkteams, de uitvoering van de regeling 'Tegemoetkoming meerkosten' en de backofficetaken voor de jeugdhulp. Voor Schiedam en Maassl uis verzorgt Rogplus ook de backofficetaken voor het leerlingenvervoer en het jeugdhulpvervo er. De uitgaven en de kosten van Rogplus worden ten laste gebrach t van BBV-taakvelden 0.4 Overhead, 6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO), 6.71 Maatwerkdienstverleni ng 18+, 6.72 Maatwerkdienstverlening 18- en 6.81 Geëscaleerde zorgl8+. De inkomsten bestaan uit bijdragen in de kosten (hierna: eigen bijdragen) voor verschillende Wmovoorzieningen, bijdragen van cliënten voor vervoer met de Regiota xi, bijdragen van cliënten aan de Aanvullende Algemene Voorziening Schoon Huis en bijdragen van de drie MVS-gemeenten. De gemeentelijke bijdrage is het verschil tussen de uitgaven en de overige inkomsten van Rogplus. Rogplus heeft hierom per definitie een sluitende begroting. Deze inkomsten worden verantwoord onder BBV-taakvelden 0.8 Overige baten en lasten, 6.71 Maatwe rkdienstverlening 18+ en 6.81 Geëscaleerde zorg 18+. Medio 2019 is de primaire begroting 2020 van Rogplus vastges teld. Op basis van voortschrijdende inzichten is begin 2020 voorgesteld deze primaire begroting te wijzigen.
De wijziging is medio 2020 vastgesteld. De begrotingswijziging is voorgesteld voordat de COVID -19-pandemie uitbrak en houdt daarom geen rekening met de financiële effecten van de coronam aatregelen op de Wmo in de MVSgemeenten. Ook later in het jaar heeft Rogplus haar begroting niet aangepast op de financiële gevolgen van de coronamaatregelen. Rogplus gebruikt de zesmaandscijfers als jkpunt om te bepalen of en hoe de begroting moet worden gewijzigd. Ten tijde van het opstellen van deze zesmaandscijfers waren er nog te veel onzekerheden over het verloop van de COVID-19-pandemie en het effect daarvan op de Wmo om de begroting voldoende betrouwbaar te kunnen wijzigen. Met name als gevolg van de coronamaatregelen wijken de jaarcijfers op verschillende onderd elen af van de begroting.
Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus
4
Ten opzichte van de gewijzigde begroting 2020 kent Rogplus een onderschrijding van €4.526.137 op de begrote lasten voor het programma Wmo, een overschrijding van € 109.762 op het programma Beschermd Wonen en een onderschrijding van € 661.880 op het programma Overhea d. De inkomsten uit bijdragen van cliënten vallen €618.770 lager uit dan begroot. Het verschil tussen de lasten en de baten uit bijdragen van cliënten wordt door de gemeenten bijgedragen. Ten opzichte van de begroting vallen de bijdragen van de drie gemeenten in totaal € 4.459.485 lager uit. De bijdrage van Maassluis is € 1.066.011 lager dan begroot, Vlaardingen € 1.684.713 en Schiedam € 1.708.76 2. Conform de bepalingen en afspraken van de Gemeenschappelijke Regeling wordt het resultaat op de gemeentelijke bijdrage over 2020 na vaststelling van deze jaarstukken 2020 door Rogplus verrekend met de van de drie gemeenten ontvangen voorschotten. In hoofdstuk 6 worden per onderdeel de verschillen tussen begroting en jaarrekening nader toegelicht.
voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus
JAARVERSLAG 2. Programmaverantwoording 2.1 Doelstellingen Rogplus is in 1994 opgericht door de MVS-gemeenten om de toenmalige Wet voorziening gehandicapten (Wvg) uit te voeren. De oorspronkelijke naam was: Regionale Organisatie Gehandicaptenvoorzieningen (R.O.G). Met de uitbreiding van taken is bij de invoering van de Wmo in 2006 gekozen voor de huidige naam: Rogplus. De organisatie is ondergebracht in een Gemeenschappelijke Regeling en stichting. Het bestuur van de gemeenschappelijke regeling wordt gevormd door de drie wethouders van de MVS-gemeenten die de maatschappelijke ondersteuning in hun portefeuille hebben. In de Wmo worden op het gebied van maatschappelijke ondersteuning drie beleidsterreinen onderscheiden: het bevorderen van de sociale samenhang, de mantelzorg en vrijwilligerswerk, de toegankelijkheid van voorzieningen, diensten en ruimten voor mensen met een beperking, de veiligheid en leefbaarheid in de gemeente, alsmede voorkomen en bestrijden van huiselijk geweld; het ondersteunen van de zelfredzaamheid en de participatie van personen met een beperking of met chronische psychische of psychosociale problemen, zoveel mogelijk in de eigen leefomgeving; het bieden van Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang.
De Wmo schrijft voor dat de gemeente per verordening de regels moet vaststellen die noodzakeli jk zijn voor de uitvoering van het verplichte gemeentelijk beleidsplan met betrekking tot maatschappelijke ondersteuning. De Verordening maatschappelijke ondersteuning Maassluis, Vlaardingen, Schiedam 2021 (hierna: Verordening 2021) is in het laatste kwartaal van 2020 door de drie gemeenteraden vastgesteld. In de Beleidsregels en nadere regels maatschappelijke ondersteuning Maassluis, Vlaardingen en Schiedam 2021 (hierna: Beleidsregels 2021) zijn het beleid en nadere regels opgenomen die van toepassing zijn. De gemeenten Maassluis, Vlaardingen en Schiedam hebben de beslissingsbevoegdheid over maatwerkvoorzieningen gemandateerd aan Rogplus. De MVS-gemeenten werken met (sociale) wijkteams. Sinds 2017 zijn consulenten van Rogplus actief in de wijkteams. Zij werken binnen de wijkteams samen met professionals van verschillende organisaties.
Op basis van de gemeenschappelijke regeling van Rogplus, Wmo, Verordening 2021 en Beleidsregels 2021 is een aantal doelstellingen geformuleerd: het bevorderen van de deelname aan het maatschappelijke verkeer en het zelfstandig functioneren van mensen met een beperking of een chronisch psychisch probleem en mensen met een psychosociaal probleem; het verstrekken van voorzieningen aan mensen met een beperking of een chronisch psychisch probleem en aan mensen met een psychosociaal probleem ten behoeve van het behouden en het bevorderen van hun zelfstandig functioneren of hun deelname aan het maatschappelijke verkeer; het verstrekken van voorzieningen ter compensatie van beperkingen en de inwoner in staat te stellen een huishouden te voeren, zich te verplaatsen in en om de woning, zich lokaal te verplaatsen per vervoermiddel of medemensen te ontmoeten en op basis daarvan sociale contacten aan te gaan.
Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus
6
Met ingang van 2019 maken de zorgkosten van de in het kader van de Jeugdwet lokaal ingekochte jeugdhulp geen deel meer uit van de begroting van Rogplus. Deze kosten worden vanaf 2019 alleen verantwoord in de begrotingen van de gemeenten. Het Programma Jeugd is hiermee komen te
vervallen in de begroting van Rogplus. De kosten die Rogplus maakt voor het uitvoeren van backofficetaken voor de Jeugdwet, leerlingenvervoer en jeugdhulpvervoer maken wel deel uit van de
begroting van Rogplus. Deze kosten vallen onder het Programma Overhead.
2.2 Programma Wmo 2.2.1 Doelstellingen en maatschappelijke effecten Binnen het programma Wmo vallen de lasten van het verstrekken van vervoersvoorzieningen, rolvoorzieningen, woonvoorzieningen, hulp bij het huishouden, individuele begeleiding bij sociaal en persoonlijk functioneren en de regeling tegemoetkoming meerkosten. Door de Wmo-voorzieningen die via Rogplus zijn verstrekt kunnen cliënten (beter) deelnemen aan het maatschappelijk verkeer, (beter)
zelfstandig functioneren, zich (beter) verplaatsen en (beter) een huishouden voeren. Hierdoor wordt voldaan aan de doelstellingen, zoals beschreven in paragraaf 2.1.
