CConstaterende datMaasdriel
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel Vaststellen Beleidsplan Wegen Maasdriel 2026-2030

Gemeenteraad 18 december 2025, gemeente MaasdrielBij agendapunt: Beleidsplan Wegen Maasdriel 2026-20303.037 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Samenvatting raadsvoorstel

Onderwerp

: Vaststellen Beleidsplan Wegen Maasdriel 2026-2030

Kern van het raadsvoorstel De gemeente Maasdriel heeft een zorgplicht voor het doelmatig beheer en onderhoud van alle verhardingen die ze in beheer heeft. Door het vaststellen van een Beleidsplan Wegen Maasdriel 2026-2030 met bijbehorend uitvoeringsprogramma wordt de verkeersveiligheid en bereikbaarheid voor die periode geborgd. Het beheer en onderhoud zal uitgevoerd worden op beeldkwaliteit niveau C, laag. De raad wordt gevraagd investeringskredieten te autoriseren en de financiële effecten van het wegenbeleidsplan te verwerken in de Programmabegroting 2026 en meerjarenraming 2027 tot en met 2029.

Gerelateerde raadsstukken - Verlengen wegbeheerplan 2018-2021 (Zaaknummer 218330) - Vaststelling van de Programmabegroting 2023-2026 van de gemeente Maasdriel (Zaaknummer 420116)

Raadsvoorstel

Onderwerp

: Vaststellen Beleidsplan Wegen Maasdriel 2026-2030

Zaaknummer

: 1482691

Datum collegevergadering

: 11 november 2025

Datum raadsbesluit

: 18 december 2025

Datum raadsvergadering

: 18 december 2025

Portefeuillehouder

: Wethouder Nettenbreijers

Inlichtingen bij

: Gemeente Maasdriel, afdeling Realisatie en Beheer MSD

Voorstel 1. Het Beleidsplan Wegen Maasdriel 2026-2030, De basis voor gefundeerd beheer en onderhoud van verhardingen’ waarin scenario 6 is verwerkt vast te stellen; 2. Investeringskredieten te autoriseren zoals opgenomen in tabel ‘Investeringskredieten’ in dit voorstel; 3. De financiële effecten te verwerken in de Programmabegroting 2026 en meerjarenraming 2027 tot en met 2029, zoals beschreven in tabel ‘Kostendekking’ in de financiële paragraaf. Samenvattend de volgende middelen aanvullend beschikbaar te stellen: 2026: € -111.000 2027: € 5.000 2028: € 107.000 2029: € 248.000

Inleiding De openbare ruimte is een belangrijke factor voor fijn en veilig wonen en leven. Een prettige woonen leefomgeving is mooi, schoon, veilig en groen. Een groot gedeelte van de openbare ruimte bestaat uit verhardingen. Deze verhardingen dragen onder andere bij aan de bereikbaarheid, veiligheid, toegankelijkheid en leefbaarheid van onze gemeente. Zorgplicht beheer en onderhoud wegenareaal. Vanuit de wegenverkeerswet, artikel 16, heeft de gemeente een zorgplicht voor het goed onderhouden van het wegenareaal wat zij beheert, dit betreft zowel verhardingen en bermen. Door het vaststellen van een beleidsplan en het beschikbaar stellen van bijbehorende middelen geven we invulling hieraan. Onder de verhardingen vallen de rijbanen, fietspaden, voetpaden, pleinen, parkeervoorzieningen en alle overige (half) verhardingen. Kapitaalgoederen. Het areaal van verhardingen vertegenwoordigt een enorme financiële waarde. De vervangingswaarde van de verhardingen is circa € 631 miljoen. Onvoldoende aandacht en beschikbare middelen kan leiden tot kapitaalvernietiging. Beleidsplan Wegen Maasdriel 2026-2030. Het doel van Beleidsplan Wegen Maasdriel 2026-2030, verder te noemen BWM, is het vastleggen van de visie, ambities en kaders voor het doelmatige beheer en het onderhoud van het wegenareaal voor de periode 2026-2030.

