CConstaterende datMaasdriel
Koppel je AI →
Document · PDF

Voorbereiding SF 2021-03-23 Geitendossier PvdAGL

Commissie Ruimte 30 maart 2021, gemeente MaasdrielBij agendapunt: Geitendossier2.104 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Voorbereiding commissie S&F 23-3-2021 10. Geitendossier Vz., Het geitendossier, Het was een maatschappelijk en juridisch moeilijk dossier, dat weten wij allang en de burgers in Maasdriel hebben dat ook wel gezien. Onze maatschappij kijkt naar de geitenhouderij door een bril die focust op de gezondheid van mensen en van de omgeving. Omdat mensen in een ruime cirkel om een geitenhouderij een groter risico op luchtweginfecties lopen en omdat de stikstofuitstoot in Nederland kwetsbare natuur in de omgeving achteruit laat gaan kan een geitenhouderij geen nieuwe uitbreidingsruimte meer gegeven worden. Wat er de laatste weken bekend geworden is over wat er de laatste jaren gebeurd is, is wel heel erg ontluisterend als we kijken naar de zorgvuldigheid hoe door de overheid en door de ondernemer is gehandeld in het licht van goed omgaan met de volksgezondheid en de omgeving! Wij, raadscommissie, moeten het gemeentebestuur aanspreken op goed bestuur, maar het is onmogelijk om dat los te zien van het wettelijk en maatschappelijk verantwoord handelen van deze geitenhouderij. Het een hangt met het ander samen; je kunt het een niet los van het andere zien dus ik ontkom er niet aan ook daar iets van te zeggen. Uit de cijfers van het enige rechtsgeldige register van aantallen geiten gehouden op een locatie en de antwoorden op de vragen die daarover aan B&W gesteld zijn blijkt onomstotelijk: 

  

dat de onderneming al sinds 2015 veel meer melkgeiten heeft gehouden op Molenstraat 37 (de laatste jaren meer dan twee keer zoveel als toegestaan in de geldende complete vergunningen) waardoor de risico’s voor de gezondheid van omwonenden en de stikstofuitstoot naar de natuur in de omgeving veel groter waren dan verondersteld en vergund dat de onderneming daarover aan de toezichthouders onder verantwoordelijkheid van de gemeente een onjuiste bedrijfsadministratie heeft overlegd en dat in de loop van een aantal jaren bij tientallen controles onder verantwoordelijkheid van de gemeente die grove overtreding niet is geconstateerd

Dan kun je niet anders dan concluderen dan dat 

de ondernemer onrechtmatig heeft gehandeld – dat hij niet heeft gedaan wat hij met het oog op de gezondheid van de omwonenden en op de omgeving vanuit de verleende vergunningen mocht en moest doen de overheid zijn werk niet goed heeft gedaan – in dit geval de belangen van gezondheid van omwonenden en van het milieu niet heeft geborgd

En het gevolg daarvan is een vertrouwenscrisis tussen alle betrokkenen: 

in het vertrouwen v/h college in de geitenondernemer (staat in informatiebrief v/h college)

  

in het vertrouwen van de Maasdrielse burgers in de bedrijfsvoering van de geitenondernemer in het vertrouwen van de Maasdrielse burgers in de overheid, in het bijzonder in het eigen gemeentebestuur en als ik spreek over burgers in het algemeen, dan denk ik daarbinnen in het bijzonder nog aan de mensen met een rol in de dorpsraad en in de stichting Gezond en Fris Hurwenen en Rossum en St. Dorp en Landschap Bommelerwaard die het college regelmatig hebben geattendeerd op zaken rondom dit bedrijf – die actief zijn richting het gemeentebestuur juist rondom dit dossier; en kijkend naar de ingekomen brieven de burgers in de nabijheid van de locatie Veilingweg 30-32, die hun omgeving ineens een rol zien spelen in onderhandelingen over geiten zonder maar iets te weten over de inhoud daarvan tot slot ook in het vertrouwen van gemeenteraads- en commissieleden, dat ze kunnen vertrouwen op het werk dat onder de aansturing en de verantwoordelijkheid van het college gebeurt en de informatie die daaruit voortkomend aan ons wordt verstrekt

Dat is een van de ergste dingen die een gemeentebestuur kan overkomen: het vertrouwen kwijt geraakt zijn. PvdA-GroenLinks vraagt aan het college, hoe pijnlijk het antwoord wellicht voor u moet zijn: heb ik tot hiertoe iets gezegd dat niet juist is, dat u om die reden niet kunt onderschrijven? Ik hoop van ganser harte dat we het tot hier helemaal met elkaar eens zijn. Omdat als we het eens zijn dat we in dit dossier met een heel grote vertrouwenscrisis zitten, ik denk dat we het met elkaar eens worden dat we met elkaar moeten gaan werken aan een proces gericht op herstel van vertrouwen en dat eerst tijdens dat proces er weer ruimte komt om met elkaar over technische oplossingen voor dit maatschappelijke en juridische geitenaantallen-probleem te praten. Zonder breed hersteld vertrouwen zal Maasdriel in juridische vergunnings- en handhavingsprocedures verwikkeld blijven is onze stellige overtuiging. Ik vraag zowel aan het college als aan de andere fracties: deelt u met PvdA-GL dat we eerst moeten nadenken over en zetten van stappen gericht op herstel van vertrouwen tussen mensen, pas in tweede instantie over de oplossing m.b.t.

