Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan VRGZ 2024-2027
Tekst van het document
Gevisualiseerde opkomstgebieden De opkomstgebieden worden als volgt getoond: -
18 minuten (i.r.t. de gewenste opkomsttijd van een OR-team) 20 minuten (op basis van ‘Aanvulling op Brandweerzorgplan – deel Specialisme; Specialisme Brandweerhulpboten’ juni 2019) 30 minuten (gewenste opkomsttijd, bepaald op basis van ‘Handboek incidentbestrijding op het Water’ en de ‘Geactualiseerde Visie op Waterongevallenbeheersing 2023’).
Rijsnelheid Voor de rijsnelheid wordt 100% aangehouden, ondanks dat er met een PM wordt uitgerukt en de snelheid hoger mag zijn tijdens het rijden met optische en geluidsignalen. Er wordt de rijsnelheid van de TS aangehouden, omdat de PM ook een trailer met daarop de brandweerhulpboot vervoerd.
7.7
Spreidingsvarianten dekking
Hieronder zijn diverse spreidingsvarianten voor de posten met een brandweerhulpboot uitgewerkt om een analyse uit te kunnen voeren op de optimale spreiding voor van deze teams. In de
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
75
onderstaande afbeeldingen zijn de gebieden die binnen 18, 20 en 30 minuten bereikt worden te zien en de totale dekking die daarmee dan wordt bereikt. De overlap die posten hebben is niet zichtbaar. Er zijn alleen varianten onderzocht met een spreiding vanuit de huidige zes locaties. Dit in relatie tot zowel de algemeen gewenste opkomsttijd (<30 minuten), als de specifieke dekking voor de grote recreatieplassen (<20 minuten).
Variant BRVK-6: Zes posten: Asperen, Beuningen, Culemborg (RB), Kerkdriel, Maasbommel, Maurik (huidige situatie)
Kijkend naar deze variant dan wordt heel de regio binnen de gewenste opkomsttijd van 30 minuten bereikt. De grootste recreatieplassen worden ook binnen 20 minuten afgedekt.
Variant BRVK-4: Vier posten: Culemborg (RB), Kerkdriel, Maasbommel en Maurik
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
76
Kijkend naar deze variant dan wordt het grootste deel van de regio binnen de gewenste opkomsttijd van 30 minuten bereikt. De grootste recreatieplassen worden binnen 20 minuten afgedekt. Enkele plassen in het oostelijk deel van de regio waar de hulpboot van meerwaarde kan zijn, worden binnen 30 minuten bereikt. Dit met uitzondering van de Bizonbaai.
Variant BRVK-5: Vijf posten: Beuningen, Culemborg (RB), Kerkdriel, Maasbommel en Maurik
Kijkend naar deze variant dan wordt heel de regio binnen de gewenste opkomsttijd van 30 minuten bereikt. De grootste recreatieplassen worden ook binnen 20 minuten afgedekt (en de Bizonbaai binnen 30 minuten).
7.8
Interregionale samenwerking als aanvulling
Onze regio wordt aan de zuidzijde en de noordzijde begrensd door de Maas en de Neder-Rijn/Lek. In de samenwerking met de regio’s Brabant-Noord en Limburg-Noord is ook de inzet van de brandweerhulpboten op de Maas geregeld (Heusden, ’s-Hertogenbosch, Lith, Grave, Cuijk en Mook). De wens is om dit in 2024 ook te organiseren met regio Utrecht en Gelderland-Midden voor de posten Vianen, Wijk bij Duurstede, Wageningen, Arnhem-Noord en Lobith. In onderstaande afbeelding is de dekking te zien van de posten van onze buurregio’s.
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
77
7.9
Uitkomst
Kiezen voor de variant BRVK-5 met vijf posten. Daarmee stopt Asperen met de uitvoering van de taak en de andere posten behouden de brandweerhulpboot. Met deze spreiding wordt heel de regio binnen 30 minuten bereikt en worden de grootste recreatieplassen waar een hulpboot van meerwaarde kan zijn voor een OR-team binnen 20 minuten bereikt. In het kader van de doorontwikkeling op scheepsincidentbestrijding en waterongevallenbestrijding in het algemeen, leeft er een uitdrukkelijke wens om de vloot met brandweerhulpboten te vervangen en waar nodig te standaardiseren. Dit is mede afhankelijk van de visie die op landelijk niveau door de vakgroep SIB (Scheepsincidentbestrijding) wordt opgesteld. Gelderland-Zuid is daar nauw bij betrokken. De visie en de doorvertaling naar onze eigen regio kan ertoe leiden tot de brandweerhulpboten nog verplaatst kunnen gaan worden.
7.10 Argumentatie overschrijden opkomsttijden Niet van toepassing. Met de spreiding van vijf brandweerhulpboten wordt in heel de regio alle waterrisicolocaties afgedekt binnen de gewenste opkomsttijd van 30 minuten.
7.11 Impactanalyse
Post De post Asperen heeft al lange tijd een brandweerhulpboot en de vrijwilligers zullen naar verwachting teleurgesteld zijn om de taak kwijt te raken. Echter behoudt de post het specialisme OR. De betreffende recreatiegebieden in West-Betuwe zijn beoordeeld en een inzet met een OR-team volstaat daar. Daarnaast zal bij een incident op de Linge de brandweerhulpboot uit Culemborg ruim binnen de gewenste opkomsttijd van 30 minuten ter plaatse zijn. De zuidzijde van de gemeente WestBetuwe zal waar nodig worden afgedekt vanuit Kerkdriel. Kijkend naar het verleden dan is de brandweerhulpboot van Asperen in zes jaar tijd zes keer gealarmeerd voor een prio1-inzet. Het is ook goed om te benoemen dat met de diverse verwachte intensiveringen op de vakbekwaamheidstrajecten, het ook goed is dat het aantal taken op een post in verhouding blijft staan i.r.t. de inspanningen die daarvoor verricht moeten worden door de
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
78
vrijwilligers. Asperen heeft namelijk de meeste taken en daarmee veel inspanning op ‘vakbekwaam worden’ en ‘vakbekwaam blijven’. Post Beuningen behoudt het specialisme brandweerhulpboot. Daarbij valt op te merken dat het de meest oostelijke brandweerhulpboot post in onze regio is en vanaf 2019 als enige ‘nieuwe’ post een brandweerhulpboot onder haar hoede kreeg en de daarbij behorende vakbekwaamheidseisen heeft vervuld. Als enige post met een brandweerhulpboot heeft Beuningen straks geen OR-team meer in het nieuwe dekkingsplan. Dit in afwachting van de doorontwikkeling op scheepsincident- en waterongevallen-bestrijding. Het kan op termijn betekenen dat er voor de brandweerhulpboot van Beuningen een andere locatie gekozen kan worden. Voor nu wordt er dan ook nog geen verplaatsing voorgesteld om een desinvestering te voorkomen.
