CConstaterende datMaassluis
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Jaarverslag VRR 2020

gemeenteraad 8 juni 2021, gemeente MaassluisBij agendapunt: Raadsvoorstel tot instemmen met de 1e begrotingswijziging 2021 en begroting 2022 VRR29.641 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Jaarverslag 2020 Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

37 / 120

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Na invoering van de wet zal afgewacht moeten worden of de effectiviteit van risicobeheersingstaken hetzelfde blijft of verbetert. Indien er een verslechtering optreedt, zal dit uiteindelijk leiden tot een toename van incidenten. Gezien bovenstaande verwachtingen lijkt het erop dat er een stijging in de kosten zal komen door de invoering van de omgevingswet. In de meerjarenraming is vooralsnog geen rekening gehouden met eventuele meerkosten als gevolg van de inwerkingtreding van de nieuwe wetgeving. Momenteel wordt het risicogericht werken in het kader van de Omgevingswet meegenomen in de bestuurlijke discussie over de taak, rol en gewenste ambitieniveau van de VRR (Ontwikkelagenda). Spreiding en beschikbaarheid ambulancezorg Jaarlijks wordt onderhandeld met zorgverzekeraars over de budgetten inzake spreiding en beschikbaarheid van de ambulancezorg. Het risico bestaat dat de VRR de gemaakte afspraken met de zorgverzekeraars over de spreiding en beschikbaarheid van de ambulancezorg niet kan nakomen. Een mogelijk gevolg is dat de zorgverzekeraars een (straf)korting hanteren als maatregel, waardoor de budgetten niet toereikend zijn voor de VRR.

De afspraken die door ARR met de zorgverzekeraars zijn gemaakt moeten worden gezien in het licht van de COVID-19 crisis die de samenleving en de gezondheidszorg sinds maart 2020 in zijn greep houdt. Als gevolg van de COVID-19 crisis staat de zorg en dus ook de ambulancezorg onder druk. Ondanks deze druk zijn de prestaties en het aantal geleverde diensten over heel 2020 redelijk op niveau gebleven. Het aantal geleverde diensten per week is marginaal lager dan het aantal diensten dat met de zorgverzekeraars is overeengekomen. De verwachting is dat er vanwege de bijzondere omstandigheden van de COVID-19 pandemie geen korting op het budget door de zorgverzekeraars zal plaatsvinden. Gevolgen van (veranderde) wet- en regelgeving niet tijdig op kunnen vangen De VRR heeft bij de uitvoering van haar taken te maken met diverse wetten en regels. Hoewel medewerkers voortdurend worden opgeleid en informatie wordt uitgewisseld met diverse netwerken, bestaat het risico dat niet altijd is voldaan aan relevante wet- en regelgeving. In het afgelopen jaar heeft de VRR niet te maken gehad met (veranderde) wet- en regelgeving die niet tijdig kon worden opgevangen. Vertraagd tempo en of onvoldoende aanpassing bijdragen t.b.v. kostenontwikkeling Bij dit risico gaat het om kostenstijgingen waarmee de VRR te maken krijgt.

De VRR zal deze kostenstijgingen eerst zelf moeten betalen en wordt later (deels) gecompenseerd via de bijdragen van de stakeholders. Aanbesteding ambulancevervoer Vanaf 1 januari 2021 zijn de activiteiten en vergunning van de Coöperatie Ambulancezorg Rotterdam-Rijnmond (AZRR) overgegaan naar de VRR. De AZRR was voorheen door de minister van VWS aangewezen om in de regio Rotterdam-Rijnmond de ambulancezorg te leveren. Naast het spoedvervoer was de AZRR ook verantwoordelijk voor het besteld vervoer binnen de regio. De ambulancezorg gaat verder onder de naam Ambulancezorg Rotterdam-Rijnmond (ARR). Hiermee is een stap gezet in de vorming van één zorgorganisatie die zal bijdragen aan een efficiëntere en kwalitatief hogere zorgverlening. In 2020 is de Wet Ambulancevoorzieningen aangenomen. Het doel van de wet is zekerheid bieden over ambulancezorg in de toekomst en zet dan ook in op continuïteit en kwaliteit. Per regio krijgt de huidige aanbieder het recht en tevens de plicht om ambulancezorg te leveren. Dat wordt een aanwijzing voor onbepaalde tijd. Kwaliteitsnormen hebben een expliciete plek in de Wet Ambulancevoorzieningen. De ambulancezorg wordt aangemerkt als niet-economische dienst van algemeen belang.

De overheid bepaalt de regio-indeling, wijst één aanbieder aan en bepaalt de budgetten, tarieven, stelt eisen aan het bestuur, intern toezicht en transparantie van de aanbieder en legt de kwaliteitseisen vast. De aanbieder heeft het alleenrecht op het leveren van de ambulancezorg maar ook de plicht om kwalitatief goede en tijdige zorg te leveren. De twee grootste verzekeraars in de regio blijven, zoals in de huidige situatie, zorg inkopen bij de aangewezen aanbieder en hebben de plicht om voldoende spoedeisende en niet spoedeisende (of planbare) ambulancezorg in te kopen voor hun verzekerden.

Jaarverslag 2020 Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

38 / 120

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Invoering van de Wnra en het risico dat de vrijwilligersstatus bij de brandweer vervalt (deeltijdregeling) Met de komst van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (Wnra) zijn de arbeidsvoorwaarden van de gemeentelijke sector geregeld in de cao-gemeenten / Cao Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties. Voor de veiligheidsregio’s is tijdelijk een uitzondering gemaakt en is de huidige publiekrechtelijke regeling van arbeidsvoorwaarden (CAR-UWO) nog steeds van kracht. Verwacht wordt dat de afspraken met de VNG met een jaar kunnen worden verlengd en dat de CAR-UWO tot en met 2021 wordt bijgehouden, maar in de toekomst zullen de veiligheidsregio’s zelf hun arbeidsvoorwaarden vorm moeten geven. Het Veiligheidsberaad heeft in september het principebesluit genomen tot het oprichten van de werkgeversvereniging Samenwerkende Veiligheidsregio’s die namens de besturen van de veiligheidsregio’s onderhandelt met de werknemersorganisaties en bindende afspraken maakt over arbeidsvoorwaarden voor het personeel van de veiligheidsregio’s (medewerkers in dienst bij de sector ambulancezorg vallen hier niet onder). Het Algemeen Bestuur van de VRR moet het besluit tot deelname aan deze werkgeversvereniging nemen. Het ontwerpbesluit ligt momenteel voor bij de gemeenten, zodat zij hun zienswijze hierover kunnen geven.

Indien blijkt dat de consequenties van de invoering van de Wnra leiden tot een stijging van de inwonerbijdragen, dan zal deze stijging per gemeente worden berekend naar rato van de bijdrage basis brandweerzorg. Deeltijdregeling Ten aanzien van onze brandweervrijwilligers is inmiddels duidelijk dat de huidige rechtspositieregeling op grond van de deeltijdrichtlijn juridisch niet meer houdbaar is. Dit betekent dat de brandweervrijwilliger in zijn huidige vorm niet kan blijven bestaan. Vanuit de landelijke denktank is er een oplossingsrichting geboden die uitgaat van een fundamenteel onderscheid in taken tussen een vrijwilliger en een beroepsmedewerker. Op dit moment wordt deze oplossingsrichting verkend. Er wordt toegewerkt naar een wijziging in de brandweerorganisatie waarbij de belangen van de vrijwilligers de beroepsmedewerkers, de organisatie als geheel en de burgers van Rotterdam-Rijnmond worden meegewogen. Landelijk vindt onderzoek plaats hoe hiermee omgegaan kan worden. De uitkomsten van dit onderzoek zouden in het najaar bekend zijn, maar dit is door onder andere de coronacrisis vertraagd. Naar verwachting zullen de uitkomsten in februari 2021 bekend zijn. Op basis van een landelijk rekenmodel (Brandweer Nederland en RCDV) is er nu bedrag opgenomen in de bovenstaande tabel.