2.2.2 Gerealiseerde baten en lasten Baten! Lasten
Taakveld BBV
Begrotingsonderdeel
Lasten
6.6 Maatwerkvoorziening (WMO)
Scootmobielen en rolvoorzieningen Woonvoorzieningen
Totaal 6.6 Maatwerkvoorziening (WMO)
6.71 Maatwerkdienstverlening 18+
Taxi- en vervoerskosten Schoon Huis Meedoen in de Stad Geclusterd mnen Tegemoetkoming meerkosten Projecten en innovate
Totaal 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ Totaal Lasten - - Baten 0.10 Mutatie reserves Inkomsten Wmo Totaal 0.10 Mutatie reserves 0.8 Overige baten en lasten Inkomsten Wmo Totaal 0.8 Overige baten en lasten
6.71 Maatwerkdienstverlening 18+
Totaal Baten Eindtotaal
Totaal 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ -
Inkomsten Wmo
Werkelijk 2019
3.700.090 2.412.843 6.112.933
Primaire Begroting 2020
2.911.363 1.631.664 4.543.027
Gewijzigde Begroting 2020
3.236.100 1.896.100
Werkelijk 2020
2.825.010 1.922.780
5.132.200
4.747.791
47.155.000 52.287.200
43.013.272 47.761.063
4.675.347 4.870.615 5.088.400 4.664.205 18.948.155 20.432.785 21.842.700 20.849.092 16.314 507 16.648.123 16.210.500 14.479.295 2.130.700 1.697.081 1.111.390 1.220.000 1.292.200 1.016,785 128.751 590.500 590.500 306.813 .
41.178.150 47.291.083 -1.243.307 -1.243.307
-
43.762.023 48.305.050 -
-
-
-44.122.049 -45.911.050 -50.061.300 -46.093.121 -44.122.049 -45.911.050 -50.061.300 -46.093.121
-1.925.727
-2.394.000
-2.225 900
.1.925.727 -2.394.000 -2.225.900 -47.291.083 -48.305.050 -52.287.200 , -
-
-1.667.941 -1.667.941
-47.761.063
-
-
2.2.3 Ontwikkelingen COVID-19 Het jaar 2020 heeft voor een groot deel in het teken gestaan van de COVID-1 9-pandemie. In maart 2020 werd Nederland geconfronteerd met de eerste besmettingen waarna er maatregelen getroffen
werden om de uitbraak verder tegen te gaan. Ook bij Rogplus hebben deze maatregelen effect gehad op de manier van werken, de werkdruk en de uitgaven. Thuiswerken werd de standaard. Gesprekken
met cliënten werden hoofdzakelijk telefonisch gevoerd, een huisbezoek werd alleen in een bijzondere
(nood)situatie gepland als het echt niet anders kon. De samenwerking met de andere professionals in
een sociaal wijkteam kwam op afstand en werd voornamelijk online uitgevoerd. Onze medewerkers hebben zich flexibel aangepast aan de situatie om het werk te continueren.
Het aantal aanmeldingen liep tijdens de eerste lockdown periode fors terug. Van gemiddeld zo'n 200 tot 250 aanmeldingen in de week naar zon 60 tot 100 per week. Toen de maatregelen vanaf de zomerperiode wat versoepeld werden liep dit aantal weer wat op naar gemiddeld 120 per week. Tot
aan het einde van het jaar is het aantal aanmeldingen niet meer boven de 150 per week uitgekomen.
Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus
a.",
W t
L~. 1 1 ,
.,
L, - -, . ,
Dit roept de vraag op wat dit betekent voor mensen die normaliter wel een aanmelding zouden hebben ingediend en het nu niet hebben gedaan hebben. Rogplus heeft hier geen uitgebreid onderzoek naar verricht maar heeft de vraag wel gesteld aan het 'Meedoen met Rogplus' panel. Een van verklaringen waar aan gedacht wordt is dat het sociale leven van deze groep mensen, net zoals eigenlijk iedereen in Nederland heeft ervaren, tijdens de coronapandemie substantieel is verminderd vanwege de RIVM-richtlijnen. Deze beperking van het sociale leven uitte zich voor een belangrijk deel in een terugloop van de mobiliteit. Het aanvragen van voorzieningen zoals mobiliteitshulpmidde len of vervoer, maar ook dagbesteding, zagen wij daarom teruglopen. Rogplus verwacht dat dit een tijdelijk effect zal zijn Zodra het sociale leven weer op gang komt en uitstapjes weer gemaakt kunnen worden, zal het aantal aanmeldingen naar verwachting weer oplopen. .
Sinds de uitbraak van COVlD-19 overlegt Rogplus nauw met de zorgaanbieders om de continuïtei t van de zorg en dienstverlening aan cliënten te waarborgen. Waar nodig is de vorm waarin de zorg wordt aangeboden aangepast op de coronamaatregelen. Ook cliënten en mantelzorgers zijn in deze periode vaak creatief en proactief. De COVID-19-pandemie heeft tot nieuwe inzichten en werkwijzen geleid en zal een blijvend effect hebben op de wijze waarop Wmo-zorg en -dienstverlening wordt uitgevoerd. De Wmo-uitgaven en -inkomsten wijken in 2020 significant af ten opzichte van eerdere jaren. Of en in welke mate het COVID-19-virus en de coronamaatregelen een blijvend effect hebben op het beroep op de Wmo in de MVS-gemeenten in 2021 en verder is momenteel niet duidelijk. In perioden dat de maatregelen zijn versoepeld, groeide het beroep op Wmo-voorzieningen. Dat doet vermoede n dat de afname van het beroep op Wmo-voorzieningen door de coronamaatregelen hoofdzakelijk incidenteel van aard is. Continuïteit financiering sociaal domein Rogplus heeft namens de MVS-gemeenten de afspraken die de VNG heeft gemaakt met het kabinet uitgevoerd. Rogplus heeft tot 1 juli 2020 een omzetgarantie afgegeven voor de zorgaanbi eders. Om de continuïteit van vervoer per Regiotaxi in de MVS-gemeenten te waarborgen, is vervoerde r Noot ook in het tweede halfjaar van 2020 deels gecompenseerd.
Daarnaast heeft Rogplus voor heel 2020 de meerkosten vergoed die zorgaanbieders maken om aan de RlVM-richtlijnen te kunnen voldoen. Dat kan variëren van beschermingsmiddelen tot extra inhuur van locaties. Hiermee is voor de zorgaanbieders financiële zekerheid en ruimte gecreëerd om de zorg en ondersteuning naar vermogen te continueren. Om in aanmerking te komen voor deze compensatie hebben de aanbieders een aanvraag moeten doen die door Rogplus op de vastgestelde criteria is getoetst. De COVID-19-pandemie heeft uiteraard invloed gehad op de dienstverlening van de door Rogplus gecontracteerde aanbieders. De meeste cliënten zijn voorzichtig en willen het aantal mensen in hun huis zo klein mogelijk houden. De dagbestedingslocaties waren in 2020 een aantal maanden gesloten en door de sluiting van de horeca, museums, theaters etc. is het vervoer door de Regiotaxi ongeveer gehalveerd. Ook het ziekteverzuim bij de gecontracteerde aanbieders was in 2020 hoger dan in voorgaande jaren. Ondanks dat hebben de gecontracteerde aanbieders zich ingespannen om zoveel mogelijk de reguliere zorg en ondersteuning te bieden of een alternatieve vorm van zorg of ondersteuning te bieden. Herindicaties Begin 2020 is een aantal nieuwe contracten ingegaan. Zo is het contract voor Schoon Huis gestart en het contract voor 'Meedoen in de Stad' voor de doelgroep 'niet ouderen'.
