CConstaterende datMaasdriel
Koppel je AI →
Document · PDF

Voorschriften bp. Buitengeb. Maasdriel binnendijks deel 2006 (g.s.-besluit verwerkt)

Commissie Ruimte 9 april 2025, gemeente MaasdrielBij agendapunt: Rondvraag29.008 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

TER VERKLARING: Aan de hierna doorgehaalde zinsnedes is goedkeuring onthouden door Gedeputeerde Staten van Gelderland bij besluit van 17 oktober 2006.

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

INHOUD

BLZ

Paragraaf I. inleidende bepalingen ...................................................3 Artikel 1. Artikel 2.

begripsomschrijvingen .......................................................3 wijze van meten...............................................................13

Paragraaf II. bestemmingen.............................................................14 Artikel 3. Artikel 4. Artikel 5. Artikel 6. Artikel 7. Artikel 8. Artikel 9. Artikel 10. Artikel 11. Artikel 12. Artikel 13. Artikel 14. Artikel 15. Artikel 16. Artikel 17. Artikel 18. Artikel 19. Artikel 20.

agrarisch gebied ..............................................................14 agrarisch gebied met landschaps- en cultuurhistorische waarden .........................................................................33 bos- en natuurgebied .......................................................54 niet-agrarische bedrijven..................................................58 bedrijventerrein................................................................67 recreatiedoeleinden .........................................................71 maatschappelijke doeleinden...........................................75 horeca .............................................................................78 sportvoorzieningen ..........................................................82 verkeersdoeleinden .........................................................84 spoorweg.........................................................................86 water ...............................................................................87 fort...................................................................................88 woonwagenstandplaats ...................................................92 waterkering (dubbelbestemming) .....................................94 leidingen (dubbelbestemming) .........................................96 straalpad

(dubbelbestemming).........................................98 Molenbiotoop (dubbelbestemming) ..................................99

Paragraaf III. aanvullende bepalingen ..........................................101 Artikel 21. Artikel 22. Artikel 23. Artikel 24. Artikel 25. Artikel 26. Artikel 27. Artikel 28. Artikel 29. Artikel 30. Artikel 31.

afstand bebouwing tot (spoor)wegen..............................101 milieu, natuur en archeologie .........................................101 afstemmingsregeling......................................................104 algemene vrijstelling ......................................................105 algemene wijziging ........................................................106 procedureregels bij vrijstelling en wijziging .....................107 dubbeltelbepaling ..........................................................107 algemene vrijstelling gebruik..........................................107 overgangsbepalingen.....................................................108 verbodsbepaling ............................................................109 titel ................................................................................110

Bijlagen: 1. Staat van bedrijfsactiviteiten ingevolge de wijzigingsbevoegdheden ex artikelen 3.5.4., 4.5.4., en 6.5.1. 2. Staat van bedrijfsactiviteiten ingevolge artikel 7

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

1

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

2

PARAGRAAF I. INLEIDENDE BEPALINGEN ARTIKEL 1.

BEGRIPSOMSCHRIJVINGEN

In deze voorschriften wordt verstaan onder: 1. bestemmingsplan: het bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel van de gemeente Maasdriel, bestaande uit de plankaart en deze voorschriften; 2. (plan)kaart: - plankaart 1 kaart bestemmingen, tekeningnummer 022135-11, bestaande uit de bladen s01 t/m s05; - plankaart 2 kaart indicatieve archeologische waarden; Vanaf hier staan de definities in alfabetische volgorde

3. aan huis gebonden bedrijf: het bedrijfsmatig verlenen van diensten c.q. het uitoefenen van ambachtelijke bedrijvigheid, gericht op consumentenverzorging, geheel of overwegend door middel van handwerk, waarvan de omvang dusdanig is dat de activiteit in een woning en/of daarbij behorende andere gebouwen, met behoud van de woonfunctie, kan worden uitgeoefend; 4. aan huis verbonden beroep: het uitoefenen van een beroep of het bedrijfsmatig verlenen van diensten in de woning met de daarbij behorende bijgebouwen, bijvoorbeeld op zakelijk, maatschappelijk, juridisch, medisch of ontwerptechnisch gebied, waarvan de omvang dusdanig is dat de activiteit in een woning en/of daarbij behorende andere gebouwen, met behoud van de woonfunctie, kan worden uitgeoefend; 5. agrarisch bedrijf: een bedrijf dat is gericht op het voortbrengen van producten door middel van: - het telen van gewassen, waaronder mede begrepen de houtteelt, en/of - het houden van dieren met dien verstande dat maneges, kennels en dierenasiels niet als agrarische bedrijven worden aangemerkt;

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

3

6. agrarisch technisch hulpbedrijf: een bedrijf dat is gericht op het verlenen van diensten aan agrarische bedrijven door middel van het telen van gewassen, het houden van dieren, of de toepassing van andere landbouwkundige methoden, uitgezonderd mestbewerking. Hieronder worden in ieder geval verstaan: grootveeklinieken, KI-station, mestopslag- en mesthandelsbedrijven, agrarische loonbedrijven (inclusief verhuurbedrijven voor landbouwwerktuigen), veetransportbedrijven en veehandelsbedrijven; 7. agrarisch verwant bedrijf: een bedrijf of instelling gericht op het verlenen van diensten aan particulieren of niet-agrarische bedrijven door middel van het telen van gewassen, het houden van dieren, of de toepassing van andere landbouwkundige methoden. Voorbeelden van agrarisch verwante bedrijven zijn: dierenasiels, dierenklinieken, groencomposteringsbedrijven, hondenkennels, hoveniersbedrijven, stalhouderijen, instellingen voor agrarische praktijkonderwijs, proefbedrijven; 8. ander bouwwerk: een bouwwerk, geen gebouw zijnde; 9. bebouwing: een of meer gebouwen en/of andere bouwwerken; 10. bedrijfsmatig geëxploiteerd: het via een bedrijf, stichting, of andere rechtspersoon voeren van een zodanig(e) bedrijf/exploitatie, dat in de logiesverblijven daadwerkelijk recreatieve (nacht)verblijfsmogelijkheden worden geboden; 11.

beperkt kwetsbaar object: een object waarvoor ingevolge het Besluit Externe Veiligheid Inrichtingen een richtwaarde voor het risico c.q. risicoafstand tot een risicovolle inrichting is bepaald, waarmee rekening moet worden gehouden; 12. Besluit Externe Veiligheid Inrichtingen: Besluit van 27 mei 2004 (Stb. 250; in werking getreden op 27 oktober 2004), houdende milieukwaliteitseisen voor externe veiligheid van inrichtingen milieubeheer, zoals dit luidt ten tijde van het ter inzage leggen van het ontwerp van dit plan; 13. Besluit geluidhinder spoorwegen: Besluit van 25 maart 1987, houdende uitvoering van de artikelen 105, 106 en 129 van de Wet geluidhinder (Stb. 1979, 99), zoals dit luidt ten tijde van het ter inzage leggen van het ontwerp van dit plan;

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

4

14. Besluit Grenswaarden Binnen Zones Langs Wegen: Besluit van 20 november 1981 (Stb 395), zoals dit luidt ten tijde van het ter inzage leggen van het ontwerp van dit plan; 15. Besluit luchtkwaliteit 2005: het besluit 20 juni 2005 (Stb. 316; in werking getreden op 5 augustus 2005), zoals dit luidt ten tijde van het ter inzage leggen van het ontwerp van dit plan; 16. bestaand: - bij bouwwerken: bestaand ten tijde van het ter inzage leggen van het ontwerp van dit plan; - bij gebruik: bestaand ten tijde van het van kracht worden van het betreffende gebruiksverbod; 17. bestemmingsvlak: een op de kaart bestemmingen als zodanig aaneengesloten vlak, met behulp waarvan aan gronden een bepaalde bestemming is toegekend; 18. boomteeltbedrijf: een agrarisch bedrijf waarbij hoofdzakelijk gebruik wordt gemaakt van open grond ten behoeve van het telen van houtgewassen; 19. Boswet: Wet van 20 juli 1961 (Stb. 256), houdende regels ter bewaring van bossen en andere houtopstanden, zoals deze luidt ten tijde van het ter inzage leggen van het ontwerp van dit plan; 20. bouwperceel: een aaneengesloten stuk grond, waarop krachtens het plan een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegestaan; 21.

bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond; 22. bijgebouw: een gebouw dat op een bouwperceel door zijn constructie of afmetingen niet als hoofdgebouw kan worden aangemerkt; 23. café: een horecabedrijf, niet zijnde een discotheek of bar/dancing dat tot hoofddoel heeft het verstrekken van alcoholische en niet-alcoholische dranken voor consumptie ter plaatse, met als nevenactiviteit het verstrekken van kleine etenswaren, al dan niet ter plaatse bereid;

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

5

24. champignonbedrijf: een agrarisch bedrijf dat is gericht op het telen van champignons en andere paddenstoelen en zwammen in gebouwen; 25. detailhandel: het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, verkopen en/of leveren van goederen aan degenen die deze goederen kopen voor eigen gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit; 26. dienst- of bedrijfswoning: een woning, in of bij een bedrijf of instelling, bestemd voor (het gezin van) een persoon wiens huisvesting daar gelet op de bestemming noodzakelijk is; deze woning wordt begrepen onder de bedrijfsgebouwen; 27. dierenasiel: een niet-agrarisch bedrijf, dat is gericht op het tijdelijk opvangen en verzorgen van dieren om deze vervolgens weer te herplaatsen bij een derde, waaronder mede begrepen wordt het terugplaatsen bij degene die het dier tijdelijk heeft afgestaan; 28. discotheek/bar-dancing: een horecabedrijf dat tot hoofddoel heeft het verstrekken van dranken voor gebruik ter plaatse waarbij het doen beluisteren van overwegend mechanische muziek en het gelegenheid geven tot dansen een wezenlijk onderdeel vormen; 29. evenement: elk voor het publiek toegankelijke verdichting van vermaak die in tijd is begrensd en herhaaldelijk terugkeert; 30.

gebouw: elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke overdekte geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt; 31. gebouwencontour: de begrenzing die wordt gevormd door de buitenwerkse gevel- en dakvlakken van een gebouw; 32. glastuinbouwbedrijf: een bedrijf, dat is gericht op de teelt of veredeling van gewassen, ruimtelijk gezien geheel of nagenoeg geheel met behulp van kassen;

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

6

33. grondgebonden agrarische bedrijf: een agrarisch bedrijf dat zijn hoofdinkomen haalt uit het houden van melk- of zoogkoeien, en/of het telen in de open grond van akkerbouwgewassen, tuinbouwgewassen of fruit; 34. hoofdgebouw: een gebouw dat op een bouwperceel door zijn constructie of afmetingen als belangrijkste bouwwerk valt aan te merken; 35. horeca: een bedrijf of instelling waar bedrijfsmatig dranken en/of etenswaren voor gebruik ter plaatse worden verstrekt en/of waarin bedrijfsmatig logies wordt verstrekt; 36. houtopstand: begroeiing die geheel of gedeeltelijk bestaat uit bomen en/of struiken, voor zover niet vallend onder de Boswet en behoudens laagstamfruitbomen met de bijbehorende windsingels en erfbeplantingen; 37. intensieve recreatie: vorm van recreatie, waarbij relatief veel recreanten gedurende langere of kortere tijd binnen een beperkte oppervlakte bijeen verblijven; 38. intensieve veehouderij: een agrarisch bedrijf gericht op het houden van vee, waarbij de bedrijfsuitoefening voor ten minste 250 m2 functioneel niet aan de grond gebonden is, omvattende in ieder geval het houden van mestvarkens, mestkalveren, geiten, pelsdieren, konijnen, slachtkuikens, leghennen, parelhoenders, eenden en overig (slacht)pluimvee; 39.

kampeermiddel: - een tent, een tentwagen, een kampeerauto of een caravan; - enig ander onderkomen en enig ander voertuig of gewezen voertuig of gedeelte daarvan, voor zover geen bouwwerk zijnde, één en ander voorzover de onder 1 en 2 bedoelde onderkomens of voertuigen geheel of ten dele blijvend zijn in- of opgericht dan wel worden of kunnen worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf; 40. kas: een gebouw, bestaande uit glas of ander lichtdoorlatend en transparant materiaal dienend tot het kweken of trekken van bomen, vruchten, bloemen of planten;

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

7

41. kennel: een niet-agrarisch bedrijf, dat is gericht op het fokken, verzorgen en verhandelen van honden en/of katten; 42. kwetsbaar object: een object waarvoor ingevolge het Besluit Externe Veiligheid Inrichtingen een grenswaarde voor het risico c.q. een risicoafstand tot een risicovolle inrichting is bepaald, die in acht genomen moet worden; 43. lawaaisport: een sportactiviteit waarbij motorisch of mechanisch geluid wordt geproduceerd dat zodanig is dat het omgevingsgeluid wordt overschreden, waaronder in ieder geval begrepen de rallysport, motorsport, (model)vliegsport; de jachtsport wordt hier niet onder begrepen; 44. manege: een recreatiebedrijf, dat is gericht op het verzorgen en dresseren en trainen van paarden voor de ruitersport alsmede het geven van paardrijlessen; 45. nevenactiviteit: een bedrijfs- of beroepsmatige activiteit die in ruimtelijk, functioneel en inkomenswervend opzicht duidelijk ondergeschikt is aan de op de ingevolge dit bestemmingsplan toegestane hoofdfunctie op een bouwperceel; 46. niet-grondgebonden agrarisch bedrijf: een agrarisch bedrijf waarbij voor de bedrijfsvoering hoofdzakelijk geen gebruik gemaakt wordt gemaakt van open grond, zoals de varkens-, kalver- of pluimveefokkerij, eendenmesterij of -fokkerij, pelsdierenhouderij, glastuinbouwbedrijf, witlof- en champignonkwekerij; 47.

omschakeling: omzetten van een bedrijfstype in een ander bedrijfstype; 48. ontvangsthal: een gebouw dat is bestemd voor de homogenisering van tunnelgrondstof (ontvangst, tussenopslag en kwaliteitsverbetering van tunnelgrondstof), alsmede ter voorkoming van geur- en ammoniakemissies, één en ander enkel en alleen ondersteunend aan het pasteuriseren en conditioneren van tunnelgrondstof tot een voor enten en doorgroeien geschikt substraat;

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

8

49. paardenbak: een niet overdekt terrein ingericht ten behoeve van het paardrijden, met daarbij behorende voorzieningen; 50. paardenfokkerij: een agrarisch bedrijf, dat is gericht op het fokken en het verzorgen, dresseren en trainen van paarden; 51. peil: bij gebouwen in geaccidenteerd terrein: de bestaande gemiddelde hoogte van de grond op het punt waar deze direct grenst aan de gevel welke is gericht naar de weg; bij gebouwen niet gelegen in geaccidenteerd terrein: vanaf de kruin van de weg waaraan het bouwperceel gelegen is; bij andere bouwwerken: vanaf de laagste hoogte van de aan het ander bouwwerk aansluitende grond; 52. permanente bewoning: bewoning door (het huishouden van) een persoon of daarmee gelijk te stellen groep van personen van een recreatiewoning, sta-caravan of andere voor wisselende bewoning bedoelde ruimte als hoofdverblijf c.q. vaste woon- of verblijfplaats; 53. Provinciale milieuverordening: verordening, vastgesteld bij besluit van Provinciale Staten van 15 december 1993, nr. E - 252 (eerste tranche; Provinciaal Blad nr. 1993/83 van 28 december 1993), in werking getreden op 1 januari 1994, zoals deze luidt ten tijde van het tervisie leggen van het ontwerp van dit plan; 54.