Omdat het een model betreft en het proces rondom de deeltijdregeling nog niet is uitgelopen moet het genoemde bedrag als een vroege schatting worden gezien. Uitgangspunt is om vanuit een landelijke aanpak te komen tot een vergoeding vanuit het Rijk voor de consequenties van de deeltijdregeling. Alarmering bevolking Eind 2019 heeft de minister van Veiligheid & Justitie aan de Tweede Kamer laten weten dat het besluit om het luchtalarm per 1 januari 2022 uit te faseren is uitgesteld naar eind 2020. Oorspronkelijk was het de bedoeling dat het luchtalarm per 1 januari 2020 zou verdwijnen en vervangen zou worden door andere communicatiemiddelen zoals NL-Alert, calamiteitenzenders en sociale media. Er wordt momenteel gewerkt aan het verbeteren van het digitale alarmsysteem NL-alert in de grensgebieden. Voorlopig blijft het waarschuwings- en alarmeringssysteem (WAS) in gebruik. Een aantal veiligheidsregio’s waaronder de VRR is in overleg met de minister om sirenes in de buurt van chemisch-industriële complexen over te nemen, zodat de werking van deze sirenes ook na de uitfasering kan worden gegarandeerd. Op het moment van schrijven was er nog geen voorstel ingediend over de uitfasering van het Waarschuwingsen Alarmsysteem. Personele capaciteit brandweer De VRR bouwt in grote delen van de regio op brandweervrijwilligers om haar burgers te voorzien van brandweerzorg.

Zij vervullen een kritieke taak in een zeer omvangrijk deel van de veiligheidsregio en doen dat 24 uur per dag, 365 dagen in het jaar. Het kost de veiligheidsregio’s de laatste jaren meer moeite om voldoende vrijwilligers te werven en te behouden die overdag beschikbaar zijn, vooral in kleinere dorpskernen is het steeds lastiger om 24 uur per dag, 7 dagen in de week de paraatheid te garanderen. De dekking staat hierdoor onder druk. De VRR heeft als prioriteit om de dekking op niveau te krijgen en te houden en denkt na over andere vormen en manieren van brandweerzorg.

Jaarverslag 2020 Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

39 / 120

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Een van de onderwerpen die hierbij speelt is dat de positie van de brandweervrijwilligers op grond van de deeltijdrichtlijn juridisch niet meer houdbaar is. Landelijk wordt onderzocht of een fundamenteel onderscheid in taken tussen een vrijwilliger en een beroepsmedewerker hiervoor een oplossing biedt. De uitkomsten van dit onderzoek zouden in het najaar bekend zijn, maar dit is door onder andere de coronacrisis vertraagd. Naar verwachting zullen de uitkomsten in februari 2021 bekend zijn. Vooralsnog wordt geen rekening gehouden met eventuele meerkosten bij de brandweer als gevolg van deze taakdifferentiatie. Wel is dit als risico meegenomen in de risicoparagraaf van de VRR.(zie deeltijdregeling) Brandweerlieden die na 1 januari 2006 in dienst zijn gekomen, kunnen dit beroep 20 jaar uitoefenen. In die 20 jaar worden zij voorbereid op een tweede loopbaan. Veel brandweermensen willen en kunnen langer doorwerken dan 20 jaar. Met de bonden wordt gekeken naar dit 20-jarigen beleid en wordt er naar een oplossing gezocht. Bestaansrecht organisatie / Ontwikkelagenda VRR De Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond (VRR) is opgericht in 2006, met een sterke focus op fysieke veiligheid. In de afgelopen jaren is er veel vraag ontstaan naar verbreding van onze taken door zowel nieuwe vormen van crises als door maatschappelijke ontwikkelingen.

Voorbeelden hiervan zijn; -

groeiende aandacht voor zelfredzaamheid van burgers, o.a. door bij het langer zelfstandig thuis wonen; meer samenwerking met omgevingsdiensten en inspecties om industriële veiligheid te verhogen; nieuwe dreigingen, ‘ongekende crises’ en vraagstukken van maatschappelijke ontwrichting, zoals het vluchtelingenvraagstuk, terrorisme en het coronavirus.

Door de complexere vraagstukken ontstaat er behoefte aan andere expertise van medewerkers. Daarnaast zijn er veel andere ontwikkelingen met financiële consequenties, waaronder de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (Wnra), FLO-problematiek, kortere dienstverbanden van vrijwilligers en de deeltijdrichtlijn. Tevens is in de afgelopen jaren steeds duidelijker geworden dat de huidige financiën, de complexere vraagstukken en exogene ontwikkelingen niet meer op elkaar zijn afgestemd. Daarom is de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond een bestuurlijk traject gestart om samen met het bestuur het gewenste ambitieniveau en de bijbehorende begrotingsomvang van de VRR te bepalen. Het proces van de ontwikkelagenda is opgedeeld in 3 fases:

Fase 1 en 2 zijn inmiddels afgerond. Momenteel vinden de voorbereidingen plaats voor de bestuurlijke conferentie. De bestuurlijke conferentie zal plaatsvinden op 26 mei 2021. In de kadernota 2021 is aangegeven dat de uitkomsten van dit traject in 2020 bekend zouden zijn om vervolgens verwerkt te worden in de kadernota 2022 en het nieuwe meerjarenbeleidsplan van de VRR. Door corona heeft dit traject vertraging opgelopen en zal de begroting worden opgesteld op basis van bestaand beleid.

Jaarverslag 2020 Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

40 / 120

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Duurzame piketorganisatie en vakbekwaamheid Zoals hierboven beschreven is de VRR een bestuurlijk traject gestart om met het bestuur in gesprek te gaan over de taak, rol en het gewenste ambitieniveau van de VRR. Dit traject heeft de naam “ontwikkelagenda van de VRR” gekregen. Zoals hiervoor is aangegeven zouden de uitkomsten van dit traject in de loop van 2020 bekend worden. Door COVID-19 is de bestuurlijke conferentie uitgesteld naar 26 mei 2021. Hierdoor is een jaar vertraging ontstaan. Door het niet doorgaan van de bestuurlijke conferentie is er nog geen richting bepaald en zijn er ook nog geen keuzes gemaakt. De door Berenschot uitgevoerde onderzoeken laten echter zien, dat de kwaliteit op een aantal basistaken wegzakt en de financiën krap zijn. Het oppakken van nieuwe taken is ten koste gegaan van de kwaliteit op een aantal basistaken. Deze discrepantie wordt met improviseren zoveel mogelijk opgelost, maar is niet structureel vol te houden. Daarnaast zien we dat maatschappelijke veranderingen ook invloed hebben op de kwaliteit van een aantal basistaken. De taken waar dit het meest zichtbaar is, zijn de pikettaken en vakbekwaamheid.

Wat betreft de piketorganisatie vinden er steeds meer en meer complexe incidenten plaats, waardoor er meer inzet van piketfunctionarissen vereist is (er is sprake van verdubbeling van incidenten waar piketinzet voor vereist is) en ook steeds meer deskundigheid wordt vereist. Doordat deze functie naast de niet-repressieve taak wordt gedaan, gaat dit ook ten koste van de capaciteit van de niet-repressieve taak. Hieruit volgt een noodzaak tot modernisering van de piketorganisatie. Voor vakbekwaamheid bij de brandweer is de situatie vergelijkbaar. Er is sprake van o.a. een groter verloop van vrijwilligers en beroeps. Hierdoor is de doorloopsnelheid veel groter. Waar vrijwilligers eerder hun werkzame leven ook vrijwilliger bleven, zien we nu dat er na een aantal jaar afscheid genomen wordt. Deze trend is in heel het land waarneembaar. Er moeten dus veel meer vrijwilligers opgeleid en getraind worden voor de basis brandweertaak. Daarnaast is er steeds meer sprake van complexe incidenten waarvoor specifiekere kennis benodigd is. Dit alles leg een grote druk op de vakbekwaamheid, waardoor het kritische niveau nu genaderd is. In deze risicotabel zijn de financiële consequenties opgenomen van het weer op orde krijgen van zowel vakbekwaamheid van de brandweer als de piketorganisatie.

