7. Toelichting bijlage 5 integraal waterhuishoudkundig plan
Tekst van het document
Integraal Waterhuishoudkundig Plan Puur! Maassluis Definitief
ABB Ontwikkeling B.V. 20 maart 2020
Project Opdrachtgever
Document Status Datum Referentie
Projectcode Projectleider Projectdirecteur
Auteur(s) Gecontroleerd door Goedgekeurd door
Integraal Waterhuishoudkundig Plan Puur! Maassluis ABB Ontwikkeling B.V.
Definitief Definitief 20 maart 2020 107325/20-004.481
107325 R.M. van Meekerk ir. R.P.N. Pater
ir. R.J.R. Wannyn R.M. van Meerkerk R.M. van Meerkerk
Paraaf
Adres
Witteveen+Bos Raadgevende ingenieurs B.V. | Deventer Stationsweg 5 Postbus 3465 4800 DL Breda +31 (0)76 523 33 33 www.witteveenbos.com KvK 38020751
Het kwaliteitsmanagementsysteem van Witteveen+Bos is gecertificeerd op basis van ISO 9001. © Witteveen+Bos Niets uit dit document mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt in enige vorm zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Witteveen+Bos noch mag het zonder dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd, behoudens schriftelijk anders overeengekomen. Witteveen+Bos aanvaardt geen aansprakelijkheid voor enigerlei schade die voortvloeit uit of verband houdt met het wijzigen van de inhoud van het door Witteveen+Bos geleverde document.
INHOUDSOPGAVE
1
INLEIDING
5
1.1
Leeswijzer
6
2
BRON- EN BELEIDSDOCUMENTEN EN UITGANGSPUNTEN
7
2.1
Brondocumenten
7
2.2
Beleidsdocumenten
7
2.3
Uitgangspunten
8
3
HUIDIGE SITUATIE
9
3.1
Algemeen
9
3.2
Maaiveldhoogte
10
3.3
Bodemopbouw
10
3.4
Peilgebied
11
3.5
Grondwater en Geohydrologie
12
3.6
Oppervlaktewatersysteem
12
3.7
Verharde oppervlaktes
12
3.8
Riolering
13
4
WATERTOETS
15
4.1
Algemeen
15
4.2
Doelstelling
15
4.3
Waterkering
15
4.4
Peilbeheer
17
4.5
Voorkomen van wateroverlast
18
4.6
Riolering
19
4.7
Bemalingsplan
20
4.8
Waterkwaliteit
20
5
TOEKOMSTIGE SITUATIE
21
5.1
Inrichting
21
5.2
Afwateringsstructuur en hemelwaterafvoer
22
5.3
Waterkering
22
5.4
Verandering landgebruik en berging
23
6
RIOOLPLAN
26
6.1
Stelsel ontwerp
26
6.2
Hydraulische toetsing
27
6.2.1 6.2.2 6.2.3
27 28 29
Berging Capaciteit Klimaatadaptatie
7
DRAINAGEPLAN
31
8
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
32
Laatste pagina
32
Bijlage(n)
Aantal pagina's
I
Bespreekverslag 25 september 2018 met ABB, Gem. Maassluis, HHD en W+B
4
II
E-mail Hoogheemraadschap Delfland d.d. 27 juni 20019
4
III
Bespreekverslag 19 juni met ABB, HHD en W+B
4
1 INLEIDING Sinds begin 2009 heeft de Gemeente Maassluis in samenwerking met de Maasdeltagroep onderzoek verricht naar de haalbaarheid van ontwikkelingsmogelijkheden in Sluispolder-West en de binnenstad van Maassluis. Dit onderzoek heeft in 2012 geleid tot de formulering van het Richtinggevend Kader Ontwikkelingsopgave Sluispolder-West en Vlietlocatie e.o. Binnen het raamwerk van het Richtinggevend Kader willen de Gemeente Maassluis en de Maasdeltagroep het projectgebied revitaliseren middels onder andere het verbeteren van de kwaliteit van het woningenbestand, voorzieningen en openbare ruimte. Momenteel werkt ABB Ontwikkeling B.V. aan de voorbereiding van de herontwikkeling van de Vlietlocatie, gelegen langs de Zuidvliet in Maassluis en omsloten door Anne de Vriesstraat, de Arthur van Schendelstraat en de P.C. Hooftlaan. De beoogde herontwikkeling van de Vlietlocatie omvat de realisatie van grondgebonden woningen, een supermarkt met daarboven appartementen . Momenteel staan binnen het plangebied flats met 3 tot 5 woonlagen. De wijk Sluispolder-West en de aangrenzende Vlietlocatie zijn centraal gelegen in Maassluis. Op afbeelding 1.1 is de locatie van het projectgebied weergegeven.
Afbeelding 1.1 Sluispolder-West en projectgebied Vlietlocatie
5 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
ABB Ontwikkeling B.V. heeft aan Witteveen+Bos gevraagd om als onderdeel van de voorbereiding de volgende werkzaamheden uit te voeren: - het opstellen van een waterhuishoudkundig advies, inclusief: · watertoets; · rioleringsplan; · drainageplan. Dit Integraal Waterhuishoudkundig Plan is een overkoepelend rapport dat deze aspecten omvat en geeft een analyse van de huidige waterhuishoudkundige situatie en de effecten van het inrichtingsplan daarop.
1.1
Leeswijzer
Dit rapport is als volgt op gesteld: - in hoofdstuk 2 worden de uitgangspunten en brondocumenten samengevat; - in hoofdstuk 3 is de huidige situatie beschreven; - in hoofdstuk 4 het relevante beleid opgenomen; - in hoofdstuk 5 is de ontwerp situatie beschreven en worden de effecten hiervan samengevat; - in hoofdstuk 6 is het rioolplan opgenomen; - in hoofdstuk 7 is het drainageplan opgenomen; - in hoofdstuk 8 zijn de belangrijkste conclusies en aanbevelingen samengevat.
6 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
2 BRON- EN BELEIDSDOCUMENTEN EN UITGANGSPUNTEN 2.1
Brondocumenten
Bij de samenstelling van dit integraal waterhuishoudkundig plan is gebruik gemaakt van de volgende brondocumenten: - concept blokplattegronden Vlietzone Maassluis D101, ABB Ontwikkeling, d.d. 15-11-2019; - herinrichting binnenstad Maassluis, Definitief Ontwerp ‘eenvoud en allure’ Plantoelichting d.d. 03-09-2012; - handboek Openbare Ruimte (HOR) 2007-2012 Gemeente Maassluis; - presentatie Vlietzone Maassluis https://www.puur-maassluis.nl/wpcontent/uploads/sites/27/2017/05/Presentatie-Maassluis-ABB-910-mei-2017.pdf; - tekening ‘Projectgrenzen’ TK-15-GEO-013, Gemeente Maassluis 12-04-2016; - richtinggevend Kader Sluispolder-West en Vlietlocatie, Maassluis d.d. oktober 2012; - tekening Boringen en peilbuizen nr. 161223D, Deta Milieu, 22-12-2016; - TerraIndex Boorprofielen, Deta Milieu 22-06-2016 - ondergrondgegevens DINOloket, TNO, Geologische Dienst Nederland; - grondwatermonitoring DINOloket, TNO, Geologische Dienst Nederland; - algemene Hoogtekaart Nederland (AHN); - X-Architect ontwerp.dwg d.d. 20-04-2018 - puthoogtes centrum.dwg, d.d. 18-04-2018; - GBKN centrum.dwg 18-04-2018;
2.2
Beleidsdocumenten
Bij de samenstelling van dit integraal waterhuishoudkundig plan is gebruik gemaakt van de volgende beleidsdocumenten: - Keur Delfland, Hoogheemraadschap van Delfland, d.d. 19 februari 2015; - Algemene Regels behorende bij de Keur, Hoogheemraadschap van Delfland; - Beleidsregel medegebruik regionale waterkeringen, Hoogheemraadschap van Delfland, d.d. 15 april 2014; - Beleidsnota beperken en voorkomen wateroverlast, Hoogheemraadschap van Delfland, 10 juli 2014; - Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Maasssluis 2009-2013, Gemeente Maassluis, d.d. 4 november 2009; - Beleidsnota Peilbeheer, Hoogheemraadschap van Delfland, d.d. 6 juli 2017; - Beleidsnota Riolering en het Watersysteem, Hoogheemraadschap van Delfland, d.d. 8 maart 2004; - Waterplan Maassluis, 2008-2015, Hoogheemraadschap van Delfland & Gemeente Maassluis, d.d. november 2008; - Handreiking Watertoets Gemeenten, Hoogheemraadschap van Delfland, 7 juli 2016.
