CConstaterende datMaassluis
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Werkgroepen

Thema-avond 1 29 juni 2021, gemeente MaassluisBij agendapunt: 20.00-22.00 uur: Stand van zaken implementatie en Omgevingswet/ Participatie Omgevingswet1.318 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BIJLAGE 1: WERKGROEPEN Werkgroep DSO (digitaal stelsel Omgevingswet) Met een digitaal systeem wil de Omgevingswet het indienen en kunnen ontvangen van aanvragen en het raadplegen van digitale plannen eenvoudiger maken. Daarvoor dient het DSO. Met het DSO kunnen we: • aanvragen en meldingen digitaal ontvangen conform de STAM (standaard (Standaard informatiemodel voor aanvragen en meldingen); • Indieningsvereisten aanleveren, die zijn opgebouwd uit toepasbare regels (o.a. voor de vergunningcheck) conform de STOP standaard (standaard voor officiële publicaties) • Wijzigen en kunnen raadplegen van het omgevingsplan en ontsluiten via DSO-LV (Digitaal stelsel Omgevingswet-Landelijke voorziening), conform de TPOD standaard (Toepassingsprofielen omgevingsdocumenten). Hiervoor dient specifieke software te worden aangeschaft en geïmplementeerd te worden. Vervolgens kan hiermee worden geoefend om zo klaar te zijn voor inwerkingtreding van de Omgevingswet. Planning De software voor het omgevingsplan en de toepasbare regels is eind 2020 aangeschaft. Voor de zomer is een start gemaakt met de implementatie ervan. Na de zomervakantie kan daarmee worden geoefend. Een keuze voor de software voor (vergunning)aanvragen en meldingen vindt voor de zomervakantie plaats. Na de zomer wordt gestart met de implementatie, waarna aansluitend (najaar) met de software kan worden geoefend.

Werkgroep proces vergunningverlening Onder de Omgevingswet veranderen met name de procedures voor vergunningverlening. Kort gezegd komt het erop neer dat bijna alle vergunningen in 8 weken moeten worden verleend in plaats van nu in 26 weken. Dat betekent dat de tijd voor het beoordelen van een aanvraag, het inwinnen van advies bij onze ketenpartners, het eventueel inwinnen van advies bij externen en de besluitvorming hierover in een krap tijdsbestek moet plaats vinden. Daarnaast moet het proces ook digitaal ontsloten worden via het DSO. Dat betekent dat het vergunningverleningsproces anders moet worden ingericht, waarbij voorbereiding en afstemming moeten plaatsvinden voordat de officiële termijn van 8 weken in gaat. Afstemming hierover met ketenpartners vindt ook plaats via het Rijnmondberaad. Onderdeel van het nieuwe proces is het ontwikkelen van vragenbomen, waarbij de aanvrager via het digitaal stellen van vragen weet aan welke indieningsvereisten moet worden voldaan. Met de inwerkingtreding van de Wet kwaliteitsborging (Wkb) komt de gemeentelijke taak om toezicht te houden op het technische deel van de bouwactiviteiten te vervallen. Wat de betekenis hiervan is voor Maassluis, wordt via een zogenaamde Wkb-scan onderzocht. Hierover moeten onder meer afspraken worden gemaakt met uitvoeringsdiensten en private partijen.

Ook kan toezicht en handhaving veranderen, afhankelijk van de wijze waarop we in de toekomst ontwikkelingen willen aansturen als gemeente. Maken we in het omgevingsplan veel rechtstreeks mogelijk, hoeven er minder vergunningen te worden verleend, maar zal meer moeten worden toegezien op het naleven van de algemene regels. In dat geval ligt er meer nadruk op toezicht en handhaving. Als er daarentegen veel via het vergunningenspoor wordt geregeld, vindt het toezicht veel meer bij de vergunningverlening zelf plaats. Keuzes hieromtrent worden pas gemaakt als wordt gestart met het opstellen van het omgevingsplan. Dat was in het ambitiedocument voorzien in 2024.

1

Omdat het nu nog niet inzichtelijk is of het handhavingsbeleid hiervoor moet worden aangepast, is besluitvorming hierover in het planningsschema vooralsnog tussen haakjes aangegeven. De nieuwe werkprocessen voor vergunningverlening moeten worden gekoppeld aan het DSO (zie onder werkgroep DSO). Ook moeten we uitproberen of de nieuwe processen zo werken zoals we dat bedoelen en moeten deze zo nodig worden aangepast. Hiervoor is rekening gehouden met een oefenperiode. Planning Het inrichten van het nieuwe proces voor vergunningverlening wordt rond de zomer afgerond, evenals de werkzaamheden met het oog op de inwerkingtreding van de Wkb. De afronding van de vragenbomen volgt een maand later. Het nieuwe proces voor vergunningverlening is met ketenpartners besproken en zal vervolgens worden geformaliseerd (Q3/4). Mogelijke gevolgen en aanpassing van handhavingsbeleid speelt in Q3/4 van 2021. De eerste helft van 2022 is gereserveerd voor het oefenen met de nieuwe processen en – software, waarna zo nodig nog aanpassingen kunnen plaats vinden. Werkgroep Juridische voorbereiding De werkgroep Juridische voorbereiding houdt zich met een breed scala van juridische onderwerpen bezig. Het meest veelomvattend zijn die voorbereidingen die te maken hebben met het omgevingsplan, de opvolger van het bestemmingsplan.

