02. concept Herziene Begroting 2023 Westrom.pdf
Tekst van het document
HERZIENE BEGROTING 2023
1
Inhoudsopgave
Aanbiedingsbrief 1. Financiële begroting ........................................................................................................... 4 1.1 Baten en lasten................................................................................................................. 4 1.2 Grondslagen ..................................................................................................................... 5 1.3 Toelichting baten en lasten ............................................................................................... 5 1.4 Meerjarenraming .............................................................................................................. 6 2. Toelichting .......................................................................................................................... 7 2.1 Inleiding ............................................................................................................................ 7 2.2 Inflatie ............................................................................................................................... 7 2.3 Belangrijkste wijzigingen in de aangepaste begroting ....................................................... 8 2.4 Tot Slot ...........................................................................................................................
10 Bijlagen .................................................................................................................................... 11 Gemeentelijke tabellen ......................................................................................................... 11
Adresgegevens: Westrom De Hanze 1 Postbus 1117 6040 KC Roermond Kamer van Koophandel 14114157
Telefoon Fax E-mail Website Facebook
(0475) 389898 (0475) 389890 info@westrom.nl www.westrom.nl facebook.com/westromNL
2
Betreft Datum
: Aanbiedingsbrief concept aangepaste begroting 2023 : 21 maart 2023
Hierbij bied ik u de begrotingswijziging van Westrom aan voor het jaar 2023. Deze begroting is opgesteld conform de regels van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Dit document bestaat uit de aangepaste financiële begroting (hoofdstuk 1), een toelichting op de wijzigingen (hoofdstuk 2) en een bijlage met hierin opgenomen de gemeentelijke tabellen. Ik verzoek u deze begrotingswijziging via de in de Gemeenschappelijke Regeling Westrom voorgeschreven procedure ter vaststelling door te leiden naar het algemeen bestuur. Een concept vaststellingsbesluit wordt – volgens de jaarplanning - op 28 juni 2023 aan de vergadering van het algemeen bestuur van Westrom voorgelegd. Westrom heeft ervoor gekozen om het proces rondom de herziene begroting 2023 parallel te laten lopen met de besluitvormingsprocedure van de primaire begroting 2024. Besluitvormingsprocedure De besluitvormingsprocedure met betrekking tot de Herziene Begroting 2023 is als volgt: -
21 maart 2023 5 april 2023 6 april 2023
: : :
-
6 juni 2023
:
-
21 juni 2023 22 juni 2023
: :
-
28 juni 2023
:
-
6 september 2023 : 7 september 2023 :
Informatiebijeenkomst ten behoeve van de beleidsambtenaren; Bespreking van de concept begrotingswijziging in het dagelijks bestuur; Verzending van de concept begrotingswijziging voor zienswijze aan de raden van de deelnemende gemeenten; Uiterste ontvangstdatum van de zienswijzen van de raden van de deelnemende gemeenten; Behandeling van de ontvangen zienswijzen in het dagelijks bestuur Het DB stelt de raden schriftelijk in kennis van zijn oordeel over de ingediende zienswijzen; Behandeling van de voorgestelde begrotingswijziging in het algemeen bestuur. Het AB bepaalt een voorlopig standpunt. Vaststelling van de begrotingswijziging door het algemeen bestuur. Verzending van de begrotingswijziging aan het college van Gedeputeerde Staten en de deelnemende gemeenten.
Na het indienen van Begroting 2023, is de wereld om ons heen o.a. door de oorlog in de Oekraïne flink veranderd. Hierdoor is ook Westrom geconfronteerd met forse (deels inmiddels bekende) prijsstijgingen. Gezien het feit dat de cao-onderhandelingen voor onze sector nog niet definitief afgerond zijn, is een deel van de kostenstijgingen over 2023 nog niet bekend. Desondanks vinden we het belangrijk om vroegtijdig een herziene begroting 2023 af te geven, die – rekening houdend met de reeds vastgestelde gemeentelijke bijdrage uit de Primaire Begroting 2023 – sluit met een negatief exploitatieresultaat. Westrom kiest ervoor om de Gemeentelijke Bijdrage in het kalenderjaar 2023 niet te verhogen. Hiertoe is door de algemeen directeur in het Dagelijks Bestuur reeds aangekondigd dat Westrom voornemens is om dit (verwacht) negatief exploitatieresultaat in 2023 te financieren uit de aanwezige en voor dergelijke situaties opgebouwde reserves. Dit betekent dat – ondanks de verwerkte kostenstijgingen - in de voorliggende begroting de gemeentelijke bijdrage 2023 gehandhaafd blijft op € 1.050.000. Graag ben ik bereid om deze aangepaste begroting 2023 nader toe te lichten.
