CConstaterende datMaasdriel
Koppel je AI →
Document · PDF

JE Consultancy - rapport begrotingsscan gemeente Maasdriel 15-05-2024

Informatiebijeenkomst 5 juni 2024, gemeente MaasdrielBij agendapunt: presentatie begrotingsscan door JE Consultancy5.325 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BEGROTINGSSCAN MAASDRIEL INZICHT IN UW RUIMTE JE rapporteert

RAPPORTAGE QUICK SCAN BEGROTINGSRUIMTE gemeente Maasdriel maart 2024

Inhoud VERGELIJK MAASDRIEL .................................................................................................................................................................. 3 1.1 OPDRACHT EN VERANTWOORDING......................................................................................................................................... 3 1.2 GEVOLGDE WEG ....................................................................................................................................................................... 3 1.3 INHOUD VAN DE SCAN ............................................................................................................................................................ 5 1.3.1. De vergelijking met andere gemeenten .................................................................................................................... 5 1.3.2 De vergelijking van Maasdriel met zichzelf ............................................................................................................... 5 2. BEGROTINGSANALYSE.............................................................................................................................................................. 6 2.1 VERGELIJKING VAN MAASDRIEL MET ANDEREN OP BEGROTINGSNIVEAU ...............................................................................

6 2.2 DE MEEST LOGISCHE ZOEKRICHTINGEN VOOR EEN REALISTISCHE BEGROTING .................................................................... 8 3. UW REALISATIE NADER BESCHOUWD .............................................................................................................................. 10 3.1 UW JAARREKENINGRESULTATEN ............................................................................................................................................. 10 3.2 UW INVESTERINGSBEGROTING .............................................................................................................................................. 12 3.3 UW VERMOGENSPOSITIE ....................................................................................................................................................... 13 4. CONCLUSIES .............................................................................................................................................................................. 15 4.1 CONCLUSIES INZAKE UW EXPLOITATIE ................................................................................................................................... 15 4.2 CONCLUSIES INZAKE UW BALANS EN VERMOGEN.................................................................................................................

15 4.3ALGEMENE CONCLUSIES NAAR AANLEIDING VAN DE INTERVIEWS......................................................................................... 15 BIJLAGE 1: MAASDRIEL EN DE ANDEREN .............................................................................................................................. 16 BIJLAGE 2: SELECTIE MAASDRIEL ............................................................................................................................................. 17 BIJLAGE 3: FORMATIE-LOONSOM MAASDRIEL .................................................................................................................. 18 BIJLAGE 4: MAASDRIEL TAAKVELDEN .................................................................................................................................... 19 BIJLAGE 5A: MAASDRIEL SCAN................................................................................................................................................ 20 BIJLAGE 5B: HOOGSTE SCORES ............................................................................................................................................... 21 LEESWIJZER .................................................................................................................................................................................... 22

Vergelijk Maasdriel 1.1 Opdracht en verantwoording U heeft ons gevraagd een Quick Scan uit te voeren naar uw begroting en naar de mogelijkeruimte in uw begroting, gelet op de ontwikkelingen inzake het gemeentefonds en de financiële positie van Maasdriel. Hieronder treft u deze – in concept – aan. Het is een quick scan. Dat betekent dat slechts in beperkte mate diepteonderzoek is gedaan. We hebben ons gebaseerd op openbare gegevens en vergelijking met anderen.

1.2 Gevolgde weg De door JE Consultancy gehanteerde methode is de volgende: In een intersubjectieve vergelijking van de producten van de gemeente wordt gezocht naar bezuinigingspotentieel: “Bij welke producten kan, met de meeste vrucht, gezocht worden naar bezuinigingsmogelijkheden?” Alle gemeenten in Nederland geven op dezelfde, gestandaardiseerde, manier hun financiële gegevens door aan het CBS. Dat maakt het mogelijk om –althans op begrotingsbasis- gemeenten te vergelijken. Het Ministerie van BZK verzamelt daartoe al die gegevens in één spreadsheet die voor iedereen raadpleegbaar is1. Deze spreadsheet wordt gewoonlijk de IFLO-scan genoemd, naar de vroegere Inspectie Financiën Lagere Overheden, die de scan ontworpen heeft. In deze spreadsheet kunnen gemeenten met elkaar worden vergeleken op basis van hun grootte, hun sociale structuur en centrumfunctie en op basis van een zelf te maken selectie. De selectie is daarbij het meest relevant. Naast de sociale structuur, centrumfunctie en grootteklasse worden ook de bodemstructuur, éénkernigheid of meerkernigheid, historisch centrum en vooral ook de Algemene Uitkering (uit het Gemeentefonds) per inwoner meegewogen. Gemeenten hoeven geen winst te maken en hebben daarom de neiging om het binnenkomende geld ook uit te geven. Daarom is de hoogte van de inkomsten essentieel voor het uitgavenniveau.

Nu de decentralisaties van het sociaal domein al 8 jaar onderdeel uitmaken van de gemeentelijke begroting, begint zich daar ook enige financieel technische stabiliteit af te tekenen. Elke gemeente in Nederland mag naast of boven de landelijk voorgeschreven verplichte functionele indeling een eigen indeling van de programmabegroting kiezen. Die wijkt voor veel gemeenten af. Dat bemoeilijkt soms een vergelijking. Verschillen zijn steeds zo goed mogelijk aangegeven. Voor 2023 is een verdere detaillering van de taakvelden in het sociaal domein gemaakt. Hoe begrijpelijk en logisch ook, het gaat enige tijd kosten voordat die gegevens weer uitgekristalliseerd zijn. Vergelijking met eerdere jaren wordt niet makkelijker.

