Controleprotocol accountantscontrole 2025-2028
Tekst van het document
Z/25/155419 - D/25/225207
Commentaar [Mv1]: Voorwaarden inwerkingtreding
Controleprotocol 2025-2028 Accountantscontrole Team BSC/Cluster Control Auditcommissie: 3 december 2025 College van B&W: 31 maart 2026 Gemeenteraad: 2 juni 2026 Versie: Concept
1
Z/25/155419 - D/25/225207
Inhoudsopgave Samenvatting........................................................................................................................3 1.
Inleiding .......................................................................................................................4 1.1 Doelstelling ..................................................................................................................4 1.2 Wettelijke grondslag .......................................................................................................4
2. 3.
Algemene uitgangspunten voor de controle .............................................................................5 Te hanteren goedkeurings- en rapportagetolerantie ..................................................................5 3.1 Goedkeuringstoleranties ...................................................................................................5 3.2 Rapporteringstoleranties ..................................................................................................6 3.3 Single Information Single Audit (SiSa) ...................................................................................6
4.
Rechtmatigheid en verantwoordingsgrens ...............................................................................7 4.1 Verantwoordingsgrens rechtmatigheid ..................................................................................8 4.2 Het begrotingscriterium ...................................................................................................8 4.3 Het M&O-criterium .........................................................................................................9 4.4 Het voorwaardencriterium ...............................................................................................10 4.5 Reikwijdte accountantscontrole rechtmatigheidstoetsing ..........................................................10
5.
Rapportage door de accountant .........................................................................................11 5.1 Interimcontrole ............................................................................................................11 5.2 Jaarrekeningcontrole .....................................................................................................11 5.3 Controleverklaring .........................................................................................................11
6.
Inwerkingtreding ...........................................................................................................11
2
Z/25/155419 - D/25/225207
Samenvatting De gemeenteraad wordt bij de uitvoering van haar controlerende rol ondersteund door een externe accountant. Met het controleprotocol bepaalt de gemeenteraad binnen welke kaders de accountant zijn accountantscontrole dient uit te voeren. Ook bepaalt de gemeenteraad, met de inwerkingtreding van de rechtmatigheidsverantwoording, de basis voor de af te geven rechtmatigheidsverantwoording door het College van B&W. Het is de verantwoordelijkheid van de gemeente Maasgouw om een jaarrekening op te stellen. Vervolgens is het de verantwoordelijkheid van de externe accountant om deze jaarrekening te controleren en hierbij een controleverklaring af te geven. In het Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden (BADO) wordt onderscheid gemaakt tussen het juridische begrip rechtmatigheid en de rechtmatigheid in het kader van de accountantscontrole. Bij rechtmatigheid in het kader van de accountantscontrole bestaat er een duidelijke relatie met het financiële beheer. Er moet worden vastgesteld dat baten, lasten en balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen. De verantwoording hierover vindt in de jaarrekening plaats met een rechtmatigheidsverantwoording. Het normenkader voor een rechtmatigheidscontrole betreft de inventarisatie van de voor de accountantscontrole relevante regelgeving van hogere overheden (externe regelgeving) en de gemeente zelf (verordeningen etc.).
Wij stellen voor om de jaarlijkse actualisatie van het normenkader te mandateren aan het college van burgemeester en wethouders. Op basis van de goedkeuringstolerantie en de rapportagetolerantie wordt de diepgang van de accountantscontrole en de uitgebreidheid van de rapportage bepaald. Voor de rechtmatigheidsverantwoording wordt een verantwoordingsgrens vastgesteld alsmede een rapportagetolerantie. Wij stellen voor om: • De goedkeuringstolerantie vast te stellen op 2% van de omvang basis. Dit is conform het BADO; • De rapporteringstolerantie vast te stellen op € 100.000; • De verantwoordingsgrens vast te stellen op 2% van de lasten exclusief de storting aan de reserves; • De rapportagegrens voor de rechtmatigheidsverantwoording vast te stellen op € 100.000; • Het normenkader jaarlijks te actualiseren en deze te laten vaststellen door het college; • Voorwaarden zoals gesteld in hogere wetgeving behoren vanzelfsprekend tot het normenkader; • Voorwaarden zoals gesteld in eigen interne regelgeving behoren alleen tot het normenkader voor zover het bepalingen betreft over recht, hoogte en duur. Hiermee worden bepalingen bedoeld die aangeven voor wie een subsidie, bijdrage of uitkering bedoeld is, hoe hoog die moet zijn en voor welke periode die geldt.