Henriëtte Maas algemeen directeur 3
1. Financiële begroting 1.1 Baten en lasten Overzicht baten en lasten
Jaarrekening 2021
Begroting 2022
Primaire Begroting 2023
Herziene Begroting 2023
Toegevoegde waarde
8.348.328
8.738.000
9.025.000
9.094.000
Loonkosten regulier
-5.235.520
-5.159.000
-5.096.000
-5.562.000
Overige kosten
-4.111.131
-4.283.000
-4.391.000
-4.940.000
Gemeentelijke bijdrage
530.000
530.000
530.000
530.000
Operationeel resultaat
-468.323
-174.000
68.000
-878.000
Loonkosten Wsw
-23.372.956
-22.546.000
-21.521.000
-21.949.000
Subsidies Wsw
21.034.472
20.614.000
20.238.000
20.529.000
Subsidieresultaat Wsw
-2.338.484
-1.932.000
-1.283.000
-1.420.000
Kosten Begeleid Werken
-341.659
-348.000
-378.000
-364.000
Subsidies Wsw
755.759
775.000
841.000
808.000
Resultaat Begeleid Werken
414.100
427.000
463.000
444.000
Loonkosten PW
-887.306
-844.000
-749.000
-685.000
Loonkostensubsidie PW
282.790
328.000
257.000
243.000
0
304.000
282.900
242.000
Subtotaal PW
-604.516
-212.000
-209.100
-200.000
Loonkosten BuW
-871.278
-717.000
-1.065.000
-1.308.000
Loonkostensubsidie BuW
551.144
468.000
674.000
916.000
Dekkingsbijdrage BuW
309.601
323.000
431.200
454.000
Subtotaal BuW
-10.533
74.000
40.200
62.000
Dekkingsbijdrage PW
Overige baten en lasten Gemeentelijke bijdragen Wsw Gerealiseerd / geraamd totaal saldo van baten en lasten
1.946
-606.000
-100.000
-100.000
3.550.000
2.450.000
1.050.000
1.050.000
544.190
27.000
29.100
-1.042.000
4
1.2 Grondslagen Onderstaande uitgangspunten waarop de herziene begroting is gebaseerd zijn bedoeld als leidraad voor een juiste interpretatie van de financiële overzichten.
De realisatie van circa 612 fte’s arbeidsovereenkomsten Wsw van de deelnemende gemeenten en de realisatie van circa 24 fte’s Begeleid Werken; De realisatie van circa 46 PW-fte’s met indicatie Beschut Werk en circa 28 PW-fte’s met loonkostensubsidie (= conform realisatie Januari 2023); Uitbesteding re-integratieactiviteiten door gemeenten op tenminste het bestedingsniveau van 2022; Uitbesteding te plaatsen Beschut Werk door gemeenten binnen de kaders van de Participatiewet; Een dekkingsbijdrage van € 7.700 per persoon BuW en € 6.900 per persoon PW; De loonkosten Wsw 2023 zijn ten opzichte van 2022 geïndexeerd met 2,93%. Het personeelsverloop Wsw over de jaren 2023 tot en met 2027 is gebaseerd op het bekend verloop op basis van de pensioendata vermeerderd met jaarlijks een extra verloop van 2%; De te ontvangen Rijksbijdrage Wsw over de jaren 2023 tot en met 2027 wordt begroot op basis van de Septembercirculaire 2022 en is voor het jaar 2023 eveneens eenmalig geïndexeerd met 2,93%; Een gemeentelijke bijdrage van € 1,05 miljoen conform het niveau van de primaire begroting 2023; Een gemeentelijke bijdrage van € 530.000 voor de infrastructuur; Een onttrekking aan de bestemmingsreserves voor ca. € 1,04 miljoen ter dekking van het gebudgetteerd exploitatietekort; Als indexering van de reguliere loonkosten is het principeakkoord van 21 februari 2023 aangehouden.
