GBB rappport brandveiligheid
Tekst van het document
Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne 9 oktober 2024
Opdrachtgever:
Gemeente Maasgouw Postbus 7000 6050 AA Maasbracht
Betreft:
Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne
Projectnummer:
24 338 JO
Documentdatum:
9 oktober 2024
Adviseur:
GBB B.V. Lindenplein 1 6225 EP Maastricht
Contactpersoon adviseur:
Job Hennissen
GBB B.V.
| Lindenplein 1 - 6225 EP Maastricht | 043-363 3593 | info@gbbmaastricht.nl |
Pagina 2
Inhoudsopgave
1
Inleiding
4
2
Uitgangspunten
4
3 Eisen Besluit Bouwwerken Leefomgeving 3.1 Brandcompartimentering 3.2 Vluchten 3.3 Uitvoering deuren 3.4 Materiaaltoepassing 3.5 Constructieve brandwerendheid 3.6 Blusmiddelen 3.7 Noodverlichting en vluchtrouteaanduiding 3.8 Branddetectie en alarmering 3.9 Omgevingsvergunning bouwen en melding brandveilig gebruik 3.10 Opname op locatie
6 6 8 10 10 11 11 12 13 14 14
Bijlage A: Tekeningen Bijlage B: Fotorapportage
GBB B.V.
| Lindenplein 1 - 6225 EP Maastricht | 043-363 3593 | info@gbbmaastricht.nl |
Pagina 3
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
9-10-2024
1 Inleiding Gemeente Maasgouw is aan het onderzoeken om het gebouw Harmoniezaal Linne gelegen aan de Grotestraat 9 te Linne te gaan overnemen. De locatie zal in dit geval in gebruik genomen worden als gemeenschapsgebouw. Om de huidige staat van het gebouw vast te stellen zijn er diverse onderzoeken uitgevoerd in het gebouw. Ook de huidige staat van de brandveiligheid zal gecontroleerd worden. GBB is door Gemeente Maasgouw benaderd om het gebouw te beoordelen aan de brandveiligheidseisen uit het Besluit bouwwerken leefomgeving. In onderhavige rapportage is deze beoordeling uitgewerkt. Eventuele tekortkomingen zullen worden omschreven.
Figuur 1:
Harmoniezaal Linne
2 Uitgangspunten Uitgangspunten gebouw: De Harmoniezaal met bijbehorend café is gelegen aan Grotestraat 9 te Linne. In totaal zijn er in het gebouw drie bouwlagen aanwezig, namelijk kelder tot en met de eerste verdieping. Op de begane grond zijn de ruimtes voor het toekomstige gemeenschapsgebouw aanwezig, zoals een café, een keuken, een kleine zaal en een grote zaal. Op de eerste verdieping is de voormalig bedrijfswoning gelegen die in gebruik genomen gaat worden als opslagruimte. Daarnaast is er op deze verdieping nog een vergaderruimte gelegen. De kelder is eveneens een opslagruimte. In onderstaande tabel zijn de gebruiksfuncties weergegeven waaraan getoetst is in deze rapportage. Tabel 1:
aanwezige gebruiksfuncties
Ruimten
Gebruiksfunctie
Kelder, opslag voormalige woning
Overige gebruiksfunctie
Café, kleine zaal, grote zaal
Bijeenkomstfunctie
Keuken
Industriefunctie
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
9-10-2024
Voor het opstellen van dit brandveiligheidsadvies zijn de ontvangen oorspronkelijke tekeningen van het gebouw gebruikt, zoals bijgevoegd in bijlage A. Het is onduidelijk of deze tekeningen de laatste vergunningstekeningen zijn. De tekeningen komen niet overeen met de bestaande situatie. Uitgangspunten kwaliteitsniveau: Het gebouw is getoetst aan de brandveiligheidseisen uit het Besluit bouwwerken leefomgeving (hierna Bbl). Als kwaliteitsniveau zal in eerste instantie Bbl bestaande bouw aangehouden worden. Dit betreft het minimale kwaliteitsniveau waaraan alle gebouwen in Nederland moeten voldoen. Indien in de bestaande situatie een hoger kwaliteitsniveau aanwezig is, dient dit kwaliteitsniveau als rechtens verkregen niveau gehanteerd te worden (met als bovengrens kwaliteitsniveau nieuwbouw). Het is niet toegestaan het rechtens verkregen niveau te verslechteren. Indien een brandscheiding dient te worden aangepast anders dan het plegen van onderhoud, mag niet bestaande bouw uitgangspunt zijn maar dient het specifiek verbouwniveau als opgenomen in Besluit Bouwwerken Leefomgeving hoofdstuk 5 te worden toegepast. Dit geldt ook bij grootschalige renovatie van een gebouw. Dit wil bijvoorbeeld zeggen dat in dat geval de te vernieuwen constructieonderdelen een WBDBO van 30 minuten in plaats van 20 minuten (Besluit Bouwwerken Leefomgeving bestaande bouw) dienen te krijgen.