Nevenvoorwaarden zoals de termijn van aanlevering van verantwoordingen, de vorm van de verantwoording en allerlei andere formele vereisten worden hiermee buiten het normenkader gehouden. Dat wil overigens niet zeggen dat hier niets mee gedaan wordt. • Als en voor zover bij de controle financiële onrechtmatige handelingen worden geconstateerd worden deze in de rapportage en oordeelsweging uitsluitend betrokken indien en voor zover het door de gemeenteraad of hogere overheden vastgestelde regels en kaderstellende besluiten betreft. • Controle op de rechtmatigheid uit te voeren conform de reikwijdte zoals beschreven in hoofdstuk 4.5.
3
Z/25/155419 - D/25/225207
1. Inleiding In artikel 213 van de Gemeentewet is opgenomen dat iedere gemeente een controleverordening dient op te stellen. In het verlengde van de controleverordening is dit controleprotocol voor de jaren 2025-2028 opgesteld. In dit protocol regelt de gemeenteraad een aantal zaken ter afbakening en ondersteuning van de uitvoering van de jaarrekeningcontrole, het opstellen van de rechtmatigheidsverantwoording en daarmee ook het financieel beheer zoals uitgeoefend door of namens het college. Op 30 mei 2023 heeft de gemeenteraad aan RSM Netherlands Accountants N.V de opdracht verstrekt om de accountantscontrole als bedoeld in artikel 213 van de Gemeentewet voor de gemeente Maasgouw uit te voeren voor de jaren 2023-2026 met optionele verlenging van maximaal 4 jaar. Dit protocol is van toepassing voor de boekjaren 2025 tot en met 2028.
1.1 Doelstelling Het controleprotocol heeft als doel nadere aanwijzingen te geven aan: • het college over de te hanteren verantwoordings- en rapportagegrens voor de rechtmatigheidscontrole en de daarvoor geldende normstellingen; en • de accountant over de reikwijdte van de accountantscontrole, de daarvoor geldende normstellingen en de daarbij verder te hanteren goedkeurings- en rapporteringstolerantie voor de controle van de jaarrekening van de gemeente.
1.2 Wettelijke grondslag De Gemeentewet schrijft in artikel 213 voor dat de gemeenteraad één of meer accountants aanwijst als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek voor de controle van de in artikel 197 Gemeentewet bedoelde jaarrekening en het daarbij verstrekken van een controleverklaring en het uitbrengen van het accountantsverslag. In het kader van de opdrachtverstrekking aan de accountant kan de gemeenteraad nadere aanwijzingen geven voor de te hanteren goedkeuringstolerantie, verantwoordingsgrens en rapporteringstolerantie. Ook wordt duidelijk aangegeven welke wet- en regelgeving (normenkader) van toepassing is in het kader van de controle op de rechtmatigheid. Aangezien nu een controleprotocol voor een periode van vier jaar is opgesteld (boekjaar 2025 tot en met 2028), dient nog jaarlijks het normenkader opgesteld te worden. Wij stellen voor om het vaststellen van dit normenkader te mandateren aan het college van burgemeester en wethouders. Het formele kader voor de accountantscontrole is in de Financiële Verordening Gemeente Maasgouw 2023 (ex artikel 212 Gemeentewet) en de Controleverordening Gemeente Maasgouw 2023 (ex artikel 213 Gemeentewet) opgenomen.
