CConstaterende datMaasdriel
Koppel je AI →
Document · PDF

Kaderbrief 2023-2026

Gemeenteraad 7 juli 2022, gemeente MaasdrielBij agendapunt: Perspectieven 20238.811 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Kaderbrief 2023-2026

Inhoudsopgave Inleiding 1 Aandachtspunten 2 Opzet begroting 3 Technisch financiële uitgangspunten 4 Algemene Uitkering Gemeentefonds 5 Financieel meerjarenperspectief 2023-2026 6 Beleidsprioriteiten

3 4 7 9 11 15 17

Kaderbrief 2023-2026 - 2

Inleiding Met deze brief wordt u geïnformeerd over het kader voor het opstellen van de programmabegroting 2023. Wij willen u in deze Kaderbrief over de volgende onderwerpen informeren: • Hoofdstuk 1: Aandachtspunten • Hoofdstuk 2: Opzet begroting • Hoofdstuk 3: Technische financiële uitgangspunten • Hoofdstuk 4: Algemene Uitkering uit het Gemeentefonds op basis van de Meicirculaire 2022 • Hoofdstuk 5: Financieel meerjarenperspectief 2023-2026 • Hoofdstuk 6: Beleidsprioriteiten Kaderbrief 2023: Voorloper van de Programmabegroting 2023 De kaderbrief is het document waarmee richting wordt gegeven aan het opstellen van de programmabegroting 2023. De beleidsmatige en financiële ontwikkelingen worden in deze kaderbrief getoond. Het doel van deze kaderbrief is de raad te informeren over de autonome ontwikkelingen en de financiële positie van de gemeente. Met deze kaders kunnen er in de programmabegroting 2023 weloverwogen keuzes gemaakt worden. Beleidsprioriteiten/bestuursakkoord Ruimte voor nieuw beleid is voor een belangrijk deel afhankelijk van de ontwikkeling van de algemene uitkering van het gemeentefonds. Deze ontwikkeling is in het financieel perspectief verwerkt. Het positieve saldo dat resteert kan de raad inzetten om beleidsprioriteiten uit te voeren. De beleidsprioriteiten zijn een voorzet van het college aan uw raad.

Wij nodigen onze raad graag uit om met ons van gedachten te wisselen over de beleidsprioriteiten. Eventuele noodzakelijke bijstellingen in ambities zullen wij dan vertalen in de programmabegroting 2023. Het college van Maasdriel, Juni 2022

Kaderbrief 2023-2026 - 3

1 Aandachtspunten De commissie Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) geeft in notities aan op welke wijze bepaalde onderwerpen in de begroting verwerkt kunnen of moeten worden. Kunnen, omdat de regelgeving meerdere verwerkingsopties toestaat en moeten als de regelgeving verplicht tot een bepaalde verwerkingswijze. De BBVnotities bevatten dan ook aanbevelingen (‘kan’) en stellige uitspraken (‘moet’) voor de juiste toepassing en uitvoering van het BBV.

Notities Recent zijn de volgende notities vastgesteld/geactualiseerd: • Kadernota Rechtmatigheid 2022 • Paragraaf Bedrijfsvoering • Notitie lokale heffingen Kadernota Rechtmatigheid 2022 Met ingang van het verslagjaar 2023 wordt de verantwoordelijkheid van het college van burgemeester en wethouders (‘college’) voor de rechtmatigheid benadrukt, doordat het college een verantwoording over rechtmatigheid af moet gaan geven in plaats van de accountant. Deze wijziging komt voort uit het rapport ‘Vernieuwing van de begroting en verantwoording van gemeenten’ van de commissie Depla. Het uitgangspunt van de wetgever is dat de reikwijdte van de verantwoording door het college niet wijzigt ten opzichte van de situatie waarin de accountant een oordeel gaf. Deze kadernota bevat een hoofdstuk dat specifiek gericht is op raadsleden. Op grond van artikel 213 Gemeentewet stelt de raad bij verordening regels vast voor de controle op het financiële beheer en op de inrichting van de financiële organisatie. Deze verordening waarborgt dat de rechtmatigheid van het financiële beheer en van de inrichting van de financiële organisatie wordt getoetst.

Paragraaf Bedrijfsvoering In de paragraaf bedrijfsvoering wordt, op basis van de kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en op basis van de afspraken met de gemeenteraad, aanvullende informatie opgenomen over de individueel geconstateerde afwijkingen uit de rechtmatigheidsverantwoording. Het college beschrijft daarnaast welke actie hij onderneemt om de afwijkingen uit de rechtmatigheidsverantwoording in de toekomst te voorkomen. Nietfinanciële onrechtmatigheden in verband met het niet naleven van bepalingen in de wet Fido (financiering decentrale overheden) en bijbehorende Regelingen moeten worden opgenomen en toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering. Notitie lokale heffingen In de notitie lokale heffingen heeft de comissie BBV een overzicht toegevoegd van alle relevante aspecten van lokale heffingen, en bijbehorende voorzieningen en reserves, met betrekking tot de begroting en verantwoording. Omdat de definities regelmatig door elkaar worden gebruikt, moet deze notitie meer inzicht geven aan raadsleden en meer specifieke duiding bieden aan vakspecialisten op het gebied van lokale heffingen.

Kaderbrief 2023-2026 - 4

Begrotingscirculaire provincie Gelderland In april 2022 is de jaarlijkse begrotingscirculaire 2023 van de provincie Gelderland ontvangen. Hiermee informeert de provincie de gemeenten over een aantal onderwerpen die aandacht verdienen met betrekking tot het financieel toezicht op de eerstkomende gemeentebegroting. Het gaat onder andere om: • Inzicht in de structurele begrotingspositie • Incidentele baten en lasten • Taakstellingen • Weerstandsvermogen en risicobeheersing • Onderhoud kapitaalgoederen • Grondexploitaties • BTW-compensatiefonds • Omgevingswet • Wet digitale overheid en Wet open overheid • Toezichtskader Gemeenschappelijke regelingen Naast bovengenoemde ontwikkelingen hebben de onderstaande ontwikkelingen ook een invloed op de totstandkoming van de begroting 2023-2026. Ontwikkeling gemeentefonds In hoofdstuk 4 presenteren we een uitgebreide toelichting op de meicirculaire 2022, waaronder de effecten op de nieuwe herverdeling van het Gemeentefonds. Hervormingsagenda Het ministerie van VWS, zorgaanbieders, cliënten(vertegenwoordigers), professionals en de VNG stellen samen de Hervormingsagenda Jeugd 2022-2028 op. Dit doen zij met het uitgangspunt dat het huidige jeugdstelsel niet houdbaar is. Daarom werken deze 5 partijen – de vijfhoek - aan de Hervormingsagenda om de hulpverlening te verbeteren en het jeugdstelsel beter beheersbaar te maken.

Sociaal domein Uit het onderzoek van BDO, waarbij de kosten binnen het Sociaal Domein van de Nederlandse gemeenten zijn geanalyseerd, blijkt dat de totale kosten binnen het Sociaal Domein blijven stijgen. Gemeenten worden geconfronteerd met vraagstukken die zorgen voor een verminderde grip en sturing op de financiën. De effecten van deze trend worden deels gecompenseerd vanuit het Rijk maar een deel blijft ook openstaan bij de gemeenten. Het Sociaal Domein blijft hiermee onder druk staan. Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) De invoering van de Omgevingswet is op dit moment uitgesteld tot 1 januari 2023. De minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke ordening heeft deze keuze gemaakt om te zorgen voor een zorgvuldige en verantwoorde implementatie van de wet. Echter, is de datum van 1 januari 2023 nog niet in beton gegoten. De Eerste Kamer heeft een (groot) aantal vragen gesteld aan de minister (met name over de werking van het Digitaal Stelsel Omgevingswet) die onlangs zijn beantwoord. De eerste kamer heeft op 21 juni aangegeven niet meer voor de zomer te besluiten en op dit moment is een meerderheid voor de invoering per 1-1-2023 nog niet vanzelfsprekend. Definitieve besluitvorming over invoering omgevingswet wordt pas in oktober verwacht.

