CConstaterende datMaassluis
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Beheerplan Civiele Kunstwerken Maassluis - versie 9.1

gemeenteraad 13 juli 2021, gemeente MaassluisBij agendapunt: Raadsvoorstel tot vaststellen Beheerplan civiele kunstwerken8.652 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Beheerplan Civiele Kunstwerken 2021-2025

Samen Maassluis Kiezen voor beheerste groei

Colofon Titel: Beheerplan Civiele Kunstwerken - periode 2021-2025 Opdrachtgever: Gemeente Maassluis Afdeling Ruimtelijke Projecten Koningshoek 93050 3144 BA MAASSLUIS Opdrachtnemer: Ingenieursbureau Westenberg B.V. Postbus 256 3840 AG Harderwijk Beheerplan opgesteld door: Quinten Murre, planschrijver bij Ingenieursbureau Westenberg B.V. en Peter van der Burg, beheerder wegen en kunstwerken bij Gemeente Maassluis. Datum: 26 mei 2021 Versie: 9 Status: Definitief

1. Inleiding en samenvatting Het is tijd voor een nieuw beheerplan. Het huidige plan ‘Bruggen en onderdoorgangen’ betrof de periode 2015-2019 en het beheerplan ‘Kademuren’ liep tot en met 2017. Dit nieuwe beheerplan ‘Civiele Kunstwerken 2021 – 2025’ verenigt beide voorgaande plannen en breidt ze verder uit. Ingenieursbureau Westenberg schreef de basis voor dit beheerplan, uitgaande van de inspecties die dit bureau heeft uitgevoerd. Het plan is vervolgens in eigen beheer uitgewerkt en aangevuld met de civiele kunstwerken die nog niet eerder in een beheerplan voorkwamen. Ook is een planning van groot onderhoud en renovaties opgesteld Voor het gemak hebben we het in dit beheerplan alleen over groot onderhoud. Gebruikte technische afkortingen en vaktermen worden in paragraaf 4.1. verklaard. Dit beheerplan ‘Civiele Kunstwerken 2021 – 2025’ richt zich op alle civiele kunstwerken in Maassluis. Dit betekent een aanzienlijke uitbreiding van de focus. De totale vervangingswaarde van alle Maassluise civiele kunstwerken bedraagt 108 miljoen euro. Naast de bruggen en kademuren uit de oude beheerplannen zijn nu ook opgenomen:        

Kademuren vlieten Electromechanisch onderhoud van de beweegbare bruggen Spoorwegonderdoorgangen Steigers Trappen Geluidschermen Grondkeringen en damwanden Objecten als de “Boeg” aan de Nieuwe Waterweg en de trappen bij station West

In dit plan wordt onderscheid gemaakt tussen Regulier beheer & onderhoud, Groot onderhoud (gedeeltelijke of gehele vervanging) en Ontwikkelingsbeheer.   

Regulier – en groot onderhoud: Gericht op instandhouding, maar niet levensduur verlengend. De kosten worden gedekt uit de productbegroting. Vervanging. Dit is levensduurverlengend. Kosten daarvan worden gekapitaliseerd en krijgen een plaats in het investeringsprogramma. Ontwikkelingsbeheer: Wijziging van functionele eisen van een bestaand kunstwerk, of het toevoegen van een kunstwerk in de bestaande omgeving. Dekking hiervan zit niet in dit beheerplan. (Nieuwe kunstwerken in de uitbreidingswijken vallen onder areaaluitbreiding)

Huidige financiële situatie Maassluis heeft (net als vrijwel alle Nederlandse gemeenten) de aanleg van het grootste deel van haar openbare ruimte direct afgeschreven, vaak vanuit een grondexploitatie of betaald door een projectontwikkelaar. De kapitaallasten zijn dit moment daarom zeer laag. Doordat er nog geen kapitaallasten lopen kan groot onderhoud (gericht op het behalen van de ontwerplevensuur) nu nog gekapitaliseerd worden. Dat betekent dat de exploitatiebegroting nu nog beperkt kan zijn. Lange termijnperspectief (2070) Het lange termijnperspectief is gebaseerd op de huidige stand van techniek en het huidige prijspeil. Ook zaken als de bevolkingsomvang, het reisgedrag, maar ook het waterpeil, zowel in de vlieten als in de getijdehaven wordt constant verondersteld, terwijl we weten dat de zeespiegel stijgt. Voorspellingen over een dergelijke lange termijn zijn dus zeer onzeker. In het kader van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) moet echter een lange termijn-perspectief op basis van de huidige uitgangspunten geschetst worden. Pagina II

De vervangingswaarde van de kunstwerken is 108 miljoen. Met de genoemde gemiddelde levensduur van 75 jaar, de afschrijvingstermijn van 50 jaar én een rentepercentage van 1,5% zou dit in de verre toekomst kunnen leiden tot een jaarlijkse kapitaallast van ca 2,5 miljoen. Wat betreft onderhoud (exploitatie) is een gemiddelde van tussen de 1 en 2% van de vervangingswaarde gebruikelijk. Dat zou voor Maassluis tussen de 1 en de 2 miljoen per jaar zijn. Beheerste groei Tussen de huidige situatie en het geschetste beeld over 75 jaar zit een lang traject. Ook over het exacte budget van wat over 75 jaar nodig is bestaat veel onzekerheid. Maar dat de uitgaven ook na deze beheerplanperiode verder zullen groeien staat vast. Hoe de groei vorm moet krijgen is nog onduidelijk. Daarom kiest de gemeente Maassluis nu voor een beheerste groei en een tussentijdse update van het benodigde investeringsvolume over 2 a 3 jaar. De komende 5 jaar wordt ingezet op 3 zaken: 1. Onderhouden wat we al jaren onderhouden en projecten die al voorbereid zijn uitvoeren. 2. Onderzoek. Hierdoor kunnen we het benodigde groeitempo van het benodigde budget, met name voor de kapitaallasten beter duiden. Het opstellen van een digitaal model van de kademuren (Digital Twin) is daar een onderdeel van. 3. Groot onderhoud (gedeeltelijk vervangen) van de Lijndraaiersbrug, de Koepaardbrug en de Schansbrug. a.

Voor de Lijndraaiersbrug ligt de scope al vast en uitvoering is in voorbereiding. b. Voor de Koepaardbrug en de Schansbrug moet, om de scope vast te stellen, eerst nader onderzoek gedaan worden. Hierbij wordt zowel gedacht aan groot onderhoud zoals ook in 2012 is uitgevoerd, als aan het volledig vervangen. Op basis van het onderzoek zal besluitvorming hierover plaatsvinden. Het scenario van beheerste groei is ook een scenario van soberheid. Iedere uitgave wordt tegen het licht gehouden. Als er mogelijkheden zijn om (voor de lange termijn) een goedkopere optie te kiezen zullen we dit doen. Voor de beweegbare bruggen mag de bedrijfszekerheid niet in gevaar komen. Preventief onderhoud is hier nodig. Dat betekent dat de Lijndraaiersbrug, de Koepaardbrug en de Schansbrug in de komende beheerplanperiode groot onderhoud moeten krijgen of zelfs vervangen moeten worden. Preventief onderhoud (bijvoorbeeld smeren) kan ook kostenbesparend werken. Daar waar dit geen nadelige gevolgen heeft zetten we vooral in op correctief onderhoud: het herstellen van zaken die kapot zijn gegaan. Hiermee kan de gemeente het groeipad temporiseren. Nadeel is wel dat er mogelijk iets meer overlast kan ontstaan. Sober en doelmatig is hierbij het credo. Tot slot wordt in het kader van sober en doelmatig het hoger onderhoudsniveau in het centrum losgelaten.

Het hogere inrichtingsniveau houden we zo veel mogelijk vast. Beheerste groei exploitatie De uitbreiding van het beheerplan met nieuwe onderdelen betekent dat een uitbreiding van het budget nodig is om te doen wat we altijd al deden. Daarnaast is meer onderzoeksbudget nodig. Voor reguliere inspecties, onderzoek en onderhoud en voor de opbouw van de digital twin. Door deze 2 zaken moet het huidige budget meer dan verdubbelen van € 275.000 naar € 625.000: een stijging van € 350.000 per jaar. Hiervoor zetten we een groeipad in van € 100.000 per jaar en in het 4e jaar € 50.000. Uiteindelijk wordt in 2025 het dan noodzakelijke niveau van de begroting bereikt. De geleidelijke groei van budget wordt opgevangen door gebruik te maken van de onderhoudsreserve bruggen en de onderhoudsreserve kademuren. Het saldo hierin bedraagt op het moment € 417.000. De planning is om hiervan tot 2025 €300.000 te gebruiken, en daarna de reserve weer verder op te bouwen.

