CConstaterende datMaassluis
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Kadernota 2024-2027 gemeente Maassluis

gemeenteraad 27 juni 2023, gemeente MaassluisBij agendapunt: Raadsvoorstel tot vaststellen van de Kadernota 2024-20278.917 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Kadernota 2024-2027

1

Inhoudsopgave Inhoudsopgave ................................................................................................................................................ 3 Voorwoord ...................................................................................................................................................... 5 1. Externe ontwikkelingen ............................................................................................................................... 7 1.1 Macro economische vooruitzichten ............................................................................................ 7 1.2 Vooruitblik meicirculaire 2023 .................................................................................................... 8 2. Financieel perspectief ............................................................................................................................... 11 2.1 Onontkoombare ruimtevragers en ruimtescheppers................................................................ 12 2.2 Overige maatschappelijke opgaven........................................................................................... 19 3. Investeringsprogramma ............................................................................................................................ 25 4.

Op weg naar een sluitend meerjarenperspectief...................................................................................... 27 5. Weerstandsvermogen ............................................................................................................................... 29 Bijlagen .......................................................................................................................................................... 31 1. Grondslagen en uitgangspunten 2024......................................................................................... 31 2. Afwijkingen lopend jaar ............................................................................................................... 34

Kadernota 2024-2027

3

Voorwoord Voor u ligt de Kadernota 2024 - 2027 die in een ingewikkelde periode is samengesteld. Een kadernota die nog steeds uitgaat van het willen investeren in Maassluis. Tegelijkertijd zijn de onzekerheden zo groot dat de financiële en organisatorische ruimte om alle investeringen te kunnen realiseren onder druk staat. In het financiële meerjarenperspectief zijn vooralsnog alleen begrotingsjaar 2024 en 2025 sluitend. De volgende jaren leiden naar verwachting tot grote tekorten op de begrotingen, wanneer we niet een aantal maatregelen nemen. Een groot deel van de risico's, waarmee de gemeente Maassluis - overigens net als vele andere gemeenten - geconfronteerd wordt, komt van buitenaf. Met name Rijksingrepen spelen ons en alle andere gemeenten parten: het beperken van de groei van het gemeentefonds tot alleen loon- en prijscompensatie, de onduidelijkheid over een nieuwe financieringssystematiek, het weer activeren van de opschalingskorting en de verwachte Rijksbezuinigingen. De voor Maassluis nadelige herverdeling van het gemeentefonds is eveneens verwerkt in de begroting. Het deel van de kwantificeerbare risico's hebben we met een risico-stelpost afgedekt. Voor deze en de overige risico's biedt de algemene reserve afdoende zekerheid. Naast de financiële risico’s hebben wij te maken met een lastige situatie voor de ambtelijke organisatie.

Die hangt samen met de krapte op de arbeidsmarkt, de moeite die we hebben om vacatures te vervullen, de noodzaak gebruik te maken van veel tijdelijke inhuurkrachten en de vele extra opgaven waarvoor de organisatie zich gesteld weet. De werkdruk is daardoor hoog. De balans tussen ambities en slagkracht dreigt uit het lood te raken. Veel reden tot zorgelijkheid derhalve. In deze kadernota worden de relevante externe ontwikkelingen die de context van de gemeente bepalen uitgebreid toegelicht. Deze complexe situatie op weg naar de conceptbegroting 2024 inclusief meerjarenraming 2025-2027 stelt college en raad van Maassluis voor lastige afwegingen. In de deze kadernota worden die nader uitgediept. Voorts wordt aangegeven op welke wijze het college tussen de behandeling van de Kadernota en het opstellen van de meerjarenbegroting - in samenspraak met de raad - oplossingen denkt te kunnen vinden om ook voor de jaren 2026 en volgende tot een sluitend meerjarenperspectief te komen. Voorgesteld wordt dat in twee sporen te doen. In spoor 1 (juni-september 2023) lichten we de huidige begroting door en de bevindingen worden in de conceptbegroting 2024 verwerkt. Spoor 2 (augustus 2023-april 2024) omvat nadere keuzes op basis van een brede strategische (her)oriëntatie. We gaan ervan uit dat het Rijk voldoende middelen ter beschikking stelt.

Conform de motie van de raad zullen we alle middelen inzetten om het Rijk te bevorderen dat zij voldoende over de brug komen voor de langjarige financiële verplichtingen die bij de gemeente worden neergelegd. In de kadernota worden de (financiële) kaders geschetst voor het beleid van de gemeente Maassluis in de komende jaren. Basis daarvoor is het coalitieakkoord “Samen betrokken het verschil maken”. Samen investeren in de toekomst betekent voor ons dat we tijd, inzet en geld beschikbaar stellen om Maassluis nog mooier en levendiger te maken. Uitgangspunt van de kadernota zijn de middelen die die het Rijk aan gemeenten beschikbaar stelt. Vervolgens worden de (onontkoombare) ruimtevragers benoemd. Een groot deel van de ruimtevragers is het gevolg van de hoge inflatie; de rest ligt op het domein van de openbare ruimte, infrastructuur en voorzieningen. Zo investeren we sober en doelmatig in kades en bruggen, in (bewegings-) onderwijshuisvesting en in de noodzakelijke vervanging van bomen.

Kadernota 2024-2027

5

1. Externe ontwikkelingen Inleiding Dit hoofdstuk beschrijft de economische vooruitzichten voor Nederland zoals het Centraal Planbureau verwacht en in het Centraal Economisch Plan 2023 heeft opgetekend. Het schetst daarmee de mogelijke context van de gemeente Maassluis en niet de economische vooruitzichten van de gemeente. Daarnaast worden op basis van de Voorjaarsnota 2023 van het kabinet de eerste contouren voor de meicirculaire 2023 zichtbaar.

1.1 Macro economische vooruitzichten Kernpunten economische ontwikkeling 2023 en 2024  De Nederlandse economie groeit in 2023 en 2024 ondanks inflatie, mondiale afkoeling, hogere rente en correctie op de woningmarkt.  De koopkrachtontwikkeling is in 2024 in doorsnee positief, maar compenseert de daling van vorig jaar niet helemaal; de armoede stijgt.  De Rijksfinanciën hebben de inflatieschok ogenschijnlijk goed doorstaan, maar tijdelijke factoren maskeren een onderliggende verslechtering. De inflatieschok heeft de economische groei vertraagd, maar leidde niet tot een recessie. De sterk gestegen energieprijzen als gevolg van de oorlog in Oekraïne hebben in de tweede helft van vorig jaar tot een mondiale groeivertraging geleid. Mede doordat de milde winter in Europa tot enige ontspanning op de gasmarkt heeft geleid, is een recessie in Europa uitgebleven. In Nederland spelen extra overheidsuitgaven hierbij tevens een rol. Ook de krappe arbeidsmarkt draagt bij aan een zachte landing; bedrijven zijn, ook als het minder gaat, terughoudend om het met moeite verworven personeel te laten gaan. De Nederlandse economie groeit in 2023 en 2024 met respectievelijk 1,6% en 1,4%, ondanks de inflatie, zwakkere wereldhandel en dalende huizenprijzen. De arbeidsmarkt blijft krap, de werkloosheid loopt slechts licht op tot 4,1% in 2024.

Het EMU-tekort verslechtert in 2023 sterk tot 3,0% bbp, vooral door de extra inkomenssteun om de hogere energieprijzen te compenseren. In 2024 bedraagt het tekort 2,6% bbp. Voor beide jaren is overigens verondersteld dat het de overheid, onder meer door de krapte op de arbeidsmarkt, niet lukt alle begrote middelen te besteden. Voor de middellange termijn gaat het CPB ervan uit dat de overheid dat wel lukt. Samen met de gestaag oplopende rentelasten zorgt dat voor verder verslechterende overheidsfinanciën, zo laat een verkenning tot 2031 zien. Na deze kabinetsperiode wordt het tekort groter dan 3% bbp.

Kadernota 2024-2027

7

Indexeringen Een aantal uitgangspunten is ontleend aan de prognoses van het Centraal Planbureau (CPB). In onderstaande uitgangspunten voor Maassluis in 2024 is ook rekening gehouden met een nacalculatie van de indexatie 2023. Omschrijving Salarissen en sociale lasten Goederen en diensten Gemeenschappelijke regelingen Gemeenschappelijke regelingen MVS Subsidies Energie-en brandstofkosten Belastingen en heffingen Omslagrente Rente grondexploitaties

Uitgangspunten 2023 5,9% 6,2% 4,8% 1,9% 6,2% 75,0% 6,2% 1,5% 1,0%

Uitgangspunten 2024 7,1% 3,7% 8,4% 3,6% 3,7% 3,7% 3,7% 2,0% 1,5%

Voor een uitgebreide toelichting op de ramingsgrondslagen verwijzen wij naar bijlage 1.