Later in het jaar is ook het contract voor 'Meedoen in de Stad ouderen' gestart. Deze nieuwe contracten hebben geresultee rd in grootschalige herindicatieprojecten zodat alle nog lopende indicaties herzien konden worden voor eind 2021. In totaal zijn er ruim 1700 indicaties voor Schoon Huis opnieuw onderzocht, ruim 800 -
Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus
8
indicaties voor Meedoen in de Stad niet ouderen' en zo'n 250 indicatie s voor Meedoen in de Stad ouderen'. Voor Schoon Huis heeft dit herindicatieproject geresulteerd in een verlaging van het totaal aantal uren dat afgegeven was voor huishoudelijke ondersteuning. -
-
Nieuwe contracten Voor Rogplus is 2020 ook het jaar geweest waarin veel nieuwe contract en zijn geïmplementeerd. Op 1 januari 2020 is het contract Meedoen in de Stad voor de doelgroep niet-oud eren ingegaan en zijn de contracten Schoon Huis ingegaan. Op 1 mei 2020 zijn de contracten voor Meedoen in de Stad voor de doelgroep ouderen ingegaan en op 1 juni 2020 zijn de contracten voor het leveren Wmo rolhuipmiddelen ingegaan. Met de komst van deze nieuwe contracten zijn er wijzigingen doorgevoerd in beleid en uitvoeringsafspraken. Naast het grootschalige herindicatieproject, dat impact heeft gehad op een groot deel van de bestaande cliënten van Rogplus en de werkdruk bij de consulen ten van Rogplus, is er ook veel tijd en aandacht besteed aan interne scholing, aan communicatie richting inwoners over alle wijzigingen en in afstemming met de gecontracteerde partijen.
Meedoen in de Stad ~ niet-ouderen Het contract Meedoen in de Stad voor de doelgroep niet ouderen is gegund aan een samenwerkingsverband van vijf lokale zorgaanbieders onder de naam ZorgSam en MVS. Met dit contract beoogt Rogplus de (thuis)ondersteuning aan de doelgroep te normalis eren en de uitgaven voor de MVS-gemeenten beheersbaar te houden. Het contract gaat uit van populatiebekostiging, hiermee ontvangt Zorg Samen MVS een vast bedrag per jaar voor het leveren van de (thuis)ondersteuning aan de doelgroep. Rogplus bepaalt door indicatiestelling wie tot de doelgroep behoort. Populatiebekostiging stimuleert de (thuis)ondersteuning te bieden die de doelgroep echt nodig heeft en waar mogelijk de duurdere vormen af te schalen of efficiënte r te organiseren, waar andere financieringsvormen vaak de productie van (thuis)ondersteuning stimuleert en daarmee de uitgaven doen toenemen. Het nieuwe contract heeft tot gevolg gehad dat ongeveer 400 cliënten warm zijn overgedragen door niet gegunde aanbieders aan Zorg Samen MVS. De vijf lokale aanbieders die Zorg Samen MVS vormen hadden zelf al ongeveer 1000 cliënten in onderste uning. In 2020 heeft Rogplus ongeveer 800 herindicaties uitgevoerd en heeft Zorg Samen MVS met alle ongeveer 1400 cliënten een individueel ondersteuningsplan opgesteld, waarin beschre ven staat hoe gewerkt wordt naar een verbetering van de zelfredzaamheid.
Meedoen in de Stad
-
ouderen
De contracten Meedoen in de Stad voor de doelgroep ouderen zijn gegund aan vier zorgaanbieders, waarvan er drie al jarenlang de ondersteuning aan de doelgroep ouderen leveren. De zorgaanbieders ontvangen een cliëntgebonden budget en krijgen hiermee meer vrijheid om ondersteuning op maat te leveren. Een cliëntgebonden budget stimuleert het bieden van de onderste uning die de cliënt echt nodig heeft en waar mogelijk duurdere vormen af te schalen of efficiënte r te organiseren. Met dit contract beoogt Rogplus nieuwe vormen van ondersteuning te ontdekken binnen de ouderenzorg. Door het beleid van de Rijksoverheid blijven ouderen langer zelfstandig thuis wonen en is de gemeente verantwoordelijk voor het bieden van de ondersteuning aan deze thuiswonende ouderen. Door de vergrijzing zal deze doelgroep die ondersteuning nodig heeft tussen 2025 en 2035 fors gaan toenemen. De ondersteuning aan thuiswonende ouderen dreigt op termijn onbetaalbaar te worden voor gemeenten. De vier zorgaanbieders hebben in 2020 individueel een pilot voorbereid om nieuwe vormen van ondersteuning te bedenken om deze in 2021 in praktijk te brengen . De pilots zijn gericht op ondersteuning die duurzaam aansluit bij de vraag van thuiswonende ouderen en waarbij vernieuwing ook in de toekomst financieel rendeert.
In 2020 heeft Rogplus ongeveer 250 herindicaties uitgevoerd en hebben de zorgaanbieders met alle cliënten een individue el ondersteuningsplan opgesteld, waarin beschreven staat welke ondersteuning geboden wordt. Anders dan bij het Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus
herindicatieproject voor Schoon Huis hebben de cliënten weinig gemerkt van dit traject. Het grootste deel van deze groep mensen was al in zorg bij één van de vijf aanbieders en heeft geen gewijzigde indicatie gekregen. Schoon Huis De afgelopen jaren zijn de uitgaven op het begrotingsonderdeel 'voeren van een huishouden' fors toegenomen. Dit is grotendeels het gevolg van beleidskeuzes van de Rijksoverheid: invoering van de AMvB reële prijs Wmo 2015 en de invoering van het abonnementstarief. Rogplus beoogt met de nieuwe contracten deze forse toename enigszins af te vlakken. De contracten Schoon Huis zijn gegund aan zes verschillende zorgaanbieders. Rogplus heeft de 'Algemene voorziening Schoon Huis' geïntroduceerd. Hiermee ontvangen cliënten maximaal 105 uur per jaar. De algemene voorziening bevat vrijwel alle werkzaamheden die noodzakelijk zijn om het huis schoon te houden. Zon 2000 cliënten met een indicatie volgens het 'oude' contract en beleid konden administratief overgezet worden in de 'algemene voorziening' omdat zij minder dan twee uur per week hulp ontvingen en er dus niet op achteruit gingen. Mocht de algemene voorziening in praktijk onvoldoende oplossing te bieden dan kan client in aanmerking komen voor de 'Maatwerkvoorziening Schoon Huis'.
Door middel van indicatiestelling bepaalt Rogplus individueel hoeveel minuten per week extra nodig is om het huis schoon te houden. De invoering van de nieuwe contracten heeft tot gevolg dat Rogplus ongeveer 1.700 cliënten in 2020 heeft geherindiceerd om te bepalen of de algemene voorziening voldoende is of dat er aanvullend nog een maatwerkvoorziening nodig was. Het herindicatietraject heeft geleid tot een lichte daling van het aantal geïndiceerde uren. Scootmobielen, rolvoorzienin gen en roerende woonvoorzienin gen De contracten voor het leveren van Wmo hulpmiddelen (scootmobielen, rolvoorzieningen en roerende woonvoorzieningen) is gegund aan twee leveranciers. Rogplus beoogt hiermee de afhankelijkheid van één hulpmiddelenleverancier te verminderen. Het nieuwe contract betekent voor inwoners van de gemeente Schiedam en ongeveer de helft van de inwoners van Vlaardingen dat ze te maken krijgen met een nieuwe hulpmiddelenleverancier. Voor de andere helft van de inwoners van Vlaardingen en Maassluis blijft de bestaande hulpmiddelenleverancier. Een andere belangrijke wijziging is dat Rogplus met ingang van het nieuwe contract niet langer betaald voor door de aanbieder in depot gehouden voorzieningen. Aan het ingaan van dit nieuwe contract is geen herindicatietraject voorafgegaan.