het geitenbedrijf? Gericht op dat herstel van vertrouwen wil ik naar aanleiding van de antwoorden op onze vragen en wat er in de pers aan informatie naar voren gekomen is doorvragen om met elkaar een helderder beeld te krijgen hoe processen tot nu toe gelopen zijn en waar het mis ging – want vertrouwen krijgen begint bij weten en begrijpen wat mensen doen: 1. Waardoor heeft de ODR in de bevindingen die B&W op 23 februari kreeg, wel vastgesteld dat er 2500 melkgeiten meer dan op Molenstraat 37 aanwezig zouden zijn dan vergund terwijl in de bevindingen van 17 juli 2018 niet werd vastgesteld dat er ongeveer 1600 meer aanwezig waren dan vergund? Dus waardoor nu een minder groot verschil tussen waarneming en officiële I&Rregistratie? 2. Op 26 februari is de raadsinformatiebrief naar raads- en burgercommissieleden verstuurd, ondertekend door wethouder de Vries. Niet door de burgemeester en de secretaris die gebruikelijk officiële ondertekende brieven namens het college van B&W tekenen en versturen.

3.

4.

5.

6.

7.

8.

Hadden de overige collegeleden wetenschap van het uitgaan van een raadsinformatiebrief op die vrijdagmiddag 26 februari en van de inhoud daarvan? Had de burgemeester kennis van de inhoud van die raadsinformatiebrief toen hij op zaterdag 27 februari met mw. Boekestein, dhr. Geurts en dhr. v/d Schans in dorpshuis De Kil sprak over het verzoek dat aan hem was gedaan om een bemiddelende rol te vervullen tussen geitenondernemer v/d Schans en wethouder de Vries die onderhandelde namens het gemeentebestuur? Had de burgemeester kennis van de inhoud van die raadsinformatiebrief toen hij maandag 1 maart richting het Carillon bevestigde dat het Carillon-artikel van 3 maart een juiste weergave was van het op 27 februari gevoerde genoemde gesprek? a. Wanneer is de vraag om zijn bemiddelende rol aan de burgemeester gesteld? b. Heeft de burgemeester met de wethouder van het geitendossier c.q. in het college van B&W besproken of een bemiddelende rol door de burgemeester mogelijk geacht werd gezien de stand van zaken in het dossier, collegiaal bestuur en eenheid van bestuur? c. Wanneer en waardoor is het inzicht veranderd dat de rollen van collegelid en portefeuillehouder toezicht en handhaving ook t.a.v.

de geitendossierbedrijven en van bemiddelaar tussen de onderhandelaars namens het geitenbedrijf en namens het college van B&W eerst wel en later niet met elkaar verenigbaar zijn? Het is ons uit de antwoorden op onze schriftelijke vragen 3 en 4 duidelijk dat het college voor de antwoorden op onze vragen van 4 september 2018 niet over andere informatie beschikte dan zij toen in de antwoorden aan de raad verstrekt heeft. Maar in die antwoorden omzeilt het college de heel directe vraag: erkent u dat de antwoorden door u c.q. onder uw verantwoordelijkheid voor de gemeenteraad opgesteld feitelijk onjuist waren in het licht van de nu bekende officiële I&R-registratiecijfers. Daarom stel ik u die vraag op deze wijze opnieuw: ziet u in dat uw antwoorden van 4 september nu feitelijk onjuist gebleken zijn? Waarom kan het college wel begrijpen dat inwoners van Rossum en Hurwenen geschrokken zijn van de overtredingen en zich zorgen maken over gezondheid en woon- en leefklimaat, maar kan het college niet zeggen dat het begrijpt dat de gevoelens van die inwoners t.a.v.

het behartigen van hun belangen door het werk onder verantwoordelijkheid van het college zich in vergelijkbare termen uit laten drukken dan die het college in de raadsinformatiebrief gebruikt? (De vraag is dus niet gericht op het krijgen van een toelichting waardoor het college zich bij haar besluiten heeft willen laten leiden, maar op wat de uitwerking van de collegebesluiten en aansturing daadwerkelijk is geworden, dus het jarenlang niet waarnemen maar wel houden van veel meer dan de vergunde aantallen melkgeiten met de daarmee gepaard gaande effecten naar de omgeving) Heeft RVO , gezien de uitkomst van het WOB-verzoek van St. Dorp en Landschap, in de ogen van B&W ten onrechte overheidsgegevens die als milieu-informatie beschouwd moet worden niet verstrekt t.b.v. milieucontrole door de ODR namens B&W? Gaat het college, bijvoorbeeld via de VNG, de discrepantie tussen de beoordeling van een WOBverzoek en een vraag van controlerende mede-overheid door de RVO aankaarten, met als doel om deze in-effectiviteit en in-efficiency van de overheid te beëindigen? In antwoord op onze schriftelijke vraag 7 geeft het college aan dat legalisatie van de situatie met ruim 5400 melkgeiten onbespreekbaar zou zijn geweest.