Garantstelling lening Coöperatie AZRR In de Tijdelijke wet ambulancezorg is geregeld dat per regio één ambulancevoorziening is aangewezen die de ambulancezorg uitvoert en de meldkamer Ambulancezorg in stand houdt. In de regio Rotterdam-Rijnmond is dat de Coöperatie AZRR. De VRR voert, in opdracht van deze Coöperatie ambulanceritten uit. De Tijdelijke wet ambulancezorg is sinds 1 januari 2013 van kracht en is verlengd tot en met 2020. Op 1 januari 2021 loopt de Tijdelijke wet ambulancezorg af en zal de Wet ambulancevoorzieningen van kracht worden. De Wet ambulancevoorzieningen beoogt zekerheid te bieden over ambulancevoorzieningen in de toekomst en de continuïteit en kwaliteit, waaronder innovatie, van de ambulancevoorzieningen te waarborgen. Per veiligheidsregio krijgt de huidige aanbieder het recht en de plicht om ambulancezorg te leveren. Dat wordt een aanwijzing voor onbepaalde tijd. Kwaliteitsnormen hebben een expliciete plek in de Wet ambulancevoorzieningen. Per 1 oktober 2019 is het belang van de VRR in de Coöperatie Ambulancezorg Rotterdam-Rijnmond uitgebreid door het uittreden van de BIOS-groep uit de Coöperatie AZRR. Aanleiding tot deze uitbreiding waren aanbevelingen van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd en het rapport Holsappel, waarin werd aangegeven dat de governance van de AZRR meer stroomlijning behoeft.

De VRR gaat er vanuit dat het onderbrengen van de ambulancezorg in één organisatie niet alleen zal bijdragen aan een eenduidige governance, maar ook voor meer eenduidigheid zal zorgen in regie op het bevorderen van de kwaliteitsprestaties. Verder biedt het de mogelijkheid voor de ambulancedienst om zich nog meer en beter te profileren als aantrekkelijke werkgever met een sterke en onafhankelijke positie op de arbeidsmarkt. Dit zal naar verwachting van positieve invloed zijn op het behoud en aantrekken van personeel. Met de uitbreiding zet de AZRR een stap in de vorming van één ambulancevoorziening, wat zal bijdragen aan een efficiëntere en kwalitatief hogere zorgverlening. Om te investeren in de kwaliteitsverhoging van de zorg is de AZRR een lening aangegaan met een looptijd van 15 jaar. De VRR staat garant voor deze lening. Hiervoor heeft het Algemeen Bestuur goedkeuring gegeven aan de VRR. Afgelopen mei heeft het Algemeen Bestuur van de VRR besloten om de AZRR volledig op te laten gaan in de VRR. De VRR neemt hierbij ook de lening van de AZRR over. Met deze stap wordt de ambulancevoorziening een volledig publieke taak en zal de governance verder vereenvoudigd worden, waardoor ook de regie op het bevorderen van kwaliteitsprestaties eenduidiger kan worden. Jaarverslag 2020 Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

41 / 120

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Kosten als gevolg van grote crises Als gevolg van de uitbraak van het coronavirus is duidelijk geworden dat bij een GRIP4-situatie niet duidelijk is wie welke kosten gaat betalen. Hierbij wordt gedacht aan kosten voor het inzetten van deskundigen die crisesscenario’s uitwerken, kosten voor het treffen van diverse voorzieningen en andere maatregelen. Voorheen bestond hiervoor een noodfonds. Met de komst van de nieuwe wet is het noodfonds opgeheven. De VRR zal hierover in overleg gaan met de samenwerkingspartners en het ministerie om helder te maken hoe deze structuur in de toekomst moet gaan lopen. Afgelopen jaar zijn er twee sporen ingezet om de gemaakte (meer)kosten te kunnen declareren. De kosten voor de zorghotels Ahoy en Van der Valk heeft de VRR bij het ministerie van VWS kunnen declareren. Daarnaast heeft het Rijk toegezegd de meerkosten die de GGD’en en veiligheidsregio’s hebben gemaakt in het kader van de coronabestrijding te vergoeden.

Jaarverslag 2020 Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

42 / 120

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit middelen en mogelijkheden waarover de organisatie beschikt om niet voorziene lasten te dekken, zonder dat de begroting en het beleid moeten worden aangepast. De verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de gekwantificeerde financiële risico’s en daarmee het benodigde weerstandsvermogen kan vervolgens worden uitgedrukt in een verhoudingscijfer. Voor de beoordeling van een dergelijke ratio kan gebruik worden gemaakt van de onderstaande waarderingstabel, welke door het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement in samenwerking met de Universiteit van Twente is samengesteld. Waardering weerstandscapaciteit Waarderingscijfer A B C D E F

x≥2 1,4 ≤ x < 2,0 1,0 ≤ x < 1,4 0,8 ≤ x < 1,0 0,6 ≤ x < 0,8 < 0,6

Betekenis Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende

Wanneer gestreefd wordt naar een gezond weerstandsvermogen (verhouding tussen de beschikbare en benodigde weerstandscapaciteit ter dekking van de risico’s) zal, uitgaande van bovenstaande tabel, minimaal sprake moeten zijn van een factor 1. Ontwikkeling weerstandsratio* Op basis van de huidige inschatting van de toekomstige ontwikkelingen en risico’s is de verwachting dat de weerstandsratio zich als onderstaand zal gaan ontwikkelen. Hierbij wordt opgemerkt dat de VRR te maken heeft met een aantal toekomstige ontwikkelingen waarvan de impact in de komende jaren duidelijker zal worden. Deze zijn als PM-post opgenomen in het overzicht met risico’s.

Jaarverslag 2020 Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

43 / 120

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Ontwikkeling van de beschikbare weerstandscapaciteit* In onderstaand overzicht is de ontwikkeling van de algemene reserve van de VRR weergegeven. Realisatie ultimo 2020 Beschikbaar (x € 1.000) Algemene reserve VRR overig Algemene reserve ambulance Nog te bestemmen resultaat Totaal

6.272 -305 1.959 7.926

1ste BW ultimo 2021 8.231 -305 -50 7.876

Meerjarenraming (MJR) ultimo 2022 2023 2024 8.181 -305 -279 7.597

7.902 -305 -266 7.331

7.636 -305 8 7.339

* Op het moment van schrijven was het resultaat van de ARR nog niet bekend. In de meerjarenraming van de grafiek ontwikkeling weerstandsratio en tabel ontwikkeling van de beschikbare weerstandscapaciteit is het resultaat van de ARR nog niet meegenomen.

Jaarverslag 2020 Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

44 / 120

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Financiële kengetallen Met ingang van het jaar 2015 dienen in de jaarstukken de volgende vijf kengetallen (art. 11 lid 2, let d. Besluit Begroting en Verantwoording) te worden opgenomen in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing. Het Besluit Begroting en Verantwoording heeft geen normen voor de kengetallen. Het gaat hierbij om de volgende vijf kengetallen: 1. Netto schuldquote en netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. De netto schuldquote wordt berekend inclusief of exclusief doorgeleende gelden. Omdat er onzekerheid is of deze leningen wel allemaal terug zullen worden betaald, is het verstandig om dit onderscheid te maken. Op die manier wordt dit risico in beeld gebracht. De VRR verstrekt geen leningen, daarom zijn de netto schuldquote en netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen gelijk aan elkaar. 2. De solvabiliteitsratio Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het totale vermogen. Deze indicator geeft inzicht in de mate waarin de decentrale overheid in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. 3.

Kengetal grondexploitatie Hierin wordt informatie gegeven over de waarde van de niet in exploitatie genomen gronden en de bouwgrond in exploitatie bij elkaar opgeteld en gedeeld door de totale baten uit de programmabegroting of jaarstukken en uitgedrukt in een percentage. 4. Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte geeft aan hoe wendbaar een(overheids-)organisatie is. Als de structurele baten hoger zijn dan de structurele lasten is een organisatie in staat om (structurele) tegenvallers op te vangen. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten (conform artikel 17 lid c BBV = exclusief mutaties reserves) en uitgedrukt in een percentage. 5. Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit geeft de potentiële ruimte aan die een (overheids-)organisatie heeft om haar structurele baten te verhogen om stijgende structurele lasten (zoals kapitaalslasten) op te vangen. Kengetallen jaarverslag 2020 Voor de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond zijn de kengetallen met betrekking tot grondexploitaties en belastingcapaciteit niet van toepassing. De Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond heeft geen mogelijkheden om belastingen te heffen en heeft geen bouwgronden in bezit.

