232003-BEANTWOORDING TECHNISCHE VRAGEN m.b.t. RVST Armoedebeleid 2026 en verder
Tekst van het document
Z/26/157678 - D/26/232003
TECHNISCHE VRAGEN RVST Armoedebeleid 2026 en verder 10-02-2026 GEMEENTE MAASGOUW – PFH.: Snijckers
Nr.
Fractie
1
VVD
Vraag
Betreft pag.
Antwoord
Welk deel van de doelgroep tot 130% van het sociaal minimum wordt met dit beleid daadwerkelijk bereikt, en op welke wijze wordt dit structureel gemonitord?
Beleids plan – doelgr oep / monito ring
In zowel het Evaluatierapport Armoedebeleid 2020–2024; voorkomen, verlichten en bestrijden van armoede en schulden als in Armoedebeleid 2026 en verder: Meedoen in Maasgouw wordt benoemd dat niet-gebruik van regelingen een bekend (landelijk) verschijnsel is. Landelijk constateren onder andere Divosa en het SCP dat gemeenten structureel slechts een deel van de potentiële minima bereiken. Oorzaken zijn onder meer dat niet iedereen ondersteuning nodig heeft of wil, regelingen onbekend zijn, schaamte en zelfredzaamheid en wantrouwen richting overheid een rol spelen, inkomens wisselen en procedures kunnen als complex worden ervaren. Inwoners met een inkomen tot 130% (of 120%) zijn niet automatisch individueel in beeld bij de gemeente. Dit komt doordat gemeenten geen volledig en actueel overzicht hebben van inkomens van alle inwoners. Inkomensgegevens zijn alleen bekend wanneer een inwoner een gemeentelijke uitkering of andere (minima)regeling ontvangt, zich actief meldt voor ondersteuning of via signalen van ketenpartners. De doelgroep tot 130% is wel in beeld op hoofdlijnen (omvang en ontwikkeling), maar niet individueel identificeerbaar. De gemeente heeft geen volledig en actueel overzicht van inkomens van alle inwoners.
Daarbij zijn niet alle regelingen voor inwoners met een laag inkomen voor iedereen met een laag inkomen van toepassing; als je geen vrijwilligerswerk doet kom je niet in aanmerking voor de Maatschappelijk Actief Bonus (MAB) en als je geen bijzondere kosten maakt kom je niet in aanmerking voor bijzondere bijstand.
Toelichting: Voor een zorgvuldige besluitvorming is inzicht nodig in het huidige en beoogde bereik van het armoedebeleid, zodat de raad kan beoordelen of de gekozen instrumenten effectief bijdragen aan het bereiken van de beoogde doelgroep.
2
VVD
Is het structurele budget van € 976.000 voldoende bij aanhoudende groei van bijzondere bijstand en andere openeinderegelingen, en welke bandbreedtes en
De doelgroep is wel in beeld op hoofdlijnen, maar niet individueel identificeerbaar, waardoor de gemeente inzet op laagdrempelig toegang, signalering en doorverwijzing en gerichte communicatie om zoveel als mogelijk inwoners uit de doelgroep te bereiken.
RV, par. Financi ën
Het structurele budget van € 976.000 is gebaseerd op recente realisatiecijfers, trendanalyses en de verwachte continuering van bestaand beleid. Daarmee is het budget op dit moment toereikend, maar het college onderkent dat bijzondere bijstand en andere open-einderegelingen gevoelig zijn voor maatschappelijke en economische ontwikkelingen. Het college hanteert daarom de volgende beheersmaatregelen en bandbreedtes: Structurele monitoring van uitgaven per regeling via programmarapportages, begroting en jaarrekening; Signaleren van overschrijdingen, zodat tijdig kan worden bijgestuurd; Onderscheid tussen niet-beïnvloedbare kosten en beïnvloedbare beleidskeuzes Pagina 1 van 7
Z/26/157678 - D/26/232003
Nr.
Fractie
Vraag beheersmaatregelen hanteert het college hierbij?