Daar moet wel de kanttekening bij worden gemaakt dat niet elke gemeente is even exact in het hanteren van de zgn. Iv3-voorschriften (Informatie voor Derden). In 2015 bij de decentralisaties is de indeling ingrijpend gewijzigd. 1

3

Uit het overzicht ontstaan drie vergelijkingen: met gemeenten in dezelfde grootteklasse, met gemeenten met dezelfde centrumfunctie en sociale structuur en met een eigen selectie. Al deze vergelijkingen hebben alle drie hun eigen waarde op verschillende terreinen. In het overzicht wordt een gewogen gemiddelde gebruikt van deze drie vergelijkingen. De selectie van de meest op Maasdriel lijkende gemeenten wordt met een factor 2 meegeteld, de sociale structuur en centrumfunctie met een factor 1,5 en de grootte met een factor 1. 2 Voor taakveld 0.7 (Algemene Uitkering) is alleen de selectie meegeteld, en voor de taakvelden 0.61 en 0.62 (OZB woningen en niet-woningen) ook de gegevens van de provincie, omdat de meeste gemeenten graag vergeleken worden met de belastingdruk in de provincie. Daardoor ontstaat één kolom per jaar. De spreadsheet is uiteraard uit te klappen voor specifieke vergelijkingen. Na het invullen ontstaat een overzicht van de gesaldeerde baten en lasten van de gemeente per taakveld. JE Consultancy heeft een eigen bewerking van de IFLO-scan gemaakt, waardoor over meerdere jaren een overzicht ontstaat. Daardoor worden incidentele merkwaardigheden sneller zichtbaar. Uit deze bewerking komen twee overzichten, namelijk een overzicht van de formatie en loonsom (en de totale loonkosten per 1.000 inwoners) en een overzicht per taakveld.

Dit overzicht is één van de drie onderdelen van de begrotingsscan die gemaakt wordt. In totaal worden er normaal gesproken vier stappen gezet:

1.

Vergelijk Maasdriel met andere gemeenten die het meest op Maasdriel lijken (want als een gemeente meer geld uitgeeft aan producten dan vergelijkbare gemeenten is de kans dat op daar ruimte te vinden is groter dan wanneer dat niet zo is).

2. Vergelijk de uitgaven van Maasdriel met zichzelf. Waar geeft Maasdriel relatief veel geld aan uit (want de kans dat je kunt bezuinigen op producten waar je veel geld aan uitgeeft, is groter dan op producten waar je weinig aan uitgeeft).

3. Maak een analyse van de politiek bestuurlijke prioriteiten (want als een product een lage politieke prioriteit heeft is de kans dat daar ruimte te vinden is groter dan wanneer iets politiek heel belangrijk is). Deze derde stap heeft Maasdriel niet uit laten voeren.

4. Onderzoek op welke taakvelden Maasdriel gemiddeld veel onderuitputting heeft. Deze stappen monden uit in een begrotingsscan die een beeld geeft van “het financiële DNA” van Maasdriel: hoe zit de uitgavenstructuur in elkaar en waar lijkt ruimte te zitten?

Dat is een enigermate arbitraire aanpassing. In de praktijk is gebleken dat alle drie de elementen (selectie, sociale structuur en grootte hun waarde hebben), de eerste wat meer dan de tweede en die weer wat meer dan de laatste. In bijlage 1 wordt hier verder op ingegaan 2

4

De scan pretendeert geenszins een objectief beeld te geven, daarvoor zijn statistische en vergelijkingsgegevens van gemeenten niet eenduidig genoeg, maar het geeft wel een indruk van de begrotingsruimte van een gemeente en van mogelijke zoekrichtingen. In de scan worden steeds punten toegemeten: de 10 hoogst scorende producten op een onderdeel krijgen 7 punten, de 10 daarna 5, dan 3,2 en 0. Bovendien is de wegingsfactor per onderdeel beïnvloedbaar, zo heeft in de IFLO-scan 2023 een zwaardere weging dan 2022, en 2021 nog minder. De blokken (vergelijking met andere gemeenten en vergelijking met zichzelf hebben elk ongeveer dezelfde totaalweging en tellen dus ongeveer even zwaar mee.

1.3 Inhoud van de scan 1.3.1. De vergelijking met andere gemeenten Voor Maasdriel zijn de volgende gemeenten geselecteerd: Sint-Michielsgestel, Drimmelen, Tubbergen, Buren en Wijk bij Duurstede. Alle vijf zijn het gemeenten met een vergelijkbare sociale structuur en centrumfunctie en met vergelijkbare inwoneraantallen en algemene uitkering. Zie bijlage 2 voor de selectie, bijlage 3 voor de formatie-loonsom en bijlage 4 per functie/taakveld. In de leeswijzer is een toelichting op de bijlagen opgenomen. Voor de vergelijking met de formatie hebben we de gemeenten Sint-Michielsgestel en Tubbergen uit de vergelijking verwijderd. Deze gemeenten hebben verregaande ambtelijke samenwerkingsverbanden met andere gemeenten, waardoor de formatie niet goed vergelijkbaar is. 1.3.2 De vergelijking van Maasdriel met zichzelf In de scan zijn de begrotingscijfers en de jaarrekeningcijfers van Maasdriel opgenomen voor de jaren 20202022(rekening)· en 2019-2023 (begroting). Dit overzicht helpt ook meer gedetailleerd zoekrichtingen te bepalen, omdat de begroting ook op kostensoorten per product is ingericht. Het voorstellen van besparingen op personeelskosten wanneer vrijwel alle kosten van een product uit subsidies bestaan is bijvoorbeeld weinig zinvol. Het totale plaatje is verwerkt in bijlage 5a, het financiële DNA van Maasdriel.