7 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
2.3
Uitgangspunten
De samenstelling van dit integraal waterhuishoudkundig plan is gebaseerd op de volgende uitgangspunten: - ten behoeve van de Watertoets is bij de totstandbrenging van dit integraal waterhuishoudkundig plan overleg gevoerd met de Gemeente Maassluis en het Hoogheemraadschap van Delfland in september 2018. Het bespreekverslag is opgenomen in bijlage I; - het rioolplan is gebaseerd op de aanleg van een gescheiden stelsel waarbij de meeste DWAaansluitingen aangesloten blijven op de bestaande gemengde rioleringsstrengen in de Arthur van Schendelstraat. De nieuwe woningen langs de Zuidvliet worden aan de achterzijde aangesloten op een nieuwe DWA-leiding; - het GRP van de gemeente eist dat het systeem wordt ontworpen voor bui 8 uit de Kennisbank Stedelijk Water van de Stichting Rioned. Daarnaast wordt het systeem getoetst bij bui 10 om inzicht te krijgen in de te verwachten mate van water op straat in deze bui; - er wordt geen 2D-berekening gemaakt om maaiveldafstroming te berekenen; - het peil in de benedenstroomse riolering bij de maatgevende buien is onbekend. Er wordt gerekend met een waterpeil in het ontvangende stelsel dat 0,5 m beneden maaiveld ligt; - voor de maaiveldhoogte wordt uitgegaan van een gemiddelde hoogte op NAP -0,10 m; - voor de b.o.b’s van leidingen wordt uitgegaan van NAP -1,50 m. De b.o.b’s worden in de deze notitie niet ontworpen.
Dit zal in de DO-fase plaatsvinden. De daadwerkelijke leidingen zullen onder afschot wordt aangelegd en de b.o.b.’s zullen daarom variëren. Dit wordt echter buiten beschouwing gelaten daar dit geen effect heeft op de rekenresultaten voor het vaststellen van de benodigde diameters; - er wordt aangenomen dat er een uitstroomconstructie wordt aangelegd voor het HWA-systeem dat het afgevoerde debiet beperkt, met een overstort voor noodsituaties. In de berekening wordt ervanuit gegaan dat al het water over de overstort wordt afgevoerd. De overstort wordt op 0,5 m beneden maaiveld gemodelleerd; - minimale leidingdiameter HWA: ø 300 mm en maximaal ø 500 (3.7.4 HOR); - minimale leidingdiameter DWA: ø 250 (3.7.4 HOR); - materiaal leidingen tot en met diameter ø 400 mm: pvc. Grotere leidingen: beton; - gronddekking: minimaal 1,0 m (3.7.3 HOR); - maximale afstand tussen 2 inspectieputten: 80 m; - de afstand tussen 2 kruisende leidingen moet altijd groter zijn dan 0,15 m; - de berekening is uitgevoerd met InfoWorks CS v16.5 volgens de richtlijnen van de Stichting Rioned Kennisbank ´Berekenen vrijvervalriolering’ met uitzondering van de leidingweerstand.
Hiervoor wordt in de berekening 3 mm aangenomen; - het verhard oppervlak in de toekomstige situatie wordt nader beschouwd in Hoofdstuk 5; - op het (gemengd) stelsel worden circa 60 woningen en 24 appartementen, alsook circa 1.500 m2 retail aangesloten; - gemiddeld aantal inwoners per woning: 2,5 inwoners; - gemiddelde piek DWA-lozing per inwoner: 12 l per uur; - daggemiddelde DWA-lozing per inwoner: 120 l per dag; - de inwoners zijn in het rekenmodel gelijkmatig over de putten verdeeld;
8 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
3 HUIDIGE SITUATIE Dit hoofdstuk vat de huidige situatie samen en geeft een analyse van de relevante onderwerpen aangaande het watersysteem in en rondom het projectgebied.
3.1
Algemeen
In het projectgebied ligt momenteel wooncomplex de Vliet met aan de westzijde aangrenzend een parkeerplaats. Het binnenterrein van het wooncomplex bestaat uit een groenvoorziening met een aantal paden, heggen en bomen. In afbeelding 3.1 is een overzicht gegeven van de huidige situatie.
Afbeelding 3.1 Inrichting projectgebied huidige situatie
9 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
3.2
Maaiveldhoogte
Afbeelding 3.2 geeft de huidige maaiveldhoogtes in het projectgebied weer.
Afbeelding 3.2 Hoogtekaart [AHN]
De kruinhoogte van de Zuidvliet waterkering is NAP +0,1 m. Het maaiveldniveau achter de kering varieert, maar schommelt gemiddeld rond NAP +0,0 m, met lokale verlagingen tot NAP -0,3 m. In afbeelding 3.3 is een dwarsdoorsnede weergegeven door het projectgebied met daarin de kruinhoogte van de kering.
Afbeelding 3.3 Dwarsdoorsnede maaiveldhoogte op basis van AHN
3.3
Bodemopbouw
Algemeen In het Dinoloket zijn de ondergrondgegevens opgevraagd via REGIS. In tabel 3.1 is een hier samenvatting van gegeven voor de projectlocatie.
10 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
Tabel 3.1 Bodemlagen projectgebied Vlietlocatie Formatie
Lithogie
Diepte (m minus maaiveld)
holocene afzettingen
zandige klei, midden en fijn zand, kei en veen en weinig grof zand
0-20
formatie van Kreftenheye
zandige eenheid hoofdzakelijk bestaande uit midden en grofzand, met weinig zandig klei, fijn zand en een spoor klei en veen
20-30
formatie van Stram proxy
zandige klei, klei en midden zand
30-35
Boringen in projectgebied In het plangebied zijn in december 2016 in totaal 24 boringen uitgevoerd variërend van beperkte diepte; 0,5 m tot 1,5 m diep. De boringen zijn gelijkmatig verdeeld over het plangebied. Ook zijn twee peilbuizen geplaatst. Een overzicht van de uitgevoerde boringen en geplaatste peilbuizen is opgenomen in afbeelding 3.4. Afbeelding 3.4 Boringen en peilbuizen
Uit de boringen blijkt dat over het de bovenste laag van de bodem bestaat uit matig fijn, zwak ziltig zand. In 4 van de 24 boorprofielen, genomen in de groenvoorziening is ook matig tot zwak zandige klei geconstateerd.
3.4
Peilgebied
Het projectgebied bevindt zich volledig binnen 1 peilgebied. Binnen dit peilgebied is het vastgestelde waterpeil NAP -2,05 m. Het projectgebied grenst aan oppervlaktewater de Zuidvliet. Dit oppervlaktewater bevindt zich in een ander peilgebied, waarvan het vastgestelde waterpeil NAP -0,43 m is. In afbeelding 3.6 is de locatie van het projectgebied ten opzichte van de peilgebieden weergegeven.
11 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
Afbeelding 3.5 Peilgebieden hoogheemraadschap van Delfland met projectgebied
3.5
Grondwater en Geohydrologie
De grondwaterstand wordt beïnvloed door het waterpeil van het aanliggende oppervlaktewater Zuidvliet, maar kan door opbolling of bemaling hoger of lager zijn. In het projectgebied zijn 2 peilbuizen geplaatst in december 2016 (zie afbeelding 3.4). In de peilbuizen is alleen een meting genomen op het moment van plaatsing. Bij die meting werd een grondwaterstand van 0,8 m beneden maaiveld geconstateerd, wat ongeveer overeenkomt met NAP -0,8 m. Uit een analyse van peilbuizen in de omgeving blijkt dat December 2016 een natte periode was. Daaruit wordt geconcludeerd dat de gemeten grondwaterstand op de projectlocatie in December 2016 relatief hoog zal zijn geweest. Geadviseerd wordt om dit te verifiëren middels langdurigere grondwaterpeilmetingen over een periode van minimaal 3 maanden.
3.6
Oppervlaktewatersysteem
De projectlocatie is gesitueerd langs oppervlaktewater de Zuidvliet. De straat ‘Zuidvliet’, die hier direct langs gelegen is, watert direct af op het oppervlaktewater. Uit het nieuwe ontwerp voor het projectgebied blijkt dat dit in de toekomstige situatie ook het geval zal zijn.
3.7
Verharde oppervlaktes
In afbeelding 3.6 is de verdeling van het afvoerende oppervlak in de huidige situatie weergegeven.
12 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
Afbeelding 3.6 Verdeling afvoerend oppervlak
Op de luchtfoto in afbeelding 3.6 is te zien dat het gebied voornamelijk verhard is, met uitzondering van de groenvoorziening bij het Vlietcomplex. De samenstelling van verhard oppervlak in de huidige situatie is samengevat in tabel 3.2.