3
4
LB
LB
Toelichting: Openeinderegelingen brengen financiële onzekerheden met zich mee. Voor de kaderstellende rol van de raad is inzicht nodig in de mate waarin deze risico’s beheersbaar zijn. Kan een concrete begrotingsspecificatie worden verstrekt van het bedrag van € 976.000 dat is begroot voor het armoedebeleid, uitgesplitst per thema/ beleidslijn? Worden binnen dit bedrag ook de toekenning van subsidies welke uitvoering geven aan het armoedebeleid meegenomen?
Antwoord
Betreft pag.
Inzet op preventie en participatiegerichte instrumenten om duurdere instroom in bijzondere bijstand te beperken;
4
In de evaluatie van het 9, armoedebeleid wordt bijlage aangegeven dat 10 1. leerlingen gebruik hebben gemaakt van huiswerkbegeleiding, terwijl in diezelfde evaluatie tevens wordt vermeld dat sprake is
Specificatie Minimaregelingen en inkomensondersteuning Bijzondere bijstand Armoede instrumenten Totaal
€ 338.000 € 488.000 € 150.000 € 976.000
Ja, binnen het bedrag van € 976.000 zijn ook de subsidies en andere armoede-instrumenten opgenomen die uitvoering geven aan het lokale armoedebeleid. De begrotingsspecificatie is op hoofdlijnen opgenomen in hoofdstuk 8 van Armoedebeleid 2026 en verder: Meedoen in Maasgouw. In paragraaf 8.1 is toegelicht dat dit budget, samen met het bestaande budget voor minimabeleid, bijzondere bijstand en armoede-instrumenten, de financiële basis vormt voor het beleid. In paragraaf 8.2 is vervolgens uitgewerkt dat onder armoede-instrumenten ook subsidies, licenties en deelnemersbijdragen aan partners vallen, zoals de Voedselbank, Kledingbank, Stichting Leergeld, Jeugdfonds Sport & Cultuur, VoorzieningenWijzer, SUN en het Volwassenenfonds Sport & Cultuur. Ja, dat moet zo geïnterpreteerd worden.
Pagina 2 van 7
Z/26/157678 - D/26/232003
Nr.
Fractie
5
LB
6
LB
7
LB
Vraag van een maximum van 6 leerlingen. Kan worden toegelicht hoe deze aantallen zich tot elkaar verhouden? Moet dit worden geïnterpreteerd als in- en uitstroom van leerlingen gedurende de looptijd van de regeling? In de evaluatie wordt aangegeven dat het project Schulden voorkomen bij jongeren niet is geslaagd. In het nieuwe armoedebeleid worden opnieuw verschillende acties geformuleerd gericht op armoede en schuldenproblematiek bij jongeren. Wat maakt dat deze aanpak, in vergelijking met het eerdere project, nu wel tot het beoogde resultaat zou leiden? Sommige aanvraagprocessen schijnen complex te zijn, zijn er aanvragen verzonden naar personen en niet terug ontvangen. Zijn hierover acties ondernomen naar de reden waarom? Waarom is achteraf gezien het jaar 2025 niet meegenomen? De cijfers die gepubliceerd zijn, zijn t/m 2023. We zijn nu dus weer 2 jaar verder en stellen nu het
Antwoord
Betreft pag.
9, bijlage 2
Het eerdere project Schulden voorkomen bij jongeren is niet tot uitvoering gekomen doordat het was ingericht als een afzonderlijk project, kwetsbaar voor externe omstandigheden en capaciteitsdruk. In Armoedebeleid 2026 en verder: Meedoen in Maasgouw is de aanpak voor jongeren geen los project meer, maar structureel onderdeel van de reguliere uitvoering. Er wordt aangesloten bij bestaande netwerken en ingezet op vroegsignalering en preventie, met name rond de overgang naar 18 jaar. Hierdoor is de aanpak beter geborgd en naar verwachting effectiever.