Jaarverslag jaar 2020 Kengetallen:

Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte

Jaarverslag 2020 Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

Verloop van de kengetallen Jaarverslag 2019

29% 29% 15% -0,88%

Begroting 2020

Jaarverslag 2020

35% 35% 17% 0%

45 / 120

21% 21% 16% 0%

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Toelichting op de kengetallen Netto schuldquote: in de handreiking houdbare gemeentefinanciën heeft de VNG aangegeven dat de netto schuldquote van een gemeente zich normaal tussen de 0% en 100% bevindt. In 2020 valt de netto schuldquote van de VRR binnen deze bandbreedte. De VRR leent geen gelden door, daarom is de netto schuldquote gelijk aan de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen. De druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie is gezond te noemen. Bij de berekening van de netto schuldquote voor het jaarverslag 2020 is gebleken dat bij het opstellen van de begroting 2020 de overlopende posten lager zijn ingeschat waardoor het percentage hoger uitkwam. Solvabiliteitsratio: de solvabiliteitsratio drukt het eigen vermogen uit als een percentage van het totale vermogen. In relatie tot de weerstandscapaciteit die voldoende is, is geen aanpassing nodig van de solvabiliteit. Structurele exploitatieruimte: Een positief percentage betekent dat de structurele baten voldoende zijn om de structurele lasten (waaronder de rente en aflossing van een lening) te dekken. In 2020 waren de structurele baten toereikend. Hoe hoger dit percentage, hoe meer ruimte de VRR heeft om de eigen lasten te dragen.

Beoordeling onderlinge verhouding tussen de kengetallen Om de financiële positie van de organisatie te kunnen beoordelen dienen de kengetallen in samenhang te worden bekeken. De netto schuldquote van de VRR valt binnen de normale bandbreedte (0%-100%) van de VNG. Het inkomen van de VRR is toereikend om aan de schuldverplichtingen te voldoen. De weerstandsratio is voldoende waardoor er geen aanpassing nodig is van de solvabiliteit In 2020 waren de structurele baten toereikend om de structurele lasten (waaronder rente en aflossing van leningen) af te dekken.

Jaarverslag 2020 Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

46 / 120

Paragraaf Financiering Algemeen Het doel van deze paragraaf is om de financiële positie van de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond te evalueren. Daarnaast is de paragraaf een belangrijk instrument voor het transparant maken van de financieringsfunctie. De centrale doelstelling van het treasurybeleid is het beheren van de financiële geldstromen en het beperken van de financiële risico’s voor de organisatie. De uitvoering van treasury wordt wettelijk geregeld in de Wet Financiering Decentrale Overheden. Deze wet regelt dat de uitvoering van de treasuryfunctie uitsluitend de publieke taak dient en geschiedt binnen de financiële kaders van de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Risicobeheersing Risicobeheersing vormt één van de pijlers van de Wet Financiering Decentrale Overheden. In de navolgende onderdelen wordt ingegaan op de renterisico’s die verbonden zijn aan de uitvoering van de treasury functie. Renterisico’s kunnen vanuit Wet Financiering Decentrale overheden-optiek worden bezien op de korte en op de langere termijn. Renterisico op korte schuld: de kasgeldlimiet Met de kasgeldlimiet is in de Wet Financiering Decentrale Overheden een norm gesteld voor het maximum bedrag waarop de Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond haar financiële bedrijfsvoering met kortlopende middelen (looptijd < 1 jaar) mag financieren.

De kasgeldlimiet stelt derhalve dat de gemiddelde netto-vlottende schuld van een decentrale overheid (ofwel openbaar lichaam) niet hoger mag zijn dan een wettelijk bepaald percentage van het begrotingstotaal. De kasgeldlimiet is dus een voorgeschreven sturing- en verantwoordingsinstrument ter beperking van het renterisico op de korte schuld. Als grondslag van de wettelijk toegestane omvang van de kasgeldlimiet wordt de omvang van de jaarbegroting voor het hele verslagjaar aangehouden. Voor de gemeenschappelijke regelingen bedraagt het percentage voor de berekening van het kasgeldlimiet voor het jaar 2020 8,2%.

Kasgeldlimiet 2020 (bedragen x € 1.000)

1e kw

3e kw

4e kw

2020

Bedragen in € 1.000,-

Grondslag : Lasten primaire begroting 2020

2e kw

129.438

in procenten van de grondslag

129.438

129.438

129.438

129.438

8,2%

8,2%

8,2%

8,2%

8,2%

-10.614

-10.614

-10.614

-10.614

-10.614

Omvang vlottende schuld (a.)

-2.818

-3.505

-2.403

-5.242

-3.492

Af: Vlottende vorderingen (b.)

12.376

6.867

17.303

16.113

13.165

Saldo netto vlottende middelen(a+b)

9.558

3.362

14.900

10.871

9.673

Ruimte

20.172

13.976

25.514

21.485

20.287

Toegestane netto vlottende schuld : Toetsing :

Jaarverslag 2020 Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

47 / 120

Paragraaf Financiering Renterisico op langlopende schuld: de renterisiconorm De VRR loopt renterisico op het moment dat nieuwe leningen moeten worden aangetrokken (herfinanciering) of als een renteherziening van toepassing is. Om het renterisico te beheersen is in de Wet Financiering decentrale overheden de renterisiconorm geformuleerd. De renterisiconorm bepaalt dat het bedrag van de langlopende schuld dat binnen een gegeven jaar verplicht moet worden afgelost, of waarvan de rente moet worden herzien, maximaal 20% van begrotingstotaal mag bedragen. Het doel van deze norm is dat de lange leningenportefeuille zodanig over de jaren verdeeld is dat het renterisico dat voortkomt bij herfinanciering en renteherzieningen gelijkmatig over de jaren wordt gespreid.

Renterisiconorm 2020-2023 Netto renteherziening op vaste schuld (o/g./.u/g)

2020

2021

2022

2023

-

-

-

-

Aflossingen

10.504

4.861

4.861

4.861

Renterisico

10.504

4.861

4.861

4.861

Lasten primaire begroting 2020 e.v.

129.438

165.129

160.107

160.308

Percentage cf. regeling

20%

20%

20%

20%

Renterisiconorm (2019)

25.888

33.026

32.021

32.062

Renterisiconorm

25.888

33.026

32.021

32.062

Renterisico

10.504

4.861

4.861

4.861

Ruimte onder renterisiconorm:

15.383

28.166

27.160

27.201

Ontwikkelingen Schatkistbankieren Vanaf 2013 houden alle provincies, gemeenten, waterschappen en gemeenschappelijke regelingen hun tegoeden aan bij de Nederlandse schatkist. Decentrale overheden deden dit al vrijwillig, maar schatkistbankieren zonder leenfaciliteit is vanaf 2014 verplicht geworden. Het beoogd doel van schatkistbankieren is de risico’s van beleggen door decentrale overheden tot nul te reduceren en het begrotingstekort van de overheid terug te dringen. Met het systeem van schatkistbankieren zal de Nederlandse staat minder geld hoeven te lenen op de financiële markten en zal de staatsschuld dalen. Schatkistbankieren houdt in dat tegoeden worden aangehouden in de Nederlandse schatkist. De wettelijke term voor schatkistbankieren is “geïntegreerd middelenbeheer”. Ultimo 2020 was een bedrag van € 15.143.195 gedeponeerd bij de schatkist.

Jaarverslag 2020 Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

48 / 120

Paragraaf Financiering Lening portefeuille In het volgende overzicht worden de leningen op lange termijn nader gespecificeerd: Omschrijving

Binnenlandse banken 1 - BNG 2 - BNG 3 - BNG 4 - BNG 5 - BNG 6 - BNG 7 - BNG (2014) 8 - BNG (2015) 9 - BNG (2016) 10 - BNG (2017) 12 - BNG (2020) 13 - BNG (2020) 14 - BNG (2020) Overige binnenlandse sectoren 11 - Politie

Rente

Stand

Rente

Aflossing

Opname

Stand

%

31-12-19

2020

2020

2020

31-12-20

864.000 1.450.000 2.340.000 1.589.000 2.305.000 10.000.000 10.000.000 7.500.000 7.500.000 10.000.000 5.000.000 5.000.000 7.200.000

3,290 5,890 3,620 5,400 3,720 2,900 2,930 1,390 1,410 1,195 0,195 0,315 0,585

57.600 580.000 1.123.200 913.675 1.555.875 6.000.000 6.666.667 5.500.000 6.000.000 7.250.000 -

1.421 32.027 38.119 47.372 55.735 173.194 176.614 75.871 77.550 79.169 9.750 1.313 10.530

57.600 48.333 93.600 39.725 57.625 666.667 666.667 500.000 500.000 1.000.000 5.000.000 5.000.000 7.200.000

0 531.667 1.029.600 873.950 1.498.250 5.333.333 6.000.000 5.000.000 5.500.000 6.250.000 5.000.000 5.000.000 7.200.000

8.230.000

0,760

6.874.000

Hoofdsom

Totaal

42.521.017

6.874.000 778.665

10.504.217

0 17.200.000

49.216.800

Lening nr. 11 heeft een hoofdsom van € 8.230.000. Deze lening is in 2020 met de overdracht van het beheer van de Meldkamer aan de Politie afgelost. Kredietfaciliteiten Naast de langlopende doorlopende leningen zijn er geen kredietfaciliteiten afgesloten.