Dit komt voor 2023 neer op een vaste verhoging van € 240 plus een indexering van 2%. Voor 2024 is uitgegaan van een stijging per 1 april van 5% (effectief 3,75%). Voor de jaren erna wordt jaarlijks met 2,0% gerekend.
1.3 Toelichting baten en lasten Toegevoegde waarde Onder de toegevoegde waarde zijn de opbrengsten geraamd van de operationele activiteiten van Westrom, verminderd met de direct aan deze opbrengsten toe te rekenen kosten. Deze activiteiten bestaan uit industriële werkzaamheden in de divisie Bedrijven, detacheringen via de divisie Arbeidsontwikkeling in het reguliere bedrijfsleven en re-integratietrajecten in het kader van de Participatiewet. Subsidies De subsidies bestaan uit de door de gemeenten doorbetaalde Rijkssubsidie Wsw, de loonkostensubsidies op de PW’ers en BuW’ers en de dekkingsbijdragen voor zowel de doelgroep PW als BuW. Gemeentelijke bijdrage De totale gemeentelijke bijdrage Wsw wordt binnen Westrom uitgesplitst naar een gemeentelijke bijdrage voor de infrastructuur (€ 530.000) en een gemeentelijke bijdrage overig (€ 1.050.000). Loonkosten De loonkosten bestaan uit de loonkosten voor de Wsw-, PW- en BuW’ers en de reguliere medewerkers die werkzaam zijn bij Westrom. De loonkosten PW en BuW zijn verhoogd conform de stijging van het wettelijk minimumloon met ingang van 2023. Daarnaast wordt uitgegaan van een stijging van 2% (effectief 1%) per 1-7-2023. Voor de jaren erna wordt vooralsnog jaarlijks met 1,5% kostenstijging gerekend.
5
De loonkosten Wsw- en PW-medewerkers zijn gecorrigeerd voor de verwachte korting Lagere Inkomens Voordeel (LIV) en/of het Loonkostenvoordeel (LKV). Bij de PW-medewerkers is – vanwege de “no-risk”regeling - tevens rekening gehouden met het (verwacht) bedrag aan retour ontvangen ziekengeld. Overige kosten De overige kosten worden gevormd door de kosten voor de infrastructuur en diverse kosten.
1.4 Meerjarenraming Meerjarenraming Programmarekening Herziene Begroting 2023
2024
2025
2026
Toegevoegde waarde
9.094.000
8.957.000
8.606.000
8.125.000
Loonkosten regulier
-5.562.000
-5.595.000
-5.624.000
-5.643.000
Overige kosten
-4.940.000
-5.106.000
-5.106.000
-5.106.000
Gemeentelijke bijdrage
530.000
530.000
530.000
530.000
Operationeel resultaat
-878.000
-1.214.000
-1.594.000
-2.094.000
Loonkosten Wsw
-21.949.000
-21.453.000
-20.043.000
-18.407.000
Subsidies Wsw
20.529.000
20.289.000
19.151.000
17.986.000
Subsidieresultaat Wsw
-1.420.000
-1.164.000
-892.000
-421.000
Kosten Begeleid Werken
-364.000
-367.000
-359.000
-334.000
Subsidies Wsw
808.000
816.000
797.000
742.000
Resultaat Begeleid Werken
444.000
449.000
438.000
408.000
Loonkosten PW
-685.000
-696.000
-706.000
-717.000
Loonkostensubsidie PW
243.000
246.000
250.000
254.000
Dekkingsbijdrage PW
242.000
210.000
210.000
210.000
Subtotaal PW
-200.000