Kaderbrief 2023-2026 - 5

Met de inwerkingtreding van de wet is het Omgevingswettraject nog niet afgerond. Na de inwerkingtreding van de wet breekt de zogenaamde transitieperiode aan. Gedurende de transitieperiode wordt het (tijdelijke) omgevingsplan op natuurlijke momenten herzien en ingericht conform de nieuwe structuur voor het omgevingsplan. Wet digitale overheid en Wet open Overheid Niet alleen bij de woningbouw, energietransitie en klimaatadaptatie staan gemeenten voor grote maatschappelijke opgaven, ook in de digitalisering van de samenleving liggen uitdagingen. Op 1 mei 2022 is de Wet open overheid (Woo) ingetreden. Deze wet heeft als doel (semi)overheden transparanter en toegankelijker te maken. De wet moet er voor zorgen dat overheidsinformatie beter vindbaar, uitwisselbaar, eenvoudig te ontsluiten en goed te archiveren is. De Woo komt in de plaats van de huidige Wet openbaarheid van bestuur (Wob). De invoering van de Wet digitale overheid (Wdo) heeft in 2021 vertraging opgelopen. Vragen van de Eerste Kamer bij het wetsvoorstel hebben er toe geleid dat de Staatssecretaris van BZK heeft besloten tot een wetswijziging. Het wijzigingsvoorstel is in juni 2021 bij de Tweede Kamer ingediend. De inwerkingtreding is afhankelijk van wanneer de Kamer het wetsvoorstel met wijzigingen bespreekt.

Kaderbrief 2023-2026 - 6

2 Opzet begroting De Gemeentewet schrijft voor dat iedere gemeente jaarlijks begrotings- en verantwoordingsstukken moet opstellen. Een goede vergelijkbaarheid van baten en lasten die verbonden zijn aan de verschillende taken van gemeenten is in het belang van de raad, die dergelijke informatie kan benutten voor de eigen sturing op prioriteiten. Daarbij is het van belang dat de informatie van goede kwaliteit is en aansluit op de behoefte van gemeenten. Een brede beschikbaarheid van deze gegevens stelt andere stakeholders in staat zelf vergelijkingen te maken en deel te nemen aan het debat over beleidsprioriteiten. Dit draagt bij aan een grotere transparantie van het proces rond begroting en verantwoording en een grotere betrokkenheid van alle belanghebbenden. Door de informatie primair in te richten naar de informatiebehoefte van de gemeenten en deze te stroomlijnen met de informatiebehoefte van het Rijk, het CBS en Europa wordt het mogelijk om relevante en vergelijkbare financiële informatie te genereren.

Programma's Het eerste gedeelte van de begroting bestaat uit een nadere toelichting op de programma’s. Elk programma begint met een inleidende tekst (welke taakvelden onder dit programma vallen) en vervolgens worden de volgende onderwerpen per programma toegelicht: • Wat willen we bereiken? De belangrijkste doelen en maatschappelijke effect(en) met bijbehorende effectindicatoren. • Wat gaan we daarvoor doen? Toelichting van activiteiten en prestaties die bij onze doelen horen. Indien mogelijk zijn er ook bijbehorende prestatie-indicatoren geformuleerd. Daarmee maken we het verband tussen de prestatie, het doel en het maatschappelijk effect inzichtelijk. • Wat mag het kosten? We presenteren voor de exploitatie de meerjarige lasten, baten en het saldo. • Relevante nota’s met betrekking tot de verschillende taakvelden. • Betrokken verbonden partijen: van de rechtspersonen waarin we een bestuurlijk en financieel belang hebben, beschrijven we de bijdrage aan onze doelstellingen en actuele ontwikkelingen en risico’s. • BBV-indicatoren: dit is een uniforme basisset van indicatoren die periodiek landelijk beschikbaar zijn. Via de website waarstaatjegemeente.nl zijn de indicatoren beschikbaar.

Financiële begroting In het tweede gedeelte van de begroting wordt de financiële opbouw van de begroting toegelicht. De financiële begroting begint met een overzicht van de baten en lasten, waarvoor de raad het college autoriseert en waarmee het vastgelegde beleid, dat is opgenomen in de programma’s, wordt uitgevoerd. Vervolgens vindt verdere toelichting plaats over de volgende onderdelen van de financiële begroting: • Algemene uitgangspunten • Toelichting financiële begroting • Algemene dekkingsmiddelen • Overhead • Vennootschapsbelasting • Onvoorzien

Kaderbrief 2023-2026 - 7

• Geprognosticeerde balans • Reserves en voorzieningen • Meerjareninvesteringsbegroting

Paragrafen Het derde gedeelte van de begroting bevat de paragrafen. Hier worden de beleidslijnen vastgelegd met betrekking tot relevante beheersmatige aspecten, alsmede tot de lokale heffingen. Het BBV schrijft de volgende paragrafen voor: • Lokale heffingen • Weerstandsvermogen en risicobeheersing • Onderhoud kapitaalgoederen • Financiering • Bedrijfsvoering • Verbonden partijen • Grondbeleid Daarnaast staat het de gemeente vrij om zelf extra paragrafen toe te voegen. Hierbij valt te denken aan een paragraaf omtrent COVID-19 of internationale arbeidskrachten. In samenspraak met het bestuur wordt bepaald of er behoefte is aan dergelijke paragrafen.

Kaderbrief 2023-2026 - 8

3 Technisch financiële uitgangspunten In deze paragraaf worden de technisch financiële uitgangspunten weergegeven.

Algemeen • Uitgangspunt is de raming 2022 met de daarop vastgestelde wijzigingen; • Er wordt onderscheid gemaakt in een stijging voor personele kosten en een stijging voor prijzen; • Het inflatiepercentage voor gesubsidieerde instellingen is gekoppeld aan de stijging van het gemengde stijgingspercentage voor budgetten die zowel uit personele als materiële componenten bestaat. Dit percentage wordt niet doorberekend in de begroting van 2023, behoudens als hier contractuele verplichtingen tegenover staan; • Indexering vindt plaats op de jaarschijf 2023 conform de percentages die opgenomen zijn in de Meicirculaire. De indexering voor de jaren 2024-2026 wordt gelijkgesteld aan 2023, dat wil zeggen in constante prijzen dus het blijft op het niveau van 2023. • De gemeente Maasdriel hanteert voor de bepaling van de hoogte van de uitkering uit het gemeentefonds de methode met constante prijzen. • De inkomsten die geprognosticeerd worden in de begroting worden ook op basis van constante prijzen verwerkt in de meerjarenbegroting. Ook bij deze inkomsten wordt geen rekening gehouden met eventuele inflatie en/of prijsontwikkelingen. • In het bestuursakkoord staat vermeld dat de benodigde budgetten voor het sociaal domein zo realistisch mogelijk begroot moeten worden op basis van ervaringscijfers binnen onze gemeente of op basis van de budgetten die wij hiervoor krijgen van het Rijk.

In deze kaderbrief begroten wij het sociaal domein op basis van ervaringscijfers. Vanaf volgend jaar is namelijk niet meer zichtbaar in het gemeentefonds welke middelen de gemeente ontvangt in het kader van het sociaal domein. De geraamde bedragen komen overeen met de bedragen die de gemeente ontvangt vanuit het gemeentefonds.

Prijsstijgingen en indexaties Personele kosten De Meicirculaire 2022 geeft een prognose voor de ontwikkeling van de loonsommen van 3,6% voor 2023. Voor de jaren 2024 en verder wordt geen verdere loonsverhoging berekend, omdat de gemeente Maasdriel met constante prijzen rekent. Prijsstijgingen De Meicirculaire 2022 geeft een prognose voor de prijsontwikkeling van het Bruto Binnenlands Product (BBP) van 3,0% voor 2023. Deze prijsontwikkeling wordt niet automatisch doorberekend in de budgetten van de begroting 2023. In plaats van het automatisch doorberekenen, nemen wij een stelpost op, welke in de loop van het jaar 2023 aangewend kan worden.

Kaderbrief 2023-2026 - 9

Rekenrente De gemeente investeert in allerlei projecten en activa die meerdere jaren meegaan. Voor deze investeringen is financieringsbehoefte noodzakelijk en daarvoor worden langlopende geldleningen afgesloten. De financiering van de investeringen geschiedt niet voor elke afzonderlijke investering maar wordt bezien vanuit de totale financieringsbehoefte die de gemeente heeft. In de programmabegroting 2022 is een vaste rekenrente van 0,5% gehanteerd, en bij de bouwgronden een rekenrente van 1,4%. Op weg naar de programmabegroting 2023 zal deze worden herrekend en (indien het rentepercentage wijzigt) de financiële effecten verwerkt. Activa en Meerjarig Investeringsplan In de staat van activa 2023 zijn alle lopende investeringen, de investeringen uit het Meerjaren Investeringsplan en de door de raad geaccordeerde investeringen/kredieten opgenomen. In deze staat worden de kapitaallasten berekend. Uitgegaan wordt van de boekwaarde op 1 januari 2023. De rekenrente wordt berekend over deze boekwaarde en de afschrijvingstermijnen uit de financiële verordeningen (of in de geest van de financiële verordening) worden gehanteerd. De berekende kapitaallasten komen ten laste van het desbetreffende taakveld. Bij de bouwgronden wordt de daarvoor geldende rekenrente gerekend over de boekwaarde 1 januari 2023.