1.2 Vooruitblik meicirculaire 2023 Op het moment van schrijven is de meicirculaire nog niet verschenen. In de nieuwe P&C cyclus is voorgesteld om deze circulaire integraal op te nemen in de kadernota. Dat is niet mogelijk gebleken. Het kabinet heeft in de Voorjaarsnota wel enkele aankondigingen gedaan die van belang zijn voor gemeenten. In de Voorjaarsnota staat dat gemeenten er vanaf 2027 structureel geld bij krijgen en dat het kabinet voornemens is om het accres goed te regelen. De opschalingskorting blijft echter in stand en doordat er pas in 2027 geld bijkomt, bedraagt de terugval van landelijke middelen in 2026 € 2 miljard (ten opzichte van 2025). Nieuwe financieringssystematiek moet nader worden uitgewerkt Het in de Voorjaarsnota weergegeven begrotingsbeleid van het kabinet kent gemeenten vanaf 2027 een structureel bedrag van € 1 miljard toe en een volume-indexatie. Het kabinet heeft de bestaande financieringssystematiek in het coalitieakkoord eenzijdig afgeschaft. De invulling van een nieuwe systematiek moet nog verder worden uitgewerkt. Opschalingskorting niet geschrapt Ondanks de extra middelen vanaf 2027 blijven voor gemeenten in de jaren vanaf 2026 grote kortingen in de boeken staan: in 2026 een daling van circa € 2 miljard ten opzichte van 2025. Onderdeel daarvan is de opschalingskorting (ongeveer € 700 miljoen).

Het kabinet heeft deze korting nog steeds niet geschrapt. Dit zet de gemeentelijke uitvoering van wettelijke taken en de haalbaarheid van de grote maatschappelijke opgaven onder druk. VNG wil in overleg met kabinet Er komt een nieuwe financieringssystematiek, maar deze gaat niet vanaf 2026 in maar pas vanaf 2027. Dit heeft consequenties voor de taken die gemeenten moeten uitvoeren. Overleg op korte termijn met het kabinet is daarom nodig. Daarbij zullen ook de in het afgelopen jaar afgesloten akkoorden aan de orde zijn omdat deze zijn gesloten onder de voorwaarde van structurele financiering en voldoende middelen na

Kadernota 2024-2027

8

2025. Als alle opgaven en wettelijke verantwoordelijkheden in stand blijven én er sprake is van een forse vermindering van middelen zal dat consequenties hebben voor inwoners. Er zullen lastige keuzes gemaakt moeten worden terwijl de uitdagingen voor onze inwoners de afgelopen tijd alleen maar zijn gegroeid. Verder blijft het onbekend of het gemeentelijke belastinggebied al dan niet wordt uitgebreid of herzien. Eerder werd door de minister toegezegd dat er vóór de meicirculaire 2023 duidelijkheid zou komen over de mogelijkheid voor een groter belastinggebied. Hier wordt in samenspraak met de VNG naar gekeken.

Kadernota 2024-2027

9

2. Financieel perspectief De voorliggende kadernota is het resultaat van het voornemen om tot een sluitende begroting 2024 te komen, rekening houdend met de effecten op de langere termijn. Dit is een moeilijke opgave door het (grote) nadelige financiële meerjarenperspectief (2026 en 2027) waarbij wij preventief toezicht door de toezichthouder willen voorkomen. Wij verwachten dat extra middelen van Het Rijk onrealistisch zijn. We hebben wel een reële verwachting dat het Rijk de loon-en prijscompensatie over 2022 en 2023 in positieve zin bijstelt; zekerheid hierover krijgen we met de meicirculaire 2023 die voor de behandeling van deze nota aan de raad zal worden aangeboden. De provincie realiseert zich de uitdagingen waar de gemeente(n) voor staan maar heeft de gemeente onlangs specifiek eraan herinnert dat zij voor de komende begroting het vigerende gemeenschappelijk financieel toezichtkader hanteren. Die stelt dat “preventief toezicht is aan de orde als de begroting niet structureel en reëel in evenwicht is én het naar het oordeel van GS niet aannemelijk is dat dit evenwicht uiterlijk tot stand kan worden gebracht in het laatste jaar van de meerjarenraming”. Op basis van deze informatie hebben wij ons - vanuit een sober en doelmatig financieel beheer - beperkt tot de onontkoombare en een aantal noodzakelijke ruimtevragers en deze verwerkt in de voorliggende Kadernota 2024.

De overige ruimtevragers worden ‘geparkeerd’ en maken onderdeel uit van het eerdergenoemde sporen 1 en 2. Dit betekent dat ze nu niet financieel zijn meegenomen in de Kadernota 2024. Dit resulteert in de volgende begroting 2024 en meerjarenperspectief:

Saldo na Oktoberbrief 2022 Ruimtevragers onontkoombaar Verwachte dekking indexering Overige ruimtescheppers Incidentele ruimtevragers noodzakelijk Saldo na rv en rs

2024 -1.763.000 V 3.706.000 N -2.407.000 V -760.000 V 677.000 N -547.000 V

2025 -1.096.000 V 4.362.000 N -2.407.000 V -1.075.000 V

2026 2.722.000 N 4.847.000 N -2.407.000 V -3.025.000 V

2027 4.714.000 N 5.119.000 N -2.407.000 V -4.109.000 V

-216.000 V

2.137.000 N

3.317.000 N

Naast bovenstaande ontwikkeling noemen we ook de zorg over de personele capaciteit. Tijdens de behandeling van de raadsinformatiebrief Overschrijding op personele lasten heeft het college de raad hierover geïnformeerd. Er is toegezegd om na de zomer met een voorstel te komen ten aanzien van eventuele overschrijdingen op dit gebied. Daarbij wordt bekeken of er nog gerichte impulsen binnen de organisatie nodig zijn. In paragraaf 2.1 worden bovenstaande ruimtevragers en -scheppers toegelicht.

Kadernota 2024-2027

11

2.1 Onontkoombare ruimtevragers en ruimtescheppers Het kadernotaproces heeft een aanzienlijk aantal ruimtevragers opgeleverd die in lijn zijn met het coalitieakkoord gericht op de uitvoering van beleid. De beschikbare financiële en organisatorische ruimte biedt niet de mogelijkheid om alle ruimtevragers te honoreren. Hiertoe zijn de ruimtevragers gecategoriseerd naar onontkoombaar (geen uitstel mogelijk), noodzakelijk (uitstel mogelijk) en wenselijk (afstel mogelijk). Het komt voor dat er binnen een onderwerp meerdere categorieën aanwezig zijn (bijvoorbeeld bij Openbaar groen). De categorie onontkoombaar omvat grotendeels ruimtevragers als gevolg van inflatie, bestuurlijke en private overeenkomsten. Deze paragraaf beschrijft de geaccepteerde onontkoombare - veelal structurele - ruimtevragers, de geaccepteerde noodzakelijke ruimtevragers (op incidentele basis) en de beschikbare ruimtescheppers. (Bedragen x € 1.000)

2024

2025

2026

2027

Primaire begroting 2023

-2.801

-2.700

2.514

2.523

Oktoberbrief 2022

1.022

1.587

191

2.174

17

17

18

18

-1.762

-1.096

2.723

4.715

VRR - herijking kostenverdeelsystematiek

103

212

324

324

Wegenbeheerplan

-125

15

115

185

Openbare ruimte project Sluispolder-West (PC Hooftlaan 1,5M)

-

88

215

215

Koepaardbrug

-

186

186

186

Web-middelen, taaleducatievolwassenen

73

-

-

-

GRJR: Landelijk Transitie Arrangement

350

350

350

350

Openbaar groen

245

255

265

275

Herijking MVS-jeugdmodel

pm

pm

pm

pm

RogPlus onderdeel jeugd

719

719

719

719

Stroomopwaarts

523

523

523

523

Lijkschouw

20

20

20

20

GGD-formatie

40

40

40

40

Beter afval scheiden

100

pm

pm

pm

Indexering ICT

150

150

150

150

CAO, knelpunten arbeidsmarkt

600

600

600

600

Hogere rentekosten op basis van 3,4%

500

759

954

1.150

Indexatie grote GR'en

300

300

300

300

Ontwikkeling woningvoorraad

108

145

86

82

3.706

4.362

4.847

5.119

Tweede bestuursrapportage 2022 Begroting voor kadernota 2024 Onontkoombare ruimtevragers