recreatief medegebruik: vorm van recreatie waarvoor geen specifieke inrichting van het gebied noodzakelijk is, maar waarvoor kan worden volstaan met de voorzieningen die reeds ten behoeve van de hoofdfunctie aanwezig zijn en ondergeschikte voorzieningen zoals bewegwijzeringsbordjes, picknickbanken en draaihekjes; 55. risicovolle inrichting: een inrichting, bij welke ingevolge het Besluit Externe Veiligheid Inrichtingen een grenswaarde/ richtwaarde voor het risico c.q. een risicoafstand moet worden aangehouden bij in het bestemmingsplan toelaten van kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten; 56. seksinrichting: een gelegenheid waarin beroepsmatig of bedrijfsmatig: - voorstellingen en/of vertoningen van hoofdzakelijk porno-erotische aard plaatsvinden, en/of

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

9

- verkoop en/of uitstalling van hoofdzakelijk goederen van erotische aard plaatsheeft, en/of - tegen vergoeding seksuele diensten worden verricht; 57. teeltondersteunende voorzieningen: ondersteunende voorzieningen ten behoeve van vollegrondsgroente-, fruit-, bloemen- en boomteelt; te onderscheiden in de volgende categorieën: laag / tijdelijk: teeltondersteunende voorzieningen met een hoogte van maximaal 1.50 m, uitsluitend toegestaan zolang de teelt het vereist met een maximum van 3 maanden, bijvoorbeeld insectengaas, afdekfolies, lage tunnels; laag / permanent: teeltondersteunende voorzieningen met een hoogte van maximaal 1.50 m en met een permanent karakter, bijvoorbeeld containervelden; hoog / tijdelijk: teeltondersteunende voorzieningen met een hoogte van minimaal 1.50 m, uitsluitend toegestaan zolang de teelt het vereist met een maximum van 3 maanden, bijvoorbeeld menstoegankelijke wandelkappen, schaduwhallen en hagelnetten; hoog / permanent: teeltondersteunende voorzieningen met een hoogte van minimaal 1.50 m en met een permanent karakter, bijvoorbeeld stellingenteelt (bakken in stellingen, regenkappen) en teeltondersteunende kassen; overig: vraatnetten, boomteelthekken; 58. trekkershut: een eenvoudige, voor (nacht)verblijf en niet permanente bewoning bedoelde verblijfseenheid; 59.

tuincentrum: een inrichting gericht op de verkoop, al dan niet overdekt, van producten waarin het hoofdaccent gericht is op artikelen die dienen voor de aanleg, de inrichting en het onderhoud van tuinen of daarmee samenhangende producten; 60. tunnelgebouw: een gebouw dat is bestemd voor het pasteuriseren en conditioneren van tunnelgrondstof tot een voor enten en doorgroeien geschikt substraat;

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

10

61. vakantiehuisje: een permanent ter plaatse aanwezig gebouw, geen woonkeet en geen caravan of ander bouwsel op wielen zijnde, bestemd om uitsluitend door (het huishouden van) een persoon of daarmee gelijk te stellen groep van personen dat/die zijn hoofdverblijf elders heeft, gedurende een gedeelte van het jaar te worden bewoond; 62. verbale bouwperceel van de burgerwoning: het gebied gelegen binnen een afstand van 10 meter uit de bestaande zijgevels van de woning en het verlengde daarvan én binnen een afstand van 40 meter achter de bestaande voorgevel van de woning en het verlengde daarvan; 63. vollegrondstuinbouw: een agrarisch bedrijf waarbij hoofdzakelijk gebruik wordt gemaakt van open grond ten behoeve van het telen van gewassen, daaronder niet begrepen de boomteelt; 64. volwaardig agrarisch bedrijf: een agrarisch bedrijf dat de arbeidsomvang heeft van tenminste één volledige arbeidskracht en waarvan het behoud ook op langere termijn in voldoende mate en op duurzame wijze is verzekerd, dat wil zeggen in zowel bedrijfseconomisch opzicht als op milieuhygiënisch verantwoorde wijze; 65. Wet geluidhinder: Wet van 16 februari 1979 (Stb. 99), houdende regels inzake het voorkomen of beperken van geluidhinder, zoals deze luidt ten tijde van het tervisie leggen van het ontwerp van dit plan; 66. Wet op de economische delicten: Wet van 22 juni 1950 (Stb.

K 258), houdende vaststelling van regelen voor de opsporing, de vervolging en de berechting van economische delicten, zoals deze luidt ten tijde van het tervisie leggen van het ontwerp van dit plan; 67. Wet op de Ruimtelijke Ordening: Wet van 5 juli 1962 (STB. 286), houdende regels inzake het bouwen en de volkshuisvesting, zoals deze luidt ten tijde van het tervisie leggen van het ontwerp van dit plan; 68. Woning: een complex van ruimten, krachtens zijn indeling geschikt en bestemd voor de huisvesting van één huishouden, met de daarbij behorende niet voor bewoning bestemde bergingen, stallingsruimten alsmede kantoor- en/of praktijkruimten, die in de woning worden opgericht dan wel daaraan worden aangebouwd;

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

11

69. Woningwet: Wet van 29 augustus 1991, Stb. 439, houdende regels inzake het bouwen en de volkshuisvesting, zoals deze luidt ten tijde van het tervisie leggen van het ontwerp van dit plan.

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

12

ARTIKEL 2.

WIJZE VAN METEN

Bij de toepassing van de voorschriften van het plan wordt als volgt gemeten: 1. bebouwde oppervlakte van een gebouw: tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of harten van scheidsmuren boven de begane grondvloer; een en ander met dien verstande dat bij het bepalen van de bebouwde oppervlakte van woningen de bebouwde oppervlakte van de bijbehorende bijgebouwen niet wordt meegerekend; 2. bebouwingshoogte van een bouwwerk: van het hoogste punt van een bouwwerk, bij (wind)molens de ashoogte, tot aan het peil, waarbij ondergeschikte bouwdelen zoals schoorstenen, windvanen, masten en daksierelementen niet worden meegerekend; 3. goothoogte van een gebouw: van de bovenkant van de goot, het boeiboord of de druiplijn van een gebouw tot aan het peil; een en ander met dien verstande dat bij het bepalen van de goothoogte van woningen maximaal een derde van de gezamenlijke goot- en/of boeiboordlengte niet wordt meegerekend; 4. inhoud van een gebouw: tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of de harten van scheidsmuren en de dakvlakken en boven de begane grondvloer; een en ander met dien verstande dat bij het bepalen van de inhoud van woningen de inhoud van de bijbehorende bijgebouwen niet wordt meegerekend.

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

13

PARAGRAAF II. BESTEMMINGEN ARTIKEL 3.

AGRARISCH GEBIED

3.1. Doeleindenomschrijving zie in lid 3.5. de wijzigingsbevoegdheden

ook rekening houden met de dubbelbestemmingen "waterkering", "leidingen", "straalpad" en “molenbiotoop”