Reserves en voorzieningen De reserves en voorzieningen zijn opgenomen in de staat van reserves en voorzieningen. Deze staat bevat alle reserves en voorzieningen welke door de raad zijn vastgesteld, conform de door de raad vastgestelde nota reserves en voorzieningen.

Kaderbrief 2023-2026 - 10

4 Algemene Uitkering Gemeentefonds In juni 2022 is de Meicirculaire 2022 gepubliceerd door de Rijksoverheid. In deze Kaderbrief wordt u geïnformeerd over de uitkomsten en de effecten van de Meicirculaire 2022. Het verschil tussen de Meicirculaire 2022 en de Meicirculaire 2021 zijn voor Maasdriel als volgt:

Omschrijving (x € 1.000)

2023

2024

2025

2026

Eindstand Meicirculaire 2022

40.079

40.577

41.919

38.656

MJB 2022-2026

34.958

34.601

34.419

34.419

Verschil (1)

5.121

5.977

7.501

4.237

Stelpost: onderuitputting Rijksbegroting Verschil (2)

833

1.201

1.475

-

4.288

4.775

6.026

4.237

-

-900

-800

-800

Verwachte jeugdgelden: Herijken stelpost Jeugdgelden Kaderbrief 2022 Nieuwe stelpost Jeugd (vanaf 2024) Totaal mutatie

-

1.616

1.490

1.027

4.288

5.492

6.715

4.463

84

81

82

82

Waarvan: Taakmutaties (excl. Sociaal Domein) IU/DU Vrij te besteden

41

41

41

41

4.163

5.369

6.593

4.340

Toelichting uitkomsten Meicirculaire 2022 versus Meicirculaire 2021 Nieuwe herverdeling gemeentefonds per 1 januari 2023 De afgelopen jaren hebben de fondsbeheerders samen met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), gemeenten en de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) gewerkt aan de nieuwe verdeling van het gemeentefonds. Op 6 april 2022 zijn de Tweede Kamer en gemeenten door de fondsbeheerders geïnformeerd over de invoering van de nieuwe verdeling per 1 januari 2023. In deze circulaire worden de effecten voor de gemeenten weergegeven. Voor de gemeente Maasdriel heeft deze herverdeling een positief effect. • Jaar 2023 € 191.000 • Jaar 2024 € 574.000 • Jaar 2025 € 956.000 • Jaar 2026 € 956.000 Het hoofddoel voor een nieuw verdeelstelsel is om een eenvoudig en uitlegbaar model te maken, dat beter aansluit bij de noodzakelijke kosten die gemeenten maken. Dit was vooral nodig in het sociaal domein. De indeling van de clusters is logischer en globaler gemaakt en het aantal maatstaven is gehalveerd. Het maximale effect per

Kaderbrief 2023-2026 - 11

inwoner voor een gemeente is € 37,50. Dit is ook wat Maasdriel ontvangt. Dat is echter lager dan waar Maasdriel eigenlijk recht op heeft, namelijk € 50 per inwoner.

Accres ontwikkeling Tot en met 2025 geldt voor de groei van het gemeentefonds de methodiek dat dit fonds evenredig met de rijksuitgaven meegroeit. Omgekeerd geldt hetzelfde: dalen de rijksuitgaven als gevolg van bezuinigingen, dan daalt het gemeentefonds evenredig mee. Dit noemen we de trap-op-trap-af-systematiek. Omdat het kabinet Rutte IV in de jaren tot en met 2025 meer gaat uitgeven, stijgt ook het gemeentefonds evenredig mee. Gemeenten krijgen daardoor een hogere uitkering uit het gemeentefonds. Het kabinet is ambitieus in haar plannen. Als het Rijk onverhoopt minder geld uitgeeft dan begroot krijgt de gemeente Maasdriel in de toekomst een financiële tegenvaller gepresenteerd. Stelpost accres Voorzichtigheidshalve hebben wij, conform landelijk advies, een stelpost (stelpost onderuitputting rijksbegroting) opgenomen waarmee wij ons niet te rijk rekenen. De stelpost bedraagt in 2023 € 833.000 en loopt op tot € 1.475.000 in 2025. Het kabinet heeft aangegeven dat het accres voor 2026 niet berekend is volgens bovengenoemde methode. In plaats hiervan is het accres vastgezet op een taakstellende plus van € 840 miljoen ten opzichte van de septembercirculaire 2021. Om die reden loopt loopt de stelpost tot en met 2025. Opschalingskorting Daarnaast wordt de opschalingskorting weer toegepast in 2026. Sinds 2015 worden gemeenten geconfronteerd met een korting op het gemeentefonds.

Deze opschalingskorting is opgelegd omdat gemeenten door gedwongen opschaling kosten zouden besparen. Het kabinet heeft de opschalingskorting bevroren tot en met 2025 zodat gemeenten iets van financiële ademruimte kregen. De korting komt terug in 2026. Deze wordt door gemeenten als oneerlijk ervaren, omdat het principe van herindelen van bovenaf is opgelegd. Verwachte jeugdgelden De extra jeugdgelden zijn door het Rijk voor het jaar 2023 toegekend. Voor de jaren erna nemen we 75% op, conform het toetsingskader van de provincie. Nu met nieuwe inzichten en recentere cijfers hebben we een betere inschattingen van toekomstige bedragen voor jeugdgelden.

Ontwikkeling uitkeringsbasis Bij het begrip ontwikkeling van de uitkeringsbasis praten we o.a. over de mutaties van de landelijke aantallen inwoners, woonruimten, leerlingen en uitkeringsgerechtigden. In de veronderstelling dat het totaal te verdelen bedrag niet toeneemt als de hoeveelheid stijgt, zal per maatstaf het maatstafgewicht evenredig moeten dalen. Dat is een ingewikkelde methode en daarom wordt door het Rijk gekozen voor een eenvoudiger oplossing, namelijk de daling van de uitkeringsfactor. De uitkeringsfactor is een zodanig gekozen getal dat de som van de uitkeringen aan de gemeenten gelijk is aan het beschikbare bedrag in het gemeentefonds. Andersom zal bij een daling van de aantallen de uitkeringsfactor stijgen. Voor Maasdriel heeft de Meicirculaire 2022 op dit onderdeel een groot (positief) effect op het saldo.

Kaderbrief 2023-2026 - 12

Taakmutaties In de Meicirculaire 2022 wordt een aantal nieuwe taakmutaties genoemd en taakmutaties die verhoogd of verlaagd worden. Onder de tabel lichten we een aantal belangrijke taakmutaties toe.

Taakmutaties (x € 1.000)

2023

2024

2025

2026

Inburgering: leerbaarheidstoets

8

9

9

9

Robuust rechtsbeschermingssysteem

28

28

29

29

Versterking dienstverlening gemeenten: Systeemleren

9

10

10

10

Impuls integraal werken

3

-

-

-

Systeemleren

7

7

7

7

Toezicht en handhaving gastouderschap

6

6

6

6

Rijksvaccinatieprogramma HPV mannen

4

4

4

4

Wet kwaliteitsborging voor het bouwen

18

18

18

18

Totaal

84

82

82

82

Robuust rechtsbeschermingssysteem Het is belangrijk dat mensen dichtbij ondersteuning hebben om de weg te vinden en hun recht te kunnen halen, bijvoorbeeld wanneer ze verdwalen tussen uitvoeringsinstanties. Er is bij het ministerie van JenV een programma rechtsbijstand waarin met partners wordt gewerkt aan een stelselvernieuwing. Mede in opvolging van de POK wordt gewerkt aan een robuust rechtsbeschermingsstelsel dicht bij de burger. Gemeenten zijn daarin belangrijke partners. Om gemeenten in staat te stellen om, langs bovenstaande lijnen samen met juridische partners, meer robuuste rechtsbescherming voor hun inwoners te organiseren, stelt het kabinet een bedrag van € 25 miljoen beschikbaar voor 2023 tot en met 2027. Wet kwaliteitsborging voor het bouwen Voor de noodzakelijke voorbereidingen die de gemeenten nog moeten treffen tot de inwerkingtreding van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb), ontvangen gemeenten in 2022 een bijdrage, in aanvulling op de bijdrage die eerder in 2021 is verstrekt. Daarnaast ontvangen de gemeenten na inwerkingtreding een jaarlijkse bijdrage van € 10 miljoen in 2023 tot en met 2026 voor het uitvoeren van de Wkb-taken. Overige taakmutaties Er is nog een aantal kleine taakmutaties die verwerkt gaan worden, zoals de versterking dienstverlening van gemeenten en de leerbaarheidstoets.

