CConstaterende datMaassluis
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Beleidsvisie Stroomopwaarts.

gemeenteraad 13 april 2021, gemeente MaassluisBij agendapunt: Raadsvoorstel tot vaststellen zienswijze beleidsvisie Stroomopwaarts5.290 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beleidsvisie Participatiebedrijf Stroomopwaarts SAMEN ZORGEN DAT HET WERKT

Voorwoord ____________________________________________ 3 Inleiding ______________________________________________ 4 2

3

Algemene Beleidsuitgangspunten ___________________ 7 2.1

Visie op integrale dienstverlening _______________________ 7

2.2

Visie op Participatie __________________________________ 7

2.3

Visie op partnerschap met ondernemers _________________ 8

2.4

Visie op loonopdrachten ______________________________ 8

2.5

Visie op de uitvoering armoede en schuldenbeleid _________ 8

2.6

Visie op dienstverlening ______________________________ 9

2.7

Visie op organisatieontwikkeling ______________________ 10

2.8

Visie op bedrijfsvoering ______________________________ 10

2.9

Innovaties in participatie _____________________________ 11

Relevante ontwikkelingen _________________________ 12

2

Het rapport schetst dat de organisatie na de omvangrijke fusie, waarbij ze niet kon putten uit eerdere ervaringen in ons land, volwassen is geworden. Dat is noodzakelijk gezien de toekomstige ontwikkelingen op de arbeidsmarkt en het klantenbestand. Investeren in een doorontwikkeling van de organisatie is hierbij nodig. Gemeenten zullen daarbij de hoofdkaders bepalen en haar uitvoeringsorganisatie de ruimte moeten bieden te kunnen handelen in belang van de participatieopgave.

Voorwoord Op 1 juli 2015 werd Stroomopwaarts opgericht: de fusie van onze drie sociale diensten en onze drie sociale werkbedrijven. Met deze fusie beoogden we een beter antwoord te kunnen bieden op de complexe opgave van de participatiewet. De bezuinigingen die gepaard gingen met de overdracht van taken aan lokale overheid, maakten het noodzakelijk te kiezen voor andere oplossingen. De businesscase bij de oprichting van Stroomopwaarts richtte zich op de realisatie van een efficiëntere dienstverlening.

Tot slot laat het rapport van BMC zien dat gebrek aan sturingsmogelijkheid op de bedrijfsvoering een risico vormt voor de primaire taakuitvoering. De colleges en raden hebben besloten de bedrijfsvoeringstaken in 2021 over te gaan dragen naar Stroomopwaarts. Dat zal een positief effect hebben op o.a. de gewenste digitalisering van bepaalde processen.

De evaluatie van Berenschot over de realisatie van de ambities uit de businesscase liet zien dat we grotendeels geslaagd zijn. De titel van het rapport luidde: Stroomopwaarts doet haar naam eer aan. De dienstverlening heeft bijgedragen aan een daling van het aantal uitkeringsgerechtigden, heeft geleid tot een gezondere orderportefeuille voor het werkleerbedrijf en er is meer sturingsinformatie beschikbaar. De realisatie van de gestelde doelen hadden de gemeenten afzonderlijk volgens Berenschot niet kunnen halen. De keuze van colleges en raden voor een Gemeenschappelijke Regeling voor de uitvoering van de Participatiewet wordt daarmee onderschreven.

Kortom ons participatiebedrijf staat en is klaar voor de toekomst. We hebben hierin wel enkele pijlers te versterken en moeten zorgen voor maximale wendbaarheid. In dit document gaan we in op enkele algemene ontwikkelen. Deze vertalen we naar beleidsdoelstellingen op het gebied van participatie en enkele organisatie doelstellingen.

Berenschot stelt dat de organisatie staat, maar doet wel enkele aanbevelingen. Stroomopwaarts kreeg een strakke taakstelling bij de opgave. Uit de benchmark blijkt dan ook dat zij met minder formatie dan het landelijk gemiddelde, de dienstverlening biedt. Dat leidt tot een hoge werkdruk en zou een verklaring kunnen zijn voor het ziekteverzuim. Daarnaast zou er door de keuze voor meer formatie wellicht meer persoonlijke aandacht geboden kunnen worden aan de kwetsbare inwoners. Dat kan een positief effect hebben op de klanttevredenheid.

Uiteraard maakt dit document onderdeel uit van de brede visie transitie op het sociale domein. Dit document beperkt zicht tot de beleidsdoelen waar Stroomopwaarts voor is opgericht.

Berenschot geeft aan dat de huidige besluitvorming stroperig verloopt en dat dit de wendbaarheid van Stroomopwaarts in een veranderende context niet ten goede komt. Advies is dan ook de governance aan te passen naar de gewenste handelingsruimte.