Het beleidsplan dient ertoe dat het onderhoud van de 1.934.000 m2 verhardingen efficiënt wordt uitgevoerd aan de hand van een vooraf afgesproken kwaliteitsniveau. Met het beleidsplan wordt een bestuurlijke, beheersmatige en financiële basis gelegd voor het beheer van de verhardingen in de komende jaren.

Visie, strategie en beleid. We hebben de verantwoordelijkheid voor het doelmatig beheer en onderhoud van alle verhardingen, met als primair doel de veiligheid en toegankelijkheid te waarborgen. We streven naar een optimaal gebruik van de verhardingen voor alle weggebruikers, met speciale aandacht voor fietsers, voetgangers en mensen met een beperking. Het onderhoud wordt uitgevoerd met een focus op duurzaamheid, kostenefficiëntie en het tijdig signaleren van benodigde maatregelen. Wij zetten in op een integrale benadering, waarbij zowel de technische kwaliteit van de verhardingen als de gebruiksvriendelijkheid en toegankelijkheid voor diverse groepen centraal staan. Dit draagt bij aan een veilige, toegankelijke en inclusieve openbare ruimte die aansluit bij de behoeften van onze inwoners en bezoekers. De beleidskeuzes zijn een voortzetting van het bestaande beleid. Uitvoeringsprogramma. De activiteiten en/of maatregelen die nodig zijn om invulling te geven aan onze visie, strategie en beleid zijn vastgelegd in het uitvoeringsprogramma (bijlage 3). Bij het opstellen van het uitvoeringsprogramma, behorende bij het BWM, is er een analyse gemaakt van de kosten van de afgelopen planperiode en is op basis van kwaliteit van de verhardingen een planning opgesteld. Financiën Bekostiging.

De kosten voor het beheer en onderhoud van de openbare ruimte worden gedekt uit de algemene dienst van de gemeentelijke begroting. De beschikbare middelen worden jaarlijks door de gemeenteraad vastgesteld. Financiële onderhoudsbehoefte. De financiële onderhoudsbehoefte geeft inzicht in de middelen die noodzakelijk zijn om het areaal van de openbare ruimte duurzaam te beheren. De berekende onderhoudsbehoefte vormt daarmee de theoretische raming van wat nodig is om het areaal op basis van de ambities en het beleid te onderhouden. Scenario’s. Tijdens de technische avond van 3 september 2025 heeft een afvaardiging van de commissie aangegeven dat men voor de invulling van het onderhoud gebruik wil maken om per structuurgebied een ander onderhoudsniveau te kiezen. Hiervoor zijn tijdens deze avond 5 scenario’s besproken. Op verzoek van de commissie zijn deze uitgewerkt. In bijlage 2 ‘Scenario studie Beleidsplan Wegen Maasdriel 2026-2030’ is de financiële uitwerking van deze scenario’s opgenomen. Voorkeursscenario. De gemeente wil het areaal van de openbare ruimte doelmatig onderhouden. Hier hoort het kwaliteitsniveau B, basis bij. Dit sluit aan bij het onderhoudsniveau van de vakgebieden groen en riolering. Door het areaal te onderhouden op niveau B wordt kapitaalvernietiging voorkomen.

Vanuit technisch oogpunt is het advies om de verhardingen te gaan onderhouden op onderhoudsniveau B, scenario 2. In verband met de beperkte beschikbare middelen wordt de raad voorgesteld om het bestaande onderhoudsniveau C ook voor de komende planperiode door te zetten. Kostendekking Het BWM met daarin de uitwerking van onderhoudsniveau C heeft financiële consequenties. In de begroting zijn financiële middelen opgenomen ter dekking van de exploitatielasten en kapitaallasten. De voorgestelde exploitatielasten uit het BWM passen binnen de opgenomen middelen in de begroting. Die voor de kapitaallasten niet. Bij het kopje financiën is opgenomen wat de financiële consequenties zijn. Uitvoeringsprogramma In bijlage 3 is het uitvoeringsprogramma opgenomen. Dit is een overzicht van de benodigde activiteiten inclusief de financiële planning.