De 25 producten met het hoogste bezuinigingspotentieel staan in bijlage 5b, de top 25. In de begrotingsanalyse wordt gerefereerd aan deze “top 25”. Daar is ook aangegeven wanneer een taakveld/deelprogramma weliswaar in die top 25 lijkt te staan maar waarom er redenen zijn om dat te nuanceren. In paragraaf 2.4 wordt dit verder toegelicht.

5

2. Begrotingsanalyse 2.1 Vergelijking van Maasdriel met anderen op begrotingsniveau In deze paragraaf worden de begrotingscijfers van Maasdriel vergeleken met die van andere, op Maasdriel lijkende gemeenten. Daarbij past de kanttekening dat het om begrotingscijfers gaat en om euro’s per inwoner. Jaarrekeningcijfers kunnen niet vergeleken worden. Helaas worden die niet gepubliceerd. Als in een zin staat dat Maasdriel weinig of veel geld uitgeeft gaat dat altijd over een taakveld of hoofdfunctie in relatie tot vergelijkbare gemeenten. Als het om absolute bedragen gaat wordt dat expliciet vermeld. Net zoals alle Nederlandse gemeenten is ook in Maasdriel de groei van de Algemene Uitkering in de afgelopen 6 jaar enorm geweest: Kreeg Maasdriel in 2017 nog ongeveer € 26.500.000 aan Algemene uitkering, in 2023 is dat ruim € 39.000.000. De voorspelling voor de komende jaren zijn onzeker en hangen sterk af van de kabinetsvorming. Zonder nieuw beleid van een nieuw te vormen kabinet moet Maasdriel in 2026 en volgende jaren rekenen op kortingen die op kunnen lopen tot € 200 per inwoner, in totaal dus € 5.000.000 Overigens stond tegenover die toename van de AU een stevige toename van taken, mn. in het Sociaal Domein.

Die was echter geringer dan de toename van de AU omdat uiteraard op andere terreinen ook kostenstijgingen zijn geweest Maasdriel geeft op nagenoeg alle terreinen aanzienlijk minder uit dan vergelijkbare gemeenten. Vandaar dat we er ook geen breed beeld te geven is van mogelijke begrotingsruimte. . We geven hieronder op een aantal hoofdfuncties wel algemene observaties waarmee u op termijn een effectievere organisatie – met mogelijk te vinden ruimte – zou kunnen realiseren. Daaraan voorafgaand het volgende: Uit de interviews en ons onderzoek rijst het beeld op van een organisatie die onder hoge bestuurlijke druk staat: Er zijn hoge ambities en als er afspraken over die ambities zijn gemaakt worden die heel snel aangevuld met nieuwe ambities. Bestuurlijke doelen worden in begroting en kadernota heel summier beschreven, en de actualiteit gaat voor. Een letterlijk citaat uit de interviews: “En toen was het balboekje gemaakt met afspraken over wat we moesten leveren en vrijwel onmiddellijk werden er bestuurlijk extra taken en ambities bijgedaan.” Tegelijkertijd zijn de budgetten voor reguliere uitgaven heel laag. Het effect is dat er – op alle terreinen – weinig ruimte is voor planmatige uitgaven (structureel onderhoud van wegen en groen bijvoorbeeld). Het is een ervaringswijsheid dat klachtenonderhoud veel duurder (tot wel 5 keer zo veel) is dan regulier onderhoud.

Daarenboven worden er steeds grote kredieten geraamd. De organisatie – die heel druk bezig is om met weinig geld beheer voor elkaar te krijgen – heeft daar helemaal de capaciteit niet voor. Daarmee ontstaat een vicieuze cirkel: bestuurlijke ambities die steeds hoger worden en waarvoor kredieten worden geraamd en een organisatie die daar steeds grotere achterstanden op krijgt.

6

Een organisatie als Maasdriel heeft normaal gesproken capaciteit voor € 5-7 miljoen per jaar voor projecten. Meer kan een organisatie als deze niet aan.3 Een krediet is immers niet alleen maar een simpel project. In deze tijd vraagt een plan voor een weg of gebouw of sportvoorziening uitgebreide voorbereiding qua planning, regelgeving, inspraak, aanbesteding en toezicht. Op dit moment staat voor ca € 50 miljoen aan kredieten geraamd, zowel bestaande als nieuw uit te voeren Hoofdfunctie 0 Bestuur De opbrengst van de OZB woningen is in de loop van de jaren relatief lager geworden. Ontving u in 2017 gemiddeld € 20 minder per inwoner dan vergelijkbare gemeenten, in 2023 is dat € 40 per inwoner. De OZB bedrijven is ongeveer gemiddeld. Hoofdfunctie 2, Verkeer, vervoer en waterstaat Opvallend zijn de lage reguliere budgetten voor wegenonderhoud en verkeer (en openbaar groen Hoofdfunctie 3, Economische zaken In Nederland zijn de tarieven voor toeristenbelasting (verblijfsbelasting zo u wilt) inmiddels gemiddeld € 2,34 in 2024. Dat betekent dat ze in 2025 ongetwijfeld verder zullen stijgen. In Maasdriel is het tarief thans € 1,58 Hoofdfunctie 4, Onderwijs. Uw ambities op het terrein van onderwijshuisvesting zijn omgekeerd evenredig aan het huidige uitgavenniveau.