Impact gelijktijdigheid De kans op het gelijktijdig alarmeren van zowel de tankautospuit als een brandweerhulpboot is aanwezig in het primaire verzorgingsgebied van de post. Streven is dat beide eenheden dan kunnen uitrukken. Een brandweerhulpboot wordt in basis vraaggestuurd gealarmeerd en daarmee zal het scenario zo zijn dat de tankautospuit al is ingezet. Als er onvoldoende bezetting is voor de brandweerhulpboot, dan wordt het volgende vaartuig gealarmeerd.
Financieel De impact is in basis positief, omdat er een post gaat stoppen met de taak, waardoor enerzijds de vergoedingen voor vakbekwaamheid komen te vervallen en anderzijds geldt dat ook voor de kosten van het materieel (onderhoud en vervanging). Echter moet benadrukt worden dat de taak met de brandweerhulpboot doorontwikkeld gaat worden. Dit vanuit een nieuwe landelijke visie scheepsincidentbestrijding en wat wij als regio gaan doorvertalen naar een regionale visie voor incidentbestrijding op het water. Het gaat betekenen dat de vakbekwaamheidsinspanning van de schippers/opstappers mogelijk geïntensiveerd gaat worden en dat het daarnaast denkbaar is dat er een doorontwikkeling plaatsvindt op het materieel. Wellicht ook met een ander type vaartuig. Vanuit die hoedanigheid zal het reduceren met een eenheid geen besparing gaan opleveren en wordt het vrijgekomen budget geherinvesteerd binnen de taak.
Vakbekwaamheid De vakbekwaamheidsinspanning op regionaal niveau wordt in kwantiteit minder, maar op kwaliteit willen we een stap maken voor de posten die dit specialisme houden. Denk hierbij o.a. aan frequentere vaartrainingen en samen oefenen met de andere eenheden die een rol hebben bij incidentbestrijding op het water (o.a. duikteams en blusboten). De posten die de taak houden zullen daarmee intensiever gaan trainen. Dit kan wellicht nog intensiever worden als in de toekomst het met nieuwe vaartuigen mogelijk wordt om ook op de Waal op te kunnen treden (als een ‘vooruitgeschoven’ vaartuig naast de inzet van de blusboot).
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
79
8
Blusboten
Inleiding De blusboten in onze regio worden via de meldkamer gealarmeerd met de codering Brandweervaartuigen-Groot (BRV-G). Deze vaartuigen worden voor alle kerntaken van de brandweer ingezet: brandbestrijding, hulpverlening, incidentbestrijding gevaarlijke stoffen en uiteraard waterongevallenbestrijding. De veiligheidsregio beschikt over twee identieke blusboten met Nijmegen en Tiel als ligplaatsen. Cijfers van de afgelopen vijf jaar laten zien dat we in 41% van de inzetten zijn gealarmeerd voor een persoon te water en in 20% van de inzetten voor brand aan boord van schepen.
8.1
Huidige situatie
De twee blusboten worden bemenst vanuit de posten Nijmegen-Centrum en Tiel. In Nijmegen maakt de nautische bemanning onderdeel uit van de repressieve ploeg. In Tiel is de schipper gepiketteerd en de machinisten en opstapbemanning worden geleverd vanuit de vrijwilligers (of dagdienst). De blusboten zijn, zoals ze nu zijn uitgevoerd, in 2015 in de vaart genomen. De blusboten zijn primair voor scheepsincidentbestrijding op de Waal, maar bestrijken een groter inzetgebied.
8.2
Wetgeving
Geen wettelijke eisen, behoudens het redden van mens en dier (Artikel 3, lid 1, sub b van de Wvr: het beperken en bestrijden van gevaar voor mensen en dieren bij ongevallen anders dan bij brand).
8.2.1 Gewenste opkomsttijd De blusboten hebben als primaire taak ‘bron- en emissie bestrijding’. Om die reden hanteren we een gewenste opkomsttijd van 45 minuten zoals voorgesteld in het Handboek Incidentbestrijding op het water.
8.3
Kern landelijke of regionale visie
Volgens de huidige landelijke visie GBO-SO (specialistisch optreden) is scheepsbrandbestrijding op binnenvaartschepen een (inter)regionaal specialisme. De brandweer maakt daarbij gebruik van blusboten. Voor Scheepsincidentbestrijding wordt vanaf 2022 gewerkt aan een landelijke visie. Blusboten kunnen ook worden ingezet voor medische assistentie, Search and Rescue (SAR)-taken en hulpverlening (bijvoorbeeld ter ondersteuning van Rijkswaterstaat en de Waterpolitie). Het accent van de blusbootinzetten op de grote rivieren is de afgelopen jaren verschoven van brandbestrijding naar hulpverlening. Brandweer Gelderland-Zuid heeft de ambitie de toonaangevende regio op het gebied van scheepsvaartincidenten binnenwater en incidentbestrijding op het water te worden. Door extra formatie in te zetten op het thema Materieel, Vakbekwaamheid en Incidentbestrijding wil ze deze ambitie verwezenlijken. Hierbij participeren we op landelijk niveau in de vak- en werkgroep SIB (Scheepsincidentbestrijding). Sinds 2022 is de vakgroep SIB actief. Daarmee is een knooppunt binnen Brandweer Nederland gerealiseerd voor alles wat te maken heeft met nautische incidenten en het bestrijden daarvan. Vanuit de vakgroep wordt momenteel de landelijke visie SIB uitgewerkt voor de periode van 20232030.
De landelijke visie richt zich op het risicobesef van incidenten op het water waarbij de bestrijdingsmogelijkheden worden gestructureerd voor een effectieve en efficiënte gezamenlijke inzet. Daarnaast wordt er gekeken op welke wijze de brandweer in Nederland de komende periode tot 2030 invulling kan geven aan de ontwikkelingen op het gebied van Scheepsincidentbestrijding en dat binnen de afspraken van het bovenregionaal operationeel samenwerken.
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
80
Net zoals bij de andere taken wordt ook hier gekeken naar de geactualiseerde Visie WOB en het handboek Incidentbestrijding op het water.
8.4
Recentelijk vastgesteld beleid
Naast de recentelijk vastgestelde Natte RI&E (Brandweer Gelderland-Zuid, juni 2023) worden er op de blusboot diverse losstaande inzetprocedures gehanteerd. Met de Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden is een overeenkomst opgesteld voor de inzet van de blusboot die in Nijmegen is gelegen. Het gaat hier om inzet op delen van de Boven-Rijn, het Pannerdensch kanaal en Neder-Rijn.