Jaarverslag 2020 Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

49 / 120

Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen Kapitaalgoederen Van de vijf in het Besluit Begroting en Verantwoording genoemde categorieën kapitaalgoederen (Wegen, Riolering, Water, Groen en Gebouwen) is de post Gebouwen van toepassing op de Veiligheidsregio RotterdamRijnmond. De Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond heeft 17 panden in eigendom. Daarnaast zijn er nog 41 panden welke worden gehuurd van derden (w.o. gemeenten). Onderstaand een overzicht van de materiele activa van de VRR: Omschrijving

BW 31-12-2019

Mutaties op de activa

Desinvesteringen

BW 31-12-2020

Afschrijvingen

Gronden en terreinen

2.412.547

1.045.825

-

-

3.458.372

Bedrijfsgebouwen

20.335.501

5.969.268

-4.290.997

1.086.880

20.926.893

Vervoersmiddelen

15.878.596

76.478

-15.000

2.017.487

13.922.588

Machines, apparaten en installaties

2.940.047

10.747

-401.301

432.350

2.117.143

Overige materiële vaste activa

9.419.722

974.998

-2.010.422

2.270.163

6.114.135

Activa in gebruik

50.986.414

8.077.316

-6.717.720

5.806.879

46.539.130

Activa in ontwikkeling

621.506

1.268.733

-

-

1.890.239

51.607.919

9.346.050

-6.717.720

5.806.879

48.429.369

Totaal materiele vaste activa

Waarderingsgrondslagen en afschrijvingsmethodiek Conform artikel 59 van het Besluit Begroting en Verantwoording worden alle materiële vaste activa met een economisch nut geactiveerd. In materiële vaste activa met een maatschappelijk nut is in 2019 niet geïnvesteerd. Nieuwe investeringen worden lineair afgeschreven. Onder de post ‘Activa in ontwikkeling’ zijn materiële vaste activa opgenomen welke nog niet in gebruik zijn genomen en waarop derhalve nog niet wordt afgeschreven. Investeringen Tot de voornaamste mutaties op de activa in 2020 behoren: Bij de gronden en terreinen: - Aankoop grond pand Breslau 2 (€ 1.046k) bij de bedrijfsgebouwen: - Aankoop pand Breslau 2 (€ 5.738k) - Meldkamer fase 3: actiecentra (€ 231k.) - Desinvesteringen gemeenschappelijk meldkamer n.a.v. overdracht aan LMS (€ -4.291k) bij de voertuigen: - Opkomstvoertuig Droneteam (€ 23k) - Platform Basket Spinhoogwerker (€ 53k) bij de Machines, apparaten en installaties: - Desinvesteringen apparatuur gemeenschappelijke meldkamer n.a.v. overdracht aan LMS (€ 401k) bij de overige materiële vaste activa: - Meubilair (€ 65k) - ICT Hardware (€ 646k) - Ademluchtmachine (€ 70k) - Bluspakken jeugdbrandweer (€ 61k) - Desinvesteringen meldkamer (€ 1.936k) De activa in ontwikkeling bestaan ultimo 2020 uit nog niet of deels in gebruik genomen investeringen (ad € 1.890k.) zoals o.a.: -

Ambulances (€ 878k), geleverd eind 2020 maar moeten nog ingericht worden. Toegangscontrole panden (€ 233 k.) Systeem Operationele informatie bij incidenten met gevaarlijke stoffen (OIGS) (€ 182 k.)

Jaarverslag 2020 Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

50 / 120

Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen -

Vervanging tankautospuiten (€ 146k) GEO-voorzieningen (€ 129k) Diversen (€ 322k)

In de volgende tabel zijn de gerealiseerde investeringen afgezet tegen het investeringsbudget.

Omschrijving

Gronden en terreinen

Investering 2020

Begroting 2020 (2e wijz.)

Verschuiving investeringen naar vlg jaar

Activa in ontwikkeling

Overschrijding/ onderschrijding

Vervallen

-

1.045.825

-

-

-

-1.045.825

Bedrijfsgebouwen

8.375.000

5.969.268

24.555

1.350.445

-

1.030.732

Vervoersmiddelen

2.136.766

76.478

1.023.945

1.089.831

-

-53.488

472.703

10.747

233.065

239.638

-

-10.747

3.499.317

974.998

395.980

2.011.932

345.000

-228.594

-

-

14.483.786

8.077.316

1.677.544

4.691.847

345.000

-307.922

Machines, apparatuur en installaties Overige materiële vaste activa Activa in ontwikkeling Investeringen

Gronden en terreinen Bij de 2e begrotingswijziging was de aankoop van het pand Breslau 2 volledig begroot onder Bedrijfsgebouwen. Bij deze investering was echter voor € 1.046k aan grond inbegrepen (het totaal bedrag verandert hier niet mee). Bedrijfsgebouwen Door verschuiving van de volgende projecten naar 2021 bedroegen de investeringen € 1.030k minder dan begroot: - Nieuwe ambulancelocatie Voorne Putten (€ 500k); het rondkrijgen van de financiering van dit project vanuit de zorgverzekeraars in combinatie met de afspraken met de gemeente heeft vereist dat het volledige huisvestingsplan van de nieuwe ARR in beeld gebracht moest worden en in de onderhandelingen tegen het licht is gehouden. Hierdoor is deze investering verschoven naar 2021. - Verbouwing Schenkelweg Spijkenisse (€ 750k); Als gevolg van COVID moest er tussentijds tijdelijke huisvesting worden geregeld waardoor de verbouwing later van start heeft kunnen gaan. De verbouwing is gestart en wordt afgerond in 2021. Voertuigen Er is o.a. geïnvesteerd in een spinhoogwerker ad. € 53K: deze moet leiden tot minder inhuur van hoogwerkers en daarmee lagere kosten in het meerjaren onderhoudsplan. Daarnaast is er geïnvesteerd in een opkomstvoertuig voor het droneteam (€ 21K). O.a.

de volgende projecten zijn doorgeschoven naar 2021: - 10 nieuwe ambulances (€ 1.832K); Deze voertuigen zijn als gevolg van COVID later door de leverancier geleverd als de inrichting gereed is kunnen de voertuigen in gebruik genomen worden. - Verzorgingsunit ( € 140K); De aanbesteding is aangehouden in afwachting van het onderzoek naar en besluit over de aanschaf van het nieuwe type haakarmvoertuigen. De nieuwe haakarmvoertuigen hebben een langer chassis. De aanbesteding voor een nieuwe VZ gestart. - 5 wissellaadbakken (€ 97K): De vervanging van de wisselbakken maakt onderdeel uit van de visie op incidentbestrijding en het nieuwe materieelspreidingsplan. De verwachting is dat er behoefte is aan bakken met andere functionaliteit. Aan deze projecten is reeds € 1.024K opgenomen op de activa in ontwikkeling. Machines, apparatuur en installaties In de investering is € 11K opgenomen inzake de Meldkamer fase 3 (actiecentra). Dit actief was ten onrechte gedesinvesteerd n.a.v. overdracht Meldkamer aan het begin van 2020 en is opnieuw in gebruik genomen. Het project toegangscontrole panden is doorgeschoven naar 2021 (€ 473K), door een combinatie van leveranciersproblemen, prioriteringsfocus op een inhaalslag op de toegang tot de in beheer genomen ARRpanden en beperkte projectcapaciteit i.v.m. COVID. Aan deze projecten is reeds € 233K opgenomen op de activa in ontwikkeling.