Subtotaal

Kadernota 2024-2027

12

(Bedragen x € 1.000)

2024

2025

2026

2027

-2.407

-2.407

-2.407

-2.407

Meicirculaire - 1 miljard vanaf 2027

-

-

-

-1.600

Heroriëntatie bestaand beleid

-

-

-1.415

-1.415

Instellen kapitaallastenreserve

-

-

-900

-900

Lagere afschrijving temporiseren investeringen

-610

-925

-560

-44

Bouwleges

-150

-150

-150

-150

Subtotaal

-3.167

-3.482

-5.432

-6.516

-547

-216

2.137

3.317

Noodzakelijke ruimtevragers (incidenteel) Wegenbeheerplan

155

Projectleider cultuur

100

Beleidsmedewerker gezondheid

100

Instandhouding pand Industrieweg

100

Instandhouding stadhuis

100

Formatie facilitaire dienstverlening en vastgoed

75

Openbaar groen

25

Starterslening

22

Subtotaal

677

Ruimtescheppers Compensatie meicirculaire 2023

Begrotingssaldo na kadernota

Toelichting onontkoombare ruimtevragers VRR - herijking kostenverdeelsystematiek Vanaf de begroting 2023 is besloten om de verdeling van de totale kosten van de VRR over de gemeenten te baseren op de verhoudingen tussen de gemeenten van de inkomsten in de algemene uitkering uit het gemeentefonds op het subcluster crisisbeheersing en brandweer. De herverdeling van het gemeentefonds is bij de initiële berekening van de verdeelsleutel niet meegenomen. Hoewel de totale herverdeling voor Maassluis aanzienlijk nadelig is, is de bijdrage op het subcluster crisisbeheersing en brandweer gestegen. Als gevolg hiervan stijgt bij gebruik van de vastgestelde verdeelsleutel de bijdrage van 1,97% naar 2,27%. Wegenbeheerplan Met het Wegenbeheerplan wordt ruimte gevraagd om jaarlijks € 1 miljoen extra te kunnen investeren om het huidige kwaliteitsniveau op orde houden en levensduur verlengend beheer en onderhoud. In 2024 worden de kosten door de middelen vanuit het coalitieakkoord gedekt; vanaf 2025 ontstaat er een netto ruimtevrager. Openbare ruimte project Sluispolder-West (PC Hooftlaan € 4 mln.) In het jaarlijkse Uitvoeringsprogramma Buitenruimte worden de in de begroting beschikbare middelen voor Wegen, Riolering, en Openbare Verlichting toegedeeld aan gemeentelijke projecten in de openbare Kadernota 2024-2027

13

ruimte. Met het vastgestelde uitvoeringsprogramma 2023 kunnen de noodzakelijk geachte projecten voor 2023 financieel worden gedekt. De doorkijk voor 2024-2027 laat voor het totaal van de nu voorziene projecten in het kader van het project Herontwikkeling Sluispolder-West een tekort zien van circa € 4 miljoen. Koepaardbrug De Koepaardbrug is inmiddels 70 jaar oud en aan vervanging toe. Op dit moment is een gewichtsbeperking ingesteld. Zonder renovatie zal de maximale belasting over vijf jaar verder moeten worden beperkt en zal de brug binnen vijf jaar niet meer kunnen worden geopend. De totale investering ligt naar verwachting rond de € 7,1 miljoen, terwijl ca € 2,1 miljoen aan kredieten beschikbaar is. Bij uitvoering in 2024 zijn de verwachte kapitaallasten per 2025 opgenomen in het meerjarenperspectief. Web-middelen, taaleducatievolwassenen Op grond van de Wet Educatie en Beroepsonderwijs (WEB) zijn gemeenten verantwoordelijk voor het taaleducatie-aanbod volwassen. De doelgroep van de WEB zijn niet-inburgeringsplichtige volwassenen (18+), mensen met en zonder een migratieachtergrond. Maassluis participeert in het inkooptraject van het aanbod dat medio 2022 vanuit Rotterdam is gecoördineerd. Voor Maassluis zijn op basis van cijfers uit het verleden 33 trajecten ingekocht.

Dit volume blijkt door hogere instroom en hoger verbruik per deelnemer ontoereikend en moet worden verhoogd naar 101 trajecten. GRJR: Landelijk Transitie Arrangement Het Landelijk Transitiearrangement (LTA) is een set aan afspraken die door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) landelijk wordt gemaakt met een beperkt aantal jeugdhulpaanbieders om er zeker van te zijn dat er een contractbasis is voor aanbieders met een specifiek aanbod aan hoogcomplexe zorg. LTA valt onder de contractafspraken met GRJR. Vanaf 2021 zijn de uitgaven LTA substantieel en structureel gestegen en dat leidt tot een hogere bijdrage. De GRJR heeft dit verwerkt in de begrotingswijziging 2023 en begroting 2024 op basis van de realisatiecijfers 2021 en de voorlopige cijfers 2022. In 2023 start een werkgroep LTA binnen de GRJR om de toeleiding van jeugdigen naar LTA in beeld te brengen met als doel er meer grip op te krijgen. Openbaar groen In het Beheerplan Groen is de status van het areaal groen in Maassluis inzichtelijk gemaakt. Naast de benodigde indexering van het budget zijn, afgezet tegen de vastgestelde kwaliteitsniveaus (CROW A en B) en de opgave om bomen te vervangen, extra middelen nodig. Dit om te voldoen aan de zorgplicht van een gemeente voor het onderhoud van bomen. De gemeente is aansprakelijk als die zorgplicht wordt geschonden.

Herijking MVS-jeugdmodel De uitvoering van het MVS-jeugdmodel is gestart per 1 januari 2023. De uitvoering van de jeugdhulp vindt plaats op basis van populatiebekostiging, die Rogplus heeft geraamd en opgenomen in haar begroting. De opdrachtwaarde van de overeenkomst met Mevis wordt volgens afspraken vanuit de aanbesteding definitief herzien in het vierde kwartaal van 2023 op basis van de realisatie van de uitgaven jeugdhulp 2022. Op dit moment zijn deze bedragen nog niet definitief en zijn de bedragen vooralsnog op p.m. gezet. Met de begroting 2024 worden deze bedragen opgenomen.

Kadernota 2024-2027

14

Lijkschouw De lijkschouw wordt voor de komende jaren wederom ingekocht via FARR; Forensisch Artsen Rotterdam Rijnmond. De gemeente is verplicht om bij twijfel bij een overlijden een lijkschouw uit te (laten) voeren. De tarieven zijn flink toegenomen in verhouding tot de huidige tarieven. Met deze onontkoombare ruimtevrager wordt het benodigde budget opgehoogd. GGD-formatie De uitbreiding van de GGD-formatie is onvermijdbaar om alle basistaken die bij de GGD belegd zijn conform wet- en regelgeving en geldende kwaliteitskaders uit te kunnen voeren. Hieronder vallen a) uitvoeren nieuwe wetgeving, b) realiseren ‘waakvlamniveau’ GROP en crisisbeheersing en c) meerkosten infectieziektebestrijding. Beter afval scheiden In het coalitieakkoord is opgenomen dat we streven de landelijke doelstellingen voor afvalscheiding te behalen. De hoeveelheid restafval zal in Maassluis dan aanzienlijk moeten verminderen. Op 18 mei 2021 heeft de gemeenteraad het besluit genomen om afgerond € 3 miljoen beschikbaar te stellen voor het realiseren van minder afval naar meer grondstoffen. Er is een aanbesteding geweest op het vervangen en plaatsen van ondergrondse containers REST en PMD. De aanbesteding is voor een belangrijk deel gegund aan een partij die inmiddels failliet is gegaan.