In de Controleverordening worden de regels voor de accountantscontrole zodanig vastgelegd dat de toetsing van de rechtmatigheid van het financiële beheer en van de financiële organisatie is gewaarborgd. In de Financiële verordening aangaande de inrichting van de financiële organisatie (ex artikel 212 Gemeentewet) wordt het financiële beleid, het financiële beheer en de financiële organisatie zodanig ingericht dat aan de eisen van rechtmatigheid, verantwoording en controle wordt voldaan.
4
Z/25/155419 - D/25/225207
2. Algemene uitgangspunten voor de controle De accountantscontrole richt zich op het afgeven van een oordeel over: • De getrouwe weergave van de in de jaarrekening gepresenteerde baten en lasten en de activa en passiva; • De verenigbaarheid van het jaarverslag met de jaarrekening; • De inrichting van het financieel beheer en de financiële organisatie gericht op de vraag of deze een getrouwe verantwoording mogelijk maken. De accountant stelt de getrouwheid van de rechtmatigheidsverantwoording vast: ▪ Het rechtmatig tot stand komen van de baten en lasten en balansmutaties in overeenstemming met de begroting en met de van toepassing zijnde wettelijke regelingen en de interne regelgeving die in het jaarlijks vast te stellen normenkader is opgenomen, voor zover dit de besluitvorming van de raad betreft inzake het financieel beheer; ▪ De bijlage bij de jaarrekening met verantwoordingsinformatie over specifieke uitkeringen, bedoeld in artikel 58a van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV); ▪ De informatie in de rechtmatigheidsverantwoording van het college.
Bij de controle worden de nadere regels die of op grond van algemene maatregel van bestuur worden gesteld op grond van artikel 213, zesde lid, Gemeentewet, de uitgangspunten en aanwijzingen die volgen uit het Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden (BADO), de commissie BBV, de nadere voorschriften en overige standaarden (COS) en de Wet normering bezoldiging Topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT), bepalend zijn voor de uit te voeren werkzaamheden.
3. Te hanteren goedkeurings- en rapportagetolerantie De gemeenteraad kan verschillende toleranties hanteren, binnen de kaders van het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (BADO) gericht op de goedkeuring van de jaarrekening en de rapportage hierover. De accountant accepteert in de controle bepaalde toleranties en richt de controle daarop in. De accountant controleert niet ieder document of iedere financiële handeling, maar richt de controle zodanig in dat voldoende zekerheid wordt verkregen over het getrouwe beeld van de jaarrekening en de verantwoorde baten en lasten en balansmutaties en financiële beheershandelingen met een belang groter dan de vastgestelde goedkeuringstolerantie. De accountant richt de controle in op het ontdekken van belangrijke fouten en baseert zich daarbij op risicoanalyse, vastgestelde toleranties en statische deelwaarnemingen en extrapolaties.
3.1 Goedkeuringstoleranties De goedkeuringstolerantie kan als volgt worden gedefinieerd: De goedkeuringstolerantie is de som van de afwijkingen in de jaarrekening en onzekerheden in de uitvoering van de controle (artikel 2 lid 2 van het BADO). De goedkeuringstolerantie is het bedrag die in een jaarrekening maximaal mogen voorkomen, zonder dat de bruikbaarheid van de jaarrekening voor de oordeelsvorming door de gebruikers kan worden beïnvloed. In artikel 2 lid 1 van het BADO is de goedkeuringstolerantie voor gemeenten bepaalt op 2% van de omvangsbasis. De omvangsbasis is gelijk aan de totale lasten van de gemeente exclusief de toevoegingen aan de reserves.