Cliënten konden hun huidige voorziening blijven gebruiken en alle administratieve wijzigingen die het nieuwe contract met zich mee heeft gebracht zijn achter de schermen afgehandeld. 2.3 Programma Beschermd Wonen 2.3.1 Doelstellingen en maatschappelijke effecten Een voorname doelstelling van de Wmo is het bieden van Beschermd Wonen en opvang voor mensen met psychiatrische problemen die (tijdelijk) niet zelfstandig kunnen wonen. Rogplus zorgt voor de toeleiding van cliënten naar voorzieningen voor Beschermd Wonen. Rogplus verantwoordt de baten en lasten voor Beschermd Wonen in het programma Beschermd Wonen.
Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus
10
2.3.2 Gerealiseerde baten en lasten Baten! Lasten Lasten
Taakveld BBV
Begrotingsonderdeel
6.81 Geëscaleerde zorg 18+
Beschermd Wonen
-- Totaal 6.81 Geëscaleerde zorg 18+ Totaal Lasten Baten 0.8 Overige baten en lasten Totaal 0.8 Overige baten en lasten 6.81 Geëscaleerde zorg 18+ Totaal 6.81 Geëscaleerde zorg 18+ Totaal Baten Eindtotaal
Beschermd Wonen Beschermd Wonen
Primaire Gewijzigde Werkelijk Begroting Begroting Werkelijk 2019 2020 2020 2020 17.655.029 18.177.000 18.473.900 18.583.662 17.655029 18.177.000 18.473.900 18.583.662 17.655.029 18.177.000 18473.900 18.583.662 -16.306.499 -16.977.000 -17.273.900 -17.444.473 -16.306.499 .16.977.000 -17.273.900 -17.444.473 -1348530 -1200.000 -1.200.000 -1,139.189 -1.348.530 -1.200.000 -1.200.000 -1.139.189 -17.655.029 -18.177.000 -18.473.900 -18.583.662
2.3.3 Ontwikkelingen De problematiek binnen Beschermd Wonen verandert, waardoor de complexiteit van de benodigde ondersteuning toeneemt. Er is een toename van meervoudige problem atiek en van zwaardere problematiek: mensen met een lichte verstandelijke beperking (LVB), psychiatrische stoornis, verslavingsproblematiek en gedragsproblemen. Tevens groeit de groep van jongvolwassen die vaker een beroep doen op beschermd wonen, omdat zij onvoldoende vaardig heden hebben om zelfstandig te wonen ook niet met intensieve ambulante woonondersteuning. Het aanbod van Beschermd Wonen sluit niet altijd aan op de behoefte. Een andere belangrijke ontwikkeling is dat de Centrale Raad van Beroep heeft bepaald dat het college de indicatie voor Beschermd Wonen niet mag baseren op profielen uit de AWBZ (ZZP-C GGZ), omdat deze niet de concrete individuele ondersteuningsbehoefte van de cliënt weerspiegelen. Aan iedere cliënt moet individueel maatwe rk worden toegekend. Tot slot krijgt een deel van de Beschermd Wonen cliënten vanaf 1januari 2021 toegang tot de Wet langdurige zorg (Wlz). De Wmo 2015 blijft vanaf 2021 beschikbaar voor de cliënten die vanwege ontwikkelperspectief mogelijk kunnen uitstromen en op basis hiervan dus geen aanspraak maken op langdurige zorg.
In 2020 hebben de MVS-gemeenten, zorgaanbieders en Rogplus overleg gen gevoerd en voorbereidingen getroffen vanwege bovenstaande ontwikkelingen. De aanbieders van Beschermd Wonen hebben in de tweede helft van 2020 alle cliënten aangemeld bij het ClZ, die op basis van ontwikkelperspectief waarschijnlijk in aanmerking komen voor de Wlz. Naar verwachting gaan tussen de 110 en 130 Beschermd Wonen cliënten in 2021 van de Wmo naar de Wlz. Gelijktijdig zijn de profielen uit de AWBZ omgebouwd naar losse bouwstenen, waardo or iedere Beschermd Wonen cliënt een indicatie op basis van de concrete individuele ondersteuningsbehoeft e krijgt. Rogplus is in de tweede helft van 2020 gestart met het herindiceren van alle Besche rmd Wonen. In 2021 moeten alle Beschermd Wonen cliënten een indicatie op basis van deze bouwste nen hebben. Tot slot zijn de MVS-gemeenten en Rogplus in 2020 gestart met de voorbereidingen van een inkooptraject. Doel van deze aanbesteding is om vanaf 1 januari 2022 een dekkend aanbod te contracteren en waarbij de ondersteuning gericht is op het uitstromen van Beschermd Wonen naar zelfstandig wonen. 2.4 Programma Overhead 2.4.1 Doelstellingen en maatschappelijke effecten Het programma Overhead bevat de lasten voor de apparaatskosten van Rogplus voor zover die niet toe kunnen worden gerekend aan de andere drie programma's.
De organisatie van Rogplus maakt het mogelijk dat de door de MVS-gemeenten bij Rogplus belegde taken op het gebied van de Wmo uit kunnen worden gevoerd en zo aan de eerdergenoemde doelstellingen kan worden voldaan. Binnen het programma Overhead worden ook de kosten verantwoord van de backofficetaken die Rogplus voor de MVS-gemeenten uitvoert voor de Jeugdwet (alle gemeenten) en leerlingenvervoer en jeugdhulpvervoer (Maassluis en Schiedam).
Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus
11
2.4.2 Gerealiseerde baten en lasten Baten! Lasten Lasten
Taakveld BBV
Begrotingsonderdeel
0.4 Overhead Totaal 0.4 Overhead 6.72 Maatwerkdienstverlening 18. Totaal 6.72 Maatwerkdienstverlening 18-
Overhead
Totaal Lasten Baten 0.10 Mutatie reserves Totaal 0.10 Mutatie reserves 0.8 Overige baten en lasten Totaal 0.8 Overige baten en lasten Totaal Baten Eindtotaal
Overhead - --
Overhead Overhead
Primaire Gewijzigde Werkelijk Begroting Begroting Werkelijk 2019 2020 2020 2020 1.987.270 3.802.503 4.029.800 3.367 920 1.987.270 3.802.503 4.029.800 3.367.920 1.831.784 460.000 545.200 545.200 1.831.784 460.000 545.200 545.200 3.819.054 4.262.503 4.575.000 -- 3.913.120 -12.313 -12.313 -3.806 741 -4.262.503 -4.575.000 -3.913.120 -3.806.741 -4.262.503 -4.575.000 -3.913.120 -3.819.054 -4.262.503 .4.575.000 -3.913.120
2.4.3 Ontwikkelingen COVID-19 2020 stond voor een belangrijk stuk in het teken van de uitbraak van het COVID-19-virus. Rogplus heeft om besmettingen te voorkomen vanaf het begin van de uitbraak in maart 2020 de RIVMmaatregelen opgevolgd. Dat betekent in de praktijk dat de meeste medewerkers gedurende 2020 vanuit huis hebben gewerkt. Voorbereiding verhuizing In 2020 is de voorbereiding gestart voor de verhuizing naar het voormalig politiebureau in Maassluis die begin 2021 gerealiseerd is. Deze verhuizing werd ingegeven door ruimtegebrek in het voormalige pand. Daarnaast bleken een aantal ruimtes volgens de ARBO-richtlijnen niet geschikt te zijn als kantoorruimte. Het nieuwe pand aan de Westlandse weg heeft voldoende ruimte, voldoet aan de ARBO-richtlijnen en is voor de medewerkers van Rogplus een fijne nieuwe werkplek. De verbouwing en inrichting van het nieuwe pand zijn in het afgelopen jaar keurig volgens plan verlopen. Verandering organisatiestructuur In 2020 is de organisatiestructuur van Rogplus aangepast. De Organisatie bestaat nu uit twee aparte afdelingen: Een afdeling bedrijfsvoering (die is ontstaan uit de samenvoeging van de eerder bestaande afdelingen Administratie en Bedrijfsvoering) en een afdeling uitvoering. Daarnaast is de directie uitgebreid met een adjunct-directeur.