Meer weten? Voor meer informatie verwijzen wij u naar de bestuurlijke samenvatting ‘De basis voor gefundeerd beheer en onderhoud van verhardingen.’ (bijlage 4) en naar het Beleidsplan Wegen Maasdriel 20262030 (bijlage 1). Participatie Interactie met de samenleving is een dynamisch proces, waarbij de invulling van een participatieproces altijd afhankelijk is van het thema, het doel en de betrokken belanghebbenden. Bij activiteiten zoals klein onderhoud, groot onderhoud en levensduur verlengend onderhoud wordt de omgeving voornamelijk geïnformeerd over de plannen en werkzaamheden. Bij ingrijpendere projecten, zoals reconstructies en rehabilitaties, wordt de omgeving actief geraadpleegd, zodat inwoners hun mening kunnen geven en mee kunnen denken over de uitvoering van het project. Argumenten 1.1 Verplichting voor goed wegbeheer. In artikel 16 van de wegenwet is vastgelegd dat de gemeente verantwoordelijk is voor het in goede staat houden van haar wegenareaal. Dit betreft alle verhardingen en bermen die we in beheer hebben. 1.2 De looptijd van het Beheerplan wegen 2018-2021 is verlopen. Wij hebben daarom een nieuw beleidsplan nodig. Door middel van het BWM worden de beleidsvoornemens en opgaven voor het doelmatig beheer van verharding voor vastgelegd. 1.3

Een degelijke visie, strategie en beleid, zoals beschreven in het BWM, is noodzakelijk voor het doelmatig beheer en onderhoud van de verhardingen. De vervangingswaarde van de verhardingen in Maasdriel is circa € 631 miljoen. Onvoldoende aandacht en beschikbare middelen kunnen leiden tot kapitaalvernietiging. In het BWM is de visie, beleid en strategie ten aanzien van de verhardingen vastgelegd. Het bijbehorende uitvoeringsprogramma geeft inzicht in de aanleg, tijdige vervanging, verbeteringen, beheer en onderhoud van de verhardingen en de kosten. 1.4 Veiligheid van de weggebruiker. Wegen met kwaliteit D veroorzaken mogelijke onveiligheid voor de weggebruiker. Als onvoldoende kan worden aangetoond dat de wegbeheerder voldoet aan de zorgplicht kan hij aansprakelijk worden gesteld voor eventuele gevolgschade. 1.5 Indien er sprake is van achterstallig onderhoud dient er een voorziening gevormd te worden. Volgens het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) zijn gemeenten verplicht hun kapitaalgoederen doelmatig en rechtmatig te beheren. In geval van achterstallig onderhoud, waarbij sprake is van kapitaalvernietiging en/of onveilige situaties, wordt er op basis van artikel 44 lid 1a BBV een voorziening gevormd.

Wanneer een gemeente over onvoldoende middelen beschikt om een voorziening te vormen, wordt het achterstallig onderhoud, daadwerkelijk en financieel, binnen een termijn van maximaal vier jaar ingelopen. 2.1 De gemeenteraad beslist over investeringskredieten. In artikel 5 van de financiële verordening van de gemeente Maasdriel is expliciet vastgelegd dat het autoriseren van investeringskredieten een raadsbevoegdheid is. 3.1

Extra middelen toekennen omdat de bestaande middelen niet voldoende zijn om aan de opgave te voldoen. Het BWM met daarin de uitwerking van onderhoudsniveau C heeft financiële consequenties. In de begroting zijn financiële middelen opgenomen ter dekking van de exploitatielasten en kapitaallasten. De voorgestelde exploitatielasten uit het BWM passen binnen de opgenomen middelen in de begroting. Die voor de kapitaallasten niet.