5
Z/25/155419 - D/25/225207
Als de goedkeuringstolerantie niet wordt overschreden, verstrekt de accountant in beginsel een goedkeurende accountantsverklaring. Als de goedkeuringstolerantie wordt overschreden verstrekt de accountant geen goedkeurende accountantsverklaring, maar één van de andere hieronder aangegeven verklaringen. Materialiteit
Goedkeurende verklaring
Verklaring met beperking
Afwijkingen in de jaarrekening en onzekerheden in de uitvoering van de controle
≤ 2%
>2% – ≤ 4%
Verklaring van oordeelonthouding/ Afkeurende verklaring > 4%
Wat betekent dit voor gemeente Maasgouw: De goedkeuringstolerantie is bepalend voor de oordeelsvorming en de strekking van de af te geven controleverklaring. Het financiële volume van de primaire begroting 2025 van Gemeente Maasgouw bedraagt afgerond € 77,4 miljoen exclusief stortingen in de reserves. Dit betekent dat een totaalbedrag aan fouten in de jaarrekening en onzekerheden in de uitvoering van de controle voor 2025 € 1.548.000 de goedkeurende strekking van de controleverklaring niet zal aantasten (2% van de omvangsbasis). Tot en met het boekjaar 2024 bedroeg dit € 780.000 voor fouten in de jaarrekening (1%) en € 2.340.000 voor onzekerheden in de uitvoering van de controle (3%). Dit wordt veroorzaakt door de wijzigingen van de goedkeuringstoleranties alsmede de wijziging van het begrip omvangsbasis. Tot en met 2024 werden de stortingen in de reserves eveneens meegenomen bij de bepaling van de omvangsbasis. Naast de kwantitatieve benadering zal de accountant ook een kwalitatieve beoordeling hanteren (‘professional judgement’), op basis van de professionele opvattingen van de accountant. Dit is de verantwoordelijkheid van de accountant, conform de Richtlijnen voor de Accountantscontrole van de NBA.
3.2 Rapporteringstoleranties Naast de goedkeuringstoleranties wordt een rapporteringstolerantie onderkend. Deze kan als volgt worden gedefinieerd: De rapporteringstolerantie(s) is een bedrag dat gelijk is aan of lager is dan de bedragen voortvloeiend uit de goedkeuringstolerantie. Bij overschrijding van dit bedrag vindt rapportering plaats in het verslag van bevindingen. Een lagere rapporteringstolerantie leidt daarom in beginsel niet tot aanvullende controlewerkzaamheden, maar wel tot een uitgebreidere rapportage van bevindingen. Op deze manier kunnen ook constateringen welke voor het goedkeuringsoordeel van de accountant niet van belang zijn wel onder de aandacht van de gemeenteraad worden gebracht. Dit in het kader van ‘kwalitatieve relevantie’. De rapporteringtoleranties kunnen zich verder toespitsen op elementen die de gemeenteraad specifiek nader terug wil zien. De rapporteringstoleranties die wordt gehanteerd bedraagt € 100.000. Dit wil derhalve zeggen dat afwijkingen van € 100.000, zowel baten, lasten en balansmutaties toegelicht dienen te worden.
3.3 Single Information Single Audit (SiSa) De accountantscontrole is gericht op de jaarrekening inclusief SiSa. De doelstelling van Single Informatie Single Audit is het verminderen van verantwoording- en controlelasten voor gemeenten en provincies. Voornoemde goedkeuringstolerantie zijn op hoofdlijnen eveneens van toepassing op de SiSa als onderdeel 6
Z/25/155419 - D/25/225207
van de jaarrekening. Voor SiSa gelden specifieke rapporteringstoleranties die zijn vastgelegd in de ‘Nota verwachtingen accountantscontrole SiSa’ die jaarlijks wordt gepubliceerd op de website van de rijksoverheid. In overeenstemming met artikel 5 (BADO) gelden er in het kader van de SiSa-audit afwijkende rapporteringstoleranties. De rapporteringstoleranties zijn afhankelijk van de financiële omvang van de specifieke uitkering en worden als volgt bepaald: Rapporteringstolerantie specifieke uitkeringen (SiSa) Omvang specifieke uitkering Rapporteringstolerantie ≤ € 125.000 € 12.500 > € 125.000 en ≤ € 1.000.000 10% van de specifieke uitkering > € 1.000.000 € 125.000 De rapporteringstolerantie voor specifieke uitkeringen heeft geen consequentie voor de omvang en aard van de controle van specifieke uitkeringen. Het gaat alleen om het rapporteren van de waargenomen en niet herstelde fouten en onzekerheden voortkomende uit de accountantscontrole.
