CConstaterende datMaasgouw
Koppel je AI →
Document · PDF

BIJLAGE 4 Begroting 2022 (en meerjarenraming)

01. Raadsvergadering 1 juni 2021, gemeente MaasgouwBij agendapunt: Voorstel tot het al dan niet indienen van zienswijzen begrotingswijziging 2021-2 en conceptbegroting 2022 SC-MER16.441 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Programmabegroting Servicecentrum MER 2022 met meerjarenraming 2023-2025

Definitief concept: 2 april 2021 DB: 7 april 2021 AB: 14 juli 2021

Inhoudsopgave Inleiding......................................................................................................................................4 Programma Omgevingsdienst ....................................................................................................7 2.1 Inleiding ....................................................................................................................................7 2.2 Wat willen we bereiken? ..........................................................................................................7 2.3. Wat gaan we daarvoor doen?..................................................................................................9 2.4 Wat gaat dat kosten? .............................................................................................................12 Programma Sociaal Domein .....................................................................................................14 3.1. Inleiding .................................................................................................................................14 3.2. Wat willen we bereiken? .......................................................................................................14 3.3. Wat gaan we daarvoor doen?................................................................................................15 3.4.

Wat gaat dat kosten? ............................................................................................................17 Programma Bedrijfsvoering ......................................................................................................19 4.1. Inleiding .................................................................................................................................19 4.2. Financiën ...............................................................................................................................19 4.2.1

Wat willen we bereiken? ..............................................................................................19

4.2.2

Wat gaan we daarvoor doen? .......................................................................................19

4.3.

HRM ..................................................................................................................................20

4.3.1

Wat willen we bereiken? ..............................................................................................20

4.3.2

Wat gaan we daarvoor doen? .......................................................................................20

4.4. Informatisering ......................................................................................................................21 4.4.1. Wat willen we bereiken? ....................................................................................................22 4.4.2 Wat gaan we daarvoor doen?..............................................................................................23 4.5. Wat gaat dat kosten? ............................................................................................................25 Programma Bestuur & Organisatie ...........................................................................................28 5.1. Inleiding .................................................................................................................................28 5.2. Wat willen we bereiken? .......................................................................................................28 5.3. Wat gaan we ervoor doen? ...................................................................................................28 Paragrafen ................................................................................................................................30 6.1. Inleiding .................................................................................................................................30 6.2.

Paragraaf bedrijfsvoering ......................................................................................................30 6.3. Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheer ..................................................................31 6.4. Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen ................................................................................36 6.5. Paragraaf financiering ...........................................................................................................37 6.6. Verbonden partijen ...............................................................................................................38 Financiële Begroting 2022-2025................................................................................................39 7.1. Geprognosticeerde balans .....................................................................................................39 2

7.2. Staat van Reserves.................................................................................................................39 7.3 Recapitulatie programma’s ....................................................................................................40 Bijlage: Taakvelden...................................................................................................................41

3

Inleiding De begroting 2022 ligt nu voor. De begroting van het SC MER bestaat voor alle programma’s grotendeels uit lasten voor uitvoering van werkzaamheden. Alleen het programma bedrijfsvoering omvat daarnaast inhoudelijke budgetten voor uitvoering van ICT en telefonie voor zowel het SC MER als de deelnemende gemeenten. Onze baten bestaan uit de bijdragen van de deelnemende gemeenten. Onze Omgevingsdienst voert daarnaast werkzaamheden uit voor de Regionale Uitvoeringsdienst (RUD) Limburg-Noord, waarvoor ook baten worden ontvangen. Met de middelen die ons ter beschikking worden gesteld, voeren wij onze taken voor de deelnemende gemeenten uit. Voor de duidelijkheid vermelden we hier dat legesopbrengsten en uitvoeringsbudgetten voor participatie en wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) niet in onze begroting staan. Deze middelen zijn niet aan ons overgedragen en berusten bij de deelnemende gemeenten. Taakstelling vanaf 2022 minimaal 2 procent In de BW 2021-1 is vanaf 2022 een structurele taakstelling van minimaal 2% (€ 462.000) opgenomen, waarbij de gewijzigde begroting 2021 het ijkpunt is. Deze taakstelling is ondergebracht in het programma bestuur en organisatie. Het betreft een bedrag van minimaal € 179.000.

Het overige deel van deze taakstelling -€ 283.000- (€ 283.000 + € 179.000 = € 462.000) is al opgenomen in het programma bedrijfsvoering en wordt gerealiseerd als gevolg van de implementatie van het bedrijfsplan informatisering. De resterende taakstelling van minimaal € 179.000 is in deze begroting verder ingevuld, op basis van aanwijsbare zaken en realisme. In 2022 wordt een taakstelling van € 193.000 als volgt ingevuld:  Programma Omgevingsdienst: €30.000  Programma Sociaal Domein: € 30.000  Programma Bedrijfsvoering: € 133.000 Voor de jaren 2023 en verdere jaren is hebben we een hogere taakstelling geraamd, oplopend van € 238.000 in 2023 naar € 297.000 in 2025. Benchmark Vensters voor Bedrijfsvoering Om scherp aan de wind te varen, gaat het SC-MER benchmarken. Omdat één van de deelnemende gemeenten de gemeente Roerdalen al jaren meedoet aan de benchmark Vensters voor Bedrijfsvoering, en veel van de gegevens worden aangeleverd door het SC-MER, is het logisch dat het SC-MER ook voor de benchmark Vensters voor Bedrijfsvoering heeft gekozen. Echter, omdat de meeste gemeentelijke deelnemers pas in de loop van Q2 2021 hun gegevens over 2020 in de benchmark uploaden (na opstelling van de jaarrekeningen) kan er ten tijde van de opstelling van deze begroting 2022 nog geen benchmark gegevens worden gepresenteerd.

Het managementteam van het SC-MER heeft de taakstelling geconcretiseerd in deze begroting 2022. We verwachten de benchmarkresultaten eind Q2 en zullen deze meenemen in de P&C-cyclus van het SCMER om ook in de toekomst scherp aan te wind te blijven varen. Nieuwe kostenverdeelsleutel Bedrijfsvoering De drie deelnemende gemeenten hebben besloten de kosten van het programma bedrijfsvoering te verdelen met een nieuwe kostenverdeelsleutel. Deze sleutel is gebaseerd op het aantal gebruikersaccounts. Het aantal gebruikersaccounts geeft een goede indicatie van de producten en diensten die door bedrijfsvoering worden geleverd aan onze klanten. Voor elk account vinden immers bedrijfsvoerings-activiteiten plaats op het gebied van HRM, financiën en informatisering. Met gebruikersaccounts hebben de gemeenten gekozen voor kostentoerekening naar rato van gebruik.

4

Daarnaast hebben de deelnemende gemeenten besloten om de kosten van het programma bedrijfsvoering toe te rekenen aan 4 organisaties (Maasgouw, Echt-Susteren, Roerdalen én het SCMER). Dit betekent dat de kosten van bedrijfsvoering worden toegerekend aan de programma’s Omgevingsdienst en Sociaal Domein op basis van aantal gebruikersaccounts. Doorbelasting naar de gemeenten gebeurt vervolgens op basis van de verdeelsleutel van de OD en de SD. Dit leidt tot de volgende kostenverdeling van de gemeenten aan de programma’s OD, SD, BV en BO. Bijdragen Begroting 2022 SC-MER Maasgouw Bijdrage OD Bijdrage SD Bijdrage BV Bijdrage BO Totaal Echt-Susteren Bijdrage OD Bijdrage SD Bijdrage BV Bijdrage BO Totaal Roerdalen Bijdrage OD Bijdrage SD Bijdrage BV Bijdrage BO Totaal

€ € € € €

1.918.019,00 1.642.889,00 3.550.966,00 354.791,00 7.466.665,00

€ € € € €

2.090.283,00 2.323.375,00 4.336.438,00 191.935,00 8.942.031,00

€ € € € €

1.495.339,00 1.434.422,00 3.179.519,00 124.560,00 6.233.840,00

Loonkosten op basis van functieboeken Vanaf 2020 hebben we een realistische financiële basis voor de toekomst gelegd door de personeelsbegroting op basis van de functieboeken te begroten, gewaardeerd tegen het maximum functieschaal. Deze lijn wordt in 2022 doorgetrokken. Buffer voor inhuur capaciteit bij ziekte Vanaf 2020 volgt het SC-MER de landelijke Personeelsmonitor Gemeenten (A+O fonds gemeenten) voor wat betreft het budget dat kan worden aangewend om in te huren bij langdurig ziekteverzuim. Ook in 2022 volgen we de landelijke personeelsmonitor. Hierbij volgen we de landelijke personeelsmonitor Gemeenten van het A+O Fonds (2019), die aangeeft dat 4,4 % van de loonsom nodig is voor vervanging van langdurig verzuim (> 43 dagen). De omvang in 2022 van de salarissen MER begroot conform functieboek max. functieschaal bedraagt ongeveer € 16,5 miljoen. Het opnemen van een stelpost van 4,4 % t.b.v. vervanging langdurig zieken resulteert in een budget van € 723.000, verdeeld over de programma’s. Maximaal twee begrotingswijzingen per jaar Met de BW 2021-1 is de financiële basis voor het SC-MER op orde gemaakt. Daarmee hoeft de begroting minder vaak tussentijds te worden aangepast. Toch kunnen zich altijd ontwikkelingen blijven voortdoen op basis waarvan aanpassingen noodzakelijk zijn.

