BP Bijlagen bij de toelichting
Tekst van het document
BESTEMMINGSPLAN BUITENGEBIED HERZIENING 2021, MAARTEN VAN ROSSUMSTRAAT 2A NL.IMRO.0263.BP1231-VG01
vastgesteld
Buitengebied herziening 2021, Maarten van Rossumstraat 2a
Inhoudsopgave Bijlagen bij de toelichting
3
Bijlage 1
Beplantingsplan
4
Bijlage 2
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai
7
Bijlage 3
Bodemonderzoek
34
Bijlage 4
Archeologisch onderzoek
147
Bijlage 5
Quickscan flora en fauna
214
Bijlage 6
Aerius berekening
228
Bijlage 7
Explosievenonderzoek
258
Bijlage 8
Nota zienswijzen
265
(vastgesteld) Buitengebied herziening 2021, Maarten van Rossumstraat 2a NL.IMRO.0263.BP1231-VG01
2 - 274
Bijlagen bij de toelichting
(vastgesteld) Buitengebied herziening 2021, Maarten van Rossumstraat 2a NL.IMRO.0263.BP1231-VG01
3 - 274
Bijlage 1
Beplantingsplan
(vastgesteld) Buitengebied herziening 2021, Maarten van Rossumstraat 2a NL.IMRO.0263.BP1231-VG01
4 - 274
Blad 01/02 Algemeen
B
Opsluitingen
Bestaande bebouwing
Figuratie en markeringen
Opsluitband
Lengtemarkering
Afm. 100x200 mm
Van betonstraatstenen, kleur: wit Type: 0.50 - 0.50 streep
2b
14. 00
4.2 0+
Bla d 02 B Fie l a tse d0 afm nstal 1 . n ling
2b
Toekomstige bebouwing
Afm. 100x200 mm, kwartrond
Groenvoorziening 28
Nieuwe hoogte
.
0
A
1.6
0
0+
1A.
Blad 01 Blad 02
Vo etb a Be Natu l veld (ex lijning urgra 1. s c : He l. 4,0 100x 0 k LE 6 D v werk m uit 4m : lo e Be reg rlicht 108x7 op) in eni ng: g: 20 2m 0 4s tren Lux gen
am
er
edk
4.1 8
am
er
+
4.2 0
3.7
+
8+ Kle
edk
3.8 6+
am
3.8
5+
Kle
edk
er
Ba lle / op nhok sla g
am
er
4.0
8+
1
BS
EH BO m dst assa / rijd g sec e / reta ria
MIV at Be rgin g
01
A
Ha
stu
l
Soorten o.a.: - Corylus avellana - Acer campestre - Cornus mas - Viburnum opulus - Carpinus betulus - Rhamnus frangula - Ligustrum vulgare - Betula pendula
Cs
4.10+ 3.95+ 3.80+
3.78+
3.78+
4.10+ 3.95+ 3.80+
1.2
Rollaag van betontegels
Incl. 2 armaturen per lichtmast Inclusief mast nummer
Verwijderen boom
Afm. 600x400x50 mm Halfsteensverband, kleur: grijs
Nieuwe boom
Van betonstraatstenen 5 strekken KF, kleur: grijs
Ag
Molgoot
Natuurgras
5
ApC Voetbaldoel
Typ
Voetbaldoel
Betontegels
Afm. 7320x2440mm
Afm. 400x600x50 mm Halfsteensverband, kleur: grijs
.
Dug-out
3.77+
Hekwerk en poorten Leunhekwerk
Dug-out
Betonstraatstenen KF
Afm. 4000x1500mm
Afm. 210x105x80 mm Keperverband, kleur: grijs
Leunhekwerk Hoogte 1,10 m Alleen leunbuis
Ps
0+
GtS
3.20
4.0
GtS
GtS
8+
GtS
Grasbetontegels Afm. 400x600x120 mm
Bla Bla d 02 d0 1
4.1
3.70+
ArR
Terreinafrastering
Straatmeubilair
Hoogte 2,00 m
Verkeersbord
Cs
Asfaltconstructie
Incl. flespaal
voorzien van deklaag, kleur: zwart
Terreinafrastering
Bp
Hoogte 2,00 m
Prefab zitelementen
Prefab traptrede
Type 2 : nadere omschrijving
Afm. 1000x400x200 mm
Terreinafrastering Hoogte 1,00 m Voorzien van gaas
3.98+
3.98+
3B.