Pagina III

indicatieve besteding Onderzoek grote bruggen (regulier onderzoek + scope-bepaling groot onderhoud) Onderzoek Kademuren (digital twin + regulier onderzoek) Niet levensduurverlengend onderhoud bruggen Niet levensduur verlengend onderhoud "nieuwe" kunstwerken Niet levensduurverlengend onderhoud kademuren Levensduurverlengend onderhoud TOTAAL Herkomst budget Huidige exploitatie uitname onderhoudsreserves totaal toename exploitatie TOTAAL BUDGET

2021

2022

2023

2024

2025

75.000

50.000

25.000

25.000

25.000

123.000

50.000 148.000

50.000 198.000

50.000 248.000

50.000 298.000

25.000

25.000

50.000

50.000

50.000

151.000 50.000 424.000

151.000 50.000 474.000

151.000 50.000 524.000

151.000 50.000 574.000

151.000 50.000 624.000

2021 274.000 150.000 0 424.000

2022 274.000 100.000 100.000 474.000

2023 274.000 50.000 200.000 524.000

2024 274.000 0 300.000 574.000

2025 274.000 0 350.000 624.000

Beheerste groei investeringen In het vorige beheerplan kademuren en het meerjarenperspectief was een investeringshorizon van 10 jaar opgenomen. Hoewel het duidelijk is dat deze kademuren op zeker moment gerenoveerd moeten worden, is het niet duidelijk of dit binnen 5 jaar noodzakelijk is. Nader onderzoek en de opbouw van de Digital Twin gaan hier meer inzicht in geven. Wat wel zeker is, is dat de grote beweegbare bruggen binnen 5 jaar aangepakt moeten worden. Hierom worden de kapitaallasten die nu opgenomen zijn in het meerjarenperspectief ingezet voor de beweegbare bruggen. Er is nader onderzoek nodig om te bepalen of de vrijvallende kapitaallast van de kademuren voldoende is voor de bruggen. Jaarlijks zullen we een update presenteren waarin de uitgevoerde werkzaamheden en onderzoeken zijn verwerkt. Zo geven we verder vorm aan de beheerste groei. Risico uitstel groot onderhoud kademuren In het vorige beheerplan is uitgegaan van ruime veiligheidsmarges voor de kademuren: als de stabiliteit niet bewezen kan worden moet gerenoveerd worden. Kademuren zijn constructies met een zeer lange levensduur die vrijwel altijd zichtbare signalen geven voordat een kademuur bezwijkt. Met goed monitoren en modelleren levert uitstel dus maar een zeer beperkt risico op.

Drie zaken leveren echter wel een concreet risico op:  De restlevensduur van de Koepaard- een de Schansbrug zal na het groot onderhoud 10-15 jaar zijn.  Als halverwege de looptijd van het beheerplan een kademuur of ander kunstwerk zich slechter ontwikkelt dan verwacht, zullen er onverwachte investeringen moeten worden gedaan. Het alternatief: ‘voor de zekerheid vervangen’ is echter duur en onbevredigend.  Uitstel is geen afstel: in de toekomst moeten deze vervangingen/onderhoud alsnog plaatsvinden. Maassluis duwt een boeggolf van investeringen voor zich uit. Figuur 1. Areaaluitbreiding met kunstwerk ‘de Boeg’ in de nieuwe wijk Het Balkon

Pagina IV

Inhoud 2. SCOPE EN AREAALOVERZICHT...............................................................................................VI 1.1 OPBOUW EN SAMENSTELLING AREAAL BRUGGEN EN ONDERDOORGANGEN ...................................VI 1.1.1 Leeftijd en monumentale status bruggen en onderdoorgangen.......................................VI 1.1.2 Beweegbare bruggen........................................................................................................VI 1.2 OPBOUW EN SAMENSTELLING KADEMUREN...............................................................................VII 1.2.1 Leeftijd en monumentale status kademuren...................................................................VIII 1.3 OPBOUW EN SAMENSTELLING OVERIGE KUNSTWERKEN............................................................VIII 3.

STAND VAN ZAKEN.....................................................................................................................X 2.1 TERUGBLIK AFGELOPEN 5 JAAR..................................................................................................X 2.2 UITGEVOERDE WERKZAAMHEDEN IN 2020...................................................................................X 2.3 INSPECTIERESULTATEN VASTE BRUGGEN...................................................................................XI 2.3.1 Kwaliteit bruggen en onderdoorgangen............................................................................XI 2.3.2 Inspectie constructieve veiligheid.....................................................................................XII 2.3.3 Inspectie beweegbare bruggen.......................................................................................XIII 2.3.4 Beweegbare bruggen en extreme hitte...........................................................................XIV 2.4 INSPECTIERESULTATEN KADEMUREN.......................................................................................XIV 4.

BEHEER- EN ONDERHOUDSSTRATEGIE..............................................................................XVI 3.1 INSPECTIE EN ONDERZOEKREGIME..........................................................................................XVI 3.2 GEGEVENSBEHEER EN TEKENINGEN......................................................................................XVIII 3.3 DIGITAL TWIN KADEMUREN...................................................................................................XVIII 3.4 KUNSTWERKEN ONDERHOUDSNIVEAU “HOOG” CONFORM BEELDKWALITEITSPLAN.......................XIX 3.5 BEHEER EN ONDERHOUD DE KOMENDE 5 JAAR........................................................................XIX 3.5.1 Werkzaamheden binnen de exploitatie...........................................................................XIX 3.5.2 Werkzaamheden binnen het investeringsplan.................................................................XX 3.5.3 Overzicht werkzaamheden bruggen...............................................................................XXI 3.5.4 Overzicht werkzaamheden kademuren.........................................................................XXII 3.6 FINANCIËLE PARAGRAAF.......................................................................................................XXIV 5.

BIJLAGEN................................................................................................................................XXV 4.1 UITLEG VAN VAKTERMEN EN AFKORTINGEN............................................................................XXV 4.2 OVERZICHTSTEKENING KADEMUREN......................................................................................XXVI 4.3 OVERZICHTSTEKENING BRUGGEN EN TUNNELS.....................................................................XXVII 4.4 OVERZICHTSTABEL BRUGGEN EN TUNNELS..........................................................................XXVIII 4.5 STALEN BRUGGEN EN OMGAAN MET HITTE............................................................................XXIX 4.6 VERTALING PLAATSELIJK BELEID NAAR LANDELIJKE SYSTEMATIEKEN.......................................XXIX

Pagina V

2. Scope en areaaloverzicht Dit beheerplan Civiele Kunstwerken 2021 - 2025 volgt op het ‘beheerplan bruggen en onderdoorgangen 2015-2019’ en het ‘beheerplan kademuren 2013-2017’. Het beheerplan Civiele Kunstwerken omvat zoals de naam aangeeft alle civiele kunstwerken van Maassluis. Onderdelen die voorheen niet in een beheerplan waren opgenomen zijn onder andere elektromechanisch onderhoud van de beweegbare bruggen en kunstwerken als steigers, damwanden, trappen, geluidschermen etc. Er zijn twee kaarten gemaakt: een kaart met een overzicht van de kademuren en een kaart met een overzicht van alle bruggen. Deze kaarten zijn terug te vinden in bijlagen 4.2 en 4.3.

1.1

Opbouw en samenstelling areaal bruggen en onderdoorgangen

Het areaal bruggen en onderdoorgangen betreft in totaal 51 constructies die gebouwd zijn met de gangbare materialen zoals metselwerk, beton, hout, staal. Van de nieuwere bruggen zijn er 7 in kunststof gerealiseerd. Het aantal bruggen zal de komende jaren sterk oplopen, alleen al in Wilgenrijk zijn nog 10 bruggen gepland of recent aangelegd maar nog in beheer bij Wilgenrijk. Tabel 1. Overzicht aantal en type bruggen en onderdoorgangen

Objecttype bruggen Beweegbare brug Vaste brug Beton Vaste brug Beton-Metselwerk Vaste brug Hout Vaste brug Hout/staal Vaste brug Staal Vaste brug Kunststof Vaste brug Metselwerk Onderdoorgang Spoor Eindtotaal

Verkeer 5 12 1 1 5 1 25

Fietsers/voetgangers 1 8 3 4 4 1 3 1 1 27

Totaal 6 20 3 5 5 1 8 1 2 51

De 51 bruggen binnen de gemeentegrenzen van Maassluis vertegenwoordigen in 2020 een vervangingswaarde/kapitaalswaarde van ruim 40 miljoen.