Dit zijn aanvullende dienstverlening aan de gemeente(n) en autonome ontwikkelingen die nog niet bij het opstellen van de begroting waren voorzien. De begroting kan maximaal twee keer per jaar wijzigingen: in het

5

voorjaar om eventuele gevolgen van de UPs (aanvullende dienstverlening) te verwerken en na de zomer op basis van de halfjaarrapportage.

Leeswijzer Deze begroting kent 4 programma's, te weten het programma Omgevingsdienst, het programma Sociaal Domein, het programma Bedrijfsvoering en het programma Bestuur & Organisatie. Deze programma’s zijn te vinden in de hoofdstukken, 3, 4, 5, en 6. Hoofdstuk 2 omvat de begrotingsuitgangspunten en geeft een korte financiële samenvatting van de programma’s uit de begroting weer. De programma’s worden opgebouwd aan de hand van de drie 3 W- vragen: ‘Wat willen we bereiken?’, Wat gaan we ervoor doen? en Wat mag het kosten? Bij de eerste W-vraag wordt ingegaan op de 5 ambities (de 5 “K’s”: kwaliteit, kwetsbaarheid, klant, kosten, kleur lokaal). Hoofdstuk 7 omvat de 6 paragrafen. Het laatste hoofdstuk omvat de financiële begroting met de geprognotiseerde balans en de staat van de reserves.

6

Programma Omgevingsdienst 2.1 Inleiding Dit programma bevat een beschrijving van de activiteiten van onze Omgevingsdienst. Het gaat niet alleen over uitvoerende taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving, maar ook over de wijze waarop wij kwaliteit, klantgerichtheid, kostenreductie, kwetsbaarheidsvermindering en (daar waar gewenst) couleur locale willen realiseren.

2.2 Wat willen we bereiken? De missie van de Omgevingsdienst is realisering van de vijf K’s. We willen kostenefficiënte, klantgerichte en kwalitatief hoogwaardige service verlenen op het gebied van vergunningen, toezicht en handhaving, zodat de gemeenten hun ambities op dit terrein kunnen bereiken. Die ambities hebben betrekking op het behouden en waar mogelijk verbeteren van de kwaliteit van de leefomgeving, het beperken van de overlast en het waarborgen van de veiligheid. We willen voldoen aan de (landelijke vereiste) kwaliteit en de afspraken die we met de gemeenten hebben gemaakt over klantgerichtheid en kostenreductie. Kwaliteit en kwetsbaarheidsvermindering Door de samenwerking tussen de OD en de netwerk-RUD voldoen de gemeenten aan de landelijke kwaliteitscriteria op het gebied van Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH). Hierdoor zijn de gemeenten in staat de gewenste kwaliteit, robuustheid (= kwetsbaarheidsvermindering) en continuïteit te leveren. Uitwisseling van kennis en het investeren in de ontwikkeling van medewerkers (middels een eigen opleidingsinstituut, de RUD-academie), alsmede het aan elkaar bieden van ondersteuning bij capaciteitsvraagstukken zijn daarbij belangrijke uitgangspunten. De Omgevingsdienst toetst in toenemende mate ook intern de kwaliteit van de te leveren producten en diensten.

Daartoe worden – zowel binnen de OD als in breder RUD-verband – kwaliteitsaudits uitgevoerd. De audits zijn inmiddels een vast onderdeel van het binnen de Omgevingsdienst gehanteerde principe van continu verbeteren. In 2022 zullen deze kwaliteitsaudits wat anders worden ingevuld vanwege de in 2021 te realiseren overstap naar een nieuw digitaal systeem: Squit2020. Audits en kwaliteitsimpulsen in het procesmatig werken worden nu vooral gericht op het goed leren werken met deze nieuwe applicatie binnen de Omgevingswet. De landelijke kwaliteitscriteria zijn geborgd in de Wet VTH en de gemeentelijke Kwaliteitsverordeningen. De criteria gaan over kritieke massa, proces en inhoud. De criteria voor kritieke massa geven een ondergrens van het aantal medewerkers en hun deskundigheid, die nodig is om activiteiten in continuïteit te kunnen uitvoeren. In het Uitvoeringsprogramma van de Omgevingsdienst is per deskundigheidsgebied met deze ondergrens rekening gehouden. In 2021 en 2022 wordt voor alle VTH-medewerkers van de RUD – waaronder ook de medewerkers van de OD wederom een zogenoemde EVP-meting uitgevoerd. Middels een EVP-meting worden medewerkers aan de hand van de landelijke kwaliteitscriteria getoetst op hun specialistische deskundigheden. Er zijn ook landelijke procescriteria geformuleerd, waaraan gemeenten - en dus ook onze Omgevingsdienst - moeten voldoen.

Het jaarlijkse Uitvoeringsprogramma van de MER-OD, alsmede de bestuurlijke kwartaaldashboards en jaarverslag zijn daar onder meer het resultaat van. In onderstaande tabel zijn drie belangrijke kwaliteitsindicatoren voorzien van een cijfer. Onze Omgevingsdienst werkt binnen haar eigen taakveld aan continue verbetering van de kwaliteit van de producten en daarmee ook aan haar klantgerichtheid. Onder meer wordt hiertoe sinds 2015 7

gebruik gemaakt van de Netto Promotor Score (NPS). De NPS is een instrument om de klantwaardering in beeld te krijgen en o een grote hoeveelheid ‘gratis’ verbeterpunten op te halen. . Tabel 3.2.1 Prestatie-indicatoren Kwaliteit

Omschrijving

Realisatie 2020

Raming 2021

Raming 2022

Voldoen aan landelijke kwaliteitscriteria 2.2 (zgn. ‘Atsma-eisen’)

95%

95%

95%

Klanttevredenheid bij vergunningverlening (NPS)

7,2

7,4

7,4

Percentage ongegrond verklaarde bezwaar- en beroepzaken

91%

95%

95%

Klantgerichtheid De OD heeft tot taak te werken aan realisatie van de met de opdrachtgevers afgesproken dienstverleningsafspraken en –uitgangspunten. Bij klantgerichtheid staan de klantprocessen centraal. Een klantvraag dient zoveel mogelijk integraal te worden benaderd; de vraag wordt meteen vanuit de verschillende beleidsvelden bekeken en beoordeeld. Het is van belang de klantvraag binnen de daarvoor afgesproken dienstverleningsnormen af te handelen, tegen een zo hoog mogelijke kwaliteit en met vaste contactpersonen binnen de organisatie. De OD hecht veel waarde aan de doorontwikkeling van de dienstverlening en ontplooit daartoe voortdurend initiatieven en projecten. Zo wordt de voorbereiding op de aankomende Omgevingswet vormgegeven. En in de MER-brede projectgroep Dienstverlening wordt ook in 2022 weer uitvoering gegeven aan verbeterprojecten voor de klantgerichtheid. Dat zal zich met name richten op het verbeteren van het digitale klantkanaal. Uitgangspunt is daarbij om meer in gezamenlijkheid te komen tot een integrale visie op en uitvoering van dienstverlening voor de vier organisaties. Harmonisatie daar waar kan, couleur locale daar waar moet. Een belangrijke indicator voor de mate van klantgerichtheid is de klanttevredenheid. Hiertoe wordt verwezen naar hetgeen daarover hierboven onder 3.2.1 in relatie tot kwaliteit is opgemerkt.

De andere prestatie-indicatoren op het gebied van klantgerichtheid, zoals hieronder in tabel 3.2.2 vermeld, gaan over doorlooptijden in de afhandeling van klantvragen en het aantal van rechtswege verleende vergunningen.