De als "Agrarisch gebied" op de kaart bestemmingen aangegeven gronden zijn bestemd voor de volgende doeleinden: - agrarisch (bedrijfsmatig) grondgebruik; - een niet-agrarische nevenactiviteit bij een agrarisch bedrijf, uitsluitend ter plaatse van de betreffende aanduiding op de kaart bestemmingen; - burgerwoningen, uitsluitend op of nabij de aanduiding "burgerwoning" op de kaart bestemmingen; - behoud en herstel van de waardevolle landschapselementen; - behoud en herstel van cultuurhistorische waarden; - bescherming van ter plaatse aanwezige archeologische waarden; - behoud en ontwikkeling ecologische waarden; - de ontvangst, berging en/of afvoer van water, de bescherming, het beheer en het onderhoud van de watergang ter plaatse van de aanduiding "watergang" op de kaart bestemmingen; - extensief recreatief medegebruik; - paden en landwegen; - bestaande perceelsontsluitingen; - verkeersvoorzieningen; - voorzieningen van openbaar nut; - instandhouding en de bescherming van de grondwaterwinning ter plaatse van de aanduiding "grondwaterbeschermingszone, milieubeschermingsgebied categorie II voor drinkwater" op de kaart bestemmingen; een en ander met de bijbehorende bouwwerken en voorzieningen. 3.2. Nadere detaillering van de doeleinden

verhouding tussen de belangrijkste doeleinden

agrarische bedrijven zie voor nieuwvestiging artikel 3.5.1 zie voor verandering / vergroting agrarisch bouwperceel artikel n

a. Binnen de bestemming Agrarisch gebied is het beleid primair gericht op het bieden van ontwikkelingsmogelijkheden voor een duurzame en concurrerende landbouw; het agrarisch grondgebruik weegt het zwaarst binnen deze bestemming. Daarnaast wordt gestreefd naar het beschermen van de lokaal aanwezige landschappelijke waarden. Voor zover de gronden zijn aangegeven met de aanduiding "watergang" prevaleert het belang van deze watergang. b. Agrarische bedrijfsgebouwen zijn uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding "agrarisch bouwperceel" op de kaart bestemmingen; c. Per op de kaart bestemmingen aangegeven agrarisch bouwperceel is maximaal één agrarisch bedrijf toegestaan. Agrarische bouwpercelen

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

14

e

zie voor vrijstelling 2 agrarische bedrijfswoning artikel 3.4.1

niet-agrarische nevenactiviteit

die blijkens de kaart bestemmingen met elkaar gekoppeld zijn, worden tezamen beschouwd als één bouwperceel en dus als één bedrijf. d. Een glastuinbouwbedrijf is uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding "glastuinbouw". e. Een champignonbedrijf is uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding "champignons". f. Een intensieve veehouderij is uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding "intensieve veehouderij". g. Omschakeling van grondgebonden naar niet-grondgebonden agrarische bedrijvigheid is niet toegestaan; omschakelen van nietgrondgebonden naar grondgebonden bedrijvigheid mag wel. Omschakeling naar houtteelt is enkel via wijziging toegestaan. h. Een niet-grondgebonden agrarische tak is als nevenactiviteit bij een grondgebonden agrarisch bedrijf toegestaan. i. Per agrarisch bedrijf is maximaal 1 bedrijfswoning toegestaan, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding: - “0dw” of “Adw” op de kaart bestemmingen, geen bedrijfswoningen zijn toegestaan; - “2dw” op de kaart bestemmingen, maximaal 2 bedrijfswoningen zijn toegestaan; j.

Bij elk agrarisch bedrijf is naast de agrarische bedrijfsvoering een nietagrarische nevenactiviteit toegestaan tot een vloeroppervlak van ten hoogste 350 m2, mits er geen sprake is van een verkeersaantrekkende werking en mits geen detailhandel plaatsvindt anders dan verkoop van lokaal geproduceerde agrarische producten. Voor zover het gaat om bed & breakfast als niet-agrarische nevenactiviteit geldt bovendien dat maximaal 5 appartementen toegestaan dat het vloeroppervlak per appartement niet meer mag bedragen dan 100 m2. In afwijking hiervan zijn ter plaatse van de aanduiding "niet-agrarische nevenactiviteit toegestaan" niet-agrarische nevenactiviteiten toegestaan in de vorm en omvang zoals die voor het betreffende perceel zijn opgenomen in de onderstaande Staat van niet-agrarische nevenactiviteiten. Staat van niet-agrarische nevenactiviteiten met verwijzing naar de aanduiding op de kaart. straatnaam + kern Hoorzik Kerkdriel Koestraat Velddriel Provincialeweg Velddriel Veilingweg

burgerwoningen zie voor vrijstelling tbv splitsing artikel 3.4.2 aan huis verbonden beroepen

nr 25a 11 143 23

kaart Gfc Lb Gf Oc

bedrijfstype Groothandel in fruit en champignons Loonwerkbedrijf Groothandel in fruit Onderzoekscentrum

omvang 2

4000 m 2 1500 m 2 12.095 m geen beperking

k. Ter plaatse van de aanduiding “burgerwoning” op de kaart bestemmingen mag/mogen de daar bestaande burgerwoning(en) gehandhaafd blijven, waaronder tevens herbouw wordt begrepen; uitbreiding van het aantal woningen is niet toegestaan.

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

15

Het gebruik van de burgerwoning voor aan een aan huis verbonden beroep is toegestaan, zolang de hiervoor in gebruik zijnde ruimte ondergeschikt is aan de woonruimte en er geen publieksgerichte functie wordt uitgeoefend. Voorts zijn ter plaatse van de aanduiding "burgerwoning met nevenactiviteit" nevenactiviteiten toegestaan in de vorm en omvang zoals die voor het betreffende perceel zijn opgenomen in de onderstaande Nevenactiviteiten bij burgerwoningen Staat van nevenactiviteiten bij burgerwoning straatnaam + kern Kloosterstraat Kerkdriel Middelingenseweg Hedel Provincialeweg Velddriel extensief recreatief medegebruik

archeologische en cultuurhistorische waarden

nr 10 39 138

bedrijfstype Beeldhouwerij Inpandige opslag Inpandige opslag

omvang 2 67 m 2 100 m 2 1437 m

l. Het hele gebied binnen deze bestemming mag in beginsel worden gebruikt voor extensief recreatief medegebruik. Ter ondersteuning van het recreatief medegebruik zijn beperkte recreatieve voorzieningen toegestaan, zoals picknicktafels, bankjes, bewegwijzering e.d. m. Ter plaatse van de aanduiding "gemeentelijk monument" en/of "archeologisch en/of cultuurhistorisch waardevol terrein" is het beleid gericht op behoud, herstel en ontwikkeling van de cultuurhistorische en/of archeologische waarden. 3.3. Bebouwingsregeling

zie voor vrijstelling bebouwing binnen onderhoudsstrook watergang artikel 3.4.4

Op de tot "Agrarisch gebied" bestemde gronden zijn uitsluitend toegestaan gebouwen ten behoeve van agrarische bedrijven, burgerwoningen en openbaar nut alsmede andere bouwwerken die ten dienste staan van deze bestemming, met dien verstande dat op de gronden gelegen binnen een afstand van 5 meter ter weerszijden van de op de kaart bestemmingen aangegeven "watergang" alleen bebouwing is toegestaan die noodzakelijk is voor het beheer en het onderhoud van de watergang. Een en ander met inachtneming van de volgende bepalingen. 3.3.1.

Agrarische bedrijven: gebouwen bedrijfsgebouwen

zie voor vrijstellingen melkstallen, materieelbergingen en schuilgelegenheden buiten bouwperceel artikel 3.4.5 zie voor vrijstelling goothoogte bedrijfsgebouwen artikel 3.4.6

bedrijfswoning

situering

uitsluitend binnen het agrarisch bouwperceel "

goothoogte Bebouwing shoogte inhoud bebouwde oppervlakte

max. 6,5 m max. 11 m

max. 6,5 m max. 9 m

geen beperking geen beperking, met dien verstande dat:

max. 750 m geen beperking

3

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

Bijgebouwen bij bedrijfswoning

Max. 3,5 m Max. 6,5 m

bestaande gebouwen buiten agrarisch bouwperceel uitsluitend op de bestaande locatie max. bestaand max. bestaand

Geen beperking 2 Max. 50 m

max. bestaand max. bestaand

februari 2006

16

bij nietglastuinbouwbedrijven 2 maximaal 1000 m aan kassen is toegestaan ten behoeve van (klein)fruitteelt, bollenteelt en (zaad)veredeling, bij bedrijven met een niet-agrarische nevenactiviteit de oppervlakte aan bedrijfsgebouwen die wordt gebruikt ten behoeve van de nietagrarische nevenactiviteit niet mag worden uitgebreid. voor zover de bestaande goothoogte, bebouwingshoogte, inhoud respectievelijk bebouwde oppervlakte meer bedragen dan in de kolom hierboven aangegeven gelden deze bestaande maatvoeringen als maxima -

Aanvullend

voor zover de bestaande goothoogte, bebouwingshoogte respectievelijk bebouwde oppervlakte meer bedragen dan in de kolom hierboven aangegeven gelden deze bestaande maatvoeringen als maxima

n.v.t.

afstand kassen tot woning(en) van derden minimaal 50 m zie voor vrijstelling afstand kassen artikel 3.4.9

3.3.2.