Tabel 3.2 Samenstelling van het oppervlak in de huidige situatie Type oppervlak
Afvoerend naar
Oppervlak (m2)
dak
gemengd stelsel
3,155
verharding (wegen, parkeerplaatsen, fiets en wandelpaden)
gemengd stelsel
8,278
subtotaal
verharding (wegen, parkeerplaatsen, fiets en wandelpaden) groen (onverhard) totaal
3.8
11.433
oppervlaktewater
1,439
-
2,861 15,733
Riolering
In de huidige situatie is in het gebied een gemengd rioleringsstelsel aanwezig waar zowel het vuilwater als het hemelwater op is aangesloten. In afbeelding 3.7 is een overzicht gegeven van het huidige gemengde rioleringsstelsel zoals dit momenteel aanwezig is in het projectgebied.
13 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
Afbeelding 3.7 Gemengd rioleringsstelsel in de huidige situatie
14 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
4 WATERTOETS 4.1
Algemeen
De toekomstige waterhuishouding moet passen binnen de beleidskaders van het Hoogheemraadschap Delfland en de Gemeente Maassluis. Daarom wordt in dit hoofdstuk ingegaan op het huidige waterbeleid, het raamwerk waarbinnen de beoogde ontwikkeling dient te worden uitgevoerd. Per thema wordt het beleid uitgewerkt in dit hoofdstuk.
4.2
Doelstelling
Het waterbeheer is gericht op het bereiken van de doelstellingen van de Waterwet 2009. Een praktische uitwerking hiervan wordt gevormd door het Waterplan Maassluis 2008-2015, welke als volgt kan worden samengevat: ‘In het waterplan is opgenomen hoe de gemeente het hoogheemraadschap zich voorbereiden op de toekomstige klimaatsveranderingen. In het visiedeel van het waterplan zijn streefbeelden en oplossingsrichtingen voorgesteld om de knelpunten in het watersysteem aan te pakken en om kansen voor water te benutten. Zo willen de gemeente en het hoogheemraadschap verhard oppervlak verder afkoppelen, de waterberging van het oppervlaktewater vergroten en een hemelwatertransportsysteem aanleggen in de hogere delen van Maassluis.’ Daarnaast bestaat de Watertoets. De watertoets berust op twee uitgangspunten: -
-
het standstill-beginsel: Dit beginsel houdt in dat ruimtelijke ontwikkelingen in principe geen verslechtering van de bestaande situatie wordt toegestaan tenzij deze verslechtering wordt gecompenseerd, zodat de waterhuishouding minimaal even goed blijft functioneren - paragraaf 3.3 van de Beleidsnota voor beperken en voorkomen van wateroverlast; verbetering: dit beginsel houdt in dat bij ruimtelijke ontwikkelingen kansen worden benut die zich voordoen om bestaande knelpunten te helpen oplossen of die het watersysteem verbeteren.
4.3
Waterkering
De beoogde ontwikkeling Puur! valt deels binnen de beschermings- en keringszones van de Zuidvlietkering. In afbeelding 4.1 zijn de kering en de beschermingszone uit de legger van het Hoogheemraadschap van Delfland ten opzichte van de projectlocatie weergegeven.
15 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
Afbeelding 4.1 Legger hoogheemraadschap van Delfland met projectgebied
De kering of kernzone (waterstaatswerk) is in totaal 7 m breed en heeft een kruinhoogte op NAP + 0,1 m. Uit afbeelding 3.7 blijkt dat deze kernzone deels binnen het project gebied valt. Naast de kernzone ligt een 15 m brede beschermingszone die over de gehele breedte door het projectgebied loopt. Het maaiveld ligt niet op de kruinhoogte van de waterkering. Hierdoor is er in dit geval (net) geen sprake van een verheelde waterkering. Bij een verheelde waterkering ligt het achterland op minimaal de vereiste kruinhoogte en zijn geen zettingen te verwachten. Een dwarsdoorsnede met maaiveldhoogtes in het projectgebied is opgenomen in afbeelding 4.2. Een principeschets van het hoogheemraadschap van een verheelde waterkering is weergegeven in afbeelding 4.3.
Afbeelding 4.2 Dwarsdoorsnede maaiveldhoogte op basis van AHN
Afbeelding 4.3 Principedetail verheelde waterkering Hoogheemraadschap van Delfland
16 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
Op basis van de Algemene Regels kunnen in sommige gevallen een vrijstelling voor vergunning worden verkregen indien er sprake is van een verheelde waterkering. Binnen de kernzone en beschermingszone zijn op basis van de Keur Delfland beperkingen gesteld aan activiteiten (bouwen, werken, wegen, beplanting en kabels en leidingen) die het waterkerend vermogen van de kering nu en in de toekomst kunnen aantasten. Beheer en onderhoud aan de kering moet te allen tijde mogelijk zijn. Binnen het beleid van het hoogheemraadschap van Delfland zijn de volgende regels van relevant voor de beoogde herinrichting. Onder artikel 3.1 van de Keur van Delfland is het verboden zonder vergunning van het bestuur waterstaatswerken aan te leggen of te wijzigen. In het beoogde ontwerp is er sprake van 3 werkzaamheden binnen de beschermingszone: - wijzigingen van het straatoppervlak. Het wijzigen van het straatoppervlak is echter vrijgesteld van vergunning onder paragraaf 2.9 van de Algemene Regels gezien hier geen ontgraving voor nodig is; - het planten van bomen. Het planten van bomen is mogelijk vrijgesteld van vergunning mits het werk voldoet aan de vrijstellingscriteria voor Werken en Beplanting in paragraaf 2.9 van de Algemene Regels.; - het aanleggen van kabels en leidingen.
Het aanleggen van kabels en leidingen in een kern- of beschermingszone is in sommige gevallen vrijgesteld van een vergunning onder paragraaf 2.3 van de Algemene Regels. Of dat bij de ontwikkeling van Puur! het geval is hangt af van het definitieve ontwerp. Gezien de ingrijpende herinrichting van het gebied zullen echter naar verwachting werkzaamheden aan kabels & leidingen benodigd zijn waar een watervergunning voor benodigd is. Op de aanvulling van sleuven is op basis van artikel 7.3 van de Algemene Regels het Besluit Bodemkwaliteit van toepassing. Dat betekent dat de aanvulling van sleuven met schone kleigrond dient te worden uitgevoerd. Het Hoogheemraadschap van Delfland heeft samen met de partijen gekeken naar de mogelijkheden om binnen de geldende regelgeving een passende oplossing te bieden. Zo heeft het HHD gekeken naar de benodigde toetshoogte (lager dan NAP +0,10 m). Dit, samen met feit dat er sprake is van een verheelde waterkering oplopend naar NAP +0,30 m, maakt het voor het HHD verantwoord om het onderstaande in afbeelding 4.4 opgenomen principeprofiel op deze locatie te hanteren. Dit is door HHD per e-mail bevestigd d.d. 27 juni 2019 (zie bijlage II).
Afbeelding 4.4 Principeprofiel waterkering Zuidvliet
4.4
Peilbeheer
Het Hoogheemraadschap van Delfland is beheerder van het (ondiepe) grondwater. Het operationele beheer wordt uitgevoerd door de gemeente (voor de openbare ruimte, binnen de bebouwde kom) en de perceeleigenaar.
17 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
De taak van de gemeente binnen de bebouwde kom wordt aangeduid als de grondwaterzorgplicht. Voor het voorkomen van grondwateroverlast bij een nieuwbouwontwikkeling als deze kan worden gekozen voor ophogen van de grond, aanleg van drainage of een combinatie. Ophoging van de grond tot de kruinhoogte van de waterkering van NAP +0,1 m is voor de ontwikkelaar mogelijk interessant, afhankelijk van het eventuele effect op de benodigde vergunningen. In paragraaf 5.5.6 van de Beleidsnota Peilbeheer wordt voor bestaande bebouwing en infrastructuur een drooglegging van 80 cm gehanteerd (tot de gemiddeld hoogste grondwaterstand). Voor nieuw te ontwikkelen stedelijk gebied wordt een drooglegging van 120 cm geadviseerd. Ondanks de beperkt beschikbare grondwaterinformatie lijkt het projectgebied niet aan de geadviseerde drooglegging te voldoen. Eventueel kan daartoe drainage worden aangelegd bij de herontwikkeling van het gebied. In paragraaf 3.2 van het Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan is opgenomen dat eventueel aan te leggen drainage niet mag worden aangesloten op de gemengde riolering tenzij er vanuit waterkwaliteitsoogpunt (bodemvervuiling) geen andere mogelijkheid is. Uitgangspunt voor het ontwerp is de huidige grondwaterstand in het gebied.
Bij de bespreking van deze situatie met HDD en Gemeente Maassluis op 25 september 2018 is afgesproken dat de huidige drooglegging van ongeveer 80 cm wordt geaccepteerd (zie bijlage I).