8

Tabel 3.2.2 Prestatie-indicatoren Kwaliteit

Omschrijving Percentage afgehandelde klantvragen binnen Service Level Agreement (SLA)*: Eenvoudig (<24u) Specialistisch (<2dgn) Complex (<5dgn)

Realisatie 2020

Raming 2021

Raming 2022

88% 77% 86%

95% 85% 75%*

95% 85% 85%

0,8%

0%

0%

Van rechtswege verleende vergunningen

*Deze raming is aanmerkelijk lager dan realisatie 2020. Dat lijkt niet logisch. Reden daarvoor is dat realisatie 2020 al veel gunstiger bleek dan geraamd. Raming 2021 is daarmee enigszins achterhaald, maar wel vastgelegd in de begroting 2021. Raming 2022 is om die reden wat sterker naar boven bijgesteld.

Kostenreductie (efficiency) De visie – de wijze waarop de missie van de Omgevingsdienst wordt gerealiseerd – luidt: “De Omgevingsdienst is een moderne overheidsorganisatie die resultaten boekt en kosten bespaart door te investeren in haar professionals, die met plezier (samen)werken en ontwikkelen”. Net als in alle voorgaande jaren zal de Omgevingsdienst ook in 2022 gaan opereren binnen de haar beschikbaar gestelde middelen. Alleen daar waar additionele dienstverlening vanuit de opdrachtgevers nodig is (extra klantvraag, projecten) zal ook additionele financiering aan de orde zijn. Dit wordt in beeld gebracht middels het Uitvoeringsprogramma 2022. Couleur locale Vraagt een gemeente méér werkzaamheden dan er middelen beschikbaar zijn op basis van de gemeentelijke bijdrage, dan wordt dit additionele dienstverlening genoemd. Dit is aan de orde indien een gemeente veel lokale projecten wenst. Voor deze additionele dienstverlening worden – op basis van het aantal geraamde extra uren – dienovereenkomstig extra financiële middelen beschikbaar gesteld door de gemeente (‘boter bij de vis’). Uiteindelijk worden de kosten voor deze extra werkzaamheden op basis van werkelijke uren op het eind van het jaar afgerekend. Ook in 2022 kan zich een dergelijke situatie met de wens voor additionele dienstverlening voordoen.

Dit zal eerst blijken bij de vaststelling van het Uitvoeringsprogramma 2022. De financiële consequenties van de gevraagde additionele dienstverlening (lasten: extra kosten MER-OD; baten: door gemeenten aan MER-OD beschikbaar gestelde extra middelen) worden tevens – middels een begrotingswijziging – verwerkt in de begroting van het Servicecentrum MER. Voor wat betreft de ‘couleur locale’ in werkprocessen en werkafspraken met de drie opdracht gevende gemeenten is MER-breed de lijn ingezet om meer te komen tot harmonisatie daar waar dat kan.

2.3. Wat gaan we daarvoor doen? Wij voeren voor de deelnemende gemeenten met in achtneming van de kaders voor kwaliteit, klantgerichtheid en kosten uit: a. de reguliere wettelijke taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving in het kader van de Wabo, de APV en een aantal bijzondere wetten; Zie voor de specifieke producten hieronder de productgroepen Vergunningverlening en Toezicht/Handhaving; b. de specifieke lokaal gewenste projecten (aanvullende dienstverlening). Zie hieronder de productgroep Projecten/specifieke wensen.

9

De producten/diensten van de Omgevingsdienst kunnen worden onderverdeeld in drie hoofdgroepen. Onderstaand zijn deze hoofdgroepen weergegeven. In de paragraaf 3.4 wordt weergeven wat de verwachte kosten zijn voor het leveren daarvan. Productgroep Vergunningverlening Vergunningverlening Onder dit product vallen de activiteiten met betrekking tot vergunningverlening die de Omgevingsdienst in 2022 gaat uitvoeren. Door de Omgevingsdienst worden vergunningen verleend en meldingen afgehandeld op grond van de Wabo voor de activiteiten bouwen, ruimtelijke ordening, milieu, brandveiligheid, aanleg, uitweg/inrit, kappen en monumenten. Ook worden vergunningen verleend en meldingen afgehandeld op grond van de APV en enkele Bijzondere wetten (bijvoorbeeld Drank- en Horecawet, Winkeltijdenwet). Specialisten adviseren Daaronder wordt begrepen de specialistische advisering in het vergunningsproces, zoals constructie, bouwfysica, welstand, brandveiligheid, bodem, externe veiligheid, geluid, archeologie/cultuurhistorie, groen/ecologie, milieu/agrarisch. Daarnaast worden door de specialisten op verzoek adviezen verstrekt aan de gemeenten, bijvoorbeeld in het kader van het opstellen van een bestemmingsplan, een ruimtelijk project of een civieltechnisch werk. Dienstverlening Een specifiek onderdeel betreft de dienstverlening aan burgers en bedrijven.

De Omgevingsdienst vormt de 2e lijn in de afhandeling van telefonische en digitale klantvragen. Daartoe zijn binnen de Omgevingsdienst dienstverleningsspecialisten opgeleid, die zoveel mogelijk klantvragen moeten kunnen afhandelen. Daar waar nodig wordt de backoffice ingeschakeld. De concrete uitwerking van deze taken in aantallen en daarvoor benodigde capaciteit wordt verwerkt in het Uitvoeringsprogramma 2022 (UP2022). In het UP2022 wordt per onderdeel de inhoud van de activiteit beschreven, de aantallen geraamd, gekoppeld aan kengetallen en benodigde personele capaciteit. De in het UP2022 te ramen werkzaamheden worden gebaseerd op de ervaringscijfers van 2017-2021 en (landelijke) ontwikkelingen die van invloed kunnen zijn op de te verwachten hoeveelheid werk. Van belang in dit verband zijn de inwerkingtreding van de Omgevingswet en Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen – naar verwachting – per 1 januari 2022. Beide wetten zullen consequenties gaan hebben voor de omvang van de door de Omgevingsdienst uit te voeren taken. Deze consequenties worden zoveel en zo concreet mogelijk uitgewerkt in het UP2022. En vervolgens middels een begrotingswijziging aan de gemeenten worden aangeboden voor wat betreft de financiële gevolgen.

Productgroep Toezicht en Handhaving Toezicht objectbericht In deze categorie vallen de wettelijke taken alsmede de lokale wensen van de 3 gemeenten voor 2022 ten aanzien van de toezicht- en handhavingsinspanningen op het gebied van milieu, bouwen, brandveiligheid, ruimtelijke ordening en APV/Bijzondere Wetten. De belangrijkste taken in deze productgroep betreffen het toezicht op de bedrijven, het bouwtoezicht, toezicht op bestaande gebouwen (brandveiligheid) en toezicht op evenementen. Toezicht gebiedsgericht Het gebiedsgerichte toezicht bestaat hoofdzakelijk uit het toezicht dat door de buitengewoon opsporingsambtenaren van de Omgevingsdienst wordt uitgevoerd in het openbaar gebied van de drie gemeenten. Hierin wordt specifiek aandacht besteed aan thema’s die door de gemeenten 10

belangrijk worden gevonden, zoals foutparkeren, afvaldumpingen en het zichtbaar patrouilleren in woonwijken. Meldingen Een van de meest tijdrovende aspecten van het toezicht, is het afhandelen van ingekomen meldingen. Meldingen worden onderscheiden in meldingen openbare ruimte en objectgerichte meldingen op het gebied van (illegaal) bouwen en (overlast) bedrijven. De meldingen openbare ruimte hebben merendeels betrekking op de gebruikelijke items als parkeeroverlast, hondenpoep, afvaldumpingen en burengerucht, maar kunnen ook heel specifiek zijn (bijvoorbeeld klachten over hangjongeren). Juridische werkzaamheden De juridische werkzaamheden bestaan – grofweg – uit twee delen: het afhandelen van bezwaren en beroepen, gericht tegen besluiten van de Omgevingsdienst, en het treffen van handhavingsmaatregelen bij het constateren van overtredingen door een toezichthouder (aanschrijven, last onder dwangsom/bestuursdwang, bouwstop). In het UP2022 zal per specifiek taakonderdeel worden aangegeven wat de exacte inhoud van de activiteit is, het aantal activiteiten per taakonderdeel, het kengetal en de benodigde personele capaciteit. Ook voor toezicht en handhaving zal de aankomende Omgevingswet wijzigingen met zich meebrengen. En ook geldt dat deze wijzigingen pas concreet kunnen worden gemaakt in het UP2022 en financieel in een van de begrotingswijzigingen voor 2022.