3

Participatie, door betaald werk of anderszins, is hierbij een belangrijke pijler. Een gezamenlijke integrale toets aan de poort, kan bijdragen aan adequate doorverwijzing. In het merendeel van de klantvragen kan een oplossing geboden worden door één uitvoeringsorganisatie. Denk bijvoorbeeld aan een inkomensvraag. Maar in sommige gevallen is er niet slechts een inkomensvraag maar blijken er ook problemen met huisvesting en in de relationele sfeer. Dan moet er regie vanuit de wijk plaatsvinden om alle dienstverlening op de juiste wijze op elkaar af te stemmen. Investeren in wijknetwerken moet leiden tot meer inzet van laagdrempelige ondersteuning en daarmee tot een afname van dure professionele begeleiding

Inleiding Stroomopwaarts verstrekt conform de Participatiewet inkomensvoorzieningen en doet dat op een efficiënte en rechtmatige wijze. Stroomopwaarts richt zich daarnaast echter primair op het activeren van mensen, bij voorkeur door ze naar werk te begeleiden. Stroomopwaarts is ervan overtuigd dat (betaald) werk winst oplevert. Sociale, maatschappelijke en economische winst. Winst voor inwoners die nu nog aan de kant staan, voor lokale ondernemers en voor de stad. Om kansen van kwetsbare inwoners te verhogen, moet er sprake zijn van een gedeelde publiek-private verantwoordelijkheid. Het vraagt ook een goede samenwerking in de brede sociale keten voor de meest kwetsbare inwoners.

Participatie vergroot het netwerk van inwoners. Uitgangspunt is dat mensen zoveel mogelijk in hun eigen inkomen kunnen voorzien. Betaald werk loont. Het geeft zelfvertrouwen, onafhankelijkheid en de mogelijkheid om schulden af te lossen. Daarbij zijn werkende ouders een rolmodel voor kinderen en kan de over erfbaarheid van uitkeringsafhankelijkheid en armoede doorbroken worden.

Een groep inwoners blijkt een gezond ondersteunend netwerk te missen. Verstevigen van het netwerk is van belang om problemen in de diverse leefgebieden op te lossen. Pas dan kan er sprake zijn van een duurzame oplossing. Wanneer je geen onderdeel uitmaakt van de arbeidsmarkt, is er geen bron van inkomsten, maar is er ook gebrek aan structuur. Er zijn inwoners die daarom op diverse leefgebieden problemen krijgen, zodra ze deze structuur verliezen.

Stroomopwaarts zet in op een efficiënte en professionele ondersteuning bij schuldenproblematiek. We zijn verantwoordelijk voor de Wet op gemeentelijke schuldhulpverlening. Uiteraard zouden we met elkaar wensen dat mensen niet problematische schulden maken. Investeren in voorlichting en stimuleren dat inwoners eerder hulp vragen blijft een belangrijke opgave in de toekomst. Stroomopwaarts werkt samen met Schuldenlab Nederland om innovatieve oplossingen te ontwikkelen in kader van preventie. In 2021 vindt er een wetswijziging plaats die maakt dat er meer data beschikbaar komt. Deze data heeft een signalerend effect. Er kan dan laagdrempelig contact gelegd worden met inwoners die betaalachterstanden hebben. Uiteraard blijven we afhankelijk van de inwoners of zij hulp willen aanvaarden.

Momenteel wordt er gewerkt aan een regionale MVS-visie voor de transformatie van het sociaal domein. Doel van de visie is het verdiepen van de integrale samenwerking tussen maatschappelijke organisaties en gemeenten waarbij (maatschappelijke) kosten en opbrengsten in een groter perspectief worden gezien. Gezamenlijk moeten we met (te) beperkte Rijksmiddelen, belangrijke maatschappelijke knelpunten oplossen en bij voorkeur voorkomen. Hierbij geldt het uitgangspunt: ‘’zorgen dat” in plaats van “zorgen voor” en streven we naar een zoveel mogelijke zelfredzaamheid van onze inwoners. 4

De weg naar betaald werk is voor veel inwoners moeilijk. In dit beleidsvisie document focussen we ons op beleidsmaatregelen die arbeidskansen van inwoners vergroten. Helaas zien we dat in tijden van laagconjunctuur dezelfde groep werknemers iedere keer kwetsbaar is op de arbeidsmarkt. Zij zullen als eerste hun baan verliezen en tergkeer naar de arbeidsmarkt kan vaak slechts met inzet van compenserende overheidsmaatregelen. Te denken valt aan looncompensatie en extra begeleiding of no-risk polissen. Een oplossing voor inwoners die in die kwetsbare positie verkeren op de basis van de arbeidsmarkt is van belang. Immers er gaat arbeidskapitaal verloren, los van dat het een zeer negatief effect heeft op de betrokken inwoner.