4. Rechtmatigheid en verantwoordingsgrens Rechtmatigheid betekent dat: alles wat een gemeente doet, volgens de wet en regelgeving gebeurt. Dit geldt voor allerlei activiteiten van de gemeente, zoals aanbestedingen, arbeidsomstandigheden, subsidieverstrekking en informatieverstrekking. Mensen verwachten dat de overheid volgens de regels handelt. Bij de rechtmatigheidsverantwoording gaat het specifiek om het financieel beheer: alle inkomsten, uitgaven en veranderingen op de balans moeten volgens de regels zijn uitgevoerd. Wet- en regelgeving dat geen invloed heeft op financiële beheershandelingen betreft niet-financiële rechtmatigheid en heeft dus geen invloed op de rechtmatigheidsverantwoording. Het niet naleven van deze wet- en regelgeving kan wel financiële risico's, zoals claims en boetes, met zich meebrengen die de gemeente geld kosten. Daarom is het belangrijk om ook de niet-financiële rechtmatigheid goed te beheren. Het begrip financiële rechtmatigheid kan concreet gemaakt worden met behulp van negen criteria.
In de jaarrekening legt het College van B&W verantwoording af over alle negen criteria van rechtmatigheid. De eerste zes criteria, die betrekking hebben op getrouwheid en óók onderdeel zijn van rechtmatigheid, komen tot uitdrukking in de balans en het overzicht van baten en lasten.
7
Z/25/155419 - D/25/225207
De drie specifieke rechtmatigheidscriteria, het begrotings-, voorwaarden- en misbruik en oneigenlijk criterium komen tot uitdrukking in de rechtmatigheidsverantwoording. Hiervoor legt het College van B&W een rechtmatigheidsverantwoording af in de jaarrekening die onderdeel uitmaakt van de jaarrekeningcontrole. De verantwoording wordt opgesteld conform de model rechtmatigheidsverantwoording van de commissie Besluit Begroting en Verantwoording. De verantwoording maakt onderdeel uit van de jaarrekening en wordt vastgesteld door het College van B&W. De accountant zal de verantwoording op getrouwheid toetsen.
4.1 Verantwoordingsgrens rechtmatigheid Naast de voornoemde toleranties die gelden voor de accountant is de verantwoordingsgrens onderkend. Deze wordt als volgt gedefinieerd: De verantwoordingsgrens is een door de raad vastgesteld bedrag, waarboven het college de afwijkingen moet opnemen in de rechtmatigheidsverantwoording. De verantwoordingsgrens valt binnen de bandbreedte van 0% tot 2% van de totale lasten van de gemeente, exclusief toevoegingen aan de reserves. Het percentage geldt voor de fouten en onduidelijkheden samen. Fouten en onduidelijkheden worden dus bij elkaar opgeteld. De verantwoordingsgrens wordt vastgesteld op 2% van de totale lasten exclusief de stortingen aan de reserves. Afwijkingen in de rechtmatigheidsverantwoording kennen een rapportagegrens van € 100.000. Het college rapporteert derhalve alle bevindingen omtrent de financiële rechtmatigheid boven de rapporteringsgrens in de paragraaf rechtmatigheid.
4.2 Het begrotingscriterium Bij de rechtmatigheidsverantwoording vormt het begrotingscriterium een belangrijk toetsingscriterium. Financiële beheershandelingen, die ten grondslag liggen aan de baten en lasten, alsmede de balansposten, dienen tot stand te zijn gekomen binnen de grenzen van de geautoriseerde begroting en hiermee samenhangende programma’s (begrotingscriterium). Uitgangspunt is het niveau waarop de raad de budgetten in de begroting en bij investeringen geautoriseerd heeft. In de begroting zijn de bedragen voor de lasten en baten vermeld die door de raad zijn vastgesteld. Dit houdt in dat de financiële beheershandelingen dienen te passen binnen de begroting, waarbij het juiste programma (ervan uitgaande dat de raad de begrotingsbedragen op programmaniveau heeft vastgesteld), de juiste investering, het toereikend zijn van het begrotingsbedrag, alsmede het begrotingsjaar van belang zijn. Met de controle op de juiste toepassing van het begrotingscriterium wordt getoetst of het budgetrecht van de gemeenteraad is gerespecteerd. In een aantal gevallen is het mogelijk, dat begrotingsoverschrijdingen buiten het oordeel van de accountant gelaten worden. Dit is echter alleen mogelijk, indien ze voldoen aan onderstaande criteria. Uitgangspunt hierbij is dat de begrotingsoverschrijdingen worden beoordeeld op programmaniveau.