Mede op basis van een juridisch advies en alle scenario’s afwegende stellen wij voor om het project opnieuw aan te besteden en nu, overeenkomstig het coalitieakkoord, in te zetten op het volledig behalen van de VANG-doelstellingen. Dat betekent dat we een nieuwe aanbesteding voor het inzamelen van alle restafval en grondstoffen voorstellen. Daarmee krijgen onze inwoners de gelegenheid om huishoudelijk afval ook daadwerkelijk te scheiden. De financiële consequenties worden op dit moment in beeld gebracht en met de begroting 2024 aangeboden. Medio juni stellen wij een themabijeenkomst met de gemeenteraad voor om de scenario’s te bespreken. Hier wordt voorgesteld om incidenteel budget van € 100.000 voor een projectleider beschikbaar te stellen. Hogere rentekosten op basis van 3,4% De rentepercentages zijn de afgelopen tijd toegenomen. Dit heeft een forse impact op de financieringskosten van de gemeente Maassluis. Op dit moment liggen de rentepercentages van aan te trekken langlopende leningen op ca. 3,4%, hetgeen fors hoger is dan de huidige omslagrente van de gemeente (ca 1,5%). Dit betekent dat de verwachte rentekosten van nog aan te trekken langlopende leningen stapsgewijs zal toenemen naar ca. € 1,1 miljoen in 2027. Om deze forse stijging te beteugelen wordt voor de langere termijn een investeringsplafond voorgesteld; zie ruimtescheppers.

Stroomopwaarts, Indexering ICT, CAO, knelpunten arbeidsmarkt, Indexatie grote GR'en, RogPlus onderdeel jeugd Deze groep onontkoombare ruimtevragers bestaat uit de verwerking van de CAO-gemeenteambtenaren 2023, de indexering van de budgetten van verbonden partijen (VRR, MRDH, Stroomopwaarts, Rogplus) en indexering van de inkoopbudgetten. Ontwikkeling woningvoorraad De woningbouwprognose is geactualiseerd en laat een verschuiving van de verwachte oplevering van woningen naar latere jaren zien. Dit betekent dat de verwachte opbrengsten (OZB en gemeentefonds) in de begroting moeten worden bijgesteld.

Kadernota 2024-2027

15

Toelichting noodzakelijke ruimtevragers Wegenbeheerplan (incidenteel) Voor de uitvoering van het beheerplan is onder meer een uitbreiding van de formatie wegbeheerder (0,25 fte) en voor beter toezicht op de openbare ruimte (zie motie 2022-41 toezicht en controle op uitvoerend werk) een toezichthouder op kabels/ leidingen (0,25 fte) nodig. Conform het coalitieakkoord wordt in 2024 geïnvesteerd in de kwaliteit van trottoirs en paden. Projectleider cultuur (incidenteel) In het coalitieakkoord is een aantal activiteiten benoemd op cultureel gebied (onder nadere bruisend huis en museum Maassluis). Deze ontwikkelingen vragen veel advisering en ondersteuning vanuit de ambtelijke organisatie. Hiervoor is geen formatie/inhuurruimte beschikbaar. Om de huidige inhuur voort te kunnen zetten, zijn aanvullende financiële middelen noodzakelijk. Beleidsmedewerker gezondheid (incidenteel) Het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) is op 3 februari 2023 ondertekend door VNG, VWS, Zorgverzekeraars Nederland en de GGD/GHOR Nederland. Het akkoord omvat afspraken over het bereiken van een gezonde generatie in 2040: weerbare, gezonde mensen die opgroeien, leven, werken en wonen in een gezonde leefomgeving met een sterke sociale basis. Op basis van dit akkoord dient de gemeente een samenhangende lokale aanpak te ontwikkelen op het gebied van gezondheid, sport en bewegen én sociale basis.

Voor de uitvoering van deze wettelijke taak is voor 2024 1 FTE noodzakelijk. Instandhouding pand Industrieweg (100k incidenteel in 2024) Door een externe adviseur zijn voor het pand Industrieweg (vestiging WLB Stroomopwaarts) drie opties aangedragen, te weten: a) een inhaalslag op onderhoud en vervolgens instandhouding, b) een grootschalige renovatie of c) nieuwbouw. Vooruitlopend op de besluitvorming over de toekomst van het pand wordt uitgegaan van instandhouding (schoon, heel en veilig). De geraamde kosten hiervan bedragen ca. € 300.000. In afwachting van de besluitvorming stellen wij voor om € 100.000 voor 2024 beschikbaar te maken om het onderhoud een impuls te geven. Instandhouding stadhuis (100k incidenteel in 2024) Vooruitlopend op de besluitvorming over de toekomst van het pand wordt uitgegaan van instandhouding (schoon, heel en veilig). Dit betekent het alleen voldoen aan de wettelijke verplichtingen en noodzakelijke aanpassingen in de komende tien jaar. Het huidige beperkte onderhoudsbudget en de constatering dat de huidige staat van het gebouw meer onderhoudskosten en reparaties noodzakelijk maken, heeft tot gevolg dat rekening moet worden gehouden met een jaarlijkse extra last van € 300.000. In afwachting van de besluitvorming stellen wij voor om € 100.000 voor 2024 beschikbaar te maken om het onderhoud een impuls te geven.

Formatie facilitaire dienstverlening en vastgoed (incidenteel) De gemeente kent met meer dan vijftig vastgoedobjecten (scholen, sportaccommodaties, musea, VraagRaak, etc.) een grote vastgoedopgave (onderhoud, renovatie, verduurzaming, etc.). De huidige formatie is ontoereikend om deze opgave te kunnen realiseren. Voorgesteld wordt het team tijdelijk met een bouwkundig adviseur te versterken, waarmee ook de facilitaire dienstverlening beter kan worden georganiseerd.

Kadernota 2024-2027

16

Openbaar groen (incidenteel) Naast de onontkoombare vervanging van bomen (veiligheid) zijn ook meerdere plantvakken aan vervanging toe om de uitstraling van de stad op orde te houden. Daarom stellen wij voor om in 2024 € 25.000 hiervoor ter beschikking te stellen. Starterslening Naar aanleiding van het besluit van de gemeenteraad van 14 maart 2023 over de motie Kwaliteitsverbetering Woning met de starterslening, ligt er thans een gewijzigde Verordening starterslening voor. Tegelijk is het budget bijna op. Er is dus aanvullend budget voor startersleningen nodig. Het college besluit de raad voor te stellen de Verordening starterslening 2023 vast te stellen en het fonds startersleningen te verruimen. Omdat starters in de eerste drie niet hoeven af te lossen en geen rente te betalen, draagt de gemeente de eerste jaren zelf de financieringslasten.

Toelichting ruimtescheppers Compensatie meicirculaire 2023 In de Najaarsnota 2022 heeft het kabinet aangekondigd een extra prijsbijstelling over 2022 uit te keren in verband met de uitzonderlijke prijsstijgingen voor 2022. In de Voorjaarsnota 2023 aangekondigd dat gemeenten een extra tranche prijsbijstelling 2022 vanaf 2023 € 127 miljoen structureel ontvangen. Dit is minder dan de aankondiging van € 300 miljoen voor de loon- en prijsbijstelling in de Najaarsnota 2022. De index voor loon- en prijsontwikkeling geschiedt op basis van de CPB-raming van de loonvoet sector overheid, index materiele overheidsconsumptie en overheidsinvesteringen. Hierbij wordt een verdeling van 60% loonontwikkeling, 20% consumptie en 20% investeringen aangehouden. De nabetaling van het LPO-accres 2022 vindt alleen plaats voor het verschil in de prijsontwikkeling 2022 tussen de meicirculaire 2022 (CEP 2022) en het CEP 2023. Meicirculaire - 1 miljard vanaf 2027 Vooruitlopend op een nieuwe financieringssystematiek vanaf 2026 heeft het kabinet in de septembercirculaire 2022 in 2026 eenmalig € 1 miljard beschikbaar gesteld. Op 28 april jl. heeft het kabinet in de Voorjaarsnota 2023 aangekondigd dat dit bedrag vanaf 2027 structureel beschikbaar komt.

Heroriëntatie bestaand beleid De financiële situatie van de gemeente Maassluis is dusdanig nijpend dat we ook kritisch moeten kijken naar het bestaande beleid en ambities die bijvoorbeeld in het coalitieakkoord zijn opgevoerd. Niet uit te sluiten valt daarom dat een deel van deze ambities moet worden heroverwogen. De definitieve voorstellen aan de raad volgen na de strategische heroriëntatie die verderop wordt toegelicht. Instellen kapitaallastenreserve Conform Motie CDA 2022-27 Voorzieningen gaan we een kapitaallastenreserve vormen als dekking van investeringen. Volgens het provinciaal kader wordt deze reserve voor specifiek benoemde investeringen met een lange afschrijvingstermijn ingezet. Het bedrag dat nu vrijgemaakt wordt, betreft grotendeels het vrije gedeelte van de algemene reserve. Het beklemde deel van de algemene reserve is onderdeel van de benodigde weerstandscapaciteit die volgt uit ons risicoprofiel. Daarnaast willen we een zekere buffer aanhouden door de overschotten de komende jaren conform bestaand beleid in de algemene reserve te storten.