Ook andere innovaties op het gebied van ontwikkeling en bemiddeling zijn noodzakelijk. Denk bijvoorbeeld aan het inzetten van loonkostensubsidie voor een bredere doelgroep en het verbreden van de inzet van jobcoaching. Deze passen bij de complexere opgave waar we nu voor staan. Ook de toename van het aantal mensen met een arbeidsbeperking (Wajong) dat instroomt, vraagt om alternatieve oplossingen. Daar waar de participatiewet niet slaagt de juiste oplossingen te vinden, wil Stroomopwaarts nieuwe methode ontwikkelen om hierin wel te slagen. De evaluatie van de P-wet laat zien dat het kwantitatief aantal marktbanen voor de doelgroep met een arbeidsbeperking niet gestegen is. De markt heeft weliswaar meer banenkansen gecreëerd. Dit zijn echter met name banen voor mensen die al een SW dienstverband hadden. Een oplossing voor de nieuwe instroom is dus nog niet geboden. De norm voor bedrijven zal daarvoor omhoog moeten in de realisatie van garantiebanen. Daarnaast kan de gemeente het aantal interne garantiebanen verhogen om meer mensen uit de doelgroep passend betaald werk te bieden. Gezien de gezonde orderportefeuille van het Werkbedrijf van Stroomopwaarts is dat een werkbaar alternatief.

Mensen met een arbeidsbeperking ervaren ook drempels in hun weg naar betaald werk. Ondernemers zijn maar beperkt in staat passend werk te organiseren in de eigen organisatie. We weten dus uit ervaring dat een bepaalde groep niet in staat is zelfstandig betaald werk in de reguliere arbeidsmarkt te vinden dan wel te behouden. Zij blijven afhankelijk van publiek gefinancierde oplossingen. Te denken valt aan gesubsidieerde arbeid (zoals de Sociale Werkvoorziening, Beschut werk, garantiebanen).

Voor elke oplossing geldt dat we afhankelijk blijven van de maatschappelijke betrokkenheid van ondernemers. Die willen wij stimuleren, mede door een op de vraag van ondernemers toegesneden aanbod en ondersteuning. Bijvoorbeeld door uitkeringsgerechtigden klaar te stomen voor de arbeidsmarkt. Daarbij is het essentieel, dat wij de vinger aan de pols houden voor wat betreft de vraag en het aanbod van ondernemers. Met de oprichting van het opleidingshuis waar praktijkleren centraal staat, kunnen we werkzoekenden een betere basis bieden voor de vraag op de arbeidsmarkt.

Momenteel zijn deze oplossingen slechts toegankelijk voor mensen die in het doelgeroepregister vallen. Dat betekent dat een groep eveneens kwetsbare inwoners niet adequaat ondersteund kan worden. Daarom is besloten het palet aan oplossingen uit te breiden met de Basisbaan. Eén van de aanbevelingen van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid aan het kabinet is om mensen met weinig kans op de arbeidsmarkt een basisbaan te geven in plaats van een uitkering Dit vinden wij ook een juiste oplossing. Dit advies is overgenomen en we starten dan ook met been pilot basisbanen. De uitwerking wordt onderdeel van de regionale MVS-visie voor de transformatie van het sociaal domein. Hierbij wordt rekening gehouden met nadere wetgeving die nog in ontwikkeling is.

In diverse samenwerkingsverbanden (zoals het SEN) wordt invulling gegeven aan het versterken van de betrokkenheid van lokale ondernemers. Eind 2020 is het Werkpact Sociaal ondernemen gelanceerd. Hiermee conformeren ondernemers zich aan een concrete inspanning om het aantal werkplekken voor kwetsbare inwoners te verhogen. Dat kan 5

door een werkplek in de eigenorganisatie te realiseren dan wel werkplekken mogelijk te maken bij het Werkbedrijf van Stroomopwaarts. Ondernemers kunnen werk uitbesteden tegen een marktconform tarief waarmee we mensen uit de brede doelgroep betaald werk kunnen bieden. Ondernemers die daadwerkelijk zorgen voor extra werkplekken ontvangen een keurmerk waarmee ze zich kunnen onderscheiden. Dit kan bv. relevant zijn bij bepaalde aanbestedingen. Wij zijn ervan overtuigd dat investeren in zelfredzaamheid en het vinden van betaald werk, leidt tot verlaging van kosten in het brede sociale domein. Stroomopwaarts is daarmee een belangrijke uitvoeringsorganisatie in de brede sociale keten.

6

andere vlakken weinig effect heeft, als men in beslag wordt genomen door zorgen over basisbehoeften.

2 Algemene Beleidsuitgangspunten

2.2 Visie op Participatie

2.1 Visie op integrale dienstverlening

“De hele doelgroep Participatiewet participeert naar vermogen en met plezier en zijn trots op wat ze doen / bereikt hebben’.

Stroomopwaarts investeert in een gezamenlijke transformatie binnen het brede sociale domein op MVS niveau met de drie gemeenten en de overige uitvoeringsorganisaties, zoals de wijkteams en ROGPlus..

De ambitie van Stroomopwaarts is te voorkomen dat mensen (langdurig) afhankelijk zijn van overheidsondersteuning. Onze hoofdtaak is om mensen zoveel mogelijk financieel zelfredzaam te laten zijn. De beste en meest natuurlijke manier om een inkomen te krijgen, is via betaald werk. Daarbij wordt nadrukkelijk ook een inspanning van betrokkenen verwacht. Samen zorgen wij ervoor dat het werkt!