Integratie-, decentralisatie- en specifieke uitkeringen Via circulaires van het Rijk wordt de gemeente geïnformeerd over de bijdragen uit het gemeentefonds, inclusief de zogenaamde integratie uitkeringen (IU) en decentralisatie uitkeringen (DU). Intregratie-uitkering Een integratie-uitkering is bestemd om middelen via het gemeentefonds te verdelen op een manier die afwijkt van de algemene uitkering. De integratie-uitkering wordt vooral gebruikt om te grote herverdeeleffecten op te vangen. Herverdeeleffecten zijn financiële voor- of nadelen voor gemeenten die worden veroorzaakt door een andere verdeling van gelden. Met een integratie-uitkering kan het Rijk dus voor een aantal jaren middelen aan gemeenten verstrekken via het gemeentefonds, zonder gebonden te zijn aan de verdeelsystematiek van de

Kaderbrief 2023-2026 - 13

algemene uitkering. Dit maakt voor specifieke taken of beleidsterreinen een gerichte verdeling van het budget mogelijk. Decentralisatie-uitkering Decentralisatie-uitkeringen verschillen slechts op twee punten van integratie-uitkeringen: bij een decentralisatie-uitkering hoeft het tijdstip van overheveling naar de algemene uitkering nog niet bekend te zijn en het is mogelijk om de decentralisatie-uitkering naar een deel van alle gemeenten te verdelen (zoals bijvoorbeeld aan centrumgemeenten). De decentralisatie-uitkering wordt daarom gebruikt om specifieke uitkeringen over te hevelen naar het gemeentefonds en om de vorming van nieuwe specifieke uitkeringen te voorkomen. Jaarlijks wordt bezien of overgang van decentralisatie-uitkering naar de algemene uitkering mogelijk en wenselijk is of dat de looptijd van het beleid is beëindigd en de decentralisatie-uitkering komt te vervallen. Decentralisatieuitkeringen zijn apart zichtbaar binnen het gemeentefonds. Een gemeente ziet dus hoeveel geld er via decentralisatie-uitkeringen beschikbaar is gesteld. Specifieke uitkering Het feit dat gemeenten middelen ontvangen via een integratie of decentralisatie-uitkering betekent niet dat gemeenten over de besteding ervan verantwoording moeten afleggen aan het Rijk. Dit in tegenstelling tot specifieke uitkeringen.

De middelen met betrekking tot de specifieke uitkeringen lopen echter niet via het gemeentefonds. De verantwoording over de besteding van een decentralisatie-uitkering en de integratie-uitkering wordt afgelegd aan de gemeenteraad. Het staat de gemeente vrij deze gelden te bestemmen.

Overzicht uitkeringen gemeentefonds In onderstaand overzicht zijn integratie-uitkeringen en decentralisatie-uitkeringen opgenomen in absolute bedragen die meerjarig verwerkt worden.

2023

2024

2025

2026

Armoedebestrijding kinderen (DU)

8

8

8

8

Extra capaciteit BOA’s

33

33

33

33

Totaal

41

41

41

41

IU/DU (x € 1.000)

Kaderbrief 2023-2026 - 14

5 Financieel meerjarenperspectief 2023-2026 Financieel meerjarenperspectief Het financieel meerjarenperspectief geeft het financieel beeld weer vanaf het moment van vaststelling van de Programmabegroting 2022 tot aan heden. Daarin hebben zich de volgende mutaties voortgedaan: - Raadsbesluiten in de periode tussen vaststelling van de Programabegroting 2022 (november 2021) t/m de raad van 19 mei 2022. - Mutatie als gevolg van de meicirculaire 2022. Deze meicirculaire is afgezet tegenover de meicirculaire van 2021. De gemeente Maasdriel krijgt extra middelen uit het gemeentefonds. In onderstaande tabel wordt het verloop van het begrotingssaldo weergegeven. Voor de mutaties naar aanleiding van de meicirculaire verwijzen wij naar het hoofdstuk 4: Algemene uitkering Gemeentefonds. De toelichtingen op de overige ontwikkelingen zijn onder de tabel gepresenteerd.

Omschrijving (bedrag x € 1.000)

2023

2024

2025

2026

A. Saldo programmabegroting 2022-2025

304

181

135

155

Renovatie en uitbreiding Gelre's End voor AHOED (14-10-2021)

-17

-17

-18

-19

Kasteelplein Hedel (RB 14-10-2021)

-19

-19

-19

-19

Verhoging investering Wordenseweg (RB 04-11-2021)

-250

-259

-24

-23

Investering achterstallig onderhoud wegen (RB 09-12-2021)

-51

-51

-51

-50

-33

-165

23

44

Begrotingssaldo 2022-2025 inclusief vertaling raadsbesluiten periode nov. 2021-juli 2022

B. Mutatie meicirculaire (2022 t.o.v. 2021) Stand meicirculaire 2022

40.079

40.577

41.919

38.656

Meerjarenbegroting 2022-2026

34.958

34.601

34.419

34.419

Saldo meicirculaire 2022

5.121

5.977

7.501

4.237

-833

-1.201

-1.475

-

4.288

4.775

6.026

4.237

Stelpost: onderuitputting Rijksbegroting (20% van accres: trapop-trap-af) Saldo na onderuitputting Verwachte jeugdgelden

-

716

690

227

Taakmutaties (excl. Sociaal Domein)

-84

-81

-82

-82

IU/DU

-41

-41

-41

-41

Kaderbrief 2023-2026 - 15

Omschrijving (bedrag x € 1.000)

2023

2024

2025

2026

Vrij te bestenden middelen na actualisatie circulaire

4.163

5.369

6.593

4.340

Begrotingssaldo 2022-2025 na verwerking meicirculaire 2022

4.130

5.204

6.616

4.384

-382

-382

-382

-382

C. Autonome ontwikkelingen Indexering loonkosten (3,6%) Indexering prijsinflatie (3%)

-506

-506

-506

-506

Impact Gemeenschappelijke regelingen (raad 16-06-2022)

-175

-351

-461

-401

Verwachte meeropbrengst OZB

165

165

165

165

Indicatie financieel effect bestuursrapportage 2022

-400

-400

-400

-400

Totaal ontwikkelingen

-1.298

-1.474

-1.584

-1.524

Eindstand kaderbrief (A+B+C)

2.832

3.730

5.032

2.860

Toelichting op de ontwikkelingen • De indexering loonkosten en de prijsinflatie zijn opgenomen op basis van de cijfers uit de meicirculaire, repsectievelijk 3,6% voor lonen en 3,0% voor prijzen. • De ontwerpbegrotingen en ingediende zienswijzen van de Gemeenschappelijke Regelingen hebben een financieel effect op de begroting 2023. De verwerking is conform raadsvergadering van 16-06-2022. • De meeropbrengst OZB is opgenomen als gevolg van het inflatiecijfer. • De bestuursrapportage laat een nadelig structureel financieel effect zien van ongeveer € 400.000. Op het moment van schrijven van de Kaderbrief wordt de bestuursrapportage opgesteld. Het bedrag betreft een indicatie. Onder andere de CAO 2021-2022 is hierin verwerkt.

Kaderbrief 2023-2026 - 16

6 Beleidsprioriteiten 6.1 Inleiding In dit hoofdstuk doen we u een voorstel voor nieuw beleid vanaf 2023. Op deze manier kunt u in een vroeg stadium nagaan welke wettelijke nieuwe taken we dienen op te pakken en afwegen welke nieuwe ontwikkelingen of investeringen noodzakelijk of gewenst zijn. De beleidsprioriteiten zijn verdeeld in drie lijsten. De eerste lijst betreft autonome ontwikkelingen die onontkomelijk zijn. Deze hebben een wettelijke basis of zijn een gevolg van het bestaande beleid van de gemeente. Vervolgens zijn in lijst 2 beleidsprioriteiten gepresenteerd die aansluiten bij de ambities van de raad. Bij veel van deze onderwerpen is een relatie gelegd met het bestuursakkoord. Nog niet alle elementen van het bestuursakkoord zijn verwerkt. De laatste en derde lijst zijn overige wensen waarmee het college een voorzet doet met invulling van beleidsprioriteiten richting de komende programmabegroting. 6.2 Overzicht beleidsprioriteiten

Nr.