Kanttekeningen/risico’s 1.1 Overlast voor inwoners en ondernemers. Het onderhouden van de verhardingen kan overlast voor omwonenden en hinder voor weggebruikers en omwonenden met zich meebrengen. Bij het uitvoeren van de werkzaamheden zal ernaar gestreefd worden om overlast en hinder zoveel mogelijk te beperken. 1.2 Doelmatig wegbeheer. De gemeente wil het areaal van de openbare ruimte doelmatig onderhouden. Hier hoort het kwaliteitsniveau B, basis bij. Door het areaal te onderhouden op niveau B wordt kapitaalvernietiging voorkomen. Vanuit technisch oogpunt is het advies om de verhardingen te gaan onderhouden op onderhoudsniveau B, scenario 2. 1.3 Niet voldoende personele capaciteit. Om alle werkzaamheden tactisch, strategisch en operationeel goed uit te kunnen voeren hebben wij voldoende personele capaciteit nodig. Naast de bestaande bezetting hebben we voor de komende planperiode 1 beleidsmedewerker nodig. In dit plan zijn hiervoor geen middelen opgenomen. 2.1 en 3.1 Prijsstijgingen door marktontwikkelingen moeten jaarlijks worden onderzocht. Alle kosten in het plan zijn gebaseerd op prijspeil december 2024. Jaarlijks gaan we onderzoeken wat de invloed is van de prijsstijgingen op de te verwachten kosten. Als er noodzaak is tot indexatie van de middelen, komen we in de bestuursrapportage met een voorstel. 2.2 en 3.2

Wanneer het huidige omslagrentepercentage wijzigt, heeft dit invloed op de totale lasten van dit plan. Op dit moment is het omslagrentepercentage 1,5%. Dit betreft het gemiddeld rentepercentage waartegen de gemeente leningen heeft afgesloten. De daaruit voortvloeiende rentelasten worden toegewezen aan alle investeringen die de gemeente doet. Mocht dit percentage in de toekomst stijgen, dan worden de toegerekende rentelasten hoger. 3.2 en 3.3 De vervangingsinvesteringen zijn moeilijk te voorspellen. De vervangingsinvesteringen/rehabilitatie zijn de belangrijkste kostenpost op de lange termijn. Deze zijn tegelijk ook het lastigst te voorspellen. Voor de korte termijn vervangingsinvesteringen is de kwaliteit van de betreffende voorziening het uitgangspunt. Voor de lange termijn is de vervanging gepland op basis van jaar van aanleg. Uitgangspunt is een levensduur van 50 jaar. Voor de reconstructies vanaf 2027 stellen we voor een stelpost voor de verwachte kapitaallasten op te nemen, waarbij we in het uitvoeringsprogramma en de Programmabegroting 2027 met een concrete invulling hiervoor komen. 3.4 De financiële effecten leiden tot een aanpassing van de financiële middelen De financiële effecten zorgen voor een aanpassing in de beschikbare middelen/budgetten. De raad heeft het budgetrecht en beslist over de invulling van de budgetten.

Het plan heeft voor het jaar 2026 een voordelige impact op de begroting, en voor de jaren na 2026 een negatieve als gevolg van oplopende kapitaallasten. Inclusie Bij het onderhoud van verhardingen zal bij materiaal- en ontwerpkeuze aandacht zijn voor bereikbaarheid voor alle gebruikers. Programma duurzaamheid Bij het onderhoud van het wegareaal zal bij materiaal- en ontwerpkeuze aandacht zijn voor duurzaamheid. Waar mogelijk worden materialen en grondstoffen hergebruikt. In verband met het beperkte areaal en beperkte middelen is er geen ruimte om te experimenteren/innoveren, we passen daarom alleen bewezen technieken en materialen toe. Financiën (incl. Btw-effect)