Agrarische bedrijven: andere bouwwerken

situering

andere bouwandere werken, zoals bouwwerken zoals sleufsilo's en mest- hooibergen, en opslagplaatsen voedersilo's uitsluitend op het agrarisch bouwperceel

bebouwingshoogte

max. 6 m

max. 20 m

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

overige andere bouwwerken

binnen de gehele bestemming max. 2 m, met dien verstande dat voor teeltondersteunende voorzieningen op het agrarisch bouwperceel een hoogte van max. 6 m geldt

februari 2006

17

3.3.3.

Burgerwoningen: gebouwen en andere bouwwerken

situering

zie voor vrijstelling grotere oppervlakte artikel 3.4.12

goothoogte bebouwingshoogte inhoud bebouwde oppervlakte aanvullend

3.3.4.

burgerwoning

Bijgebouwen

op de bestaande locatie, met dien verstande dat bij herbouw op of direct aansluitend aan de bestaande locatie mag worden gebouwd, waarbij het bestaande verbale bouwperceel niet veranderd max. 6,5 m max. 9 m 3 max. 600 m geen beperking

op het verbale bouwperceel van de burgerwoning en min 3 m achter (het verlengde van) de voorgevel van de burgerwoning

max. 3,5 m max. 6 m geen beperking 2 max. 50 m

andere bouwwerken op het verbale bouwperceel van de burgerwoning

n.v.t. max. 2 m n.v.t. geen beperking

voor zover de bestaande goothoogte, bebouwingshoogte, inhoud alsmede de afstand van bijgebouwen tot de bijbehorende woning meer bedragen dan in de kolom hierboven aangegeven gelden deze bestaande maatvoeringen als maxima het verbale bouwperceel mag worden overschreden ten behoeve van een woninguitbreiding aan de voorgevel in de vorm van een erker e,d,, waarbij de bebouwingshoogte niet meer mag bedragen dan 3,5 m en de bebouwde 2 oppervlakte niet meer dan 6 m per woning

n.v.t.

Overige gebouwen en andere bouwwerken gebouwen van openbaar nut, zoals trafo's, abri's, schakelstations, meet- en regelstations

situering goothoogte bebouwingshoogte

binnen de gehele bestemming max. 2,7 m max. 3,5 m

bebouwde oppervlakte

max. 15 m

2

overige andere bouwwerken ten behoeve van deze bestemming, zoals andere bouwwerken ten behoeve van het recreatief medegebruik (o.a. zitbanken en wegwijzers), openbaar nut en verkeersgeleiding binnen de gehele bestemming n.v.t. max. 2 m, met dien verstande dat andere bouwwerken ten behoeve van de openbare verkeersverlichting max. 6 m hoog mogen zijn geen beperking

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

18

aanvullend

voor zover de bestaande goothoogte, bebouwingshoogte respectievelijk bebouwde oppervlakte meer bedragen dan in de kolom hierboven aangegeven gelden deze bestaande maatvoeringen als maxima

3.4. Vrijstellingsbepalingen Burgemeester en wethouders kunnen vrijstelling verlenen van: toevoegen agrarische bedrijfswoning

3.4.1. het bepaalde in artikel 3.2 onder i teneinde bij bedrijven één bedrijfswoning toe te voegen, mits aan de volgende voorwaarden is voldaan: a. voor zover het gaat om het toevoegen van een eerste bedrijfswoning dient/dienen: - te zijn aangetoond dat het betreft een in werking zijnd agrarisch bedrijf; - de bedrijfsomvang bij een vollegrondbedrijf ten minste 1,5 maal volwaardig te zijn en de bedrijfsomvang bij bedrijven met bedekte teelten, zoals champignonteelt en glastuinbouw, ten minste 2 maal volwaardig te zijn; - er gedurende minimaal 1 aaneengesloten maand per jaar bedrijfsactiviteiten plaats te vinden buiten de reguliere werktijden die redelijkerwijs ook niet binnen de reguliere werktijden kunnen worden uitgevoerd en/of dient er sprake te zijn van bedrijfsactiviteiten waarbij het uit het oogpunt van de bedrijfscontinuïteit noodzakelijk is om de gesteldheid van het gewas of het vee alle dagen van de week te bewaken of te controleren; - een positief advies te zijn afgegeven door een door de gemeenteraad van Maasdriel aan te wijzen onafhankelijke, agrarische deskundige; b.

voor zover het een tweede bedrijfswoning betreft, dient te worden aangetoond dat deze noodzakelijk is in verband met de aard en omvang van het bedrijf en het toezicht, de gespreide arbeidsbelasting en gedeelde verantwoordelijkheid door twee personen op het bedrijf; hierover dient advies te worden ingewonnen bij een door de gemeenteraad van Maasdriel aan te wijzen onafhankelijke, agrarisch deskundige. Indien wordt afgeweken van dit advies dient bij gedeputeerde staten van de provincie Gelderland een verklaring van geen bezwaar te zijn verkregen alvorens medewerking aan de vrijstelling kan worden verleend. c. voor zover het een tweede bedrijfswoning betreft, dient de extra woning inpandig te worden opgericht, tenzij dit redelijkerwijs niet mogelijk is; in het laatste geval zal de woning duidelijk herkenbaar als tweede bedrijfswoning moeten worden gebouwd, hetgeen betekent dat er een duidelijke ruimtelijke relatie aanwezig moet zijn tussen de eerste bedrijfswoning en de tweede bedrijfswoning: de onderlinge afstand mag nimmer meer dan 25 meter bedragen; bovendien

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

19

moeten beide woningen over dezelfde toegangsweg worden ontsloten; van deze laatste voorwaarde kan worden afgeweken indien daartoe een bedrijfstechnische of economische noodzaak bestaat; d. er mag niet eerder een tweede bedrijfswoning voor het betreffende bedrijf gebouwd zijn; meer dan in totaal twee bedrijfswoningen zijn niet toegestaan; e. de inhoud van de tweede bedrijfswoning mag niet meer bedragen 3 dan 750 m ; f. de extra woning mag niet leiden tot extra belemmeringen voor de bedrijfsontwikkeling van de omliggende agrarische bedrijven voortvloeiend uit de milieuwetgeving; g. de te realiseren extra woning dient te passen binnen het gemeentelijk woningbouwprogramma; h. de extra woning mag niet worden gerealiseerd binnen de op de kaart bestemmingen aangegeven "veiligheidszone LPG"; i. De extra woning mag niet worden gerealiseerd binnen het op de kaart bestemmingen aangegeven “reserveringsgebied glastuinbouw RPB”; j. de afstand van de extra woning tot kassen en boomgaarden van derden dient tenminste 50 meter te bedragen; k. indien de gronden zijn gelegen binnen de aanduiding "Grondwaterbeschermingszone, milieubeschermingsgebied categorie II voor drinkwater" dan mag de woningtoevoeging geen aantasting van de grondwaterbeschermingsbelangen tot gevolg hebben; hiertoe wordt de grondwaterbeheerder om advies gevraagd.

