ONTVANGEN 08-06-2023 104462-RIB Analyse openbare verlichting bu_104462-RIB Analyse OVL buitengebied (Motie 16)-signed
Tekst van het document
RAADSINFORMATIEBRIEF (RIB)
Hanssen Remy
Registratienr :
D/23/104462
Inlichtingen: Hanssen, Remy Team: Beheer Openbare Ruimte Portefeuillehouder: Blomen Aan de leden van de raad van de gemeente Maasgouw Onderwerp: Analyse openbare verlichting buitengebied (Motie 16) Bijlage: 1) Overzicht locaties 2) Beslisboom fietspad bubeko
Geachte leden van de raad, Inleiding Deze RIB is opgesteld naar aanleiding van de raadsvergadering over de Programmabegroting 2023 d.d. 8 november 2022. In deze vergadering is een motie aangenomen over de openbare verlichting in relatie tot (schoolgaand) fietsverkeer in het buitengebied (motie 16). De raad verzoekt hierin het college om een concreet plan voor het zomerreces aan te leveren met een overzicht van locaties waar op korte termijn maatwerk van openbare verlichting geplaatst kan worden. Middels deze RIB willen wij dit plan aan u voorleggen. Om invulling te geven aan de vraag van de raad, is besloten om hulp in te schakelen van Nobralux. Zij zijn het adviesbureau voor de openbare verlichting dat ook ondersteuning biedt bij het beheren van de openbare verlichting in gemeente Maasgouw. Doordat zij al jaren bekend zijn met ons areaal, kunnen zij goed adviseren in te maken keuzes in de openbare verlichting. Bij Nobralux is de vraag uitgezet om een analyse uit te voeren op openbare verlichting in het buitengebied van Maasgouw, met name gericht op fietsverkeer. In deze analyse is gekeken naar zowel bij te plaatsen verlichting als ook te verwijderen verlichting in het buitengebied.
In deze RIB komen de volgende onderwerpen betreffende de analyse aan bod: 1) Resultaten analyse 2) Kosten en besparingen 3) Conclusie bijplaatsen en verwijderen verlichting Ook willen we u middels deze RIB informeren over het toepassen van vleermuisvriendelijke verlichting in het buitengebied. Dit is een beleidskeuze die uiteindelijk wordt opgenomen in het Beleidsplan Openbare Verlichting 2024-2028 (november 2023 in raad), maar nu al van invloed is op de aanbesteding die eind dit jaar plaatsvindt voor onze verleddingsopgave. De verleddingsopgave vloeit voort uit amendement 32 op de Programmabegroting 2023 en wordt in 2024 uitgevoerd. Samengevat lichten we in deze RIB de volgende besluiten toe: - Er wordt geen openbare verlichting bijgeplaatst in het buitengebied - Het verwijderen van openbare verlichting in het buitengebied gebeurt wel of niet na het uitvoeren van pilots in de komende beleidsperiode - Er wordt, vooruitlopend op het nieuwe beleidsplan, vleermuisvriendelijke (amberkleurige) verlichting in het buitengebied voorgeschreven in de aanbestedingsstukken Voor verdere toelichting op deze punten wordt verwezen naar de inhoud van deze RIB.