Wanneer een inwoner in onze gemeenten niet zelfstandig in staat is om problemen het hoofd te bieden, is ondersteuning mogelijk. Daarbij kijken we eerst of iemand met informele laagdrempelige ondersteuning deze problemen kan oplossen. Daarbij denken we aan ondersteuning vanuit een wijknetwerk of bv. ondersteuning door een schuldhulpmaatje in geval van een financieel vraagstuk. Indien formele ondersteuning nodig is, dan wordt er parallel altijd informele ondersteuning geboden. De intentie is de formele ondersteuning zo tijdelijk mogelijk in te zetten. Informele ondersteuning is duurzaam. Inwoners zouden altijd terug moeten kunnen vallen op een basis netwerk in hun directe omgeving.

Investeren in (arbeids)ontwikkeling Mensen die langdurig werkloos zijn, kunnen niet zonder intensieve investering duurzaam uitstromen naar betaald werk. Om de brug te slaan tussen vraag en aanbod, investeren wij in het ontwikkelen van vak- en werknemersvaardigheden. Trainingen worden geboden via het Opleidingshuis van SOW in samenwerking met lokale ondernemers en onderwijsinstellingen. Het streven is dat er minimaal een erkend MBO (praktijk) diploma behaald wordt.

Doel van de transformatie is adequatere hulp voor onze inwoners, waarmee we beogen dat de inwoner sneller in het eigen netwerk weer regie krijgt over haar of zijn leven. Hiervoor moet het wijknetwerk worden doorontwikkeld. Voor inwoners moet laagdrempelige ondersteuning eenvoudig toegankelijk zijn door een goede samenwerking binnen de wijkteams en het wijknetwerk. Daarnaast ontwikkelen we een integrale aanpak vanuit ons multidisciplinair team bij complexe klantvragen.

We streven ernaar dat ondernemers in de regio sociaal ondernemen. Stroomopwaarts streeft naar duurzame uitstroom richting betaald werk. Daarom investeren wij in een sterk netwerk van actieve, maatschappelijk betrokken ondernemers. In 2017 is het Sociaal Economisch Netwerk opgericht. Hierin participeren ondernemers, onderwijs, maatschappelijke organisaties en overheid. Stroomopwaarts is de penvoerder van SEN MVS. Doelstelling van SEN MVS is het inspireren van ondernemers in een actieve bijdrage in onze sociale opgave.

Hierbij geldt als gedeeld uitgangspunt dat ondersteuning als eerste gericht is op (het realiseren van) de basisvoorwaarden: er is werk of een andere zinvolle dagbesteding, er is een onderkomen, de financiën zijn op orde en er is een sociaal netwerk. Uit onderzoek blijkt immers dat ondersteuning op 7

Daarnaast is in 2020 het Werkpact Sociaal Ondernemen MVS gesloten. Ondernemers die geïnspireerd zijn ondertekenen het convenant met de intentie een concrete bijdrage te leveren. Ondernemers die daadwerkelijk een bijdrage leveren aan de sociale opgave, ontvangen een keurmerk en kunnen zicht hiermee onderscheiden.

marktconforme tarieven. Hierdoor is er ook sprake van een gelijk speelveld met de private ondernemers. Alle werkbedrijven in de regio werken met een vergelijkbaar calculatiemodel. Hiermee voorkomen we oneigenlijke concurrentie en voldoen we aan de wet markt en overheid. Nog belangrijker is dat we niet alleen een financieel gezonde orderportefeuille hebben, maar ook een portefeuille met uitdagend werk voor onze medewerkers, Het werk biedt de kans om te investeren in de ontwikkeling van zowel de mensen waar we werkgever voor zijn als voor mensen die we begeleiden naar betaald werk.

Stabiele vangnetfunctie voor de meest kwetsbare werknemers Voor een deel van de meest kwetsbare inwoners blijft een publieke infrastructuur nodig om te kunnen werken. Het werkleerbedrijf is werkgever voor een grote groep medewerkers met een grote afstand tot de arbeidsmarkt en een hoge begeleidingsbehoefte. Door te investeren in hun ontwikkeling streeft Stroomopwaarts naar tevreden medewerkers met uitdagend passend werk. Uiteraard willen we daar tevens een zo hoog mogelijk rendement mee behalen.

2.5 Visie op de uitvoering armoede en schuldenbeleid Integrale aanpak op armoede en schulden Armoede en schuldenproblematiek vraagt een brede visie op de ontwikkeling van onze drie steden op het gebied van wonen, werken en leren. Immers de kansen op de arbeidsmarkt worden bepaald door de mate waarin kinderen kansen hebben gehad onderwijs te volgen. Het aanbod van werk in een stad wordt deels bepaald door het vestigingsklimaat. En we weten dat de plaats waar iemand opgroeit, de wijk, bepalend is voor het al dan niet hebben van een ondersteunend netwerk. Kortom het welzijn van inwoners wordt bepaald door de visie op wonen, werken en onderwijs.