Dat is niet raar, maar belast de projectcapaciteit van uw organisatie Hoofdfunctie 5, Cultuur en recreatie Op deze hoofdfunctie geeft u ca € 50 per inwoner minder uit dan vergelijkbare gemeenten. Dat is uitzonderlijk weinig en de grote verschillen zitten in openbaar groen en sportaccommodaties Hoofdfunctie 6, Sociale voorzieningen en maatschappelijke dienstverlening Het is nog steeds lastig om uit de begrotingscijfers van gemeenten een gedetailleerd inzicht in het sociaal domein te krijgen. Om velerlei redenen, maar een belangrijke is het feit dat de indeling van taakvelden door het Rijk regelmatig wijzigt. Op hoofdlijnen is het beeld helder: Maasdriel geeft weinig uit, aanzienlijk minder dan vergelijkbare gemeenten Opvallend is dat Maasdriel de bijstand en bijzondere bijstand niet door dezelfde organisatie uit laat voeren (namelijk de bijstand door Werkzaak en de bijzondere bijstand door de eigen organisatie). Dat lijkt tot dubbel werk te leiden. Dat taken verdeeld zijn met regionale samenwerkingsverbanden komt uiteraard vaker voor, maar deze waren we nog niet eerder tegengekomen. Hoofdfunctie 7, Volksgezondheid en milieu Opvallend is dat Maasdriel veel meer geld uitgeeft aan gezondheidszorg dan vergelijkbare gemeenten. Er worden geen specifiek Maasdrielse extra eisen aan de GGD gesteld. We vermoeden dat dit een boekhoudkundige kwestie is.

Maasdriel geeft relatief wat meer uit aan de begraafplaatsen. Dat is geen hard gegeven, maar wel een ervaringsgetal: het is vaker gebleken dat gemeenten per 25.000 inwoners ongeveer € 5-7,5 miljoen ‘aan kan’. Uiteraard zijn er uitzonderingen: gemeenten die al vele jaren gewend zijn om grotere projecten uit te voeren; gemeenten met grote nieuwbouwprojecten (vele honderden woningen) die ze op plekken uit kunnen rollen waar weinig “NIMBY”-bewaren zijn 3

7

Hoofdfunctie 8. Ruimtelijke ordening en volkshuisvesting Opvallend is dat Maasdriel veel lijkt uit te geven aan Ruimtelijke ordening. Lijkt, want dit zijn met name kosten voor de Omgevingsdienst. Na beschouwing daarvan geeft Maasdriel ook hier relatief niet veel uit Bedrijfsvoering Het is lastig vergelijken omdat Maasdriel zowel bij Bedrijfsvoering als bij het sociaal domein samenwerkt met andere gemeenten, waardoor een vergelijking op formatie moeilijk te maken is. Het lijkt er op dat Maasdriel in ieder geval niet minder formatie heeft dan vergelijkbare gemeenten. Wat erg opvallend is geweest tijdens de diverse interviews met uw medewerkers is het volgende Omdat in begroting en kadernota slechts heel beperkt duidelijk wordt wat het bestuur wil, en waar dat wel duidelijk is, de actualiteit de bestuurlijke keuzes overschrijft, is het voor ambtenaren bijna ondoenlijk antwoord te geven op de vraag: wat is er klaar als het jaar om is? Met andere woorden: Bestuurlijke duidelijkheid en consistentie worden node gemist. Dat leidt tot een passieve, volgende organisatie. De organisatie is nogal versnipperd: er zijn nogal wat taken die veel mensen nodig hebben. Inkomsten Maasdriel geeft niet alleen weinig uit, ook de inkomsten zijn laag.

De OZB voor woningen is laag en ook in de loop der jaren steeds lager geworden (het betreft dan de opbrengst; dat is een zuiverder maatstaf dan het tarief). Het tarief voor toeristenbelasting is ook lager dan gemiddeld.