-240.000
-246.000
-253.000
-1.308.000
-1.341.000
-1.402.000
-1.423.000
Loonkostensubsidie BuW
916.000
939.000
953.000
967.000
Dekkingsbijdrage BuW
454.000
502.000
502.000
502.000
Subtotaal BuW
62.000
100.000
53.000
46.000
Overige baten en lasten
-100.000
-100.000
-100.000
-100.000
Gemeentelijke bijdragen Wsw
1.050.000
900.000
2.375.000
2.450.000
Gerealiseerd / geraamd totaal saldo van baten en lasten
-1.042.000
-1.269.000
34.000
36.000
Loonkosten BuW
6
2. Toelichting 2.1 Inleiding In april 2022 heeft Westrom haar begroting voor 2023 opgeleverd. De begroting is destijds opgeleverd op basis van de tot dan toe bekende informatie. Sindsdien is de wereld om ons heen aanzienlijk veranderd, waardoor – vanwege de hoge inflatie - duidelijk geworden is dat de kosten in 2023 fors hoger uit zullen vallen. Dit heeft ons doen besluiten om gelijktijdig met het uitbrengen van de primaire begroting 2024 een herziene begroting 2023 in te dienen. De begrotingswijziging bevat niet de algemene (uitgebreide) toelichting uit de reguliere begroting. De toelichting wordt toegespitst op de relevante punten zijnde de directe aanleiding om de begroting te herzien (inflatie) en een toelichting op de belangrijkste wijzigingen ten opzichte van de vastgestelde Begroting 2023. Uiteraard blijft de begroting gebaseerd op de realisatie van de drie vastgestelde doelstellingen zijnde: 1. Uitvoeren van de re-integratie in gezamenlijkheid 2. Succesvol invullen van (beschutte) werkplekken 3. Ontwikkelen van medewerkers middels (zo regulier mogelijk) werk In paragraaf twee vindt u de toelichting over de invloed van de inflatie, paragraaf drie gaat dieper in op de belangrijkste wijzigingen, waarna in paragraaf vier een kort slotwoord volgt.
2.2 Inflatie Zoals bekend bereikte de inflatie in 2022 een recordhoogte. Deze prijsstijgingen zijn een rechtstreeks gevolg van de coronacrisis en de oorlog in Oekraïne. Tijdens de coronacrisis kwam de economie in 2020 tot stilstand. Toen de economie daarna weer opstartte en de vraag naar allerlei producten en diensten toenam, konden bedrijven niet snel genoeg aan materialen en mensen komen om die te kunnen leveren. Daardoor ontstond een groot tekort aan producten en diensten. De oorlog in de Oekraïne zorgde voor nog meer tekorten, vooral van gas, olie en voedsel als graan en zonnebloemolie. Hierdoor zijn we geconfronteerd met forse prijsstijgingen, zowel van de dagelijkse boodschappen als de energiekosten. Dure energie drijft de prijzen verder op. Veel andere producten gaan ook meer kosten, omdat voor de productie en/of vervoer ervan gebruik gemaakt wordt van dure energie. En doordat alle prijsstijgingen het leven duurder maken, willen veel werknemers ook loonsverhoging. Hogere lonen betekenen hogere kosten, en ook die worden doorberekend in de prijzen.
