CConstaterende datMaasdriel
Koppel je AI →
Document · PDF

Schriftelijke beantwoording technische vragen voor de raad (Commissie Ruimte 23-11-2022, agendapunt 7)

Gemeenteraad 8 december 2022, gemeente MaasdrielBij agendapunt: Delegatie wijzigen delen van Omgevingsplan Maasdriel1.666 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Schriftelijke beantwoording technische vragen voor de Commissie Ruimte Onderwerp

: Beantwoording technische vragen bij agendapunt 7 (Commissie Ruimte, 23-11-2022)

Datum

: 23 november 2022

Portefeuillehouder

: Michiel de Raaf

1. Bij het raadsvoorstel is bij de kanttekeningen/risico’s pag. 4, 2e alinea een deel van de laatste zin weggevallen, waardoor het niet duidelijk is wat er bedoeld wordt. Als het even kan, voor de aanstaande CR aanvulling van deze zin. Dit is aangepast. De juiste zin is: “Onder de Omgevingswet moeten indieningsvereisten voor (vergunningen voor) ‘omgevingsplanactiviteiten in het omgevingsplan zelf worden opgenomen.” 2. We missen bij dit onderdeel een was-wordt-lijst: welke onderdelen waren al de bevoegdheid van het college, welke onderdelen zijn nieuw. Het omgevingsplan is een ander instrument dan de bestemmingsplannen. Dat betekent ook dat deze er anders uitziet qua vorm en inhoud. Een aantal van de gedelegeerde bevoegdheden horen bij werkzaamheden in de planvorming die nu nog niet bestaan / relevant zijn bij het maken van bestemmingsplannen. Dat heeft onder andere te maken met een andere manier van planvorming onder de Omgevingswet, nieuwe juridische spelregels en een decentralisatie van bevoegdheden als het gaat om het stellen van regels over de leefomgeving (van rijk naar gemeenten). Hieronder per beslispunt een overzicht. Beslispunt 1

Gedelegeerd geval de bevoegdheid tot het vaststellen van delen van het omgevingsplan te delegeren aan het college van burgemeester en wethouders in de gevallen zoals benoemd in de Delegatielijst Omgevingsplan Maasdriel, zie bijlage 1 van dit raadsbesluit;

A B

C D E F

G

Was-Wordt Door nieuwe vorm van omgevingsplan t.o.v. bestemmingsplannen Niet beleidsneutraal, maar kans op fouten is mogelijk groter door complexiteit omgevingsplan (nieuwe taal en nieuwe techniek) Door nieuwe vorm van omgevingsplan t.o.v. bestemmingsplannen. Instructieregels kennen we nu niet in deze vorm. Beleidsneutraal (zie bestemmingsplannen) Nu geen raadsbesluit hiervoor nodig, maar mogelijk onder Owet wel (onzeker). Vandaar opgenomen op lijst (beleidsneutraal). Nieuwe verplichting onder de Owet. Kennen we nu niet in deze vorm.

H I J

2

3

de bevoegdheid tot het nemen van een besluit inhoudende geen medewerking te verlenen aan een wijziging van het omgevingsplan te delegeren aan het college van burgemeester en wethouders indien sprake is van strijdigheid met door de gemeenteraad vastgesteld gemeentelijk beleid; de bevoegdheid tot het nemen van een voorbereidingsbesluit met het oog op de voorbereiding van in het omgevingsplan te stellen regels, zoals bedoeld in artikel 4.14 Omgevingswet, te delegeren aan het college van burgemeester en wethouders;

Beleidsneutraal (zie Monumentenverordening Maasdriel 2010) Nieuwe bevoegdheid van de raad. Voorheen door het Rijk geregeld. Verplichte omzetting van TAMIMRO plannen naar STOPTPOD plannen vóór 2030. Dit geval kennen we nu niet en is een direct gevolg van het niet werken van het digitale stelsel. De juridische verplichting om een dergelijke afwijzing met een formeel besluit (incl. publicatie) af te doen kennen we niet onder de huidig wetgeving. Niet beleidsneutraal (zie toelichting bij kanttekening)