4.5
Voorkomen van wateroverlast
Bij het voorkomen van wateroverlast en het verwerken van hemelwater hebben perceeleigenaar, gemeente en het Hoogheemraadschap van Delfland elk een verantwoordelijkheid. De perceeleigenaar moet het hemelwater zoveel mogelijk zelf verwerken op of nabij de plaats waar het valt. De gemeente draagt zorg voor de inzameling en verwerking van het afstromend hemelwater. Dit betekent dat de gemeente in eerste instantie inspanning moet doen om dit hemelwater vast te houden of terug te brengen in de bodem. Vervolgens kan het (al dan niet na zuivering) worden afgevoerd naar het oppervlaktewater. Het Hoogheemraadschap van Delfland is vervolgens verantwoordelijk voor de ontvangst van hemelwater in het oppervlaktewater. Voor ruimtelijke ontwikkelingen wordt door het hoogheemraadschap uitgegaan van het standstill-beginsel. Volgens het standstill-beginsel mag de kans op wateroverlast in ieder geval niet toenemen als gevolg van een ingreep in het watersysteem of een handeling die invloed heeft op het functioneren van het watersysteem. Een ontwikkeling zoals Puur! waarbij het verhard oppervlak toeneemt, zorgt voor een snellere afstroming van hemelwater. Dit kan leiden tot wateroverlast, en past dus niet binnen het standstill-beginsel.
Het hoogheemraadschap heeft in de Beleidsnota beperken en voorkomen wateroverlast vastgelegd dat bij beoogde ontwikkelingen een toename van verhard oppervlak de extra afstroming dient te worden gecompenseerd. De geselecteerde compensatiemaatregelen krijgen voorkeur van het hoogheemraadschap op basis van de ´trits´ vasthouden - bergen - afvoeren. Dit proces wordt weergegeven in afbeelding 4.5.
18 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
Afbeelding 4.5 Compensatie ‘trits’ Hoogheemraadschap van Delfland
Bij de beoogde gebiedsontwikkeling van Puur! is er sprake van een toename van verhard oppervlak. De verharde oppervlaktes in de huidige en ontwerpsituaties zijn samengevat in paragrafen 3.7 en 5.1 respectievelijk. Om met deze toename in verhard oppervlak om te gaan, zijn een aantal maatregelen denkbaar, zoals: - afkoppeling van hemelwater; - het aanleggen van evenveel groen in de ontwerpsituatie als reeds aanwezig is in de huidige situatie; - aanleggen van berging; - het aanleggen van watergemaal; - waterpasserende bestrating. Het aanleggen van waterpasserende bestrating wordt in deze locatie niet geaccepteerd door de gemeente. De ontwikkelaar heeft sinds september 2018 het ontwerp ook verder ontwikkeld om de hoeveelheid verhard oppervlak te verkleinen. Daarnaast zijn afspraken gemaakt met HDD om een deel van de nieuwe daken via spuwer oppervlakkig af te voeren naar de Zuidvliet zie verslag bijlage III). Ondanks deze aanpassingen blijft een netto toename van verhard oppervlak bestaan. Dit zal moeten worden gecompenseerd middels berging. Om te bepalen hoeveel waterberging eventueel moet worden aangelegd, heeft Delfland een rekentool (‘watersleutel’) ontwikkeld. De watersleutel is voor het projectgebied uitgewerkt in paragraaf 5.4.
4.6
Riolering
Vooral in het stedelijk gebied kan wateroverlast worden veroorzaakt door de snelle afvoer van hemelwater van verharde oppervlakken: daken, bestratingen, wegen en glas. Om wateroverlast ten gevolge van afstromend hemelwater te voorkomen, heeft het hoogheemraadschap van Delfland de volgende voorkeursvolgorde: - hemelwater vasthouden: · voor benutting; · opvangen in (vegetatie)daken, in of onder verhardingen of in gebouwen; · (in)filtratie van hemelwater (denk aan doorlatende verharding, infiltratiebermen en wadi’s; - afstromend hemelwater afvoeren naar en bergen in het oppervlaktewater; - hemelwater afvoeren via het vuilwaterriool naar de awzi.
19 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
Bij nieuwbouw en herstructureringen dient door de initiatiefnemer in overleg met de gemeente een rioleringsplan te worden opgesteld. De Gemeente Maassluis stelt in het Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan in paragraaf 4.1 dat bij nieuwebouw wordt ‘gestreefd naar het maximaal niet aansluiten van verhard oppervlak, mits dit technisch haalbaar is.’ Daarbij stelt het Hoogheemraadschap van Delfland in paragraaf 3.3 van haar Beleidsnota Riolering en het Watersysteem dat ‘in nieuwe situaties en bij grootschalige herinrichting mag ‘schoon’ hemelwater niet met huishoudelijk- of bedrijfsafvalwater als mengsel naar de zuivering worden gebracht.[..]Via een apart hemelwatersysteem, zo nodig uitgerust met een eenvoudige zuiverende voorziening, kan het hemelwater naar het oppervlaktewater afgevoerd worden. Naar aanleiding van een gezamenlijk onderzoek van Delfland en Schieland stimuleert Delfland het afkoppelen van verhard oppervlak van bestaande gemengde stelsels met een bijdrageregeling.” Bij het overleg d.d. 25 september 2018 heeft de Gemeente Maassluis in aanvulling aangegeven dat de ontwikkeling dient te voldoen aan de eisen van het nieuwe vGRP dat momenteel in ontwikkeling is. Voor het projectgebied is de relevante eis dat er totaal 60 mm berging dient te worden voorzien voor al het verhard oppervlak beneden het laagste vloerpeil.
Deze berging mag geheel of deels bovengronds worden gerealiseerd.
4.7
Bemalingsplan
Wanneer er werkzaamheden worden uitgevoerd beneden de grondwaterspiegel die bemaling vereisen dient voor deze bemaling een bemalingsplan te worden opgesteld dat voldoet aan de eisen van paragraaf 4.1 van de Algemene Regels. Hierbij wordt ook aangegeven bij welke randvoorwaarden er kan worden volstaan met een melding en wanneer voor de bemaling een vergunning benodigd is.
4.8
Waterkwaliteit
In Hoofdstuk 7 van het Waterplan Maassluis 2008-2015 is opgenomen dat, ten tijde van het schrijven van het waterplan, de kwaliteit van het polderwater matig was: ‘Stikstof- en fosfaatgehalten zijn hoog [..] maar ook het gehalte aan koper en zink overschrijdt de MTR-norm. Een bron van zware metalen is de afspoeling van de metalen goten en leidingen van woningen.’ Eén van de streefvoorwaarden in het waterplan is dat ‘bij bouwprojecten geen zink, koper of lood mogen worden toegepast bij dakbedekking of goten.’ Afstromend hemelwater van daken, parkeerplaatsen en wegen in woonwijken heeft over het algemeen een geringe kans op verontreiniging. Echter zijn er toch mogelijke bronnen van verontreiniging, zoals chemische onkruidbestrijding, uitloogbaar straatmeubilair, uitlogende materialen van gebouwen en straatvuil.
Naast het voldoen aan de streefvoorwaarde van het waterplan wordt geadviseerd aanvullende maatregelen te overwegen om de huidige waterkwaliteit niet te doen verslechteren tijdens en na de realisatie van Puur! Voorbeelden van mogelijke maatregelen zijn: - geen chemische onkruidbestrijdingsmiddelen te gebruiken; - gebruik te maken van niet doorgroeibare bestrating om de groei van onkruid te beperken; - verharde wegen met een filterend wegdek uit te voeren; - oppervlakken waar mogelijk onverhard te laten; - geen uitloogbaar straatmeubilair toe te passen; - vervuilende oppervlakken te beperken en/of overkappen of deze te behandelen met een coating die uitloging voorkomt; - geen uitloogbare materialen (koper, zink, lood) voor daken en gevels te gebruiken;
20 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
5 TOEKOMSTIGE SITUATIE In dit hoofdstuk wordt de toekomstige situatie samengevat.
5.1
Inrichting
In de ontwerpsituatie wordt een herontwikkeling van het gebied voorzien, waarbij de bestaande bebouwing wordt afgebroken en vervangen door een stedelijke gebiedsontwikkeling met een mix van functies voor wonen, werken en horeca. Over het algemeen betreft de nieuwe bebouwing winkels op straatniveau met daarboven woonfuncties over meerdere lagen. Een plattegrond van het nieuwe ontwerp is weergegeven in afbeelding 5.1.
Afbeelding 5.1 Toekomstige situatie
21 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
Een samenvatting van de toekomstig verharde oppervlakte wordt gegeven in tabel 5.1.