Kadernota 2024-2027

17

Lagere afschrijving temporiseren investeringen De investeringen zijn geactualiseerd. Daarbij is in eerste instantie gekeken naar een reële raming van de fasering van de investeringen. Dit heeft ertoe geleid dat het totale investeringsbedrag in 2023 met € 17 miljoen is verlaagd. Dit levert vanaf 2024 voordelen op. Om te komen tot een sluitend meerjarenperspectief overwegen wij middels de strategische heroriëntatie in spoor 2 een plafond in te stellen voor de investeringen. Dit levert aanzienlijk lagere afschrijvingskosten en een besparing van financieringsrente op. Bouwleges Ieder jaar zijn de gerealiseerde opbrengsten van bouwleges hoger dan de begroting. Ook in vergelijking met andere vergelijkbare gemeenten ramen wij een lagere opbrengst. Voorgesteld wordt om de opbrengsten bouwleges structureel te verhogen met € 150.000.

Kadernota 2024-2027

18

2.2 Overige maatschappelijke opgaven De onderstaande ruimtevragers zijn niet in deze kadernota aanvaard, maar zijn onderdeel van spoor 1 en spoor 2 dat in hoofdstuk 4 wordt toegelicht. De uitzonderingen hierop betreffen de bedragen met een (*) in kolom 2024. Deze zijn in paragraaf 2.1 opgenomen als incidentele noodzakelijke ruimtevragers. Maassluis kent veel maatschappelijk opgaven van verschillende zwaarte en urgentie. Er zit een zekere gelaagdheid in. In onderstaande tabel worden deze opgaven per thema opgesomd. (Bedragen x € 1.000)

2024

2025

2026

2027

Burenbemiddeling

25

25

-

-

Starterslening

22*

22

22

-

Flexwonen Informeren vve's

30

30

-

-

Kwijtschelding gemeentelijke belastingen

63

63

63

63

Integrale duurzame stad

pm

pm

pm

pm

155*

185

285

380

Renovatie Schansbrug

-

-

-

186

Kademuren

-

35

70

69

69

69

Thema: meedoen in Maassluis

Thema: kwaliteit van Maassluis: Beheerplan wegen

Metropolitane fietsroute Openbaar groen

25*

140

148

155

Openbaar groen Ambities (DZh/Klimaatplan)

260

260

260

260

Instandhouding stadhuis

100*

300

550

550

Instandhouding Pand Industrieweg

100*

300

550

550

Formatie facilitaire dienstverlening en vastgoed

75*

75

75

75

Realisatie nieuwe scholen

-

-

pm

pm

Binnensportaccommodaties

-

-

pm

pm

Vervangen natuurgrasveld VDL

-

31

31

31

100*

100

100

-

50

50

-

-

-

100

100

-

100*

100

100

-

-

29

29

29

1.105

1.879

2.417

2.418

Thema: toekomst van Maassluis

Thema: sociaal en menselijk Maassluis Beleidsmedewerker gezondheid (GALA-RIGA) Arbeidsmigranten Personele capaciteit Maritiem Erfgoed Maassluis Projectleider cultuur Bruisend cultureel huis Totaal * deze posten zijn incidenteel verwerkt in deze kadernota

Kadernota 2024-2027

19

Thema: meedoen in Maassluis Burenbemiddeling Er is door de raad voor twee jaar geld vrijgemaakt (2021-2022) voor burenbemiddeling. De wens is dit ook na 2023 te blijven aanbieden. Totale kosten zijn ca. € 50.000 waarvan de gemeente en Maasdelta ieder de helft dragen. De bijdrage is in de prestatieafspraken met Maasdelta opgenomen. Starterslening* In paragraaf 2.1 is deze ruimtevrager beschreven en incidenteel geaccepteerd. De ruimtevrager kent echter ook een vraag voor 2025 en 2026. Flexwonen Mogelijk is er budget nodig voor flexwonen in verband met de toenemende vraag van spoedzoekers, statushouders en vluchtelingen. Informeren VVE's In lijn met het uitvoeringsprogramma van het coalitieakkoord kan de relatie met Verenigingen Van Eigenaren (VVE) worden verstevigd. Dit houdt in dat we in 2024 bij VVE's nagaan waaraan zij behoefte hebben op het gebied van ruimte en stedelijke vernieuwing in brede zin. Op basis hiervan en de gemeentelijke mogelijkheden volgt een voorstel om die behoefte in te vullen. Kwijtschelding gemeentelijke belastingen De gemeente Maassluis kent onder bepaalde voorwaarden gehele of gedeeltelijke kwijtschelding van afvalstoffenheffing.

De wetgeving biedt sinds kort de mogelijkheid om de voorwaarden zo bij te stellen dat inwoners die qua inkomen het recht hebben op kwijtschelding van gemeentelijke belastingen, dit recht niet verspelen door een kleine vermogensbuffer (verhoging van de maximale vermogensgrens van € 1.500 a € 2.000 per huishouden naar € 3.500 tot € 4.000). Die verhoging is positief in het kader van de zelfredzaamheid van inwoners bij financiële tegenslagen. Verhoging van de vermogensgrens leidt tot een toename in aanvragen en uitgaven. Integrale duurzame stad In het coalitieakkoord is het bouwen van betaalbare woningen een belangrijk speerpunt. Daartoe is het programma Integrale Duurzame Stadsontwikkeling opgezet. Het programma omvat het bouwen op drie locaties in de stad: Station-West, Kapelpolder en Van Gelderenterrein. Het uitgangspunt is dat projectontwikkelingen uit de grondopbrengsten worden bekostigd. Maassluis heeft diverse subsidies ontvangen om het bouwen van betaalbare woningen financieel haalbaar te maken. Dit onder de voorwaarde dat de gemeenten met cofinanciering ook bijdraagt. Berekend is dat in totaal circa € 5,1 miljoen vanuit de gemeente nodig is om deze projecten haalbaar te maken. Er volgt nog een separaat voorstel aan de raad om hiervoor een aparte reserve in te stellen, gedekt uit de algemene reserve.

Deze aparte reserve dekt dan ook alle projectkosten, naar verwachting € 350.000 per jaar voor 2024 en 2025. Aan dit (dekkings-) voorstel koppelen we ook een routekaart met fasering/ prioritering van de drie locaties.

Kadernota 2024-2027

20

Thema: kwaliteit van Maassluis Beheerplan wegen* In paragraaf 2.1 is deze ruimtevrager beschreven. De onontkoombare componenten zijn structureel verwerkt. De ruimtevrager kent echter ook noodzakelijke componenten: 1) uitbreiding van de formatie wegbeheerder (0,25 fte), een toezichthouder op kabels/leidingen (0,25 fte) voor beter toezicht op de openbare ruimte en investering in de kwaliteit van trottoirs en paden. Renovatie Schansbrug De Schansbrug is in 2021 gebouwd. Bij de laatste onderhoudsbeurt in 2014 is aangegeven dat na tien jaar groot onderhoud of vervanging nodig is. Dit zelfde beeld laten ook de inspecties zien. Kademuren De kademuren vertegenwoordigen een vervangingswaarde van ca. 75 miljoen (prijspeil 2023). Voor het instandhouden van de kademuren moet een vervangingsprogramma opgezet worden. Het in beeld brengen welke maatregel bij welk segment van de kademuren uitgevoerd moet worden (en wanneer) is nog niet gereed. Duidelijk is wel dat er een aantal segmenten kademuren de komende jaren aangepakt moeten worden. Met een bedrag van gemiddeld 1 miljoen per jaar kan hier een begin mee gemaakt worden. De verwachting is dat dit bedrag rond 2030 verder zal moeten stijgen. Metropolitane fietsroute Met de MRDH-overeenkomst hebben alle deelnemende gemeenten zich verplicht om de budgetten voor de realisatie van de MFR te regelen.