Met deze veranderingen in de organisatie kan Rogplus beter anticiperen op veranderingen in het sociaal domein. P&O en facilitaire zaken In 2020 is een personeelsadviseur aangesteld waardoor bij P&O in de loop van dat jaar een professionaliseringsslag kon plaatsvinden. Daarnaast was er ook de behoefte om het facilitaire deel van de interne Organisatie verder te ontwikkelen en te professionaliseren. In 2020 is een stafmedewerker facilitaire zaken aan de slag gegaan om het facilitaire deel van de Organisatie op te pakken. Comm 'ant In 2020 heeft Rogplus Comm'ant geïmplementeerd. Met dit programma legt Rogplus haar Administratieve Organisatie vast. De voornaamste processen zijn in 2020 vastgelegd. In 2021 wordt het pakket verder uitgerold en starten de kwaliteitsmedewerkers van Rogplus met procesaudits.
Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus
12
2.5 Algemene dekkingsmiddelen De onderstaande tabel geeft een overzicht van de algemene dekkingsmiddelen. Overzicht algemene dekkingsmiddelen
Re 20201
Lokale heffingen waarn de besteding niet gebonden is
nvt
Algemene Uitkeringen
0
Di'idend
0
Saldo van de financieringsfunctie
0
Saldo compensabele B1W en uitkering uit het B1W compensatiefonds
0
Ohge algemene dekkingsmiddelen
0
-
Ad 2 Algemene Uitkeringen Er zijn door Rogplus geen rechtstreekse baten ontvangen uit het Gemeentefonds. Ad 3 Dividend Rogplus bezit geen aandelen en heeft daarom geen baten in de vorm van dividend ontvangen. Ad 4 Saldo van de financierings functie Er is in 2020 geen beroep gedaan op de kapitaalmarkt. Ad 5 Saldo compensabele btw en de uitkering uit het btw-compensatie fonds Rogplus heeft periodiek een opgave verstrekt aan de drie deelnemende gemeenten van de omzetbelasting die zij aan derden heeft betaald. De gemeenten kunnen, in de visie van het Ministerie, alleen de omzetbelasting op de apparaatskosten verhalen op het btw-compensatiefonds (BCF). Voor zover van toepassing zijn alle vermelde bedragen in de jaarrekening inclusief btw met uitzondering van de apparaatskosten. De btw op de apparaatskosten wordt specifiek aan de MVSgemeenten doorberekend. Ad 6. Overige algemene dekkingsmiddelen Rogplus heeft geen overige dekkingsmiddelen.
Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus
13
3. Paragrafen 3.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 3.1.1 Risicoanalyse Het weerstandsvermogen en risicobeheersing van Rogplus bestaat uit .
•
de relatie tussen: de weerstandscapaciteit: de middelen en mogelijkheden waarover Rogplus beschikt om niet begrote kosten te dekken; alle risico's waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materië le betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie.
Inventarisatie van de weerstandscapaciteit Omdat Rogplus niet beschikt over reserves of andere vormen van eigen vermogen, is de weerstandscapaciteit nihil. Overschrijding van werkelijke kosten ten opzichte van begroting zal leiden tot een tekort. Dit tekort wordt aangevuld door de gemeenten. Zij zijn de feitelijke risicodrager. Wanneer blijkt dat de totale kosten een overschrijding te zien geven, wordt eerst bekeken of via besparingen de kostenoverschrijding beperkt kan worden. Wanneer de overschrijding ten opzichte van de begroting substantieel is, wordt in overleg met de gemeenten een begrotingswijziging in procedure gebracht. Overeenkomstig artikel 11 van de Gemeenschapp elijke Regeling Rogplus NWN worden de werkelijke kosten na afloop van het boekjaar in rekening gebrach t bij de deelnemende gemeenten. Inventarisatie van de risico's Per programma en per begrotingsonderdeel zijn mogelijke risico's geïnven tariseerd. Hierbij is onderscheid gemaakt tussen risico's op een onvoorziene toename in de aantallen verstrekte voorzieningen en risico's op een onvoorziene stijging van de prijs van de voorzieningen. Aantallen: Wanneer er een kans is van minimaal 10% en maximaal 50% dat de actuele begroting significant wordt overschreden als gevolg van een onvoorziene toename van de aantallen voorzieningen is het risico opgenomen in de risicotabel.
Als definitie van significant is 20% van het begrote bedrag gehanteerd bij posten van minder dan € 1 miljoen, 10% van de begroting bij posten tussen € 1 miljoen en € 10 miljoen en 5% boven € 10 miljoen. Hierbij is een minimumbedrag van € 50.000 gehanteerd. De kans' is het percentage dat de mogelijkheid weergeeft dat in het actuele begrotingsjaar het risico zich voordoet. Het risicobedrag is bepaald door het bedrag met de kans te vermenigvuldigen. Prijs: De risicosom van een onvoorziene toename van de prijs wordt bepaald door de als risico aangemerkte toename van de prijs in procentpunten te vermenigvuldig en met de som van het begrote budget waarop het indexpercentage van toepassing is. De totale risicosom bedraagt op basis van de actuele begroting € 1,8 miljoen. De risico's worden gecumuleerd per programma per soort gepresenteerd: Programma Wmo Beschermd Wonen
Soort Meer voorzieningen verstrekt dan voorzien en/of meer cliënten Hogere prijssjging dan voorzien Meer cliënten Beschermd Wonen dan voorzien Hogere prijsshjging dan voorzien
Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus
Risicosom 846.000 728.000 135.000 110.000 1.819.000
14
r
¶!
Beheersmaatregelen Rogplus houdt de ontwikkeling van de aantallen cliënten en de kosten van de Wmo nauwlettend in de gaten. Aan de hand van dashboards en managementrapportages wordt gedurend e het gehele jaar gemonitord of de baten en lasten in de pas blijven lopen met de begroting. Rogplus voert actief contractmanagement met alle grote en middelgrote zorgaanbieders in de regio. Tijdens deze gesprekken wordt de ontwikkeling van de zorgvraag besproken. Ook werkt Rogplus samen met de gemeenten voor het versterken van de positie van voorliggende voorzieningen en het welzijnswerk en wijzen de Wmo-consulenten van Rogplus de cliënten actief op alternatieven voor Wmo-voorzieningen als die voor handen zijn. 3.1.2 Financiële kengetallen De volgende tabel presenteert de financiële kengetallen die gemeenten en gemeens chappelijke regelingen, conform het BBV, op moeten nemen in de begroting en de jaarstukken. Kengetal netto schuldquote netto schuldquote, gecorrigeerd voor verstrekte leningen solvabiliteitsrao structurele exploitaeruimte grondexploitabe belasngcapaciteit •
•
•
31/12/2020 31/12/2019 1,48% 4,47% 1,48% 4,47% 0,00% 10,74% 0,00% 0,00% nvt nvt nvt nvt
Netto schuldQuote. Dit cijfer geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie drukken. Een laag percentage is gunstig. De VNG adviseert om 130% als maximum norm te hanteren en daarboven de schuld af te bouwen. In de situatie van Rogplus ligt dit percentage aanzienlijk lager, omdat Rogplus geen eigen middelen heeft. Rogplus verstrekt geen leningen. De netto schuldquote, gecorrigeerd voor verstrekte leningen is daarom gelijk aan de (niet gecorrigeerde) netto schuldquote. Solvabiliteitsratio. Dit cijfer geeft inzicht in de mate waarin Rogplus in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger dit percentage, hoe gunstiger dit is voor de financiële weerbaarheid. Deze ratio wordt bepaald door het eigen vermogen af te zetten tegen het balanstotaal. Rogplus heeft geen eigen vermogen. De solvabiliteitsratio is daarom nul. Vanwege de wijze waarop Rogplus gefinancierd wordt (de gemeenten betalen het verschil tussen de totale kosten en de eigen bijdragen van cliënten) is een nihil solvabiliteitsratio in het geval van Rogplus niet problematisch. Structurele exploitatieruimte.