Symbooltegel "Nr."
Apc
Type B.
4.00+
4.00+
4+
1.2 5
4.04+
4.05+
4.11+
4.05+
Hoogte 5,00 m
Afm. 200x50x80 mm Halfsteensverband, kleur: antraciet
Betonstraatstenen KF
Hoogte 7,00 m
Verzamelput (afvoer)
Afm. 210x105x80 mm Keperverband, kleur: geel
Incl. b.o.b. in meters t.o.v. N.A.P.
Ballenvanger Hoogte 8,00 m
Betonstraatstenen WF
Putdeksel
Afm. 200x50x80 mm Halfsteensverband, kleur: heide
Cs
Incl. streklaag
Trapleuning Type 2 : nadere omschrijving
Figuratiemarkering Van betonstraatstenen, kleur: wit Type : taludmarkering (pianomotief)
SK
SK
Ballenvanger
Ondergrondse infra
4.0
5+
4.1
1+
4.0 5
+
4.0
Ballenvanger
Betonstraatstenen WF
4.00+ Ag
SK
Afm. 300x300x80 mm
28
Optioneel (toegang terrein) Doo rnin gst raa t
3.98+
SK
SK
3A.
03
Brug, door derden
Soorten: ArR Acer rubrum 'Red Sunset' Ag Alnus glutinosa ApC Acer platanoides 'Cleveland' Bp Betula pendula Cs Castanea sativa GtS Gleditsia triacanthos 'Skyline' Ps Prunus sargentii Qp Quercus petratea SjR Sophora japonica 'Regent' TcB Tilia cordata 'Böhlje' TcR Tilia cordata 'Rancho'
Hoogte 1,10 m Voorzien van staafmat
LM
Qp
eB
3.78+
3.70+
Sportverlichting
Verhardingen
2C.
4.10+ 3.95+ 3.80+
Soort: Carpinus betulus
GtS
3.20
8+
Haag
Afm. 400x600x50 mm Halfsteensverband, kleur: grijs
+
4.1
Streklaag van betontegels
Incl. 1 armatuur per lichtmast Inclusief mast nummer
Molgoot
ApC
10. 00
0+
Sportverlichting
ut
0
4.2
Trottoirband 130/150x250 mm Incl. verloopbanden
g-o
4.0
+
2B.
verlaagd
Van betonstraatstenen 10 strekken KF, kleur: grijs
1C.
1+ 3.9
Bosplantsoen
Afm. 130/150x250
7+
SK
3.9
Verloop trottoirband
Kunstgras 4.0
Du
kam
8+
3.70+
Werkgrens/plangrens
Sportveld (-inrichting)
er
SK
Heesters
Afm. 130/150x250 mm Incl. streklagen langs de band
Ps
Ka
4.1
3.78+
s
urs
3.86+
Trottoirband
locatie detail
Bp
ntin e
Be
Detail aanduiding
8+
4.1
3.8 6
ack
+
2B.
3.90+
Sn
4.2 0
3.80+ 3.78+
d
4.0 0+
let
1D.
0+
9+
2A.
3.9 1+
0+ 3.9 SK
Toi
we
4.1
Ba r
r
4.1 8+
1.60
4.90
3.86+
3.90+ SK 3.79+
hte
0+
3.8 0
+
3.86+
3.80+
n
1.80
3.86+
er
Qp
Bp
out
4.1 0 3.9 + 3.8 5+ 0+
3.80+
rec
4
ArR
Ke uke
am
l
Bewerken bodem
Verlichting
Bp
Du g-
8+
SK
edk
4.2
8+
0+
3.79+ SK
Ha
h
4.1
4.1
SjR
2.8
r
let
4.2 0
02
4.00
Fietsenstalling/ opslaghok afm. n.t.b.