Begrotingsoverschrijdingen zijn onrechtmatig, maar tellen niet mee voor het oordeel: • Begrotingsoverschrijdingen, die het gevolg zijn van autonome ontwikkelingen; • Begrotingsoverschrijdingen als gevolg van verplichte uitgaven; • Begrotingsoverschrijdingen als gevolg van open einde regelingen; • Begrotingsoverschrijdingen waarbij sprake is van compensatie door direct gerelateerde opbrengsten; • Begrotingsoverschrijdingen als gevolg van doorbelasting van overheadkosten; • Begrotingsoverschrijdingen als gevolg van calamiteiten / volledig onvoorziene situaties; 8
Z/25/155419 - D/25/225207
• Begrotingsoverschrijdingen, die het gevolg zijn van een wijziging in de renteomslag. Verder is in bijlage 1 een normenkader begrotingsrechtmatigheid opgenomen. Dit normenkader dient eveneens toegepast te worden bij de beoordeling van begrotingsrechtmatigheid. Bij de jaarrekening zal een overzicht met mogelijke overschrijdingen ten gevolge van de hierboven genoemde situaties, in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen. Los van de tolerantiegrenzen kan het College van B&W besluiten om overschrijdingen (buiten de tolerantiegrenzen en of richtlijnen) alsnog rapporten gezien de kwalitatieve relevantie. Over- en onderschrijdingen van zowel lasten als baten die ontstaan na de peildatum van de 2e Programmarapportage (peildatum 1 september van het boekjaar) kunnen niet meer tijdig voor een begrotingswijziging aan de raad worden voorgelegd en zouden daarmee als onrechtmatig worden gekwalificeerd. Door toelichting van deze verschillen indien ze hoger of lager zijn dan € 100.000 in de jaarrekening worden deze alsnog tijdig gemeld en blijven deze over- en onderschrijdingen buiten beschouwing voor het rechtmatigheidsoordeel over de jaarrekening.
4.3 Het M&O-criterium De rechtmatigheidseis betreft ook de toetsing op juistheid en volledigheid van de gegevens, die door de belanghebbenden zijn verstrekt om het voldoen aan voorwaarden aan te tonen. Dit ter voorkoming en bestrijding van misbruik en oneigenlijk gebruik van wet- en regelgeving (M&O-criterium). Onder misbruik wordt verstaan: Het opzettelijk niet, niet tijdig, onjuist of onvolledig verstrekken van gegevens met als doel ten onrechte overheidssubsidies of -uitkeringen te verkrijgen of niet dan wel een te laag bedrag aan heffingen aan de overheid te betalen. Misbruik van overheidsgelden wordt geregeld aangeduid met het plegen van fraude om zich onrechtmatig overheidsgelden toe te eigenen. Misbruik van overheidsregelingen moet echter wel duidelijk worden onderscheiden van fraude waarbij veelal één of meerdere medewerkers van de organisatie betrokken zijn. Bij Misbruik is altijd sprake van het onrechtmatig gebruiken van een regeling/faciliteit die de overheid biedt. Bij het bestrijden van misbruik passen beheersmaatregelen zoals misbruikpreventie, handhaving, misbruik en fraudeopsporing en sancties.