Dit cijfer helpt mee om te beoordelen welke structure le ruimte er zijn om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structure le daling van de lasten daarvoor nodig is. Dit kengetal wordt bepaald door het saldo van structure le lasten en baten af te zetten tegen de totale baten. Omdat in het geval van Rogplus de (structurele) lasten en baten aan elkaar gelijk zijn is dit kengetal voor Rogplus per definitie 0 %.
Rogplus exploiteert geen gronden en heft geen belastingen. De kengetallen grondexp loitatie en belastingcapaciteit zijn daarom niet van toepassing voor Rogplus.
3.2 Financiering Algemeen Met ingang van 1 januari 2001 is de Wet financiering decentrale overheden (fido), door de Provincie omgedoopt in financieringsstatuut, van kracht geworden. De treasuryfunctie wordt als volgt gedefinieerd: Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus
15
Het sturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op: de financiële vermogenswaarden, de financiële geidstromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico's. De Stichting is geen openbaar lichaam en is dus niet verplicht tot schatkistbankieren. Kasgeidbeheer In het onderstaande overzicht wordt het renterisico op de korte en lange schuld getoetst aan de wettelijke norm uit hoofde van de Wet fido. Eerste kwartaal Vlottende korte schuld
maand 1 maand 2 maand3
Tweede kwartaal
Derde kwartaal
Vierde kwartaal
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Vlottende middelen
maand 1 maand 2 maand 3
1.338.501 4.765.663 4.930.747
3.099.804 2.615.643 3.606.856
1.901.452 3.519.027 2.371.286
3.813.105 6.465.496 4.647.892
Nettovlottende middelen
maand 1 maand 2 maand 3
1.338.501 4.765.663 4.930.747
3.099.804 2.615.643 3.606.856
1.901.452 3.519.027 2.371.286
3.813.105 6.465.496 4.647.892
Gemiddelde netto vlottende middelen
kwartaal
3.678.304
3.107.434
2.597.255
4.975.498
Kasgeldlimiet 8,50%
6.403.569
6.403,569
6.403.569
6.403.569
Ruimte onder kasgeldlimiet
-2.725.265
-3.296.134
-3.806.313
-1.428.071
In- en externe ontwikkelingen Gezien de manier waarop Rogplus gefinancierd wordt, is in 2020 geen beroep gedaan op de kapitaalmarkt om geldieningeri aan te trekken. De in- en uitgaande kasstromen die voortvloeien uit de normale exploitatie zijn goed te beheersen. De maandelijks voortschrijdende liquiditeits prognose is het voornaamste instrument om het liquiditeitsrisico te beperken. Het liquiditeitsoverscho t is risicoarm uitgezet bij de bank. Omdat de banken in 2020 een negatieve rente hanteren zijn hier wel kosten aan gebonden geweest. Overige De netto vlottende middelen zijn lager dan in 2019, er is minder overschot aan liquide middelen. De meeste zorgaanbieders dienen op tijd hun declaraties in, waardoor het overschot beperkt blijft. In overeenstemming met de BBV-richtlijnen is de kasgeldlimiet 8,50%.
Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogpius
16
3.3 Bedrijfsvoering 3.3.1 Kengetallen Aantal cliënten en voorzieningen Maassluis Schoon Huis ** clienten met recht
2019 VlaarSchiedingen dam
Totaal
Maassluis
2020 VlaarSchiedingen dam
Totaal
clienten aan wie is geleverd
1.083 948
2.723 2.460
2.867 2.515
6,673 5.923
1.196 1.114
2.890 2.714
2.972 2.758
7.058 6.586
Meedoen in de Stad ** clienten met recht clienten aan wie is geleverd
502 392
1.278 1.001
1.183 861
2.963 2.254
532 391
1.315 952
1.220 803
3.067 2.146
Geclusterd Wonen clienten met recht ** clienten aan wie is geleverd
23 18
136 123
208 203
367 344
27 26
132 120
217 204
350
Beschermd wonen clienten met recht clienten aan wie is geleverd
376
472
500
329
348
Rolvoorzieningen en scoofrniobielen ** clienten met recht clienten aan wie is geleverd
693 649
1.618 1.532
1.608 1.500
3,919 3.681
741 698
1.678 1.577
1.653 1.551
4.072 3.826
Woonvoorzieningen * clienten met recht clienten aan wie is geleverd
583 236
1.321 504
1.458 583
3.362 1.323
561 177
1.291 399
1.400 416
3.252 992
Regiotaxi clienten met pas clienten regiotaxi gebruikt
1.925 1.134
4.505 2.729
4.025 2.407
10.455 6.270
1.908 816
4.444 2.085
3.875 1.854
10.227 4.755
2.914 3.262 1.239
6.430 7.810 2.930
6.842 7.343 2.537
16.186 18.415 6.706
3.005
6.953
6.465
16.423
690
1.537
1.257
3.484
2.006
4.927
4.708
11.641
1.920
4.572
4.500
10.992
1.752
4.298
4.278
10.328
2.285
5.460
5.181
12.926
32.796 7.500 22,9%
72.410 15.422 21,3%
78.159 183.135 13.528 36.425 17,3% 19,9%
33.206 7.647 23,0%
73.375 15.573 21,2%
78.752 185.333 13.683 36.903 17,4% 19,9%
**
TOTAAL clienten met recht (2019 exci. HHT) clienten met recht (2019 mcl. HHT) nieuwe clienten met recht clienten aan wie is geleverd en/of regiotaxi gebruiken clienten aan de is geleverd excl. regiotaxi
**
Inwoners (Kenniscenum MVS) Aantal inwoners Aantal inwoners 65+ Percentage 65+
De tabel geeft per voorziening aan hoeveel cliënten in 2020 en 2019 een indicatie voor de voorziening hadden en hoeveel cliënten daadwerkelijk gebruik hebben gemaakt van de voorzienin g. Er zit verschil tussen deze twee indicatoren, omdat niet alle cliënten de indicatie verzilveren. Ter referentie zijn de aantallen cliënten afgezet tegen de totale en de aantallen 65+'ers bevolking in de MVS-gemeenten.
Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus
17
De volgende tabel geeft de leeftijdsverdeling van de cliënten van Rogplus weer. Meer dan 70 procent van de cliënten is 65+. Leeftijd 0-14 15-24 25-44 45-64 65+ Totaal
Maassluis Vlaardingen Schiedam Totaal MVS 34 52 75 161 79 191 195 465 278 621 621 1520 486 1.065 1.139 2.690 2.128 5.024 4.435 11.587 3.005 6.953 6.465 16.423
Cliënten kunnen tegelijkertijd indicaties voor verschillende voorzieningen hebben en tegelijkertijd meerdere voorzieningen gebruiken. De volgende tabel geeft weer voor hoeveel verschillende voorzieningen cliënten een indicatie hebben. Aantal Maassluis Vlaardingen Schiedam Totaal MVS 1 1.638 3.674 3.241 8.553 2 830 2.029 1.890 4.749 3 368 876 863 2.107 4 154 334 407 895 5 15 40 62 117 6 ofmeer 2 2 Totaal 3.005 6.953 6.465 16.423 De volgende tabel geeft weer op welke (combinatie van) soorten voorzieningen de cliënten een beroep hebben gedaan in 2020. Voorziening Maassluis Vlaardingen Schiedam Totaal MVS Hulpmiddelen 256 556 593 1.405 Hulpmiddelen+regiotaxi 269 584 453 1.306 Regiotaxi 788 1.756 1.280 3.824 Zorg 743 1.708 1.758 4.209 Zorg+hulpmiddelen 98 245 239 582 Zorg+hulpmiddelen+regiotaxi 333 821 888 2.042 Zorg+regiotaxi 518 1.283 1.254 3.055 Totaal 6.953 6,465 16.423 - 3.005 Regiotaxi Het vervoer van cliënten met de Regiotaxi is sterk beïnvloed door de COVlD-19-pandemie en de coronamaatregelen. De Regiotaxi werd in 2020 uitgevoerd door Noot Touringcar B.V. In 2020 heeft Regiotaxi 126.375 ritten gereden (2019: 217.153 ritten), een daling van 41,8%. Het vervoer van het aantal personen over 2020 kwam uit op 143.788 tegenover 252.855 personen in 2019, een afname van 43,1%. De kwaliteit van het vervoer over 2020 was goed.