8.5
Relevante input Risicoprofiel Brandweer Gelderland-Zuid
8.5.1 Risicolocaties
8.5.2 Incidenthistorie
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
81
8.6
Uitgangspunten berekening specialisme
Uitruktijd Uitruktijd naar de ligplaats boot: de ingeschatte tijd voor Tiel is 14 minuten; die voor NijmegenCentrum is 10 minuten.
Gevisualiseerd opkomstgebieden Om het inzetgebied van beide blusboten goed in beeld te brengen hebben we gekozen om de opkomsttijd van 30 minuten (conform de ‘professionele norm’ die als richtwaarde voor reddingsboten wordt gehanteerd uit de ‘Geactualiseerde Visie WOB 2023’), die van 45 minuten (op basis van het ‘Handboek incidentbestrijding op het water’) en van 60 minuten (om inzicht te krijgen tot hoever we in buurregio’s kunnen optreden) in beeld te brengen. De blusboten hebben in de basis geen primaire taak voor redding maar een taak ten behoeve van bron- en emissiebestrijding (45 minuten). Omdat het nu de enige vaartuigen zijn die we veilig kunnen inzetten op de Waal hebben we ook de 30 minuten norm (voor redding) meegenomen.
Rijsnelheid en vaarsnelheid Hoewel de boten gedimensioneerd zijn op een maximale snelheid van 45 km/u, kan vaak i.v.m. drukte op de vaarweg bij hoge snelheid de veiligheid van andere vaartuigen in het geding komen door o.a. de hoge golfslag. Daarom wordt er uitgegaan van een gemiddelde vaarsnelheid van 35 km/u. Verder houden we rekening met een schuttijd in de sluis (behalve sluis Heumen) van 30 minuten. Waarbij we de aanname doen dat de bemanning direct na alarmering telefonisch contact opneemt met de sluis om het schutten te bespoedigen. Voor Nijmegen-Centrum is dat van toepassing op de Sluis Weurt, voor Tiel is dat van toepassing op de Prins Bernhardsluizen.
8.7
Spreidingsvarianten dekking
Gezien de ambitie op het thema Scheepsincidentbestrijding en de momenteel goed passende locaties van de vaartuigen in Tiel en Nijmegen zijn er geen alternatieve spreidingsvarianten uitgewerkt.
Variant BRVG-2: Nijmegen-Centrum en Tiel als huidige twee posten
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
82
Ongeveer de helft van de Waal wordt bereikt binnen 30 minuten. Ongeveer driekwart binnen 45 minuten en ongeveer 90% binnen een uur. Slechts een klein deel wordt niet bereikt binnen uur (vanaf Herwijnen tot aan de regiogrens met Zuid-Holland-Zuid).
8.8
Interregionale samenwerking als aanvulling
Met de Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid zijn afspraken gemaakt over de inzet van blusboot ZuidHolland-Zuid gelegen in Dordrecht. Deze kan vraaggestuurd gealarmeerd worden. Dit biedt serieus meerwaarde in geval wij als regio één blusboot inzetbaar hebben en deze dan in Nijmegen ligt. Daarnaast kunnen we voor ‘persoon te water’ in de Waal in het gebied stroomafwaarts vanaf Millingen a/d Rijn de brandweerhulpboot van Lobith (VGGM) ter assistentie vragen. Verder kunnen we via de Leitstelle Kreis Kleve de blusboot van Emmerich ter plaatse vragen.
8.9
Uitkomst
Er zijn geen andere varianten uitgewerkt dan de huidige situatie. Daarmee handhaven we situatie met 2 blusboten, één gelegen in Nijmegen en één gelegen in Tiel.
8.10 Argumentatie overschrijden opkomsttijden De norm van de 45 minuten wordt op delen van de Waal niet gehaald door o.a. de in acht te nemen ‘veiligheidssnelheid’ van 35 km/u. Het betreft dan het deel vanaf de A2 (ter hoogte van ZaltbommelWaardenburg) tot aan de regiogrens bij Gorinchem. Richting Maas-Waalkanaal en AmsterdamRijnkanaal wordt deze niet gehaald in verband met de schuttijd van 30 minuten in de sluizen. Een derde blusboot of het verplaatsen van de blusboot vanuit Tiel verder naar het westen is momenteel niet haalbaar. De redenen hiervoor zijn o.a. de hoge kosten van een derde blusboot (lease, huur of koop). Het verplaatsen van de blusboot in Tiel levert bemensingproblemen (o.a. schippers) op en daarmee een langere opkomsttijd en een beperktere inzetbaarheid van de blusboot. Ook de vakbekwaamheid van de nautische bemanning op een andere post dan Tiel en de beschikbaarheid van een geschikte ligplaats aan de Waal ten westen van Tiel zijn redenen waarom de huidige situatie de meeste optimale dekking biedt.
8.11 Impactanalyse
Post Geen impact vanwege het feit dat beide posten de blusboot behouden.
Impact gelijktijdigheid De kans op gelijke inzet van de blusboot en de tankautospuit is in Nijmegen uitgesloten. In Tiel is dit wel mogelijk. Men zal in die situatie eerst de bezetting van de blusboot garanderen en vervolgens bekijken of de tankautospuit ook bezet kan worden. Mocht dat niet het geval zijn, dan wordt er verzocht om een buurpost te alarmeren voor de TS. Als Nijmegen-Centrum al is ingezet met de tankautospuit bij een incident en er volgt een melding voor de Nijmeegse blusboot, dan zal de blusboot van Tiel gealarmeerd worden. Andersom is dit natuurlijk ook zoals Tiel met beide tankautospuiten al is ingezet. Met de spreiding van twee blusboten is de beschikbaarheid van een blusboot in de regio eigenlijk altijd gegarandeerd.
Financieel Geen impact.
Vakbekwaamheid In lijn met de doorontwikkeling van incidentbestrijding op het water is er de behoefte om meer te gaan investeren in een meer gestructureerd oefenprogramma, waarin de nadruk komt te liggen op het gezamenlijk programma voor schippers, machinisten en opstapbemanning.
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
83
9
Duikinzet Brandweer
Inleiding In november 2018 heeft het Algemeen Bestuur de duiktaak van de brandweer, welke sinds 2011 in onze veiligheidsregio is opgeheven, besproken met de opdracht een haalbaarheidsonderzoek uit voeren om de samenwerking voor de duiktaak met omliggende veiligheidsregio’s te formaliseren. In dit onderzoek is geadviseerd om afspraken te maken met de Veiligheidsregio’s Brabant-Noord en Gelderland-Midden.