Pagina 1 van 5
1) Resultaten analyse Voor het bepalen waar verlichting kan worden bijgeplaatst of verwijderd in het buitengebied is gebruik gemaakt van de beslisbomen die zijn opgenomen in de Nederlandse Praktijkrichtlijn 13201-1 (NPR). De NPR is dé standaard als het gaat om openbare verlichting in Nederland. Afwijkend op de richtlijn zijn een aantal uitzonderingslocaties aangewezen waarvan bekend is dat hier regelmatig (schoolgaand) fietsverkeer op zit. Op deze locaties is afgeweken van het minimaal aantal verkeersbewegingen van 1500 per etmaal die zijn opgenomen in de beslisboom. In plaats hiervan worden deze locaties aangemerkt als ‘frequent gebruikt’. De reden voor afwijken is dat het aantal verkeerbewegingen in het hele buitengebied van Maasgouw onder het quotum ligt voor het plaatsen van verlichting. Dat wil zeggen: Indien de richtlijn 100% aangehouden wordt, hoeft op basis van aantal verkeersbewegingen in het hele buitengebied van Maasgouw géén verlichting bijgeplaatst te worden. De uitzonderingslocaties zijn: • Maasbracht, Heerenweg • Linne, Steegweg/ Weerderweg • Beegden, Kanaalweg • Beegden, Nieuwstraat • Stevensweert, Molendijk • Thorn, Heerbaan • Wessem, Panheelderweg Uit de eerste analyse van de openbare verlichting in het buitengebied zijn diverse locaties naar voren gekomen.
De locaties die uit de beslisboom komen zijn theoretisch bepaald, zonder enig oog te hebben voor de praktijk. Om tot juiste resultaten te komen is het noodzakelijk om de praktijk te projecteren op deze locaties. De resultaten zijn dan ook intern besproken en afgestemd. Vervolgens zijn de bevindingen met het adviesbureau besproken en verwerkt in de analyse. Na het projecteren van de praktijk op de analyse komen de volgende locaties naar voren: Openbare verlichting bijplaatsen Linne
Steegweg
Bijplaatsen 1 mast t.p.v. splitsing Weerd/ Weerderweg
Beegden
Oosderweg
Bijplaatsen 1 mast t.p.v. kruising Kanaalweg
Thorn
Heerbaan
Bijplaatsen 5 masten t.p.v. kruisingen en overgang naar brug
Het bijplaatsen van openbare verlichting betreft in alle bovenstaande gevallen het aanbrengen van oriëntatieverlichting ter plaatse van discontinuïteiten (zoals bochten, kruisingen en overgangen naar bruggen). Het toepassen van verlichting op deze locaties komt enkel voort uit het afwijken van de richtlijn bij uitzonderingslocaties. Openbare verlichting verwijderen Maasbracht Oude Maasweg
Verwijderen 33 masten
Linne
Rijksweg
Verwijderen 38 masten Verwijderen 23 masten
Heel
Daalzicht
Verwijderen 10 masten
Schutteheide
Verwijderen 9 masten
Beegden Stevensweert
Heerstraat Zuid
Verwijderen 7 masten
Sint Annadijk
Verwijderen 15 masten
Wessem
Polderweg
Verwijderen 8 masten
Verlengde Oude Maasweg
Het verwijderen van openbare verlichting betreft in alle bovenstaande gevallen het verwijderen van rechtstanden met een uitzondering op discontinuïteiten (zoals bochten, kruisingen en overgangen naar bruggen). De situatietekeningen van bovenstaande locaties zijn opgenomen in Bijlage 1 van deze RIB.
Pagina 2 van 5
2) Kosten en besparingen Bijplaatsen Het bijplaatsen van verlichting brengt incidentele en structurele kosten met zich mee. Incidentele kosten betreft de aanleg van de verlichting en structurele kosten zijn met name de kosten voor energieverbruik. De potentiële locaties voor verlichting bij te plaatsen staan aangegeven onder punt 1 van deze RIB. Doordat deze locaties in het buitengebied liggen zijn hier doorgaans geen kabels en leidingen aanwezig en ontstaan er conflicten met de ruimtelijke inpassing van het gebied (bijvoorbeeld een bomenlaan). Hierdoor is het kosten- en uitvoeringstechnisch niet interessant om verlichting op vast stroomnet te plaatsen. Een mogelijk alternatief voor deze locaties is het plaatsen van zonnemasten; openbare verlichting op zonne-energie.