Jaarverslag 2020 Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

51 / 120

Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen Overige materiële vaste activa In de investering is € 64K opgenomen inzake de Meldkamer fase 3 (actiecentra). Dit actief was ten onrechte gedesinvesteerd n.a.v. overdracht Meldkamer aan het begin van 2020 en is opnieuw in gebruik genomen. In de 2e begroting was er nog geen budget opgenomen voor de investering in meubilair thuiswerkplekken, oplossen van oververhitting in de RBT-ruimte (€ 34K) en bluspakken jeugdbrandweer (€ 61K). O.a. de volgende projecten (totaal € 2.408k) zijn doorgeschoven naar 2021: - Wifi-netwerk (€ 220K) door nieuwe aanbesteding. Door nieuwe technische ontwikkelingen zal voor Wifi as a Service gekozen gaan worden. - GEO-voorzieningen (€ 252K): Uit marktonderzoek is gebleken dat veel leveranciers dit product als een SaaS-oplossing (software as a service) aanbieden. Dit heeft tot vertraging geleid vanwege onderzoek of het wenselijk is om de GEO-voorziening als SaaS toe te passen. Omdat het om een kernregistratie gaat met veel koppelingen naar andere systemen is er na onderzoek voor gekozen om toch een aanbesteding uit te zetten o.b.v. een registratie onder eigen beheer.

- OIGS (Operationele informatie bij incidenten met gevaarlijke stoffen) (€ 238K): zowel de eigen projectcapaciteit (chemisch adviseurs) als de leveringen (beschrijvingen gevaarlijke stoffen) voor de leverancier zijn gehinderd door COVID waardoor uitrol nog niet plaats heeft kunnen vinden. - Vervanging portofoons (€ 389K) heeft vertraging opgelopen omdat de ARR nu ook in deze aanbesteding wil mee lopen, waardoor de behoefte veel groter is dan waarmee in eerste instantie rekening was gehouden. De aanbesteding zal nu in 2021 worden afgerond. - Aanschaf sonar (€ 200K): Tijdens het aanbestedingstraject bleek dat er nauwelijks geïnteresseerde partijen waren en moest extra onderzoek worden gedaan naar de insteek van deze specialistische aanbesteding. Dit onderzoek is inmiddels afgerond en de gesprekken met leveranciers worden gevoerd. Daarnaast zijn een aantal projecten verschoven a.g.v. leveringsproblemen door COVID. Van deze projecten is reeds € 396K geactiveerd in activa in ontwikkeling. De volgende investeringsbudgetten uit de 2e begroting zijn vervallen: infrastructuur en servers (€ 186K) en bepakking SIV (€ 100K). In de 2e begroting is een project opgenomen welke valt onder SaaS-oplossingen. Het eigendom en beheer van de software is niet in handen van de VRR. Deze uitgaven mogen niet geactiveerd worden en moeten in de exploitatie verwerkt worden.

Het gaat om het volgende project: “Geen spoed wel brandweer (€ 59K)”.

Jaarverslag 2020 Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

52 / 120

Paragraaf Bedrijfsvoering Algemeen De COVID-19 crisis heeft in het afgelopen jaar een flinke stempel gedrukt op de bedrijfsvoering van de VRR (en doet dat nu nog steeds). De crisisorganisatie werd opgetuigd en er kwam veel werkdruk bij een kleine groep mensen, die continu aan de slag is. Personeel van de afdelingen risico- en crisisbeheersing en stafafdelingen werd ingezet in de crisisorganisatie. Bijna wekelijks werden de noodverordeningen bijgewerkt en in korte tijd werden er zorghotels ingericht om de IC’s te ontlasten. De inkoop en levering van persoonlijke beschermingsmiddelen werd opgetuigd. Twee maanden lang zijn er dagelijks leveringen (ook nachtelijke en weekendleveringen) geweest aan de niet-acute zorginstellingen. De VRR heeft hierbij zelfs haar eigen voorraad aangesproken om geen nee te hoeven verkopen. Het dagdienstpersoneel ging thuiswerken en niet meer op kantoor. Veel van het “normale” werk kon geen doorgang vinden of moest ingrijpend gewijzigd worden. Om de ploegen op de kazernes en de ambulancemedewerkers zoveel mogelijk te beschermen werden ook veel maatregelen genomen. Oefenprogramma’s werden stilgelegd, kennisoverdracht werd digitaal gedaan, de procedures voor het operationeel optreden werden aangepast, het onderhoud aan de gebouwen werd stilgelegd en er kwamen instructies voor het schoonhouden van de voertuigen.

Voor de ambulances is zelfs een speciale wasstraat gemaakt. Rondom een geneeskundige crisis en in het bijzonder bij een infectieziektebestrijding zijn de GGD en de GHOR belast met taken rondom een dergelijke crisis. Aangezien deze crisis al vrij lang duurt is besloten om een tijdelijk programma coronabestrijding te vormen, die de werkzaamheden uitvoert en de opgedane kennis en ervaring integreert in de staande GGD- en GHOR organisaties. De programmaorganisatie GGD-GHOR is een tijdelijke programmastructuur, die belast is met de infectieziektebestrijding rondom het coronavirus. Hun taken zijn de volgende: -

Outbreakmanagement: advies aan instellingen/organisaties Groei in aantal testen en bron- en contactonderzoeken Monitoring zorgcontinuïteit

Dit programma is ontstaan vanuit de samenwerking tussen regiogemeenten, de GGD, de GHOR en de VRR en is opgericht om de periode te overbruggen totdat er een vaccin beschikbaar is. Ontwikkelagenda De samenleving is sterk aan verandering onderhevig en wij zien een verschuiving van klassieke rampen naar moderne crises. Wij denken dan met name aan klimaatverandering, energietransitie, vluchtelingenvraagstuk, cyber, terrorisme en hoog water. Zaken die kunnen leiden tot (grote) ontwrichting van de samenleving en die vragen om een heldere en duidelijke veiligheidsaanpak en -structuur. De VRR wil met het bestuur in gesprek over de rol en taak van onze organisatie en welke toegevoegde waarde onze hulpverleningsorganisatie van 2200 medewerkers heeft voor de gemeenten en haar inwoners in onze regio. Wij beschikken tenslotte over zeer professioneel opgeleide hulpverleners die breed inzetbaar zijn en een 24/7 crisisorganisatie die er toe doet. Wij zien kansen om de VRR te laten groeien naar een belangrijke partner in veiligheid en continuïteit. Hiervoor is een bestuurlijk traject gestart met als doel om de VRR-organisatie op taak, rol en structuur klaar te stomen voor de toekomst. Om hierin de juiste keuze te kunnen maken zal gekeken worden naar welke verschillende scenario's daarbinnen te herkennen zijn. Hierbij worden dan ook de financiële consequenties inzichtelijk gemaakt.

In het najaar van 2020 zou een bestuurlijke conferentie gehouden worden om dit met het Algemeen bestuur te bespreken. Door de COVID-19-crisis is dit uitgesteld. De conferentie staat nu gepland voor 26 mei 2021. Rechtmatigheid COVID-19 heeft ook zijn impact op onze rechtmatigheid. Om in een crisissituatie snel te kunnen handelen is er geen tijd om een Europees aanbestedingstraject op te starten. Voor deze situatie is er een apart inkoopproces gemaakt. Daarnaast wordt getoetst of de uitgaven aan een aantal criteria voldoen: -

-

Gebeurtenissen die door de desbetreffende aanbestedende diensten niet konden worden voorzien. Dwingende spoed die het in acht nemen van de algemene termijnen onmogelijk maakt (zowel bij nieuwe inkoop in het kader van COVID als bij bestaande contracten die niet meer kunnen worden gevolgd, zoals al ingekochte opleidingen). Oorzakelijk verband tussen de onvoorziene gebeurtenis en de dwingende spoed. Slechts gebruikt om de periode te overbruggen tot er stabielere oplossingen kunnen worden gevonden.

Jaarverslag 2020 Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

53 / 120

Paragraaf Bedrijfsvoering Naast de impact van de crisis speelt op het gebied van rechtmatigheid ook het voorbereiden op nieuwe wetgeving. Bij het opstellen van de jaarrekening wordt op dit moment een controleverklaring verstrekt door een externe accountant. De accountant geeft in deze verklaring een oordeel over de getrouwheid en rechtmatigheid van deze jaarrekening. Er is momenteel een wetswijziging in de maak over rechtmatigheid in jaarrekeningen van gemeenten en in het verlengde hiervan gemeenschappelijke regelingen zoals de VRR. Deze wijziging komt er op neer dat het Dagelijks Bestuur een ‘rechtmatigheidsverantwoording’ af gaat geven bij de jaarstukken. Het doel van deze wetswijziging is de politieke verantwoordelijkheid van het Dagelijks Bestuur voor de rechtmatigheid van de bedrijfsvoering te onderstrepen. Daarnaast beoogt deze wetgeving de kader stellende en controlerende rol van het Algemeen Bestuur te versterken. De VRR heeft voor het implementeren van deze wetswijziging een plan van aanpak opgesteld, dat in de eerste helft van 2021 voorgelegd zal worden aan het bestuur. Het voorstel voor de wijziging van de wet ligt op dit moment bij de Tweede Kamer. Afhankelijk van het besluit van de Tweede en Eerste Kamer zal de ingangsdatum voor het boekjaar 2021 of 2022 zijn.

