memo tbv raad 24022022, bij agendapunt 18 'evaluatie woningmarktinstrumenten'
Tekst van het document
Memo in vervolg op vragen mevr. Baudoin-Tamis / PvdA/GroenLinks Maasdriel tijdens commissie Ruimte d.d. 3 februari 2022 m.b.t. Verordening verevening sociale woningbouw Maasdriel 2022
Inleiding Tijdens de behandeling van agendapunt 11, Evaluatie Woningmarktinstrumenten, waarbij de raad wordt voorgesteld om een aangepaste verordening verevening sociale woningbouw Maasdriel 2022 vast te stellen, heeft mevrouw Baudoin-Tamis van PvdA/Groen Links Maasdriel enkele vragen gesteld. Ter voorbereiding op het agendapunt heeft mevrouw Baudoin contact gehad met Martijn de Groof van Woonstichting De Kernen. In vervolg hierop heeft mevrouw Baudoin de volgende opmerkingen gemaakt. Inmiddels heeft De Kernen, mede op verzoek van mevrouw Baudoin, haar reactie ook rechtstreeks toegestuurd aan de portefeuillehouder. Toelichting mevrouw Baudoin : Het doel van de verordening is het bevorderen van de sociale woningbouw en deze op een goede manier te behouden voor onze inwoners. De corporaties hebben al diverse malen laten weten echt grote problemen te voorzien (onlangs nog in een brandbrief in december). Ze moeten invulling geven aan diverse gemeentelijke taakstellingen en dat vraagt om de uiterste inzet van de gemeente om dat dan ook mogelijk te maken. Deze verordening zou daar dus optimaal op in moeten spelen.
Reactie van de corporatie : De behoefte van corporaties om het aantal sociale huurwoningen in de gemeente te vergroten is groot, om te bereiken dat wij voldoende woonkansen creëren voor mensen die langs reguliere kanalen zoeken naar een sociale huurwoning alsmede om invulling te geven aan de diverse (gemeentelijke) taakstellingen voor bijzondere doelgroepen (statushouders, GGZ-uitstromers, etc.). Daarom zijn wij verheugd met de nota ‘verevening sociale woningbouw ’en met name het genoemde percentage van 30% in nieuwe initiatieven. Wensen : - een koppeling met de grondprijzennota van de gemeente Die koppeling is te maken in artikel 6 en/of 7, en kan voorkomen dat corporaties geconfronteerd worden met torenhoge (onhaalbare) afnameprijzen doordat met commerciële grondprijzen gerekend wordt. Kort gezegd: indien er met sociale grondprijzen gerekend wordt, vergroot het de kans dat wij er met ontwikkelaars uitkomen aanzienlijk! - hoogte afkoopbedragen Tenslotte zouden de afkoopbedragen in artikel 11 (veel) hoger mogen zijn. Dit om te voorkomen dat ontwikkelaars van grotere plannen (10+) bewust gaan aansturen op afkoop. Vraag : In artikel 10 lid 2 wordt de mogelijkheid geboden om af te wijken ‘indien niet mogelijk en wenselijk’. Langs welke kaders wordt dit afgewogen?
Toelichting wethouder van Hoften Koppeling met de grondprijzennota van de gemeente Er zijn twee mogelijkheden om met initiatiefnemers/ontwikkelaars overeen te komen dat zij voor de huurwoningen in het sociale segment, welke zij in hun plan realiseren aan de corporaties een sociale grondprijs berekenen. Het is mogelijk om hier in de anterieure overeenkomst een artikel over op te nemen en het is zoals de corporaties voorstellen mogelijk het op te nemen in de voorliggende verordening. Vanzelfsprekend kan het ook zowel in de voorliggende verordening als in de anterieure overeenkomst. En gezien het belang van betaalbare sociale huurwoningen stellen we voor om dit aspect in beiden op te nemen. De voorgestelde verordening is hierop aangepast. hoogte afkoopbedragen Zoals in de verordening is aangegeven is de afkoop in principe alleen mogelijk bij kleine woningbouwplannen. Omdat het daarbij vrijwel niet mogelijk is om sociale huurwoningen te realiseren. Bij grotere woningbouwontwikkelingen moeten er andere argumenten zijn om af te wijken van 30% sociale huurwoningen. De verordening verevening sociale woningbouw en de daarin opgenomen afkoopsom is primair om een initiatiefnemer die een kleiner aantal woningen realiseert en daardoor geen sociale woningbouw in zijn plan opneemt financieel bij te laten dragen aan volkshuisvestelijke doelen.
t.b.v. raadsvergadering 24 februari 2022, bij agendapunt 18, evaluatie woningmarktinstrumenten
blad 1 van 2
Memo in vervolg op vragen mevr. Baudoin-Tamis / PvdA/GroenLinks Maasdriel tijdens commissie Ruimte d.d. 3 februari 2022 m.b.t. Verordening verevening sociale woningbouw Maasdriel 2022
Vraag : In artikel 10 lid 2 wordt de mogelijkheid geboden om af te wijken ‘indien niet mogelijk en wenselijk’. Langs welke kaders wordt dit afgewogen? Antwoord : Er zijn geen vastomlijnde kaders omschreven, wanneer het aandeel 30% sociale huurwoningen niet mogelijk en wenselijk is. Zoals in de prestatieafspraken is aangegeven kan de aard en ligging van een plan voor de corporatie aanleiding zijn om af te wijken van het percentage sociale huurwoningen in een project. Als het voor de corporatie bv duidelijk is dat er vanuit haar doelgroep weinig vraag is naar sociale huurwoningen op een bepaalde locatie, of in een bepaalde kern, zal de corporatie hier mogelijk niet in willen participeren. En vormt dat een overweging om in het betreffende plan geen of minder sociale huurwoningen te realiseren. Ook kan het zijn dat een plan ontwikkeld wordt, met een beperkt aantal woningen en dat er in een ander woningbouwsegment gerealiseerd kan worden, waar veel vraag naar is, bv betaalbare koopwoningen of middeldure huurwoningen, bv specifiek voor jongeren of senioren. Op dat moment kan dat in een bepaalde kern van zodanige toegevoegde waarde zijn, dat we daarom gemotiveerd afwijken van het uitgangspunt om 30% sociale huurwoningen te realiseren. Het is niet mogelijk om hier vastomlijnde kaders voor op te stellen. Elke ontwikkeling is weer anders en specifiek.
Tegelijkertijd is door een instrument als de vereveningsverordening de druk op de realisatie van 30% sociale huurwoningen nadrukkelijk aanwezig.
t.b.v. raadsvergadering 24 februari 2022, bij agendapunt 18, evaluatie woningmarktinstrumenten
blad 2 van 2