2.2 De meest logische zoekrichtingen voor een realistische begroting In bijlage 5b treft u de “top 25” van meest logische zoekrichtingen aan. Als een taakveld/deelprogramma daarin voorkomt wil dat nog niet meteen zeggen dat bezuinigingen daar ook meteen haalbaar zijn, of zelfs maar logisch. Het feit dat een zoekrichting aangegeven wordt, betekent nog niet meteen dat er ook daadwerkelijk iets gevonden wordt. Soms blijken gegevens bij nader inzien anders te zijn, blijken kostensoorten (kapitaallasten bijvoorbeeld) slechts beperkt of niet beïnvloedbaar, blijken er bestuurlijke afspraken te zijn, of zou er sprake kunnen zijn van kapitaalvernietiging. Soms is het ook duurder ergens mee te stoppen dan ermee door te gaan. Statistieken zijn immers geen harde feiten, maar hooguit indicatoren. We noemen onze scan dan ook intersubjectief: hij vergelijkt. Er zijn ook een aantal correcties doorgevoerd, bijvoorbeeld omdat taakvelden in 2015 zijn samengevoegd, omdat door de aard van de scan kleine producten soms overwogen worden, of omdat onlogisch veel overhead is toegerekend. In de top 25 zitten ook altijd een aantal standaardproducten, gewoon vanwege het volume; denk aan onderwijs, riolen, bijstand en re-integratie, wegen, bestuursorganen, of, als die niet hoog scoort, bestuursondersteuning.

8

Dat zo zijnde: in de scan vallen een aantal zaken op. Mocht het zo ver komen dat u ingrijpend moet bezuinigen: Maasdriel is een gemeente die nauwelijks begrotingsflexibiliteit heeft: Op vrijwel geen taakvelden heeft u veel keuzevrijheid, dat wil zeggen dat de wettelijke verplichtingen voor die taakvelden u ruimte voor keuzes zouden geven. In het kader van deze quick scan is geen onderzoek gedaan naar de vraag of u bedrijfsprocessen fundamenteel anders in zou kunnen richten waardoor er ruimte zou kunnen ontstaan. Gelet op de zeer beperkte budgetten lijkt dat niet erg kansrijk We hebben in het beperkte kader van deze scan geen diepteonderzoek naar besparingsmogelijkheden kunnen doen. Zoekrichtingen zijn ook nauwelijks te geven omdat de gemeente zulke lage budgetten voor haar taken heeft. Wel kunt u de inkomsten verhogen tot een gemiddeld tarief. Dat levert ruim € 1 miljoen op.

9

3. Uw realisatie nader beschouwd Naast een scan op de begroting (en de realisatie) over de jaren 2019 tot en met 2023, hebben wij een analyse uitgevoerd op de jaarrekeningresultaten van afgelopen jaren. Daarbij beoordelen wij het structurele karakter van dit resultaat, inclusief de analyses uit de door uw gemeenteraad vastgestelde jaarstukken.

3.1 Uw jaarrekeningresultaten 6.000 5.000 4.000 3.000 2.000 1.000 -1.000

2019

2020

2021

2022

Primitieve begroting

249

112

9

-499

Gewijzigde begroting

339

785

307

1.129

Realisatie

1.237

1.254

1.428

5.006

Uit de door uw gemeenteraad vastgestelde Jaarstukken over de begrotingsjaren blijkt dat uw gemeente behoorlijke overschotten realiseert ten opzichte van het saldo van de begroting (na wijziging). In onderstaande figuur geven wij deze resultaten weer. Het enkel en alleen kijken naar de jaarrekeningresultaten uit deze begrotingsjaren geeft echter onvoldoende zicht op de structurele ruimte in uw exploitatiebudgetten. Dit vraagt om een correctie van de incidentele baten en lasten om op die wijze inzicht te krijgen in het structurele exploitatieresultaat. Wanneer het gerealiseerde saldo uit de Jaarstukken wordt gecorrigeerd blijkt het volgende resultaat. (bedragen x € 1.000)

2019

2020

2021

2022

Gerealiseerd jaarresultaat

1.237

1.254

1.428

5.006

-/- Incidentele baten & lasten

- 1.211

2.157

215

1.737

Structureel jaarresultaat

2.448

- 903

1.213

3.269

Bovenstaande tabel laat zien dat de gemeente Maasdriel de afgelopen jaren te maken heeft met behoorlijke overschotten in de exploitatie. Voor een groot deel worden deze veroorzaakt door de incidentele baten en lasten die in de jaarstukken staan toegelicht. Echter lijkt er sinds 2019 wel duidelijk een trend zichtbaar dat er sprake is van een toenemende onderuitputting van de structurele exploitatiebudgetten, al zal dat mede een gevolg zijn van de geldstromen inzake Oekraïense vluchtelingen.

Op basis van deze exploitatiecijfers is het wenselijk een verdieping toe te passen op de terreinen waar sprake is van structurele afwijkingen tussen de (gewijzigde) begroting en realisatie. In onderstaande tabel hebben wij deze afwijkingen op hoofdlijnen in kaart gebracht. (Bedragen x € 1.000)

2019

2020

2021

2022

Bestuur •

Mutaties voorziening wethouderspensioenen

•

Leges burgerzaken

-438

-365

256

110 128

Veiligheid Verkeer, vervoer en waterstaat •

Dagelijks- en planmatig wegenonderhoud

52

Economie •

Budgetoverhevelingen

•

Verblijfsbelasting

200 -70

-64

-206

-87

Onderwijs •

Onderwijshuisvesting

-116

•

Peutertoeslag

120

Sport, cultuur en recreatie •

Specifieke Uitkering Stimulering Sport

-109

Sociaal domein •

Samenkracht en burgerpar. | Krachtige kernen

214

•

Inkomensregelingen

•

Bijdrage aan Werkzaak Rivierenland

•

Uitvoering WMO

•

Maatwerkdienstverlening 18+

•

Maatwerkdienstverlening 18-

•

Geëscaleerde zorg 18+

279

•

Geëscaleerde zorg 18-

195

197 159 -104

-586

-182

-80

153

Volksgezondheid en milieu •

Uitvoering water- en Rioleringsplan (WRP)