9.1
Huidige situatie
Sinds begin 2022 werken we met dienstverleningsovereenkomsten tussen de Veiligheidsregio Gelderland-Zuid en de Veiligheidsregio Brabant-Noord en de Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden, waarbij de duikploegen uit respectievelijk Den Bosch en Arnhem worden gealarmeerd voor een duikinzet. Bij een duikinzet op de Waal wordt in principe alleen gedoken binnen de zogenaamde kribvakken, daarbuiten is de stroming vaak te sterk om een veilige duikredding uit te kunnen voeren.
9.2
Wetgeving
Geen harde eisen, behoudens het redden van mens en dier. (Artikel 3, lid 1, sub b van de Wvr: het beperken en bestrijden van gevaar voor mensen en dieren bij ongevallen anders dan bij brand). Als professionele norm wordt vrijwel algemeen een richtwaarde van 15 minuten aangehouden voor duikteams (Geactualiseerde Visie op Waterongevallenbeheersing Brandweer 2023).
9.2.1 Gewenste opkomsttijd Omdat we binnen onze eigen regio niet beschikken over duikteams hebben we overeenkomsten gesloten met twee buurregio’s. Om vanuit die regio’s een opkomsttijd te realiseren van 15 minuten in onze hele regio is onmogelijk. De gewenste opkomsttijd is bepaald op 30 minuten en daarmee is het mogelijk om binnen het ‘gouden uur’ middels een duik-inzet een slachtofferte kunnen redden. Daarbij kan een basiseenheid en een OR-team uit onze eigen regio al voorbereidende werkzaamheden uitvoeren om de duikinzet zo snel mogelijk te laten starten.
9.3
Kern landelijke of regionale visie
Brandweer Nederland heeft de visie op incidentbestrijding op het water herzien. Het betreft de ‘Geactualiseerde visie op Waterongevallenbeheersing 2023’. De kern van de visie is het blijven uitvoeren van de drietrapsraket: grijpredding, oppervlakteredding en duikredding. Bij de meldingsclassificatie ‘Persoon te water’ en ‘Voertuig te water’ worden de duikteams standaard mee gealarmeerd.
9.4
Recentelijk vastgesteld beleid
Haalbaarheidsonderzoek duiktaak, behandeld in het AB 27 juni 2019: In 2011 heeft het algemeen bestuur besloten om het duikteam in Gelderland-Zuid op te heffen. De volgende afwegingen lagen daaraan ten grondslag: de duiktaak brengt grote risico’s met zich mee voor het eigen personeel; om aan de strenge veiligheidsvoorwaarden te kunnen voldoen, moest fors geïnvesteerd worden in de duiktaak; de duiktaak vergt een (te) hoge oefenbelasting van personeel. Dit afgezet tegen het gegeven dat de duiktaak vooral gericht was op berging van slachtoffers; levensreddend handelen kwam nagenoeg niet voor.
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
84
Argumenten om de duiktaak weer te gaan uitvoeren zijn: -
-
De brandweer kan met een duikteam daadwerkelijk optreden bij personen die onder water geraken. Zij heeft hiermee een handelingsperspectief ter plaatse. Dit voorkomt dat het personeel zelf tot risicovolle acties overgaat onder (emotionele) druk van omstanders of verwanten van slachtoffers. De landelijke visie van de Brandweer omschrijft als gewenste situatie een drietrapsaanpak, die bestaat uit een grijpredding, oppervlakteredding en duiken. Het laatste ook als ondersteuning voor het eigen personeel dat incidenten bestrijdt op het water. Door de formele afspraken met de andere veiligheidsregio’s heeft VRGZ een handelingsperspectief dat aan die aanpak voldoet.
De overeenkomst met de Veiligheids-en Gezondheidsregio Gelderland-Midden ‘Dienstverleningsovereenkomst inzet duikteam Gelderland-Midden in verzorgingsgebied Gelderland-Zuid’ is op 18 januari 2022 getekend. De duiktaak wordt geleverd binnen het gouden uur en is gericht op redding. Het duikteam komt van de post Arnhem-Zuid en wordt gelijktijdig gealarmeerd met de andere eenheden. Met de Veiligheidsregio Brabant-Noord is de ‘Overeenkomst interregionale inzet duiktaak Veiligheidsregio Brabant-Noord in Veiligheidsregio Gelderland-Zuid’ op 21 april 2022 getekend. De brandweerzorg op het water middels de duiktaak op een vastgesteld deel van het grondgebied van VRGZ wordt verzorgd door VRBN. Deze samenwerking krijgt vorm met inachtneming van een aantal gestelde verplichtingen en operationele afspraken (o.a. voor het berekenen van de opkomsttijd wordt een grens van 45 minuten gehanteerd, waardoor reddend duiken nog realistisch is).
9.5
Relevante input Risicoprofiel Brandweer Gelderland-Zuid
9.5.1 Risicolocaties
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
85
Incidenthistorie
De duikteams worden standaard mee gealarmeerd in geval van een persoon te water of een voertuig te water. Hierboven is te zien dat het aantal voertuigen te water het meeste voorkomt (groene stipjes). De meldingen van persoon te water zijn getoond middels de gele stippen. Op enkele plekken zie je overlap van stipjes en kan het een vertekend beeld geven van het aantal meldingen in die specifieke omgeving (met name het stuk Waal bij Nijmegen).
9.6
Uitgangspunten berekening specialisme
Uitruktijd Hierbij wordt van zowel Den Bosch als Arnhem de werkelijke uitruktijd gehanteerd: Den Bosch 1:56 minuten en Arnhem 2:11 minuten.
Gevisualiseerde opkomstgebieden Voor de visualisatie van opkomstgebieden worden de volgende tijden gehanteerd: -
-
15 minuten op basis van de opkomsttijd die genoemd is in de ‘Geactualiseerde Visie op Waterongevallenbeheersing Brandweer 2023’. 30 minuten op basis van gewenste opkomsttijd vanuit brandweer Gelderland-Zuid uit de Adviesnotitie 2019 om binnen het gouden uur de inzet ‘reddend duiken’ nog succesvol te laten zijn. 45 minuten omdat dit wordt gezien als uiterste opkomsttijd waarbij een kansrijke inzet voor ‘reddend duiken’ nog succesvol zou kunnen zijn.
Rijsnelheid Voor de rijsnelheid wordt gerekend met 120%. Dit vanwege de uitruk met een PM.