Het BWM met daarin de uitwerking van onderhoudsniveau C heeft financiële consequenties. In de begroting zijn financiële middelen opgenomen ter dekking van de exploitatielasten (zoals klein onderhoud, inspecties, gladheidsbestrijding en onkruidbestrijding op verhardingen) en kapitaallasten (volgend uit investeringen zoals levensduur verlengend onderhoud en wegreconstructies). In het stuk wordt voorgesteld de financiële afschrijvingstermijn voor wegreconstructies vast te stellen op 50 jaar en de afschrijvingstermijnen voor investeringen in bermverhardingen en levensduur verlengend onderhoud op 20 jaar vast te stellen. Dit sluit aan met de te verwachten technische levensduur. In het BWM worden de financiële uitgangspunten in hoofdstuk 8 verder toegelicht. Daarnaast is in hoofdstuk 7 en 8 een verdere uitsplitsing van de lasten te vinden. De voorgestelde exploitatielasten uit het BWM passen binnen de opgenomen budgetten in de begroting. In totaal is er jaarlijks € 1.794.000 benodigd en is er € 1.905.000 beschikbaar. Uit inspecties is gebleken welke investeringen er nodig zijn in de komende jaren. Voor 2026 wordt uw raad gevraagd een totaalbedrag van € 3.239.000 aan investeringen beschikbaar te stellen. In 2026 staan hier nog geen kapitaallasten tegenover (de kapitaallasten starten een jaar na afronding).

Wel is er een investeringskrediet van € 1.873.300 opgenomen in het jaar 2026, waarvan de kapitaallasten vanaf 2027 verwerkt zijn. Netto wordt uw raad daarom gevraagd om € 1.365.700 aanvullende kredieten voor begrotingsjaar 2026 beschikbaar te stellen, en de hieruit voortvloeiende (aanvullende) kapitaallasten te verwerken in de meerjarenraming 2027 en verder. Voor de jaren 2027 is het advies de investeringskredieten met betrekking tot wegreconstructies nog niet ter beschikking te stellen. De plannen worden nog verder geconcretiseerd en opgenomen in het uitvoeringsprogramma. Wel weten we dat er kapitaallasten voor deze investeringskredieten aan zullen komen. We adviseren om hiervoor een stelpost op te nemen voor een investeringsvolume van € 3.844.000 per jaar. Vanaf 2028 betekent dit een aanvullende last van ongeveer € 135.000 oplopend per jaar in de begroting. De benodigde investeringskredieten leggen we jaarlijks vanaf de begroting 2027 in de programmabegroting aan uw raad ter goedkeuring voor. Ter dekking van de hieruit komende lasten, zetten we deze gecreëerde stelposten in. Hierbij zetten we de beschikbare stelpost om in de kapitaallast behorende bij het investeringskrediet. Uit de figuur hieronder vallen de totale kosten op te maken, en het effect op het begrotingssaldo.

Tekstueel kan bovenstaande tabel als volgt worden toegelicht: 1. Dit betreft het totale beschikbare exploitatiebudget in de Programmabegroting dat is toegewezen aan de wegen. 2. Dit betreffen de opgenomen kapitaallasten in de Programmabegroting, volgend uit de kredieten in de tabel ‘Investeringskredieten’ op regel ‘Al beschikbare kredieten in de begroting’. 3. Dit betreffen de te verwachten exploitatiekosten uit het BWM, waarbij onderhoudsniveau C gehanteerd blijft. 4. Dit betreffen de kapitaallasten uit de toe te kennen investeringen, volgend uit de tabel ‘Investeringskredieten’ op regel ‘Totaal bruto kredieten ter beschikking te stellen’. 5. Dit betreft de stelpost voor de kapitaallasten van investeringen in wegreconstructies. Deze

investeringskredieten vragen we uw raad op dit moment niet om te autoriseren, maar we komen bij de programmabegroting 2027 met een voorstel. 6. Dit betreffen de totale kosten (exploitatie + kapitaallasten + stelposten) van het BWM. 7. Dit betreft de impact op het begrotingssaldo van de gemeente. Voor 2026 is dit positief, in de jaren daarna negatief als gevolg van toenemende kapitaallasten door het doen van investeringen.