2.3 Visie op partnerschap met ondernemers Stroomopwaarts kan slechts haar werkgeversrol en de ontwikkeltaak uitvoeren wanneer zij voldoende opdrachten krijgt van ondernemers. Er is sprake van grote concurrentie voor de werkzaamheden die wij uitvoeren binnen het Werkleerbedrijf. Daarom streven we naar stevige partnerschappen met onze klanten. Dit doen we door naast de primaire werkzaamheden, zoals bijvoorbeeld ompakken of assembleren, tevens het volledige productieproces en de logistiek uitvoeren in dienst van opdrachtgevers. Op die manier zijn we minder afhankelijk van lage prijsstelling en meer partner van ondernemers dan ‘’leverancier’’.

Wanneer inwoners ondersteuning nodig hebben dan is het van belang dat hulp toegankelijk is. De visie op schulden en armoede beperkt zich in dit document dus tot de uitvoering van de regelingen waar Stroomopwaarts uitvoering aan geeft.

2.4 Visie op loonopdrachten De subsidie voor mensen met een arbeidsbeperking is de afgelopen jaren flink gedaald. Dit maakt dat er een grotere bijdrage verwacht moet worden vanuit het bedrijfsleven. Enerzijds in het bieden van passend werk in de eigen bedrijven, de garantiebanen, en anderzijds in het bieden van loonvormend werk. Dit betekent dat we opdrachten aanbieden tegen

Voorkomen van armoede en schulden is beter dan genezen. In onze steden is er sprake van een grote groep mensen in kwetsbare financiële posities. Het voorkomen van problematische schulden is het ultieme streven. Investeren in het leren omgaan met geld kan dus niet jong genoeg gebeuren. Er wordt daarom aan lagere en middelbare 8

scholen aan aanbod gedaan voor lesprogramma’s ter preventie. Kinderen die opgroeien in gezinnen met schulden leren beperkt omgaan met geld en daarom zien we een over erfbaarheid van schuldenproblematiek.

in o.a. wijkteams, scholen en geven desgewenst voorlichting aan werkgevers over schulden bij werknemers. Uitvoering van regelingen voor minima: Inwoners kunnen gebruik maken van regelingen voor minima. De regelingen zijn gericht op het voorkomen dat mensen niet mee kunnen doen. Armoede leidt tot beperking van mogelijkheden om bijvoorbeeld deel te nemen aan sport, culturele evenementen en kan zelfs leiden tot een achterstandspositie op school. We vinden het van belang dat ongeacht de financiële positie van ouders, kinderen zo gelijk mogelijke kansen krijgen. Met name de kindregelingen richten zich daarom op participatie van kinderen in onderwijs, sport en cultuur. Hiermee beogen we achterstanden in hun ontwikkeling te voorkomen om hun toekomstkansen te verbeteren. Bij het aanvragen van deze regelingen bieden wij ondersteuning en we brengen de regelingen actief onder de aandacht van inwoners. Daarnaast kunnen intermediairs de regelingen aanvragen, te denken valt aan mentoren op school en de sportvereniging. Het bereik is hierdoor groter. De regelingen zijn altijd verstrekkingen in natura, waarmee we verzekerd zijn dat het beoogde doel bereikt wordt.

Preventiemaatregelen zijn een belangrijk speerpunt. Door in te zetten op voorlichting en vroegsignalering wil Stroomopwaarts voorkomen dat inwoners zich pas melden als er sprake is van problematische schulden. Onze ambitie is te komen tot een verlaging van het gemiddeld schuldbedrag bij schuldhulp-regelingen doordat inwoners sneller bij ons komen als er schulden zijn. Daarnaast streven we er naar dat meer inwoners gebruikmaken van preventie-instrumenten als training en coaching bij financiële vraagstukken. Dankzij de aanpassing in de wetgeving beschikt Stroomopwaarts vanaf 2021 over meer data van inwoners met betaalachterstanden. Er kan dan actief contact gelegd worden op basis van deze signalen. Wanneer inwoners zich melden met schulden is het van belang dat zij zo snel mogelijk geholpen worden. We werken met een schuldenmap aangepast op een laag taalniveau en met overzichtelijke stappen. Het treffen van een schuldenregeling kost veel tijd. Vaak leidt dit tot voortijdig afhaken. Daarom sluit Stroomopwaarts aan bij de collectieve schuldenregeling van Schuldenlab Nederland. Samenwerking met Schuldenlab zal moeten leiden tot innovatieve oplossingen om inwoners beter te bereiken en vervolgens sneller te kunnen helpen.

2.6 Visie op dienstverlening Stroomopwaarts is een organisatie waar onze inwoners en klanten zich welkom voelen. Onze medewerkers hebben adequate kennis van hun vak en werken effectief en efficiënt voor cliënten. Wij streven naar een klanttevredenheidscijfer minimaal gelijk aan het landelijk gemiddelde. Daar waar dat mogelijk is voor onze inwoners, streven wij naar maximaal digitaal. We ondersteunen inwoners bij het aanvragen van regelingen wanneer zij dit zelf niet digitaal kunnen.

Integraal aanbod bij schuldenproblematiek Schulden staan zelden op zichzelf. Het aangaan van schulden kan leiden tot huisuitzetting, het vermijden van noodzakelijke medische zorg en verwaarlozing. Kortom ondersteuning van inwoners met schulden is een samenspel met woning coöperaties, de zorgverzekeraar en de wijkteams.