9.7
Spreidingsvarianten dekking
Hieronder de verdeling van het inzetgebied van de twee duikteams:
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
86
Per 1 oktober 2023 worden de duikteams middels ‘dynamisch alarmeren’ gealarmeerd. Het gevolg is wel dat de operationele grens tussen beide teams iets verschuift ten opzichte van de voorheen gebruikte kazerne volgorde tabel (KVT) die in het meldkamersysteem is verwerkt. Ook kan de locatie van de eenheid (GPS) ervoor zorgen dat het verzorgingsgebied wijzigt. Het kan dus voorkomen dat er een ander team ter plaatse komt dan via bovenstaande operationele grenzen. Dit geldt met name voor het Amsterdam-Rijnkanaal en de Maasplas bij Alphen. Deze liggen op de grens, waar beide teams voor kunnen worden gealarmeerd. Daarbij laten de duikteams de volgende dekking zien:
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
87
In Nijmegen worden de duikers uit Arnhem met regelmaat gealarmeerd. Met bovenstaande visualisatie is goed te zien dat de duikers daar snel ter plaatse zijn (<15 minuten). Goed om te vermelden dat het gebied rondom het Eiland van Maurik een opkomsttijd heeft van tussen de 30 en 33 minuten.
9.8
Interregionale samenwerking als aanvulling
Op dit moment hebben we overeenkomsten met Brabant-Noord en Gelderland-Midden voor wat betreft de inzet van hun duikteams. Wenselijk zou zijn als we ook gebruik kunnen maken van het duikteam Wijk bij Duurstede als onderdeel van de VRU. Zeker omdat het eiland van Maurik een populaire recreatieplas is. Hierbij moet wel opgemerkt worden dat we voor deze gebieden slechts een kleine overschrijding t.o.v. de gewenste opkomsttijd van 30 minuten hebben. Ook kan een duikteam uit de VRU snel ingezet worden bij bijvoorbeeld de Redichemse Waard (tussen Culemborg en Beusichem).
9.9
Uitkomst
We blijven invulling geven aan de dienstverleningsovereenkomsten met Brabant-Noord en Gelderland-Midden. Daarbij is het enerzijds goed om de overeenkomsten te blijven evalueren en anderzijds om aandacht te blijven houden voor innovatieve ontwikkelingen die de incidentbestrijding onder water effectiever en veiliger kunnen maken. In 2024 willen we één van deze ontwikkelingen, de 'onderwater drone’, gaan inzetten en testen bij daadwerkelijke incidenten.
9.10 Argumentatie overschrijden opkomsttijden De minimale overschrijding van maximaal drie minuten in de buurt van het waterrecreatiegebied het Eiland van Maurik is minimaal en het best haalbare met de huidige en recentelijk vastgestelde overeenkomsten.
9.11 Impactanalyse
Post Geen impact.
Impact gelijktijdigheid Het is niet aannemelijk dat er een melding in Gelderland-Zuid binnenkomt van persoon of voertuig te water terwijl het duikteam van de buurregio al is ingezet. Als dat wel zo in, dan wordt middels dynamisch alarmeren het andere duikteam gealarmeerd. Gevolg is een langere opkomsttijd en dat heeft impact op het ‘gouden uur’ omdat in dat geval de maximale opkomsttijd van 45 minuten van het duikteam in beeld komt (om nog van ‘reddend duiken’ te kunnen spreken). In beide overeenkomsten staat ook beschreven dat ze niet meer kunnen leveren als het eigen duikteam al ergens is ingezet. De kans op een gelijktijdige duikinzet wordt gezien als zeer klein.
Financieel Geen financiële impact, omdat de overeenkomsten in stand blijven.
Vakbekwaamheid De buurregio’s zijn verantwoordelijk voor de vakbekwaamheid van de duikteams. Echter bij waterongevallen zijn ook vaak OR-teams en vaartuigen betrokken, het samen oefenen moet geïntensiveerd worden. Dit is in lijn met de algehele doorontwikkeling van alle ‘natte’ specialismen.
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
88
10 Verkenningseenheden Inleiding In de visie IBGS wordt niet meer gesproken van een meetplanorganisatie met meetploegen en een meetplanleider, maar van een verkenningseenheid met verkenningsploegen en een coördinator verkenningseenheid. De verkenningsploegen kunnen voor een breder pakket aan verkenningstaken ingezet worden dan alleen bij incidenten met gevaarlijke stoffen. Zij kunnen bijvoorbeeld ook ingezet worden bij stroomuitval, overstroming of natuurbrand.
10.1 Huidige situatie In Gelderland-zuid zijn zeven verkenningseenheden operationeel; Groesbeek, Beuningen, Druten, Opheusden, Geldermalsen, Asperen en Zaltbommel.
10.2 Wetgeving Het inzetten van verkenningseenheden is vastgelegd in het besluit Veiligheidsregio’s Artikel 4.1.1 lid 3. Dit artikel stelt dat; ten behoeve van de taak, bedoeld in artikel 25, eerste lid, onderdelen b, c en d, van de wet draagt het bestuur van de veiligheidsregio er zorg voor dat de brandweer een eenheid voor het verkennen van gevaarlijke stoffen en een eenheid voor de bestrijding van ongevallen met gevaarlijke stoffen heeft en beschikt over een adviseur gevaarlijke stoffen. Op grond van artikel 4.2.1 van het Besluit veiligheidsregio’s begint één en afhankelijk van de aard van het ongeval een tweede, meetploeg binnen 30 minuten na alarmering met de uitvoering van zijn taken op de aangegeven meetlocatie. Afhankelijk van de aard van het ongeval begint een derde of een vierde meetploeg binnen 60 minuten na alarmering met de uitvoering van zijn taken op de aangegeven meetlocatie.
10.3 Kern landelijke of regionale visie De brandweer verzamelt aan de hand van een verkenning informatie en op basis daarvan kan besluitvorming plaatsvinden over de alarmering van de bevolking bij acuut gevaar. Het waarschuwen van de bevolking en het inschatten van de gezondheidsrisico’s in de acute fase is een taak van de brandweer. In de VRGZ is de inzet van meetploegen vastgelegd in het regionale meetplan (versie 2020). In dit plan is opgenomen dat een eerste meetploeg binnen 15 minuten na alarmering een eerste waarneming en meting kan uitvoeren. Vanuit de wet wordt aangegeven dat een regio vier meetploegen moeten kunnen inzetten. Het is daarbij goed om er rekening mee te houden dat een van de vier gealarmeerde meetploegen niet kan leveren, omdat de ploeg mogelijk al is ingezet bij een groot incident. Vanuit die hoedanigheid is het wijs om vijf verkenningseenheden als ondergrens aan te houden.
