Reactie Kaderbrief 2025 BVEB
Tekst van het document
Bedrijfsvoeringseenheid Bommelerwaard Ter attentie van de voorzitter Hogeweg 11 5301 LB Zaltbommel
Uw brief van
6 december 2023
Uw kenmerk Ons kenmerk
Team Telefoonnummer
873211
Kerkdriel
Stafbureau 14 0418 1 februari 2024
Verzenddatum
Onderwerp
Reactie Kaderbrief 2025
Geacht bestuur, Op 19 december 2023 ontvingen wij uw Kaderbrief voor de begroting 2025. Overeenkomstig het door de colleges in Rivierenland vastgestelde Informatieprotocol ontvangt u hierbij onze reactie. Wij verzoeken u bij de aanbieding van de Begroting voor het jaar 2025 aan te geven op welke wijze de reacties van de gemeenteraden op de Kaderbrief al dan niet zijn verwerkt in de Begroting. Het belang van de omvang van de bedrijfsvoering in relatie tot de gemeenten In de eerste helft van 2024 gaat Maasdriel actief aan de slag met de resultaten van het bestuurskrachtonderzoek. Dat heeft onweerlegbaar haar uitwerking op de bedrijfsvoering en daaraan gerelateerde taken. U geeft in uw kaderbrief terecht het belang aan van een gezonde verhouding tussen de omvang van de bedrijfsvoering en de omvang van beide gemeenten. Ook het rapport van &vdLaar verwijst daarnaar. Echter nu de gemeente Maasdriel in het kader van de versterking van de bestuurskracht haar ambities heroverweegt en werkt aan een besturings- en organisatiefilosofie, lijkt het goed de besluitvorming daarover eerst af te wachten. Bij de vaststelling van de Kaderbrief 2025 van de gemeente nemen wij daarover besluiten. De effecten van die besluitvorming kan de BVEB alsnog meenemen in een begrotingswijziging voor 2025.
Verder stellen wij voor eerst de effecten van het implementatieplan af te wachten alvorens nu reeds een stap te zetten in het bepalen van een maatstaf voor het bepalen van een gezonde relatieve omvang tussen de BVEB en de gemeenten.
Bijlagen -
Een afschrift van dit document is ook verstuurd aan -
Uitbreiding takenpakket van de BVEB Uitbreiding van taken is wenselijk als beide gemeenten daar achter staan. Totdat wij meer duidelijkheid hebben over versterking van de bestuurskracht en de impact daarvan op de organisatie overwegen wij niet om meer taken bij de BVEB onder te brengen. Financiële situatie van gemeenten Gemeenten worden de komende jaren geconfronteerd met grote uitdagingen. Een veelheid aan taken en maatschappelijke opgaven vragen om onze inzet, terwijl we te maken hebben met een knellend financieel middelenkader. Naast macro-economische ontwikkelingen als de stijgende rente en de hoge inflatie, staan onze financiën onder druk als gevolg van het huidige Rijksbeleid met betrekking tot de financiering van gemeenten vanaf 2026. De VNG heeft berekend dat gemeenten vanaf het inmiddels als ‘ravijnjaar’ bekend staande jaar 2026 geconfronteerd worden met een structurele korting van ongeveer € 3 miljard per jaar. Het Rijk en de VNG zijn hierover nog in gesprek. Maar bij ongewijzigd beleid ontkomen wij er niet aan om op lokaal niveau scherpe keuzes te maken zodat onze uitgaven in lijn blijven met de beschikbare financiële middelen. In dit kader doen wij nadrukkelijk ook een beroep op onze verbonden partijen. Wij zien in onze begroting en meerjarenraming voor de komende jaren geen ruimte voor structurele beleidsintensiveringen.
In het verlengde hiervan vragen wij onze gemeenschappelijke regelingen om terughoudend om te gaan met voorstellen voor nieuw beleid. Daarbij hanteren wij het principe “Nee, tenzij…”. Eventuele voorstellen voor nieuw beleid dienen goed te zijn onderbouwd, zodanig dat wij in staat zijn om nut en noodzaak van deze voorstellen goed te kunnen beoordelen. Is dit niet mogelijk en betreft het beleid waarvoor extra financiële middelen benodigd zijn, dan zien wij voor deze ontwikkeling eerst een startnotitie aan de colleges tegemoet. Aan de hand van de startnotitie(s) kunnen we dan het gesprek voeren over nut en noodzaak. De gemeenteraad voornoemd, de griffier
de voorzitter (wnd)
H.M. van ’t Westeinde
J.L. Geurts
Pagina 2 van 2