De gevolgen van de hoge inflatie concentreert zich bij Westrom voornamelijk op 3 deelgebieden: 1) De loonkosten van zowel het doelgroep-personeel (Wsw / PW en BuW) als het regulier personeel gaan fors harder stijgen dan eerder verwacht; 2) Stijging van de energiekosten in verband met het aflopen van het vast contract; 3) Stijging van de overige bedrijfskosten vanwege aangekondigde forse prijsstijgingen; Helaas zijn – ten tijde van het opstellen van deze herziene begroting – de cao-onderhandelingen van genoemde medewerkers nog niet (volledig) afgerond. Bekend is dat het vastgesteld minimumloon met
7
ingang van 2023 fors (10,15%) verhoogd is. Voor zover de indexatie (nog) niet bekend is, zijn er aannames gemaakt, die onder andere terug te vinden zijn in de paragraaf Grondslagen. Westrom heeft – middels deelname aan het inkoopcollectief opgezet door de brancheorganisatie Cedris – een nieuw energiecontract afgesloten voor het jaar 2023. Een realistische inschatting is dat de energiekosten in het jaar 2023 ca. € 220.000 hoger uitvallen in vergelijking met de realisatie 2022. Ultimo 2022 hebben meerdere vaste leveranciers (bijvoorbeeld op Hosted IT-gebied) forse prijsstijgingen aangekondigd voor 2023. Ook de indexatie van de huur van het pand zal - op basis van de contractueel vastgelegde indexatie – in 2023 extreem hoog uitvallen. De (verwachte) kostenstijgingen zijn verwerkt in de opzet van de overige bedrijfskosten.
2.3 Belangrijkste wijzigingen in de aangepaste begroting Toegevoegde Waarde De toegevoegde waarde opgenomen in de begrotingswijziging is iets hoger dan zowel de gerealiseerde toegevoegde waarde in 2022 als de gebudgetteerde toegevoegde waarde in primaire begroting 2023. Het positieve effect van de (hoge) indexering voor 2023, valt grotendeels weg tegen een hogere krimp van de doelgroep en de komst van de RVU-regeling (Regeling Vervroegde Uittreding), waarvan met ingang van 1-1-2022 gebruik gemaakt kan worden. Deze regeling houdt in dat Wsw-medewerkers ervoor kunnen kiezen om - maximaal twee jaar vóór de AOW-gerechtige leeftijd – eerder te stoppen met werken, met behoud van een zogenaamd RVU-salaris. Dit is het maximaal in het kader van de RVU vrijgestelde bedrag per maand (in 2023 € 2.037,- bruto per maand). De uitstroom van het Wsw-personeel is in de herziene begroting 2023 geactualiseerd op basis van het bekend natuurlijk verloop (pensioendata), waarbij jaarlijks rekening gehouden wordt met 2% additioneel verloop. Reguliere personeelskosten De reguliere personeelskosten zijn hoger dan opgenomen in de oorspronkelijke Begroting 2023. Dit heeft grotendeels te maken met de (hoge) aangekondigde loonkostenstijging van de CAO SGO. Er is een principeakkoord d.d. 21 februari 2023, waarbij een vaste verhoging van € 240 per fte plus een indexatie van 2% geldt.
Vanwege onderbezetting in het managementteam van Westrom is er vanaf de herziene begroting 2023 een additionele post voor inhuur extern personeel opgenomen. Wij zijn in afwachting van de uitkomsten van het project Doorontwikkeling Participatiewet / Toekomstscenario’s Westrom omdat de beleidskeuzes die hierin worden gemaakt invloed hebben op de inzet van het reguliere personeel binnen Westrom. De totale doelgroep binnen Westrom bestaat immers naast Wsw-medewerkers, ook uit BuW- en PW-medewerkers. We herijken jaarlijks of de inzet van regulier personeel in de pas loopt met de samenstelling van de doelgroep. De afgelopen jaren is er een krimpvoorziening gevormd. Afhankelijk van onder andere de ontwikkeling van de PW-doelgroep, kan hierop een beroep gedaan worden voor de afvloeiing van regulier personeel en/of ter dekking van frictie op het gebied van huisvestingkosten.