10.4 Recentelijk vastgesteld beleid In 2020 is het regionale meetplan voor de VRGZ vastgesteld. In dit meetplan zijn de taken van de verkenningseenheden beschreven en uitgebreid ten opzichte van eerdere plannen. De uitbreiding heeft betrekking tot een bredere inzetbaarheid van de verkenningseenheden. Deze zijn naast meten en waarnemen, ook voor bijvoorbeeld schouwen bij hoog water of stroomuitval.
10.5 Relevante input Risicoprofiel Brandweer Gelderland-Zuid 10.5.1 Risicolocaties Bij ieder incident kan het noodzakelijk zijn om gegevens te laten verzamelen en eventueel de bevolking te alarmeren. Hierdoor zijn geen specifieke risicolocaties te benoemen. Een incident waarbij een verkenningseenheid ingezet kan worden kan zich immers in de gehele regio voordoen.
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
89
10.5.2 Incidenthistorie
Het alarmeren van verkenningseenheden gebeurt “vraaggestuurd”. De afgelopen zes jaren zijn de zeven verkenningseenheden bij 51 incidenten betrokken geweest. In het bovenstaande overzicht is weergegeven waar in de regio en voor welke meldingsclassificaties verkenningseenheden gealarmeerd zijn de afgelopen zes jaren.
10.6 Uitgangspunten berekening specialisme
Uitruktijd Verkenningseenheden bereiden zich, voordat ze uitrukken, kort voor op de inzet. Deze voorbereiding en de opkomst naar de kazerne resulteert in een indicatieve uitruktijd van zeven minuten.
Gevisualiseerde opkomstgebieden In lijn met de wetgeving worden de volgende opkomstgebieden in kaart gebracht: -
30 minuten voor de eerste twee verkenningseenheden 60 minuten: voor de derde en vierde eenheid
Naast de voorbereiding op de post is er ter plaatse ook een korte voorbereidingstijd noodzakelijk van enkele minuten. Hierdoor kan gesteld worden dat de gewenste rijdtijd van de eenheden maximaal 20 minuten is om aan de opkomsttijd van 30 minuten te voldoen; 20 minuten rijdtijd en de overige 10 minuten wordt benut om op de post en ter plaatse de voorbereidingen te treffen.
Rijsnelheid De verkenningseenheden rijden in basis zonder optische en geluidsignalen. Omdat ze met een PM uitrukken en in basis niet met prio1 rijden, wordt de snelheid van 100% aangehouden.
10.7 Spreidingsvarianten dekking Hieronder zijn diverse spreidingsvarianten vanuit de zeven VE-locaties uitgewerkt. In de onderstaande afbeeldingen is de snelste opkomsttijd te zien en daarmee de totale dekking. De overlap die posten hebben is niet zichtbaar.
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
90
Er zijn alleen varianten onderzocht met een spreiding van de huidige zeven eenheden. Dit vanwege de relatieve hoge uitgaven die gedaan moeten worden om een post vakbekwaam te maken op de taak en dat afgezet tegen een beperkt aantal uitrukken. Vanwege een gestelde ondergrens van vijf posten die de taak uitvoeren is bekeken of een spreidingsvariant van vijf of zes locaties mogelijk is.
Variant VE-7: zeven posten Groesbeek, Beuningen, Druten, Opheusden, Geldermalsen, Asperen en Zaltbommel (huidige situatie)
Huidige dekking met zeven verkenningseenheden laat een 95% dekking zien in 20 minuten door de hele regio en een volledige dekking in 30 minuten.
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
91
Variant VE-5: vijf posten Groesbeek, Druten, Opheusden, Asperen en Zaltbommel
Dekkingsvariant met vijf ploegen zonder Beuningen en Geldermalsen laat vooral in de omgeving van Geldermalsen een verslechterde dekking zien. De gehele regio blijft gedekt in 30 minuten.
Variant VE-6: zes posten Groesbeek, Druten, Opheusden, Geldermalsen, Asperen en Zaltbommel
Dekkingsvariant met zes eenheden, zonder Beuningen ten opzichte van de huidige dekking. In deze variant wordt de regio voor 90% in 20 minuten gedekt en de gehele regio in 30 minuten.
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
92
10.8 Interregionale samenwerking als aanvulling Interregionale samenwerking is niet aan de orde bij VE. De teams worden ingezet door en onder aansturing van de eigen crisisfunctionarissen (AGS-Veld, AGS-OT en CVE).
10.9 Uitkomst De optimale variant is variant VE-6 waarbij we kiezen voor een spreidingsmodel met zes posten. Dit is mogelijk omdat Beuningen en Druten naast elkaar liggen en daarmee een grote overlap hebben in het opkomstgebied. Beuningen krijgt daarnaast de SBH als specialisme en wordt in het veld vaker ingezet met de tankautospuit bij (zeer) grote incidenten in de omgeving (o.a. richting Nijmegen). Daardoor is de kans groter dat ze de VE niet kunnen leveren als er om gevraagd wordt.
10.10 Argumentatie overschrijden opkomsttijden Met de optimale variant wordt de gehele regio afgedekt binnen de wettelijke opkomsttijden.
10.11 Impactanalyse
Post Post Beuningen raakt de taak kwijt, maar krijgt er ook een SBH bij. Daarmee zal de verwachte impact op de post klein zijn.
Impact gelijktijdigheid Aanwezig, omdat verkenningseenheden worden ingezet bij grotere incidenten waarbij vaak meerdere tankautospuiten zijn ingezet. Hierdoor is het mogelijk dat vanwege gebrek aan manschappen de verkenningseenheid niet ingezet kan worden. Vanuit die hoedanigheid is het uitgangspunt dat de regio minimaal vijf verkenningseenheden in de sterkte wil hebben, ervan uitgaande dat één van de eenheden niet kan leveren, omdat zij mogelijk al ingezet zijn met de basiseenheid.
Financieel In basis positief, aangezien de regio teruggaat van zeven naar zes teams. De verwachting is wel dat de dit geen besparing oplevert, omdat het ingezet gaat worden om de andere zes posten intensiever te trainen voor de taakuitbreiding die de verkenningseenheden de afgelopen jaren hebben gekregen. Vanuit die hoedanigheid zal het reduceren met zeven eenheden geen besparing gaan opleveren en wordt het vrijgekomen budget geherinvesteerd binnen de taak.
Vakbekwaamheid Zie bovengenoemde opmerking.
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
93
11 Gaspakeenheid Inleiding Gaspakdragers zijn getraind om (nood)stabilisaties toe te passen bij incidenten waarbij gevaarlijke stoffen zijn vrijgekomen en waarbij het noodzakelijk is om de lekkage te stabiliseren om zodoende de effecten naar de omgeving te beperken.