Projecten / Specifieke wensen De projecten verschillen per jaar. Alle projecten worden opgenomen in het UP2022 en worden – mede afhankelijk van bijvoorbeeld seizoensinvloeden en ‘couleur locale’ - in de gemeenten uitgevoerd. Hierdoor is het ook mogelijk in te spelen op de actualiteit en bestuurlijke wensen. Voor de projecten wordt aan de hand van projectopdrachten gewerkt. Afhankelijk van het onderwerp worden de projectleiding en de regie bij de Omgevingsdienst dan wel de gemeente ondergebracht. Als voorbeelden kunnen worden genoemd: Aanpak onrechtmatige bewoning, Evaluatie welstandsbeleid, Aanpak planvoorraad woningen en Aanpak Ondermijning. De benodigde projecturen worden op voorhand gecalculeerd en opgenomen in de projectopdracht. Met de gemeenten vindt afrekening plaats op basis van werkelijk bestede uren. Twee specifieke projecten wordt hieronder iets uitgebreider beschreven. Omgevingswet en Squit2020 In 2022 zal veel aandacht – en daarmee capaciteit – uitgaan naar de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Momenteel (voorjaar 2021) loopt een intensief voorbereidings- en implementatietraject, dat ervoor moet zorgen dat de vier organisaties (gemeenten en Servicecentrum) voorbereid zijn op deze nieuwe regelgeving. Van dit traject maakt ook het project Faciliteren deel uit.

In dit project worden mogelijkheden onderzocht om de dienstverlening aan onze klanten (burgers en bedrijven) te verbeteren. Daarbij wordt bijvoorbeeld het ‘grijze gebied’ verkend tussen toetsen aan regels aan de ene kant en een meer adviserende rol van de Omgevingsdienst aan de andere kant. Dit heeft al diverse resultaten opgeleverd. Veel meer dan nu zal van al onze medewerkers een meer oplossingsgerichte, proactieve en co-creatieve houding worden gevraagd. Dat vergt ontwikkeling van mensen. De Omgevingsdienst is daar al volop mee bezig. Zo is gewerkt aan beschrijving van benodigde competenties en daarbij behorende gedragsindicatoren. Vaardigheden dus die nodig zijn als de Omgevingswet van kracht wordt - de Omgevingswet gaat immers vooral over het aannemen van een andere houding ten opzichte van de klant en samenleving – maar ook al eerder.

11

Inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt digitaal ondersteund door de – reeds voor medio 2021 voorziene – ingebruikname van de nieuwe applicatie Squit2020. Daarmee wordt tevens voorzien in de noodzakelijke aansluiting op het zogenoemde Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Kostenreductie De Omgevingsdienst stelt zich ten doel om de afgesproken taken zo kostenefficiënt mogelijk uit te voeren. Door een deel van het werk – dat veelal sterk afhankelijk is van de wisselende klantvraag – flexibel te organiseren, kunnen kosten worden beperkt. Bovendien werkt de Omgevingsdienst aan het effectief reduceren van kosten bijvoorbeeld door regelmatig gebruik te maken van werkervarings- en stageplekken, maar ook door het genereren van inkomsten: inkomsten uit werkzaamheden voor partners binnen de RUD Limburg Noord en inkomsten uit de RUD-academie (die grotendeels draait op de inbreng van docenten van de MER-OD).

2.4 Wat gaat dat kosten? OMGEVINGSDIENST

Vergunningen

Realisatie 2020

Omgevingscommissie Externe adviseurs Inhuur flexibele schil Proceskosten Totaal

Begroting 2021 na wijzigingen t/m 2021-1

Begroting 2021 na wijzigingen t/m 2021-2

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

€ € € € €

21.425,00 € € 1.623.614,00 € 9.494,00 € 1.654.533,00 €

30.000,00 € 50.000,00 € 446.181,00 € 10.000,00 € 536.181,00 €

30.000,00 € 50.000,00 € 973.231,00 € 10.000,00 € 1.063.231,00 €

30.000,00 € 50.000,00 € 494.761,00 € 10.000,00 € 584.761,00 €

30.000,00 € 50.000,00 € 494.761,00 € 10.000,00 € 584.761,00 €

30.000,00 € 50.000,00 € 494.761,00 € 10.000,00 € 584.761,00 €

30.000,00 50.000,00 494.761,00 10.000,00 584.761,00

Toezicht & Handhaving Autokosten/Lease auto's Afschrijving auto's Totaal

€ € €

37.158,00 € 9.138,00 € 46.296,00 €

42.000,00 € 9.138,00 € 51.138,00 €

42.000,00 € 9.138,00 € 51.138,00 €

42.000,00 € 9.138,00 51.138,00 €

42.000,00 €

42.000,00 €

42.000,00

42.000,00 €

42.000,00 €

42.000,00

Personeel

Kosten Personeel Overige personeelskosten Stelpost langdurig ziekteverzuim Stelpost onvoorzien Totaal

€ € € € €

4.445.570,00 € 317.763,00 € € € 4.763.333,00 €

4.852.064,00 € 4.852.064,00 € 4.852.064,00 € 276.737,00 € 276.737,00 € 276.737,00 € 212.281,00 € 212.281,00 € 212.281,00 € 50.000,00 € 50.000,00 € 50.000,00 € 5.391.082,00 € 5.391.082,00 € 5.391.082,00 €

4.852.064,00 276.737,00 212.281,00 50.000,00 5.391.082,00

Doorbelasting

Doorbelasting bedrijfsvoering

€

-

€

1.435.709,00 €

1.429.871,00 € 1.422.217,00 €

1.422.217,00

Totaal

€

-

€

€

1.435.709,00 €

1.429.871,00 € 1.422.217,00 €

1.422.217,00

€

6.464.162,00

€

5.900.901,00 €

6.455.451,00 €

7.462.690,00

7.447.714,00 € 7.440.060,00

€

7.440.060,00

€ € €

1.975.538,00 € 2.179.148,00 € 1.396.369,00 €

1.854.019,00 € 2.119.427,00 € 1.510.195,00 €

1.854.019,00 € 2.119.427,00 € 1.510.195,00 €

1.918.019,00 € 2.090.283,00 € 1.495.339,00 €

1.914.834,00 € 1.914.834,00 € 2.086.812,00 € 2.086.812,00 € 1.492.857,00 € 1.492.857,00 €

1.914.834,00 2.086.812,00 1.492.857,00

€ € €

500.345,00 € 545.282,00 € 390.082,00 €

Totale lasten Bijdrage gemeenten

Maasgouw Echt-Susteren Roerdalen

€

4.824.564,00 € 4.852.064,00 € 276.737,00 € 276.737,00 € 212.281,00 € 212.281,00 € € 5.313.582,00 € 5.341.082,00 € -