hte
Toi
4.1
eid
SjR SjR
0+
Lift
Sch
10.00
rec
O
2
SjR
Kle
Waterpeil watergang
Afm. 150x200 mm Incl. streklagen langs de band
1B.
eid
6+
3.8 5+
er
0+
0+
Sch
3.8
SjR
am
0+
4.2 0
2+
Tec ruim h. te .
m.k
+
3.9
+
edk
er
4.1
4.2
3.7 7
Kle
am
4.2
bie r 2x4 vat m1
4.2
6+
4.1 8+
Uit bez sluit e oek ers nd ten nis
3.8
TcR
gd
edk
Opsluitband
Einde tekening / begin volgend blad
Verlaagde band
+
laa
4.1 0
Kle
3.20
ver
D.
3.7 8+
Bladverwijzing
ApC
+
Kle
Bewerken en inzaaien
Ps
4.1 8
edk
Talud watergang
Afm. 100x400 mm
l
Kle
D'.
+
TcR
Opsluitband
doe
0+
4.2 0+
4.2
er
3.7 7
01
Vo etb al
4.0 8 4.1 + 8+
edk am
Bewerken en inzaaien
A
4.1
Kle
Gras
Afm. 100x300 mm
Profiel aanduiding
2.2
0
Opsluitband
3.80+
.t.b
1.6
Gazonband
Kolk Straatkolk Trottoirkolk
SK
Spelersdoorgang
SK
TK
Brug
Breedte: 1,50 m
Lijngoot
Afm. ntb Door derden
Onderhoudspoort Type A: breedte 3,00 m Type B: breedte 4,00 m
Bp
Uitstroombak ArR
E.
Overstaphek
E'.
Zie detail
F'.
e
F.
S C'.
3.92+
3.93+
3.99+
3.93+
3.92+
3.92+
3.93+
3.99+
3.93+
3.92+
C.
Voetbal veld 2. Kunstgras Belijning: 100x64m (excl. 4,00m uitloop) Hekwerk: 108.30x72.30m LED verlichting: 120 Lux
SK
SK
SK
SK
TcR
Jeugddoel
Enkele poort
4.00+
Breedte ca. 1,50 m Hoogte ca. 1,00 m
Enkele poort Breedte ca. 1,50 m Hoogte ca. 2,00 m
Voetbal veld 3. Natuurgras Belijning: 64x42,5m (excl. 4,00m uitloop) Hekwerk: 72,15x50,5m LED verlichting: 75 Lux Beregening: 3 strengen
n ire
TcR
4.08+
4.08+
4.08+
Jeugddoel
Ag
4.00+
Voetbaldoel
3.70+
3.70+
3.70+
Voetbaldoel
3.79+
SK
SK
SK
SK
ArR
Dubbele poort
Ag
Breedte ca. 4,50 m Hoogte ca. 2,00 m
24
4.00+
83
4.00+
4.
Type A.
3.99+
3.99+
3.99+
3C.
3D.
Type A.
TcR
1.2
5
2.
4.00+
G'.
ArR
1.2 5
3.70+ 3.20+
Ag
Jeugddoel
Jeugddoel
Jeugddoel
Jeugddoel
3.70+
A'.
3.70+
Jeugddoel
3.79+ B'.
Ag
3.20+
2.40+
LM
TcB
TcB
TcB
LM
A.
3.84+
B.
LM
Overzicht van de situatie
TcB
schaal n.v.t.
G.
3.81+
3.80+
3.80+
3.75+
3.86+
3.81+ 3.75+
28
2.40+
3.74+
Herprofileren watergang Waterbreedte ca. 2.00 m (2.84+) Bodempeil: 1.75+ Slib ca. 0.70 m
b
1.75
3.70+
Ag
2D.
3.79+
1.25
3.70+
Dug-out 1.25
3.70+
3.79+
2E.
Dug-out
3.79+
04
VB
Ag
Ag Ag
2F.