1.1.1 Leeftijd en monumentale status bruggen en onderdoorgangen Van de 51 bruggen die de gemeente beheert zijn er 15 tussen circa 1920 en 1970 gebouwd. 20 bruggen zijn gebouwd tussen 1970 en 2000 en de overige 16 bruggen zijn gerealiseerd tussen 2000 en 2020. Deze getallen geven het beeld dat de gemeente een relatief oud bruggenbestand beheert. Een aantal van de historische bruggen heeft dan ook de status van een gemeentelijk monument. Dit zijn onder andere de Koepaardbrug en de Schansbrug. Bij de keuze voor groot onderhoud, gehele of gedeeltelijke vervanging moet de monumentale status ook meegewogen worden.

1.1.2 Beweegbare bruggen De gemeente heeft 6 beweegbare bruggen. In onderstaande tabel vindt u de details over de bruggen. De Wagenbrug en de Fortegrachtbrug zijn in 1976 grondig gerenoveerd. De staalconstructie van de Schansbrug stamt uit 1920, maar de brug is pas in 1936 geïnstalleerd.

Pagina VI

Tabel 2. Overzicht beweegbare bruggen

Brugnummer BB01 BB02 BB03 BB04 BB05 BB06

Naam brug Wagenbrug Lijndraaiersbrug Fortegrachtbrug Koepaardbrug Schansbrug Coppelbrug

Bedieningsmethode Handbediend Hydraulisch Handbediend Hydraulisch Elektromechanisch Elektromechanisch

Materiaal Hout/Staal Staal Hout Staal Staal Staal

Bouwjaar Voor 1900/1976 1952 Voor 1900/1976 1956 1920/1936 2017

Onderstaande foto van de Schansbrug is rond 1950 gemaakt. Het staalwerk van deze brug is omstreeks 1920 gefabriceerd, maar pas in 1934 geplaatst. De havenkraan aan de op de voorgrond is in 1952 gesloopt. Figuur 2. De Schansbrug rond 1950 (foto: beeldbank historische vereniging)

1.2

Opbouw en samenstelling Kademuren

Het areaal kademuren van de gemeente bestaat uit diverse constructies met een lengte van in totaal 5,4 kilometer. Het betreft vooral metselwerk kade- en gewichtsmuren, maar ook enkele stalen, betonnen en houten damwanden en houten beschoeiingen. De kades in de Vlieten zijn aan het totaal toegevoegd ten opzichte van het voorgaande beheerplan Kades. De lengte van de kades in de vlieten (2,7 km) is vrijwel gelijk aan die van de kades in de getijdehaven (2,7 km). Door de veel kleinere hoogte en het ontbreken van eb en vloed zijn deze kades wel veel goedkoper te beheren. Dit verklaart de relatief kleine stijging in vervangingswaarde: 52 miljoen voor de haven en 12 miljoen voor de vlieten, totaal 64 miljoen.

Pagina VII

Tabel 3. Overzicht type kademuren, lengte en vervangingswaarde

Type Betonnen damwand Betonnen L-wand met bakstenen bekleding Gewichtsmuur bekleed met baksteen Gewichtsmuur bekleed met baksteen en natuursteen (Basalt) Houten beschoeiing met natuursteen (Basalt) bekleed talud Natuursteen (Basalt) beklede gewichtsmuur Stalen damwand met talud van betonelementen (Basalton) Verankerde betonnen damwand Verankerde Betonnen L-wand bekleed met natuurstenen (Basalt) Verankerde stalen damwand Verankerde stalen damwand bekleed met natuursteen (Basalt) Kademuur metselwerk (Vlieten) Houten beschoeiing (Vliet) Eindtotaal

Lengte (m) 176,5 158,5 204,5

Vervangingswaarde € 2.294.500 € 2.688.250 € 4.411.250

76

€ 1.615.000

15,5 1091

€ 186.000 € 24.830.500

213,5 14

€ 4.376.750 € 168.000

33 546

€ 726.000 € 8.240.250

157 2310 420 5415,5

€ 2.904.500 € 11.550.000 € 315.000 € 64.306.000

1.2.1 Leeftijd en monumentale status kademuren Van 39 van de 51 kades is het bouwjaar bekend. Van de overige 12 kades is het bouwjaar alleen bij benadering bekend. Het ontbreken van ontwerptekeningen maakt het voor deze kademuren lastig om de restlevensduur te voorspellen en onderhoud in te plannen. De leeftijdsopbouw van het kadeareaal is als volgt: 16 kades zijn gebouwd tussen 1920 en 1949. 14 kades hebben een aanlegjaar tussen 1950 en 1979. 9 kades zijn vervangen of aangelegd tussen 1980 en 2012. 2 kades zijn in de periode 2013-2020 gerenoveerd (de Wip en de Goudsteen). Gelet op het historische karakter van de stad Maassluis kent de stad ook een groot aantal kades met een monumentale status. Behoud van het monumentale uiterlijk werkt kostenverhogend.

1.3

Opbouw en samenstelling overige kunstwerken

Overige kunstwerken bestaan onder andere uit steigers, trappen, beschoeiingen, damwanden, grondkeringen en geluidschermen. De staat van onderhoud, restlevensduur en de exacte lengte van deze kunstwerken is nog niet in beeld gebracht. De onderhoudskosten zijn geschat naar aanleiding van de uitgaven in het verleden. In tabel 4 ziet u een overzicht van kunstwerken, de lengte of het aantal stuks en de vervangingswaarde. In figuur 1 ziet u een voorbeeld van een nieuw kunstwerk in dit beheerplan.

Pagina VIII

Tabel 4. Overzicht type overige kunstwerken, lengte/stuks en vervangingswaarde

Type Steigers (zware) Beschoeiingen Damwanden en grondkeringen Geluidschermen (Dirkzwagerstraat en het nieuwe scherm A20) Trappen Onderdoorgangen spoor Kunstwerk De Boeg en de trappen bijn Station West Eindtotaal

Lengte/stuks (m) 6 stuks Ca 5.000m Ca 500m

Vervangingswaarde (€) € 240.000 € 500.000 € 250.000

840m Ca 15 stuks 2 stuks

€ 1.400.000 € 200.000 € 600.000

2 stuks

€ 500.000 € 3.690.000

Figuur 1. De trappen naast de Monstersche sluis tijdens de laatste groot onderhoud in 1986 (beeldbank historische vereniging)

Pagina IX

3. Stand van zaken In de voorgaande beheerplannen is benoemd wanneer welke kunstwerken onderhoud behoeven of vervangen moesten worden op basis van de restlevensduur en de onderhoudstoestand. Ook is benoemd aan welke kunstwerken nader onderzoek of een gerichte inspectie noodzakelijk was. De beheerplannen “Kades” en “Bruggen en onderdoorgangen” gaven samen echter geen compleet beeld van de benodigde beheerinspanning. Elektromechanisch onderhoud van de beweegbare bruggen en het onderhoud van onder andere steigers, damwanden, grondkeringen, trappen, geluidschermen en andere kunstwerken was nog niet in beeld. Dit wordt in dit beheerplan Civiele Kunstwerken wel meegenomen. 2.

2.1

Terugblik afgelopen 5 jaar

Voor de vorige beheerplanperiode 2015-2019 is in het voorgaande beheerplan beschreven dat geen groot onderhoud gepland was aan de bruggen en onderdoorgangen. De Lijndraaiersbrug is in 2017 beweegbaar gemaakt, maar het groot onderhoud is uitgesteld. Voor de kades is alleen aan de Wip en Goudsteen groot onderhoud uitgevoerd (vervanging). Een aantal vervangingen is vanwege ontwikkelingen in de omgeving uitgesteld, o.a. voor de bruggen Weverskade en enkele kademuren. In de vorige beheerplannen was aangegeven dat er in de planperiode 2021-2025 veel meer groot onderhoud noodzakelijk zal zijn. De keuze in dit beheerplan voor beheerste groei, waarbij onderzocht wordt om kostbare vervangingen uit te stellen zal leiden tot een toename van de onderzoekskosten, maar beperkt de stijging van de investeringen.

2.2

Uitgevoerde werkzaamheden in 2020

In 2020 is een grote hoeveelheid werkzaamheden uitgevoerd of opgestart (een kaart met de hieronder met codes aangeduide kademuren en bruggen, zie bijlage paragraaf 4.2 t/m 4.4:  Vervanging kademuur Goudsteen, dit werk is half april 2020 afgerond.  Vervanging kademuren M1 (Haven) en ST Heldringstraat) is in voorbereiding. Uitvoering in 2022.  Vervanging bruggen Weverskade (VB17, VB18, VB19, VB20) is in voorbereiding. Uitvoering in 2021 (VB17 en VB18). VB19 en VB20 worden meegenomen in de ontwikkeling van de 2e ontsluitingsweg Wilgenrijk.  Onderzoek belastbaarheid Blauwe brug (VB01) en Wagenbrug (BB01) is in april 2020 uitgevoerd; als gevolg hiervan is voor de Blauwe brug en de Wagenbrug een maximaal voertuiggewicht van 20 ton en een maximale aslast van 7 ton ingesteld.  Onderzoek belastbaarheid VB21a, VB21b, VB27 zal in 2021 uitgevoerd worden.  Onderzoek/voorbereiding diverse kades. Naast deformatiemetingen en visuele inspecties onderzoeken we mogelijkheden voor het opbouwen van een digitaal model van de kademuren van de getijdehaven.  Het herstel van de Lijndraaiersbrug na het ongeval in mei van dit jaar, is op 28 augustus 2020 afgerond. Voorbereiding van het groot onderhoud in 2021 is opgestart.