Daarnaast kunnen aanvullende WRD-eisen gaan gelden bij te vernieuwen constructieonderdelen tussen woningen en de vluchtroute met een status. Voor de vluchtveiligheid wordt Bbl nieuwbouw als uitgangspunt gehanteerd. Waar hiervan wordt afgeweken, zal dit in de rapportage vermeld worden. Ten aanzien van de aanwezigheid van installaties (denk aan noodverlichting, zelfsluitende deuren, vluchtrouteaanduiding, brandmeld- en ontruimingsinstallatie) zullen de regels conform Bbl nieuwbouw gehanteerd worden. Aangezien weinig bestaande (vergunnings)tekeningen beschikbaar zijn welke overeenkomen met de bestaande situatie, is het niet met zekerheid vast te stellen welk niveau als rechtens verkregen niveau aangehouden dient te worden. En welke brandwerende voorziening dus zijn vergund en dus gerealiseerd moeten zijn. In deze rapportage wordt het niveau beschreven wat is bepaald aan de hand van de ontvangen informatie en het bezoek op locatie.
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
9-10-2024
3 Eisen Besluit Bouwwerken Leefomgeving 3.1 Brandcompartimentering Omvang (beschermde sub)brandcompartimenten: Een besloten ruimte moet in een brandcompartiment liggen. Een brandcompartiment mag niet op meer dan één bouwwerkperceel liggen. In afwijking daarvan geldt dat een toiletruimte of badruimte niet in een brandcompartiment hoeven te liggen. Een technische ruimte groter dan 100 m² dient als separaat brandcompartiment uitgevoerd te worden en een stookruimte (nominale belasting > 160 kW) moet in een brandcompartiment liggen. In het gebouw zijn technische ruimtes aanwezig. De technische ruimte zijn kleiner dan 100 m², waarmee ze niet in een separaat brandcompartiment hoeven te liggen. Wel zijn ze gelegen binnen een regulier brandcompartiment. In de bestaande situatie (conform ontvangen tekeningen) is het gebouw opgedeeld in twee brandcompartimenten. De begane grond inclusief vergaderzaal op de eerste verdieping vormt een brandcompartiment van circa 1.120 m² en de voormalige bovenwoning op de eerste verdieping betreft een tweede brandcompartiment van circa 170 m². De verwachting is dat het gebouw op de begane grond in de bestaande toestand niet is opgedeeld in meerdere brandcompartimenten (dit aan de hand van het bezoek op locatie). Het rechtens verkregen niveau is in de onderhavige situatie derhalve een brandcompartiment van circa 1.120 m².
Hiermee wordt ruimschoots voldaan aan de eisen voor Bbl bestaande bouw (2.000 m²) en net niet aan de nieuwbouw-eisen (1.000 m²). Het rechtens verkregen niveau van 1.120 m² is het te hanteren kwaliteitsniveau en mag niet worden verslechterd. Met andere woorden, het brandcompartiment mag niet groter worden, enkel kleiner of hetzelfde blijven. Tijdens de opname op locatie is gebleken dat de brandscheiding tussen de beide brandcompartimenten niet correct is uitgevoerd/ niet in orde is. De voormalige woning bij het brandcompartiment van het gemeenschapsgebouw betrekken is niet toegestaan, aangezien dit een verslechtering van het rechtens verkregen niveau betekend (vergroting van het brandcompartiment). Deze brandscheiding alsnog brandwerend uitvoeren is echter geen eenvoudige opgave en neemt diverse werkzaamheden met zich mee die uitgevoerd moeten worden. Geadviseerd wordt derhalve om de brandscheiding te verplaatsen naar de scheiding tussen de grote zaal en de rest van het gebouw. Deze wand is grotendeels gesloten en is derhalve relatief eenvoudig brandwerend uit te voeren. Daarnaast lijkt de grote zaal (tijdens de visuele controle) uitgevoerd als een separate constructie van de rest van het gebouw. Door het brandwerend uitvoeren van deze wand, ontstaan er twee nieuwe brandcompartimenten welke beide kleiner zijn dan het rechtens verkregen niveau.
Hiermee wordt voldaan aan de gestelde eisen voor de omvang van de brandcompartimentering. Om met zekerheid te kunnen bepalen of de aangegeven nieuwe brandscheiding gerealiseerd kan worden, is aanvullend onderzoek noodzakelijk. Door een constructeur dient beoordeeld te worden of e.e.a. constructief mogelijk is. Daarnaast zal beoordeeld moeten worden welke aanpassingen aan de wand, openingen in de wand (deuren, et cetera) en doorvoeren van leidingen, kabels en kanalen gedaan moeten worden. NB Aangezien er een wijziging van de brandcompartimentering wordt doorgevoerd, moet in dit geval wel een omgevingsvergunning bouwen aangevraagd worden.
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
9-10-2024
Brandoverslag (NEN 6068): Brandoverslag ten opzichte van de perceelsgrens dient bepaald te worden tussen het gebouw en hetzelfde gebouw enkel geprojecteerd spiegelsymmetrisch ten opzichte van de perceelsgrens. Diverse gevels van het gebouw zijn gelegen op de perceelsgrens. Deze dienen derhalve brandwerend uitgevoerd te zijn. Ter plaatse van de nieuw te realiseren brandscheiding is een brandoverslagtraject aanwezig tussen het dak van de grote zaal en de opgaande gevel van het naastgelegen gebouwdeel. Aangezien de gevel van het naastgelegen gebouwdeel een volledig gesloten steenachtige gevel betreft, zal brandoverslag niet plaatsvinden. Weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag: De eis voor de weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag (WBDBO) tussen een brandcompartiment en een ander brandcompartiment, of tussen een brandcompartiment en een extra beschermde vluchtroute moet minimaal 20 minuten bedragen conform de bestaande bouw-eisen. Indien onderdelen worden vernieuwd of aangepast, anders dan het plegen van regulier onderhoud, dient 30 minuten WBDBO gerealiseerd te worden op basis van Bbl artikel 5.13. In de onderhavige situatie dient de te realiseren brandscheiding 30 minuten brandwerend uitgevoerd te worden. De WBDBO-eisen/vereiste brandwerendheden zijn weergegeven in bijlage A.