8
Overige bedrijfskosten Het ultimo 2022 afgesloten energiecontract heeft hogere energiekosten tot gevolg. Ten opzichte van de Primaire Begroting 2023 bedraagt de stijging ca. € 200.000. De overige bedrijfskosten stijgen ten opzichte van begroting 2023 naar verwachting met ca. € 350.000. De stijging van de huurkosten van het pand (ca. € 135.000) is hier een belangrijk onderdeel van. Daarnaast zijn de kosten voor onderhoud en aanschaf ook (ca. € 110.000) hoger gebudgetteerd. Subsidieresultaat Wsw Het subsidieresultaat Wsw is in de herziene begroting iets negatiever dan in de oorspronkelijke begroting 2023. De belangrijkste verklaring hiervoor is dat de loonkosten Wsw in de realisatie hoger uitvallen dan in de Primaire Begroting 2023 doorgerekend is. Op basis van de actuele verloning is de nieuwe doorrekening in de herziene begroting 2023 gemaakt. De Septembercirculaire 2022 is als basis genomen voor de bepaling van de subsidie in 2023. Om het subsidiebedrag op het prijspeil van 2023 te brengen, wordt dezelfde hoogte van indexering aangehouden die ook bij de loonkostenberekening van de Wsw-doelgroep gehanteerd wordt. Vanwege de landelijk (harder) krimpende Wsw-doelgroep is het beschikbare bedrag aan subsidie per Wsw-FTE de laatste jaren stijgende. In de praktijk betekent dit voor 2023 dat ca. 93% van de Wswloonkosten gedekt wordt door de Wsw-subsidie.
We gaan ervan uit dat de huidige Wsw-subsidiesystematiek gehandhaafd blijft, waardoor we voor wat betreft het subsidieresultaat Wsw beperkt risico lopen bij (verdere) stijging van de Wsw-loonkosten. Subtotaal BuW Dit subtotaal bestaat uit de netto loonkosten van de Beschut Werkers (= Loonkosten BuW -/- Loonkostensubsidie BuW) inclusief de begeleidingsvergoeding voor deze doelgroep. De netto loonkosten BuW zijn ongeveer gelijk aan de oorspronkelijke begroting. Het aantal beschut medewerkers is licht gestegen ten opzichte van de Primaire Begroting 2023. In januari 2023 is het wettelijk minimumloon fors gestegen (+ 10,15%). Dit heeft met name een kostenstijging veroorzaakt voor de medewerkers die onder cao Aan de Slag vallen. Onder deze cao valt ook de doelgroep BuW. Subtotaal PW Dit subtotaal bestaat uit de netto loonkosten van de PW-FTE’s (= Loonkosten PW -/- Loonkostensubsidie PW) inclusief de begeleidingsvergoeding voor deze doelgroep. De netto loonkosten PW vallen lager uit dan de oorspronkelijke begroting. De belangrijkste verklaring is dat er (op basis van realisatiecijfers) minder PW-FTE’s gebudgetteerd worden in de herziene begroting 2023. In januari 2023 is het wettelijk minimumloon fors gestegen (+ 10,15%). Dit heeft met name een kostenstijging veroorzaakt voor de medewerkers die onder cao Aan de Slag vallen. Onder de cao valt ook de doelgroep PW.
Gemeentelijke Bijdrage Normaal gesproken is de Bemeentelijk Bijdrage de sluitpost van onze begroting. In 2023 kiezen we ervoor om de Gemeentelijke Bijdrage uit de oorspronkelijke Begroting 2023 aan te houden. Het exploitatietekort dat in de herziene begroting 2023 - door de ingezette kostenstijgingen – ontstaat, dekken we uit de aanwezige en hiervoor opgebouwde reserves. 9
2.4 Tot Slot De coronaperiode was een spannende tijd met - voor Westrom - op financieel gebied weinig negatieve gevolgen. Helaas geldt dat niet voor de effecten van de huidige, ongekend hoge, inflatie. Kosten in de nabije en verdere toekomst zijn – deels vanwege informatieachterstand en deels vanwege grote inflatieschommelingen – lastig te voorspellen. Het vroegtijdige moment waarop wij wettelijk verplicht zijn een begroting in te dienen, verhoogt de onzekerheid. Voor 2023 leidt dit, door voortschrijdend inzicht, tot een herziene begrotingsprocedure. In elke begroting vermelden wij dat al onze medewerkers hard en enthousiast werken aan de begeleiding van de aan ons toevertrouwde inwoners van de gemeenten Leudal, Echt-Susteren, Maasgouw, Roerdalen en Roermond. Daaraan wordt de meeste tijd en aandacht besteed. Uiteraard realiseren we ons hoe belangrijk het voor elke gemeente is om dit tegen acceptabele kosten te realiseren. Helaas heeft de hoge inflatie serieuze invloed op onze bedrijfskosten. Het financiële beleid in de afgelopen jaren maakt wel mogelijk dat we dit in 2023 kunnen opvangen uit opgebouwde reserves. Met u hopen wij dat de externe omstandigheden snel weer normaliseren. Dat zorgt ervoor dat het gesprek zich richt op de prestaties van onze doelgroep werknemers en re-integratie deelnemers in plaats van de financiën.