De score van het op tijd rijden is gemiddeld 96,9% (over 2019 was de score 95,0%). De volgende grafiek maakt duidelijk dat de COVlD-19-pandemie het gebruik van de Regiotaxi ernstig beïnvloedt. Tot medio maart 2020 werden er ongeveer 4.500 ritten per week gemaakt door de Regiotaxi. Tijdens de eerste lockdown in 2020 werden er nog enkele honderden ritten per week gemaakt en eind 2020 lijkt het aantal ritten zich ongeveer te stabiliseren rond de 2.000 â 2.500 ritten per week.
Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus
18
Rtten Regiotaxi Waterweg 2020 6707
5000
c
0)
('3
1000
IIIIIIIIIIII 1 2 3
5 E 7 S 9 12121213 31151617181920212223242525272829323132333435353730354741
fflfflflffl
121314151547151950515253
Wee kn u mme r Regeling Tegemoetkoming meerkosten In 2020 zijn ruim 3000 aanvragen voor tegemoetkoming meerkosten verwerkt. Dit betreft de aanvragen die in het kalenderjaar 2020 zijn gedaan. Aanvragen met betrekking op 2020 kunnen tot juni 2021 in worden gediend. regemoetkoming meerkosten Maassluis Vlaardingen Schiedam Totaal MVS Eigen risico 232 528 543 1.303 Langdurige indicate 305 817 856 1.978 Totaal 537 1.345 1.399 3.281 Aantal beschikkin gen De volgende tabel geeft weer hoeveel beschikkingen Rogplus in 2020 zijn verstrekt. Voorziening Huishoudelijke hulp (Schoon Huis) Scootmobielen en rolvoorzieningen Begeleiding (Meedoen in de Stad) Regelingen Regiotaxi Wonen Aanvullende alg. vz. Schoon Huis Beschermd vionen Geclusterd wonen Totaal Afgewezen
Maassluis Vlaardingen Schiedam Totaal MVS 1.144 2.762 2.748 6.654 989 2.193 2.130 5.312 820 2.029 1.823 4.672 603 1.280 1.435 3.318 445 1.072 997 2.514 187 492 474 1.153 151 326 357 834 73 132 166 371 7 33 72 112 4.419 10.319 10.202 24.940 110
245
292
6471
Doorlooptijd beschikkin gen Het uitgangspunt van Rogplus is zo snel mogelijk de melding of aanvraag af te handelen. Als uit het gespreksverslag blijkt dat een maatwerkvoorziening een oplossing kan bieden voor de hulpvraag dient binnen twee weken na ontvangst van de aanvraag de beschikking afgegeven te worden. De tabel hieronder geeft de gemiddelde doorlooptijd per voorziening of regeling in dagen. Het gewogen gemiddelde van de doorlooptijd is bijna 8 werkdagen. Dit is binnen de termijn van twee weken. Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus
19
Voorziening / Regeling
Dagen
Aanvullende alg. vz. Schoon Huis Huishoudelijke hulp (Schoon Huis) Regiotaxi Scootniobielen en rolvoorzieningen Beschermd wonen Begeleiding (Meedoen in de Stad) Geclusterd wonen Wonen Regelingen
1,3 1,9 3,1 3,5 4,8 5,1 9,7 23,7 29,5
Klachten Klachten worden verdeeld in twee groepen; interne en externe klachten. Interne klachten betreffen de eigen Organisatie en externe klachten hebben betrekking op producten en dienstver lening van de gecontracteerde aanbieders. De kwaliteitsmedewerkers handelen de interne klachten af volgens de wettelijke regels van de AWB. Klachten over gecontracteerde aanbieders worden door de gecontracteerde aanbieders volgens het eigen klachtenprotocol afgehandeld. De kwaliteitsmedewerkers van Rogplus volgen en registreren de klacht; indien nodig wordt er bemiddeld. Een informele klacht wordt mondeling of per email ingediend en een formele klacht wordt schriftelijk ingediend en voorzien van een handtekening. Beide worden conform de wettelijke regels van de AWB afgehandeld.
Klachten
Intern: ROGpIus 2019 2020
Formele klachten Informele klachten Totaal:
9 39 48
11 41 52
Extern: aanbieders 2019 2020 7 251 258
1 155 156
In 2020 zijn 52 klachten (11 formeel en 41 informeel) over Rogplus ontvangen ten opzichte van 48 klachten (9 formeel en 39 informeel) in 2019. Van de 11 formele klachten waren er4 gegrond, 1 gedeeltelijk gegrond en 6 ongegrond. Bij de formele klachten zien we dat lang wachten op de voorziening, afwijzing van de aanvraag en gevoel van onjuiste bejegening naar de cliënt het meest voorkomen. Gezien het groot aantal wijzigingen in beleid, contractpartijen en de uitgevoer de herindicaties kon verwacht worden dat het aantal klachten en/of bezwaren zou gaan toenemen in 2020. Dit is ook aan de cijfers te zien, al betreft het wel een minimale toename in verhoudin g tot de omvang van de herindicatietrajecten. In 2020 zijn 156 klachten (1 formeel en 155 informeel) over gecontracteerde aanbiede rs ontvangen ten opzichte van 258 (7 formeel en 251 informeel) in 2019. Bij de meeste aanbiede rs is het aantal klachten afgenomen ten opzichte van vorig jaar. Het grootste deel van de klachten heeft betrekking op drie grote gecontracteerde aanbieders die elk veel klantcontacten hebben: Tzorg (huishoud elijke hulp), Welzorg (rolvoorzieningen) en Noot (Regiotaxi). De aanbieders met percentue el de meeste klachten waren thuiszorgaanbieders Aafje en Axxicom en het eerdergenoemde Welzorg.
Met uitzondering van deze drie geldt voor alle aanbieders dat ten opzichte van het totaal aantal cliënten minder dan 1 % een klacht heeft ingediend. Met de contractanten zijn deze uitkomste n besproken en wordt gemonitord of de dienstverlening verbetert.
Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus
20
Beroep en bezwaar Het aantal in 2020 ingediende bezwaarschriften is ten opzichte van 2019 met bijna 90% gestegen, van 95 bezwaarschriften in 2019 naar 179 bezwaarschriften in 2020. In 2020 is tegen 0,7% van het totaal aantal beschikkingen een bezwaarschrift ingediend. In 2019 was dit ook 0,7%. De meeste bezwaarschriften, ruim 35%, zijn ingediend tegen beschikkingen voor huishoudelijke hulp, gevolgd door circa 16% bezwaarschriften tegen een beschikking met betrekking tot de tegemoetkoming in de meerkosten en ook circa 16% beschikkingen voor begeleiding bij sociaal en persoonlijk functioneren. Van de 179 ingediende bezwaarschriften in 2020 is 9,5% (gedeeltelijk) gegrond verklaard, 57,5% ongegrond verklaard, 14,5% ingetrokken en 10,1% niet ontvankelijk verklaard. De resterende 8,4% van de ingediende bezwaarschriften is nog in behandeling. In 2020 zijn 31 beroepschriften ingediend tegen negen beroepschriften meer in 2019. Veertien hiervan zijn nog in behandeling. Twee beroepschriften zijn niet-ontvankelijk verklaard, één beroepschrift is gegrond verklaard, twaalf beroepschriften zijn ongegrond verklaard en twee beroepschriften zijn ingetrokken. Ook zijn in 2020 vier hoger beroepschriften ingediend, waarvan er twee ongegrond zijn verklaard en er twee nog in behandeling zijn.