3.80+
3.86+
3.80+
3.79+
3.79+
3.80+
3.86+
3.80+
3.79+
3.70+
TcR
Jeugddoel
SK
SK
SK
SK
ArR
Leunhekwerk in de hoek vervangen door een ketting
Ag
Ag
Ag
TcB
TcB
LM
VB
3.79+
3.75+
3.75+
3.70+
3.70+
3.69+
Maarten van Rossumstraat
B01-D01
Gemeente Maasdriel Herinrichting sportpark Den Hoek V.V. HRC'14 te Rossum Bestektekening Nieuwe situatie, Bald 01/02 0 schaal 1:200
5
10
15
20m
Newæ
Adviseurs & Ingenieurs voor de buitenruimte
1680 x 841
1:200
H. Bergmans
03-02-2021
S. van der Wijst
03-02-2021
S. van de Wiel
03-02-2021
17 NW 336 02
17 NW 336 02 BE
DEFINITIEF Amsterdam
Breda
Veghel
Kraanspoor 50 1033 SE Amsterdam
Moskesbaan 8 4823 AH Breda
Poort van Veghel 4933 5466 SB Veghel
Bilthoven
Maastricht
Contactgegevens
Rembrandtlaan 26-A 3723 BJ Bilthoven
Stationsplein 8-K 6221 BT Maastricht
T +31 (0) 85 01 86 532 info@newae.nl
newae.nl
Algemeen
Hekwerk en poorten
Bestaande bebouwing
Leunhekwerk
Gras
Incl. huisnummer/omschrijving
Hoogte 1,10 m Alleen leunbuis
Bewerken en inzaaien
Toekomstige bebouwing
Terreinafrastering
Talud watergang
Incl. huisnummer/omschrijving
Hoogte 2,00 m Voorzien van klim-op
Bewerken en inzaaien
Nieuwe hoogte
Kokoswand
Waterpeil watergang
In meters t.o.v. N.A.P.
Hoogte 2,0m Voorzien van klim-op (Hedera hibernica)
Bewerken bodem
Profiel aanduiding
Ballenvanger
Heesters
Type: 3
Hoogte 5,00 m
Bladverwijzing
Ballenvanger
Bosplantsoen
Einde tekening / begin volgend blad
Hoogte 7,00 m
Detail aanduiding
Ballenvanger
locatie detail
Hoogte 8,00 m
Soorten o.a.: - Corylus avellana - Acer campestre - Cornus mas - Viburnum opulus - Carpinus betulus - Rhamnus frangula - Ligustrum vulgare - Betula pendula
Werkgrens/plangrens
Spelersdoorgang
Haag
Einde werk of einde tekening
Breedte: 1,50 m
Soort: Carpinus betulus
Onderhoudspoort
Verwijderen boom
26
2b
4.08+
4.10+
A
A
Blad 01 Blad 02
4.10+
28
4.10+
4.08+
1E.
1F.
4.08+
1D.
3.80+
Groenvoorziening
01
Type A: breedte 3,00 m Type B: breedte 4,00 m
Straatmeubilair Scorebord
Overstaphek
Type: nader te bepalen
Type : nadere omschrijving
Nieuwe boom Ag
Opsluitingen
Verlichting
Opsluitband Afm. 100x200 mm
1D.
Sportverlichting
2B.
Sportverlichting
Qp Ps
C Ap
Bp
Streklaag van betontegels
Bp
Afm. 400x600x50 mm Halfsteensverband, kleur: grijs
Incl. 1 armatuur per lichtmast Inclusief mast nummer
Soorten: ArR Acer rubrum 'Red Sunset' Ag Alnus glutinosa ApC Acer platanoides 'Cleveland' Bp Betula pendula Cs Castanea sativa GtS Gleditsia triacanthos 'Skyline' Ps Prunus sargentii Qp Quercus petratea SjR Sophora japonica 'Regent' TcB Tilia cordata 'Böhlje' TcR Tilia cordata 'Rancho'
Incl. 2 armaturen per lichtmast Inclusief mast nummer
Rollaag van betontegels Afm. 600x400x50 mm Halfsteensverband, kleur: grijs
Cs
Ps
Natuurgras
Verhardingen 1.25
Betontegels Afm. 400x600x50 mm Halfsteensverband, kleur: grijs
C Ap 4.18+
Voetbal veld 1. Natuurgras Belijning: 100x64m (excl. 4,00m uitloop) Hekwerk: 108x72m LED verlichting: 200 Lux Beregening: 4 strengen
Ps
Doorningstraat
Blad 02 Blad 01 3.9
4.10+
4.10+
4.08+
D. Keuken
Toilet h Snacks Toilet d
4.20+ 4.18+
EHBO / massage / wedstrijdsecretariaat Berging
Bestuurskamer
0 4.0 4
+ .10
Ag
Bestektekening Nieuwe situatie, Blad 02/02
8 4.0
8 3.9
+
4.20+ 4.18+
3A.