In 2020/2021 uit te voeren onderzoek naar kades J1, J2 en J3 moet uitwijzen of vervanging of groot onderhoud of vervanging noodzakelijk is of nog enkele jaren uitgesteld kan worden. Tevens is er overleg met Rijkswaterstaat over een bijdrage. J1 ligt grotendeels op grond van Rijkswaterstaat.

Pagina X

Figuur 2. De aanvaringsschade J1 van eind jaren ’70 (foto: beeldbank historische vereniging)

2.3

Inspectieresultaten vaste bruggen

Tijdens de inspectie aan de bruggen die uitgevoerd is in 2017 inzichtelijk gemaakt welke gebreken de bruggen en onderdoorgangen van de gemeente Maassluis hebben. Vervolgens is de omvang en de ernst van de gebreken bepaald en hoe vaak het gebrek per bouwdeel voorkomt (de intensiteit). Ook is gekeken naar een mogelijke oorzaak van het gebrek. De oorzaak kan namelijk van invloed zijn op de eventuele maatregel die nodig is om het gebrek te herstellen. Uiteindelijk is ook bepaald hoe urgent het gebrek is. Dat heeft namelijk invloed op het planjaar van de uit te voeren herstelmaatregel. Dit alles bij elkaar bepaalt de conditiescore van een bouwdeel van een kunstwerk. In hoofdlijnen wordt beschreven wat de onderliggende oorzaak is van de matige en slechte conditie van de bouwdelen.

2.3.1 Kwaliteit bruggen en onderdoorgangen Door ingenieursbureau Westenberg is in 2017 een inspectie uitgevoerd aan de bruggen en onderdoorgangen. Net als bij kademuren is voor de bruggen is de landelijke norm voor conditiemeting van constructies en bouwwerken, de NEN 2767 gehanteerd om de conditie van de bruggen inzichtelijk te maken. De bruggen kunnen in vijf condities zijn: Uitstekend, goed, redelijk, matig en slecht. In overleg met Westenberg is voor de bouwdelen met de conditie matig en slecht onderhoud uitgevoerd danwel ingepland. Uitstekend, Goed en Redelijk Van de in totaal 698 geïnspecteerde bouwdelen van de bruggen en onderdoorgangen heeft 91% een ‘Uitstekende’, ‘Goede’ of ‘Redelijke’ conditie. Matig  Tijdens de instandhoudingsinspectie is geconstateerd dat 38 bouwdelen in een matige conditie zijn.  16 gecorrodeerde delen van leuningen, deze moeten geconserveerd worden.  4 leuningdelen met putcorrosie, deze moeten hersteld of vervangen worden.  9 onderdelen van hoofddraagconstructies hebben (oppervlakte)schades.  7 kerende constructies van landhoofden van bruggen vertonen gebreken. Slecht Pagina XI

Er zijn 24 slechte bouwdelen. Deze zijn inmiddels nader geïnspecteerd en waar nodig zijn maatregelen genomen. Deze zijn als volgt verdeeld:  1 bouwdeel een constructieve scheur (deze scheur bevond zich in het landhoofd van de Koepaardbrug en is na de inspectie hersteld).  5 bouwdelen kritieke deformatie.  1 bouwdeel van de hoofddraagconstructie van VB29 is putcorrosie geconstateerd dat vermoedelijk is ontstaan door niet tijdig conserveren. Grootschalige putcorrosie op een hoofddraagconstructie draagt bij aan een verminderde constructieve veiligheid.  7 leuningdelen waar veroudering/slijtage de hoofdoorzaak is. Dit betreft de bruggen weverskade. Hierbij staan 4 hele bruggen op de nominatie om vervangen te worden.  De overige 10 bouwdelen betreffen bouwdelen van de hoofddraagconstructies, keerwanden en steunpunten van de brugdekken die in een slechte conditie zijn. De oorzaak daarvan is met name slijtage/natuurlijke degradatie en het naderen van einde levensduur.

2.3.2 Inspectie constructieve veiligheid In het beheerplan ‘Bruggen en onderdoorgangen 2015-2019’ is ingegaan op de constructieve veiligheid van bruggen. Er wordt verwezen naar de ‘Handreiking constructieve veiligheid van bestaande bruggen en viaducten’. Echter is in 2019 een nieuwe ‘CROW CUR-aanbeveling 124:2019 Constructieve veiligheid bestaande bruggen en viaducten van decentrale overheden’ vrijgegeven. Deze aanbeveling sluit aan bij de meest recente ontwikkelingen op het gebied van constructieve veiligheid. Bij inspectie en onderhoud wordt nu uitgegaan van de nieuwe CURaanbeveling. In 2019 is een constructieve risicoscan uitgevoerd op alle bruggen. Uit deze scan blijkt dat 10 bruggen een risicoscore 1 (zeer hoog) of 2 (hoog) hebben. 1. De bruggen BB01, BB03, BB05, VB17, VB18, VB19 en VB20 hebben de risicoscore 1. o BB01 (Wagenbrug) is onderzocht en constructief herberekend. De belastbaarheid is vastgesteld op 20 ton. Dit is in het verkeersbesluit opgenomen; hiermee is het risico voldoende ondervangen. o BB03 (Fortegrachtbrug). Doordat deze brug niet bediend wordt is hier een zeer beperkt risico. Bovendien is de aslast teruggebracht naar 5 ton. Groot onderhoud is nodig als de brug weer bediend moet worden. o BB05 (Schansbrug). Nader onderzoek is in voorbereiding. Brug is afgewaardeerd tot 5 ton. o VB17 is kwalitatief onderzocht en afgewaardeerd tot 5 ton.

Vervanging is in voorbereiding, uitvoering mei/juni 2021. o VB18 is kwalitatief onderzocht en afgewaardeerd tot 5 ton. Vervanging is in voorbereiding, uitvoering juli-september 2021. o VB19 is kwalitatief onderzocht en afgewaardeerd tot 20 ton. Vervanging is in voorbereiding, maar wordt nog afgestemd op de ontwikkelingen in Wilgenrijk. o VB20 is kwalitatief onderzocht en afgewaardeerd tot 20 ton. Vervanging is in voorbereiding, maar wordt nog afgestemd op de ontwikkelingen in Wilgenrijk. o VB19: leuningen zijn overklauterbaar en niet geschikt voor haar functie. Zie figuur 6 voor een voorbeeld. De leuningen op kunstwerken waar alle verkeer gebruik van maakt dienen voertuigkerend te zijn. Vervanging van de gehele brug is in voorbereiding.

Pagina XII

Figuur 3. Een verkeersbrug die constructief niet veilig is voor alle verkeer

2. De bruggen VB01, VB21a en VB21b hebben de risicoscore 2. o VB01 (Blauwe brug) is constructief herberekend. De belastbaarheid is vastgesteld op 20 ton. Dit is in het verkeersbesluit opgenomen. o VB21a en VB21b constructieve herberekening is ingepland voor 2021.

2.3.3 Inspectie beweegbare bruggen De gemeente heeft 4 elektromechanisch aangedreven bruggen. Lijndraaiersbrug De hydraulische installatie is vrijwel nieuw. Het ongeval van 16 mei 2020 heeft niets te maken met de staat van onderhoud, maar is veroorzaakt door het toepassen van een ander type lager dat onder meer andere eisen stelde aan de borging. Na het herstel van de schade van de val van de brug zal de toestand op elektromechanisch gebied uitstekend zijn. De hameipoort stamt echter uit 1953 en nadert het einde van haar levensduur. Vervanging lijkt de beste oplossing. De landhoofden zijn nog in prima staat. Het val (berijdbare deel van de brug), dat in 2007 vervangen is, dient opnieuw geconserveerd te worden en de leuningen moeten worden verhoogd. Voor de Lijndraaiersbrug is voorjaar 2021 een krediet beschikbaar gesteld. Dekking van de kapitaallast is gevonden uit een meevaller bij de kademuur Goudsteen. Schansbrug Bij het groot onderhoud van 2012 is de brug opgeknapt met het doel een restlevensduur van 10 jaar. Aangezien deze termijn bijna verstreken is wordt in 2021 de brug diepgaand geïnspecteerd om te kijken of vervanging nogmaals uitgesteld kan worden met een onderhoudsbeurt. Wat we in ieder geval weten is dat de uitlijning van de brug niet goed is en dat er sprake is van materiaalverlies door corrosie. Ook moet de conservering weer hersteld worden.