3.3.2 Personeel en Organisatie Een overzicht van de bezetting per 31-12-2020 geeft het volgende beeld: Afdeling Directe Staf Administrae Bedrijfsvoering Uitvoering Totaal
Aantal
Fte 1,0 8,0 14,0 19,0 54,0 96,0
1,0 6,8 12,8 16,2 45,5 82,3
Naast de vaste formatie waren aan het einde van 2020 4,98 fte werkzaam vanuit externe bureaus. De extra inhuur hangt voor het overgrote deel samen met de hoge werkdruk op een aantal afdelingen (onder andere door de herindicatietrajecten) en vervanging van langdurige zieken. Werken in Coronatijd Vanaf half maart 2020 dwingt de coronacrisis de werknemers tot zoveel mogelijk thuiswerken. Om ervoor te zorgen dat de coronamaatregelen tijdig en goed worden doorgevoerd, is per media april 2020 een werkgroep opgericht. Zij adviseert het MT aangaande alle coronamaatregelen. Tevens heeft de werkgroep een coronaprotocol opgesteld waarin onder andere afspraken zijn gemaakt over de bezetting, inrichting van de thuiswerkplek, huisbezoeken en intakes, besmetting en quarantaineperiode en de psychosociale aspecten van het thuiswerken. Nieuwe topstructuur Rogplus In het 3e kwartaal van 2020 is de invoering van een nieuwe topstructuur vastgesteld. De implementa tie hiervan liep van het vierde kwartaal 2020 tot en met het eerste kwartaal van 2021. De nieuwe topstructuur bestaat uit: een Directeur, een Adjunct-Directeur met speciale aandacht voor Innovatie & Ontwikkeling, een Manager Uitvoering met drie Teamleiders en een Manager Bedrijfsvoering met twee Teamleiders. Door deze wijziging kan Rogplus meer focus aanbrengen op de strategische en innovatieve projecten.
Daarnaast zal de nieuwe topstructuur ook betere resultaten op het gebied van transformatie van de sociale infrastructuur opleveren en een structurele beheersing van de kosten.
Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus
21
Strategisch P&O beleid In 2020 is een start gemaakt om de gewenste cultuurverandering door te vertalen in het (strategisch) P&O-beleid en de daarbij behorende instrumenten. Onderdeel hiervan is het opleidingsbeleid. Dit beleid sluit onder andere aan op de Organisatie- en talentontwikkeli ng binnen Rogplus. Huisvesting In 2020 zijn alle voorbereidingen getroffen om in maart 2021 te verhuizen naar het voormalige politiebureau in Maassluis. Het pand bevindt zich in dezelfde gemeen te, is groot genoeg voor het huidige aantal werknemers, biedt ruimte voor groei en is goed bereikb aar met het openbaar vervoer. Ziekteverzuim Een overzicht van het ziekteverzuim over 2020 geeft het volgend Afdeling Direce Stafiureau Adminisfrae Bedrijvoering Uitvoering Totaal
e beeld. Exclusief zwangerschap Inclusief zwangerschap 2019 2020 2019 2020 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 1,82% 10,87% 1,82% 10,87% 5,34% 1,51% 5,35% 1,51% 5,02% 5,11% 5,02% 5,11% 5,91% 6,70% 5,21% 6,78% 4,23% 5,77% 5,85% 5,81%
Er is in 2020 nauwelijks sprake van kortdurend en middel lang verzuim. Het verzuimpercentage bestaat met name uit lang verzuim. Kijkend naar 2019 is het verzuim percentage in 2020 iets toegenomen. Dit is hoofdzakelijk het gevolg van enkele langlop ende ziektetrajecten. 3.3.3 Informatisering en automatisering De voornaamste applicatie die bij Rogplus in gebruik is, is het cliëntvo igsysteem Rondom. Rondom wordt niet alleen door medewerkers van Rogplus gebruikt, maar ook onder meer door medewerkers van de wijkteams in de MVS-gemeenten en de ondersteunende teams die vanuit de gemeenten actief zijn op de scholen in de regio. Rogplus verzorgt het applicatiebehe er van Rondom voor alle gebruikers en werkt hierin nauw samen met Zorgned, de leverancier van Rondom . Rogplus draagt zorg voor de heipdeskondersteuning voor de gebruikers van Rondom, voorzie t in stuurinformatie voor de wijkteams en plaatst de door de gemeenten ingekochte zorgarrangementen jeugd in de informatievoorziening. Daarnaast verzorgt Rogplus de opleiding en training van medew erkers van de wijkteams, draagt Rogplus zorg voor benodigde koppelingen op gebied van gegeve nsuitwisseling en genereert Rogplus managementgegevens. In 2020 is Rondom regelmatig geactua liseerd en uitgebreid met nieuwe modules, zoals iEB, waarmee gegevens geautomatiseerd uit kunnen worden gewisseld tussen Rogplus en het CAK.
Ook in 2020 is de IT-infrastructuur van Rogplus grotendeels beheer d door een externe partij, Ormer Solutions. Rogplus werkt nagenoeg volledige 'in the cloud' en maakt hiervoor gebruik van Azure, de cloud-omgeving van Microsoft. Het telefoniesysteem is in de loop van het jaar ondergebracht bij een nieuwe leverancier: VTM uit Maasdijk. In 2020 is Rogplus een Europe es aanbestedingstraject gestart voor de levering van haar ICT- en telecommunicatiediensten. Sinds de komst van de coronamaatregelen werken de meeste medewerkers van Rogplus vanuit huis. De omschakeling van werken op kantoor naar werken thuis is bij Rogplus zonder noemenswaardige problemen verlopen. De medewerkers konden hun werkzaamhede n vanuit huis doen, terwijl cliënten Rogplus telefonisch en digitaal konden blijven bereiken.
Voorlopige Jaarstukken 2020 Rogplus
22
3.3.4 Privacy en informatiebeveiliging Op 25 mei 2018 is de AVG (Algemene Verordening Gegevensbescherming) in werking getreden. Als voorbereiding hierop zijn de Functionaris Informatiebeveiliging en Functionaris Gegeven sbescherming aan de slag gegaan met deze nieuwe wetgeving. Rogplus heeft in 2017 een verwerkingenregister opgesteld. Deze is sindsdien bijgewerk t met alle nieuwe verwerkingen. Jaarlijks wordt er samen met de verantwoordelijke medewer kers getoetst of het verwerkingenregister nog kloppend is en of er eventuele nieuwe verwerkingen zijn. Rogplus heeft ook in 2020 actief ingezet om de privacy- en security awareness onder haar medewerkers te vergroten. Als gevolg van de coronamaatregelen is dit voornamelijk digitaal en op afstand gebeurd. Binnen Rogplus is het waarneembaar dat de medewerkers zich steeds bewuster zijn van de risico's van privacy en informatiebeveiliging. Deze bewustwording is erg belangrijk en hier zal dan ook blijvend aandacht aan worden besteed. In 2018 heeft Rogplus een 'loggingbeleid' opgesteld. Sindsdien is dit beleid actief toegepas t. Onder logging wordt hier verstaan het geautomatiseerd vastleggen, opslaan en analysere n van gebeurtenissen, met name in systemen. In dit beleid zijn de randvoorwaarden en de rechten en plichten vastgelegd voor zowel medewerkers waarbij gelogd wordt als de uitvoeren den van de logging.