Toch was een toekomstige situatie met 5500 melkgeiten op Molenstraat 37 een kernelement van de onderhandelingen waar wethouder de Vries met politieke rugdekking van een meerderheid van de raadsfracties met de

geitenhouder over onderhandelde. Langs welke weg ziet B&W die beide inzetten met elkaar verenigbaar; of anders gevraagd: hoe past dit antwoord van 22 februari bij de onderhandelingsinzet die het college tot de ingebrekestelling medio januari had? 9. Moet niet geconstateerd worden dat de voor B&W tot nu beschikbare deskundigheid m.b.t. toezicht en handhaving op deze geitenhouderij gezien de bij tientallen controles niet geconstateerde overtredingen, én de eerdere situatie zoals in de uitzending van het programma De Monitor t.a.v. de open zijwanden, ontoereikend is? 10. Vindt het college de in onze schriftelijke vraag 8 genoemde en toegelichte onwaarschijnlijkheid van jaarrond 1800 droogstaande melkgeiten op H.C. de Jonghweg 12 voldoende aanleiding om te gaan onderzoeken en vervolgens ook bespreken met de geitenhouder in het licht van de juistheid van de aantallen geiten op deze locatie én de eerder genoemde zelfstandige bedrijfseenheid die deze bedrijfslocatie zou vormen i.p.v. één bedrijfsvoering dus één bedrijf met Molenstraat 37? 11. Waarom is de VAB-bestemmingsplanwijziging voor de locatie Schoofbandweg 10 die al in 2017 is afgesproken tussen de gemeente Zaltbommel, de gemeente Maasdriel en de ondernemer in 2021 nog niet in procedure gebracht? 12.

Waarom heeft de gemeente die zoveel betrokkenheid bij deze locatie had en heeft niet al tijdens de verbouwing gehandhaafd om deze niet vergunde verbouwing vóór realisatie van een qua omvang niet vergunbare dus voorzienbaar illegale arbeidsmigranten-huisvesting te voorkomen? 13. Erkent het college, dat door het feit dat nu er een conflict tussen deze ondernemer en B&W zichtbaar is geworden ook de handhaving op zijn arbeidsmigranten-huisvestingslocaties ter hand wordt genomen i.p.v. na november 2019 toen deze al in de openbaarheid kwam, de beeldvorming m.b.t. handhaving door het college niet goed is? 14. In antwoord op vraag 3 van de VVD zegt het college ‘Het is niet in het belang van het proces om verdere details van de onderhandelingen openbaar te maken.’ Net daarvoor heeft het college zelf een detail vanuit die onderhandelingen openbaar gemaakt: ‘De geitenhouder wenste de garantie om in de toekomst op meerdere plekken in de gemeente Maasdriel nog verder uit te breiden en nog meer geiten te gaan houden.’ Onder schrijft het college dat informatie tijdens intern beraad met een afvaardiging van de raad gedeeld toen vertrouwelijk was i.v.m.

de toen lopende onderhandelingen die zijn afgebroken; dat net als het college ook die geïnformeerde en geconsulteerde raadsleden hun eigenstandige afweging kunnen maken wat zij nu vanuit die toen vertrouwelijke informatie in de openbaarheid in discussies noemen, net als het college? Dat wij elkaar dus geen verwijten over het schenden van vertrouwelijkheid gaan maken als iemand iets zegt uit dat intern beraad wat de ander liever niet openbaar gezegd heeft? 15. In antwoord op vraag 11 van de VVD schrijft het college ‘De omgevingsvergunning van rechtswege was steeds onderwerp van de gesprekken met de geitenhouder.’ Stichting Gezond & Fris Hurwenen en Rossum refereert ook aan gesprekken met de geitenondernemer over de bouw van de stal voor 6000 opfokgeiten die van rechtswege verleend moest worden. Van die vergunning zou de ondernemer willen afzien, maar van afzien van de daarbij gedachte milieuvergunning H.C. de Jonghweg ongenummerd zou geen sprake kunnen zijn. Heeft het college met de ondernemer wel over het intrekken van het intrekken van bouw- en milieuvergunning als één samenhangend onderhandelpunt gesproken?

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9953461/2