Tabel 5.1 Samenstelling van het oppervlak in de toekomstige situatie Type oppervlak
Afvoerend naar
Oppervlak (m2)
dak
oppervlaktewater
1.087
weg
oppervlaktewater
1.068
subtotaal
2.155
dak
nieuw rioolsysteem
2.910
parkeerplaatsen
nieuw rioolsysteem
3.693
weg
nieuw rioolsysteem
5.563
subtotaal
groen (onverhard) totaal
5.2
-
12.166
1.412 15.733
Afwateringsstructuur en hemelwaterafvoer
In de ontwerpsituatie wordt dezelfde afwateringsstructuur gehandhaafd die aanwezig is in de huidige situatie. Daarbij voert het straatoppervlak van de Zuidvliet direct af op het oppervlaktewater. Tevens zal een deel van het nieuwe dak direct afvoeren op de Zuidvliet. De overige verharding voert af op een nieuw aan te leggen HWA stelsel. Het HWA stelsel zal bij aanleg in eerste instantie aan worden gesloten op de bestaande gemengde riolering op het kruispunt van Arthur van Schendelstraat en de P.C. Hooftlaan. In de toekomst zal de gemeente op deze locatie ook een gescheiden riool aanbrengen. Dan zal kan de aansluiting van het HWA-riool van PUUR! worden overgezet op het nieuw aangelegde HWA-stelsel van de gemeente. Het HWA van de nieuwe ontwikkeling kan niet direct naar de Zuidvliet, omdat daartoe de waterkering zou moeten worden doorkruist.
5.3
Waterkering
Een deel van het dak zal in de toekomstige situatie afstromen op de Zuidvliet. Om te voorkomen dat hier graafwerkzaamheden binnen de keurzone voor nodig zijn wordt geadviseerd een systeem het afvoersysteem te baseren op oppervlakkige afstroming met dak afvoeren die afwater op straat of verdekte goten op maaiveldhoogte tussen het nieuwe gebouw en de Zuidvlietkade. Ook wordt geadviseerd om de bestaande verkanting van de straat ‘Zuidvliet’ richting het oppervlaktewater te handhaven. Dit zorgt er voor dat er geen kolken of ondergrondse rioleringsleidingen nodig zijn voor de afwatering van deze straat.
22 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
Tot slot is het van belang om richting toekomstige bewoners duidelijk te communiceren welke regels met de waterkering samenhangen.
5.4
Verandering landgebruik en berging
In het herinrichtingsplan verandert het landgebruik. In de huidige situatie voert 11.433 m2 van de 15.733 m2 af op het gemengde stelsel, zie tabel 3.1. In de toekomstige situatie neemt dit toe naar 12.166 m2, zie tabel 5.1. Dit is een toename van 733 m2. De mogelijkheden om de toename van verhard oppervlak te minimaliseren zijn onderzocht en uitgeput. De netto toename van het verhard oppervlak van 733 m2 dient daarom gecompenseerd te worden middels berging. Om de benodigde bergingscompensatie voor het Hoogheemraadschap van Delfland te berekenen, is de Watersleutel van het HHD gebruikt. De uitgangspunten voor de berekening middels de watersleutel zijn samengevat in tabel 5.2. Watersleutel Hoogheemraadschap van Delfland
Tabel 5.2 Uitgangpunten watersleutel Parameters
Huidige situatie
Toekomstige situatie
maaiveld
-0,15
-0,15
totaal oppervlak
15.733
15.733
oppervlak verhard
11.433
12.166
0
0
stedelijk bebouwd
stedelijk bebouwd
oppervlak water type gebied
Opmerkingen
Door de toegenomen verharding blijkt uit de watersleutel dat er in de toekomstige situatie een bergingsopgave van 18 m3 is. Deze berging dient ondergronds te worden voorzien . Naast de bergingsopgave van HDD heeft de Gemeente Maassluis een totale bergingseis van 60 mm ten aanzien van het gehele verhard oppervlak in de projectlocatie. Deze eis hoeft echter niet te worden voorzien in ondergrondse berging, maar mag ook worden voorzien op maaiveldniveau. Om 60 mm in de toekomstige situatie te bergen is 0,06*12.166 = 730 m3 berging benodigd. Daarvan zal minimaal 18 m3 ondergrondse worden voorzien om te voldoen aan de eis van het HHD. Dit betekent dat 730-18 = 712 m3 bovengronds zal moeten worden voorzien. Het grondhoogtemodel van het bestaande maaiveld binnen het projectgebied is weergegeven in afbeelding 5.2.
23 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
Afbeelding 5.2 Grondhoogtemodel projectgebied bestaande situatie
Uit de afbeelding blijkt dat parkeerplaatsen en wegen verdiept liggen ten opzichte van de omliggende bebouwing. Dit maakt het mogelijk de parkeerplaatsen en wegen in te zetten om aan deze bergingseis van de gemeente te voldoen. Het laagste dorpelpeil is ingemeten op NAP -0,04 m. Middels AutoCAD is berekend dat beneden NAP -0,04 m totaal 572 m3 berging beschikbaar is in de huidige situatie binnen gebied weergegeven in afbeelding 5.2. In de toekomstige situatie wordt ongeveer dezelfde maaiveldhoogte voorzien als in de huidige situatie. In dat geval zou dus betekenen een bergingstekort van 712 - 572 = 140 m3 ontstaan om te voldoen aan de eis van de Gemeente Maassluis. Daarom wordt voorgesteld de grote centrale parkeervakken in te zetten om dit tekort te op te vangen. De grote parkeervakken zoals weergegeven in afbeelding 5.3 hebben tezamen een oppervlak van 2.230 m2.
24 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
Afbeelding 5.3 Te verlagen (grote) parkeervakken
Om de extra 140 m3 berging te voorzien dienen de parkeervakken verlaagd te worden ten opzichte van het huidige maaiveld met gemiddeld (140 m3)/(2.230 m2) = 0,062 m (6,2 cm). Wanneer de parkeervakken op een afschot worden gelegd van 2,5 % wordt een verlaging van 15 cm behaalt over de lengte van een parkeervak. De gemiddelde verlaging over het gehele parkeervak is dan dus 7,5 cm, meer dan het minimum van 6,2 cm. Het eindontwerp van de toekomstige situatie met terreinhoogtes is nog niet gereed. Het is dus niet bekend of de parkeervakken daadwerkelijk op deze wijze kunnen worden verlaagd. De analyse toont echter wel aan dat middels een goede maaiveldinrichting aan de bergingseis van Gemeente Maassluis kan worden voldaan. Er zijn ook andere mogelijkheden beschikbaar, bijvoorbeeld het verlagen van alle wegen en parkeervakken met gemiddeld 1,5 cm ten opzichte van het huidige maaiveld. Geconcludeerd wordt dat dat middels maaiveldinrichting aan de bergingseis van de Gemeente Maassluis kan worden voldaan. Daarom is voor het ontwerp van het HWA-stelsel alleen de bergingseis van HHD nog relevant. In hoofdstuk 6 wordt het ontwerp van de nieuwe riolering verder uitgewerkt.
25 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
6 RIOOLPLAN In dit hoofdstuk wordt het rioolplan voor Puur! Maassluis uitgewerkt.
6.1
Stelsel ontwerp
Voor het HWA wordt een nieuw stelsel aangelegd dat wordt aangesloten op de bestaande gemengde riolering op het kruispunt van de Arthur van Schendelstraat en P.C. Hooftstraat. Het nieuwe stelsel zal moeten voorzien in de bergingseis van 18 m3. Dit betekent dat het water vertraagd dient te worden afgevoerd op de gemengde riolering en vastgehouden in nieuwe HWA-strengen. Daarbij dient ook terugstroming van het gemengde riool naar het HWA-riool te worden voorkomen. De aanpak hiervoor zal in de detailfase worden uitgewerkt. Op dit moment worden een aantal mogelijkheden hiervoor voorzien, bijvoorbeeld: - aanleg van een overstortdrempel tussen het nieuwe HWA-stelsel en de bestaande gemengde riolering met een kleine doorlaat en een rattenklep; - aanleg van een overstortdrempel tussen het nieuwe HWA-stelsel en de bestaande gemengde riolering met een wervelventiel en terugslagklep. Wanneer de Gemeente Maassluis in de toekomst het HWA-stelsel aansluit op het nieuw aan te leggen HWA-riool van de gemeente kan deze constructie worden verwijderd. Het DWA zal blijven afvoeren op de bestaande gemengde riolering in de Arthur van Schendelstraat. Voor de nieuwe woningen wordt een nieuwe DWA-streng gelegd in de toekomstige binnenplaats die wordt aangesloten op de bestaande gemengde riolering. In afbeelding 6.1 is het ontwerp van de nieuwe riolering weergegeven.
26 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
Afbeelding 6.1 Ontwerp niet HWA-en DWA-stelsel
6.2
Hydraulische toetsing
6.2.1
Berging
Het stelsel dient te voorzien in minimaal 18 m3 berging. In tabel 6.1 wordt de behaalde berging van het nieuwe stelsel berekend.