€ -

-

€

-

Doobelasting Maasgouw Doorbelasting Echt-Susteren Doorbelasting Roerdalen

€

498.310,00 € 543.065,00 € 388.496,00 €

495.643,00 € 540.158,00 € 386.416,00 €

495.643,00 540.158,00 386.416,00

100.000,00 € 100.000,00 € 7.024.374,00 € 7.016.720,00 €

100.000,00 7.016.720,00

Inkomsten detachering Inkomsten RUD / Acad. Totaal

€ € €

8.948,00 185.257,00 € 5.745.260,00 €

100.000,00 € 5.583.641,00 €

100.000,00 € 5.583.641,00 €

100.000,00 € 7.039.350,00 €

UP

Maasgouw Echt-Susteren Roerdalen Totaal

€ € € €

274.324,00 € 249.424,00 € 27.894,00 € 551.642,00 €

51.800,00 € 58.800,00 € 39.400,00 € 150.000,00 €

259.312,00 € 284.680,00 € 54.478,00 € 598.470,00 €

51.800,00 € 58.800,00 € 39.400,00 € 150.000,00 €

51.800,00 € 58.800,00 € 39.400,00 € 150.000,00 €

51.800,00 € 58.800,00 € 39.400,00 € 150.000,00 €

51.800,00 58.800,00 39.400,00 150.000,00

Bijdrage VVGB

Maasgouw Echt-Susteren Roerdalen Totaal

€ € € €

101.490,00 € 46.268,00 € 19.502,00 € 167.260,00 €

101.490,00 € 46.268,00 € 19.502,00 € 167.260,00 €

171.490,00 € 70.048,00 € 31.802,00 € 273.340,00 €

171.490,00 € 70.048,00 € 31.802,00 € 273.340,00 €

171.490,00 € 70.048,00 € 31.802,00 € 273.340,00 €

171.490,00 € 70.048,00 € 31.802,00 € 273.340,00 €

171.490,00 70.048,00 31.802,00 273.340,00

Totale baten

€

6.464.162,00 €

5.900.901,00 €

6.455.451,00 €

7.462.690,00 €

7.447.714,00 € 7.440.060,00 €

7.440.060,00

Saldo

€

-

€

-

€

-

€

-

€

-

€

-

€

-

12

Toelichting Onze lasten bestaan uit personeelskosten: loonkosten, inhuurkosten, overige personeelskosten en een doorbelasting van kosten bedrijfsvoering. Onze baten bestaan uit de bijdragen van de deelnemende gemeenten, bijdragen inzake aanvullende dienstverlening en de inkomsten uit werkzaamheden voor derden (RUD) en de MER-Academie. Hieronder wordt de begroting verder toegelicht. Bijdrage gemeenten Voor de uitvoering van de reguliere wettelijke taken, jaarlijks vast te leggen in een Uitvoeringprogramma, ontvangt de Omgevingsdienst jaarlijks een bijdrage van de drie gemeenten. Tot en met het begrotingsjaar 2018 was deze bijdrage voorts gebaseerd op een vaste kostenverdeelsleutel, voortvloeiend uit de onderlinge verhouding van de door de drie gemeenten in 2013 in de Omgevingsdienst ingebrachte personele middelen. Met ingang van het begrotingsjaar 2019 wordt de gemeentelijke bijdrage bepaald op basis van de werkelijke output T-2; voor de gemeentelijke bijdrage aan de Omgevingsdienst in 2022 is derhalve de output van het jaar 2020 bepalend. Inkomsten RUD-werkzaamheden en MER/RUD-Academie Binnen de Regionale Uitvoeringsdienst (RUD) wordt samengewerkt door de deelnemende gemeenten. Deze samenwerking kan uitmonden in het door een gemeente feitelijk ondersteunen van een andere gemeente door het leveren van capaciteit.

Deze werkzaamheden worden binnen de RUD uitgevoerd tegen een vast uurtarief (2021: € 79, uurtarief 2022 is nog niet vastgesteld). De Omgevingsdienst heeft de afgelopen jaren inkomsten kunnen genereren als gevolg van het leveren van capaciteit aan een aantal RUD-partners. Het inschatten van deze inkomsten voor 2022 is lastig. Er is een ontwikkeling aan de orde waarbij steeds meer gemeenten – onder financiële druk – kiezen voor herprioritering van toezichttaken. En als gevolg daarvan de ondersteuning vanuit de Omgevingsdienst niet of in mindere mate nodig hebben. Anderzijds zien we wel een toenemende behoefte aan specialisten (energie, bodem, groen, externe veiligheid, geluid). Op deze vakdisciplines kan de Omgevingsdienst mogelijk wat meer – beter gesteld: nog meer dan nu reeds het geval is – gaan betekenen voor de regio. Daarnaast genereert de Omgevingsdienst inkomsten door het aanbieden van trainingen aan andere organisaties vanuit de MER/RUD-Academie. De Omgevingsdienst organiseert trainingen op allerlei deelgebieden van het omgevingsrecht voor en door eigen medewerkers, maar ook medewerkers van andere organisaties kunnen hierbij aansluiten. Deze inkomsten zijn reeds een aantal jaren stabiel. Resumerend worden de inkomsten uit de RUD-samenwerking vooralsnog voor 2022 wederom ingeschat op € 100.000.

13

Programma Sociaal Domein 3.1. Inleiding De drie MER-gemeenten werken jaarlijks met het team Sociaal Domein samen aan een zo realistisch mogelijk uitvoeringsprogramma dat richting geeft aan taken, ontwikkelingen en projecten die het team voor de drie gemeenten gezamenlijk (of juist specifiek voor één afzonderlijke gemeente) uitvoert. Het gaat daarbij om het vinden van de juiste balans tussen de beschikbare capaciteit van het team en de hoeveelheid uit te voeren taken en werkzaamheden. Lean, klantwaarde centraal stellen en het continu verbeteren van processen, is geborgd binnen het team. Door een goede analyse van de wensen en ontwikkelingen van de MER-gemeenten geeft het uitvoeringsprogramma richting aan het gewenste niveau van kwaliteit en klantgerichtheid. Daarnaast geeft het mogelijkheden om kostenreductie te realiseren, mogelijkheden om in te spelen op kwetsbaarheid en mogelijkheden om risico’s voor het team nadrukkelijk onder de aandacht te brengen. 3.2. Wat willen we bereiken? Kwaliteit Ook in 2022 zetten we in op het verlenen van kwalitatief goede service en excellente dienstverlening op het gebied van zorg, ondersteuning en participatie.

Als team Sociaal Domein dragen wij bij aan het bereiken van de volgende maatschappelijke effecten:  De zelfredzaamheid van burgers vergroten;  De participatie verhogen zowel op werk- als maatschappelijk gebied, iedereen kan meedoen;  Voorzien in een laagdrempelige en toegankelijke zorg  Inwoners kunnen zo lang als mogelijk zelfstandig wonen  De 2de lijns-zorg transformeren naar 1ste lijns-zorg en eigen kracht Op het gebied van de sturings- en managementinformatie ontwikkelen we door om optimaal in positie te blijven als het gaat om het sturen, managen en uitvoeren van de taken in het sociaal domein binnen de kaders van het uitvoeringsprogramma. Klantgerichtheid Wij willen een excellente dienstverlener zijn voor onze burgers en de partners. We communiceren in heldere taal. Onze dienstverlening staat in het teken van de klant. Wij zijn toegankelijk en dichtbij georganiseerd. We werken met gemeenteteams waarbij de klantmanagers Wmo, werk en inkomen per gemeente actief zijn. Onze klantmanagers zijn voor zowel de burger als voor de ketenpartners het bekende gezicht in één of meerdere kernen. Waar gebundelde kennis en kunde efficiënter is, werken we in MER-brede teams. Een voorbeeld hiervan is het team bijzondere verstrekkingen voor de bijzondere bijstand en minimaregelingen.

We springen in op de snel veranderde vraag en zijn daarmee flexibel in onze dienstverlening naar burgers toe. Kostenreductie (efficiency) Het ingezette leantraject heeft zijn beslag gekregen. De borging van lean is in de organisatie opgenomen. In 2022 blijven we vanuit de leangedachte werken aan het optimaliseren van onze processen.

14

Couleur locale Het sociaal domein werkt in opdracht van de drie gemeenten. Autonomie in beleid van de gemeenten is daarbij een gegeven, waarbij we in de uitvoering wel de toegevoegde waarde hiervan afwegen tegen klantgerichtheid en efficiency en hierover het gesprek aangaan met de gemeentelijke opdrachtgevers. We verhouden ons tot deze couleur locale onder andere door de inzet van de gemeenteteams. De klantmanagers in deze teams kennen de sociale kaart van de betreffende gemeente. Wij vinden het belangrijk met de inzet van de medewerkers aan te sluiten bij de wensen en uitgangspunten van de gemeente. Dit versterkt de verbondenheid en het realiseren van de doelen. Specifieke opdrachten die de couleur locale versterken, kunnen worden verstrekt middels projecten (aanvullende dienstverlening.) Kwetsbaarheid Door het samenbrengen van de werkzaamheden van de drie gemeenten binnen het team Sociaal Domein MER is de eerdere kwetsbaarheid grotendeels opgeheven. Doordat afgelopen jaren het beleid grotendeels is geüniformeerd kan het Sociaal Domein efficiënter werken, is dienstverlening verbeterd en de kwetsbaarheid verminderd. Ontwikkelingen 2022 De volgende interne en externe ontwikkelingen worden verwacht in 2022:  De verdere decentralisatie naar gemeente van Beschermd Wonen.