Blz 25
In de uitvoering wordt ondersteuning geboden wanneer inwoners aangeven moeite te hebben met het invullen van formulieren. In die gevallen wordt, waar nodig, doorverwezen naar het sociaal wijkteam, de sociaal raadslieden of andere vormen van begeleiding. Met name ouderen en inwoners die de Nederlandse taal minder goed beheersen maken hier gebruik van, al ontvangen zij vaak ook ondersteuning vanuit hun eigen netwerk. Er is geen registratie van afzonderlijk verzonden en niet-geretourneerde aanvraagformulieren, waardoor het niet mogelijk is om hierover kwantitatieve uitspraken te doen. Met bijvoorbeeld de verstrekking van de ambtshalve Individuele Inkomens Toeslag (IIT) is al een stap gezet in het niet meer hoeven verstrekken van aanvraagformulieren. Om een raadsvoorstel op 24 februari 2026 ter vaststelling voor te leggen aan de gemeenteraad moet het definitieve beleidsstuk uiterlijk in december 2025 in het college liggen. Voor die tijd moeten alle voorbereidende werkzaamheden gedaan en besproken zijn met de verschillende afdelingen van de ambtelijke organisatie en moet het stuk definitief klaar zijn. Om de cijfers van 2025 hierin mee te nemen is gezien dit proces onmogelijk. In het geval van het Armoedebeleid 2026 en verder: Meedoen in Maasgouw zijn, zoals beschreven in het raadsvoorstel, de financiële consequenties van het voorstel reeds Pagina 3 van 7
Z/26/157678 - D/26/232003
Nr.
Fractie
Vraag Armoedebeleid van 2026 op. Binnen deze tijdsspanne kan veel gebeurd zijn wat dan nog meegenomen had kunnen worden.
8
LB
9
NLM
Antwoord
Betreft pag.
Is in het voorgestelde beleid rekening gehouden met het feit dat er inwoners zijn die geen noodpakket, noodrantsoen en contant geld voor nood kunnen reserveren? Hoe zou de gemeente hierin (mede) kunnen voorzien? En aanpalend de vraag hoe de gemeente ervoor kan zorgen dat inwoners die dit wel zelf kunnen bekostigen, maar dit niet of niet voldoende doen, bijvoorbeeld bij onvoldoende zelfredzaamheid? In de komende Armoed beleidsperiode geven we ebeleid, speciale aandacht pagina 9 aan het bereik van ouderen en jongeren. Om dit te realiseren zetten we in de komende beleidsperiode in op een gericht en proactieve benadering.
meegenomen in de Kadernota 2026 en verwerkt in de begroting 2026. Dat betekent dat al in de eerste helft van 2025 de grote lijnen van het document gereed moesten zijn. Overigens staat in het raadsvoorstel beschreven hoe het proces van dit armoedebeleid, en de vertraging in dit besluitvormingsproces, tot stand is gekomen. Overigens staan in hoofdstuk 2 van het Armoedebeleid 2026 en verder: Meedoen in Maasgouw wel cijfers van 2024 en 2025 opgenomen voor zover die bij het schrijven van dit stuk bekend waren. In een artikel in Binnenlands Bestuur d.d. 23 december 2025 raadt de VNG gemeenten aan om terughoudend te zijn met het opzetten van lokale initiatieven om minimahuishoudens te helpen met de aanschaf ven een noodpakket. De VNG wil wachten op een landelijke aanpak. VNG ontraadt gemeentelijke noodpakketten voor minima De aanpalende vraag moet gezien worden in een bredere context dan vanuit het armoedebeleid en hoort in dat opzicht dan ook niet thuis bij de technische vragen op basis van het vast te stellen armoedebeleid.
De proactieve benadering van ouderen en jongeren is expliciet beschreven in Armoedebeleid 2026 en verder: Meedoen in Maasgouw, pagina 9. Daarin is opgenomen dat de gemeente inzet op vroegsignalering, gerichte communicatie en samenwerking met partners in de lokale keten. Voor ouderen gebeurt dit via samenwerking met welzijnsorganisaties, wijkteams, vrijwilligersorganisaties en ouderenverenigingen, met extra aandacht voor begrijpelijke communicatie en ondersteuning bij aanvragen. Voor jongeren wordt ingezet op preventie en vroegsignalering, onder meer door samenwerking met scholen, jongerenwerk en regionale partners, met speciale aandacht voor de overgang naar 18 jaar.