4.18+
+
0
MIVA
1: 200
H. Bergmans
03-02-2021
S. van der Wijst
03-02-2021
S. van de Wiel
03-02-2021
17 NW 336 02
17NW33602BE
l
0+ 3.7
3.2
20m
doe
8+
3.7
gd Jeu
Hal
GtS
4.20+
15
Herinrichting sportpark Den Hoek V.V. HRC '14 te Rossum
Ag
+
0+ 4.1 + 5 3.9 0+ 8 . 3
4.18+
4.20+
4.20+
Hal
4.
0+ 4.0
Lift
Scheidrechter 2
+
7 3.7
.
eB
Typ
1189 x 594 00+
2C.
Kantine
3.80+
10.00
Kleedkamer
Gemeente Maasdriel
GtS
Bar
GtS
Kleedkamer
Scheidrechter 1
3.2
8+
3.9
biervat 2x4 m1
Kleedkamer
B01-D02
4.00
Kleedkamer
Kleedkamer
0
GtS
4.10+ 3.95+ 3.80+
Kleedkamer
3.2
4.20+
Bp
GtS
0
4.18+
4.20+
4.20+
1C.
Kleedkamer Ballenhok / opslag
4.18+
4.10+
4.20+
1.60 Kleedkamer
03
4.07+ 4.10+
4.10+
4.20+
4.08+
4.08+
4.18+ 4.10+
1.60
4.08+ 4.18+
Cs
0+
4.0
Dug-out
1B.
1A.
Dug-out
Overzicht van de situatie
4.10+ Type B.
BSO
1.25
8+
D'.
Fietsenstalling afm. n.t.b.
schaal 1:200
Ag
3B.
14.00
Blad 02 Blad 01
10
Afm. 4000x1500mm
Bp
c
5
Dug-out Dug-out
Cs
Ap
0
Afm. 400x600x120 mm (nadere omschrijving)
Afm. 7320x2440mm
Qp
C Ap
Tech. ruimte m.k.
Voetbaldoel Voetbaldoel
Grasbetontegels LM
Voetbaldoel
4.20+
4.20+
4.20+
4.18+
Voetbaldoel
Bp
2.20
Sportveld (-inrichting)
Newæ
Adviseurs & Ingenieurs voor de buitenruimte
DEFINITIEF Amsterdam
Breda
Veghel
Kraanspoor 50 1033 SE Amsterdam
Moskesbaan 8 4823 AH Breda
Poort van Veghel 4933 5466 SB Veghel
Bilthoven
Maastricht
Contactgegevens
Rembrandtlaan 26-A 3723 BJ Bilthoven
Stationsplein 8-K 6221 BT Maastricht
T +31 (0) 85 01 86 532 info@newae.nl
newae.nl
Bijlage 2 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai
(vastgesteld) Buitengebied herziening 2021, Maarten van Rossumstraat 2a NL.IMRO.0263.BP1231-VG01
7 - 274
BUIJVOETS BOUW- EN GELUIDSADVISERING
Akoestisch onderzoek bouwplan M. van Rossumstraat 2a te Rossum.