De elektrische installatie is oud, en moet vervangen worden. Koepaardbrug Het bewegingswerk nadert einde levensduur en moet gerenoveerd/vervangen worden om de bedrijfszekerheid te waarborgen. Het dek en de balkenlaag daaronder dient eveneens vervangen te worden. Deze brug stamt uit 1953, de beoogde levensduur destijds was 80 jaar. Door de intensivering van het zware verkeer zal deze waarschijnlijk niet gehaald worden. Er zal een afweging gemaakt moeten worden tussen vervangen of groot onderhoud. Coppelbrug Deze brug is vrijwel nieuw, maar heeft problemen met de bedienings-elektronica die regelmatig Pagina XIII

storingen heeft. Hiernaast is het ontwerp niet echt onderhoudsvriendelijk, jaarlijks is een werkschip met hoogwerker nodig. Eenmalig aanpassen kan de bestaande problemen oplossen. Hierna kan de brug met regulier onderhoud de ontwerplevensduur van 80 jaar halen.

2.3.4 Beweegbare bruggen en extreme hitte Bij heet weer gecombineerd met zon kan een brug opwarmen tot wel 60 graden. Hierdoor zet de staalconstructie uit, waardoor de bruggen vast kunnen komen te zitten. Hierom is het belangrijk dat de bruggen genoeg speling hebben met het landhoofd om dit te voorkomen. Maassluis zet niet in op het standaard koelen van bruggen, maar op het zorgen van voldoende speling. Met behulp van de uitzettingscoëfficiënt van staal kan de maximale uitzetting berekend worden. Omdat de overspanningen beperkt zijn is dit goed mogelijk. In bijlage 2 is de berekening opgenomen.

2.4

Inspectieresultaten Kademuren

Er is een visuele inspectie uitgevoerd aan 168 bouwdelen van kademuren. De bouwdelen kunnen in vijf condities zijn: Uitstekend, goed, redelijk, matig en slecht. Uitstekend, Goed en Redelijk 144 bouwdelen hebben minimaal een redelijke conditiescore of hoger. Dat is ca. 86% van het geheel. Bij deze bouwdelen is voornamelijk alleen oppervlakkige degradatie of aangroei geconstateerd. Hier is meestal alleen klein onderhoud nodig. Matig 15 bouwdelen hebben een matige conditiescore. Dat is ca. 9% van het totaal aantal bouwdelen. Het betreft onder andere een matige toestand van verhardingen. Dat heeft invloed op de veiligheid van voetgangers. Dit wordt in het ‘klein onderhoud elementverhardingen’ opgepakt. Daarnaast is ook een matige toestand van voeg- en metselwerk en deksloven (afdekking van de kademuur aan de bovenzijde waarop het maaiveld c.q. straatwerk aansluit) van oudere kades geconstateerd. Slecht, Zeer slecht 9 bouwdelen hebben een slechte tot zeer slechte toestand, dat wil zeggen 5% van de bouwdelen. Onder andere kademuur ST (Heldringstraat) en een aantal meerpalen en metselwerk van kade J3 (gedeeld onderhoud met Rijkswaterstaat) en een stalen damwand van kade P0 en Q0 (eigendom van de belendende grondeigenaar) zijn in slechte toestand. Ook zijn de hemelwaterafvoeren van VL11 zijn verstopt.

Dit laatste wordt in 2021 verholpen In de komende beheerplanperiode staan alleen de kades ST (Heldringstraat) en M1 (Haven) gepland voor vervanging respectievelijk groot onderhoud. Voor de overige kades wordt onderzoek gedaan naar de huidige toestand, de meest geschikte herstelmethode, de restlevensduur en de kosten. Het risico dat een kade (zoals in Amsterdam) in de komende 5 jaar bezwijkt is zeer klein. Mocht dit optreden, zal er hoogstwaarschijnlijk alleen materiele schade zijn. Uit financieel oogpunt is het een verstandige keuze om nu eerst in te zetten op onderzoek.

Pagina XIV

Figuur 4. Kade “P0”-Noorddijk: Basaltblokken taludbekleding zijn verzakt en ontbreken deels. Herstel wordt opgepakt door de ontwikkelaar van het bovengelegen bouwterrein, hoogstwaarschijnlijk na deze beheerplanperiode.

Figuur 5. Kade “ST”-Heldringstraat: Op diverse locaties constructieve scheuren in basalt beklede gewichtsmuur. Vervanging is in voorbereiding.

Pagina XV

4. Beheer- en onderhoudsstrategie In dit beheerplan wordt wat betreft financiering onderscheid gemaakt tussen Regulier beheer & onderhoud en Groot onderhoud en Ontwikkelingsbeheer. Wat betreft planning wordt onderscheid gemaakt tussen preventief en correctief onderhoud. 

Regulier beheer & onderhoud: niet levensduur verlengend, dus te bekostigen uit de productbegroting. Dit betreft onder andere databeheer, inspectie, onderzoek, storingsonderhoud en regulier onderhoud zoals schilderwerk, reguliere vervangingen en reparaties. Dit onderhoud is gericht op het behalen van de ontwerplevensduur. Het niet uitvoeren hiervan kan de levensduur wel verkorten.

Groot onderhoud: Gedeeltelijke of gehele vervanging, reconstructie en versterking zijn mogelijke maatregelen hierbij: Groot onderhoud Is levensduur verlengend en dus te kapitaliseren. In het verleden werden ook dure onderhoudsklussen zoals conservering gekapitaliseerd. In dit beheerplan verschuift dit naar regulier onderhoud, omdat onderhoud aan de conservering niet levensduurverlengend is, maar gericht op het behalen van de ontwerplevensduur. Voor het gemak worden alleen werkzaamheden die meer dan € 50.000 kosten gekapitaliseerd.

Ontwikkelingsbeheer hoort bij toe te voegen kunstwerken of wijziging van functionele eisen van een bestaand kunstwerk. Ontwikkelingsbeheer omvat de activiteiten die nodig zijn om nieuwe ambities ten aanzien van het areaal te bereiken. Ook alle begeleiding/toetsing van kunstwerken die door projectontwikkelaars als Wilgenrijk gerealiseerd worden valt onder ontwikkelingsbeheer. Ontwikkelingsbeheer vergt echter andere besluitvorming dan dit beheerplan. Hierom beperken wij ons in dit beheerplan tot het huidige areaal en tot instandhouding van die uitbreidingen waartoe al is besloten en waarvoor budget beschikbaar is.

Preventief onderhoud is onderhoud of vervanging wordt uitgevoerd voordat iets kapot gegaan is. Vaak is preventief onderhoud van delen nodig om de geplande restlevensduur van het geheel te halen. Het nadeel van preventief onderhoud is dat je niet precies weet wanneer iets kapot gaat, je vervangt dus vaak eerder omdat je dit moment voor wilt zijn.

Correctief onderhoud is iets repareren dat kapot gegaan is. Je hebt de maximale levensduur van het onderdeel benut. Een nadeel is er overlast is door het kapotte onderdeel; een ander nadeel is dat herstel langer kan duren.

Bij de beweegbare bruggen staat de bedrijfszekerheid bovenaan. Hierom wordt hier voor preventief onderhoud gekozen. Bij de meeste andere kunstwerken of onderdelen wordt een financiële afweging gemaakt, soms preventief soms correctief onderhoud. Hierdoor kan overlast voor de omgeving ontstaan. 3.