•

Afvalverwerking

-184 74

-217

-111

Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing •

Ruimtelijke ordening

•

Wonen en bouwen | Legesopbrengsten

-168

•

Bijdrage aan de GR ODR

-106

•

Internationale arbeidskrachten

-306

-419

283

281

283

-112

172 183

11

2019

(Bedragen x € 1.000)

2020

2021

2022

Algemene dekkingsmiddelen •

Algemene uitkering gemeentefonds

762

•

Onroerend zaakbelasting

201

640

739

515

110

Overhead •

Stelpost loon- en prijsstijgingen

•

Personeelsbudgetten

•

Bedrijfsvoeringseenheid Bommelerwaard

•

Dwangsommen (baten)

•

Onderzoek BTW/BCF

190 231

-65

100

69

283 100 304

100

Vennootschapsbelasting Totaal afwijkingen structurele budgetten

559

250

1.081

1.871

Geraamd resultaat (begroot na wijziging)

339

785

307

1.129

Totaal structureel saldo o.b.v. analyse

898

1.035

1.388

3.000

Uit bovenstaande analyse van uw jaarresultaten op hoofdlijnen laten zien dat er sprake lijkt van structureel hogere legesopbrengsten in het kader van de Omgevingsvergunningen, circa € 0,3 miljoen jaarlijks. In 2024 heeft u uw begroting daarop al aangepast. Ook blijkt dat de impact van de circulaires uit het gemeentefonds aanzienlijk is op uw jaarrekeningresultaat. Er is een licht stijgende lijn zichtbaar in de jaarlijkse resultaten. Dat lijkt echter vooral een effect vanwege de huisvesting van Oekraïners in Maasdriel. Zoals bij vele gemeenten leidt dat tot aanmerkelijke overschotten.

3.2 Uw investeringsbegroting Uit de analyse op de jaarstukken maken wij op dat er geen of nauwelijks een onderuitputting op de kapitaallasten, rente en afschrijving, wordt gepresenteerd als verklaring voor de afwijking in het saldo. Dit ondanks de forse overhevelingen van jaarlijkse budgetten op de investeringskredieten die uw raad heeft vastgesteld. De jaarstukken 2019 tot en met 2022 laten het volgende beeld zien Bovendien komt u vaker tussentijds met aanvullingen.: (bedragen x € 1.000)

2019

2020

2021

2022

Geautoriseerde budgetten

32.476

31.430

36.812

47.136

Uitgaven tot en met boekjaar

10.425

12.594

15.459

29.245

Restant kredieten

22.051

18.836

21.353

17.891

Waarvan afgesloten

426

312

3

-1.448

21.625

18.524

21.350

19.339

Restant Lopende kredieten

12

Uit de begroting 2024 blijkt daarnaast dat jaarlijks in het investeringsprogramma hieraan een investeringsbedrag van gemiddeld € 6,5 miljoen aan wordt toegevoegd. In het kader van reëel ramen wordt voor deze investeringen ook externe financiering aangetrokken. Over de afgelopen jaren wordt door de gemeente Maasdriel gemiddeld voor zo’n € 20 miljoen aan investeringsbudgetten meegenomen. Uitgaande van de gehanteerde rente voor de nieuw aan te trekken financiering van deze investeringen van 3% bij de begroting 2024 legt dit een beslag op uw structurele begrotingssaldo van circa € 0,6 miljoen structureel voor alleen de rentekosten. Uitgaande van een gemiddelde levensduur van de activa van 40 jaar kan daarbij nog een bedrag van circa € 0,5 miljoen aan afschrijvingskosten worden geteld. In de jaarstukken 2022 heeft € 3,0 miljoen van de investeringskredieten betrekking op de investeringen in riolering. Als gevolg van de gesloten exploitatie moet deze worden gecorrigeerd op bovenstaande cijfers. Dan resulteert een structureel beslag op het meerjarenperspectief voor de kapitaallasten van circa € 0,9 miljoen. Deze technische beschrijving betekent in de praktijk het volgende: U raamt per jaar € 20 miljoen aan investeringen. Dat kost u aan rente ca € 600.000 en aan afschrijvingen ca € 500.000 per jaar.

Een deel daarvan (€ 3 miljoen aan investering, ca € 200.000 jaarlijks aan rente en afschrijving) wordt toegerekend aan de riolen en verrekend met het rioolrecht Uw investeringsboeggolf die u jaarlijks meeneemt belast uw organisatie zeer. Wij adviseren u deze boeggolf eerst weg te werken alvorens nieuwe ambities op te nemen door eerst de bestaande projecten en budgetten af te ronden.