27 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
Tabel 6.1 Berekening behaalde berging nieuwe stelsel Diameter (mm)
Lengte (m)
Volume (m3)
1
400
31,5
4,0
2
400
28,4
3,6
3
400
45,7
5,7
4
400
56,4
7,1
5
400
21,5
2,7
6
400
37,5
4,7
7
315
50,3
3,9
8
400
40,8
5,1
9
315
23,4
1,8
10
315
24,1
1,9
11
315
16,4
1,3
Streng nr
totaal
41,8
Uit tabel 6.1 blijkt dat de totale ondergrondse berging 41,8 m3 is. Daarmee is ruimschoots voldaan aan de bergingseis van HHD.
6.2.2
Capaciteit
Het HWA-stelsel dient te voldoen bij bui 8. In afbeelding 6.2 zijn de rekenresultaten bij bui 8 weergegeven.
28 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
Afbeelding 6.2 Rekenresultaten nieuw HWA-stelsel bij bui 8
Uit de afbeelding blijkt dat het nieuwe stelsel voldoet bij bui 8. Er wordt een minimale waking van ongeveer 10 cm berekend. De nieuwe ø 250 mm DWA-streng is in het model niet doorgerekend. De stijghoogtes in deze leiding worden namelijk bepaald door het waterpeil in het ontvangende gemengde stelsel. Dit is echter niet bekend. De ø250 mm DWA-streng is de minimale maat en is ruim voldoende voor het DWA van de voorziene woningen en appartementen die hierop worden aangesloten (84 woningen totaal).
6.2.3
Klimaatadaptatie
Vanuit het oogpunt van klimaatadaptatie wordt het HWA-stelsel ook beschouwd bij bui 10. In afbeelding 6.3 zijn de rekenresultaten weergegeven.
29 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
Afbeelding 6.3 Rekenresultaten nieuw HWA-stelsel bij bui 10
Uit de rekenresultaten blijkt dat er in bui 10 water-op-straat wordt berekend, totaal ~20 m3. Gezien het berekende bergend volume op maaiveld in paragraaf 5.4 kan dit water veilig en doelmatig tussen de banden worden geborgen.
30 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
7 DRAINAGEPLAN Beschikbare grondwatermetingen uit december 2016 laten zien dat de grondwaterstand ongeveer 80 cm beneden maaiveld wordt verwacht. Opgemerkt wordt dat de metingen momentopnames zijn; metingen die op 1 moment zijn genomen. Bij een nieuwe ontwikkeling eist de gemeente normaal gesproken een drooglegging van 120 cm. Dit is overlegd met de gemeente en het HHD op 25 september 2018 (zie bijlage I). In het overleg is afgesproken dat in deze situatie de droogleggingseis van 120 cm niet wordt aangehouden. Dit heeft 2 redenen: - het is voor de gemeente niet praktisch om hier een drainage systeem aan te laten leggen, aangezien het systeem geen afvoerpunt heeft. De benedenstroomse infrastructuur die daarvoor nodig is, is nog niet aangelegd. Het peil in het aangrenzende oppervlaktewater is te hoog om de drainage op af te voeren; - het verlagen van het grondwaterpeil direct langs de Zuidvliet heeft mogelijk een negatief effect op de handhaving van het streefpeil in de Zuidvliet. Aanleg van drainage wordt daarom niet voorzien voor deze ontwikkeling. Wel wordt geadviseerd peilbuizen te slaan met doorlopende grondwaterstand monitoring.
31 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
8 CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN Veiligheid en waterkeringen In overleg met het Hoogheemraadschap van Delfland is een principe profiel voor de waterkering afgesproken. Dit profiel is weergegeven in afbeelding 4.4. Waterkwantiteit De Gemeente Maassluis eist een berging van 60 mm ten aanzien van het volledige verharde oppervlak binnen de projectlocatie. Dit betreft totaal 730 m3. In paragraaf 5.4 wordt berekend dat hier middels berging op maaiveld in kan worden voorzien. Hoogheemraadschap van Delfland heeft een bergingsopgave van 18 m3 welke geheel ondergrond dien te worden voorzien. In paragraaf 6.2.1 wordt aangetoond dat middels het ontworpen HWA stelsel hierin wordt voorzien. Geadviseerd wordt uitstroomconstructie met overstortdrempel te ontwerpen tussen het nieuwe HWA-systeem en de bestaande gemengde riolering. Deze constructie dient vertraging van afvoer te bewerkstellingen en tevens terugstroming te voorkomen van de gemengde riolering het nieuwe HWA-stelsel in. Grondwater en drainage De geëiste drooglegging voor nieuwe ontwikkelingen is 120 cm. Grondwaterstandmetingen op de projectlocatie laten zien dat de daadwerkelijke drooglegging vermoedelijk rond de 80 cm is. Met de gemeente is in overleg overeengekomen dat voor deze ontwikkeling de minimale droogleggingseis wordt verlaten (Bijlage I). Een drainagesysteem is voor deze ontwikkeling daarom niet nodig.
Riolering Het gemengde systeem wordt vervangen door een gescheiden systeem. Het DWA blijft aangesloten op de gemengde riolering. Daarbij wordt een nieuwe ø 250 mm DWA-streng aangelegd voor de aansluiting van de nieuwe woningen en appartementen langs de Zuidvliet. Tevens wordt een nieuwe HWA-systeem ontworpen dat bestaat uit leidingen van ø 315 en ø 400 mm. Middels modellering van het nieuwe systeem wordt geconcludeerd dat dit systeem voldoende volume heeft om te voldoen aan de bergingseis van HHD en voldoende capaciteit om het water in bui 8 af te voeren zonder dat water-op-straat ontstaat.
32 | 32
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Definitief
Bijlage(n)
I BIJLAGE: BESPREEKVERSLAG 25 SEPTEMBER 2018 MET ABB, GEM. MAASSLUIS, HHD EN W+B
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Bijlage I | Definitief
VERSLAG
Onderwerp Project Projectcode Verslagnummer Datum overleg Plaats Referentie Auteur(s) Datum verslag
Waterhuishouding Woningbouwproject PUUR Maassluis 107325 18/02 25 september 2018 Kantoor HHD 107325/19-005.311 R. van Meerkerk, L. Schep 25 september 2018
Bijlage(n)
Aanwezig
ABB Ontwikkeling HHD Gemeente Maassluis Witteveen+Bos (W+B)
Luuk Schep Walter Vincent Marc van der Leeuw-Damee, Aat Bruggeman Roel van Meerkerk, Romano Wannyn
Afwezig
ABB Ontwikkeling
Tim Schregardus
Kopie
Inleiding en kennismaking Na een korte introductie van de deelnemers is er een korte toelichting van Romano over het plangebied en de doelstelling van het overleg. Het betreft het woningbouwproject PUUR te Maassluis, gelegen tussen de Zuidvliet, de PC Hooftlaan en de A. van Schendelstraat. Hierna een schematische weergave van het plangebied.
Witteveen+Bos Raadgevende ingenieurs B.V. | Deventer Stationsweg 5 | Postbus 3465 | 4800 DL Breda | +31 (0)76 523 33 33 | www.witteveenbos.com | KvK 38020751
Afbeelding 1 Plangebied
Witteveen+Bos is in opdracht van ABB begonnen met het opstellen van een Integraal Waterhuishoudkundig plan voor dit project, waarin de aspecten die volgen uit de Watertoets en het Rioleringsplan worden geanalyseerd. Deze analyse geeft de huidige waterhuishoudkundige situatie en de effecten van het nieuwe inrichtingsplan, gekoppeld aan het beleid van zowel het Hoogheemraadschap van Delfland alsook die van de gemeente Maassluis. Onderdeel van het opstellen van het Waterhuishoudkundig plan is het maken van een Watertoets. De Watertoets is een proces waarin de betrokken instanties en partijen in overleg treden om de waterhuishoudkundige vraagstukken op te lossen. Dit overleg vormt de start van dit proces, en daarbij is het van belang de verschillende eisen en wensen van de betrokken partijen in beeld te krijgen. Locatie De huidige locatie bestaat uit een meerlaags gebouw met zorgwoningen, een binnentuin, een parkeerplaats en omliggende verharding van wegen en trottoirs. Een deel van het plangebied grenst direct aan de Zuidvliet, die als boezemwater binnen het watersysteem van het HHD is opgenomen. Het nieuwe plan kent een hogere mate van verstedelijking, waarbij de bestaande binnentuin komt te vervallen. Het omvat een woningbouwprogramma met meerlaagse woningen, grondgebondenwoningen en een supermarkt.