Tekortkomingen ten aanzien van de brandcompartimentering (zowel branddoorslag als brandoverslag) zijn in bijlage B terug te vinden. Indien deze tekortkomingen worden opgelost kan worden voldaan aan de gestelde eisen in het Besluit Bouwwerken Leefomgeving. NEN 6069: Indien in deze rapportage WBDBO/brandwerendheid is genoemd geldt dat de WBDBO/brandwerendheid bepaald moet worden conform de NEN 6069. Dit betekent dat de toetscriteria per constructieonderdeel bepaald moeten worden. De verschillende criteria conform NEN 6069 zijn: R = bezwijken E = vlamdichtheid
I = temperatuur W = warmtestraling
In tabel 1 zijn de meest voorkomende typen constructieonderdelen en de hierbij vereiste criteria weergegeven.
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
Tabel 2:
Vereiste criteria brandscheidingen (lijst niet limitatief)
Type constructieonderdeel Wanden (algemeen) Vloeren (algemeen) Wanden tussen brandcompartiment en extra beschermde vluchtroute Deuren Zijlichten breedte maximaal 1,5 m (voor zover niet gelegen in scheiding tussen brandcompartiment en extra beschermde vluchtroute) Zijlichten breedte > 1,5 m (voor zover niet gelegen in scheiding tussen brandcompartiment en extra beschermde vluchtroute) Zijlichten in wanden tussen brandcompartiment en extra beschermde vluchtroute Gevels in inwendige hoeksituaties (binnen 1 m afstand) Gevels vert. brandoverslag in 2 richtingen brandwerend Afschottingen Schachtluiken en vloerluiken Doorvoeringen
9-10-2024
Vereiste criteria (R)EI REI (R)EW EW EW + EI2 15 EI EW (R)EI Bu-bi EW | bi-bu E (R)EI EI2 EI
Weerstand tegen rookdoorgang (WRD): In het Besluit Bouwwerken Leefomgeving zijn ook eisen ten aanzien van de weerstand tegen rookdoorgang (WRD-eisen) beschreven. Aangezien sprake is van een bestaand gebouw zijn er geen rookwerendheidseisen van toepassing in de onderhavige situatie.
3.2 Vluchten Ten aanzien van vluchtveiligheid wordt gestreefd zoveel als mogelijk het nieuwbouwniveau uit het Bbl te hanteren. Daar waar dit niet mogelijk is, zal dit in de rapportage worden benoemd. Op ieder punt van een voor personen bestemd gedeelte van de vloer moet een vluchtroute beginnen die leidt naar het aansluitende terrein en van daaruit naar de openbare weg. Indien binnen een maximale loopafstand van 30 meter en het te overbruggen hoogteverschil van 4 meter ten minste één uitgang van een subbrandcompartiment bereikt wordt, wordt voldaan aan het kwaliteitsniveau nieuwbouw. Voor het onderhavige gebouw geldt dat vanaf alle ruimtes op de begane grond en eerste verdieping binnen de loopafstand van 30 meter de uitgang van het subbrandcompartiment bereikt kunnen worden. Dit geldt ook voor de kelder. De subbrandcompartimenten hebben alle meerdere vluchtroutes welke rechtstreeks grenzen aan het aansluitende terrein en de openbare weg of waarmee naar het andere subbrandcompartiment gevlucht kan worden en vervolgens het aansluitende terrein. Hiermee wordt voldaan aan de gestelde eisen ten aanzien van vluchtveiligheid. Inrichting/capaciteit vluchtroutes: Algemeen geldt dat een vluchtroute een vrije doorgang dient te bezitten met een breedte van ten minste 850 mm en hoogte van tenminste 2.300 mm.
Anders is dit voor trap waarbij geldt dat deze een minimale breedte van 800 mm en een vrije hoogte van ten miste 2.100 mm dient te bezitten. Dit betreffen de nieuwbouw-eisen. Conform Bbl bestaande bouw dient een
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
9-10-2024
vrije doorgang aanwezig te zijn van 500 mm breedte en 1.700 mm hoogte. Bij een trap dient een breedte van 700 mm aanwezig te zijn. Indien in het bestaande gebouw niet wordt voldaan aan de nieuwbouw-eisen, maar wel aan de eisen voor bestaande gebouwen is dit akkoord mits de bestaande situatie niet wordt verslechterd. Waar mogelijk wordt geadviseerd de nieuwbouw-eisen te hanteren. In tabel 3 is een overzicht van de aan te houden capaciteiten gegeven per type doorgang. Tabel 3:
aan te houden capaciteiten vluchtdeuren, trappen en gangen
Type doorgang
Doorstroomcapaciteit
Ruimten
90 personen/m1(/minuut)
Trappen
Deuren
Hoogteverschil < 1 m
90 personen/m1(/minuut)
Hoogteverschil > 1m
45 personen/m1(/minuut)
Deuren met draairichting tegen de vluchtrichting in Dubbele deur of vergelijkbaar met maximale openingshoek < 135 graden Enkele deur of vergelijkbaar met maximale openingshoek < 135 graden Overige doorgangen
37 personen per deur 90 personen/m1(/minuut) 110 personen/m1(/minuut) 135 personen/m1(/minuut)
Bij de bepaling van de doorstroomcapaciteit dient uitgegaan te worden van de nette vrije breedte (ofwel doorgang). In onderstaande figuur is dit verduidelijkt.