Dit heeft Maassluis gedaan door op basis van de toenmalige kostenraming voor € 1,2 miljoen aan cofinanciering op te nemen in de begroting. Uit de nieuwe berekeningen die gebaseerd zijn op de technische haalbaarheid, de gestegen prijzen alsook de uitkomsten van het doorlopen participatieproject rond de Julianalaan is nu een aanvullend bedrag van € 69.300 per jaar aan kapitaallasten nodig (additioneel krediet van € 1,25 miljoen). Tezamen is een investering van € 2,45 miljoen benodigd, dit betreft de 30% cofinanciering door Maassluis, de overige € 5,75 miljoen wordt door middel van subsidie vanuit de MRDH beschikbaar gesteld. Openbaar groen* In paragraaf 2.1 is deze ruimtevrager beschreven. De onontkoombare componenten zijn structureel verwerkt en 1 noodzakelijke component is incidenteel verwerkt. De ruimtevrager kent echter ook een noodzakelijke structurele component voor de vervanging van een aantal plantvakken die (nog) niet is gehonoreerd. Openbaar groen - ambities Naast de aanvaarde onderdelen van het Openbaar groen, is € 260.000 nodig om de ambities vanuit groenbeleid (onder andere biodiversiteit, groene parels, stimuleren privaat groen) integraal te kunnen uitvoeren. Deze uitgaven leveren een bijdrage aan meerdere doelen, opgaven en ambities zoals Maassluis Rainproof, klimaat, duurzaamheid, schoon heel en veilig Maassluis.

Instandhouding stadhuis* In paragraaf 2.1 is deze ruimtevrager beschreven en incidenteel voor 2024 verwerkt. De ruimtevrager loopt echter na 2024 door en wacht op nadere besluitvorming.

Kadernota 2024-2027

21

Instandhouding pand Industrieweg* In paragraaf 2.1 is deze ruimtevrager beschreven en incidenteel voor 2024 verwerkt. De ruimtevrager loopt echter na 2024 door en wacht op nadere besluitvorming. Formatie facilitaire dienstverlening en vastgoed* De opgaven worden groter als gevolg van de veroudering van het maatschappelijk vastgoed in Maassluis en de toegenomen eisen op het gebied van duurzaamheid en (Arbo-) veiligheid. Voorgesteld wordt daarom om de formatie uit te breiden met 1 fte bouwkundig adviseur. Thema: toekomst van Maassluis Realisatie nieuwe scholen Voor de realisatie van nieuwe scholen zijn in het MOHP bedragen geraamd voor de nieuwbouw. In de praktijk blijken deze prijzen sterk te stijgen. Dat houdt in dat als we de uitvoering conform het MOHP willen uitvoeren en aanvullende middelen nodig zijn. Een inschatting van deze kosten is op dit moment niet te maken, maar er zal rekening gehouden moeten worden met een stijging van de kosten. Daarnaast hebben we sinds het vaststellen van het MOHP te maken met een door het ministerie opgelegde verplichting tot het huisvesten van het Islamitisch College in Maassluis. Binnensportaccommodaties Voor de realisatie van nieuwe binnensportaccommodaties zijn in het verleden bedragen geraamd voor de nieuwbouw.

In de praktijk blijken de kosten voor de nieuwbouw te stijgen en daarnaast speelt dat de nieuwbouw in tijd vooruitschuift en dat levert ook prijsstijging op. Dat houdt in dat als we de uitvoering mogelijk willen laten zijn er aanvullende middelen nodig zijn. Een inschatting van deze kosten is op dit moment niet te maken, maar er zal rekening gehouden moeten worden met een stijging van de kosten. Vervangen natuurgrasveld VDL Vanwege uitbreiding van het ledenaantal bij voetbalvereniging VDL is er onvoldoende capaciteit aan bespeelbare grasvelden. Dit kan opgevangen worden door een natuurgrasveld om te zetten naar een kunstgrasveld. Thema: sociaal en menselijk Maassluis Beleidsmedewerker gezondheid (GALA-RIGA)* In paragraaf 2.1 is deze ruimtevrager beschreven en incidenteel voor 2024 verwerkt. De ruimtevrager loopt echter na 2024 door en wacht op nadere besluitvorming. Arbeidsmigranten In lijn met het uitvoeringsprogramma van het coalitieakkoord kan er in 2024 e.v. beleid ontwikkeld worden voor (de integratie van) arbeidsmigranten, nieuwe afspraken met uitzendbureaus en andere investeerders, alsmede inzet zijn op het contact met MOE-landers die langer blijven. Personele capaciteit Maritiem Erfgoed Maassluis De gemeente Maassluis heeft in 2022 een loods aan de museale buitenhaven gekocht om hier Loods M voor het Maritiem Erfgoed te realiseren.

Scholen, startups, bedrijven en andere partijen werken straks samen in en rondom deze broedplaats. Ook komt er ruimte voor de twee musea: Nationaal Sleepvaart Museum en Museum Maassluis. Binnen het project Maritiem Erfgoed Maassluis zijn voor 2023 en 2024

Kadernota 2024-2027

22

middelen voor inhuur van kwartiermakers beschikbaar, maar niet voor de jaren daarna om continuïteit in de gemeentelijke regie en aansturing te waarborgen. Projectleider cultuur* In het coalitieakkoord zijn grote ambities benoemd op het culturele gebied, waaronder de realisatie van het Bruisend Huis en de 'ontzameling' en verhuizing van het Museum Maassluis. Genoemde ontwikkelingen vragen advisering en ondersteuning vanuit de ambtelijke organisatie. Hiervoor zijn aanvullende financiële middelen nodig. Bruisend cultureel huis In 2023 wordt gewerkt aan een nadere inhoudelijke visie van het project Bruisend Cultureel huis in de Koningshof met aandacht voor de nieuwe ruimtelijke indeling en daaruit voortvloeiende verbouwing. Dit betreft een aanpassing voor vijftien jaar. De bijbehorende kapitaallasten dienen nog opgenomen te worden in de begroting. Tot op heden is er door middel van een raadsbesluit alleen een krediet beschikbaar gesteld ter waarde van € 175.000.

Kadernota 2024-2027

23

3. Investeringsprogramma De investeringen zijn geactualiseerd. Daarbij is in eerste instantie gekeken naar een reële raming van de fasering van de investeringen. Dit heeft er toe geresulteerd dat het totale investeringsbedrag in 2023 met € 17 miljoen is verlaagd. Dit levert vanaf 2024 voordelen op in de ruimtescheppers. Een van de consequenties van de strategische heroriëntatie in spoor 2 kan zijn het instellen van een plafond voor de investeringen. Dit levert in dat geval aanzienlijk lagere afschrijvingskosten en een besparing van financieringsrente op.

Kadernota 2024-2027

25

4. Op weg naar een sluitend meerjarenperspectief Door de opgevoerde ruimtevragers en -scheppers sluiten jaarschijf 2024 en 2025 met een positief resultaat. De situatie voor de jaren daaropvolgend is echter zorgelijk, zoals blijkt uit de tabel op pagina 13. Om tot een keuze te kunnen komen over wat wel en wat niet in de conceptbegroting 2024 een financiële vertaling krijgt, zijn alle verwachte nieuwe financiële ruimtevragers, beleidsmatige ambities en bijhorende investeringen in drie categorieën onderverdeeld. Die drie categorieën zijn ‘onontkoombaar’, ‘noodzakelijk’ en ‘wenselijk’ (zie hoofdstuk 2). Worden alle noodzakelijke en wenselijke uitgaven in het meerjarenperspectief opgenomen, dan stevenen we af op steeds grotere tekorten in 2026 en 2027. Aan uitstel, bijstelling en zelfs afstel kan daarom niet worden ontkomen. Dat de jaarschijf 2024 en 2025 positief zijn, wordt met name bereikt omdat uitsluitend de onontkoombare meeruitgaven als basis in het financiële meerjarenperspectief zijn verwerkt. Tevens zijn ruimtevragers meegenomen met een incidenteel karakter. Voorts is met succes ook een aantal extra ruimtescheppers gedefinieerd, zoals de toenemende bouwleges, die bijdragen aan een positief resultaat op de korte termijn maar ook het tekort op de langere termijn terugdringen.

De jaren 2026 en 2027 laten inclusief noodzakelijke ruimtevragers vooralsnog een toenemend tekort zien waaraan we een tweetal sporen koppelen. In spoor 1 lichten we de begroting 2023 en investeringsprogramma door en de bevindingen worden in de conceptbegroting 2024 verwerkt. Spoor 2 omvat keuzes op basis van een strategische oriëntatie; de resultaten – waaronder de maatschappelijke effecten van de keuzes – van dit spoor worden verwerkt in de kadernota 2025 en moeten tot een sluitend 2026 en een sluitend 2027 leiden. Spoor 1 Doorlichten begroting (juni-september 2023) Spoor 1 is gericht op de korte termijn. In de periode tussen de productie van deze nota en de conceptbegroting 2024 wordt een intensief traject gestart met het college en ambtenaren. In dit traject wordt ieder programma- en taakveld van de begroting 2023 en investeringsprogramma doorgelicht. Van de lasten en baten wordt de maatschappelijke meerwaarde bepaald en afgewogen tegen het coalitieakkoord. Hierbij wordt de door de provincie uitgevoerde taakveldanalyse gebruikt. Tevens wordt hierbij de uitvoeringskracht van de organisatie in beeld gebracht en wordt gekeken naar wat wel en niet realistisch is.