Afbeelding: LED verlichting op zonne-energie (Bron: Leds go for the best)
Het toepassen van zonnemasten kost per mast inclusief plaatsing € 5.000. Dit betekent per locatie een investering van: Linne, Steegweg: € 5.000 Beegden, Oosderweg: € 5.000 Thorn, Heerbaan: € 25.000 Totaal € 35.000 Doordat deze oplossing verlichting op zonne-energie betreft zijn er geen structurele kosten voor energieverbruik. Wel brengt areaaluitbreiding altijd extra kosten in beheer en onderhoud met zich mee. Verwijderen Het verwijderen van openbare verlichting brengt incidentele kosten met zich mee, maar levert ook structurele besparingen op. Incidentele kosten betreft het verwijderen van de verlichting zelf. De structurele besparingen worden behaald door het elimineren van energiekosten en door vermindering in beheer en onderhoud. Voor het verwijderen van één lichtmast moet gerekend worden op € 500. Voor het verwijderen van alle 143 lichtmasten die opgenomen zijn onder punt 1, betekent dit een eenmalige totale kostenpost van € 71.500. Indien deze lichtmasten verwijderd worden levert dit een jaarlijkse besparing van 24.900 kWh op. Wanneer wordt uitgegaan van de huidige energietarieven (2023) en het huidig areaal betekent dit een besparing van ongeveer € 7.400 per jaar. Dit bedrag is exclusief energiebelasting. Ook bespaart de gemeente op aansluitkosten. Per jaar betaalt de gemeente aan de netbeheerder € 9,14 per lichtmast (tarief 2023).
Het verwijderen van 143 lichtmasten bespaart hiermee circa € 1.300 per jaar. Totaal wordt het met het verwijderen van deze lichtmasten € 8.700 per jaar aan energie- en netwerkkosten bespaard. De terugverdientijd van de verwijderingskosten bedraagt ruim 8 jaar als gerekend wordt met huidige energietarieven en het huidig areaal. Hierbij is geen rekening gehouden met dalende energietarieven voor 2024 en complete verledding van het areaal. Indien hier wel rekening mee wordt gehouden dan loopt de terugverdientijd op naar ruim 25 jaar. Indien er in de toekomst gewerkt gaat worden met slimme verlichting en dynamische dimregimes, loopt deze terugverdientijd nog verder op.
Pagina 3 van 5
3) Conclusie bijplaatsen en verwijderen verlichting Bijplaatsen Aan het bijplaatsen van openbare verlichting in het buitengebied op de locaties Steegweg (Linne), Oosderweg (Beegden) en Heerbaan (Thorn) wordt geen invulling gegeven. Hiervoor zijn diverse redenen te benoemen. Indien de beslisboom vanuit de NPR gevolgd worden zonder uitzonderingslocaties toe te wijzen, behoeven de aangegeven locaties geen verlichting. Enkel omdat deze zijn aangewezen als ‘frequent gebruikt’ zijn deze locaties naar voor gekomen in deze analyse. Ook vanuit de verschillende ambtelijke disciplines is er geen noodzaak om verlichting bij te plaatsen op de aangegeven locaties in het buitengebied. In het buitengebied worden verschillende conflicten verwacht met de inpassing in de openbare ruimte, met name met groen. Zo is er voor zonnemasten daglicht nodig om te kunnen opladen, dit kan sterk worden gehinderd door omringende bomen. Ook staan er op sommige plekken bomen (vlakbij) waar normaal de verlichting zou worden geplaatst, waardoor er een alternatieve plek moet worden gezocht. Het plaatsen van verlichting op vast stroomnet is uitvoerings- en kostentechnisch ook niet reëel. In het vastgesteld beleid geldt in het buitengebied de regel ‘Niet verlichten, tenzij…’. Ook in het nieuwe beleidsplan voor periode 2024-2028 blijft deze regel gehandhaafd.