11.1 Huidige situatie Brandweer Gelderland-Zuid heeft een gaspakkenteam ingericht op de volgende wijze: de posten Asperen, Gameren en Kesteren leveren als steunpunten de gaspakdragers en de ontsmetters. De Basis Ontsmettingseenheid (BOE) wordt samen met de ondersteunende tankautospuit geleverd vanuit post Geldermalsen.
11.2 Wetgeving Artikel 4.1.1 van het Besluit veiligheidsregio’s stelt dat het bestuur van de veiligheidsregio zorgt dat de brandweer een eenheid voor de bestrijding van ongevallen met gevaarlijke stoffen heeft. Deze eenheid bestaat o.a. uit gaspakeenheden. Artikel 4.2.2 van het Besluit veiligheidsregio’s stelt dat een eenheid bestrijding van ongevallen met gevaarlijke stoffen binnen 30 minuten na alarmering begint met de uitvoering van haar taken op de plaats van het incident. In de landelijke visie IBGS is opgenomen dat de gaspakdragers binnen 120 minuten na alarmering moeten kunnen starten met de inzet.
11.2.1 Vastgestelde opkomsttijd In Gelderland-Zuid wordt de bestuurlijk vastgestelde opkomsttijd van 60 minuten aangehouden.
11.3 Kern landelijke of regionale visie In de landelijke visie IBGS wordt niet meer gesproken van een gaspakeenheid, maar van een specialistische IBGS-eenheid. De specialistische IBGS-eenheid verricht taken om incidenten met gevaarlijke stoffen te stabiliseren. Op basis van de visie IBGS is een gaspakinzet alleen nodig in uitzonderlijke situaties. Waar mogelijk dient de brandweer de inzet van gaspakdragers uit te besteden aan commerciële partijen of aan bedrijven die met gevaarlijke stoffen werken. Een andere optie is om dit specialisme via interregionale samenwerkingsverbanden in te richten.
11.4 Recentelijk vastgesteld beleid Het Algemeen Bestuur heeft op 14 december 2017 besloten een samenwerkingsverband aan te gaan met de vijf veiligheidsregio’s binnen Oost5. Dit betekent dat de specialistische IBGS-eenheid in Gelderland-Zuid in principe een half gaspakpeloton van vier gaspakdragers moet leveren. In de praktijk is het steunpunt nog op sterkte om zelfstandig een gaspakinzet te kunnen doen, maar is het mogelijk om een beroep te doen op de buurregio. Afhankelijk van het regionaal risicoprofiel kan worden bepaald of de opkomsttijd korter dient te zijn. In Gelderland-Zuid wordt op basis van eerdere bestuurlijke besluitvorming en het regionaal risicoprofiel een opkomsttijd van 60 minuten aangehouden.
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
94
11.5 Relevante input Risicoprofiel Brandweer Gelderland-Zuid 11.5.1 Risicolocaties
Op het bovenstaande overzicht zijn de IBGS-risicolocaties terug te vinden. Daarbij de focus op de infrastructuur enerzijds en inrichtingen anderzijds.
11.5.2 Incidenthistorie Er zijn in de afgelopen zes jaar geen gaspakinzetten geweest in Gelderland-Zuid. Hoe vaak er in het verleden een gaspakinzet is geweest valt niet te herleiden uit de beschikbare data. Indicatief 20 jaar geleden is er één gaspakinzet geweest in Gelderland-Zuid.
11.6 Uitgangspunten berekening specialisme
Uitruktijd Voor de uitruktijd wordt er gerekend met de mediaantijd van de TS van Geldermalsen. Dit aangevuld met drie minuten. Daarmee wordt er extra tijd gerekend voor het wisselen van de haakarmbak. De BOE staat namelijk niet opgetrokken.
Gevisualiseerde opkomstgebieden Met de volgende tijden wordt de dekking van het gaspakkenteam in de regio inzichtelijk gemaakt: -
30 minuten opkomsttijd op basis van opkomsttijd zoals die in de wet staat beschreven. 60 minuten opkomsttijd op basis van de bestuurlijk vastgestelde opkomsttijd.
Vertrekpunt van waaruit gerekend wordt is post Geldermalsen. Zij gaan met een verlate uitruktijd uitrukken met een combinatie haakarmchassis en tankautospuit en zij zullen in basis het laatst ter plaatse komen. Uiteraard met uitzondering van een incident nabij Geldermalsen en waarbij er gewacht moet worden op de gaspakdragers/ontsmetters.
Rijsnelheid Voor de rijsnelheid wordt voor vanwege het uitrukken met zowel de TS als de BOE 100% aangehouden. De BOE is namelijk een relatief lichte haakarmbak.
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
95
11.7 Spreidingsvarianten dekking
Vanwege het complexe organisatiemodel in combinatie met het voornemen om volgend jaar een toekomstverkenning op de gaspakinzet van brandweer Gelderland-Zuid te gaan starten, zijn er voor nu geen alternatieven uitgewerkt.
11.8 Interregionale samenwerking als aanvulling Er zijn binnen Oost5 afspraken gemaakt dat een buurregio aan de bijstandsvragende regio een half gaspak-peloton moet kunnen leveren. Gezien de ligging zal er naar alle waarschijnlijkheid vanuit Ede (Gelderland-Midden) aanvullende gaspakdragers ter plaatse komen.
11.9 Uitkomst Vooralsnog is er geen reden om de gaspak-inzet op dit moment door andere posten te laten uitvoeren. Wel is er op landelijk niveau besloten om in de nabije toekomst landelijke steunpunten met gaspakkenteams in te gaan richten. Het biedt ruimte om een toekomstverkenning te starten of het huidige model toekomstbestendig is voor Gelderland-Zuid. In 2024 zal de toekomstverkenning met de betrokken posten en de taakgroep IBGS van start gaan.
11.10 Argumentatie overschrijden opkomsttijden Niet van toepassing. Alle risicolocaties en nagenoeg de hele regio wordt binnen 60 minuten bereikt.
11.11 Impactanalyse
Post De huidige spreiding van de steunpunten blijft ongewijzigd en daarmee wordt er geen impact verwacht. De posten worden volgend jaar meegenomen om bij te dragen aan de toekomstverkenning op de gaspakinzet in Gelderland-Zuid.
Impact gelijktijdigheid De impact op gelijktijdigheid is verwaarloosbaar klein en in geval een post al betrokken is bij een incident, dan is het vanuit het huidige model met diverse steunpunten voldoende slagkracht om de eenheid compleet te krijgen. Mocht dit niet lukken en er alleen een half gaspakpeloton geleverd kan worden, dan kan er ook een beroep worden gedaan op Gelderland-Midden. 20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
96
Financieel Geen impact.