Adviseur :
ing. Wim Buijvoets
Opdrachtgever :
HRC ’14 P.a. Groenestraat 41 5327 AD Hurwenen
Contactpersoon :
PLANW; mevr. W. Zwanenberg
Datum :
24 maart 2021
Werknummer :
21.016
Hyacinthstraat 101
Telefoon : 0541-532343
mobiel : 06-54763258 Website : www.buijvoets.nl
7572 BB Oldenzaal
Telefax : 0541-532349
banknr : 1791.38.901
KvK Enschede : 08094436
E-mail : info@buijvoets.nl
Alle opdrachten worden aanvaard en uitgevoerd conform de R.V.O.I ’98, incl. wijzigingen en aanvullingen, zoals gedeponeerd ter griffie van de arrondissementsrechtbank te ‘s-Gravenhage op 12-november 1997 (een samenvatting van hoofdzaken is bij ons kantoor opvraagbaar)
INHOUDSOPGAVE
INHOUDSOPGAVE ____________________________________________ I 1
2
INLEIDING ____________________________________________ 1 1.1
Wijzigen bestemmingsplan t.b.v. het bouwplan en de Wet geluidhinder .........1
1.2
Grenswaarden wegverkeer ..............................................................................2
1.3
Berekening geluidbelasting ..............................................................................2
GELUIDBELASTING WEGVERKEERSLAWAAI ____________________ 3 2.1
Verkeerscijfers..................................................................................................3
2.2
Berekening geluidbelasting ..............................................................................3
2.3
Resultaten en toetsing......................................................................................4
BIJLAGEN bladzijde
Plan Maarten van Rossumstraat 2a te Rossum
pagina i
1
INLEIDING In opdracht van HRC ’14 is een akoestisch onderzoek ingesteld naar de geluidbelasting door wegverkeerslawaai op de gevels van het clubgebouw met een maatschappelijke bestemming aan de Maarten van Rossumstraat 2a te Rossum, gemeente Maasdriel. Voor het nieuwe clubhuis zal in het bestemmingsplan de mogelijkheid worden opgenomen om maatschappelijke voorzieningen te realiseren, zodat de mogelijkheid bestaat voor een geluidgevoelige bestemming. Daarbij is gebruik gemaakt van de volgende gegevens : - situatie met positie het gebouw van de opdrachtgever, - verkeersgegevens verkeersmodel Rivierenland voor 2030. De situatie is weergegeven in de tekening in bijlage I.
1.1
Wijzigen bestemmingsplan t.b.v. het bouwplan en de Wet geluidhinder Bij het opstellen van een ruimtelijk plan dient, in verband met de relatie tussen de Wet ruimtelijke ordening (Wro) en de Wet geluidhinder (Wgh), inzicht te worden geboden in de relevante geluidsaspecten. Op basis van artikel 77 van de Wet geluidhinder (Wgh) dient bij vaststelling of herziening van een bestemmingsplan of vaststelling van een projectafwijkingsbesluit een akoestisch onderzoek te worden ingesteld wanneer sprake is van een geluidgevoelige bestemming. De Wgh stelt eisen aan de maximaal toegestane geluidsbelasting ten gevolge van de aanleg van een nieuwe weg en de realisatie van geluidsgevoelige bestemmingen. Het akoestisch onderzoek bepaalt de geluidsbelasting aan de gevel van de geluidsgevoelige bestemming die vanwege de weg/spoorweg en/of industrielawaai wordt ondervonden. Het onderzoek is alleen noodzakelijk als de geluidsgevoelige bestemming binnen de wettelijke geluidszone van de weg/spoorweg/industrieterrein gesitueerd is. Wegverkeer In artikel 74.1 van de Wgh is aangegeven dat wegen aan weerszijden van de weg een wettelijke geluidszone hebben waarvan de grootte is opgenomen in onderstaande tabel. Wettelijke geluidszones van wegen : Aantal rijstroken