Daarbij is het grootste deel van het omliggende terrein verhard en bedoeld als verkeersruimte voor de bereikbaarheid en parkeren. Het nu voorliggend plan biedt geen ruimte voor watercompensatie in de vorm van wadi’s, groen, of nieuwe retentievoorzieningen. Onderwerpen Aan de hand van een door W+B voorbereide presentatie komen de verschillende onderwerpen aan de orde. GRP gemeente De gemeente heeft momenteel een nieuw vGRP in voorbereiding. Naar verwachting zal dit eind 2018/begin 2019 door de Raad worden vastgesteld en kan daarmee in overleg tussen ABB en de gemeente het uitgangspunt worden voor dit project. Marc geeft in grote lijnen aan dat de belangrijkste aanpassing in het nieuwe vGRP is dat het systeem een eigen berging moet hebben van 60 mm, in plaats van de huidige norm waarbij moet worden gerekend met bui 08 van de Leidraad riolering. Deze berging mag op verschillende manieren worden gerealiseerd, zoals bijvoorbeeld een holle weg op parkeerplaats. Marc overlegt een A3-informatieblad, waarop verschillende opties staan aangegeven. Zoals aangegeven zijn niet alle opties realiseerbaar binnen het plan voor PUUR.
2|4
Witteveen+Bos | 107325/19-005.311
Deze opties van het vGRP zullen nog in de projectgroep/stuurgroep ABB/MDG/gemeente moeten worden besproken. Drooglegging De beleidsnota Peilbeheer is van toepassing. Hoewel hierin een drooglegging van 120 wordt geadviseerd, is dit met een huidig grondwaterpeil van circa 0,80 m - MV niet realiseerbaar. Hoewel meer wordt gewenst, is gelet op de specifieke locatie, 80 cm acceptabel voor het HHD. Door het MV in de nieuwbouw wat hoger aan te brengen, kan wellicht wat extra drooglegging worden verkregen. Een en ander dient wel passend te zijn binnen het ontwerp en de wijdere omgeving. Zuidvliet De Zuidvliet is een secundaire waterkering van het HHD. Deze dient volgens de legger van het waterschap ten minste een kruinhoogte te hebben van NAP +0,25 m. Mocht dit in de huidige situatie lager zijn, dan stelt het waterschap dat bij de realisatie van het plan de kruinhoogte moeten worden aangepast naar deze hoogte. Om dit te achterhalen zal een overzichtstekening worden gemaakt met inmetingen waaronder de hoogtes en een paar dwarsprofielen van de kering. (nb er zijn metingen verricht die inzage geven in de bestaande hoogte). Het waterschap heeft geen bezwaar als het dakwater van de woningen/gebouwen via het maaiveld afstromen naar de Zuidvliet. Dit is in de huidige situatie (waarschijnlijk) ook al het geval, in ieder geval geldt dit voor de verharding van de bestaande weg en het trottoir.
De gemeente geeft aan dat zij akkoord gaat met afstromend hemelwater van de daken over de straat naar de Zuidvliet. Wel zal er moeten worden gekeken naar de hoeveelheden, om grote molgoten te voorkomen en de waterstroom enigszins te beperken. Mochten er verholen - en of lijngoten worden voorgesteld, dan dienen deze boven de kruin van NAP +0,25 m komen te liggen. Waterkering HHD Volgens de legger van het HHD is de waterkering 7 m breed, op een hoogte van NAP +0,10 m. Zoals al is aangegeven zal deze moeten worden verhoogd tot NAP +0,25 m. Normaal gesproken dient bebouwing 10 m terug te staan van de rand van de kering. Door de rooilijn die van de nieuwe bebouwing circa, 5,4 m vanaf de kant van de boezem is voorzien, komt deze deels in/op de waterkering te staan. Het is niet duidelijk of dit wordt toegestaan. In de huidige situatie liggen er ook kabels en leidingen in de waterkering. Deze zullen door de bouwplannen moeten worden verlegd, of worden verwijderd. Het hoogheemraadschap heeft beleidsregels opgesteld voor het medegebruik van de ruimte in, op, boven, over en onder de regionale waterkeringen in zijn beheersgebied. Deze vormt onder andere het toetsingskader voor vergunningverlening, waarbij de veiligheid van de waterkering voorop staat. Bovengenoemde aspecten kunnen naast deze beleidsregels worden gelegd om te kijken wat mogelijk is.
Afhankelijk van de uitkomsten van dit vergelijk zal op dit onderwerp nog een vervolgoverleg plaatsvinden. Volledigheidshalve, er is geen beperking van de bouwtijd. Aangezien het een secundaire waterkering betreft mag er jaarrond aan gewerkt worden. Watercompensatie In de huidige situatie is circa 2.860 m² groen beschikbaar, wat in de nieuwe situatie nagenoeg volledig komt te vervallen. Hiervoor is compensatie nodig. Dit is binnen het plangebied niet mogelijk, anders dan extra berging in het ‘systeem’ op te nemen. De hoeveelheid benodigde berging zal worden bepaald door gebruik van de Watersleutel van HHD. De berekende benodigde berging kan op verschillende manieren worden voorzien. De berging wordt berekend op basis van een regenkromme van totaal 110 mm in 48 uur, deze is beschikbaar via de website. Bergingsoplossingen dienen ook juridisch geborgen te worden, bijvoorbeeld met het oog op onderhoud. De gemeente Maassluis heeft een eigen Watersleutel, die is ontworpen op 60 mm berging zonder water in woningen. Het verschil met de sleutel van HHD is dat de gemeente veel types voorziening (zoals berging op een parkeerplaats) accepteert. HHD is hier strikter in. W+B zal beide sleutels invullen. De gemeente biedt aan om een oplossingsvariant door te rekenen in 3DI wanneer er een duidelijk conceptvoorstel op tafel ligt.
3|4
Witteveen+Bos | 107325/19-005.311
Afkoppelen De gemeente is momenteel ten oosten van de PUUR met herontwikkeling bezig en het gemengd gemeentelijk stelsel te vervangen door een gescheiden stelsel. Voor het plan PUUR betekent dit dat er ook een gescheiden stelsel moet komen, dat kan aansluiten op het reeds aangelegde systeem aan de andere zijde van de PC Hooftlaan (geschat op Ø600). Het mag niet zo zijn dat het daarmee extra water gaat lozen, zonder dat aan de eis van 60 mm berging op ‘eigen terrein’ is voldaan. De gemeente heeft overstromingsmodellen ontwikkeld (3DI) die inzage kunnen geven in de effecten van verschillende maatregelen die in het plan PUUR worden voorzien. Hiervan kan in een later stadium gebruik van worden gemaakt, om zo het hele systeem binnen het bemalingsgebied te beoordelen. De gemeente adviseert om de b.o.b.-maat van de buis in te meten. Wie de koppeling maakt/betaald is niet voor dit overleg. Het afkoppelen betreft alleen de nieuw te bouwen woningen/panden. De daken van bestaande woningen worden hierin niet afgekoppeld. De gemeente geeft aan dat er wel voorzieningen moeten worden meegenomen die dit in de toekomst mogelijk maken. Deze voorzieningen bestaan uit een standpijp op de inlaat, die tenminste boven het grondwater uitkomt. Het gebruik van waterpasserende verharding, zoals het systeem aquaflow wordt door de gemeente niet gewenst.
Eventueel kunnen kolken wel op een aquaflowsysteem worden aangesloten, maar men is aan het onderzoeken of dit ook in combinatie met een permeoblok mogelijkheden biedt. Die combinatie wordt door de gemeente wel als wenselijk gezien. Ondergrondse buffering van water is gezien de beperkte drooglegging waarschijnlijk geen optie. HHD adviseert ook te kijken naar de Beleidsmaatregel Medegebruik van het hoogheemraadschap. Ook worden Rainproof.nl en de ‘Next generation’ woonwijken genoemd als voorbeelden van goede (deel) oplossingen. Voor alleen wettelijke oplossingen wordt geen bijdrage voorzien. Voor buitenwettige compensatie biedt Delfland de mogelijkheid tot een financiële bijdrage. De gemeente is bereid deze bijdrage te matchen. Afspraken W+B/ABB gaan een eerste berekening maken van het waterbezwaar van het nieuwe plan, conform de verschillende ‘Watersleutels’ van het HHD en de gemeente. Tevens zal worden onderzocht hoeveel dakwater zonder overlast direct kan worden geloosd op de Zuidvliet. Er zijn verschillende opties besproken, zoals een groen dak of een blauw dak. De mogelijkheden en rendementen van deze daken maken onderdeel uit van de opgave om voldoende water te kunnen bergen. W+B/ABB komen met schetsmatige principe-oplossingen voor de verschillende mogelijkheden, die nog niet tot in detail zijn doorgerekend en uitgedacht.