3.3 Uw vermogenspositie Naast het vinden van ruimte in de exploitatie is het onderzoeken van de ruimte in uw vermogenspositie in de komende jaren ook een van de mogelijkheden om (incidentele) ruimte in uw begroting te creëren voor het realiseren van de ambities en doelstellingen uit het coalitieakkoord. Wanneer we uw vermogenspositie over de afgelopen drie jaren naast elkaar zetten geeft dit onderstaand beeld. (Bedragen x € 1.000)

Rekening 2021

Algemene reserves

Rekening 2022

11.528

Saldo ultimo 20234

12.154

12.050

Bestemmingsreserves

4

Reserve kapitaallasten

5.890

5.709

5.544

Overige bestemmingsreserves

10.555

11.632

13.528

16.445

17.341

Jaarresultaat

1.428

5.006

Saldo eigen vermogen

29.400

34.500

19.072 31.122

Verwacht saldo op basis van de Programmabegroting 2023

13

Bovenstaande laat zien dat uw gemeente over een relatief stabiele vermogenspositie beschikt. Deze blijkt ook meer dan toereikend voor het afdekken van de door u gesignaleerde risico’s. Uit de programmabegroting 2024 blijkt een weerstandsratio van 3,59 en deze is daarmee toereikend. Bij een nadere analyse op de bestemmingsreserves aan de hand van het overzicht van ‘Reserves en voorzieningen’ bij de programmabegroting 2024 blijkt dat er diverse reserves zijn waarvoor in het meerjarenperspectief (2024 tot en met 2027) geen enkele mutatie is voorzien. Dit vraagt om een nadere analyse op het nut en noodzaak van de aanwezige bestemmingsreserves. Dit zijn: • Reserve bovenwijkse voorzieningen (€ 1,7 miljoen) • Reserve Specifieke casuïstiek Jeugd (€ 0,8 miljoen) • Reserve Energiecrisis (€ 0,5 miljoen) • Reserve Beschermd wonen/Maatschappelijke opvang (€ 0,5 miljoen) • Dekkingsreserve Vereveningsfonds sociale woningbouw (€ 0,5 miljoen) Wij begrijpen dat u van plan bent dat in 2024 te doen. Wellicht dat deze reserves, gezamenlijk met het surplus uit de Algemene reserve, ingezet kunnen worden voor de afdekking van eventuele tekorten en/of de afdekking van kapitaallasten voor toekomstige investeringen.

14

4. Conclusies Op grond van de uitgevoerde scan, de gesprekken met uw medewerkers en de ontvangen documentatie hebben we in voorgaande hoofdstukken onze bevindingen gerapporteerd. Samenvattend komen we tot de volgende conclusies. Deze zijn in drie onderdelen verdeeld: conclusies over uw exploitatie, over uw balans en vermogenspositie en enkele aanbevelingen voor uw financiële organisatie

4.1 Conclusies inzake uw exploitatie Binnen uw begroting is nauwelijks tot geen ruimte voor keuzes in de exploitatie. Sterker nog, wij adviseren u om door het maken van een stevig Meerjarenonderhoudsprogramma (MJOP, ook wel IBOR genoemd), de reguliere budgetten voor wegen en groen te verhogen. U heeft daarvoor inmiddels € 300.000 geraamd. Daarmee lijken de ergste noden deels gelenigd.

4.2 Conclusies inzake uw balans en vermogen Maasdriel heeft de afgelopen jaren te maken gehad met overschotten in de exploitatie. Dat heeft ongetwijfeld te maken met de grote toename van de rijksuitkeringen en daarin meer specifiek met de uitkeringen voor Oekraïners. Tegelijkertijd constateren we dat er jaarlijks circa € 20,0 miljoen aan (restant) investeringskredieten worden overgeheveld. Het niet uitvoeren van deze investeringen zorgt structureel voor een claim in de begroting voor de kapitaallasten van deze investeringen. Gecorrigeerd voor het aandeel van riolering, als gevolg van de gesloten exploitatie, bedraagt deze claim circa € 0,9 miljoen (structureel). We adviseren u om de komende tijd zo weinig mogelijk (liefst geen) nieuwe investeringen te ramen.

4.3Algemene conclusies naar aanleiding van de interviews Tijdens de interviews bleek dat sturing van de organisatie vanuit uw bestuur en politiek te weinig zekerheid en duidelijkheid verschaft aan de organisatie. Dat leidt tot een vicieuze cirkel van bijsturen en incidenteel beleid. Uw organisatie heeft behoefte aan bestuurlijke “Reinheid, Rust en Regelmaat”. Dat, in combinatie met de boeggolf aan investeringen en de beperkte capaciteit om dat te realiseren leidt er toe dat we u adviseren om de komende jaren geen nieuwe investeringen of acties te ondernemen of te plannen, maar eerst maar eens te zorgen voor het afmaken van alles wat al op de rol staat. De organisatie kan er niks meer bij hebben. En dat ligt niet aan het feit dat de medewerkers niks willen. Integendeel. De organisatie is daarnaast gebaat bij duidelijker sturing op haalbare en realistische resultaten (vooral niet te veel!), betere planvorming en methodischer werken en bij stabiliteit en continuïteit in het management. Het is van belang een degelijk maar niet te complex (capaciteits-)planningssysteem wordt ingevoerd. In het kader van de opvolging van het bestuurskrachtonderzoek wordt aan beide aspecten momenteel gewerkt.