stedelijk gebied
buitenstedelijk gebied
1 of 2 rijstroken
200 m
250 m
3 of 4 rijstroken
350 m
400 m
5 of meer rijstroken
350 m
600 m
De zone is gelegen aan weerszijden van de weg en begint naast de buitenste rijstrook. Eventuele parkeerstroken, voet- of fietspaden en vluchtstroken worden niet tot de weg gerekend en vallen binnen de zone. De zone langs een weg omvat het gebied waarbinnen extra aandacht moet worden geschonken aan het geluid afkomstig van de betrokken weg. Binnen een zone moet worden gestreefd naar een akoestisch optimale situatie. Dit betekent dat er bij nieuwe ontwikkelingen, zoals het opstellen van bestemmingsplannen, het verlenen van (individuele) bouwvergunningen en het aanleggen van infrastructurele werken, het akoestische aspect van de plannen direct in kaart moet worden gebracht. Zodoende kan in een vroeg stadium worden onderkend of plannen doorgang kunnen vinden danwel of maatregelen nodig zijn om een akoestisch gunstig klimaat te creëren. Plan Maarten van Rossumstraat 2a te Rossum
pagina 1
De hiervoor genoemde zones gelden niet voor : wegen die zijn aangeduid als woonerf (art 74.2); wegen waarvoor een maximumsnelheid van 30 km/uur geldt (art 74.2). Het gebouw met eventueel een geluidgevoelige bestemming ligt in “buitenstedelijk” gebied binnen de wettelijk vastgestelde geluidszone, als bedoeld in art. 74 van de Wet geluidhinder, van de Maarten van Rossumstraat te Rossum.
1.2
Grenswaarden wegverkeer De voorkeursgrenswaarde voor de geluidbelasting LDEN op de gevels van een geluidgevoelige bestemming t.g.v. een weg bedraagt 48 dB. Onder bepaalde voorwaarden kan, indien voor de geplande bouw een bestemmingsplanwijziging noodzakelijk is, door B & W een ontheffing worden verleend tot een hogere grenswaarde van maximaal 53 dB in “buitenstedelijk” gebied. Om een hogere grenswaarde aan te kunnen vragen moet worden voldaan aan twee voorwaarden : - de optredende geluidbelasting moet lager zijn dan de maximaal toelaatbare gevelbelasting, in dit geval 53 dB (art 83 lid 1 van de Wgh), - de situatie moet passen in het gemeentelijk geluidsbeleid ten aanzien van vaststelling van de hogere grenswaarden. De gemeente Maasdriel heeft geen geluidbeleid en volgt de Wet Geluidhinder. Voor het verkrijgen van een hogere grenswaarde dient voor wegverkeerslawaai de procedure gevolgd. Daarbij hoort de ter visielegging van het akoestisch onderzoek.
1.3
Berekening geluidbelasting De op de woning invallende geluidbelasting LDEN kan worden bepaald met een rekenmodel, volgens het Reken- en Meetvoorschrift Geluidhinder 2012, standaard-methode I of II. In deze situatie is binnen de randvoorwaarden gebruik gemaakt van de rekenmethode II. Deze methoden zijn gebaseerd op het berekenen van de geluidemissie (afhankelijk van het aantal en type voertuigen, het soort wegdek, de rijsnelheid en enkele correctiefactoren) en de geluidoverdracht tussen de weg en de immissiepunten (geplande gevels).