Er is een doorontwikkeling in digitalisering gewenst om aan te sluiten bij de gebruikelijke standaard. De doorontwikkeling van de bedrijfsvoering is hierbij noodzakelijk.

De samenwerking is ook van belang in kader van vroegsignalering. Bij betaalachterstanden kan er hulp geboden worden ter voorkoming van bv. huisuitzetting. Stroomopwaarts werkt daarom met diverse organisaties samen ter voorkomen en schulden vroegtijdig te signaleren. We houden spreekuren 9

voor het realiseren van mooie resultaten voor onze klanten. Hiervoor wordt o.a. gewerkt met intervisie en een buddysysteem.

2.7 Visie op organisatieontwikkeling Binnen Stroomopwaarts werken we met professionals. De professionals hebben binnen gestelde kaders de ruimte om werkprocessen te ontwikkelen. Dit draagt bij aan een breed draagvlak onder de medewerkers. Zij zijn in staat om eventuele knelpunten in processen te signaleren en oplossingen te bedenken. Hiermee willen we onze processen optimaliseren voor onze klanten. Zo gaan we werken met multidisciplinaire teams. Dit zijn een team van professionals die gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor een groep klanten. Kennis over inkomen, re-integratie en schuldhulpverlening zijn dan gekoppeld. Het idee van multidisciplinaire teams is bedacht door de eigen medewerkers. Dit leidt tot een organisatiewijziging.

Ondersteunende infrastructuur en werkprocessen Stroomopwaarts biedt een dynamische en gevarieerde leer en werk infrastructuur die onze kernactiviteit ontwikkelen maximaal faciliteert. Klanten doorlopen een proces waarbij op basis van het individuele klantproces een ontwikkeltraject wordt aangeboden aansluitend bij een arbeidsmarktprofiel en de gediagnosticeerde ontwikkelbehoefte. De doorlooptijd van het proces is afhankelijk van de mogelijkheden van de klant. Wij maken hierbij zoveel mogelijk gebruik van wetenschappelijk onderbouwde/gevalideerde (diagnose-)instrumenten om de kwaliteit te borgen.

2.8 Visie op bedrijfsvoering Onderzoek door BMC heeft geleid tot het voorgenomen besluit om bedrijfsvoeringstaken in 2021 over te dragen naar Stroomopwaarts. Momenteel worden deze taken geleverd via een hostingsmodel door de drie gemeenten. De bedrijfsvoering moet ondersteunend zijn en gericht op het snel en adequaat reageren op ontwikkelingen in de markt. De bedrijfsvoering moet de organisatie helpen in het kunnen bieden van de gewenste dienstverlening. Het doel is hiermee efficiënt te kunnen monitoren en sturen en de klanttevredenheid verhogen. Tevens kunnen we onze medewerkers beter ondersteunen de uitvoering van hun werkzaamheden, Innovatiekracht versterken Als organisatie moeten we wendbaar zijn om met veranderingen om te gaan. Het zoeken naar nieuwe vormen van samenwerking en nieuwe vormen van leren. Uitgangspunt hierbij is dat onze medewerkers de verantwoordelijkheid nemen voor hun eigen leren. Een open, op samenwerking gerichte cultuur op basis van vertrouwen, verbinding en vreugde is fundamenteel

10

Naast de inzet van basisbanen ie gekozen voor een uitbreiding van de doelgroep waar loonkostensubsidie voor wordt ingezet. Het betreft het tijdelijk inzetten van LKS voor bepaalde doelgroepen waar de drempel naar betaald werk hoog is.

2.9 Innovaties in participatie Meedoen aan de samenleving biedt een basis netwerk waar inwoners een beroep op kunnen doen. Om de participatiegraad te verhogen gaan we enkele innovaties doorvoeren waaronder de basisbaan en de wijkparticipatie. Daarnaast zullen we in samenspraak en onder regi van de drie gemeenten de uitvoeringsregie oppakken voor de inburgering.

Maatschappelijke wijkparticipatie Inwoners met psychische, lichamelijke, sociale problematiek of een combinatie hiervan, kunnen niet altijd meedoen aan een traject gericht op reguliere arbeid. Samen met ketenpartners zetten we in zulke gevallen in op maatschappelijke participatie. Samen met een medewerker uit het wijkteam wordt bepaald of kandidaten een traject richting zorg of participatie krijgen voor minimaal 16 uur per week. Vrijwilligerswerk behoort tot een van de mogelijkheden voor participatie. De samenwerking met zowel het wijkteam als de overige werkconsulenten binnen Stroomopwaarts is intensief en gericht op uitwisseling. Participatie in de wijken heeft als doel een tussenstap naar uiteindelijke uitstroom richting betaald werk.