Kaderbrief 2023

2023

2024

2025

2026

Beginsaldo Kaderbrief 2023-2026

2.832

3.730

5.032

2.860

Beleidsprioriteiten autonome ontwikkelingen voortzetting bestaand beleid

1

Stelpost: beheerplan wegen (niveau C) + gebouwenbeheerplan

-400

-400

-400

-400

2

Vergroten storting Reserve ZOR

-100

-100

-100

-100

3

Wet Inburgering

-85

-85

-85

-85

4

Structurele kosten Omgevingswet

-273

-273

-273

-273

-1.294

-1.399

-1.204

-602

750

-

-

-

-750

-

-

-

-25

-25

-25

-25

-2.177

-2.282

-2.087

-1.485

655

1.448

2.945

1.375

5a

Sociaal domein

5b

Vormen egalisatiereserve specifieke casüistiek jeugd

5c 6

Voeden egalisatiereserve specifieke casüistiek jeugd uit algemene reserve Zorg & Veiligheid Totaal autonome ontwikkelingen

Saldo kaderbrief na Beleidsprioriteiten autonome ontwikkelingen voortzetting bestaand beleid

Nr.

Beleidsprioriteiten gerelateerd aan ambities raad

7

Begeleiding welzijn doelgroep KP4 (toeleiding naar arbeidsmarkt)

-25

-25

-25

-25

8

Stelpost: Uitbreiding griffie

-100

-100

-100

-100

9a

Grondzaken (medewerker, uitbreiding capaciteit)

-90

-90

-90

-90

9b

Grondzaken (dekking anterieure overeenkomsten)

45

45

45

45

10

Maasregisseur

-48

-48

-48

-48

11a

Uitbreiding capaciteit handhaving BOA (domein 1)

-55

-55

-55

-55

Kaderbrief 2023-2026 - 17

Kaderbrief 2023 11b

Dekking uitbreiding capaciteit handhaving BOA (Decentralisatieuitkering Rijk)

2023

2024

2025

2026

33

33

33

33

-

-60

-60

-60

12

Stelpost: GVVP (30 en 60 km. Zones)

13

Taalimpulsklas

-50

-50

-50

-50

14

Laaggeletterheid

-50

-50

-50

-50

15

Toekomstcoaching

-50

-50

-50

-50

16

Inclusie (bewustwording)

-10

-10

-10

-10

-400

-460

-460

-460

Subtotaal beleidsprioriteiten gerelateerd aan ambities raad (structureel) 17

ASV subsidieregelingen

-50

-

-

-

18

Project Meer muziek in de klas (periode 2023-2026)

-10

-10

-10

-10

Dekking inzet algemene reserve

60

-

-

-

-

-10

-10

-10

255

978

2.475

905

-

-60

-60

-60

Subtotaal beleidsprioriteiten gerelateerd aan ambities raad (incidenteel)

Saldo kaderbrief na beleidsprioriteiten gerelateerd aan ambities raad

Nr.

Overige beleidsprioriteiten

19

Stelpost: GVVP fase 2 (resterend deel buiten de 30/60 km. zones)

20

Onderwijsontwikkelingen (rijke leeromgeving)

-50

-50

-50

-50

21

Leerplicht

-50

-50

-50

-50

22

Jongerenwerk

-42

-42

-42

-42

23

Buurtsportcoaches

-20

-20

-20

-20

24

Sportief Groot Worden

-

-20

-20

-20

25

Stelpost: Uitvoeringsprogramma De Zandmeren 2030 fase 1

-

-

-87

-87

26

Voeden algemene reserve

-

-250

-250

-250

-162

-492

-579

-579

Overige beleidsprioriteiten (structureel) 27

Actualisatie welstandsnota/ Programma omgevingskwaliteit

-30

28

Extra klompenpad

-40

-

-

-

Dekking inzet algemene reserve

70

-

-

-

Subtotaal overige beleidsprioriteiten (incidenteel)

-

-

-

-

Saldo kaderbrief na Beleidsprioriteiten

93

486

1.896

326

Stelposten De stelposten worden niet toegekend aan de betreffende teams. Het budget wordt gereserveerd in de begroting en kan gebruikt worden ter dekking van toekomstig beleid of effect van een investering (kapitaallasten). Het beleid of krediet moet worden voorgelegd aan de raad ter besluitvorming. Toelichting beleidsprioriteiten 1. Stelpost: beheerplan wegen (€ 300.000) + gebouwenbeheerplan (€ 100.000)

Wegen Vanuit de Wegenverkeerswet heeft de gemeente een zorgplicht voor het goed onderhouden van het wegenareaal dat zij beheert. Dit betreft zowel verhardingen als bermen. Onder de verhardingen vallen de rijbanen, fietspaden, voetpaden, pleinen, parkeervoorzieningen en alle overige (half) verhardingen. Het wegenbeleidsplan 2018-2021

Kaderbrief 2023-2026 - 18

is door de gemeenteraad verlengd tot en met 2022. In het vigerende wegenbeleidsplan is opgenomen dat de verhardingen op kwaliteitsniveau C, laag, beheerd moeten worden. De budgetten hiervoor zijn echter niet meer toereikend, om alle wegen te onderhouden op het kwaliteitsniveau laag is extra budget nodig

Gebouwen In 2019 is het gebouwenbeheerplan 2020-2029 vastgesteld. In afwachting van een nieuwe visie is in dit plan het gemeentehuis niet opgenomen. Hierdoor zijn er geen middelen beschikbaar voor het groot onderhoud van het gemeentehuis. De afgelopen jaren is er geen groot onderhoud uitgevoerd aan het gemeentehuis. Hierdoor loopt de bedrijfsvoering risico’s. De meeste installaties hebben hun vervangingsleeftijd ruim overschreden. Bij falen van de installaties is er op dit moment geen budget beschikbaar om deze te vervangen. Ook voor bouwkundige zaken is geen vervangingsbudget beschikbaar. 2. Vergroten storting reserve ZOR In de begroting is een storting in de bestemmingsreserve voor de ZOR opgenomen van € 400.000 per jaar. De raad heeft vorig jaar ingestemd om deze storting te willen verhogen als de beschikbare middelen van het gemeentefonds hiervoor ruimte bieden. Zie hiervoor de Kaderbrief van 2022. De storting wordt verhoogd met € 100.000 naar € 500.000. 3. Wet inburgering De nieuwe wet Inburgering is in werking getreden. Het doel van deze wet is om statushouders zo snel en goed mogelijk te laten inburgeren, zodat zij in staat zijn om zo snel en volwaardig mogelijk te kunnen participeren. We kiezen er niet voor om de nieuwe Wet inburgering volledig zelf/ lokaal uit te voeren. Het aantal statushouders in Maasdriel dat moet inburgeren, is daarvoor te klein.

Het Rijk heeft de structurele uitvoeringskosten (en uren) die nodig zijn voor de Wet Inburgering laten berekenen. Deze kosten worden door het Rijk vergoed via een integratieuitkering van het Gemeentefonds. De afspraak die gemeenten regionaal maakten is dat iedere gemeente het budget dat het Rijk (via het Gemeentefonds) beschikbaar stelt voor de Wet inburgering één op één overhevelt naar Regio Rivierenland. Regio Rivierenland moet de werkzaamheden uitvoeren binnen de beschikbare financiële middelen. Het Rijksbudget is de komende jaren toereikend, maar Maasdriel heeft de uitvoeringsbudgetten voor de Wet Inburgering vanuit het Gemeentefonds niet geoormerkt voor 2022 en volgende jaren. Dat betekent dat er op dit moment geen dekking aanwezig is, ondanks dat de uitvoering vanuit Regio Rivierenland binnen de door het Rijk beschikbaar gestelde middelen blijft. 4. Structurele kosten Omgevingswet Naar verwachting zal op 1 januari 2023 de Omgevingswet (Ow) in werking treden. Om onze gemeentelijke taken binnen het fysieke domein te kunnen blijven uitvoeren onder de Omgevingswet is het nodig om ons daarop aan te passen. Zo brengt deze stelselwijziging veranderingen teweeg in de wijze waarop gemeenten werken; bijvoorbeeld op de organisatie, de samenwerking in de keten, de (digitale) systemen en de (werk)processen.