 De nieuwe Inburgeringswet, waarbij alle taken op het gebied van begeleiding en scholing van statushouders weer richting gemeenten worden gedecentraliseerd.  Wijzigingen in de Participatiewet in het kader van het Breed Offensief, waarbij de stap naar werk aantrekkelijker en eenvoudiger wordt voor mensen met een arbeidsbeperking.  Regionale doorontwikkeling uitvoering participatie.  In 2021 wordt de e-dienstverlening verder ingezet. De inrichting hiervan zal in 2022 worden afgerond zodat we dan optimaal gebruik kunnen maken van de e-dienstverlening. In afstemming met de gemeenten worden de gevolgen van deze ontwikkeling voor het team Sociaal Domein in kaart gebracht. 3.3. Wat gaan we daarvoor doen? We voeren voor de deelnemende gemeenten de volgende producten en diensten uit:  de Wmo;  de Participatiewet;  de Ioaw, Ioaz  ondersteuning aan ondernemers (Bbz) ;  het afgeven van sociaal medische indicaties o.g.v. de Wet kinderopvang;  het minimabeleid;  de gehandicaptenparkeerkaart;  het leerlingenvervoer. De ervaring in 2020 (TOZO) en 2021 (TONK) heeft ons geleerd dat we flexibel inspelen op snel veranderende wetgeving en nieuwe regelingen. Ook in 2022 pakken we dit, waar dat van ons gevraagd wordt, voortvarend op.

Met het uitvoeringsprogramma (UP) wordt een concrete invulling gegeven aan de producten en projecten die we voor de gemeenten uitvoeren en de hierover gemaakte afspraken. Het uitvoeringsprogramma is de basis voor ons dagelijks handelen. De realisatie van de gemaakte

15

afspraken wordt gemonitord. Ieder kwartaal wordt aan de drie gemeenten gerapporteerd over de resultaten. Kwaliteit Ook in 2022 brengen onze medewerkers in de klantgesprekken de klantsituatie optimaal in beeld om zodoende de producten te kunnen leveren die bijdragen aan de best passende ondersteuningsvraag. We houden in 2022 onverkort vast aan de uitgangspunten van de omgekeerde toets: we laten wetgeving geen beperking zijn, treden meer faciliterend op en werken vraag- en oplossingsgericht. Ook passen we instrumenten zoals mobility mentoring en positieve gezondheid toe om de kwaliteit van de dienstverlening verder te optimaliseren. Met de ketenpartners in de wijk(teams) vindt integrale afstemming plaats, onder andere door te participeren in casus overleggen. Kwaliteitscriteria vormen het fundament voor een adequate uitvoering van taken binnen het gebied van het Sociaal Domein. Toetsing vindt plaats conform de toets- en controlesystematiek zoals in het kwaliteitsplan van het Sociaal Domein opgenomen. Er wordt in de lijn getoetst op basis van steekproeven, waarbij extra aandacht is voor aspecten zoals doelmatigheid en de omgekeerde toets. Per kwartaal wordt een rapportage met resultaten en verbeterpunten opgesteld en met de medewerkers besproken. Om de kwaliteit te meten hebben wij een aantal prestatie-indicatoren met de moedergemeenten afgesproken.

Wij zorgen ervoor dat we de afgesproken streefwaarden op het gebied van doorlooptijden, aantal klachten en bezwaar en beroep behalen. In het per 1 januari 2022 geactualiseerde Opleidingsplan Sociaal Domein 2019-2022 is opgenomen welke opleidingen we nodig vinden voor de doorontwikkeling van onze organisatie én de doorontwikkeling van onze medewerkers. De opleidingen die worden aangeboden zijn enerzijds gericht op het ontwikkelen en bijhouden van kennis en anderzijds op de ontwikkeling van competenties en inzicht. Klantgerichtheid De beweging van “focus op rechtmatige en efficiënte afhandeling op basis van wet- en regelgeving” naar een “faciliterend optreden waarbij we vraag- en oplossingsgericht werken” is gemaakt. De klant is het uitgangspunt: we kijken naar diens vraag, leefwereld en behoefte en zorgen samen met de klant voor praktische oplossingen. Vanzelfsprekend blijven we oog hebben voor eigen kracht en netwerk en welke algemene voorzieningen al (deels) een oplossing kunnen bieden. We blijven actief aan de slag met de integrale dienstverlening aan de klant. We vinden het belangrijk te weten wat de burger van onze dienstverlening vindt. Binnen de WMO en werk en participatie is de klanttevredenheidsmeting in het proces opgenomen. Na afhandeling van een aanvraag informeren we bij de klant hoe de dienstverlening werd ervaren en of de oplossing naar tevredenheid is.

Kostenreductie Wat betreft de kosten sturen we tweeledig:  Kostenbeheersing via de begrotingscyclus, het uitvoeringsprogramma en het monitoren van - de realisatie.  Efficiency door het intern sturen op normtijden, waaronder het monitoren van prognose versus realisatie. We blijven actief op zoek naar meer efficiency en naar het optimaliseren van de balans tussen beschikbare capaciteit en de hoeveelheid uit te voeren taken en werkzaamheden. Medewerkers worden flexibel ingezet en we blijven streven naar verdere automatisering van ondersteunende processen. 16

Couleur locale We geven binnen de gemaakte afspraken uitvoering aan de gemeentelijke projecten. Daar waar couleur locale niet bijdraagt aan het bereiken van de doelstellingen of maatschappelijke effecten van de gemeenten en in de uitvoering tot verschillen leidt of niet efficiënt is, bespreken we dit met de gemeenten en zoeken we naar een gezamenlijke oplossing. . Gevraagd en ongevraagd adviseren wij. Kwetsbaarheid Onze taken en werkzaamheden zijn ingebed in de organisatie en op een lean wijze ingericht, zodat we daarmee een optimale klantgerichte benadering bereiken waarbij de kosten worden geminimaliseerd.

3.4. Wat gaat dat kosten? SOCIAAL DOMEIN

Sociaal Domein

Projecten

Overig

Doorbelasting

Realisatie 2020

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Kosten personeel

€

4.802.336,00 €

4.735.751,00 €

4.735.751,00 €

5.100.911,00 €

5.100.911,00 € 5.100.911,00 €

Totaal

€

4.802.336,00 € 4.735.751,00 €

4.735.751,00 €

5.100.911,00 €

5.100.911,00 € 5.100.911,00 € 5.100.911,00

Kosten personeel / inhuur

€

972.355,00

Totaal

€

972.355,00 €

Overige personeelskosten Kosten overig Implementatiebudget Stelpost langdurig ziekteverzuim Stelpost onvoorzien

€ € €

331.288,00 € 70.799,00 € 106.575,00 € € €

285.052,00 € 75.000,00 € 112.251,00 € 206.613,00 € €

285.052,00 € 75.000,00 € 112.251,00 € 206.613,00 € €

Totaal

€

508.662,00 €

678.916,00 €

678.916,00 €

684.935,00 €

€

1.360.932,00 €

€

1.360.932,00 €

1.355.399,00 € 1.348.143,00 € 1.348.143,00

-

€

859.772,00

€

859.772,00

Doorbelasting bedrijfsvoering Totaal

Totale lasten Bijdrage gemeenten

Begroting 2021 Begroting 2021 na na wijzigingen wijzigingen t/m Begroting 2022 t/m 2021-1 2021-2

Maasgouw Echt-Susteren Roerdalen

€

-

€

-

€

-

€ 271.071,00 € 60.000,00 € 97.251,00 € 206.613,00 € 50.000,00 €

-

€

-

5.100.911,00

€

-

217.144,00 € 60.000,00 € 97.251,00 € 206.613,00 € 50.000,00 €

217.144,00 € 60.000,00 € 97.251,00 € 206.613,00 € 50.000,00 €

217.144,00 60.000,00 97.251,00 206.613,00 50.000,00

631.008,00 €

631.008,00 €

631.008,00

1.355.399,00 € 1.348.143,00 €

1.348.143,00

€

6.283.353,00 € 5.414.667,00 €

6.274.439,00 €

7.146.778,00 €

7.087.318,00 € 7.080.062,00 € 7.080.062,00

€ € €

1.507.085,00 € 2.320.473,00 € 1.395.532,00 €

1.523.290,00 € 2.354.934,00 € 1.516.443,00 €

1.642.889,00 € 2.323.375,00 € 1.434.422,00 €

1.626.484,00 € 1.626.484,00 € 2.300.176,00 € 2.300.176,00 € 1.420.099,00 € 1.420.099,00 €