Figuur 2:
doorstroomcapaciteiten deuren
Op de tekeningen in bijlage A zijn voor verschillende vluchtroutes de maximale personenaantallen aangegeven. Voor de dubbele deuren met één draaiend en één vast deel is dit ook aangehouden bij het bepalen van de maximale personenaantallen per deur. Uitgegaan is van de op de ontvangen tekeningen aangegeven maten. Op de tekeningen zijn ook de maximale personenaantallen aangegeven in het café, de grote zaal en de kleine zaal. Hierbij is niet uitgegaan van gelijktijdig gebruik van de verschillende ruimtes bij volledige bezetting. Geadviseerd wordt om de capaciteit van de vluchtroutes nader te controleren nadat de nieuwe situatie bekend is evenals de gewenste personenaantallen per ruimte. Hierbij gaat het om de bezetting van gelijktijdig gebruik van de ruimtes en maximale bezetting bij niet gelijktijdig gebruik van de ruimtes. In dit geval dient de werkelijk breedte van de deuren nader gecontroleerd te worden.
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
9-10-2024
3.3 Uitvoering deuren Zelfsluitend bij brand: Een beweegbaar constructieonderdeel welke is gelegen in een inwendige scheidingsconstructie binnen het gebouw waarvoor een WBD(BO)-eis geldt, dient zelfsluitend uitgevoerd te worden. Bovengenoemde eis geldt niet voor een brandwerend beweegbaar constructieonderdeel in een buitengevel. De deuren welke zijn gelegen in de brandscheiding tussen de grote zaal en het naastgelegen gebouwdeel dienen zelfsluitend uitgevoerd te worden. Uitvoering vluchtdeuren: Deuren die zijn bestemd voor veilige ontvluchting moeten bij aanwezigheid van personen in het gebouw in de vluchtrichting geopend kunnen worden zonder dat daarbij gebruik gemaakt moet worden van losse voorwerpen, waaronder bijvoorbeeld sleutels. Indien het wenselijk is om bepaalde vluchtdeuren in de reguliere situatie te vergrendelen dienen deze voorzien te zijn van de mogelijkheid om bij brand of een andere calamiteit de deur te ontgrendelen/openen. Als deze deuren door maximaal 100 personen worden gebruikt kunnen bijvoorbeeld groene drukknoppen worden toegepast of een draaiknopcilinder. Een deur waarop bij het vluchten meer dan 100 personen zijn aangewezen moet geopend kunnen worden door een lichte druk tegen de deur of een lichte druk tegen een op circa 1 m¹ boven de vloer (over de volle breedte van de deur) aangebrachte panieksluiting (NENEN 1125).
Voor automatisch werkende deuren (bv. schuifdeuren) is slechts een functionele eis opgenomen. Een automatisch werkende deur (en een voorziening voor toegangs- of uitgangscontrole) mag het vluchten niet belemmeren. Uiteraard mag de vluchtroute/vluchtdeur niet worden geblokkeerd door obstakels (opslag of inventaris) en dient de vereiste doorgangsbreedte vrijgehouden te worden. 3.4 Materiaaltoepassing Interieur: In alle ruimten mogen geen materialen aanwezig zijn (wanden en plafond) die niet voldoen aan de minimale brandklasse 4 of D, bepaald overeenkomstig respectievelijk NEN 6065 en NEN-EN 13501-1. De materialen dienen tevens een rookproductie hebben van maximaal 10 m-1 of een rookklasse s2, bepaald overeenkomstig respectievelijk NEN 6066 en NEN-EN 13501-1. Voor de vloeren geldt dat deze minimaal dienen te voldoen aan brandklasse T3 of Dfl (respectievelijk NEN 1775 en NEN-EN 13501-1) en een rookproductie van 10 m-1 of rookklasse s1fl (respectievelijk NEN 6066 en NEN-EN 13501-1) Indien er nieuwe elektrische leidingen of pijpisolatie wordt aangebracht die grenzen aan de binnenlucht wordt geadviseerd de nieuwbouw-eisen uit het Bbl aan te houden. Elektrische leidingen moeten dan minimaal voldoen aan brandklasse Dca met een rookklasse van s2(ca), beide conform NEN 13501-6. Pijpisolatie moet minimaal voldoen aan brandklasse DL met rookklasse s2(L), beide conform NEN 13501-1.
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
9-10-2024
Ten hoogste 5% van de totale oppervlakte per ruimte is vrijgesteld van bovenstaande voorschriften. Exterieur: Voor de materialen waaruit de buitenzijde van de gevel is opgebouwd geldt dat deze alle dienen te voldoen aan de basiseis brandklasse D uit het Bbl. Deze eis is niet van toepassing op ramen, kozijnen en deuren. Deze constructieonderdelen dienen minimaal te voldoen aan de materiaalklasse D. Nieuw aan te brengen elektrische leidingen die grenzen aan de buitenlucht moeten voldoen brandklasse Dca conform NEN-EN 13501-6 en pijpisolatie moet voldoen aan brandklasse DL conform NEN-EN 13501-1. 5% van het oppervlak is vrijgesteld van de eisen gesteld aan de brandvoortplantingsklasse. Eventuele tekortkomingen ten aanzien van materiaalgebruik zijn in bijlage B aangegeven.