De verwachte resultaten zijn a) inzicht in de gemeentelijke activiteiten en daaraan verbonden lasten en baten en b) structurele ruimtescheppers op de korte termijn waarmee andere ruimtevragers zijn in te vullen en het tekort in 2026 (en mogelijk verder) wordt teruggedrongen. De resultaten worden in de conceptbegroting 2024 aangeboden. Spoor 2 Strategische oriëntatie (augustus 2023 - april 2024) Bij veel gemeenten biedt de begroting geen rek meer voor structurele ruimtevragers. De afgelopen jaren zijn de nodige structurele middelen (gemeentefonds) omgezet naar incidentele middelen (specifieke uitkeringen); een trend die nog niet gekeerd is. Om voor verdere investeringen in de stad ruimte te vinden is de veelgebruikte ‘kaasschaafmethode’ niet meer toereikend (maar niet uitgesloten). Dit betekent dat gemeenten, en wij dus ook, fundamentele keuzes moeten maken. Daarbij is een langere planningshorizon noodzakelijk: het veranderen van het beleid en uitvoering kost immers tijd. Hierbij wordt ook de uitvoeringskracht van de organisatie kritisch betrokken en de vraag onderzocht of het ambitieuze investeringsprogramma uitgevoerd kan worden door de huidige organisatie en in de daarvoor beoogde periode.

Kadernota 2024-2027

27

Bij de strategische oriëntatie kijken we naar de rol die de gemeente inneemt en de keuzes die de gemeente hierin kan en wil maken. Daarbij zoeken we naar een nieuwe balans in de driehoek Beleid (ambitie), Organisatie en Middelen vanuit de maatschappelijke opgaven. De drie onderdelen beleid, organisatie en middelen beïnvloeden elkaar. Verandering in één van de drie onderdelen leidt vaak tot een verandering in één of beide andere onderdelen. De spil in de driehoek is het onderdeel ‘organisatie’. Is de organisatie efficiënt ingericht, dan wordt er niet alleen optimaal gebruikgemaakt van de beschikbare middelen, maar is er ook ruimte voor nieuw beleid. Maar juist de organisatie staat, als gezegd, op dit moment door vergrijzing, krapte op de arbeidsmarkt, openstaande vacatures en omvangrijke inhuur onder druk. Ook is het takenpakket van gemeenten de afgelopen jaren flink uitgebreid en deze trend zet zich door: de Omgevingswet, energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie en stikstofproblematiek. Dit betekent dat het element ‘beleid’ zal groeien. Gemeenten zijn echter niet alleen verantwoordelijk voor meer taken, er is ook sprake van groeiende complexiteit en een krimpend budget. Hierdoor komt de uitvoeringskracht van gemeenten nog meer onder druk te staan.

Met behulp van een gestructureerd proces willen we deze strategische oriëntatie doorlopen en gefundeerde keuzes voorleggen om structurele lasten te verlagen en structurele baten te verhogen om zo tot een structureel sluitend meerjarenperspectief te komen. Hiermee wordt de strategische wendbaarheid van de gemeente verhoogd. Bij deze heroriëntatie willen we de lasten voor inwoners, ondernemers en verenigingen van Maassluis zo veel mogelijk ontzien. Het proces kent de volgende hoofdonderdelen: a) verzamelen, concretiseren en prioriteren van de opgaven die op gemeenten afkomen, b) bepalen huidige situatie van de gemeente Maassluis, c) vergelijken opgaven met de huidige situatie, d) bepalen van de te ondernemen stappen op het gebied van beleid, middelen en organisatie, e) vertalen naar het financieel meerjarenperspectief. De verwachte resultaten zijn a) inzicht in de gemeentelijke situatie in relatie tot de opgaven, b) gefundeerde keuzes om de situatie om te buigen, c) een plan om de opgaven te realiseren, d) een structureel sluitend financieel meerjarenperspectief en e) een bijdrage aan het lerend vermogen van de organisatie en organisatieontwikkeling. De resultaten worden in de kadernota 2025 aangeboden.

Kadernota 2024-2027

28

5. Weerstandsvermogen Risico's In het onderstaande overzicht worden de tien risico's gepresenteerd die de grootste invloed hebben op de benodigde weerstandscapaciteit. Belangrijk is om te weten dat het risicoprofiel een momentopname is. Via de planning- en control documenten, waaronder jaarstukken, wordt gerapporteerd over de wijzigingen. Positie KN 2024 1

2

3

project/gebied

Risico

Vastgoed

Pand Industrieweg vergt meer investeringen dan geraamd om aan de zwaardere wettelijke eisen te voldoen

6,2%

Het gemeentehuis vergt meer investeringen dan geraamd om aan de zwaardere wettelijke eisen te voldoen

5,5%

De kosten stijgen harder dan in de begroting is opgenomen

4,6%

Vastgoed

Jeugdhulp

Invloed

4

Gemeentefonds

Negatieve afwijkingen gemeentefonds

3,4%

5

Groenbeheer

Ontoereikende budgetten voor onderhoud aan groenvoorzieningen

3,3%

De kwaliteit van het wegareaal zakt onder de normen waardoor direct ingrijpen nodig is

3,3%

Een meer dan begrote stijging van de marktrente

3,1%

6 7

Wegbeheer Algemene middelen

8

Woningbouw

Een lagere groei van inwoners dan begroot

3,0%

9

Algemene middelen

Het (gedeeltelijk) niet realiseren van de begrote taakstellingen

3,0%

Een meer dan begrote stijging van de kosten van ingehuurd personeel

3,0%

10

Bedrijfsvoering

De hoogte van het risicoprofiel is, op basis van 90 % zekerheid, € 0,7 miljoen hoger dan de begroting 2023. Het grootste deel van de mutaties is reeds meegenomen bij de begroting 2023. Hieronder volgen toelichtingen op de belangrijkste risico's. Twee risico's die sinds de begroting 2023 prominent in de top 10 staan, zijn vastgoed gerelateerd. Een aantal gemeentelijke gebouwen is onderzocht op bestendige bruikbaarheid. Er is een aantal noodzakelijke investeringen in het stadhuis en in de panden op de Industrieweg nodig om de gebouwen te revitaliseren en/of te vervangen om duurzaam te kunnen gebruiken. Het risico op het gebied van jeugdzorg is verhoogd ten opzichte van de begroting 2022. De uitgaven van het landelijke transitiearrangement (LTA) voor 2021 en 2022 hoger zijn dan voorgaande jaren. De verwachting is dat deze uitgaven structureel zijn, maar zijn nog niet geraamd.

Kadernota 2024-2027

29

Op het gebied van wegen- en groenbeheer worden hogere kosten verwacht. Dit is afgeleid uit de actuele beheerplannen. In deze kadernota worden hiertoe voorstellen gedaan. Een eerder gesignaleerd risico maar nu in de top 10 betreft de stijging van de marktrente. Met de omvang van het investeringsplan voor de komende jaren zal er ook meer geld moeten worden aangetrokken. Wanneer de rente nog verder stijgt, betekent dat over een aantal jaar hogere dan geraamde lasten. De inzet van externen is hoger geraamd. We hebben op een aantal ‘standaard’ functies veel inhuur gehad in de afgelopen jaren. Ondanks het beschikbaar stellen van extra budgetten voor capaciteit, bestaat het risico dat dit grotendeels aanhoudt voor 2023 en verder, mede gezien de gespannen arbeidsmarkt. Uit de top 10 zijn verder verdwenen het risico bij de Wmo en risico's die verband houden met Corona. Weerstandsvermogen Uitgaande van een zekerheidspercentage van 90% bedraagt de benodigde weerstandscapaciteit € 9,7 miljoen. De totale weerstandscapaciteit bedraagt € 28,6 miljoen en daarmee komt de weerstandsratio op 2,9 en dat ligt ruimschoots boven de norm van 1. De benodigde weerstandscapaciteit moet minimaal in stand worden gehouden in relatie tot het voorstel om een kapitaallastenreserve in te stellen door een onttrekking aan de algemene reserve.