€ € €

413.996,00 € 585.472,00 € 361.464,00 €

412.312,00 € 583.093,00 € 359.994,00 €

410.105,00 € 579.971,00 € 358.067,00 €

410.105,00 579.971,00 358.067,00

20.000,00 € 271.080,00 € 107.000,00 €

20.000,00 € 56.160,00 € 112.500,00 €

20.000,00 € 56.160,00 € 112.500,00 €

20.000,00 € 56.160,00 € 112.500,00 €

20.000,00 56.160,00 112.500,00

60.750,00 € 63.750,00 € 72.000,00 €

60.750,00 € 63.750,00 € 72.000,00 €

60.750,00 € 63.750,00 € 72.000,00 €

60.750,00 63.750,00 72.000,00

7.087.318,00 € 7.080.062,00 €

7.080.062,00

1.523.290,00 € 2.354.934,00 € 1.516.443,00 €

Doorbelasting Maasgouw Doorbelasting Echt-Susteren Doorbelasting Roerdalen Overige baten € BBZ Roerdalen € Uitvoering TOZO (M,E,R) € Bijdrage WSP (M,E,R) € Impl. Abonnementstarief (M,E,R) € Wijziging PGB tarieven (M,E,R) € Divosa Benchmark (M,E,R) € Deelname benchmark statushouders Project ondermijning Roerdalen € Aanvalsplan Maasgouw € Participatie Statushouders Maasgouw € SWT Roerdalen € SWT Maasgouw € SWT Echt-Susteren € Omnibuzz (M,R) € Hoarding (M) € Extra inhuur inkomen (M,E,R) € Project extra inzet waar nodig Roerdalen € Project kinderopvang Roerdalen € Uitvoering kindpakket Echt-Susteren € Project mantelzorgcompliment (E,R) € Workshops re-integratie statushouders € Workshops participatieverklaring Brede intake Roerdalen

67.905,00 20.000,00 € 347.900,00 82.500,00 27.837,00 13.223,00 8.418,00

Totale baten

€

6.283.353,00 €

Saldo

€

20.000,00 € € €

38.500,00 47.970,00 204.310,00 63.888,00 44.271,00 48.340,00 10.013,00 3.267,00 8.325,00 1.694,00 11.616,00 1.513,00 8.773,00 -

-

€

€ € €

8.444,00 4.412,00 55.000,00

€ € € €

120.000,00 66.392,00 € 69.549,00 € 78.583,00 €

€ € € € € € € €

18.342,00 7.800,00 18.720,00 1.625,00 9.425,00 13.000,00 3.120,00 7.280,00

5.414.667,00 €

-

€

6.274.439,00 €

-

€

7.146.778,00 €

-

€

-

€

-

€

1.626.484,00 2.300.176,00 1.420.099,00

-

17

Toelichting De lasten bestaan vooral uit de personeelskosten van de teams frontoffice en backoffice, i.c. loonkosten, inhuurkosten en overige personeelskosten. De beschikbare formatie per jaar vormt steeds de basis voor de uit te voeren taken binnen het Uitvoeringsprogramma en dit dient met elkaar in balans te zijn. Wensen die boven de beschikbare formatie uitstijgen, vertalen we in projecten per gemeente en worden door de gemeente afzonderlijk bekostigd en middels een kwartaalafrekening achteraf in het lopende jaar betaald. Onze baten bestaan uit de bijdragen van de deelnemende gemeenten en de bijdragen die te maken hebben met de aanvullende dienstverlening / projecten voor de drie gemeenten.

18

Programma Bedrijfsvoering 4.1. Inleiding Bedrijfsvoering van SC-MER kan enkel kwaliteit leveren en kostenefficiënt zijn wanneer de processen, de producten en diensten zoveel mogelijk worden gestandaardiseerd voor de 4 MER-organisaties en wanneer de drie gemeenten kennis en kunde op het gebied van bedrijfsvoering zoveel mogelijk centraliseren in het SC-MER. Het SC-MER heeft de opdracht om de regie te pakken door initiërend op de inhoud en sturend op het proces te zijn. In onderstaande tabel is tot uitdrukking gebracht dat “initiërend op inhoud en sturend op proces” betekent dat Bedrijfsvoering zich daarmee onderscheidt van de Omgevingsdienst en het Sociaal Domein. Het inhoudelijke bedrijfsvoerings-beleid wordt door de vier organisaties gezamenlijk bepaald. Het SC-MER voert hierin de regierol initiërend vanuit in de inhoud, sturend op het proces.

SD en OD

Bedrijfsvoering

Inhoudelijk beleid

Primaat gemeente, SC-MER adviserend

Primaat SC-MER, gemeenten toetsend

Rol SC-MER

Primair uitvoerend

Beleid én uitvoering

Verhouding

Opdrachtgever/ opdrachtnemer

Samenwerking met regie vanuit SCMER

Het programma Bedrijfsvoering omvat de werkvelden Financiën (team Financiën), DIV en I&A (team Informatisering) en HRM (team HRM).

4.2. Financiën 4.2.1

Wat willen we bereiken?

De missie van het team Financiën is de realisatie van de vijf K's. Die ambities hebben betrekking op het opleveren van kwalitatief, goede P&C producten (begroting, jaarrekening), het uitbrengen van adequaat, financieel advies en het voeren van een betrouwbare, actuele financiële administratie.

4.2.2

Wat gaan we daarvoor doen?

Kwaliteit / Klantgerichtheid Kwaliteit uit zich voor het team Financiën op diverse manieren, bijvoorbeeld door een goed en efficiënt proces van oplevering van de P&C producten en de inhoudelijke kwaliteit van advisering. Dit zal op verder op peil gehouden worden en verbeterd door vakinhoudelijke BBV opfriscursussen en trainingen adviesvaardigheden.

19

Verder zijn de belangrijkste processen bij financieel beheer uniform vormgegeven middels de LEAN systematiek, hetgeen niet alleen een kwaliteitsimpuls is maar ook de klantgerichtheid ten goede komt. Kostenreductie (efficiency) Het team Financiën opereert binnen de daarvoor beschikbaar gestelde middelen. In het verleden is de veelal duurdere flexibele schil (inhuur) geheel afgebouwd en wordt het werk uitgevoerd met alleen collega’s die in vaste dienst zijn. Deze koers willen we continueren in 2022. Kwetsbaarheid Als gevolg van eerder genomen besluiten (uitbreiding van het team Financiën op het vlak van financieel advies, functioneel beheer en heffing en invordering) is de basis van het team op orde en de kwetsbaarheid (aanzienlijk) verminderd.

4.3.

HRM

4.3.1

Wat willen we bereiken?

De missie van het team HRM is de realisatie van de vijf K’s. Binnen het taakveld HRM willen we kostenefficiënte, klantgerichte en kwalitatieve hoogwaardige service verlenen. Ook in 2022 hebben die ambities betrekking op het uitbrengen van advies, het voeren van een correcte salarisadministratie en ondersteuning HRM.

4.3.2

Wat gaan we daarvoor doen?

Het uitbrengen van advies willen we in 2022 steeds verder professionaliseren zodat het resultaat van de advisering is dat de klant (of opdrachtgever) een kwalitatief toepasbaar antwoord of advies heeft op de vraag. Denk hierbij aan organisatieontwikkeling, arbeidsvoorwaarden, toepassing HRinstrumentarium, proces arbeidsongeschiktheid, werving & selectie en medezeggenschap. Met het voeren van een juiste, tijdige en volledige salarisadministratie willen we voldoen aan de weten regelgeving die hierop van toepassing is. Vanuit ondersteuning HRM dragen we zorg voor een juiste uitvoering van de CAO, Gemeentewet, lokaal beleid en specifieke wensen. Daarnaast draagt ondersteuning zorg voor een volledige en juiste aanlevering van verzuimadministratie, personeelsadministratie, bijdrage P&C (bijvoorbeeld loonkosten, interne controle). Tot slot zorgt functioneel beheer HRM voor een kwalitatieve inrichting van de personeels- en salarisapplicaties die inhoudelijk voldoen aan de wettelijke eisen en lokale regelingen. Samengevat willen we in 2022 voldoen aan de te verwachten professionele kwaliteit in advisering en ondersteuning naar de 4 organisaties. Kwaliteit Kwaliteit uit zich voor HRM op diverse manieren. Denk hierbij aan een goed en efficiënt proces salarisadministratie, in inhoudelijke kwaliteit van producten en diensten en de tevredenheid van de klant.