3. Op de lijst B2 met gevallen delegatiebesluit: Onderdeel B: 'het corrigeren van evidente fouten, kennelijke verschrijvingen of verkeerde verwijzingen’. Ja, zeker duidelijke fouten mogen worden hersteld. Maar hoe wordt bepaald of voor iedereen duidelijk is dat dit een onbedoelde fout is geweest? Wat doen we met gevallen als een bewoner aangeeft dat er een fout is gemaakt. Is dat een kennelijke verschrijving? Hiervan kan sprake zijn als de evidente fouten of kennelijke verschrijvingen overduidelijk niet stroken met de bedoeling van de wijziging van het Omgevingsplan. Dat kunnen bijvoorbeeld foutjes zijn in de regeltekst of in de geografische afbakening van de locatie waar een bepaalde regel geldt. De bedoeling kan onder andere worden afgeleid uit de motivering van het besluit tot het wijzigen van het Omgevingsplan of bij de (artikelsgewijze) toelichting bij het Omgevingsplan. 4. Onderdeel D: ‘wijzigingen die noodzakelijk zijn vanwege wet- of regelgeving van Rijk of provincie, waarbij er geen sprake is van beleidsvrijheid (instructieregels)’. Gebeurt dit vaak? Hoe vaak? Instructieregels zijn nieuw onder de Omgevingswet en kenden we nog niet in deze vorm onder de huidige wetgeving. Deze instructieregels bepalen straks wat (en soms hoe) u iets moet regelen in het Omgevingsplan Maasdriel.

Wanneer de Omgevingswet ingaat, gelden er direct instructieregels van het Rijk en de Provincie. Deze zijn te vinden in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Rijk) en de provinciale Omgevingsverordening. Sommige van deze instructieregels zijn zo dwingend dat ze u als raad geen keuze laten. Hieronder een voorbeeld van een instructieregel dat het doel heeft om de veiligheid te waarborgen (externe veiligheid) waarin u geen beleidsvrijheid en beoordelingsruimte heeft.

Mocht het Rijk t.z.t. besluiten om het Besluit kwaliteit leefomgeving aan te vullen met dwingende instructieregels (waarbij u geen keuze hebt of u iets regelt of niet) geeft u het college hiermee de bevoegdheid om dat in het Omgevingsplan Maasdriel aan te passen. Op voorhand is niet in te schatten hoe vaak dit onder de Omgevingswet gaat plaatsvinden. 5. Onderdeel E: graag wat uitleg in Jip en Janneke taal. In de huidige bestemmingsplannen heeft de gemeenteraad bepaald voor welke locaties het college een bestemmingsplan zelfstandig mag aanpassen binnen specifieke kaders (binnenplanse wijzigingsbevoegdheden). Deze bevoegdheden zorgen ervoor dat het college op specifieke locaties ontwikkelingen sneller kan faciliteren binnen vooraf door de raad gestelde kaders. Voor deze gedelegeerde bevoegdheden is geen overgangsrecht gemaakt in de Omgevingswet. Om ervoor te zorgen dat het college onder de Omgevingswet toch nog gebruik mag maken van deze wijzigingsbevoegdheden stellen wij u voor om onderdeel E op te nemen op deze lijst. Daarmee wordt de huidige werkwijze/bevoegdheidsverdeling beleidsneutraal omgezet. 6. Onderdeel G: voorbeeld geven aub om begrijpelijker te maken. Voorbeeld • Binnen de bebouwde kom van Ammerzoden is een onbebouwd perceel met de bestemming groen. • De eigenaar van het perceel vraagt ons om daar één woning te mogen bouwen.

• De aanvraag past niet binnen de bestemming (want binnen bestemming groen mag je niet bouwen en niet wonen). • Wij werken als gemeente toch mee via een vergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Dat is een vergunning waarmee een locatiegebonden projectje wordt toegestaan ondanks strijd met het omgevingsplan. • Binnen 5 jaar moeten wij in het omgevingsplan hebben verwerkt dat die woning daar mag staan en dat daar gewoond mag worden. Daardoor sluit het omgevingsplan weer aan op de echte situatie buiten (in de leefomgeving) en kan iedereen in het omgevingsplan zien welke activiteiten op die locatie zijn toegestaan. 7. In de lijst met te delegeren dingen komt voorbereidingsbesluit nergens ter sprake, behalve in de kanttekening bij het raadsvoorstel. Dit punt staat in het raadsbesluit onder punt 3, maar is inderdaad niet opgenomen in bijlage B2 (de toelichting). Een voorbereidingsbesluit is een verklaring van de gemeenteraad dat een bestemmingsplan voor het betreffende gebied wordt voorbereid. Met dit besluit wordt een voorbereidingsbescherming beoogd, waarmee een aanhoudingsplicht geldt voor bouw- en aanlegactiviteiten. Dit betekent dat bouwvergunningen die passen binnen het van kracht zijnde bestemmingsplan toch nog niet mogen worden verleend.