Vakbekwaamheid Geen impact.
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
97
12 Chemiepak-eenheid Inleiding Volgens de landelijke visie Incidentbestrijding Gevaarlijke Stoffen (IBGS) is de inzet in chemiepak een specialisme en maakt het daarom dus geen onderdeel meer uit van de basisbrandweerzorg. De noodzaak om regionale chemiepak-eenheden te hebben wordt geheel bepaald door het Risicoprofiel Brandweer Gelderland-Zuid. Momenteel is het specialisme verspreid over diverse posten en waaronder ook de posten die gaspakdragers leveren.
12.1 Huidige situatie De VRGZ beschikt over zes chemiepak-eenheden (CP) op de posten Asperen, Gameren, Kesteren, Nijmegen-Centrum, Nijmegen-West en Tiel. Asperen, Gameren en Kesteren leveren al gaspakdragers, waardoor zij ook met beperkte middelen vakbekwaam te houden zijn voor het inzetten met een chemiepak. Daarnaast leveren de beroepsposten in Nijmegen en post Tiel ook chemiepak-dragers. Dit op basis van het lokale risicoprofiel. Met de combinatie van zes eenheden is er een goede spreiding over de regio.
12.2 Wetgeving Er is geen opkomsttijd vastgesteld voor de inzet van het chemiepak. Het chemiepak is qua bescherming een gradatie lager dan het gaspak en wordt in basis toegepast, wanneer er inpandig een grijpredding gedaan moet worden bij een lekkage van een stof waarvan de stabilisatie in gaspak gedaan moet worden. Indien er sprake is van een korte blootstellingsduur mag in dat geval een redding gedaan worden met een chemiepak. Daarmee wordt de gewenste opkomsttijd van 15 minuten aangehouden (referentiewaarde tankautospuit, gebiedscategorie 3).
12.3 Kern landelijke of regionale visie In de landelijke visie IBGS wordt gesteld dat de regionale IBGS-organisatie afgestemd dient te zijn op het risicoprofiel. Ook zijn er geen vaste opkomsttijden meer, deze worden per regio gebaseerd op het regionale risicoprofiel. Niet alle taken op het gebied van IBGS zijn taken voor de brandweer. In plaats van zelf lekkages te dichten en vloeistofplassen op te ruimen, zal de brandweer zich in de toekomst méér beperken tot het afdekken van plassen en het afdichten van bronnen van lekkage. Hoofdtaak is het redden van mens en dier, het beschermen van de omgeving en het beperken van blootstelling van mensen in de omgeving. Stabilisatie van incidenten en opruimwerkzaamheden zullen bij incidenten met gevaarlijke stoffen worden uitbesteed aan externe (private) partijen of worden neergelegd bij de veroorzaker van het probleem.
12.4 Recentelijk vastgesteld beleid In het brandweerzorgplan (2018) is de keuze gemaakt om de chemiepak-inzet niet meer als basistaak te zien en deze taak in de regio risicogestuurd te gaan spreiden.
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
98
12.5 Relevante input Risicoprofiel Brandweer Gelderland-Zuid 12.5.1 Risicolocaties
Op het bovenstaande overzicht zijn de IBGS-risicolocaties terug te vinden. Daarbij de focus op de infrastructuur enerzijds en inrichtingen anderzijds.
12.5.2 Incidenthistorie In de periode van 2017 tot 2022 zijn er geen inzetten met een chemiepak geweest.
12.6 Uitgangspunten berekening specialisme
Uitruktijd Er wordt met een tankautospuit uitgerukt en daarmee wordt de berekening van opkomst de mediaan-uitruktijd van de tankautospuit van de post aangehouden.
Gevisualiseerde opkomstgebieden Bedrijven waar een inzet met chemiepak kunnen plaatsvinden, vinden zich in basis buiten de bebouwde woonomgeving (gebiedscategorie 3 gebieden). De referentiewaarde voor die gebieden is 15 minuten. Vandaar dat deze gewenste opkomsttijd in beeld wordt gebracht. Daarnaast wordt het opkomstgebied van 20 minuten in beeld gebracht om de regionale dekking verder in kaart te brengen.
Rijsnelheid Voor de berekening van de opkomsttijd wordt uitgegaan van 100% van de gemiddelde rijsnelheid op een wegdeel.
12.7 Spreidingsvarianten dekking De huidige spreiding van chemiepak-eenheden is deels gebaseerd op de posten die momenteel onderdeel uitmaken van het gaspakkenteam. Omdat daarvoor nu geen wijzigingen optreden, maar een toekomstverkenning wordt voorgesteld, is het voor nu niet voor de hand liggend om voor de chemiepak-eenheden wel een ander spreidingsmodel voor te stellen. De toekomstverkenning op de gaspakkeneenheid is leidend en kan in te toekomst leiden tot een nieuw spreidingsmodel van chemiepak-eenheden. Hieronder volgt dan ook de opkomst op basis van de huidige situatie:
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
99
Variant Chemiepak-3A: Asperen, Gameren, Kesteren, Nijmegen-Centrum, Nijmegen-West en Tiel (vrijw.) (huidige situatie)
12.8 Interregionale samenwerking als aanvulling In de inzet van chemiepak-eenheden is op dit moment niet interregionaal georganiseerd.
12.9 Uitkomst Vasthouden aan het huidige spreidingsmodel van zes posten in afwachting van de toekomstverkenning op de gaspak-inzet binnen Gelderland-Zuid.
12.10 Argumentatie overschrijden opkomsttijden Niet alle gebieden en BEVI-inrichtingen worden afgedekt binnen de gewenste opkomsttijd van 20 minuten voor een chemiepak eenheid. De kans op een chemiepak inzet op de BEVI-inrichtingen die niet bereikt worden, binnen de 20 minuten, is gezien de bedrijfsvoering van het betreffende BEVIinrichting zeer klein.
12.11 Impactanalyse
Post De huidige spreiding van de steunpunten blijft ongewijzigd en daarmee wordt er geen impact verwacht. De betreffende posten worden in 2024 meegenomen om bij te dragen aan de toekomstverkenning op de gaspakinzet in Gelderland-Zuid.
Impact gelijktijdigheid De impact op gelijktijdigheid is klein en in geval een post al betrokken is bij een incident, dan is het vanuit het huidige model met zes posten voldoende slagkracht om binnen een gepaste tijd een andere chemiepak-eenheid ter plaatse te krijgen.
Financieel Geen impact.
Vakbekwaamheid Geen impact.
20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027
100