Deze worden in deze samenstelling besproken op haalbaarheid, beheer en in welke mate deze kansen bieden voor een robuust waterhuishoudkundig systeem. Na dit overleg kan met de dan verkregen informatie het systeem verder worden uitgewerkt. Deze werkwijze geeft een ieder de ruimte mee te denken om zo de best mogelijke samenhang van maatregelen te krijgen, die passen binnen de verschillende beleidsregels.
4|4
Witteveen+Bos | 107325/19-005.311
II BIJLAGE: E-MAIL HOOGHEEMRAADSCHAP DELFLAND D.D. 27 JUNI 20019
Witteveen+Bos | 107325/20-004.481 | Bijlage II | Definitief
Roel van Meerkerk Van: Verzonden: Aan: CC: Onderwerp:
Froma, Bert <afroma@hhdelfland.nl> donderdag 27 juni 2019 14:16 Roel van Meerkerk Speet, Floor FW: Waterkering Zuidvliet te Maassluis bij woningbouwproject PUUR
Dag Roel, Hierbij onze reactie op de herinrichting kade Maassluis ter hoogte van het bouwplan. Delfland is akkoord met de gekozen en uitgewerkte oplossing. Vr. groet, Bert Froma
Van: Woltering, Chris Verzonden: donderdag 27 juni 2019 14:02 Aan: Froma, Bert <afroma@hhdelfland.nl> Onderwerp: FW: Waterkering Zuidvliet te Maassluis bij woningbouwproject PUUR Bert, N.a.v. ons telefonisch overleg was het gezien afwatering en overlast andere woning (kosten) niet mogelijk\ wenselijk een overhoogte aan te brengen op deze locatie. Kijkend naar de benodigde toetshoogte (lager dan NAP +0,10 m) en het feit dat er sprake is van een verheelde waterkering oplopend naar NAP +0,30 m is het hier verantwoord om het onderstaande principe profiel te hanteren. Een overstroming van het achterland is hier niet waarschijnlijk. Gr. Chris Woltering
1
Chris Woltering Beleidsadviseur Waterkeringen Hoogheemraadschap van Delfland Sector Bestuur Beleid & Communicatie, Team Waterkeringen Mobiel: 06 29074513 E-mail: cwoltering@hhdelfland.nl Op woensdag afwezig
_________________________________ Bezoekadres: Phoenixstraat 32, 2611 AL Delft Postadres: Postbus 3061, 2601 DB Delft Telefoon: (015) 260 81 08 Fax: (015) 212 49 68 Internet: www.hhdelfland.nl
Van: Woltering, Chris Verzonden: donderdag 27 juni 2019 13:38 Aan: Froma, Bert <afroma@hhdelfland.nl> Onderwerp: RE: Waterkering Zuidvliet te Maassluis bij woningbouwproject PUUR Hoi Bert, Wat ons betreft is het akkoord om uit te gaan van bovenkant verharding, met 1 kanttekening. Gezien de leggerhoogte hier NAP +0,10 m dient een overhoogte aangebracht voor de planperiode (zettingen). Is NAP +0,20 m hier haalbaar ? Medegebruik regionale keringen De aanleghoogte dient zodanig te worden gekozen dat de kruin tot het eind van de planperiode (na zettingen) boven de leggerhoogte blijft. Voor de inschatting van de zettingssnelheid kan gebruik worden 2
gemaakt van de zettingssnelheidkaart van Delfland, opgenomen in bijlage 3, of van eigen zettingsberekeningen op basis van lokaal grondonderzoek. De aanleghoogte is minimaal 0,10m boven de leggerhoogte. Gr. Chris (Even kijken of ze hiermee uitkomen, anders nog even kijken?)
Chris Woltering Beleidsadviseur Waterkeringen Hoogheemraadschap van Delfland Sector Bestuur Beleid & Communicatie, Team Waterkeringen Mobiel: 06 29074513 E-mail: cwoltering@hhdelfland.nl Op woensdag afwezig
_________________________________ Bezoekadres: Phoenixstraat 32, 2611 AL Delft Postadres: Postbus 3061, 2601 DB Delft Telefoon: (015) 260 81 08 Fax: (015) 212 49 68 Internet: www.hhdelfland.nl
Van: Froma, Bert Verzonden: donderdag 27 juni 2019 11:39 Aan: Woltering, Chris <cwoltering@hhdelfland.nl> Onderwerp: FW: Waterkering Zuidvliet te Maassluis bij woningbouwproject PUUR Dag Chris, Korte vraag: bevestiging dat de gekozen oplossing akkoord is. De zaak: langs de Zuidvliet in Maassluis wordt bestaande bebouwing gesloopt en nieuwe appartementen gebouwd. De afstand van de bebouwing wordt kleiner, bebouwing direct langs de kernzone waterstaatswerk. Huidige situatie: Langs de oever van de Zuidvliet staat een kade muur met hoogste punt NAP 0. Hierachter ligt een elementen verharding op een zandbed van ca 0,40 m De waterkering is min of meer verheeld. Nieuwe situatie: Ik heb gezegd dat in principe de verharding met fundatie boven het kade profiel moet liggen. Hier is dat niet mogelijk gezien de aansluiting op de historische bebouwing van Maassluis. De weg moet min of meer op gelijke hoogte doorlopen, evenals een niet te afwijkende vloerpeil. De oplossing: Direct achter de kademuur een extra verhoging tot NAP + 0,10 m en de nieuw aan te brengen elementen verharding voorzien van een minder doorlatende en niet uitspoelende fundatie. De bebouwing komt nu plusminus 10 cm hoger wat betreft vloerpeil dan aangrenzende bebouwing maar ligt ook niet in dezelfde rooilijn. Het bestaande beeld en historisch verantwoord blijft bestaan (wordt zelfs verbeterd).
Akkoord met de constructie en aanleghoogten? Groet, Bert
Van: Roel van Meerkerk [mailto:roel.van.meerkerk@witteveenbos.com] Verzonden: donderdag 20 juni 2019 15:33 Aan: Froma, Bert <afroma@hhdelfland.nl>; Speet, Floor <fspeet@hhdelfland.nl> CC: Luuk Schep <l.schep@abbbouwgroep.nl>; Tim Schregardus <t.schregardus@abbbouwgroep.nl>; Leeuw-Damee, 3
M. van der <MarcL@maassluis.nl>; Bruggeman, A. <a.bruggeman@maassluis.nl> Onderwerp: Waterkering Zuidvliet te Maassluis bij woningbouwproject PUUR Beste Floor en Bert, Gisterenmiddag is in het overleg over de waterkering langs de Zuidvliet, ter hoogte van het nieuwbouwproject PUUR te Maassluis, het eerder verstrekte ontwerpvoorstel besproken. Van dit overleg is bijgevoegd verslag opgesteld, waar ook een beknopte argumentatie in is opgenomen over de verwachting van het uitblijven van zetting van het gebied tussen de bestaande kademuur en de voorgenomen nieuwbouw. Tevens is de ontwerptekening nr.107325.9023 met daarop het nieuwe voorstel aan de hand van de gemaakte afspraken. Tevens is ook de bestaande situatie in beeld gebracht. Deze tekening is als bijlage bij het verslag gevoegd. (doorscrollen naar de laatste pagina) Zoals in het overleg aangegeven, is het de verwachting dat dit past binnen het beleid van het Hoogheemraadschap en dat dit voorstel zo ook vergund kan worden. Vertrouwend hiermee van dienst te zijn geweest en in afwachting van reactie. Met vriendelijke groet Roel van Meerkerk
+31 (0)6 51 60 41 45 | +31 (0)76 523 33 53 Stationsweg 5 | Postbus 3465 | 4800DL Breda +31 (0)76 523 33 33 | www.witteveenbos.com
-----------------------------------------------------------------------------------------DISCLAIMER: This e-mail is strictly confidential and is intended solely for the addressee. It is prohibited for unauthorized persons to utilize the information contained within this e-mail. If you receive this e-mail and you are not the addressee, then please delete it from your system and notify the person who sent it to you. Our company accepts no liability for the content of this email, or for the consequences of any actions taken on the basis of the information provided, unless that information is subsequently confirmed in writing. -----------------------------------------------------------------------------------------Before printing, think about the environment. Meer weten over Delfland? Abonneer u op de elektronische nieuwsbrief via www.hhdelfland.nl. Delfland besteedt grote zorg aan de totstandkoming en verstrekking van de informatie in deze e-mail en eventuele bijlagen. Gebruik van deze informatie door anderen dan de geadresseerde is toegestaan onder de voorwaarde dat u de bron vermeldt. Indien uit de aanhef of de inhoud blijkt dat dit bericht niet voor u is bedoeld, verzoeken wij u de afzender hierover te informeren, het bericht te verwijderen en de inhoud niet te gebruiken of openbaar te maken.