10
Bijlagen Gemeentelijke tabellen De volgende tabellen geven inzichten, onderverdeeld naar gemeenten. Totale gemeentelijke bijdrage per gemeente
Echt-Susteren Leudal Maasgouw Roerdalen Roermond Totaal
HB2023 261.582 244.087 186.548 186.081 701.701 1.580.000
2024 230.482 228.821 170.730 183.348 616.619 1.430.000
2025 444.977 423.001 328.774 375.820 1.332.427 2.905.000
2026 449.778 435.683 342.372 382.086 1.370.081 2.980.000
Met ingang van 2019 wordt het aandeel Gemeentelijke Bijdrage huisvesting a € 530.000 – conform AB-besluit april 2018 - verdeeld op basis van een vaste verdeelsleutel (inwoners per gemeente peildatum 31-12-2016). De resterende Gemeentelijke Bijdrage wordt verdeeld naar rato van de loonsom Wsw-ers van het voorbije jaar. Conform toezegging in het DB wil Westrom het exploitatietekort dat vanwege de inflatieperikelen ontstaat in de herziene begroting 2023 en primaire begroting 2024 volledig dekken uit de aanwezige reserves. Vanaf 2025 zijn we genoodzaakt om de Gemeentelijke Bijdrage te verhogen. Dit betekent dat de Gemeentelijke Bijdrage vanaf 2025 weer rondom het niveau van realisatie 2022 uit zal komen. Prognose FTE Wsw inclusief Begeleid Werken per gemeente
Echt-Susteren Leudal Maasgouw Roerdalen Roermond Totaal
HB2023 92,3 85,7 65,9 84,0 307,9 635,9
2024
2025 87,5 81,4 62,8 78,9 288,8 599,3
80,0 75,8 59,7 72,2 268,0 555,7
2026 71,0 70,2 57,8 65,8 244,8 509,6
Deze prognose is gebaseerd op het bekend natuurlijk verloop (o.b.v. pensioendatum) + jaarlijks 2% extra onbekend verloop. De FTE’s Begeleid Werken en de FTE’s met een RVU-regeling zijn in deze aantallen opgenomen.
11
Bijdrage ten behoeve van financiering Wsw uit participatiebudget per gemeente
2024
2025
2026
Echt-Susteren
HB2023 3.199.000
3.173.000
2.906.000
2.727.000
Leudal
2.843.000
2.844.000
2.715.000
2.569.000
Maasgouw
2.246.000
2.247.000
2.177.000
2.138.000
Roerdalen
2.656.000
2.610.000
2.456.000
2.333.000
Roermond
10.393.000
10.231.000
9.693.000
8.961.000
Totaal
21.337.000
21.105.000
19.947.000
18.728.000
De bijdragen Wsw-subsidie zijn geprognotiseerd op basis van de Septembercirculaire 2022. Voor de herziene begroting 2023 is een indexatie van 2,93% toegepast om de subsidie op prijspeil 2023 te brengen. De overige jaren zijn geïndexeerd met 6,02% (= 2,93% in 2023 en 3,00% in 2024) om de subsidie op het prijspeil 2024 te brengen. De loonkosten Wsw zijn op dezelfde manier geïndexeerd. Subsidiesaldo Wsw per deelnemende gemeente. Subsidiesaldo Wsw resultaten per gemeente gebaseerd op de begrote loonkosten en de te ontvangen geprognotiseerde Rijkssubsidie in het jaar 2023.