Ook kan in het voorbereidingsbesluit worden bepaald dat het verboden is bouwwerken te slopen of andere werkzaamheden uit te voeren, zoals bijvoorbeeld het aanleggen van wegen of afgraven van percelen. Met een voorbereidingsbesluit wordt voorkomen dat bij een beoogde wijziging van een deel van het omgevingsplan nog snel vergunningen worden aangevraagd die vergund moeten worden op grond van de oude regels van het omgevingsplan. De situatie buiten (in de leefomgeving) wordt met dit besluit dus als het ware nog even bevroren in afwachting op de nieuwe regels van het omgevingsplan (waarvoor uw raad bevoegd gezag is).

8. Onderdeel J: Dit ‘geval’ en toelichting is niet te begrijpen voor een leek. Graag uitleg wat de afkortingen betekenen. Het gaat hier om de taal waarin wijzigingen van het omgevingsplan straks geschreven en gepubliceerd worden. Nu gebruiken we voor bestemmingsplannen de IMRO taal. Vanuit de Omgevingswet is er een nieuwe taal ontwikkeld: STOP-TPOD. •

IMRO = InformatieModel Ruimtelijke Ordening

•

TAM = Tijdelijk Alternatieve Maatregel

•

STOP = STandaard Officiële Publicaties

•

TPOD = ToepassingsProfiel OmgevingsDocumenten

9. Indien de hypothese klopt dat hier staat dat het huidig systeem gebruikt gaat/kan worden in die gevallen waar het nieuwe systeem niet volstaat: • Waarom is dit een delegatie van de raad aan het college? De raad gaat niet over de systemen die ambtenaren gebruiken? • Hoe vaak verwacht het college dat dit plaats zal vinden? • Welke consequenties heeft dit voor hoeveelheid werk van ambtenaren, en welke financiële consequenties heeft dit? Door de problematiek met het Digitaal Stelsel Omgevingswet werkt het op dit moment nog niet om wijzigingen van het omgevingsplan in de nieuwe taal te schrijven en te publiceren. Vandaar dat de minister voor wijzigingen van het omgevingsplan de oude taal nog eventjes (tijdelijk) toelaat (TAMIMRO). Wijzigingen van het omgevingsplan die in de oude taal zijn geschreven (TAM-IMRO), moeten vóór 2030 nog wel omgeschreven worden naar de nieuwe taal (STOP-TPOD). Daarvoor is een nieuwe wijziging nodig van het omgevingsplan nodig. Ook voor die beleidsneutrale omzetting (van een TAM-IMRO-plan naar een STOP-TPOD-plan) is de raad het bevoegde gezag. Als gemeente hebben we geen keuze welke taal we gebruiken. We zijn overgeleverd aan de staat van het digitale stelsel. Zoals aangegeven in de brief aan uw raad van 14-9-2022 (bij de Monitor Omgevingswet Q1-2 2022) gaat onze voorkeur uit naar de nieuwe taal.

Samengevat leveren tijdelijk alternatieven maatregelen (TAM’s) vooral dubbel/extra werk op voor de ambtelijke organisatie. In een tijd van grote opgaven, zoals de energietransitie en versnelling van woningbouw, en krapte op de arbeidsmarkt vinden wij het werken met TAMs zeer onverstandig. In een recente enquête van het ministerie over de Omgevingswet hebben wij dit ook meegegeven. Wij hopen dat het DSO bij inwerkingtreding van de wet naar behoren werkt: dat wil zeggen dat wij ons Omgevingsplan Maasdriel kunnen wijzigen met de nieuwe taal (STOP-TPOD). Aangezien wij het functioneren van het digitale stelsel niet in de hand hebben, bereiden wij ons toch voor op het tijdelijk werken met TAMs. Wij onderzoeken op dit moment of we de omzetting van TAM-plannen naar STOP-plannen kunnen verhalen via de leges in de Legesverordening Omgevingswet (vooralsnog 2e helft 2023). Daarmee beperken we de financiële gevolgen voor onze gemeente.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12093381/1