3.5 Constructieve brandwerendheid Voor het bestaande gebouw zijn er geen aanvullende eisen van toepassing voor de weerstand tegen bezwijken van de bouwconstructie bij brand in een brandcompartiment waarin de bouwconstructie niet ligt. Dit aangezien geen vloer van een gebruiksgebied hoger is gelegen dan 5 meter boven meetniveau. Wel moeten de brandwerend uit te voeren wanden (brandscheiding grote zaal en buitenwanden ter plaatse van de perceelsgrenzen) gedurende het aangegeven aantal minuten in stand blijven. Dit geldt ook voor de constructieonderdelen die deze wand overeind houden. Door een constructeur dient nader onderzocht te worden of de aangegeven inwendige brandscheiding constructief ook als brandscheiding aangemerkt kan worden.
3.6 Blusmiddelen Droge blusleiding (cf. NEN 1594): Een droge blusleiding is niet noodzakelijk op basis van het hoogtecriterium. Dit aangezien de hoogst gelegen vloer van een verblijfsgebied lager ligt dan 20 meter boven meetniveau. Ook op basis van de inzetdiepte van de brandweer wordt niet verwacht dat een droge blusleiding noodzakelijk is binnen het gebouw. In de bestaande situatie blijkt derhalve ook geen droge blusleiding aanwezig te zijn. Brandslanghaspels en draagbare blusmiddelen: Een bijeenkomstfunctie met een gebruiksoppervlakte van meer dan 500 m² dient voorzien te zijn van één of meer brandslanghaspels welke een dekkend patroon vormen. In de bestaande situatie zijn twee brandslanghaspels met een slanglengte van 20 meter aanwezig binnen de bijeenkomstfunctie (in grote zaal en café). Deze brandslanghaspels dienen gehandhaafd te blijven. Aangezien de brandslanghaspel geen dekkend patroon verzorgd, wordt geadviseerd aanvullend mobiele blustoestellen te voorzien.
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
9-10-2024
De statische druk van een brandslanghaspel mag niet minder dan 100 kPa bedragen. De capaciteit dient ten minste 1,3 m³/h te bedragen bij gelijktijdig gebruik van twee brandslanghaspels, die zijn aangesloten op dezelfde voorziening voor drinkwater. In bijlage A zijn de locaties van de benodigde blusmiddelen weergegeven. Alle blusmiddelen dienen duidelijk zichtbaar te worden opgehangen of gemarkeerd met een pictogram conform NEN 3011.
3.7 Noodverlichting en vluchtrouteaanduiding Noodverlichting (cf. NEN 1838): Conform het Bbl is noodverlichting vereist is in de navolgende ruimten binnen het gebouw: Een verblijfsruimte voor meer dan 75 personen en een besloten ruimte waardoor een vluchtroute uit die verblijfsruimte voert; Een besloten ruimte waardoor een extra beschermde vluchtroute voert. Noodverlichting dient na het uitvallen van de reguliere voorziening voor elektriciteit de noodverlichtingsinstallatie binnen 15 seconden gedurende minimaal 60 minuten een verlichtingssterkte te geven van ten minste 1 lux op vloerniveau. Op de tekeningen in bijlage A zijn de ruimtes welke voorzien dienen te worden van noodverlichting aangegeven. In de bestaande situatie is noodverlichting geconstateerd in onder andere de grote zaal. In de nieuwe situatie dienen de op de plattegronden in bijlage A aangegeven ruimtes ten minste voorzien te worden van noodverlichting. De bestaande armaturen dienen gehandhaafd en onderhouden te worden en indien defect vervangen. Door een installateur dient het aantal noodverlichtingsarmaturen en de exacte locatie van deze armaturen binnen de aangegeven ruimtes nader bepaald te worden. Vluchtrouteaanduiding (nieuw cf. NEN 3011, bestaand cf. NEN 6088): Een ruimte waardoor een verkeersroute voert en een ruimte welke bestemd is voor meer dan 50 personen moet voorzien zijn van vluchtrouteaanduiding.
De vluchtrouteaanduiding dient op een duidelijk waarneembare plaats aangebracht te worden. De vluchtrouteaanduiding dient aangebracht te worden conform de zichtbaarheidseisen van NEN-EN 1838 (artikelen 5.2 tot en met 5.6). Na het uitvallen van de reguliere voorziening voor elektriciteit moet de vluchtrouteaanduiding binnen 15 seconden gedurende minimaal 60 minuten aan de vermelde zichtbaarheidseisen voldoen. Op de tekeningen in bijlage A is de aanwezige vluchtrouteaanduiding weergegeven. In de bestaande situatie is voldoende vluchtrouteaanduiding aanwezig om te kunnen voldoen aan de gestelde eisen.