Echt-Susteren Leudal Maasgouw Roerdalen Roermond Totaal
Subsidie Wsw Loonkosten arbeidsovereenWsw HB2023 komsten HB2023 3.198.000 3.081.000 2.872.000 2.640.000 2.328.000 2.163.000 2.886.000 2.456.000 10.665.000 10.189.000 21.949.000 20.529.000
Subsidie Wsw Subsidiesaldo Begeleid Subsidie Wsw Werken Wsw Totaal arbeidsovereenHB2023 HB2023 komsten HB2023 118.000 3.199.000 -117.000 203.000 2.843.000 -232.000 83.000 2.246.000 -165.000 200.000 2.656.000 -430.000 204.000 10.393.000 -476.000 808.000 21.337.000 -1.420.000
12
Overzicht van toegerekende baten en lasten per pijler Samenvatting 4-pijler-model HB2023
Wsw
BuW
PW
Re-Int
Totaal
Toegevoegde waarde
6.803.000
583.000
537.000
1.171.000
9.094.000
Rechtsstreeks toewijsbare kosten
-1.562.000
-148.000
-42.000
-60.000
-1.812.000
Totaal doorbelastingen
-6.114.000
-587.000
-220.000
-1.240.000
-8.161.000
-873.000
-152.000
275.000
-129.000
-879.000
Resultaat na doorbelastingen Loonkosten Wsw
-21.949.000
-21.949.000
Subsidies Wsw
20.529.000
20.529.000
Subsidieresultaat Wsw
-1.420.000
-1.420.000
Kosten Begeleid Werken
-364.000
-364.000
Subsidies Wsw
808.000
808.000
Resultaat Begeleid Werken
444.000
444.000
Loonkosten PW
-685.000
-685.000
Loonkostensubsidie PW
243.000
243.000
Dekkingsbijdrage PW
242.000
242.000
Subtotaal PW
-200.000
-200.000
Loonkosten BuW
-1.308.000
-1.308.000
Loonkostensubsidie BuW
916.000
916.000
Dekkingsbijdrage BuW
454.000
454.000
Subtotaal BuW
62.000
62.000
Overige baten en lasten
-100.000
-100.000
Gemeentelijke bijdragen Wsw
1.050.000
1.050.000
Resultaat
-899.000
-90.000
75.000
-129.000
-1.043.000
Onttrekking uit reserves
899.000
90.000
-75.000
129.000
1.043.000
0
0
0
0
0
Resultaat na onttrekking uit reservers
Het 4-pijler model van Westrom resulteert in de herziene begroting 2023 naast een tekort bij de pijler Wsw in een tekort bij de pijlers BuW en Re-Integratie. Westrom stelt voor om de – in de Primaire Begroting 2023 - vastgestelde tarieven van de pijlers BuW en PW, respectievelijk € 7.700 en € 6.900 per/persoon niet aan te passen voor het kalenderjaar 2023. Op basis van de doorrekening van het 4-pijler model van enerzijds de Primaire Begroting 2024 en anderzijds de Realisatie 2022, wordt er een voorstel gedaan voor de (gewijzigde) tarieven BuW/PW met ingang van kalenderjaar 2024. Duidelijk is dat de gestegen huisvestingskosten in combinatie met een dalende interne bezetting van de Wsw-doelgroep en een relatieve stijging van de interne bezetting van de BuW-doelgroep een tariefstijging van de doelgroep BuW tot gevolg heeft. Daarbij moet vanaf 2024 jaarlijks beoordeeld worden of en in welke mate de (opgebouwde) krimpvoorziening ingezet wordt om de frictiekosten op het gebied van huisvesting te financieren. De pijler re-integratie valt al meerdere jaren negatief uit. Dit is voornamelijk te verklaren uit het feit dat de lumpsumbedragen die hiervoor beschikbaar worden gesteld sinds de aanvang niet geïndexeerd zijn, terwijl de kosten ten behoeve van deze taak jaarlijks stijgen. Maatregelen om deze pijler sluitend te krijgen, worden vanaf 2024 ingezet.
13