In 2022 wordt het proces om te komen tot betere managementgegevens / sturingsinformatie doorgezet en kan een kwaliteitsimpuls plaatsvinden. De vervanging van het HRM softwarepakket biedt hiertoe mogelijkheden. Zoals in de kadernota 2022 aangegeven eindigt het contract met de huidige leverancier Centric (salarisverwerking, p-registratie, bewaking diverse HRM-processen). Dit geeft het SCMER en de MER-gemeenten de kans en de mogelijkheid over een nieuwe pakketkeuze 20

en hiermee ook een kwaliteitsimpuls te genereren (betere managementgegevens, dashboards en meer managing self service). Ook willen we in 2022 weer investeren in de ontwikkeling van de medewerkers. Dit voortkomend uit de gesprekscyclus 2021 waarin elke maand verbinding is gelegd tussen leidinggevende en HRMmedewerker. Deze gesprekken in 2021 zijn de basis voor ontwikkelstappen in 2022. Ook willen we in 2022 doorgaan met het onderling toetsen van producten om zo een verhoogde kwaliteit te realiseren. Klantgerichtheid De dienstverlening vanuit HRM staat in het teken van de klant. In 2022 willen we opnieuw investeren in verbinding en relatie, wensen ophalen en ontwikkelingen van dichtbij organiseren. We willen als HRM altijd door ontwikkelen en de dienstverlening optimaliseren om zo alle expertise voor alle klanten beschikbaar te maken. De werkwijze van de accountteams zullen we in 2022 daarom continueren. Dus ook in 2022 behoud iedere leidinggevende zijn eigen aanspreekpunt maar kan het zijn dat achter de schermen een collega met meer expertise de vraag zal oppakken. Ook gaan we in 2022 klanttevredenheidsonderzoeken houden voor HRM. We proberen hierbij aansluiting te zoeken bij de NPS-methode waarmee de Omgevingsdienst al jarenlang ervaring heeft opgedaan. In 2022 zullen we ook de gesprekscyclus voortzetten voor alle collega’s HRM.

Door ook in 2022 maandelijks in gesprek te zijn kunnen we gerichter sturen op de ontwikkeling van collega’s en daarbij behorende competenties en gedragsindicatoren. Zo kunnen we nog meer sturen op een oplossingsgerichte, proactieve en klantgerichte houding. Kostenreductie (efficiency) Het team HRM opereert binnen de daarvoor beschikbaar gestelde middelen. In het verleden is de veelal duurdere flexibele schil (inhuur) geheel afgebouwd en in invulling gegeven met alleen collega’s die in vaste dienst zijn. Deze koers willen we continueren in 2022. Couleur locale De werkzaamheden zullen ook in 2022 in de volle breedte vrijwel gelijk zijn voor de 4 organisaties. Vraagt een organisatie in 2022 meer specifieke werkzaamheden / maatwerk dan bekijken we hoe we dit vanuit HRM kunnen faciliteren. De ervaring leert dat dit een heel klein onderdeel is. De focus ligt juist op uniformeren en standaardiseren. Additionele dienstverlening of maatwerk waar gewenst kan zich uiteraard ook in 2022 voordoen. We proberen dit te faciliteren waarbij we uiteraard kijken of het lokaal gevraagde maatwerk niet voor alle 4 de organisaties kan gelden. We werken in opdracht van maar nemen ook onze signaleringsrol waar gevraagd bij de uitvoering.

Kwetsbaarheid Met het samenbrengen van de HRM werkzaamheden binnen het SCMER is een stevige basis gelegd voor een optimale klantgerichte benadering en de uitvoering van producten en diensten. Dit alles met als doel de kosten te minimaliseren. Door een brede basis is de kwetsbaarheid verminderd. Wel is eerder de kwetsbaarheid van het pakket E-HRM in beeld gebracht. Dit pakket (salarisverwerking, pregistratie, bewaking diverse HRM-processen) is verouderd en zal niet meer ondersteund worden vanaf 2023. We zien de kwetsbaarheid toenemen in de uitvoering we zullen in 2022 tot aanschaf/implementatie van een nieuw E-HRM systeem over gaan.

4.4. Informatisering Na de jaren 2017 t/m 2019 waarin DIV en I&A met beperkte capaciteit opgestart zijn binnen SC-MER en de herijking in 2020 (bedrijfsplan informatisering) is in 2021 de doorontwikkeling van het team Informatisering krachtig opgepakt. Er is getransformeerd van grotendeels inhuur naar structurele 21

eigen capaciteit. Dit resulteert in 2022 in en een stabiele, robuuste goede dienstverlening voor de gemeenten en de eigen organisatie. De missie van het team Informatisering (bedrijfsplan informatisering 2020) is: “Wij ontzorgen de deelnemende klantorganisaties door moderne informatiseringsfaciliteiten en diensten op een veilige manier beschikbaar te stellen tegen een marktconforme prijs, met een hoge betrouwbaarheid en een dienstverlenende instelling, zodat optimaal voorzien wordt in de behoefte van de klanten van de klantorganisaties”. Team Informatisering kent de volgende aandachtsgebieden die als zodanig ook organisatorisch herkenbaar zijn:  Informatiebeheer analoog en digitaal (v/h DIV);  Gegevensveiligheid (informatiebeveiliging en privacy);  Informatie- en communicatietechnologie (ICT);  Informatiemanagement (informatiebeleid en -advies, functioneel en gegevensbeheer). 4.4.1. Wat willen we bereiken? Informatiebeheer (v/h DIV)  Ons dagelijkse werk doen en daarmee onze interne en externe klanten goed van dienst zijn primair op een uniforme manier, waarbij we – voor zover daar mogelijkheden voor zijn – rekening houden met lokale behoeften en voorkeuren.  Efficiënter werken, waardoor de kosten waar mogelijk nog verder gereduceerd worden.

 Kwaliteit van de producten, diensten en processen verder verbeteren, om interne en externe klanten nog beter te faciliteren en om aan wetgeving te (blijven) voldoen.  Een meer stabiele bezetting, hetgeen een positief effect heeft op de kwaliteit van de werkprocessen, de klantgerichtheid en op de vermindering van de kwetsbaarheid. Gegevensveiligheid  Borgen van de gegevensveiligheid (informatiebeveiliging en privacy) binnen servicecentrum MER.  Ontzorgen van de deelnemende gemeenten op gebied van informatiebeveiliging en privacy. Informatie- en communicatietechnologie (ICT)  Een hoge mate van betrouwbare, beveiligde beschikbaarheid van alle ICT-faciliteiten variërend van datacenter, netwerk, werkplekken tot smartphones door preventief, correctief en adaptief onderhoud, zodat de continuïteit van de dienstverlenende processen van de deelnemende gemeenten en servicecentrum MER gewaarborgd is.  Een adequate ondersteuning van gebruikers van ICT-faciliteiten bij vragen of storingen. Informatiemanagement  Een gedragen toekomstvast en kaderstellend beleid op gebied van informatievoorziening en automatisering dat de deelnemende gemeenten én servicecentrum MER de richting geeft, zodat – met uitvoering van dat beleid – een uitstekende ondersteuning geboden wordt in werkprocessen en dienstverlening aan burgers en bedrijven.

 Vakkundige implementatie van nieuwe en vervangende ICT-faciliteiten binnen de overeen gekomen beleidskaders.  Een adequate controle op kwaliteit van gegevens en het leveren van toepasbare stuurinformatie.  Optimale benutting van gebruiksmogelijkheden van applicaties door medewerkers van deelnemende gemeenten en servicecentrum MER. 22

4.4.2 Wat gaan we daarvoor doen? Informatiebeheer (v/h DIV) Het cluster informatiebeheer registreert de inkomende, interne en uitgaande post en beheert de archieven (van niet-overgebrachte én overgebrachte archiefbescheiden) voor de drie moedergemeenten en het servicecentrum MER. Dit gaat in normale omstandigheden al om grote aantallen en daarnaast zijn er regelmatig omvangrijke opdrachten, bij zowel post (bulkmailings) als bij archief (opvragingen van meerdere honderden dossiers in één aanvraag). Dat werk gewoon goed doen voor onze externe (burgers, bedrijven en organisaties) en interne klanten (collega’s van welke gemeente/afdeling dan ook) is het eerste wat het cluster informatiebeheer wil bereiken. Steeds op zoek naar efficiëntiemogelijkheden binnen het servicecentrum MER en met de moedergemeenten en die – al dan niet als een project – implementeren binnen de werkwijzen. Dit geldt met name voor postregistratie en -behandeling, archiefbeheer en informatieverstrekking (opvragingen) uit het archief. Hiervoor voeren we in 2021/2022 meerdere projecten uit, waaronder de slimme scanstraat, centraliseren van de postkamer, vervanging van analoge door digitale archiefbescheiden en lean maken van de post- en archiefprocessen. Door verdergaande digitalisering van de postprocessen aan de voorkant (d.m.v.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Maasgouw&id=898a3399-d13a-413f-90b8-295b6bd19bde