Hoe ziet de proactieve benadering van de ouderen en jongeren eruit?
Pagina 4 van 7
Z/26/157678 - D/26/232003
Nr.
Fractie
10
NLM
Vraag
Betreft pag.
Antwoord
‘We laten ons hierbij adviseren door ervaringsdeskundigen, benutten de expertise van het maatschappelijk middenveld en versterken vroegsignalering in de lokale keten.’
Armoed ebeleid, Pagina 9; moet dit niet blz 16 zijn?
Met ervaringsdeskundigen wordt gedoeld op ervaringskennis die wordt ingebracht via de uitvoering en het maatschappelijk middenveld. Daarnaast verkent de gemeente actief of organisaties die werken met ervaringsdeskundigheid kunnen bijdragen aan beleid en uitvoering.
Welke ervaringsdeskundigen m.b.t. ouderen en jongeren in de lokale keten bedoelt men hier? In het lokale ketennetwerk ontbreken de scholen. Waarom zijn deze niet opgenomen?
11
NLM
12
NLM
In dat kader wordt momenteel, samen met de MER-gemeenten en MER Sociaal Domein, gewerkt met Spiegelkracht. Spiegelkracht is een Limburgs programma waarin studenten en beroepskrachten inzicht krijgen in wat het betekent om te leven in armoede. Door het delen van ervaringsverhalen en het inzetten van een interactieve aanpak wordt niet alleen kennis overgedragen, maar wordt ook gewerkt aan het doorbreken van stigma’s rondom armoede en schulden en het zichtbaar maken van de mens achter het verhaal. Het doel van deze inzet is om beleid en uitvoering beter te laten aansluiten bij de leefwereld van inwoners en zo de kwaliteit van signalering en ondersteuning te versterken.
De samenwerking met scholen is expliciet benoemd in Armoedebeleid 2026 en verder: Meedoen in Maasgouw, hoofdstuk ‘Speciale aandacht voor ouderen en jongeren’ (pagina 17). In de vraag wordt niet concreet verwezen naar een pagina of document waarin het begrip lokaal ketennetwerk wordt geduid. Desondanks kan worden aangegeven dat met het lokale ketennetwerk het sociaal-maatschappelijke netwerk rond armoede en schulden wordt bedoeld, zoals beschreven in het beleidsplan en het evaluatierapport. Scholen maken hiervan geen structureel onderdeel uit vanwege hun eigen rol en verantwoordelijkheden, maar worden in het armoedebeleid wel expliciet genoemd als samenwerkingspartner bij de aanpak voor jongeren, met name gericht op preventie en vroegsignalering. ‘Onze aanvullingen, Gevraag In het armoedebeleid wordt preventie breed opgevat en niet beperkt tot specifieke doelgroepen. d advies Preventie bestaat uit een samenhangende inzet op vroegsignalering en samenwerking in de lokale keten, gericht op maatwerk, preventie, samenwerking en ASD toegankelijke en begrijpelijke communicatie, vereenvoudiging van procedures en het tijdig bieden van Maasgou ondersteuning om zwaardere problematiek te voorkomen.