Indien wordt afgeweken van dit advies dient bij gedeputeerde staten van de provincie Gelderland een verklaring van geen bezwaar te zijn verkregen alvorens medewerking aan de vrijstelling kan worden verleend; l. voldaan moet worden aan de bepalingen ingevolge de Wet geluidhinder; m. een agrarische bedrijfswoning mag niet worden opgericht voor zover voor het agrarisch bouwperceel op de kaart bestemmingen de aanduiding “Adw” is aangegeven; een tweede agrarische bedrijfswoning mag niet worden opgericht voor zover voor het agrarisch bouwperceel op de kaart bestemmingen de aanduiding “1dw” is aangegeven. woningsplitsing bij burgerwoningen

3.4.2. het bepaalde in artikel 3.2 onder k teneinde woningsplitsing bij burgerwoningen toe te staan, mits aan de volgende voorwaarden is voldaan: a. Er dient sprake te zijn van als zodanig op de kaart bestemmingen aangeduide “Rijksmonument” dan wel “gemeentelijk monument”; b. de woningtoevoeging is noodzakelijk in verband met het herstel of de verbetering van de te beschermen architectonische of cultuurhistorische waarden;

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

20

c. het aantal woningen mag in totaal niet meer bedragen dan twee; d. de bestaande inhoud van de woning c.q. het pand mag niet worden vergroot; e. de beide woningen dienen na splitsing elk een inhoud te hebben van 3 minimaal 350 m ; f. per woning mag een vrijstaand bijgebouw van maximaal 50 m2 aanwezig zijn; g. de woningsplitsing mag niet leiden tot extra belemmeringen voor de bedrijfsontwikkeling van de omliggende agrarische bedrijven voortvloeiend uit de milieuwetgeving; h. indien de gronden zijn gelegen binnen de aanduiding "Grondwaterbeschermingszone, milieubeschermingsgebied categorie II voor drinkwater" dan mag de woningsplitsing geen aantasting van de grondwaterbeschermingsbelangen tot gevolg hebben; hiertoe wordt de grondwaterbeheerder om advies gevraagd. Indien wordt afgeweken van dit advies dient bij gedeputeerde staten van de provincie Gelderland een verklaring van geen bezwaar te zijn verkregen alvorens medewerking aan de vrijstelling kan worden verleend; i. woningsplitsing is niet toegestaan binnen het op de kaart bestemmingen aangegeven “reserveringsgebied glastuinbouw RPB; j. de te realiseren woning dient te passen binnen het gemeentelijk woningbouwprogramma; k. voorts blijven de overige maatvoeringseisen met betrekking tot bijgebouwen en andere bouwwerken van toepassing; l.

medewerking wordt slechts verleend indien de gemeentelijke monumentencommissie is gehoord. recreatieve nevenactiviteiten bij burgerwoningen

3.4.3. van het bepaalde in 3.2. onder k teneinde recreatieve nevenactiviteiten zoals het verstrekken van logies en ontbijtvoorzieningen (bed & breakfast), exposities, verhuur van fietsen, huifkarren e.d., toe te staan bij een burgerwoning, mits aan de volgende voorwaarden is voldaan: a. de woonfunctie dient in overwegende mate behouden te blijven; b. de nevenactiviteit dient plaats te vinden binnen de bestaande gebouwencontouren; c. de vloeroppervlakte van bestaande bebouwing welke wordt aangewend voor de nevenactiviteit mag niet meer bedragen dan 150 m2; d. indien het betreft logies, zijn maximaal 5 appartementen toegestaan; het vloerappartement van een appartement mag nooit meer bedragen dan 100 m2; e. er mag geen sprake zijn van onevenredige aantasting van de bestaande landschappelijke waarden; f. het gebruik mag niet leiden tot extra belemmeringen voor de bedrijfsontwikkelingen van de omliggende agrarische bedrijven, voortvloeiende uit de milieu- en dierenwelzijnswetgeving;

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

21

g. detailhandel is uitsluitend toegestaan als nevenactiviteit; daarbij mag het enkel gaan om detailhandel in agrarische producten uit eigen tuin dan wel die in de directe omgeving daarvan zijn geproduceerd en/of agrarische producten die zelfstandig en/of in de directe omgeving op een ander agrarisch bedrijf zijn bewerkt; h. de verkeersaantrekkende werking dient te zijn afgestemd op de feitelijke ontsluitingssituatie; bebouwing binnen onderhoudsstrook van de watergang

melkstallen, materialenbergingen en schuilgelegenheden buiten het bouwperceel

3.4.4. van het bepaalde in 3.3 teneinde bebouwing op grond van de overige doeleinden binnen deze bestemming toe te staan, mits de overige bepalingen van deze bestemming in acht worden genomen en het belang van de watergang zich hier niet tegen verzet; inzake het watergangbelang wordt de beheerder van de betreffende watergang gehoord. Indien de gronden zijn gelegen binnen de aanduiding "Grondwaterbeschermingszone, milieubeschermingsgebied categorie II voor drinkwater" dan mag deze vrijstelling geen aantasting van de grondwaterbeschermingsbelangen tot gevolg hebben. hiertoe wordt de grondwaterbeheerder om advies gevraagd. Indien wordt afgeweken van dit advies dient bij gedeputeerde staten van de provincie Gelderland een verklaring van geen bezwaar te zijn verkregen alvorens medewerking aan de vrijstelling kan worden verleend. 3.4.5. van het bepaalde in de tabel van artikel 3.3.1. teneinde melkstallen, materialenbergingen en schuilgelegenheden buiten het bouwperceel te situeren, mits aan de volgende voorwaarden is voldaan: a. het is redelijkerwijs niet mogelijk deze voorzieningen binnen het bouwperceel op te richten; b. er moet sprake zijn van een in bedrijf zijnd agrarisch bedrijf; c. deze voorziening is noodzakelijk in het kader van de agrarische bedrijfsvoering; d. de goothoogte mag niet meer bedragen dan 4 m; e.

de bebouwde oppervlakte voor deze voorzieningen mag per agrarisch 2 bedrijf niet meer bedragen dan 75 m ; f. er vindt geen onevenredige aantasting van de landschappelijke of cultuurhistorische waarden plaats; g. er mag geen aantasting van de waterhuishoudkundige situatie optreden met betrekking tot de waterkwantiteit en –kwaliteit; evenmin mag de regionale wateropgave belemmerd worden. Hiertoe dient het betrokken waterschap gehoord; h. indien de gronden zijn gelegen binnen de aanduiding "Grondwaterbeschermingszone, milieubeschermingsgebied categorie II voor drinkwater" dan mag de toe te voegen bebouwing geen aantasting van de grondwaterbeschermingsbelangen tot gevolg hebben. hiertoe wordt de grondwaterbeheerder om advies gevraagd. Indien wordt afgeweken van dit advies dient bij gedeputeerde staten van de provincie Gelderland een verklaring van geen bezwaar te zijn

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

22

verkregen alvorens medewerking aan de vrijstelling kan worden verleend. verhogen goothoogte agrarische bedrijfsgebouwen

3.4.6. van het bepaalde in 3.3.1. teneinde de goothoogte van bedrijfsgebouwen te verhogen tot maximaal 9 meter, mits aan de volgende voorwaarden is voldaan: a. de verhoging is noodzakelijk voor de continuïteit of ontwikkeling van het agrarisch bedrijf ; b. de architectonische waarden moeten behouden blijven; c. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de landschappelijke waarden. 3.4.7. van het bepaalde in de tabel van artikel 3.3.1. teneinde bij nietglastuinbouwbedrijven de maximaal toegestane oppervlakte van 1000 m2 aan kassen ten behoeve van (klein)fruitteelt, bollenteelt en 2 (zaad)veredeling te vergroten tot 1500 m , mits aan de volgende voorwaarden is voldaan: a. er dient sprake te zijn van een zorgvuldige landschappelijke inpassing; b. het woon- en leefklimaat mogen niet onevenredig worden aangetast.

verkleinen afstand kassen tot woningen van derden

vergroten oppervlakte bijgebouwen bij burgerwoning

3.4.8. van het bepaalde in de tabel van artikel 3.3.1. teneinde de afstand van kassen tot woningen van derden te verminderen tot ten minste 10 meter, mits voldoende waarborgen aanwezig zijn dat er geen onevenredige aantasting zal plaatsvinden van het woon- en leefklimaat. 3.4.9. van het bepaalde in de tabel van artikel 3.3.4. teneinde de 2 oppervlakte aan bijgebouwen te vergroten tot maximaal 75 m ten behoeve van het houden van dieren of het onderbrengen van materialen voor het bewerken van gronden, mits aan de volgende voorwaarden is voldaan: a. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de landschappelijke waarden; b. indien de gronden zijn gelegen binnen de aanduiding "Grondwaterbeschermingszone, milieubeschermingsgebied categorie II voor drinkwater" dan mag deze vrijstelling geen aantasting van de grondwaterbeschermingsbelangen tot gevolg hebben. hiertoe wordt de grondwaterbeheerder om advies gevraagd. Indien wordt afgeweken van dit advies dient bij gedeputeerde staten van de provincie Gelderland een verklaring van geen bezwaar te zijn verkregen alvorens medewerking aan de vrijstelling kan worden verleend.