3.1

Inspectie en onderzoekregime

In 2017 heeft een inspectie plaatsgevonden aan de bruggen in de gemeente Maassluis. Vervolgens zijn de kademuren in 2019 geïnspecteerd en is een constructieve risicoscan gemaakt voor de bruggen. Door de kunstwerken te inspecteren volgens landelijk geaccepteerde systematiek zoals de NEN2676 kunnen we weliswaar niet garanderen dat er nooit iets onverwacht fout kan gaan, maar de kans is klein. Om de levensduur van de kustwerken maximaal op te rekken (waar mogelijk tot voorbij de gegarandeerde levensduur) kiezen we voor een scenario van correctief onderhoud. Pas als het moment van falen echt nabij is (en soms pas na gecontroleerd Pagina XVI

falen) wordt vervanging (van onderdelen) ingepland. Hiermee accepteren we het risico van overlast en van onverwachte uitgaven. De onderhoudsreserve kan dit deels opvangen. Het volgen van landelijke normen als NEN2676 geeft geen absolute garanties. Dat hebben de ongevallen met de Lijndraaiersbrug, de Erasmusbrug en de bezwijkende kademuren in Amsterdam onlangs weer aangetoond. Andersom zijn constructies waarschijnlijk veel sterker dan waar de (conservatieve) berekeningen van uitgaan. Dit wordt onder andere veroorzaakt doordat berekeningsmethoden 40 jaar geleden veel minder nauwkeurig waren en er dus een veel grotere veiligheidsmarge ingebouwd werd. Dit betekent dat kunstwerken mogelijk langer mee kunnen als we deze constructies en de processen die tot falen leiden, beter in beeld brengen. Onderzoek naar deze “verborgen reststerkte”, maar ook naar een andere vorm van risicomanagement kan veel geld besparen. Risico is immers kans maal gevolg. Bijvoorbeeld bij de Koepaardbrug is het risico op een ongeval met letsel zeer klein, maar als we de komende planperiode geen groot onderhoud uitvoeren is het risico op het enkele maanden niet meer kunnen openen of sluiten van deze brug relatief groot. Andersom is de kans vrij groot dat bij een aantal oudere kademuren lekkage optreed en kuilen in de verharding er achter vallen. Het gevolg (niet kunnen parkeren van een auto) is echter klein.

Figuur 8. voorbeeld van gecontroleerd falen van een grondkering

Pagina XVII

Wettelijk gezien heeft de gemeente een zorgplicht voor de infrastructuur die zij beheert. Vanuit dat oogpunt hanteert de gemeente Maasluis een schouw- en inspectieregime en wordt grip gehouden op de (potentiële) risico’s. In tabel 5 staat het inspectieregime van de gemeente weergegeven. Tabel 5. Inspectieregime gemeente Maassluis

Kunstwerk Alle

Onderdeel Alle

Type onderzoek Weginspectie

In/extern Extern

Frequentie 1 keer per 2 jaar

Alle

Bouwkundig

Visuele inspectie (NEN 2676)

Extern

1 keer per 5 jaar

Alle

Alle

Schouw

Intern

Jaarlijks

Beweegbare bruggen Beweegbare bruggen

Alle

intern extern

Bij iedere bediening jaarlijks

Steigers, damwanden etc.

Alle

Opletten bij brugbediening Inspectie en klein onderhoud (Machine-richtlijn en CUR) Inventarisatie

extern

In 2021

Alle

Alle

Nader onderzoek

extern

Indien nodig

Kademuren buitenhaven

Bouwkundig

Deformatiemeting

extern

2 keer per jaar

Kademuren buitenhaven

Bouwkundig

Digital twin (nieuw)

extern

Continue voeden met informatie

3.2

Elektromechanisch

Doel Verkeersveiligheid (geborgd in het beheerplan wegen) Restlevensduur en risico op functioneel falen in beeld brengen Signaleren risico’s en kleine gebreken Signaleren risico’s en kleine gebreken Risico op storingen verminderen en behalen ontwerplevensduur In beeld brengen areaal, toestand en benodigde beheerinspanning Risico’s, benodigde maatregelen en kosten in beeld brengen Vervorming in beeld brengen om risico/restlevensduur in te schatten Verlengen levensduur door benutten verborgen sterkte

Gegevensbeheer en tekeningen

De bouwkundige gegevens en de inspectiegegevens van de bruggen en kademuren zijn vastgelegd in I-Asset, het beheerpakket van ingenieursbureau Westenberg. De inspecties van de beweegbare bruggen zijn separaat vastgelegd. Van de meeste kunstwerken zijn aanlegtekeningen en berekeningen beschikbaar, al varieert de detaillering. Van enkele bruggen, onder andere de bruggetjes Weverskade, zijn geen gegevens beschikbaar omdat deze bruggen waarschijnlijk aangelegd zijn door Lely en met een gemeentegrenscorrectie in beheer van Maassluis zijn gekomen. De bijbehorende gegevens zijn niet overgedragen. Van de oude kademuren is de documentatie sterk wisselend. De komende beheerplanperiode zal aandacht besteed worden aan het complementeren en ontsluiten van de aanleg- en onderhoudsgegevens.

3.3

Digital Twin Kademuren

We hebben behoefte om nauwkeuriger te bepalen waar we echt onderhoud moet plegen en waar vervanging nodig is. Daarvoor gaan we het computermodel Digital Twin Kademuren ontwikkelen. We bouwen digitaal model (een tweeling) van de kademuren waarin we alle gegevens van de Pagina XVIII

kades verzamelen: constructie, belasting, verzakking, scheuren etc. alles krijgt een plaats in dit model. Op basis van simulaties in dit model kunnen we risico’s beter in beeld brengen. Voorlopig maken we alleen een digital twin van de getijdenhaven. De vlieten worden nog op de traditionele manier gepland.

3.4

Kunstwerken onderhoudsniveau “hoog” conform Beeldkwaliteitsplan

De kunstwerken met een onderhoudsniveau ‘Hoog’ betroffen de bruggen en kademuren in het centrum (BB01, BB02, BB03, BB04, BB05, BB06, VB07, VB08, VB10, VB11, VB12, VB13, VB14). Gezien de beperkte financiële armslag van de gemeente laten we in deze beheerplanperiode het extra cosmetisch onderhoud van het onderhoudsniveau “Hoog” los en worden ook hier de kunstwerken op niveau basis beheerd. Dit betekent dat we ook in het historische centrum kiezen voor sober en doelmatig.

3.5

Beheer en onderhoud de komende 5 jaar

De werkzaamheden de komende 5 jaar vallen uiteen is regulier beheer en onderhoud (niet levensduur verlengend en dus niet kapitaliseerbaar) en vervangingen en reconstructies (levensduur verlengend en daarom kapitaliseerbaar). Daarnaast is er nog de brugbediening en alles wat hier mee samen hangt. Brugbediening valt in een ander programma en is daarom geen onderdeel van dit beheerplan.

3.5.1 Werkzaamheden binnen de exploitatie Onder het regulier beheer en onderhoud vallen de volgende onderdelen: Gegevensbeheer De komende planperiode geven we hier extra aandacht aan. Aan de ene kant om het “nieuwe” areaal aan overige kunstwerken goed in beeld te brengen, aan de andere kant om met nieuwe technieken als digital twin het bestaande areaal beter in beeld te brengen. Tot slot vergt het geordend opslaan van aanleg- en onderhoudsgegevens van de kunstwerken meer aandacht dan in het verleden is gebeurd, zeker van de oudere kunstwerken. Inspectie en onderzoeksregime Zie paragraaf 3.1. Regulier onderhoud Hieronder valt: onder andere conserveren (schilderen), smeren, preventief onderhoud (tijdig vervangen van kleinere slijtage gevoelige delen), maar ook kosten voor onderhoudsabonnementen en energiekosten. Ook storingsonderhoud naar aanleiding van inspecties en meldingen valt hier onder: door gebruik, slijtage, weersinvloeden of vandalisme gaat er regelmatig iets kapot dat direct hersteld moet worden. Nader onderzoek/bepaling scope van kunstwerken die op de planning staan voor groot onderhoud. Voordat groot onderhoud of vervanging gepland kan worden dient het gehele kunstwerk onderzocht te worden om hiermee de juiste keuzes te maken. Dit gaat zowel om de scope als de planning van de reconstructie of vervanging.

Dit onderzoek valt nog niet onder het reconstructieof vervangingsproject. Brugbediening Naast beheer en onderhoud valt ook brugbediening binnen het product civieltechnische kunstwerken; binnen programma 2 van de gemeentebegroting. De bedieningsinstallatie maakt onderdeel uit van dit beheerplan, de bediening zelf (personele kosten en inhuur) niet. Pagina XIX

Vergoeding Monstersche Sluis Een deel van de brugbediening (de Wagenbrug en de Lijndraaiersbrug) wordt verzorgd door de stichting Monstersche sluis. De stichting ontvangt hiervoor een vergoeding.