Basisbaan De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) adviseert om een nieuw sociaal activerend stelsel te ontwikkelen, dat recht doet aan de betekenis van ‘werk’. Ook de commissie Borstlap adviseert een herziening van het huidige arbeidsmarktbeleid. Werk verkleint achterstanden van mensen, biedt meer zekerheden en draagt bij aan welzijn. Voor een groot deel van de beroepsbevolking geldt, dat zij in staat is werkfit te blijven en te investeren in haar arbeidsmarktwaarde. Een ander groot deel blijft echter kwetsbaar op de arbeidsmarkt. Daarom is besloten te starten met een pilot basisbanen. zijn publiek georganiseerde banen met een opdracht aan de markt te zorgen voor voldoende werk en bijpassende inkomsten. Het betreft dus een publiek-private oplossing, waarbij mensen zowel een inkomenszekerheid wordt geboden als een baan waarin ze zich kunnen ontwikkelen en ze erbij horen.

Veranderopgave Inburgering Stroomopwaarts is in een vroeg stadium betrokken bij de visie op de veranderopgave inburgering. De gedeelde visie is dat werk een uitstekende basis vormt voor succesvolle inburgering. Stroomopwaarts zal de regie functie vervullen in de uitvoering, waarbij er uiteraard ruimte blijft voor ondersteuning op de aanpalende leefgebieden die bijdragen aan een snelle integratie in onze samenleving. Dit vraagt een ketenaanpak met de diverse partners zoals vluchtelingenwerk, taalaanbieders en de welzijnsorganisaties.

Het is de intentie om de basisbaan uit BUIG-Middelen te financieren en de uitkering om te zetten in een salaris. Het salaris wordt deels terugverdiend door de omzet uit de werkzaamheden die worden verricht. Om de basisbaan te laten slagen, is wel voldoende betaald werk nodig. Hier ligt een gezamenlijke opgave voor overheid en ondernemers. De uitwerking wordt onderdeel van de regionale MVS-visie sociaal domein. Hierbij wordt rekening gehouden met nadere wetgeving die nog in ontwikkeling is. 11

3 Relevante ontwikkelingen In de in 2015 ingevoerde Participatiewet zijn de voormalige Wet Werk en Bijstand (WWB), Wet Sociale Werkvoorziening (Wsw) en de Wet Arbeidsongeschiktheidsvoorziening Jonggehandicapten (Wajong) samengevoegd. In de MVS-regio zouden blijkens de begroting 2020 van Stroomopwaarts circa 6.500 mensen gebruik maken van deze regelingen. Het grootste deel van deze groep (circa 83%) krijgt een bijstandsuitkering en wordt begeleid naar de arbeidsmarkt. Ruim 800 personen zijn werkzaam in de Sociale Werkvoorziening. De overige voorzieningen betreffen garantiebanen en beschut werk. Zoals al geconstateerd in het in 2019 uitgevoerde evaluatieonderzoek van Berenschot (“Stroomopwaarts doet zijn naam eer aan”) wordt de totale omvang van deze doelgroepen binnen de Participatiewet in de komende periode naar verwachting alleen maar groter. De ontwikkeling is afgebeeld in de onderstaande figuur (bron: blz. 15 Berenschot rapportage). Dit zijn algemene landelijke cijfers/beelden, de specifieke uitwerking voor Stroomopwaarts wordt nog gemaakt. Deze zal worden meegenomen in de kadernota voor de begroting 2022.

Er is in bovenstaande figuur sprake van vijf hoofdgroepen. Drie daarvan hebben betrekking op het bieden van werkgelegenheid aan mensen met een arbeidsbeperking: Er is wel sprake van verschuivingen binnen deze drie hoofdgroepen, maar de totale omvang van de doelgroep blijft uiteindelijk min of meer gelijk, zo is de verwachting zoals geformuleerd door Berenschot.  Oranje: de Wsw. Gemeenten waren van oudsher al verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wet Sociale Werkvoorziening (Wsw). Het aantal Wsw-ers neemt geleidelijk af, omdat de toegang tot de Wsw per 1-1-2015 is gestaakt. Het zittend bestand houdt de oude rechten. Uiteindelijk zal op lange termijn iedereen uit de Wsw zijn gestroomd. Vandaar de afname tot 0 in de figuur. 

12

Blauw: nieuw beschut. Sinds de komst van de Participatiewet kunnen gemeenten (in de geest van de Wsw) Beschut Werk inzetten voor mensen die uitsluitend mogelijkheden hebben om te werken in

een dienstbetrekking in een beschutte omgeving en onder aangepaste omstandigheden. Het ministerie van SZW gaat ervan uit dat gemeenten gemiddeld voor alle drie Wsw-ers die uitstromen één (meestal interne) beschutte arbeidsplek creëren. Het gaat dan om de plaatsing van mensen met een beperkt arbeidsvermogen (verdiencapaciteit tot 30% van het minimumloon), die niet bij reguliere werkgevers aan de slag kunnen. Deze categorie wordt ook wel ‘Nieuw beschut’ genoemd.