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
9-10-2024
3.8 Branddetectie en alarmering Voor de brandmeld- en ontruimingsalarminstallatie dienen de overeenkomstige voorschriften als opgenomen in het Bbl gehanteerd te worden. Brandmeldinstallatie (NEN 2535): Conform bijlage II van het Bbl is een brandmeldinstallatie conform NEN 2535 met gedeeltelijke bewaking voorgeschreven in het onderhavig gebouw. Dit aangezien meer dan 1.000 m² aan bijeenkomstfunctie aanwezig is in het gebouw. De installatie dient voorzien te zijn van een geldig inspectiecertificaat. Doormelding naar de RAC is niet voorgeschreven. In Bbl zijn regels opgenomen indien vanaf de uitgang van een verblijfsruimte sprake is van slechts één vluchtroute (doodlopend eind). Indien vanaf een verblijfsruimte slechts in één richting kan worden gevlucht, dient de ruimte waardoor gevlucht wordt inclusief alle aangrenzende ruimten voorzien te worden van een brandmeldinstallatie met ruimtebewaking als bedoeld in NEN 2535: 1. De loopafstand tussen de uitgang van een verblijfsruimte en het punt van waaruit in meer dan één richting kan worden gevlucht meer dan 10 m¹ is; 2. De totale vloeroppervlakte van de ruimten waardoor die enkele vluchtroute voert alsmede van de daarop aangewezen verblijfsruimten meer dan 200 m² is, of 3. Het aantal aan de enkele vluchtroute gelegen verblijfsruimten meer dan twee is. Voor de ruimtes op de eerste verdieping is maar één vluchtroute aanwezig.
Echter aangezien de voormalige bedrijfswoning als opslag in gebruik genomen gaat worden en daarmee geen verblijfsruimten meer bevat is op de verdieping enkel de vergaderruimte gelegen. Bovenstaande randvoorwaarden worden niet overschreden waarmee geen sprake is van een doodlopende eind en de bijbehorende ruimtebewaking. Daar een brandmeldinstallatie vereist is dient tevens een ontruimingsplan voor het gebouw opgesteld te worden. Ontruimingsalarminstallatie (NEN 2575): Naast een brandmeldinstallatie conform NEN 2535 dient eveneens voorzien te worden in een ontruimingsalarminstallatie conform NEN 2575. Een ontruimingsalarminstallatie met luid alarm type B (slow whoop signaal) moet worden voorzien in het gebouw. Bestaande situatie: In de bestaande situatie is in het gebouw een brandmeldinstallatie aanwezig met zowel automatische melders als handbrandmelders. De exacte omvang van de brandmeldinstallatie is momenteel onbekend. Dit dient nader bekeken te worden aan de hand van het bestaande programma van eisen. De brandmeldinstallatie en ontruimingsalarminstallatie (met minimaal gedeeltelijke bewaking cf. NEN 2535) dient gehandhaafd en onderhouden te worden. Naast de brandmeldinstallatie is er in het gebouw een ontruimingsalarminstallatie met luid alarm type B aanwezig. Deze installatie eveneens handhaven en onderhouden.
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
9-10-2024
3.9 Omgevingsvergunning bouwen en melding brandveilig gebruik Indien de brandcompartimentering conform deze rapportage wordt uitgevoerd, wordt een wijziging van de brandcompartimentering gedaan ten opzichte van de bestaande situatie. Hiervoor dient een omgevingsvergunning bouwen aangevraagd te worden. Voor het gebouw is een melding brandveilig gebruik verplicht daar meer dan 50 personen tegelijk aanwezig kunnen zijn in het gebouw (eis bijeenkomstfunctie). Voor de nieuwe situatie dient door de nieuwe eigenaar van het gebouw een nieuwe melding brandveilig gebruik aangevraagd te worden. 3.10 Opname op locatie Tijdens het bezoek ter plaatse is het gebouw visueel beoordeeld. Aan de hand van deze opname is de bestaande situatie beoordeeld aan de geldende brandveiligheidseisen. In bijlage B is een fotorapportage toegevoegd met geconstateerde tekortkomingen en aandachtspunten met betrekking tot brandveiligheid. Nadrukkelijk dient te worden opgemerkt dat het geen 100%-opname is. Er kunnen derhalve situaties aanwezig zijn waar eventuele gebreken niet zichtbaar zijn bij de visuele opname en derhalve niet zijn beschreven in de rapportage.
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
Bijlage A: Tekeningen
9-10-2024
24 m
Dubbele deur: 2x draaiend deel Vluchtcapaciteit: 2,2m * 90 = 198 pers.
Maximale bezetting: 198 pers. (excl. zaal)
Grote zaal
24 m
14
m
Maximale bezetting: 594 pers. (excl. podium)
Dubbele deur: 2x draaiend deel
Dubbele deur: 2x draaiend deel
Vluchtcapaciteit: 2,2m * 90 = 198 pers.
Vluchtcapaciteit: 2,2m * 90 = 198 pers.
18 m
Dubbele deur: 2x draaiend deel
Entreeruimte
25 m
Vluchtcapaciteit: 2,2m * 90 = 198 pers.
Dubbele deur: 2x draaiend deel Vluchtcapaciteit: 2,2m * 90 = 198 pers.
20
Dubbele deur: 2x draaiend deel Vluchtcapaciteit: 2,2m * 90 = 198 pers.
Enkele deur: 1x draaiend deel Vluchtcapaciteit: 0,9m * 110 = 99 pers. Dubbele deur: 2x draaiend deel
Gang
Vluchtcapaciteit: 2,2m * 90 = 198 pers.
Kleine zaal
Dubbele deur: 1x draaiend deel 1x vast te zetten deel Vluchtcapaciteit: 0,90 * 90 = 81 pers.
20 m
Maximale bezetting: 261 p.
Dubbele deur: 1x draaiend deel 1x vast te zetten deel Dubbele deur: 1x draaiend deel 1x vast te zetten deel
Dubbele deur: 1x draaiend deel 1x vast te zetten deel
Vluchtcapaciteit: 1,0 * 90 = 90 pers.