3.5.2 Werkzaamheden binnen het investeringsplan Het groot onderhoud (reconstructies, vervangingen etc.) voor deze beheerplanperiode betreft: Tabel 6. Werkzaamheden en investeringen in 2021

Werkzaamheden in 2021 Vervangen VB17, VB18 (Weverskade) Groot onderhoud Lijndraaiersbrug versterken kademuur M1 (haven) (krediet al beschikbaar) Totaal

Investering € 300.000 € 400.000 € 1.050.000 € 1.750.000

Tabel 7. Werkzaamheden en investeringen in 2022

Werkzaamheden in 2022 Vervangen kademuur ST (Heldringstraat) Herstel schade F1 (Nieuwbouwproject “De Rederij”) Totaal

Investering € 1.575.000 verzekering € 1.575.000

Tabel 8. Werkzaamheden en investeringen in 2023

Werkzaamheden in 2023 Groot onderhoud Koepaardbrug Vervangen VB19, Weverskade Totaal

Investering € 750.000 € 160.000 € 910.000

Tabel 9. Werkzaamheden en investeringen in 2024

Werkzaamheden in 2024 Groot onderhoud Schansbrug Totaal

Investering € 350.000 € 350.000

Tabel 10. Werkzaamheden en investeringen in 2025

Werkzaamheden in 2025 Vervangen VB31, fietsbrug bij Schweitzerdreef Totaal

Investering € 75.000 € 75.000

Deze lijsten word opgenomen in het investeringsplan en daar jaarlijks aangepast aan de nieuwe onderzoeksresultaten en ontwikkelingen. Met name het nader onderzoek aan de grote beweegbare bruggen en de resultaten van de digital twin kunnen nog voor grote veranderingen zorgen. In dit geval zullen we deze ontwikkelingen in een volgende kadernota opnemen.

Pagina XX

Figuur 9. Aanleg van de hameipoort van de Lijndraaiersbrug in 1952. De hameipoort moet binnenkort vervangen worden.

3.5.3 Overzicht werkzaamheden bruggen In deze beheerplanperiode moeten veel bruggen vervangen worden of in groot onderhoud. Van een aantal bruggen is de scope al bekend, voor andere is nader onderzoek nodig. Vaste bruggen Wat we in ieder geval gaan doen is de 4 landbouwbruggetjes vervangen in de Weverskade (VB17, VB18, VB19 en VB20). VB 17 en VB18 zijn momenteel in uitvoering, BV19 en VB20 worden meegenomen in de ontwikkelingen rond de 2 e aansluiting Wilgenrijk. VB21a en b worden in 2021 onderzocht om de restlevensduur vast te stellen. Daarnaast nadert de houten fietsbrug VB22 het einde van haar levensduur en staat in 2025 op de planning voor vervanging. Beweegbare bruggen In deze beheerplanperiode vallen de onderhoudscycli van bijna alle beweegbare bruggen samen. Dit betekent dat er veel werk aan de winkel is. Naast conservering van de Wagenbrug en de Fortegrachtbrug en elektromechanisch onderhoud aan de Coppelbrug is er groot onderhoud nodig aan de Lijndraaiersbrug, de Koepaardbrug en de Schansbrug. Voor de Lijndraaiersbrug is al helder in beeld wat er gedaan moet worden, voor de 2 andere bruggen zijn er 2 scenario’s mogelijk. Scenario’s Koepaardbrug en Schansbrug Het staalwerk en de bewegende delen van beide bruggen naderen het einde van hun technische levensduur. Dit is bij het groot onderhoud in 2012 al aangegeven.

De gemeente staat voor de keuze: Scenario 1: groot onderhoud. Demontage van zo veel mogelijk onderdelen, stralen, inspecteren en conserveren, waar nodig versterken. Vervangen van de elektrische en/of hydraulische installatie, vervangen van de besturing. Bij de Koepaardbrug aanpassen van de dekconstructie. Terugplaatsen van alle onderdelen. Stremming minimaal 6 weken. Deze aanpak zal een restlevensduur van ca 10 jaar opleveren. De kosten zullen bij de Schansbrug ca €350.000 bedragen, bij de Koepaardbrug ca €750.000. Scenario 2: Volledig vervangen van het staalwerk, aandrijving en besturing. In dit geval kunnen veel meer delen van te voren worden vervaardigd en duurt de vervanging ca 3 weken. De Pagina XXI

restlevensduur zal ca 80 jaar zijn, zoals gebruikelijk bij nieuwe bruggen. Een replica van de huidige Schansbrug zal 3-4 miljoen kosten. Vervangen van de Koepaardbrug zal eveneens 3-4 miljoen kosten. Om een goede afweging te maken moet eerst nader onderzoek uitgevoerd worden en een betere raming van de verwachte kosten van de scenario’s. Hierbij moet bij beide bruggen nadrukkelijk ook de afweging gemaakt worden of vervanging niet een betere optie is, omdat de kapitaallast mogelijk lager en de bedrijfszekerheid hoger is. Figuur 10. Overzicht van de bruggen

3.5.4 Overzicht werkzaamheden kademuren Onderstaande tekening geeft de uitkomst van de inspecties en metingen tot nu toe. Hiervan gaan we de kades M1 en ST in ieder geval renoveren. Van de overige kades wachten we eerst de uitkomsten van de digital twin af. Het is echter zeer waarschijnlijk dat in de looptijd van dit plan een aantal kades gerenoveerd moeten worden. Deze investeringen zijn echter niet in het plan opgenomen omdat omvang en tijdstip nog niet helder zijn.

Pagina XXII

Figuur 11. Overzicht van de kademuren en de locaties die volgens de visuele inspectie gerenoveerd moeten worden en in deze beheerplanperiode nader onderzocht moeten worden

Pagina XXIII

3.6

Financiële paragraaf

Exploitatie Als de in de gemeente aanwezige civiele kunstwerken beheerd moeten worden volgens de in dit plan omschreven uitgangspunten zal dit een aanpassing van de begroting vereisen. Het budget voor regulier onderhoud en inspectie moet stijgen van € 275.000 naar € 625.000 euro. Door gebruik te maken van de onderhoudsreserves kan deze groei geleidelijk plaatsvinden (+€100.000 per jaar). Om de uitname uit de onderhoudsreserves te beperken wordt niet aan het begin van het jaar een uitname gedaan, maar aan het einde van het jaar het bedrag wat daadwerkelijk besteed is uitgenomen. Tabel 11. Indicatieve besteding

indicatieve besteding Onderzoek grote bruggen (regulier onderzoek + scope-bepaling groot onderhoud) Onderzoek Kademuren (digital twin + regulier onderzoek) Niet levensduurverlengend onderhoud bruggen Niet levensduur verlengend onderhoud "nieuwe" kunstwerken Niet levensduurverlengend onderhoud kademuren Levensduurverlengend onderhoud TOTAAL

2021

2022

2023

2024

2025

75.000

50.000

25.000

25.000

25.000

50.000

50.000

50.000

50.000

123.000

148.000

198.000

248.000

298.000

25.000

25.000

50.000

50.000

50.000

151.000 50.000 424.000

151.000 50.000 474.000

151.000 50.000 524.000

151.000 50.000 574.000

151.000 50.000 624.000

2021 274.000 150.000 0 424.000

2022 274.000 100.000 100.000 474.000

2023 274.000 50.000 200.000 524.000

2024 274.000 0 300.000 574.000

2025 274.000 0 350.000 624.000

2022 100.000 267.000

2023 50.000 167.000

2024 0 117.000

2025 0 117.000

Tabel 12. Herkomst budget

Herkomst budget Huidige exploitatie uitname onderhoudsreserves totaal toename exploitatie TOTAAL BUDGET

Tabel 13. Verwacht verloop onderhoudsreserves

Saldo onderhoudsreserve uitname onderhoudsreserves SALDO

2021 150.000 417.000

Investeringen In het huidige investeringsprogramma is ca 5 miljoen opgenomen aan investeringen voor kunstwerken. 2 grote projecten (Kademuur Heldringstraat (ST) en kademuur Haven (M1)) zijn al in voorbereiding en zullen doorgang vinden. De overige investeringen (ca 2,5 miljoen) worden geparkeerd, de vrijvallende kapitaallasten worden opgenomen in een investeringsreserve. Het groot onderhoud van de Lijndraaiersbrug wordt gedekt uit een meevaller bij de vervanging van de kademuur Goudsteen. Er is nader onderzoek aan de Koepaard en de Schansbrug nodig om de investeringsbehoefte beter vast te stellen. Naar verwachting is in 2022 hierover meer duidelijkheid. In de loop van 2022 zal dan ook een investerings-update van dit plan gepresenteerd worden. Hierin worden ook de eerste resultaten van de digital twin gepresenteerd.

Pagina XXIV

5. bijlagen 4.

4.1

Uitleg van vaktermen en afkortingen

Vakterm BB VB Val

Uitleg Beweegbare Brug Vaste brug Deel van een beweegbare brug waar het verkeer over rijd Bovengrondse deel van een ophaalbrug waarmee het val met een Hamei(poort) contragewicht gebalanceerd wordt Ophaalbrug Beweegbare brug waarbij het contragewicht bovengronds zit Basculebrug Beweegbare brug waarbij het contragewicht ondergronds (in een kelder) zit Klapbrug Beweegbare brug zonder contragewicht Kademuur Kademuren in de getijdehaven. Hoogte meestal 4-6 meter. Door getijdeHaven invloed en zout water zwaar belast Kademuur Kademuur in de vlieten. Vlieten Hoogte 1-2 meter. Geen getijden, geen zout water Kademuur waarvan het gewicht voldoende verticale kracht op de fundering Gewichtsmuur genereert om de verticale gronddruk te kunnen weerstaan Groot onderhoud Vervangen van onderdelen zonder dat de functionaliteit veranderd Bij onderhoud verbeteren van de functionaliteit, bijvoorbeeld het verhogen Renovatie van een leuning.