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

23

sleufsilo's en mestopslagen buiten het bouwperceel

3.4.10. van het bepaalde in de tabel van artikel 3.3.2 teneinde sleufsilo's en mestopslag buiten het bouwperceel, mits aan de volgende voorwaarden is voldaan: a. het is redelijkerwijs niet mogelijk deze voorzieningen binnen het bouwperceel op te richten; b. deze voorziening is noodzakelijk in het kader van de agrarische bedrijfsvoering; c. de goothoogte van sleufsilo's en mestopslagen mag niet meer bedragen dan 4 m; d. de bebouwde oppervlakte van de mestopslag mag niet meer bedragen dan 750 m2 per agrarisch bedrijf; e. er vindt geen onevenredige aantasting van de landschappelijke of cultuurhistorische waarden plaats; f. indien de gronden zijn gelegen binnen de aanduiding "Grondwaterbeschermingszone, milieubeschermingsgebied categorie II voor drinkwater" dan mag deze vrijstelling geen aantasting van de grondwaterbeschermingsbelangen tot gevolg hebben; daartoe dient alvorens aan de vrijstelling kan worden meegewerkt een positief advies van de grondwaterbeheerde te zijn verkregen. 3.5. Wijzigingsbepalingen Burgemeester en wethouders kunnen met toepassing van het bepaalde in artikel 11 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening het bestemmingsplan wijzigen teneinde:

nieuwvestiging

3.5.1. de nieuwvestiging van een agrarisch bedrijf toe te staan, mits aan de volgende voorwaarden is voldaan: a. nieuwvestiging dient plaats te vinden op een bestaand of voormalige agrarisch bouwperceel of bij een aanwezige burgerwoning, tenzij wordt aangetoond dat dit redelijkerwijs niet mogelijk is; b. het dient te gaan om een volwaardig agrarisch bedrijf dan wel een bedrijf dat naar verwachting binnen redelijke termijn zal uitgroeien tot een volwaardig bedrijf; dit dient te blijken uit een overgelegd archeologisch onderzoek. Hierover dient tevoren advies te zijn ingewonnen bij een door de gemeenteraad van Maasdriel aan te wijzen onafhankelijk, agrarisch deskundige; voor zover het gaat om de verplaatsing van een bestaand agrarisch bedrijf als gevolg van uitbreiding van een bedrijventerrein, blijft deze volwaardigheidstoets buiten beschouwing; c. het betreft geen niet-grondgebonden bedrijven; d. voor zover de vestiging plaatsvindt in een gebied met de aanduiding "archeologisch en/of cultuurhistorisch waardevol terrein" mag de archeologische en/of cultuurhistorische waarde niet worden aangetast; dit dient te blijken uit een overgelegd archeologisch onderzoek. Hierover dient tevoren advies te zijn ingewonnen bij de provincie

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

24

Gelderland of een andere door het College van Burgemeester en Wethouders van Maasdriel aan te wijzen terzake deskundige; e. nieuwvestiging is niet toegestaan in een gebied met de aanduiding "Grondwaterbeschermingszone, milieubeschermingsgebied categorie II voor drinkwater"; f. nieuwvestiging van grondgebonden bedrijven is niet toegestaan binnen op de kaart bestemmingen aangegeven “reserveringsgebied glastuinbouw RPB; g. de oppervlakte van het bouwperceel mag ten hoogste 1 ha bedragen; indien sprake is van een fruitkwekerij, mag de oppervlakte niet meer bedragen dan 0,75 ha; h. de breedte van het bouwperceel bedraagt ten minste 30 m; i. de verhouding tussen de breedte en diepte van het bouwperceel bedraagt maximaal 1:3 en minimaal 1:1; j. de bouw van een bedrijfswoning is uitsluitend toegestaan via vrijstelling ex artikel 3.4.1.; k. het nieuwe bedrijf dient gelet op de ligging, aard en omvang, ten opzichte van de in de nabijheid gelegen functies een zodanig beperkte (milieu)hinder te veroorzaken dat daardoor de belangen van deze functies niet in onevenredige mate worden geschonden; l. uit een onderzoek naar de bodemkwaliteit dient te blijken dat de bodem geschikt is voor de nieuwe functie; m. er mag geen aantasting van de waterhuishoudkundige situatie optreden met betrekking tot de waterkwantiteit en –kwaliteit; evenmin mag de regionale wateropgave belemmerd worden.

Hiertoe dient het betrokken waterschap gehoord; n. voor zover nieuwvestiging plaatsvindt binnen de gronden met de aanduiding “waterberging zoekgebied” mogen de belangen van de waterberging niet worden aangetast; hiertoe wordt het betrokken waterschap gehoord. verandering/vergroting agrarisch bouwperceel, niet zijnde een glastuinbouwbedrijf

3.5.2. de op de kaart ingetekende grenzen van het bouwperceel van een agrarisch bedrijf, niet zijnde een glastuinbouwbedrijf, te verleggen, mits aan de volgende voorwaarden is voldaan: a. de vergroting of vormverandering is noodzakelijk voor de continuïteit of ontwikkeling van het agrarisch bedrijf; hierover dient tevoren advies te zijn ingewonnen bij een door de gemeenteraad van Maasdriel aan te wijzen onafhankelijke, agrarisch deskundige; b. de waardevolle landschapselementen moeten behouden blijven; c. voor zover de vergroting/verandering plaatsvindt in een gebied met de aanduiding "archeologisch en/of cultuurhistorisch waardevol terrein" mag de archeologische en/of cultuurhistorische waarde niet worden aangetast; dit dient te blijken uit een overgelegd archeologisch onderzoek. Hierover dient tevoren advies te zijn ingewonnen bij de provincie Gelderland of een andere door het College van Burgemeester en

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

25

d.

e. f. g. h. i. j.

k.

verandering/vergroting bouwperceel glastuinbouwbedrijf

Wethouders van Maasdriel aan te wijzen aan te wijzen terzake deskundige; voor zover de vergroting/verandering plaatsvindt in een gebied met de aanduiding "Grondwaterbeschermingszone, milieubeschermingsgebied categorie II voor drinkwater" mogen de grondwaterbeschermingsbelangen niet worden aangetast. Hierover dient tevoren advies te zijn ingewonnen bij de grondwaterbeheerder. de bebouwing mag niet met de bebouwing van de nabijgelegen functies aaneengesloten raken; bij bouwperceelvergroting bedraagt de maximale oppervlakte van het bouwperceel 1,5 ha; de breedte van het bouwperceel bedraagt ten minste 30 m; de verhouding tussen de breedte en diepte van het bouwperceel bedraagt maximaal 1:3 en minimaal 1:1. uit een over te leggen onderzoek naar de bodemkwaliteit dient te blijken dat de bodem geschikt is voor de nieuwe functie; er mag geen aantasting van de waterhuishoudkundige situatie optreden met betrekking tot de waterkwantiteit en –kwaliteit; evenmin mag de regionale wateropgave belemmerd worden. Hiertoe dient het betrokken waterschap gehoord; voor zover de verandering/vergroting plaatsvindt binnen de gronden met de aanduiding “waterberging zoekgebied” mogen de belangen van de waterberging niet worden aangetast; hiertoe wordt het betrokken waterschap gehoord.