Indien het bijplaatsen van verlichting wenselijk wordt geacht, dan verzoeken wij om een bedrag van € 35.000 beschikbaar te stellen voor de uitvoering hiervan. Het beschikbaar stellen van een bedrag is mogelijk bij vaststelling van het Beleidsplan Openbare Verlichting 2024-2028 (november 2023) door het indienen van een amendement. Kanttekening hierbij is wel dat er geen garantie kan worden gegeven op de technische uitvoerbaarheid. Verwijderen Het reduceren van openbare verlichting draagt bij aan onze energiebesparingsdoelstellingen (Energieakkoord), doelstellingen vanuit de Global Goals en duurzaamheidsdoelstellingen uit het coalitieakkoord. Ook sluit dit aan bij de regel ‘Niet verlichten, tenzij…’ uit het vastgesteld openbare verlichting beleid. Zodoende wordt positief geadviseerd op het verwijderen van openbare verlichting in het buitengebied. Kanttekening hierbij is wel dat er vooraf onderzocht moet worden of het verwijderen van de verlichting geen negatieve impact heeft op leefbaarheid en sociale en verkeersveiligheid. Om de wenselijkheid van verlichting verwijderen te onderzoeken, gaan we in de komende beleidsperiode pilots uitvoeren op de aangegeven locaties. In deze pilots wordt geëxperimenteerd met het toepassen van verschillende dimregimes, tot en met het volledig uitzetten van verlichting op bepaalde locaties (in bepaalde periodes).
Aan de hand van de resultaten kunnen verschillende keuzes worden gemaakt: - Verlichting verwijderen na einde pilot - Verlichting verwijderen nadat deze hun einde levensduur hebben bereikt - Verlichting laten staan, maar met aangepast dimregime - Verlichting laten staan, onaangepast De locaties worden in het nieuwe beleidsplan in de bijlage opgenomen als onderzoekslocaties voor verwijderen van verlichting.
Pagina 4 van 5
Vleermuisvriendelijke verlichting in het buitengebied In het nieuwe beleidsplan wordt opgenomen dat er vleermuisvriendelijke verlichting wordt toegepast in het buitengebied. Dit type verlichting is amberkleurig in tegenstelling tot de standaard witte verlichting.
Afbeelding: Vleermuisvriendelijke LED verlichting t.o.v. witte LED verlichting (Bron: Leds go for the best)
Vleermuisvriendelijke verlichting in het buitengebied wordt als criterium meegenomen in de aanbesteding van onze verleddingsopgave. Deze opgave vloeit voort uit amendement 32 op de Programmabegroting 2023. De voorbereiding van de aanbesteding is momenteel volop bezig zodat de verledding in 2024 kan plaatsvinden. Omdat het toepassen van vleermuisvriendelijke verlichting een nieuwe beleidskeuze is, maar het Beleidsplan Openbare Verlichting 2024-2028 pas in november 2023 in de raad verschijnt, wordt de raad nu al over deze keuze geïnformeerd. De voornaamste reden voor het toepassen van deze verlichting is dat deze veel minder verstoring vormt voor de aanwezige fauna zoals vleermuizen en insecten. Ook heeft deze verlichting een positief effect op zoogdieren zoals egels, muizen, dassen en nachtactieve vogels zoals uilen. Dit bevordert de biodiversiteit in ons buitengebied en de gezondheid van het ecosysteem als geheel. Amberkleurige verlichting heeft geen nadelige effecten op mensen en er is minder sprake van lichtvervuiling. Door deze verlichting toe te passen leveren we een grote bijdrage aan Global Goal 15 ‘Leven op het land’. Het toepassen van vleermuisvriendelijke verlichting heeft geen negatieve financiële gevolgen ten opzichte van het verledden met witte verlichting. Op plaatsen die al verled zijn in het buitengebied, blijft de bestaande (witte) verlichting gehandhaafd.
Na afschrijving van de armatuur zal ook deze worden vervangen door vleermuisvriendelijke ledverlichting. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Maasgouw, De secretaris,
De burgemeester,
C.M. Keersmaekers
S.H.M. Strous
Pagina 5 van 5