Bijlage 1: Maasdriel en de anderen Voor het maken van een begrotingsscan van Maasdriel is relevant de selectie van “meest op Maasdriel gelijkende gemeenten”. In casu gaat het dan om financieel het meest op Maasdriel lijkende gemeenten. Omdat gemeenten wel op elkaar lijken, maar nooit hetzelfde zijn, zoek je dan naar kostenstructuren die overeenkomen: waar geven de gemeenten hun geld aan uit en zijn dat herkenbare kosten. Het Ministerie van BZK hanteert voor de begrotingsanalyses de volgende criteria: •

Sociale structuur (het betreft geen waardeoordeel, maar een statistisch gegeven: percentages uitkeringsgerechtigden, jongeren, ouderen boven 75 respectievelijk 85, allochtonen etc.). Daarvoor worden gemeenten in groepen ingedeeld (zwak, matig, redelijk, goed). Overigens is deze factor degene die de hoogte van de Algemene Uitkering het meest beïnvloedt. Maasdriel heeft o.b.v. de CBS-gegevens een goede sociale structuur.

•

Centrumfunctie (alweer: geen waardeoordeel, maar een statistisch gegeven: het drukt de verhouding uit tussen de grootte van de gemeente en die van de omringende gemeenten; hoe dichter bij, hoe meer meegewogen De groepen zijn: zonder, weinig, redelijk en sterk.). Uitgangspunt bij de berekening van het relevante deel van de Algemene uitkering is dat hoe sterker de centrumfunctie is, hoe meer bovengemeentelijke voorzieningen (stadscentrum, theater, sportvoorzieningen) de gemeente heeft en moet bekostigen. Maasdriel heeft geen centrumfunctie in deze zin.

•

Grootte: heeft onder andere effect op de hoeveelheid ambtenaren (of inhuur/uitbesteding). Meer in het algemeen: een kleinere gemeente heeft minder voorzieningen, ook voor de eigen burgers en bedrijven, en daarmee een kleinere organisatie. Gemiddeld heeft een gemeente van 20.000 inwoners zo’n 5-6 ambtenaren per 1.000 inwoners, een 100.000+ gemeente zo’n 8-10 ambtenaren per 1.000 inwoners

•

Algemene Uitkering: gemeenten hoeven geen winst te maken, geven het geld uit dat ze binnen krijgen. Het is altijd verstandig om te zoeken naar gemeenten die een vergelijkbare Algemene Uitkering krijgen.

Daarnaast worden ook de volgende criteria gebruikt: •

Bodemstructuur: Voor de kostenstructuur van een gemeente (riolen, wegen, maar ook bouwkosten) is de bodem relevant: een slappe bodem is duur. Maasdriel heeft een goede bodemstructuur..

•

Meerkernigheid: Meerkernige gemeenten zijn vaak extra geld kwijt aan decentrale voorzieningen.

Om printtechnische redenen worden de bijlagen 2 tot en met 5b los bijgeleverd

16

Bijlage 2: Selectie Maasdriel Zie bijlage

17

Bijlage 3: Formatie-Loonsom Maasdriel Zie bijlage

18

Bijlage 4: Maasdriel taakvelden Zie bijlage

19

Bijlage 5a: Maasdriel scan Zie bijlage

20

Bijlage 5b: Hoogste scores Zie Bijlage

21

Leeswijzer In de diverse tabellen worden kleuren gebruikt en sommige tabellen hebben wat nadere toelichting nodig In bijlage 3 wordt de vergelijking naar formatie en loonsom gemaakt. Als de formatie respectievelijk loonsom wat minder/lager is dan in vergelijkbare gemeenten wordt dat met lichtgroen aangegeven. Als het aanzienlijk minder/lager is, met donkergroen. Hogere formatie en loonsom worden met oranje (hoger) respectievelijk rood (veel hoger) aangegeven. Er is geen exact percentage aan te geven, want het is een mix van de selectiegemeenten, de gemeenten met een vergelijkbare Sociale Structuur en Centrumfunctie (de afkorting is SSCF). In bijlage 4 wordt een vergelijking gemaakt tussen Maasdriel en de andere gemeenten per functie resp. taakveld).. Daarmee ontstaat voor Maasdriel op begrotingsbasis een langjarige vergelijking met anderen. Als een veld rood is, betekent dat dat Maasdriel tenminste € 15 per inwoner méér uitgeeft dan de vergelijkingsgemeenten; bij oranje is dat tussen de € 5 en 15. Als Maasdriel tussen de € 5 en 15 minder uitgeeft dan de vergelijkbare gemeenten is het veld lichtgroen gemaakt; als Maasdriel tenminste € 15 minder uitgeeft donkergroen. Witte velden hebben dus nagenoeg vergelijkbare uitgaven.

De tabel is opgebouwd uit een mix van de vergelijkingsgemeenten die met een factor 2 tellen, alle gemeenten met eenzelfde sociale structuur en centrumfunctie (die 1,5 keer tellen) en de gemeenten in dezelfde groottegroep (1 keer). Voor de lastendruk zijn ook de gemeenten uit de provincie Gelderland 1 x meegeteld). In bijlage 5a (het financiële DNA van Maasdriel) worden per kolom alle producten/taakvelden ten opzichte van elkaar gerankt. De 10 hoogst scorende in de kolom worden rood en krijgen 7 punten, de 10 daarna oranje en 5 punten, dan geel en 3, lichtgroen en 2 en donkergroen en 0 punten. Verder wordt er een wegingsfactor toegepast. De belangrijkste, meest onderscheidende kolommen krijgen een hogere factor. Alle scores worden bij elkaar opgeteld. Daarmee ontstaat bijlage 5b, waarbij de taakvelden van hoog naar laag worden weergegeven.

22

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14221875/1