Verankerde Kademuur waarvan de horizontale gronddruk opgevangen wordt door een damwand horizontale verankering Kademuur in een L-vorm waarbij het gewicht van de grond op het korte eind L-wand van de L minimaal in evenwicht is met de horizontale gronddruk Nationale norm en systematiek voor het vastleggen van de toestand van NEN2676 gebouwen en constructies Constructie Uitvoerings Richtlijn, afspraken tussen opdrachtgevers, CUR-124 opdrachtnemers en vergunningverleners in de bouw Europese regelgeving waaraan alle nieuwe installaties vanaf 1995 moeten Machinerichtlijn voldoen. Installaties van voor die datum hoeven hier niet aan te voldoen, en CE-markering maar bij vervanging of renovatie moeten zij hier wel aan gaan voldoen Afdekking van de kademuur aan de bovenzijde waarop het maaiveld of Deksloof straatwerk aansluit

Pagina XXV

4.2

Overzichtstekening kademuren

Pagina XXVI

4.3

Overzichtstekening bruggen en tunnels

Pagina XXVII

4.4

Overzichtstabel bruggen en tunnels

Brugnumme r

Naam brug

Toegestaan verkeer??

Materiaal

BB01

Wagenbrug Lijndraaiersbrug Fortegrachtbrug Koepaardbrug Schansbrug Coppelbrug Maaspoort tunnel Merellaan tunnel Blauwe brug Laan 40-45 (Station Centrum) Vincent van Goghlaan Jozef Israellaan Jan Evertsenlaan Van Speijkstraat Boelhouwersbrug Sluispolderbrug Vervallen Hoekerstraatbrug P.C. Hooftbrug Weddebrug Karnemelksebrug Hellinggatbrug Trasmolenbrug Populierendal/Maasdijk Weverskade 85 Weverskade 93 Weverskade 98 Weverskade 116 Spartelbrug ((Westgaag) Weversbrug Albert Schweitzerdreef Albert Schweitzerdreef Rozenlaan Esdoornlaan Oleanderpark Reviusplein Wipperspark Sportlaan Groote Luchtbrug (Boonervlietbrug) Albert Schweitzerdreef Dijkpolderbrug (Weverskade) Natuurspeeltuin Cornelis van der Lelylaan

Max 20 ton Alle verkeer Max 5 ton Alle verkeer Max 5 ton Fiets/voetgangers Alle verkeer Fiets/voetgangers Max 20 ton Fietsers

Hout/Staal Staal Hout Staal Staal Staal Beton Beton Beton Beton

Voetgangers Voetgangers Voetgangers Voetgangers Voetgangers Voetgangers

Beton Beton Beton Beton Beton/metselwerk Beton/Metselwerk

Fiets/Voetgangers Alle verkeer Fiets/voetgangers Voetgangers Alle verkeer Fiets/voetgangers Fietspad Max 5 ton Max 5 ton Alle verkeer Alle verkeer Alle verkeer Alle verkeer Fiets/voetgangers Voetgangers Voetgangers Voetgangers Fiets/Voetgangers Voetgangers Voetgangers Fiets/Voetgangers Fiets/Voetgangers

Beton Beton Metselwerk Beton Beton Beton/Metselwerk Kunststof Beton Beton Beton Beton Beton Beton Hout/Staal Staal Hout Hout Hout/Staal Hout Hout/Staal Hout/Staal Beton

Fiets/Voetgangers Fietspad

Hout Kunststof

Voetgangers Alle verkeer

Hout Beton

BB02 BB03 BB04 BB05 BB06 T01 T02 VB01 VB02 VB03 VB04 VB05 VB06 VB07 VB08 VB09 VB10 VB11 VB12 VB13 VB14 VB15 VB16 VB17 VB18 VB19 VB20 VB21a VB21b VB22 VB23 VB24 VB25 VB26 VB27 VB28 VB29 VB30 VB31 VB32 VB33 VB34

Pagina XXVIII

VB35 BV36 VB37 VB38 VB39 VB40

Weverskade/Blikveld Spiegeling Kompas/Spiegeling Kompas Eiland/Spiegeling Weverskade 55 (Voormalige Lely-brug) Weverskade 73 Weverskade 56

VB41 VB42

4.5

Fiets/Voetgangers Alle verkeer Alle verkeer Alle verkeer Alle verkeer Alle verkeer

Beton/Kunststof Beton/Kunststof Beton/Kunststof Beton/Kunststof Beton/Kunststof Beton

Fiets/voetgangers Fiets/Voetgangers

Beton/Kunststof Beton/Kunststof

Stalen bruggen en omgaan met hitte

Bij heet weer gecombineerd met zon kan een brug opwarmen tot wel 60 graden. Hierdoor zet de staalconstructie uit, waardoor de bruggen vast kunnen komen te zitten. Hierom is het belangrijk dat de bruggen genoeg speling hebben met het landhoofd om dit te voorkomen. Maassluis zet niet in op het koelen van bruggen, maar op het zorgen van voldoende speling. Zo is ad hoc ingrijpen bij heet weer niet nodig. Omdat de overspanningen beperkt zijn is dit goed mogelijk. De maximale uitzetting kan berekend worden met de volgende formule: ∆L=α*L*∆T. Hierbij is ∆L=lengtetoename, α de lineaire uitzettingscoëfficient van staal (0,00122) en ∆T de temperatuurtoename (50 graden). Onze grootste overspanning is de Schansbrug (bijna 15 meter). De maximale lengtetoename is hier dus 9,15 mm. Deze speling is gerealiseerd.

4.6

Vertaling plaatselijk beleid naar landelijke systematieken

In de visie Openbare ruimte 2030 worden voor kunstwerken 2 onderhoudsniveaus gehanteerd. Het hogere onderhoudsniveau “Glas Centrum” wordt echter in dit beheerplan losgelaten. De meeste kunstwerken worden beheerd op onderhoudsniveau B (basis). Daar waar technisch mogelijk wordt niveau C aangehouden. Onderhouds niveau A+ A

Omschrijving

Indicatie kwaliteit

Relatie met wegbeheer

Zeer hoog Hoog

Nagenoeg ongeschonden Mooi en comfortabel

B

Basis

Functioneel

C

Laag

Onrustig beeld, discomfort of enige vorm van hinder

D

Zeer laag

Kapitaalvernietiging: uitlokking van vernieling, functieverlies, aansprakelijkstelling of sociale onveiligheid.

Er is geen schade Er is enige schade, maar de waarschuwingsgrens is nog niet overschreden De waarschuwingsgrens is overschreden: er is klein onderhoud nodig binnen vijf jaar is groot onderhoud nodig De richtlijn is overschreden: er is binnen twee jaar groot onderhoud nodig De richtlijn is meer dan één klasse overschreden. Er is direct groot onderhoud nodig

De frequentie van dit onderhoud is erop gericht dat door middel van (klein) onderhoud de richtlijn niet wordt overschreden. Er worden geen concessies gedaan ten aanzien van de constructieve Pagina XXIX

veiligheid en de verkeersveiligheid. Wanneer we de Basiskwaliteit vertalen naar de conditiescores uit de in “civiele kunstwerkenland” standaard gehanteerde NEN 2767 dan sluit conditiescore 3 – redelijke conditie hier het beste op aan. Conditiescore 3 is als volgt gedefinieerd: Conditiescore 3 conform de NEN 2767: Het verouderingsproces is plaatselijk op gang gekomen. Bouwdelen vertonen plaatselijk gebreken aan afwerklagen, materialen en componenten. Het functioneren van de installaties kan een enkele keer worden verstoord zonder dat het bedrijfsproces wordt geschaad. Gebreken, in de vorm van verwering enzovoorts, kunnen plaatselijk tot regelmatig voorkomen. Regelmatig kunnen goed uitgevoerde en duurzame reparaties worden vastgesteld. Ook kunnen plaatselijk reparaties met minder geschikte middelen zijn uitgevoerd. Een bouwdeel kan in zijn geheel een zichtbare veroudering vertonen. Ten aanzien van het totale beeld van de gebreken wordt de technische staat als redelijk gekwalificeerd. De kwaliteit van de toegepaste materialen en/of de basiskwaliteit, detaillering en uitvoering kunnen hierin een rol van betekenis spelen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10355453/2