Human Resources Wet Normalisering Rechtspositie Ambtenaren (Wnra) Met de komst van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (Wnra) op 1 januari 2020 is het arbeidsvoorwaardenregime van de gemeentelijke sector geregeld in de cao Gemeenten / cao Samenwerkende gemeentelijke organisaties. Voor de veiligheidsregio’s is voor beperkte duur een uitzondering gemaakt en is de huidige publiekrechtelijke regeling van arbeidsvoorwaarden (CAR-UWO) nog van kracht. Met de VNG zijn afspraken gemaakt dat de CAR-UWO nog tot en met 2021 bijgehouden wordt. In de toekomst zullen de veiligheidsregio’s zelf tot arbeidsvoorwaardenvorming moeten komen. Het Veiligheidsberaad heeft in september het principebesluit genomen tot het oprichten van de werkgeversvereniging Samenwerkende Veiligheidsregio’s, die namens de besturen van de veiligheidsregio’s onderhandelt met de werknemersorganisaties en bindende afspraken maakt over arbeidsvoorwaarden voor het personeel van de veiligheidsregio’s. Het algemeen bestuur van de VRR moet het besluit tot deelname aan deze werkgeversvereniging nemen. Het ontwerpbesluit ligt momenteel voor bij de gemeenten, zodat zij hun zienswijze hierover kunnen geven. Bovenstaande geldt niet voor de medewerkers van de ambulancedienst van de VRR. Bij het in werking treden van de Wnra is de aanstelling van de medewerkers van de ambulancedienst omgezet naar een arbeidsovereenkomst.

Vanaf deze datum geldt naast de CAO ambulancezorg ook het Burgerlijk Wetboek. De lokale regelingen zijn ondergebracht in een personeelshandboek. Deeltijdregeling Ten aanzien van onze brandweervrijwilligers is inmiddels duidelijk dat de huidige rechtspositieregeling op grond van de deeltijdrichtlijn juridisch niet meer houdbaar is. Dit betekent dat de brandweervrijwilliger in zijn huidige vorm niet kan blijven bestaan. Landelijk wordt onderzocht of een fundamenteel onderscheid in taken tussen een vrijwilliger en een beroepsmedewerker hiervoor een oplossing biedt. De uitkomsten van dit onderzoek zouden in het najaar bekend zijn, maar o.a. door de COVID-19-crisis is dit vertraagd. Verwacht wordt dat in februari 2021 de uitkomsten bekend zullen zijn. De deeltijdregeling is ook benoemd als risico in de risicoparagraaf. Personele capaciteit Brandweer In het meerjarenbeleidsplan is aangegeven, dat het voor de brandweer steeds moeilijker wordt om de onmisbare inzet van vrijwilligers te blijven garanderen en dat naar mogelijkheden wordt gezocht om de personeelsschaarste te verminderen. Vooral het werven van voldoende vrijwilligers die overdag beschikbaar zijn, wordt steeds moeilijker evenals het werven van vrijwilligers in dunbevolkte regio’s door vergrijzing en urbanisatie.

Het vraagstuk rondom taakdifferentiatie zal mogelijk voor een kentering zorgen, echter zorgt dit wel voor nieuwe uitdagingen op financieel vlak en qua inrichting en dekking. Door de COVID-19 periode is de werving tijdelijk op pauze gezet. Er wordt gekeken naar een creatieve wervingsaanpak voor voldoende vrijwilligers. Dit zal pas opgepakt worden als er duidelijkheid is over de taakdifferentiatie, zodat de gevolgen hiervan meegenomen kunnen worden bij de werving.

Jaarverslag 2020 Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

54 / 120

Paragraaf Bedrijfsvoering De VRR heeft als prioriteit om de dekking op niveau te krijgen en te houden en denkt na over vormen en manieren van brandweerzorg. In 2019 zijn diverse projecten gestart die betrekking hebben op het op orde houden van de basis brandweerzorg in de regio. Deze lopende initiatieven, zoals pilots en proeftuinen zijn gecontinueerd en worden eind van dit jaar en volgend jaar geëvalueerd (zie ook doelstellingen programma Brandweerzorg). Daarnaast spelen diverse externe ontwikkelingen (zoals de Wnra) een rol. Een project dat in 2019 is gestart, is het beschrijven van diverse scenario’s en het uitwerken van diverse arbeidscontracten. Belangrijke onderdelen hierbij zijn strategische personeelsplanning, kijken naar andere roostervormen en onderzoeken of gebieden waar nu uitsluitend vrijwillige posten zijn op de dag bezet kunnen worden door een beroepsdagdienst bezetting. Een ander aspect is het tweede loopbaanbeleid en de 20-jarigenregeling. Een brandweermedewerker in een bezwarende functie mag deze functie niet langer dan 20 jaar uitoefenen. Na deze periode volgt een tweede loopbaan in een andere functie. De VRR moet de medewerkers hierin faciliteren en medewerkers hebben hierin ook verplichtingen. In de praktijk loopt men hier nog niet warm voor, omdat men hoopt dat de vakbonden tot een nieuw soort FLO-regeling komen in plaats van het tweede loopbaanbeleid.

In 2020 zijn Veiligheidsregio’s en vakbonden in het LOBA opnieuw in gesprek gegaan over het 2e loopbaanbeleid. Partijen hebben vastgesteld dat het een gezamenlijke verantwoordelijkheid is om brandweermensen die onder het tweede loopbaanbeleid vallen veilig, verstandig en gezond hun brandweerloopbaan te laten vervullen en in hun arbeidzame leven naar hun pensioen te brengen. Tegen die achtergrond willen partijen snel met elkaar in gesprek gaan, werkend in een gezamenlijke commissie, om elkaars huidige uitgangspunten en gedachten voor nieuw beleid (de bonden hebben dat verwoord in hun model C) bij elkaar te brengen. Op basis daarvan kan vanuit een gezamenlijk kader een arbeidsmodel worden gemaakt dat recht doet aan die gezamenlijke verantwoordelijkheid. Daarmee onderschrijven partijen dat het repressieve brandweerwerk een zwaar beroep is, met zwaar werk. Partijen willen in dat kader een gelijke opvatting over zwaar werk formuleren en zullen om die reden een actualisatie van de “coronel”-onderzoeken laten uitvoeren. Daartoe zal de gezamenlijke commissie een geactualiseerde onderzoeksvraag opstellen, waarin nieuwe inzichten en omstandigheden in het repressieve werk een plaats krijgen.

Werkgevers en bonden hebben vertrouwen in deze weg en willen het onderzoek gedegen en zo snel mogelijk laten uitvoeren en de richting die uit de gezamenlijke commissie komt in het eerste kwartaal van 2021 aan de achterban kunnen voorleggen. Diversiteit Aandacht geven aan diversiteit in de organisatie is niet alleen een thema voor het hogere management, maar voor de hele organisatie. Dat kan door met elkaar van gedachten te wisselen over dit thema en het eens te zijn over hoe dit ingebed kan worden in de organisatie en wat je daarbij wilt uitstralen. Als organisatie willen wij diversiteit omarmen, zodat verschillen juist worden gewaardeerd, omdat ze bijdragen aan de kwaliteit en iedereen zich betrokken en gewaardeerd voelt. De regio Rotterdam Rijnmond kenmerkt zich door een hoge diversiteit aan culturen, kennis en ervaringen, maar ook zienswijzen en met verscheidenheid kunnen wij hierop goed aansluiten en daardoor ook tot slimme en interessante oplossingen komen. M.b.t. personeelsbeleid blijft het natuurlijk wel van belang om te allen tijde te zoeken naar de beste kandidaat voor een positie binnen de organisatie, echter daarbij kan toetsing op wat een kandidaat toevoegt m.b.t. dit onderwerp onderdeel zijn van de keuze die je maakt.