Onder oneigenlijk gebruik wordt verstaan: Het door het aangaan van rechtshandelingen, al dan niet gecombineerd met feitelijke handelingen, verkrijgen van overheidsbijdragen of het niet dan wel tot een te laag bedrag betalen van heffingen aan de overheid, in overeenstemming met de bewoordingen van de regelgeving maar in strijd met het doel en de strekking daarvan. De beheersmaatregelen die daarbij passen zijn: handhaving, voorlichting, analyse toepassen en actualisering wet- en regelgeving. In verschillende wetten en regels zijn bepalingen opgenomen die misbruik en oneigenlijk gebruik tegengaan, zoals een legitimatieplicht of de verplichting tot het overleggen van bepaalde gegevens bij een aanvraag. Daarnaast zijn ook in verschillende door de gemeenteraad vastgestelde verordeningen en besluiten criteria opgenomen ter voorkoming van misbruik en oneigenlijk gebruik. Als er naar aanleiding van de (verbijzonderde) interne controle bevindingen zijn die duiden op misbruik of oneigenlijk gebruik, zal dit in de jaarrekening nader worden toegelicht. De gemeente dient effectieve maatregelen te nemen om misbruik en oneigenlijk gebruik te voorkomen. De controle richt zich op: • Toetsing in hoeverre in bestaande procedures deugdelijke maatregelen ter voorkoming van misbruik en oneigenlijk gebruik zijn opgenomen, alsmede de werking van de getroffen maatregelen vaststellen. 9
Z/25/155419 - D/25/225207
•
Actualiteit van het M&O-beleid.
Fraude door eigen medewerkers valt niet onder de definitie van misbruik en wordt dan ook niet in de rechtmatigheidsverantwoording opgenomen. Maar de commissie BBV adviseert om fraude door medewerkers altijd te vermelden in de paragraaf bedrijfsvoering, waarin de gemeente uitlegt hoe zij het bestuur en de financiën beheert. De accountant besteedt bij de accountantscontrole ook aandacht aan fraude en getroffen maatregelen om fraude te voorkomen.
4.4 Het voorwaardencriterium Het voorwaardencriterium heeft betrekking op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen. De eisen/voorwaarden zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving en hebben betrekking op aspecten als doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedragen, bevoegdheden, bewijsstukken. Deze aspecten kunnen het recht, hoogte en duur bij de uitvoering van de financiële beheershandeling bepalen. In het normenkader worden de interne en externe regels opgenomen, die het college in de controle van het voorwaardencriterium moet betrekken. De gestelde voorwaarden hebben in het algemeen betrekking op: • Recht: voorwaarden waaronder het in aanmerking komen voor een recht dan wel een verplichting bestaat op een recht; • Hoogte: de hoogte van het recht dan wel de verplichting op een recht; • Duur: de termijnen van de verstrekking, toekenning of werkingsperiode van het recht dan wel verplichting op een recht. • De bevoegdheden; • Administratieve bepalingen; • Het verkrijgen en bewaren van bewijsstukken; • Aan te houden termijnen besluitvorming, betaling, declaratie, e.d.
Over het voorwaardencriterium worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: • Voorwaarden zoals gesteld in hogere wetgeving behoren vanzelfsprekend tot het normenkader; • Voorwaarden zoals gesteld in eigen interne regelgeving behoren alleen tot het normenkader voor zover het bepalingen betreft over recht, hoogte en duur. Hiermee worden bepalingen bedoeld die aangeven voor wie een subsidie, bijdrage of uitkering bedoeld is, hoe hoog die moet zijn en voor welke periode die geldt. Nevenvoorwaarden zoals de termijn van aanlevering van verantwoordingen, de vorm van de verantwoording en allerlei andere formele vereisten worden hiermee buiten het normenkader gehouden. Dat wil overigens niet zeggen dat hier niets mee gedaan wordt. • Als en voor zover bij de controle financiële onrechtmatige handelingen worden geconstateerd worden deze in de rapportage en oordeelsweging uitsluitend betrokken indien en voor zover het door de gemeenteraad of hogere overheden vastgestelde regels en kaderstellende besluiten betreft.