de mentale aspecten van armoede, kunnen het beleid w, pagina 4 De preventiegerichte adviezen van de Adviesraad Sociaal Domein Maasgouw zijn op deze wijze integraal verder optimaliseren.’ verwerkt in Armoedebeleid 2026 en verder: Meedoen in Maasgouw. Binnen deze brede preventieve aanpak is daarnaast specifieke aandacht voor kwetsbare groepen, waaronder ouderen en jongeren, bijvoorbeeld Hoe zijn de adviezen van het via gerichte voorlichting en preventieve inzet rond financiële educatie en de overgang naar 18 jaar. ASD Maasgouw qua preventie verwerkt in het armoedebeleid? Hoeveel inwoners van maasgouw hebben een gift of renteloze lening gekregen vanuit SUN Midden-limburg sinds 1 juni 2024? Hoeveel aan kosten voor
Evaluati erappor t, pagina 8
Uit het jaarverslag 2024 en de bijbehorende documenten blijkt dat er in 2024 (van juni tot en met december) 6 toekenningen zijn gedaan aan inwoners uit Maasgouw voor een totaalbedrag van € 2753,-. In 2025 zijn er voor Maasgouw 16 toekenningen geweest voor een bedrag van €8.850,-. Dit betekent dat er vanaf de start in juni 2024, dus in zo'n 1,5 jaar, er in Maasgouw in totaal 22 aanvragen zijn toegekend voor een bedrag van € 11.333,- (gemiddeld € 515,- per aanvraag). Pagina 5 van 7
Z/26/157678 - D/26/232003
Nr.
Fractie
Vraag
Betreft pag.
Antwoord
Evaluati erappor t, pagina 9
De gemiddelde besparing van € 423 per inwoner (2023) via de VoorzieningenWijzer betreft het financieel voordeel dat tijdens adviesgesprekken wordt vastgesteld op basis van regelingen en voorzieningen waarvoor inwoners (nog) recht blijken te hebben. Deze besparingen bestaan uit een optelsom van voordelen uit de modules gemeentelijke regelingen, toeslagen, zorgverzekering en energiecontracten.
(particuliere) donateurs betrof dat? 13
14
NLM
NLM
Voor de voorzieningwijzer staat er dat er sinds 2023 gemiddeld voor inwoners 423 euro’s bespaard werd. Waar bestaan die besparingen uit? Wat is het totale bedrag dat bespaard is geworden voor inwoners in gemeente maasgouw?
De regelingen waar inwoners het vaakst recht op bleken te hebben, zijn onder meer de Individuele inkomenstoeslag, Persoonlijk Participatiebudget, Volwassenenfonds Sport & Cultuur, kwijtschelding lokale lasten en de studietoeslag. Het totale inzichtelijk gemaakte financiële voordeel voor inwoners van Maasgouw bedraagt: Jaar Adviesgesprekken Online checks Totaal 2023 € 16.920 (40 gesprekken) € 30.312 (36 checks) € 47.232 2024 € 20.128 (37 gesprekken) € 15.939 (33 checks) € 36.067
De consulenten applicatie en de online checks gaan over inzicht geven waar men nog recht op heeft en dit is het inzichtelijk gemaakte voordeel. De online regelingenmodule is anoniem waardoor deze besparingen een indicatie van het inzichtelijk gemaakte voordeel zijn en zijn niet tot personen herleidbaar. In 2023 werd er volgens de Evaluati In zowel het Evaluatierapport Armoedebeleid 2020–2024; voorkomen, verlichten en bestrijden van MER door 84 individuele erappor armoede en schulden als in Armoedebeleid 2026 en verder: Meedoen in Maasgouw wordt benoemd dat bewoners tussen 120%-130% t, niet-gebruik van regelingen een bekend (landelijk) verschijnsel is. Landelijk constateren onder andere van het sociaal minimum pagina Divosa en het SCP dat gemeenten structureel slechts een deel van de potentiële minima bereiken. gebruik gemaakt van de 16 Oorzaken zijn onder meer dat niet iedereen ondersteuning nodig heeft of wil, regelingen onbekend zijn, minimaregelingen. Dit is 21% schaamte en zelfredzaamheid en wantrouwen richting overheid een rol spelen, inkomens wisselen en van de groep van 400 procedures als complex worden ervaren. Met het nieuwe beleidsplan stuurt gemeente Maasgouw op inwoners volgens het CBS toegankelijkheid, vereenvoudiging, signalering en de menselijke maat en niet op een vast (pagina 12). Waarom is er bereikpercentage.
maar zo’n kleine groep bereikt? Is deze groep van 400 inwoners in beeld bij de gemeente en wat is de doelstelling van gemeente maasgouw qua bereik?
Pagina 6 van 7
Z/26/157678 - D/26/232003
Pagina 7 van 7