Het is daarbij goed om bewust te zijn welke eisen het werken in een diverse omgeving aan professionals stelt en ook of er bereidheid is de verschillen te erkennen en te waarderen. Aandacht voor dit thema is in 2019 gestart en vindt voortgang in 2020. Door de COVID-19 maatregelen is het project Diversiteit en inclusie wat op de achtergrond geraakt. De komende tijd zullen de volgende thema’s (weer) opgepakt worden. -

Inclusief Leiderschap: Het ontwikkelen van (sociale) vaardigheden moet een structureel onderdeel worden van de leiderschapsvisie. Er moet gewerkt worden aan het ontwikkelen en omarmen van de professionele waarde en overtuigingen bij medewerkers en hun leidinggevende, waarbij discriminatie moet worden tegen gegaan, niet alleen op basis van ras, maar op alle vlakken. Dit wordt meegenomen in het “leiderschapsprogramma (beginnend) leidinggevenden en in de visie op Leiderschap van de VRR. Daarnaast wordt gewerkt aan een Webinar en/of digitale training met betrekking tot Unconscious Bias en Inclusief Leiderschap begin september

Jaarverslag 2020 Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

55 / 120

Paragraaf Bedrijfsvoering -

Black lives matter Binnen de VRR is aandacht gevraagd voor dit actuele thema via de bekende kanalen (intranet en nieuws uit de Directieraad). Leidinggevenden en medewerkers is gevraagd om met elkaar in gesprek te gaan over deze actualiteit en door het voelbaar en laagdrempelig te maken door de vraag ‘wat doet het met jou’ te stellen. Het gaat daarbij niet om verwijten of om persé een discussie te voeren. “Het belangrijkste is dat je oprechte belangstelling in elkaar toont en dat je er voor elkaar bent. Aan de oproep is gehoor gegeven en dit heeft tot mooie gesprekken geleid. In 2021 wordt bekeken hoe er een vervolg aan dit onderwerp kan worden gegeven.

-

Bestuurlijke rapportage en platform t.a.v. racisme: Er wordt nagedacht hoe over dit onderwerp gerapporteerd kan worden aan het Algemeen Bestuur op basis van een aantal kwantitatieve en kwalitatieve parameters. Daarnaast is er behoefte aan een betere afspiegeling van mensen uit de organisatie die beschikbaar zijn voor medewerkers als ze met ervaringen van discriminatie of racisme te maken hebben. Soms is een gesprek met een vertrouwenspersoon niet toereikend. Hier wordt over nagedacht met de integriteitsfunctionaris van de VRR.

-

Recruitment: Ook op het gebied van werving en selectie is er aandacht om dit onderwerp te integreren in het beleid. In 2020 is er aandacht besteed aan hoe vacatureteksten inclusiever kunnen worden beschreven. Ook is nagedacht over meer inclusief werven en non-biased selecteren. In 2021 zal dit in praktijk worden gebracht

-

Afscheid zwarte Piet: De Directie vindt het niet meer aanvaardbaar om zwarte pieten in te zetten bij Sinterklaasfeesten van of gerelateerd aan de VRR. In plaats daarvan worden roetveegpieten of regenboogpieten verwelkomd.

-

World Police & Fire Games (WPFG): Samen met organisatoren van de WPFG is gewerkt aan een subsidieaanvraag bij het Erasmus+programma van de Europese Commissie. De subsidieaanvraag behelst de vormgeving van een sideprogramma van de WPFG waarbij diversiteit en inclusie het hoofdthema is. Het betreft o.a. het organiseren van een internationale conferentie, een campagne, workshops, bijeenkomsten etc. Of de aanvraag wordt gehonoreerd weten wij pas in het najaar van 2020. In verband met de verschuiving van WPFG naar 2022 (i.v.m. de COVID-19 pandemie) moet bezien worden of de Erasmus+-subsidie meegenomen kan worden naar 2022. De geplande conferentie kan wél doorgang vinden, omdat deze grotendeels door subsidie van de Alliantie Gelijkspelen wordt gefinancierd.

Daarnaast is met de portefeuillehouder diversiteit en inclusie van het Bestuur van de VRR afgesproken om ook andere gemeenten binnen onze regio te inspireren met onze beweging. Dit zal volgend jaar worden opgepakt. Eind 2020 is gestart met het in kaart brengen van alle activiteiten rondom diversiteit en inclusie. Dit vormt de basis voor het ontwikkelen van de visie rondom diversiteit en inclusie binnen de VRR. Op basis daarvan wordt verder gebouwd aan dit thema. Duurzaamheid van personeel. Duurzame inzetbare werknemers zijn werknemers die nu en in de toekomst gezond, gemotiveerd, competent en productief aan het werk kunnen zijn om de eigen ambities en die van de organisatie waar te maken. Het realiseren van de ambities van werkgever en werknemer is een gedeelde verantwoordelijkheid. Van de werknemers mag verwacht worden, dat ze ervoor zorgen vitaal, vakkundig en gemotiveerd te zijn om de prestaties te leveren, die van ze verwacht mogen worden. Van de werkgever mag verwacht worden dat er een omgeving wordt gecreëerd waar de werknemer optimaal kan presteren. Er is een duurzame inzetbaarheidskalender geïntroduceerd waarbij al volop aandacht is voor de duurzame inzetbaarheid van het personeel.

Jaarverslag 2020 Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

56 / 120

Paragraaf Bedrijfsvoering In de beleidsnotitie duurzame inzetbaarheid zijn de belangrijkste uitgangspunten: - Medewerkers kiezen zelf voor hun eigen privé-werkbalans; wanneer werk ik, waar werk ik en hoeveel werk ik. - Medewerkers kiezen zelf voor vitaliteit en gezondheid (de bewuste medewerker, zelfregie). - Medewerkers worden ingezet op hun talent/ambitie/passie en in hun kracht staan: werken is leuk (eventueel ook tijdelijk buiten de VRR)! - Medewerkers voelen zich verantwoordelijk voor hun eigen ontwikkeling en loopbaan. - Medewerkers en leidinggevenden weten om te gaan met werkdruk en zijn mentaal veerkrachtig. Cruciaal in het realiseren van duurzaam inzetbare medewerkers is faciliteren op 4 pijlers te weten: - Gezondheid en energie. - Kennis en vaardigheden - Balans werk – privé - Motivatie en betrokkenheid. Hierbij is de dialoog tussen werkgever en werknemer zeer belangrijk. In deze dialoog gaan leidinggevende (werkgever) en medewerker met elkaar in gesprek over deze vier elementen, die van invloed zijn op de inzetbaarheid van de medewerker in relatie tot hun eigen ambities en die van de organisatie. Op de agenda voor het eerste halfjaar stond de uitvoering van de health checks. De health checks zouden samen met de resultaten van het in 2019 uitgevoerde Medewerkers tevredenheidsonderzoek input zijn voor het plan van aanpak: “Jij bent van vitaal belang”.

Hierin worden acties/interventies uitgewerkt waarop de organisatie gaat sturen om te komen tot duurzaam inzetbare medewerkers. Door de uitbraak van COVID-19 hebben de health checks helaas geen doorgang kunnen vinden en is er nog geen plan van aanpak gemaakt. Binnen de VRR staan ook werkdruk en werkgeluk op de agenda. Op dit thema was een actie gepland, die helaas ook geen doorgang heeft kunnen vinden. In plaats daarvan is de aandacht gegaan naar ondersteuning van personeel ten tijde van de COVID-19-crisis. Voor het personeel dat thuis ging werken werden ter ondersteuning berichten geplaatst met tips over het thuiswerken, hoe je met elkaar in contact kan blijven en komen en hoe je gezond kan blijven. Hoe kunnen wij ervoor zorgen dat medewerkers (duurzaam) inzetbaar, in balans blijven en de spanningen niet te hoog oplopen waardoor uitval voorkomen wordt? Hiertoe is een intranet pagina ontwikkeld met tips over thuiswerken, zijn webinars op het onderwerp stress gegeven en is een psycholoog (tijdelijk) ingezet waar men laagdrempelig terecht kan als men het idee heeft dat men uit balans is. Zij zorgt voor een eerste opvang en indien nodig voor snelle doorverwijzing. Aan het aantal aanmeldingen (32) is duidelijk te zien dat hier is ingespeeld op een behoefte.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10188012/3