3.5.3. de op de kaart ingetekende grenzen van het bouwpercelen met de aanduiding "GT" te verleggen/vergroten, mits aan de volgende voorwaarden is voldaan: a. de vergroting of vormverandering is noodzakelijk voor een doelmatige voortzetting van het agrarisch bedrijf; hierover dient tevoren advies te zijn ingewonnen bij een door de gemeenteraad van Maasdriel aan te wijzen onafhankelijke, agrarisch deskundige; b. er is met een verplaatsingsonderzoek aangetoond dat verplaatsing naar een concentratiegebied dan wel regionale cluster financieel niet mogelijk is en in dat verplaatsingsonderzoek zijn in ieder geval ook de hergebruiksmogelijkheden van de vrijkomende locatie meegenomen; c. de vergroting moet zich verdragen met de ter plaatse van belang zijnde kwaliteiten (natuur, landschap en/of water) en de waardevolle landschapselementen moeten behouden blijven; d. voor zover de vergroting/verandering plaatsvindt in een gebied met de aanduiding "archeologisch en/of cultuurhistorisch waardevol terrein" mag de archeologische en/of cultuurhistorische waarde niet worden aangetast; dit dient te blijken uit een overgelegd archeologisch onderzoek. Hierover dient tevoren advies te zijn ingewonnen bij de provincie Gelderland of een andere door het College van Burgemeester en

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

26

Wethouders van Maasdriel aan te wijzen aan te wijzen terzake deskundige; e. voor zover de vergroting/verandering plaatsvindt in een gebied met de aanduiding "Grondwaterbeschermingszone, milieubeschermingsgebied categorie II voor drinkwater" mogen de grondwaterbeschermingsbelangen niet worden aangetast. Hierover dient tevoren advies te zijn ingewonnen bij de grondwaterbeheerder; f. de bebouwing mag niet met de bebouwing van de nabijgelegen functies aaneengesloten raken; g. uit een over te leggen onderzoek naar de bodemkwaliteit dient te blijken dat de bodem geschikt is voor de nieuwe functie; h. er mag geen aantasting van de waterhuishoudkundige situatie optreden met betrekking tot de waterkwantiteit en –kwaliteit; evenmin mag de regionale wateropgave belemmerd worden. Hiertoe dient het betrokken waterschap gehoord; i. voor zover de verandering/vergroting plaatsvindt binnen de gronden met de aanduiding “waterberging zoekgebied” mogen de belangen van de waterberging niet worden aangetast; hiertoe wordt het betrokken waterschap gehoord; j. het woon- en leefklimaat mogen niet worden aangetast. wijzigen naar burgerwoning

3.5.4. het agrarisch bedrijf om te zetten in burgerwoning door het agrarisch bouwperceel van de kaart bestemmingen te verwijderen en te vervangen door de aanduiding burgerwoning, mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: a. de agrarische bedrijfsuitoefening is beëindigd; b. de landschappelijke, cultuurhistorische en/of architectonische waarden moeten behouden blijven; c. uitsluitend de (voormalige) bedrijfswoning(en) mogen worden gebruikt voor bewoning; d. het aantal woningen dient beperkt te blijven tot één dan wel tot het aantal bedrijfswoningen aanwezig op het moment van het nemen van het wijzigingsbesluit; e. Ten minste 50% van de gebouwen, exclusief de woning, dient te worden gesloopt. Tevens dienen de gebouwen die niet voor bewoning of bijgebouwen worden gebruikt, dienen te worden gesloopt; f. de wijziging mag niet worden toegepast binnen het op de kaart bestemmingen aangegeven “reserveringsgebied glastuinbouw RPB; g. de wijziging mag niet leiden tot knelpunten in de verkeersafwikkeling; h. er mag geen aantasting van de waterhuishoudkundige situatie optreden met betrekking tot de waterkwantiteit en –kwaliteit; evenmin mag de regionale wateropgave belemmerd worden. Hiertoe dient het betrokken waterschap gehoord; i. voor zover de wijziging plaatsvindt binnen de gronden met de aanduiding “waterberging zoekgebied” mogen de belangen van de

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

27

waterberging niet worden aangetast; hiertoe wordt het betrokken waterschap gehoord. wijzigen naar niet-agrarisch bedrijf

3.5.5. de bestemming om te zetten in de bestemming "niet-agrarische bedrijven", mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: a. de agrarische bedrijfsuitoefening is beëindigd; 2 b. maximaal 500 m van de bestaande gebouwen mag voor deze functie worden aangewend; de overige gebouwen dienen te worden gesloopt, tenzij het betreft monumentale of karakteristieke gebouwen; vervangende nieuwbouw is niet toegestaan. In afwijking hiervan geldt voor glastuinbouwbedrijven dat de totale glasopstand dient te worden gesloopt en dat de overige gebouwen geheel mogen worden behouden en aangewend voor de nieuwe functie; c. buitenpandige opslag is niet toegestaan; binnenpandige opslag is niet toegestaan binnen kassen; d. de milieubelasting mag niet toenemen; de bedrijfsactiviteiten dienen te vallen onder de in de Staat van bedrijfsactiviteiten ingevolge wijzigingsbevoegdheden ex artikelen 3.5.4., 4.5.4 en 6.5.1. (zie bijlage 1) opgenomen categorieën 1 en 2, dan wel qua aard, ruimtelijke invloed en milieubelasting gelijkwaardig te zijn aan deze categorieën; e. het bedrijf dient gelet op de ligging, aard, en omvang, ten opzichte van de in de nabijheid gelegen functies een zodanig beperkte (milieu)hinder te veroorzaken dat daardoor de belangen van deze functies niet in onevenredige mate worden geschonden; f. de wijziging mag niet leiden tot knelpunten in de verkeersafwikkeling; g.

de wijziging mag niet worden toegepast binnen het op de kaart bestemmingen aangegeven “reserveringsgebied glastuinbouw RPB; h. de landschappelijke, cultuurhistorische en/of architectonische waarden moeten behouden blijven; i. er dient sprake te zijn van een zorgvuldige landschappelijke inpassing; j. het oprichten van een extra bedrijfswoning is niet toegestaan; k. detailhandel is niet toegestaan, tenzij gerelateerd en ondergeschikt aan de hoofdactiviteit; l. de wijziging mag niet leiden tot (extra) belemmeringen voor de bedrijfsontwikkeling van de omliggende agrarische bedrijven, voortvloeiende uit de milieuwetgeving; m. indien de gronden zijn gelegen binnen de aanduiding "Grondwaterbeschermingszone, milieubeschermingsgebied categorie II voor drinkwater" dan mag de wijziging geen aantasting van de grondwaterbeschermingsbelangen tot gevolg hebben; dienaangaande vragen burgemeester en wethouders advies aan de beheerder van het waterwingebied en aan de waterbeheerder; n. uit een over te leggen onderzoek naar de bodemkwaliteit dient te blijken dat de bodem geschikt is voor de nieuwe functie;

(022-135) Gemeente Maasdriel Bestemmingsplan Buitengebied, Binnendijks deel

februari 2006

28

o. er mag geen aantasting van de waterhuishoudkundige situatie optreden met betrekking tot de waterkwantiteit en –kwaliteit; evenmin mag de regionale wateropgave belemmerd worden. Hiertoe dient het betrokken waterschap gehoord; p. voor zover de wijziging plaatsvindt binnen de gronden met de aanduiding “waterberging zoekgebied” mogen de belangen van de waterberging niet worden aangetast; hiertoe wordt het betrokken waterschap gehoord; q. de voorschriften van Artikel 6 worden van overeenkomstige toepassing verklaard. burgerwoning omzetten naar agrarisch bedrijf

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15418112/1