CConstaterende datMaasdriel
Koppel je AI →
Document · PDF

Reactie Memo dd 11-03-2024

Gemeenteraad 14 maart 2024, gemeente MaasdrielBij agendapunt: Mogelijkheid tot bouw van het dorpshuis en clubhuis van HRC '141.141 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Geacht College, Wij hebben kennis genomen van het aan u beschikbaar gestelde memo dd. 1103-2024. Middels dit schrijven geven wij hier onze inhoudelijke reactie op. De opsteller van het memo heeft naar onze mening een aantal vreemde U-bochten genomen in haar reactie op ons eerdere schrijven van 25-02-2024. Daarbij opgemerkt dat wij nog steeds in afwachting zijn van de antwoorden op de gestelde vragen aan de wethouder. De feiten: De opsteller schetst de indruk dat de mogelijke verplaatsing van de dorpshuisfunctie van De Kil het gevolg is van de gesloten vaststellingovereenkomst dd. 01 september 2020. Dit is een onjuiste voorstelling van de feiten. Het besluit om deze functie aan het nieuwe clubgebouw van HRC’14 te geven komt voort uit het raadsbesluitenlijst dd. 21-04-2020. Het besluit tot verplaatsing was dus al genomen zonder toepassing van de door haar opgestelde toetsingskaders zoals deze zijn vastgelegd in het Maatschappelijk Vastgoedbeleid 2016. In dit beleidsstuk zijn onderstaande toetsingskaders voor nieuw te ontwikkelen dorpshuisfunctie vastgelegd. 4.3.3 Dorpshuizen Benutting dorpshuizen Voor de benutting van dorpshuizen hanteert de gemeente geen kaderstellende uitgangspunten. Wel wordt een nieuw kader voorgesteld dat uitgaat van het faciliteren van maximaal 200 m² bvo ontmoetingsruimte in een kern binnen de gemeente (zie paragraaf 2.3.3).

Om te bepalen welke initiatieven wel of niet worden gehonoreerd als ontmoetingsruimte, hanteert de gemeente de volgende beleidsmatige uitgangspunten: 1. maximaal 200 m² bvo binnen elke aangewezen kern (zie spreiding en bereikbaarheid); 2. de invulling van 200 m² bvo wordt ondergebracht in maximaal één accommodatie / object binnen de betreffende kern; 3. de keuze voor een locatie van de ontmoetingsruimte(n) wordt ingegeven door: a. de bestaande voorziening / dorpshuis(functie) binnen de kern; b. de ligging binnen de kern; c. de samenhang met andere functies in de betreffende accommodatie; d. de toegankelijkheid voor de meest brede maatschappelijke doelgroep; e. de bedrijfs-/openingstijden die binnen de accommodatie kunnen worden gewaarborgd. Spreiding en bereikbaarheid Zoals aangegeven wil de gemeente maximaal 200m² bvo ontmoetingsruimte faciliteren binnen de kernen die op dit moment beschikken over een dorpshuis- of dorpshuisfunctie. Het gaat hierbij om de volgende kernen - Alem - Ammerzoden Hedel - Heerewaarden - Hurwenen - Kerkdriel - Rossum - Velddriel – Well Inzicht in gebruik (benutting) Voor dorpshuizen is het inzicht in het gebruik daarvan moeilijk te kwantificeren en langs een normatieve meetlat te beoordelen.

Bij de ontwikkeling van MFC Heerewaarden heeft de gemeente als uitgangspunt gehanteerd dat zij bij nieuwe ontwikkelingen nog maximaal 200 m2 bvo ontmoetingsruimte wil faciliteren. Deze 200 m² bvo wil de gemeente faciliteren binnen de dorpen die op dit moment beschikken over een dorpshuis- of dorpshuisfunctie. De te faciliteren 200 m² bvo wordt ondergebracht in maximaal één object binnen het betreffende