Bovengenoemde effecten van de invoering van de Ow, waarop wij weinig invloed kunnen uitoefenen, zorgen voor structurele effecten op de gemeentelijke financiën. We hebben Ecorys een onderzoek laten uitvoeren naar de hoogte van deze structurele financiële effecten. Afhankelijk van de te maken keuzes lopen deze op naar circa € 483.000,-. Vooralsnog stellen we voor om te kiezen voor een voortzetting van het huidige beleid, het huidige dienstverleningsniveau en de reeds gemaakte beleidskeuzes. De structurele kosten voor deze keuze bedragen € 273.000,-. Vooralsnog zijn er vanuit het Rijk enkel gelden vrijgemaakt (meicirculaire) om de invoeringskosten van de Omgevingswet bij gemeenten te compenseren. Mogelijk dat er in de toekomst ook gelden komen om de

Kaderbrief 2023-2026 - 19

structurele effecten te compenseren. Op dat moment kan het genoemde bedrag natuurlijk naar beneden worden bijgesteld of gekozen worden voor een hoger dienstverleningsniveau, wat dus gepaard gaat met hogere kosten. 5. Sociaal Domein Voor het sociaal domein zijn er voor 2023 e.v. geen specifieke beleidsprioriteiten verwerkt. Wel is het van belang te noemen dat in het bestuursakkoord 2022-2026 is opgenomen dat voortaan realistisch begroot wordt voor het Sociaal Domein. Doel hiervan is dat niet, net als in voorgaande jaren, tussentijds het begrotingsbedrag verhoogd moet worden of achteraf middelen nodig zijn uit de algemene reserve. In de jaren 2018 t/m 2022 werd circa € 1 miljoen per jaar lager begroot in de primaire begroting dan de uitgaven in t-1. Voor het jaar 2022 zullen de verwachte werkelijke uitgaven stijgen. De volgende autonome ontwikkelingen zijn hier debet aan: - Stijging van 2,8% voor de contractuele tarieven; - Extra indexatie op tarieven 2022 van 1,13% vanwege loonstijging CAO zorg; - Effecten provinciale inkoop jeugdbescherming (verwachte stijging € 200K (2%)); - Effecten abonnementstarief Wmo (blijvende aanzuigende werking bij onder meer Huishoudelijke Hulp en Begeleiding). Naast het bovenstaande kunnen we concluderen dat de Corona crisis en de (landelijke) problematiek binnen de jeugd GGZ een sterke wissel heeft getrokken op de belastbaarheid van onze inwoners.

Het aantal vragen als ook de ernst van de vragen zijn toegenomen. De kans op incidentele, significante uitgaven bij complexe problematiek neemt daardoor ook toe. We vormen een egalisatiereserve voor specifieke casüistiek jeugd voor een bedrag van € 750.000. Het aantal cliënten dat een beroep doet op deze zorg is onvoorspelbaar en vertoont schommelingen in aantallen en kosten in de periode 2017-2021. We begroten deze incidentele kosten ten dele. Voor een bedrag van € 350.000 per jaar zitten middelen inbegrepen in de budgetvraag van het sociaal domein. We vormen daarnaast een egalisatiereserve om middelen achter de hand te hebben voor extra cliënten binnen deze specifieke casüistiek. Daarmee kunnen we schommelingen opvangen. De egalisatiereserve wordt gevormd door de algemene reserve in te zetten. De egalisatiereserve wordt aangewend indien in een bepaald jaar de voorhanden financiële middelen niet voldoende zijn. Onttrekkingen aan de egalisatiereserve hebben goedkeuring nodig van het college. 6. Zorg & Veiligheid Gemeenten krijgen steeds meer taken op het terrein van zorg & veiligheid. Zo zijn gemeenten verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wet verplichte GGZ (Wvggz) en voor het bieden/ faciliteren van bemoeizorg aan hun inwoners.

De groei van het aantal taken en verantwoordelijkheden op het terrein van zorg & veiligheid leidt ertoe dat het budget hiervoor onder druk staat. De afgelopen jaren is dit met incidentele budgetten opgelost, dit is echter geen structurele oplossing. 7. Begeleiding welzijn doelgroep KP4 De participatiebegeleiding van mensen binnen de doelgroep Klantprofiel 4 (geen reële kansen op betaald werk binnen een periode van 2 jaar) wordt nu nog niet uitgevoerd door Werkzaak Rivierenland, maar vindt lokaal plaats door een trajectbegeleider Welzijn. Maasdriel gaat na de zomer van 2022 in gesprek met Werkzaak over het inrichten (en bepalen van het moment) van de overdracht van de participatiebegeleiding van de KP4 doelgroep. De portefeuillehouder heeft reeds de toezegging gedaan (aan de raad) om ook onze lokale begeleiding op het gebied van welzijn (zoals deze nu bestaat) in de toekomst te behouden. Financieel heeft dit gevolgen. De

Kaderbrief 2023-2026 - 20

overdracht van de KP4 doelgroep naar Werkzaak leidt ertoe dat we 5% van het P-budget moeten overdragen aan Werkzaak. Dit budget zetten we nu in om (een deel van) de kosten van onze trajectbegeleider welzijn te betalen. Mocht er geen dekking voor de inzet van onze lokale trajectbegeleider welzijn komen, dan kan de toezegging van de portefeuillehouder niet worden nagekomen. 8. Stelpost: uitbreiding griffie De start van een nieuwe bestuursperiode is een logisch moment om opnieuw stil te staan bij de rolopvatting van de gemeenteraad, en in bij de ondersteuningsbehoefte die daarbij past. In de komende weken gaat de raad daarover in gesprek. We veronderstellen dat de formatie van de griffie in Maasdriel onvoldoende is om aan de vraag te kunnen voldoen, daartoe zijn in het verleden verschillende onderzoeken uitgevoerd. 9. Grondzaken (medewerker, uitbreiding capaciteit) De afgelopen jaren heeft de gemeente Maasdriel passieve grondpolitiek gevoerd. Door de krapte op de woningmarkt klinkt de roep om een actievere aanpak steeds luider, dat blijkt ook uit het bestuursakkoord. Hier moet een zorgvuldige afweging in gemaakt worden. Daarnaast brengt de aanstaande Omgevingswet veranderingen met zich mee op het gebied van grondbeleid en kostenverhaal. Twee redenen om het huidige grondbeleid en het beleid rond kostenverhaal tegen het licht te houden en te actualiseren.

Dit is nog voorzien in 2022. Met geactualiseerd beleid alleen ben je er echter nog niet. Er dient ook iemand te zijn die dit beleid evalueert en zo nodig actualiseert, en die erop toeziet dat dit beleid wordt uitgevoerd en wordt geborgd in bijvoorbeeld anterieure overeenkomsten en exploitatieplannen. Binnen de organisatie missen we een dergelijke beleidsmedewerker grondbeleid en -zaken. Gelet op de woningbouwopgave waar we voor staan en de wens uit het bestuursakkoord om actieve grondpolitiek toe te passen als dat kansrijk is, achten wij het noodzakelijk om zo’n functie wel in huis te hebben. De salariskosten van zo’n beleidsmedewerker kunnen deels (50%) gedekt worden uit de opbrengsten van anterieure overeenkomsten en grondexploitaties. 10. Maasregisseur Ten behoeve van de essentiële regie op de uitvoering van de projecten in het Masterplan Maas (benoemd als majeur project in het bestuursakkoord) is een Maasregisseur aangesteld. Deze Maasregisseur adviseert, coördineert, bevordert en stroomlijnt de verschillende projecten aan de Maas. Met andere woorden, hij stemt af, bewaakt en jaagt aan. Dit alles moet leiden tot een versterkte positie van Maasdriel aan Maas met betrekking recreatieve en ruimtelijke ontwikkeling. De Maasregisseur is medio 2021 gestart en de inzet is voorzien tot 2026. 11.