Vluchtcapaciteit: 0,90 * 90 = 81 pers.
Vluchtcapaciteit: 0,90 * 90 = 81 pers.
Flexibele wand
11 m
20
Maximale bezetting: 231 p. Keldertrap & trap naar verdieping
Dubbele deur: 2x draaiend deel Vluchtcapaciteit: 2,2m * 90 = 198 pers.
Dubbele deur: 1x draaiend deel 1x vast te zetten deel Vluchtcapaciteit: 0,90 * 90 = 81 pers.
Enkele deur (tegen de vluchtrichting in)
Enkele deur (tegen de vluchtrichting in)
Vluchtcapaciteit: 60 pers.
Vluchtcapaciteit: 60 pers.
Renvooi brandveiligheid Brandscheiding 30 min. WBDBO/brandwerend Zelfsluitend constructieonderdeel
2m
loopafstand Brandslanghaspel
20
Mobiel blustoestel Vluchtrouteaanduiding Noodverlichting
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
Bijlage B: Fotorapportage
9-10-2024
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
9-10-2024
Grote zaal
Foto 1-2:
Foto bestaande situatie grote zaal
Foto 3-4:
Twee keer dubbele vluchtdeur rechtstreeks naar aansluitend terrein vanuit de grote zaal. Deuren zijn links en rechts van het bargedeelte gepositioneerd. Beide deurhelften van de deuren zijn in geval van een calamiteit te openen door middel van de toegepaste sluiting. Boven de deuren is vluchtrouteaanduiding toegepast. Deze vluchtrouteaanduiding handhaven en onderhouden.
24 338 JO
Foto 5:
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
9-10-2024
Dubbele vluchtdeur naar entreeruimte vanuit de grote zaal. Beide deurhelften van de deur zijn in geval van een calamiteit te openen. Boven de deur is vluchtrouteaanduiding aanwezig welke gehandhaafd en onderhouden moet worden. Indien constructief mogelijk en hiervoor gekozen door de gebouweigenaar, wordt deze wand in de nieuwe situatie een brandscheiding (30 minuten brandwerend). Het dichte gedeelte van de wand (steenachtig) voldoet aan de vereiste brandwerendheid. De deur echter niet en zal opgewaardeerd of vervangen moeten worden, zodat deze 30 minuten brandwerend uitgevoerd is. De opening naast de deur (achter rolluik) dient eveneens brandwerend uitgevoerd dienen te worden.
Foto 6:
Dubbele vluchtdeur vanuit podium naar naastgelegen vergader-/kleedruimte. Beide deurhelften van de deur zijn te openen. Boven de deur is vluchtrouteaanduiding aanwezig welke gehandhaafd en onderhouden moet worden. Indien constructief mogelijk en hiervoor gekozen door de gebouweigenaar, wordt deze wand in de nieuwe situatie een brandscheiding (30 minuten brandwerend). Het dichte gedeelte van de wand (steenachtig) voldoet aan de vereiste brandwerendheid. De deur echter niet en zal opgewaardeerd of vervangen moeten worden, zodat deze 30 minuten brandwerend uitgevoerd is.
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
9-10-2024
Foto 7:
Dubbele vluchtdeur vanuit vergader-/kleedruimte richting hellingbaan en entreeruimte. Beide deurhelften van de deur zijn te openen. Boven de deur is vluchtrouteaanduiding aanwezig welke gehandhaafd en onderhouden moet worden. Het is niet toegestaan de vluchtdeur te blokkeren met inrichting/ inventaris. Deze dient derhalve verwijderd te worden.
Foto 8-9:
In de grote zaal en op het podium van de grote zaal is noodverlichting toegepast. Deze dient gehandhaafd en onderhouden te worden. Door een installateur dient gecontroleerd te worden of de vereiste verlichtingssterkte van 1 lux op vloerniveau wordt behaald.
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
9-10-2024
Entreeruimte grote zaal
Foto 10:
Entreedeuren naar entreeruimte voor grote zaal. Dubbele deurconstructie, waarbij beide deurhelften te openen zijn in geval van een calamiteit. Boven de deur is vluchtrouteaanduiding aanwezig. Deze handhaven en onderhouden.
Foto 11:
Vluchtroute vanuit podium en vergader-/kleedruimte voert via deze hellingbaan naar de entreeruimte en uitgang van het gebouw. Hellingbaan voldoet aan de voorwaarden voor bestaande bouw, derhalve akkoord. Deur naast hellingbaan betreft opslagruimte voor instrumenten van de harmonie. Deze was tijdens het bezoek op locatie niet toegankelijk. Bovenaan de hellingbaan is eveneens een toegang aanwezig naar de techische ruimte/ stookruimte van dit gebouwdeel.
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
9-10-2024
Foto 12-13: technische ruimte/ stookruimte welke toegankelijk is vanaf bordes boven aan de hellingbaan. Technische ruimte is kleiner dan 100 m² en derhalve gelegen in het brandcompartiment, maar hoeft niet als separaat brandcompartiment uitgevoerd te worden.
Foto 14-15: Dubbele vluchtdeur vanuit gang (grenzend aan café) naar entreeruimte. Beide deurhelften van de deur zijn te openen. Boven de deur is vluchtrouteaanduiding aanwezig welke gehandhaafd en onderhouden moet worden. De deur betreft een vluchtdeur vanuit de gang naar de entreeruimte.