De ter beschikking te stellen investeringskredieten zijn als volgt weer te geven:

Hierbij is het van belang te benadrukken dat er meerjarig in de begroting al rekening is gehouden met een investeringsvolume van € 1.873.300 per jaar. Met dit voorstel wordt dit bedrag aangepast naar het werkelijk te verwachten investeringsvolume, en waar dit nog onduidelijk is nemen we een stelpost voor de kapitaallasten op, zoals in de vorige figuur is weergegeven. In de programmabegroting 2027 leggen we de investeringen vanaf 2027 voor de reconstructies conform het uitvoeringsprogramma aan u voor. De gemeente voert naast wegen ook andere investeringen uit. Voor investeringen heeft de gemeente geld nodig. Daarom gaat de gemeente de kapitaalmarkt op om leningen aan te trekken. Leningen leiden tot (aanvullende) rentelasten. Op dit moment is de rente op de kapitaalmarkt rond de 3%. De investering zal worden toegevoegd aan de liquiditeitenplanning van de gemeente. Indien een liquiditeitentekort dreigt, zal er tegen dit tarief van 3% geleend moeten worden. Bedrijfsvoering Personeel en organisatie Om alle werkzaamheden tactisch, strategisch en operationeel goed uit te kunnen voeren hebben wij voldoende personele capaciteit nodig. Naast de bestaande bezetting hebben we voor de komende planperiode 1 beleidsmedewerker nodig. In dit plan zijn hiervoor geen middelen opgenomen. In 2026 is er niet voldoende capaciteit om het beheer en onderhoud doelmatig uit te voeren.

Voor de periode vanaf 2027 ontvangt u in de Kadernota 2027, een voorstel van de totale effecten van de organisatieontwikkeling. Dit voorstel zal een integrale afweging bevatten van de capaciteitsbehoeften binnen de gehele organisatie, waarbij specifiek aandacht zal worden besteed aan de aanstelling van een extra beleidsmedewerker voor wegen. Indien voor de uitvoering specialistische kennis noodzakelijk is dan huren wij deze in. De financiële middelen voor personeel en organisatie zijn in het wegenbeleidsplan meegenomen. Juridische zaken De wettelijke zorgplicht voor de wegbeheerder is geregeld in de Wegenwet, deze wet regelt de toegankelijkheid, openbaarheid, het onderhoud en toezicht op openbare wegen. Volgens het Burgerlijk Wetboek kan de wegbeheerder aansprakelijk worden gesteld voor schade als gevolg van gebreken aan de openbare weg. Er wordt onderscheid gemaakt tussen risicoaansprakelijkheid en schuldaansprakelijkheid.

Uitvoering Planning

Als er akkoord gegeven wordt op het voorstel, zal de vakgroep wegen van team Realisatie en beheer starten met het opstellen van het Wegbeheerplan 2026-2027. In dit plan geven we inzicht in de huidige staat van de verhardingen en de maatregelen die nodig zijn. Daarnaast bevat het plan een planning voor de komende 2 jaar en is aangegeven welke kosten hiermee gemoeid zijn. Handhaving Niet van toepassing

Communicatie In het kader van het BWM vindt geen specifieke communicatie plaats aangezien het een globaal beleidsplan is. Bij een project worden direct omwonenden en als nodig inwoners in het algemeen geïnformeerd en/of in een bepaalde mate betrokken. Zie het onderdeel Participatie. Voorbeelden van inzet van communicatiemiddelen daarbij zijn: website, sociale media, brieven en de nieuwspagina van de gemeente in het lokale weekblad (Bommelerwaardgids). Alle meerdaagse werkzaamheden die voortkomen uit het, nog op te stellen Wegbeheerplan 20262027, die impact hebben op de verkeersdoorstroming en bereikbaarheid, worden gepubliceerd op www.bereikbaargelderland.nl. Evaluatie / controle Nota van wijzigingen Niet van toepassing Bijlagen Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4

Beleidsplan wegen 2026-2030, De basis voor gefundeerd beheer en onderhoud van verhardingen. Scenariostudie Beleidsplan Wegen Maasdriel 2026-2030. Uitvoeringsprogramma. Bestuurlijke samenvatting ‘De basis voor gefundeerd beheer en onderhoud van verhardingen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16252961/2