Uitbreiding capaciteit handhaving BOA (domein 1) Er zijn momenteel twee fulltime BOA’s domein I in dienst bij de gemeente. Deze worden ingezet op toezicht en handhaving van de APV en een aantal bijzondere wetten, zoals bijvoorbeeld de alcoholwet. In de praktijk betekent dat, dat de BOA’s ingezet worden om toezicht te houden op de bepalingen uit de APV vanuit de meldingen die binnenkomen en op de bepalingen uit vergunningsvoorschriften die op basis van de APV en bijzondere wetten zijn verleend. Daarnaast worden ze ingezet op kleine ergernissen. Door nieuwe bepalingen in de APV op het gebied van de huisvesting van internationale arbeidskrachten wordt van de BOA’s ook gevraagd toezicht te houden op deze groep. De formatie is niet ruim en zowel college als raad geven aan meer controles, meer toezicht en meer handhaving te willen op verschillende gebieden. Met name op het gebied van internationale arbeidskrachten wordt geconstateerd dat huisvesters niet vanzelf voldoen aan de bepalingen in de APV van bijvoorbeeld de verplichting tot het actueel bijhouden van een nachtregister. Extra inzet op Toezicht & Handhaving maakt het opleggen van verblijfsbelasting eenvoudiger en zorgt daarmee voor hogere (structurele) inkomsten van verblijfsbelasting.

Kaderbrief 2023-2026 - 21

Daarnaast hebben we gemerkt dat de kwetsbaarheid van twee BOA’s grote gevolgen kan hebben. BOA’s gaan om veiligheidsredenen bijna nooit alleen op pad. Bij ziekte of uitval van één BOA, valt daarmee bijna alle toezicht en handhaving weg. Een BOA kost op jaarbasis ongeveer €55.000. Er komen nog aanvullende kosten bij zoals een portofoon, kleding e.d. Daar is momenteel geen dekking voor. Een deel van de dekking zal worden gehaald uit de extra opbrengsten verblijfsbelasting. Daarnaast ontvangen we vanuit het Rijk een structureel bedrag van ruim €33.000 voor uitbreiding van de capaciteit van BOA’s domein I. 12. Stelpost: GVVP (30 en 60 km. Zones) De aanleg van 30 en 60 kilometerzones heeft in het Bestuursakkoord hoge prioriteit gekregen. Dit sluit aan bij het in 2019 vastgestelde Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan (GVVP). Diverse wegen zijn al op deze wijze ingericht. Het GVVP kent een 12-jarig uitvoeringsplan, waarvan op dit moment alleen de middelen voor een deel van de eerste periode beschikbaar zijn gesteld. Om bovengenoemde 30- en 60 kilometerzones te realiseren is het noodzakelijk dat de middelen van fase 2 van het GVVP beschikbaar worden gesteld. 13. Taalimpulsklas We werken aan een efficiëntere aanpak van taalachterstanden bij kinderen en volwassenen in de gemeente Maasdriel.

In dat verband is het nodig de inrichting, de organisatie en de beschikbare faciliteiten op een andere manier in te richten. De primaire doelgroep wordt gevormd door kinderen in de leeftijd van 4-12 jaar die de Nederlandse taal nog moeten leren (NT2) en kinderen die door andere oorzaken een taalachterstand hebben opgelopen (NT1). Het doel is om deze kinderen op een efficiënte manier op een niveau te brengen dat past bij hun leeftijd en bij de reguliere groep waar zij onderdeel van zijn. Secundaire doelgroepen kunnen zijn: kinderen in de leeftijd vanaf 12 jaar en/of volwassenen die nog maar kort in Nederland zijn en de Nederlandse taal nog moeten leren. De gemeente en het onderwijs werken nauw samen in planvorming. 14. Laaggeletterdheid Vanaf 2023 worden gemeenten (primair) wettelijk verantwoordelijk voor het bestrijden van laaggeletterdheid. Op dit moment wordt er gewerkt aan een integrale aanpak (van wieg tot graf) van laaggeletterdheid. Er zal worden samengewerkt met de bibliotheek en met maatschappelijke partners zoals Kompas en Welzijn Bommelerwaard. We willen graag een budget van 50.000 euro om daadwerkelijk stappen te kunnen zetten in deze aanpak van laaggeletterdheid. 15. Toekomstcoaching Het project Toekomstcoaching werd in de afgelopen jaren (grotendeels) bekostigd vanuit het regionale Transformatiefonds. Dit fonds eindigt na 2022.

Dat betekent dat we vanaf 2023 geen (structurele) financiële middelen meer hebben voor het product Toekomstcoaching. Toekomstcoaching heeft zich in de afgelopen jaren bewezen als een toegankelijke en laagdrempelige manier van ondersteuning voor jongeren, met een nadrukkelijke preventieve werking. Het zorgt er dus niet alleen voor dat jongeren zich gezien en gehoord voelen, maar ook dat ze snel (en zonder wachttijd) geholpen worden. Daarbij voorkomt het (deels) ook dure gespecialiseerde zorg op de langere termijn. We willen dat Toekomstcoaching één van de standaard ‘tools’ wordt in de ‘toolbox’ van jeugden jongerenwerk / jeugdzorg. Zodat het ingezet kan worden wanneer de situatie daarom vraagt. 16. Inclusie (bewustwording) Met de lokale inclusie agenda beogen we om stap voor stap te werken aan een samenleving die toegankelijk is voor iedereen, waar iedereen zich geaccepteerd en veilig voelt en waar we er allemaal toe doen. In de lokale

Kaderbrief 2023-2026 - 22

inclusie agenda staan bewustwording en ervaringsdeskundigheid centraal. We willen graag investeren in inclusie, om te werken aan acceptatie en bewustwording, niet alleen binnen de gemeente(n), maar ook bij onze inwoners, onze dorpsraden en onze maatschappelijke partners, bij ondernemers en binnen de vele verenigingen en stichtingen die onze gemeente rijk is. Daarnaast willen we graag inzetten op (het benutten van) ervaringsdeskundigheid, om zo (onderdelen van) het inclusievraagstuk een “gezicht” te geven. Zonder budget is het echter niet mogelijk om daadwerkelijk iets in beweging te zetten. 17. ASV subsidieregelingen De Algemene Subsidieverordening (hierna: ASV) van Maasdriel is verouderd en toe aan vervanging. Ook de bijbehorende subsidieregelingen moeten worden herijkt. De Rekenkamercommissie deed in 2021 onderzoek naar het subsidiebeleid van de gemeente. Uit het onderzoek zijn verschillende aanbevelingen gekomen. We willen deze aanbevelingen graag opvolgen en een kwaliteitsverbetering binnen ons subsidiebeleid realiseren. Het aanpassen van de ASV is geen eenvoudige opgave. Daarbij willen we niet kiezen voor een “update” van de verouderde ASV (vrij vertaald: hier en daar een aanpassing doen), we willen een volledig nieuwe en toekomstbestendige ASV maken. We realiseren ons dat bij (grote) inhoudelijke wijzigingen het organiseren van inspraakrondes noodzakelijk is.

Dat betekent dat er veel tijd gaat zitten in dit proces. 18. Project Meer muziek in de klas Sinds 2020 bekostigt de gemeente het project Meer muziek in de klas. Dit project zet in op de duurzame verankering van het muziekonderwijs, belangrijk voor de ontwikkeling van kinderen, door partijen (basisscholen, muziekverenigingen, overheid) met elkaar te verbinden. In november 2019 dienden het CDA, SSM, D66 en de VVD een amendement in dat unaniem werd aangenomen. Daarmee is het project Meer muziek in de klas ( dat aan het einde van het schooljaar 2019/2020 zou aflopen) verlengd. We verlengen het project tot en met 2026. In 2026 evalueren we het project. 19. Stelpost: GVVP fase 2 (resterend deel buiten de 30/60 km. zones) De gemeente is bezig met een inhaalslag om aan te sluiten bij de wegcategorisering zoals deze in Nederland gehanteerd wordt. Deze wegcategorisering komt voort uit het programma ‘Duurzaam Veilig’. Het convenant ‘Startprogramma Duurzaam Veilig’ werd in 1997 door diverse partijen ondertekend, waaronder VNG. Afgelopen 4 jaar zijn, op basis van het in 2019 vastgestelde Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan (GVVP) al diverse stappen gezet. Het GVVP kent een 12-jarig uitvoeringsplan, waar op dit moment alleen de middelen voor een deel van de 1e periode beschikbaar zijn gesteld. Het in 2019 vastgestelde GVVP bevat een uitvoeringsplan met een doorlooptijd van 12 jaar.