Geel: Loonkostensubsidie. Het ministerie gaat er eveneens van uit dat mensen met een beperking (die niet in aanmerking komen voor beschutte werkplek) die wél bij reguliere werkgevers aan de slag kunnen via een loonkostensubsidie (LKS) aan de slag worden geholpen. De loonkostensubsidie die de werkgever ontvangt van de gemeente is het verschil tussen het wettelijk minimumloon en de loonwaarde van de werknemer vermeerderd met een vergoeding van 23% voor werkgeverslasten. De hoogte van de subsidie is maximaal 70% van het wettelijk minimumloon. Gemeenten hebben beleidsvrijheid en bepalen op basis van maatwerk wat iemand aan (financiële) ondersteuning nodig heeft.

Rood: Wajong. De omvang van de doelgroep Wajong neemt echter zeker toe. Gemeenten worden namelijk ook verantwoordelijk voor de groep mensen die niet volledig en duurzaam arbeidsongeschikt is en die voorheen in de Wajong zou zijn terecht gekomen (en niet in de Wsw). Sinds 2015 is de toegang tot WAJONG slechts mogelijk voor mensen onder 27 jaar waarvan zeker is dat ze levenslang minder dan 20% loonwaarde hebben. Daarmee is de regeling vrijwel voor niemand meer toegankelijk. Toegang rechtstreeks tot de arbeidsmarkt ligt niet voor de hand. Dit betekent dat zij door gebrek aan inkomsten zich zullen melden voor een uitkering bij de gemeenten. Daarnaast vindt er sinds 2015 een herkeuring plaats van alle WAJONG gerechtigden op basis van deze nieuwe norm. Dat betekent dat oude rechten afgebouwd worden en deze groep eveneens zal instromen in de Pwet.

De verwachting van het ministerie is, dat uiteindelijk ten opzichte van de oorspronkelijke aantallen per 1 januari 2015 (de invoering van de Participatiewet) een veel grotere groep gebruik zal maken van ondersteuning vanuit de Participatiewet. Landelijk zaten er eind 2019 circa 400.000 mensen in de bijstand (groen en rood in de afbeelding vanuit het Berenschotrapport). Naar schatting waren landelijk per eind 2019 zo’n 78.000 mensen nog werkzaam in de Wsw. In totaal dus circa 478.000 personen.

De twee andere hoofdgroepen hebben betrekking op inkomensvoorziening:  Groen: Bijstand. Gemeenten blijven onveranderd verantwoordelijk voor de uitvoering van de bijstand. Uiteraard kent de omvang van het bestand fluctuaties van jaar op jaar. In bovenstaande figuur is de omvang van deze groep constant gehouden. In de praktijk fluctueert de omvang van deze groep, vooral door economische omstandigheden. Ook de corona-crisis heeft bijvoorbeeld een flinke (hopelijke tijdelijke) impact op de omvang van deze groep. 13

de overheid vanaf maart 2020 heeft genomen om de verspreiding van het coronavirus in te dammen, hebben een enorme impact op de economie en arbeidsmarkt. Dit begint onder andere zichtbaar te worden bij het stijgende aantal aanvragen voor een bijstandsuitkering. En de voorspellingen voor de nabije toekomst zien er niet direct beter uit. De werkloosheid zal verder toenemen en daarmee ook het bijstandsvolume. Sinds maart 2020 is er sprake van een forse stijging van het aantal nieuwe WW uitkeringen. Het effect van de stijging van het aantal nieuwe WW uitkeringen komt met een vertraging door in het aantal bijstandsuitkeringen. De duur van een WW uitkering varieert van 3 tot 24 maanden. Daarom is de extra instroom in de bijstand, met als reden einde WW uitkering, pas vanaf juli 2020 zichtbaar. Zelfs in het meest positieve scenario (volledig herstel) wordt er een uiteindelijke (tijdelijke) stijging van 11% van het bijstandsvolume verwacht. In minder positieve scenario’s wordt uitgegaan van een stijging oplopend tot 28%.

Fluctuatie aantallen bijstand

De omvang van het aantal verstrekte bijstandsuitkeringen zal altijd fluctueren, vooral door conjuncturele ontwikkelingen. De afgelopen jaren heeft Stroomopwaarts mede door gunstige economische omstandigheden succesvol kunnen opereren bij het terugdringen van het aantal bijstandsuitkeringen. Tussen december 2016 en december 2019 is het aantal uitkeringen met circa 13% gedaald. De BUIG-middelen die de gemeenten ontvangen voor de dekking van bijstandslasten zijn op hetzelfde niveau gebleven. Vanaf 2018 was er daardoor per saldo sprake van een positief verschil voor de gemeenten. In 2015 en 2016 waren de aantallen -in de lijn van de landelijke ontwikkelingen- nog gestegen (in 2016 gemiddeld met zo’n 6%).

De fluctuaties op meer korte termijn (conjunctuur) en langere termijn (nieuwe doelgroep Wajong) hebben gevolgen voor de directe uitkeringslasten, maar ook voor de benodigde uitvoeringscapaciteit. Het is verstandig om daarover met elkaar (MVS-gemeenten, Stroomopwaarts) op voorhand objectieve werkafspraken te maken.

De corona-crisis zal helaas een trendbreuk laten zien bij deze ontwikkeling (de daling van het aantal uitkeringen). De maatregelen die 14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9968058/3