dorp. Het gaat hierbij om de volgende dorpen: - Alem - Ammerzoden - Hedel Heerewaarden - Hurwenen - Kerkdriel - Rossum - Velddriel - Well Bij het aannemen van het besluit is de raad voorbij gegaan aan het zorgvuldigheidsbeginsel art. 3:2 AWB. Het is namelijk de taak van de raad de nodige kennis te vergaren omtrent relevante feiten en af te wegen belangen. De feiten liggen namelijk zo dat de nieuwe locatie niet is gelegen in de kern van Hurwenen. Dat de kern van Rossum reeds in bezit is van een dorpshuisfunctie en dat deze functie maximaal binnen een object binnen het dorp ondergebracht wordt. Ook is bestaande voorziening onvoldoende meegenomen. Er heeft vooraf namelijk geen onderzoek plaatsgevonden naar de behoefte van de bewoners binnen de kern van Hurwenen en de gebruikers van de huidige voorziening. Daarnaast dient een voorgenomen besluit gebaseerd te zijn op een deugdelijke motivering (art. 7.12 AWB). Een deugdelijke motivering ontbreekt in deze. De enige motivering is dat de verplaatsing van de dorpshuisfunctie enkel is ingegeven om de begroting van het clubhuis van HRC’14 sluitend te krijgen kan niet de toets van het motiveringsbeginsel doorstaan. Zeker omdat de voorgenomen sloop geen steun vind in de technische staat en bezetting van Dorpshuis De Kil. Tot de dag van vandaag functioneert Dorpshuis De Kil naar behoren en neemt de bezettingsgraad nog steeds toe.

De voorgenomen sloop is enkel een boekhoudkundige truc zodat geld vanuit de begroting aangewend kan worden om HRC’14 aan een nieuwe accommodatie te helpen waar het eerder aangehaalde maatschappelijk vastgoedbeleid geen ruimte toe biedt. Deze eenzijdige benadering maakt dat ook nog het evenredigheidsbeginsel (art 3.4 AWB) met voeten wordt getreden. Want een voorgenomen besluit mag niet onevenredig zijn in verhouding met het doel dat met het besluit beoogd wordt. Met deze administratieve truc worden de belangen van de gemeenschap en vaste en regelmatige gebruikers van het huidige dorpshuis onevenredig geschonden daar in de nieuwe opzet zij niet haar activiteiten op een gelijkwaardige wijze kunnen voortzetten. Vervolgens stelt de opsteller dat het terrein van Dorpshuis De Kil reeds een woonbestemming rust. Dit hebben wij middels BAG register van het kadaster gecontroleerd en dit toont aan dat de huidige bestemming tot op de dag van vandaag nog steeds bijeenkomstfunctie heeft. Het is dan ook erg stuitend dat makkelijk verifieerbare gegevens foutief worden weergegeven. Bewust dan wel onbewust.

Ook het geraadpleegde omgevingsloket geeft aan dat er geen nieuw bestemmingsplan is afgegeven voor het terrein van Dorpshuis De Kil.

Participatie: Opsteller stelt ten onrechte dat Dorpsraad Hurwenen in het kader van de participatie verwijst naar de nog aan te vragen omgevingsvergunning. Zoals ik reeds tijdens de inspraak van 27 februari 2023 heb aangegeven, heb ik verwezen naar de participatieverplichting zoals benoemd in het voornoemde raadsbesluit dat nu ter bespreking op de agenda staat. De indiener van het voorstel geeft aan dat deze heeft voldaan aan deze verplichting. Hetgeen niet juist is en dat door een aantal van u ook is vastgesteld op de bijeenkomst van 5 maart 2024. De opsteller van het memo geeft u hiermee dan ook een totaal verkeerde voorstelling van de feiten. Hetgeen ook niet echt bepaald zorgvuldig is te noemen (art 3.2 AWB). Mogelijkheden rechtsgang door Dorpsraad: De opsteller van het memo benoemd als bron voor mogelijke rechtsgang een artikel in het Brabants Dagblad van 4 maart 2024. Hierbij vaart zij blind op de journalistieke interpretatie van de betreffende journalist. Dorpsraad Hurwenen heeft met geen enkele journalist gesproken inzake dit dossier. Ook hier zorgt een onzorgvuldige voorstelling van aannames gebracht als feiten voor een onjuiste voorstelling en voorziet u van desinformatie. Ik heb u allen tijdens de commissievergadering zelf op de hoogte gebracht dat wij een rechtsgang als mogelijke vervolgstap zien.

De rechtsgang ziet alleen niet toe op het besluit van de verhoogde vergoeding zoals door de opsteller beargumenteert, maar op de titel waarop de vergoeding wordt toegekend. De onrechtmatige verplaatsing van de dorpshuisfunctie vanuit de kern van Hurwenen naar Rossum. Het overtreden van de beginselen van behoorlijk bestuur, zoals eerder in dit schrijven aangegeven, zijn meer dan aannemelijk te maken. Wij zien een rechtsgang, mede gebaseerd op extern ingewonnen advies, met vertrouwen tegemoet. Met vriendelijke groet,

Chris Baggerman Dorpsraad Hurwenen Voorzitter

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13915242/2