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
9-10-2024
Kleine zaal
Foto 16-17: Foto bestaande situatie kleine zaal
Foto 18-19: Enkele vluchtdeur vanuit kleine zaal naar entreeruimte. Deur draait met de vluchtrichting mee. Boven de deur is vluchtrouteaanduiding aanwezig welke gehandhaafd en onderhouden moet worden.
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
9-10-2024
Foto 20:
Dubbele deur vanuit kleine zaal naar café. Eén deurhelft is te openen in geval van een calamiteit en draait met de vluchtrichting mee. Andere deurhelft is vastgezet. Boven de deur is vluchtrouteaanduiding noodzakelijk. Deze handhaven en onderhouden.
Foto 21:
Flexibele wand in kleine zaal met enkele deur. Deur is niet aangewezen als vluchtdeur vanuit de kleine zaal. Naast de flexibele wand is een dubbele vluchtdeur aanwezig, waarvan één helft te openen is bij een calamiteit en de andere helft is vastgezet met een vastzetinrichting. De vluchtdeur komt uit in een sluis waarna de entreehal kan worden bereikt.
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
9-10-2024
Foto 22-23: Dubbele deur van sluis naar entreehal en van entreehal naar aansluitend terrein. De dubbele deur van sluis naar entreehal heeft één draaiend deel en een vastgezet deel. De vluchtroute mag niet worden beblokkeerd door inrichting/ inventaris. Voor de dubbele deur naar het aansluitend terrein geldt dat beide deurhelften van de deur zijn te openen. Boven de deuren is vluchtrouteaanduiding aanwezig die in de nieuwe situatie gehandhaafd en onderhouden dient te worden.
Keuken
Foto 24-25: Foto bestaande situatie keuken en bijkeuken. Vanuit de bijkeuken is een rechtstreeks uitgang richting het aansluitende terrein.
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
9-10-2024
Café
Foto 26:
Dubbele deurconstructie aanwezig vanuit café naar gang. De deur bestaat uit één draaiend gedeelte en een vastgezet deel. Boven de deur is vluchtrouteaanduiding aanwezig welke gehandhaafd en onderhouden moet worden.
Foto 27:
Dubbele deur naar entreesluis café. Dubbele deur heeft één draaiend deel en één vastgezet deel en draait met de vluchtrichting mee. De daaropvolgende buitendeur betreft een enkele tegen de vluchtrichting in draaiende deur. De deuren zijn voorzien van vluchtrouteaanduiding welke gehandhaafd en onderhouden moet worden.
24 338 JO
Foto 28:
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
9-10-2024
Dubbele deur van café naar aansluitend terrein. Dubbele deur heeft één draaiend deel en één vastgezet deel en draait met de vluchtrichting mee. De deuren zijn voorzien van vluchtrouteaanduiding welke gehandhaafd en onderhouden moet worden.
Foto 29-30: open trap vanuit café naar verdieping met vergaderruimte en voormalige bedrijfswoning.
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
9-10-2024
Verdieping
Foto 31-32: Foto bestaande situatie vergaderruimte verdieping. Vanuit deze ruimte is één vluchtroute aanwezig via de open trap naar het café. De deur tussen de vergaderruimte en het trapbordes betreft een enkele met de vluchtrichting meedraaiende deur. Boven de deur is vluchtrouteaanduiding aanwezig. Geadviseerd wordt deze te handhaven en onderhouden.
Foto 33-34: Achter de vergaderruimte is de techische ruimte van het gebouwdeel gelegen. De technische ruimte bevat WTW-installaties en CV-ketels. Technische ruimte is kleiner dan 100 m² en derhalve gelegen in het brandcompartiment, maar hoeft niet als separaat brandcompartiment uitgevoerd te worden.
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
9-10-2024
Foto 35-36: toegangsdeur voormalige bedrijfswoning vanuit bordes open trap. Vanuit de bedrijfswoning zijn twee vluchttrappen aanwezig welke beide in het café uitkomen. In de nieuwe situatie zal de bedrijfswoning niet meer als bedrijfswoning in gebruik genomen gaan worden, maar als ondersteundende ruimte aan de bijeenkomstfunctie gaan dienen (denk aan opslagruimte bijvoorbeeld). Hierdoor is het brandwerend afscheiden van de bedrijfswoning van de rest van het gebouw niet noodzakelijk. Dit blijkt bestaand ook niet aanwezig te zijn.
Kelder
Foto 37-38: Foto bestaande situatie kelder. De kelder betreft een opslagruimte en is bereikbaar via een vaste trap vanuit het café (achterzijde bar).
24 338 JO
| Brandveiligheidsadvies Harmoniezaal Linne |
9-10-2024
Blusmiddelen
Foto 39-40: In het gebouw zijn twee brandslanghaspels met een slanglengte van 20 meter aanwezig. Eén haspel is geplaatst in de grote zaal en de tweede in het café. Beide haspels dienen gehandhaafde en onderhouden te worden. De haspels dienen goed bereikbaar te blijven en mogen niet worden geblokkeerd door inrichting/ inventaris.
Foto 41:
Aangezien geen dekkend patroon voorzien kan worden met de brandslanghaspel zijn aanvullend mobiele blustoestellen voorzien in het gebouw. De locaties van de mobiele blusmiddelen zijn aangegeven op de plattegronden in bijlage A. Deze dienen gehandhaafd en onderhouden te blijven in de nieuwe situatie.