Om de realisatie van het in 2019 vastgestelde uitvoeringsplan van het GVVP te realiseren is het noodzakelijk dat de middelen van fase 2 van het GVVP beschikbaar worden gesteld. 20. Onderwijsontwikkelingen (rijke leeromgeving) Op het terrein van Onderwijs zijn er op dit moment veel ontwikkelingen en staan we voor de uitdaging om op verschillende terreinen te investeren. De Lokale Educatie Agenda (LEA) wordt op dit moment opgesteld. Daarin komen allerlei verantwoordelijkheden samen. We willen graag investeren in diverse verbeteringen binnen het onderwijs (in samenwerking met de scholen en Zaltbommel), bijvoorbeeld in het kader van de doorgaande leerlijn en het Nationaal Programma Onderwijs (NPO), dat in het leven is geroepen om corona achterstanden tegen te gaan. We willen voor deze initiatieven graag een budget van 50.000 euro vrijmaken.

Kaderbrief 2023-2026 - 23

21. Leerplicht We willen niet langer uitsluitend de traditionele taken (vooral gericht op handhaving) uitvoeren, maar ook inzetten op preventie en voorlichting. Voor deze extra inzet is naar schatting een extra budget van 50.000 euro nodig. 22. Jongerenwerk We willen graag een beweging “naar de voorkant” maken: preventief werken, potentiële problemen sneller signaleren / in beeld krijgen, met behulp van laagdrempelige interventies er snel bij zijn et cetera. Jongerenwerk (maar dat geldt ook voor buurtsportcoaching) is een instrument waar we goede resultaten mee boeken en waarvan we verwachten dat het effectief is om op langere termijn hoge(re) kosten binnen het Sociaal Domein te voorkomen. Daarvoor is het wel nodig dat we het jongerenwerk voldoende “volume” geven en ervoor zorgen dat ze ook daadwerkelijk van betekenis kunnen zijn. - De inzet van het jongerenwerk (Ricardo Beset) wordt in alle kernen van onze gemeente gewaardeerd. Naast het aanspreken van overlast gevende jongeren op straat organiseert het jongerenwerk steeds meer activiteiten voor een brede doelgroep. De inzet van het jongerenwerk heeft er mede voor gezorgd dat er momenteel geen “zwaar” overlast gevende groepen binnen de gemeente zijn. Ook voor het jongerenwerk geldt dat er maar weinig uren beschikbaar zijn. Met extra uren kan de impact van het jongerenwerk vele malen worden vergroot.

Dat heeft (ook) een positieve invloed op de leefbaarheid binnen de kernen. We stellen voor om de uren voor het jongerenwerk te verhogen van 16 uur naar 32 uur per week. De kosten daarvan bedragen 42.000 euro. 23. Buurtsportcoaches We willen graag een beweging “naar de voorkant” maken: preventief werken, potentiële problemen sneller signaleren / in beeld, met behulp van laagdrempelige interventies er snel bij zijn etc. Buurtsportcoaching is een instrument waar we goede resultaten mee boeken en waarvan we verwachten dat ze effectief is om op langere termijn hoge(re) kosten binnen het Sociaal Domein te voorkomen. We zien een tendens dat onze inwoners minder zijn gaan bewegen, dat de algemene gezondheid van onze inwoners aandacht behoeft en er meer eenzaamheid is. Voor al deze maatschappelijke problemen kan de buurtsportcoach van betekenis zijn. Voor buurtsportcoaching geldt dat het bereik in de afgelopen jaren flink is vergroot. Er doen steeds meer inwoners mee aan de activiteiten die ze organiseren. Maar de impact is (en blijft) beperkt, omdat we op dit moment in onze gemeente in totaal 16 uur per week buurtsportcoaching beschikbaar hebben. Dat is om alle kernen binnen onze gemeente te bedienen. Vanuit veel kanten (inwoners, dorpsraden, onderwijs) komt dan ook de oproep om de uren voor de inzet van buurtsportcoaches te verhogen.

We stellen een urenuitbreiding met in totaal 20 uur per week voor (dus tot 1 FTE). 24. Sportief Groot Worden Maasdriel neemt deel aan het project Sportief Groot Worden. Dit project staat in het teken van een optimale ontwikkelomgeving voor het eigen sport- en beweegtalent van ieder Gelders kind. In de volle breedte: van het in beweging krijgen van mensen tot het ontdekken van sporttalent, het behalen van de top en uiteindelijk via daar weer naar het startpunt door met topsporters anderen te inspireren. In 7 stappen is vastgelegd wat er georganiseerd moet worden, in de school, wijk, club en prestatiesport omgevingen. Voor de uitvoering van dit project zet Maasdriel in 2022 de financiële middelen vanuit het Lokaal Sportakkoord in. Maar het Lokaal Sportakkoord eindigt dit jaar en daarmee eindigen ook de financiële middelen. Daarom vragen we om een jaarlijks uitvoeringsbudget van 20.000 euro vanaf 2024, zodat we de kosten die het project met zich meebrengt (het uitvoeren van de Bloktesten, de buitenruimte beweegvriendelijk maken en ondersteuning van verenigingen) kunnen dekken. Het project Sportief groot worden zien we als het uitvoeringsplan van onze Sportnota, die onlangs is vastgesteld.

Kaderbrief 2023-2026 - 24

25. Stelpost: uitvoeringsprogramma De Zandmeren 2030 De Zandmeren hebben een sterke impuls nodig om het kwaliteitsniveau te verhogen voor de eigen inwoners en om meer toeristen aan te trekken. Daarvoor heeft de raad bij de programmabegroting 2021-2024 al een bedrag van 1 miljoen euro beschikbaar gesteld. Na gedegen onderzoek (inrichtingsplan) is gebleken dat dit bedrag bij lange na niet voldoende is om de ambities waar te maken. De totale benodigde investering wordt geschat op 8 miljoen. Omdat het totale programma zowel financieel als uitvoeringstechnisch te omvangrijk is, wordt hierin een fasering aangebracht. Voor fase 1 en 2 is elk 4 miljoen nodig. Het is wenselijk om een deel van de projecten uit fase 1 zo snel mogelijk uit te voeren. Hiervoor zijn de huidige beschikbare middelen van 1 miljoen euro samen met 100.000 euro aan toegekende subsidie toereikend. Hierover neemt u op 7 juli 2022 ook een besluit. Voor de overige projecten uit fase 1 is nog 2,9 miljoen nodig. Omdat hierover nog definitieve besluitvorming moet plaatsvinden, wordt hiervoor nu een stelpost opgenomen ter hoogte van dat bedrag. 26. Voeden algemene reserve De economische groei in Nederland daalt en de inflatie loopt nog verder op. Werkeloosheid neemt toe en meer mensen zullen een beroep moeten doen op bijstand van de gemeente.

Door oplopende prijzen van grondstoffen en materialen zal ook de uitvoering van gemeentelijke taken duurder worden. Dat alles leidt naar verwachting tot een verslechtering van onze financiële positie. Om hierop te anticiperen willen we jaarlijks een bedrag in de algemene reserve storten. Dit was ook het beleid tot en met 2021. Daarna is de voeding van de algemene reserve gebruikt om de reserve van de ZOR te voeden. We stellen voor om vanaf 2024 weer structureel de algemene reserve te voeden. 27. Actualisatie welstandsnota/ Programma omgevingskwaliteit De huidige welstandsnota dateert van 2004. Het in 2023 opstellen van een aangepast en evenwichtig welstandsbeleid/programma omgevingskwaliteit (passend bij de actuele ruimtelijke context), zodat de gemeente de komende 10 jaar liberaal vooruit kan in de begeleiding en toetsing van welstandsaspecten, is dan ook zeer gewenst. Naast het uiterlijk van bouwwerken kan daarin ook gekeken worden naar landschap, stedenbouw en cultuurhistorie. Een sectorale welstandsnota is namelijk niet meer passend bij de huidige kijk op de fysieke leefomgeving (en de bedoeling van de Omgevingswet). 28. Extra klompenpad (exclusief eventuele cofinanciering van € 20.000) In de Bommelerwaard wordt hard gewerkt aan een dekkend klompenpaden netwerk.

Dit is een populair wandelproduct voor inwoners en bezoekers van onze gemeente die willen genieten van ons prachtig agrarisch landschap. Met genoemd bedrag à € 40.000,- willen we een klompenpad rond Heerewaarden realiseren. Het totaal aantal klompenpaden in de gemeente Maasdriel komt daarmee op vier. Als we komend jaar starten met dit klompenpad dan is er mogelijk nog een cofinanciering (de helft) vanuit de provincie Gelderland te verkrijgen.

Kaderbrief 2023-2026 - 25

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11641889/1