Kadernota 2024-2027

30

Bijlagen Bijlage 1 Grondslagen en uitgangspunten 2024 De meerjarenbegroting wordt opgesteld in constante prijzen. Dat wil zeggen dat het loon- en prijspeilniveau van 2024 voor de navolgende jaren constant wordt gehouden. Dit geldt ook voor de baten uit het gemeentefonds en de belastingen. Een aantal uitgangspunten is ontleend aan de prognoses van het Centraal Planbureau (CPB). Het CPB heeft in maart 2023 geactualiseerde kerngegevens vrijgegeven. In de indexcijfers 2024 is ook rekening gehouden met een nacalculatie van de indexatie 2023. Omschrijving Salarissen en sociale lasten Goederen en diensten Gemeenschappelijke regelingen GR'en MVS Subsidies Energie-en brandstofkosten Belastingen en heffingen Omslagrente Rente grondexploitaties

Uitgangspunten 2023 5,9% 6,2% 4,8% 1,9% 6,2% 75,0% 6,2% 1,5% 1,0%

Uitgangspunten 2024 7,1% 3,7% 8,4% 3,6% 3,7% 3,7% 3,7% 2,0% 1,5%

Bij het uitvoeren van de kostenindexatie gelden de volgende bijzonderheden:  Budgetten waarvoor specifieke afspraken gelden, zoals de begroting Stroomopwaarts, Rogplus en GRJR, worden geïndexeerd volgens die specifieke afspraken;  Grondexploitaties worden gebudgetteerd conform de specifieke uitgangspunten voor de grondexploitatie (MPG). Indexatie salarissen en sociale lasten De indexatie van de salarissen en sociale lasten wordt gebaseerd op de prognose van de loonvoet sector overheid in de maart-raming (CEP 2023) van het CPB. Voor 2024 is deze geprognosticeerd op 5,2%. In 2023 is er een nieuwe CAO afgesloten met een gemiddelde loonstijging van 9%. Ten opzichte van de raming 2023 is dit een stijging van 4,1% (inclusief werkgeverslasten). Wij verwachten voor 2024 een wat gematigde loonstijging en stellen dan ook een indexatie van 3% voor. Inclusief de correctie 2023 komt de totale indexatie voor 2024 uit op 7,1%. Indexatie goederen en diensten De indexatie van de goederen en diensten wordt gebaseerd op de prognose van de Inflatie, nationale consumentenprijsindex (cpi, %) in de maart-raming (CEP 2023) van het CPB. Voor 2024 is deze geprognosticeerd op 3,1%. De actuele consumentenprijsindex 2023 wordt geraamd op 3%; ten opzichte van de raming 2023 een stijging van 0,6%. In totaal worden de goederen en diensten geïndexeerd met 3,7% (3,1% in 2024 + 0,6% nacalculatie 2023).

Kadernota 2024-2027

31

Indexatie gemeenschappelijke regelingen Jaarlijks stelt de werkgroep financiële sturing gemeenschappelijke regelingen het indexeringspercentage (bij ongewijzigd beleid) voor het volgende begrotingsjaar vast, voor vier grote gemeenschappelijke regelingen waaraan het merendeel van de gemeenten in deze regio deelneemt. Het betreft de VRR, de DCMR, de GGD en de GRJR (voor wat betreft de uitvoeringskosten). De werkgroep is ingesteld door de kring van regiogemeentesecretarissen, hierin hebben ambtenaren uit verschillende regiogemeenten zitting. Voor 2024 is het indexeringspercentage inclusief correcties door de werkgroep bepaald op 8,4%. Het college heeft dit voorstel overgenomen op 6 december 2022. Zoals eerder aangegeven, wordt de indexering van Rogplus, Stroomopwaarts en GRJR (overig) apart meegenomen in de cijfers. Indexatie subsidies De gemeenteraad besluit met het vaststellen van de begroting over de hoogte van de subsidieplafonds. Het college beslist over de besteding van deze budgetten. De toegepaste indexatie op de plafonds houdt derhalve niet in dat de te verstrekken subsidies automatisch worden verhoogd met dit percentage. Indexatie energie- en brandstofkosten De prijsstijgingen van energie- en brandstofkosten zijn in 2022 hard gestegen. Aangenomen wordt dat de prijzen stabiliseren met het normale indexpercentage van 3,7%.

Indexatie investeringen Investeringen worden normaal gesproken niet individueel geïndexeerd. Bijstellingen van investeringsbedragen als gevolg van prijsstijgingen worden via de bestuursrapportages aan uw raad voorgelegd. Er wordt een algemene verhoging van de afschrijvingslasten met 3,7% voorgesteld. Indexatie eigen inkomsten en kaders raming lokale lasten Voor de belastingen en algemene baten (huren, pachten etc.) wordt het inflatiepercentage aangehouden dat gelijk is aan die van de materiële kostencompensatie (3,7%), daarbij worden de baten geïndexeerd, waarbij de volgende uitzonderingen gelden:  Huren, pachten en leges worden verhoogd voor zover juridisch toegestaan (contracten, wetgeving, maximum Rijkstarieven);  Afval-en rioolheffing worden niet geïndexeerd. De baten worden in verband met 100% kostendekkendheid berekend aan de hand van de ontwikkeling van de lasten (per saldo budget neutraal);  De OZB worden geïndexeerd met de prijsstijging van goederen en diensten. Overige kengetallen en parameters Bij het opstellen van de begroting wordt uitgegaan van de volgende kengetallen per 1 januari: Kengetallen Aantal inwoners Waarvan: 0-18 jaar 18-64 jaar 65 en ouder

Begroting 2023 34.941

Begroting 2024 *) 35.388

6.912 20.063 7.966

7.000 20.320 8068

* stand begin maart 2023

Kadernota 2024-2027

32

Kostenverdeling De personeelskosten worden verdeeld over de programma’s en taakvelden. Een belangrijk onderscheid hierbij is de verdeling tussen overhead- en lijnfuncties; met de verdeling wordt het totaal aantal uren voor lijnfuncties inzichtelijk. Door de totale overhead te delen op het totale aantal uren voor lijnfuncties wordt de overheadopslag per (lijn)uur bepaald. Deze opslag wordt gebruikt bij de activering van investeringsuren, alsmede bij de berekening van de kostendekkendheid van belastingen en leges. Algemene uitkering In de meerjarenraming 2023-2026 is de algemene uitkering vanaf 2024 in constante prijzen geraamd. Omdat 2024 de primaire begrotingsschijf wordt, zal de algemene uitkering herrekend moeten worden in lopende prijzen voor 2024. Dat wil zeggen dat de algemene uitkering dan opgehoogd wordt met het gestegen loon-en prijsniveau, prijspeil 1 januari 2024. Daarnaast wordt de algemene uitkering geactualiseerd aan de hand van de meicirculaire 2023. Voor de groei van het aantal woningen in Maassluis ramen we extra opbrengsten in de algemene uitkering en ozb-opbrengsten. Tegelijk wordt er voor een deel van deze extra opbrengsten budget gereserveerd voor onderhoud- en beheerkosten en openbare orde en veiligheid. De actualisatie van de prognose van het aantal nieuwbouwwoningen en sloop zal in de begroting 2024 worden meegenomen.

Kadernota 2024-2027

33

Bijlage 2 Afwijkingen lopend jaar Als onderdeel van de nieuwe P&C cyclus is afgesproken dat grote eenmalige en structurele afwijkingen in het lopende jaar in de kadernota worden gerapporteerd en dat de structurele afwijkingen in de prognose van het meerjarenperspectief worden verwerkt. De voorstellen tot wijziging van de begroting worden in de bestuursrapportage na de zomer aan de raad voorgelegd. Hieronder worden de incidentele afwijkingen boven de rapportagegrens van € 50.000 genoemd: Implementatie financieel pakket (200k) Per 1 januari 2024 stopt de ondersteuning van het huidige financiële pakket. Onlangs is de aanbesteding voor het nieuwe financiële systeem afgerond. De structurele kosten voor de nieuwe oplossing kunnen worden gedekt vanuit de bestaande budgetten. Voor de implementatiekosten en tijdelijk dubbele licentiekosten in 2023 (van zowel het oude als het nieuwe financiële systeem) is een aanvullend budget benodigd van € 200.000. Personele lasten en inhuur Op 16 mei is de raadsinformatiebrief Overschrijding op personele lasten behandeld in de commissie. Het college heeft de raad hierbij geïnformeerd over de huidige stand van zaken. Er is toegezegd om na de zomer met een voorstel te komen ten aanzien van eventuele overschrijdingen op dit gebied. Overige < 50.000 (100k) Er is een aantal wijzigingen die onder de (nieuwe) rapportgrens valt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12800223/2