4.5 Reikwijdte accountantscontrole rechtmatigheidstoetsing De accountantscontrole op rechtmatigheid is limitatief gericht op: De naleving van wettelijke kaders: De wetgeving van toepassing voor gemeente Maasgouw zoals opgenomen in het normenkader. Dit uitsluitend voor zover deze financiële beheershandelingen betreffen of kunnen betreffen. Op het normenkader van interne kaders zijn enkele beperkingen van toepassing:
10
Z/25/155419 - D/25/225207
Inkoop- en aanbestedingsbeleid Voor wat betreft het aanbestedingsbeleid is sprake van een wettelijk kader op basis van Europese en nationale wetgeving. Daarnaast is qua regelgeving voor inkopen/aanbestedingen met lagere contractwaarde het (stringentere) lokaal het gemeentelijk inkoop- en aanbestedingsbeleid van toepassing. Rechtmatige naleving van het complexe inkoop- en aanbestedingsbeleid blijft landelijk een uitdaging. Voorgesteld wordt om, evenals voorgaande jaren, het gemeentelijk inkoop- en aanbestedingsbeleid buiten het norm- en toetsingskader van de accountant te houden. Overigens blijft toetsing op naleving van nationale- en Europese aanbestedingsregels onverminderd van kracht. Verder zal in plaats van integrale toetsing wel steekproefsgewijs verbijzonderde interne controle worden uitgevoerd om rechtmatige inkoop en aanbesteding volgens het gemeentelijk inkoop- en aanbestedingsbeleid te toetsen en verbeteringen in het inkoopproces aan te brengen. Levering zorg versus privacy M.b.t. Jeugdhulp en Wmo geldt de wettelijke eis dat het recht op zorg ontstaat op basis van een verwijzing door een indicerend orgaan of medisch specialist (zie Verordening maatschappelijke ondersteuning en Jeugdhulp gemeente Maasgouw). Omdat de gemeente niet zelf over deze informatie (het zogenaamde ‘verwijzingsbriefje’) beschikt, kan zij dit niet overleggen.
De gemeente kan op basis van de privacywetgeving deze informatie ook niet opvragen. De kosten die voortvloeien uit de geleverde zorg komen in de gemeentelijke exploitatie tot uitdrukking en maken deel uit van accountantscontrole. Aan de raad wordt daarom voorgesteld af te zien van de controle op de aanwezigheid van medische verwijzingen. Hardheidsclausule in verordeningen Voor zover in enige verordening geen hardheidsclausule opgenomen zou zijn, wordt deze geacht wel van toepassing te zijn en gelden de hierna genoemde aanvullende bepalingen met betrekking tot de betreffende verordening: “Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels stellen met betrekking tot de uitvoering van deze verordening. Het college van burgemeester en wethouders kan in bijzondere gevallen afwijken van de bepalingen in deze verordening indien toepassing van deze verordening tot onbillijkheden van overwegende aard leidt. In gevallen, de uitvoering van deze verordening betreffende, waarin deze verordening niet voorziet, beslist het college van burgemeester en wethouders.”
5. Rapportage door de accountant 5.1 Interimcontrole In de tweede helft van het jaar wordt door de accountant een zogenaamde interim controle uitgevoerd, dit ter voorbereiding op de jaarrekeningcontrole. Over de uitkomsten van de tussentijdse controle wordt middels de managementletter verslag uitgebracht aan de leiding van de organisatie. De belangrijkste bevindingen worden ook opgenomen in het accountantsverslag.
5.2 Jaarrekeningcontrole In het accountantsverslag wordt gerapporteerd over de opzet en werking van het financiële beheer en de inrichting van de financiële organisatie. Het accountantsverslag geeft informatie over de kwaliteit van het jaarrekeningproces en de jaarstukken als sluitstuk daarvan.
5.3 Controleverklaring In de controleverklaring wordt op een gestandaardiseerde wijze, zoals wettelijk voorgeschreven, de uitkomst van de accountantscontrole weergegeven uitmondend in een oordeel over de jaarrekening.
6. Inwerkingtreding Dit protocol treedt in werking op 2 juni 2026 en is van toepassing op de jaarstukken 2025-2028. 11