Als de Omgevingswet in werking treedt, zijn alle bestemmingsplannen, aangevuld met de bruidsschat, van rechtswege het omgevingsplan van de gemeente geworden. De gemeente moet vanaf dat moment in staat zijn dat omgevingsplan van rechtswege ook te kunnen wijzigen. Op termijn (voor 2030) moet de gemeente een omgevingsplan hebben dat aan alle wettelijke vereisten voldoet. In het ambitiedocument is aangegeven dat we hiermee in 2024 starten. Als met het gebiedsdekkende omgevingsplan wordt gestart, moeten ook alle verordeningen die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving worden opgenomen in het omgevingsplan en wordt daarom eveneens vanaf 2024 opgepakt. Het voorkeursrecht gemeenten, kostenverhaal en nadeelcompensatie (voorheen planschade) wordt met de inwerkingtreding van de Omgevingswet ook anders. Vanaf Q3 2021 zal hierover kennis worden verworven en moeten procedurele en juridische wijzigingen worden doorgevoerd. Ook moet worden bezien of de procedureverordening planschade moet worden geactualiseerd. In dat geval moet hierover ook een raadsbesluit worden genomen. Aanpassingen door de stelselwijziging moeten in het legesmodel worden verwerkt. Dit is een reguliere periodieke activiteit voor het team dat de legesverordening beheert.

Hierbij moet in ieder geval worden gekeken naar de milieubelastende activiteit, het bijbehorend bouwwerk, brandveilig gebruik, de gevolgen van de Wkb en (in een latere fase) de gevolgen van al dan niet dereguleren (zie ook onder werkgroep proces vergunningverlening). Ook de mandaatregelingen dienen te worden aangepast, zoals dit algemeen gebruikelijk is bij de invoering van nieuwe wetgeving. Beide zijn sluitstukken van het implementatietraject. De gemeente moet voor inwerkingtreding van de Omgevingswet een commissie hebben ingesteld die adviseert over aanvragen van een omgevingsvergunning voor een Rijksmonument (gemeentelijke adviescommissie ruimtelijke kwaliteit). Het is aan de gemeente of zij ook andere adviesrollen aan deze commissie willen toedichten.

2

Onder de Omgevingswet heeft de raad een adviesrecht voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten (het afwijken van het omgevingsplan via de procedure van een omgevingsvergunning. Normaal gesproken de bevoegdheid van het college). De gemeenteraad stelt hiervoor een positieve lijst van activiteiten vast die hieronder vallen. Dit onderwerp schuurt dicht langs het onderwerp participatie en zeggenschap. Het is logisch dit in volgorde te laten aansluiten op het onderwerp participatie (zie ook volgende werkgroep) en dit in december 2021 in de raad vast te stellen. Planning Het kunnen wijzigen van het omgevingsplan: Q4 2021. Voorkeursrecht gemeente en kostenverhaal: Q3 2021. Actualisatie procedureverandering planschade: indien nodig, eind Q4 2021. Legesverordening en mandaatregeling: Q2 2022. Gemeentelijke commissie ruimtelijke kwaliteit instellen: Q1 2022. Adviesrecht buitenplanse OPA: december 2021 Werkgroep participatie en communicatie In het ambitiedocument heeft de gemeente zich uitgesproken over haar ambitie met betrekking tot participatie. Deze ambitie zou verder uitgewerkt worden, met name als het gaat over de verantwoordelijkheid van initiatiefnemers om zelf de omgevingsdialoog te organiseren. Dit is niet in de Wet geregeld, maar wordt aan de lokale overheid (i.c. de gemeente) overgelaten.

De werkgroep participatie en communicatie heeft deze ambitie verder uitgewerkt in een leidraad, waarin handvatten worden aangereikt voor bijvoorbeeld een omgevingsdialoog. Ook worden de eisen weergegeven waar de omgevingsdialoog minimaal aan moet voldoen. Op vergelijkbare wijze is in de leidraad uitgewerkt waar participatie van projecten van de gemeente zelf aan moet voldoen. Het onderwerp participatie wordt in de themaraad van 29 juni eveneens besproken (2e deel). Mede op basis van de opbrengst van deze bespreking wordt de leidraad na de zomervakantie aan de raad voorgelegd ter vaststelling. Werkgroep omgevingsvisie Bij het vaststellen van het ambitiedocument, was het de bedoeling om eveneens de (start van de) omgevingsvisie voor te bereiden. We hebben prioriteit gegeven aan de werkgroepen DSO, proces vergunningverlening en juridische voorbereiding, omdat in deze werkgroepen acties worden voorbereid die bij de inwerkingtreding van de omgevingswet gereed moeten zijn. Tot voor kort was dat 1 januari 2022. Hierdoor konden we onvoldoende capaciteit mobiliseren om het omgevingsvisietraject goed voor te bereiden. Ook omdat de huidige structuurvisie op veel onderdelen nog voldoet en omdat de omgevingsvisie formeel pas in 2024 gereed hoeft te zijn, zijn de voorbereidingen voorlopig ‘on hold’ gezet.

3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10314378/1