Plan Maarten van Rossumstraat 2a te Rossum
pagina 2
2
GELUIDBELASTING WEGVERKEERSLAWAAI
2.1
Verkeerscijfers Bij het berekenen van de geluidbelasting wordt rekening gehouden met een prognose van de verkeersgegevens voor een weekdag in de toekomstige situatie over minimaal 10 jaar (2031). De weg- en verkeersgegevens voor het jaar 2030 van de M. van Rossumstraat zijn afkomstig van het verkeersmodel Rivierenland (project VRR014/glt/21-9-2018 van Goudappel Coffeng) zoals in tabel I weergegeven en opgenomen in bijlage I. Voor het dag-, avond- en nachtuurpercentage is een kental aangehouden. De prognose voor 2030 is ook representatief voor 2031. TABEL I : overzicht weg- en verkeersgegevens omschrijving
2.2
M. van Rossumstraat
- etmaalintensiteit weekdag 2030
725
- dag/avond/nachtuurintensiteit %
6.8/3.2/0.7%
- percentage lichte motorvoertuigen
95/97/95%
- percentage middelzw vrachtwagens
3/2/3%
- percentage zware vrachtwagens
2/1/2%
- wettelijke rijsnelheid km/uur
60
- wegdek
DAB
Berekening geluidbelasting Berekend is de invallende geluidbelasting LDEN bij de geplande geluidgevoelige bestemming, dat is de gemiddelde geluidbelasting van de dag, avond en nachtperiode. Toetsing van de geluidbelasting aan de grenswaarden gebeurd volgens de Wgh per weg. Alvorens de geluidbelasting te toetsen aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB mag de berekende waarde op grond van art. 110g van de Wet geluidhinder worden verminderd (i.v.m. het stiller worden van motorvoertuigen) met 5 dB voor wegen met een wettelijke maximum snelheid tot 70 km/uur. De geluidbelasting is berekend conform het gestelde in het “Reken- en meetvoorschrift geluidhinder 2012” ex art 110d van de wet geluidhinder, methode II. In het rekenmodel (DGMR-Geomilieu V4.50) zijn schematisch opgenomen : - de wegen met intensiteiten, - de bouwblokken, objecten en verharde bodemgebieden (algemene bodemfactor =1), - een grid van waarneempunten met een waarneemhoogte van 1.5 m boven het maaiveld waaruit een geluidcontour is berekend. Voor de rekenmodelgegevens en resultaten wordt verwezen naar de berekening in bijlage I.
Plan Maarten van Rossumstraat 2a te Rossum
pagina 3
2.3
Resultaten en toetsing De 48 dB geluidcontour LDEN incl. 5 dB aftrek t.g.v. de Maarten van Rossumstraat ligt op ca 14 m uit de as van deze weg. De accommodatie ligt ruim daarbuiten waarmee de voorkeursgrenswaarde niet wordt overschreden en voor het aspect wegverkeerslawaai sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.
Ing. Wim Buijvoets.
Plan Maarten van Rossumstraat 2a te Rossum
pagina 4
BUIJVOETS BOUW- EN GELUIDSADVISERING
Bijlage I Situatieschets, kaart etmaalintensiteit modelgegevens wegverkeerslawaai
Plan Maarten van Rossumstraat 2a te Rossum
135 127
135 127
13 5 12 7
202 1 98
1 67 1 63 2 29 9 29
36 35 6 9
locatie
0 39 4 40
441 543
23 9 23 3
6 36 9 35
36 35 6 9 391 44 1 500 543 570 642 38 3 34 6
441 543
3 38 71 0
29 31 2 5
29 31 2 5
57 8 683
18 19 90 17
16 17 86 03
69 45 0 1
8 57 3 68
4 02
20 3 394
5 26
390 0 39 345 3 45 6 34 3 52 5 4 32 30 0 41 40 2501 404 19 195 4 44 3 42 322 31 9
490 556 8 2 66 3 1 73 1 3 5 1
4 44 3 42
57 0 2 64
84 52 7 5
3 38 6 34
38 0 42 2 3 71 6 49 1 343 3 262 37 0 42 384 8 44444 1 38 16 22 1 423 19 6 18 1132 32 2 2 35 5 269 2 13 1 8 957 468 674 1 3 468 1 2 4 2 3 7 8 14 4 5 6 6 3 690 41 6 5 1 44 6 4 451 336 35 6 0 1 4 8 72 888 6 2 78 8 1 8 0 126 5 36 3 1 6 683 12 50 0988 138 04 1 2 6 1 8 13 31 18 143 1 6 2 1 5 3 29 5 2 1 6 2 31 81350 0 14 5 0 29 15 2 51 42 6 4 42
866 1104
449 447
16 14 8 0
40 39
207 201
524 522
484 484
13 7 142
40 39
9 23 33 2
19 18 1 7
3
3
16 16
20 0 4 1 90 3
20 4 1 9 130 4 03 7
47 50 90 75
4 210307 4 1 903
28
5 5
47 50 9 0 75
4
122 4 1288
122 4 9 5 1288100293 9 2 95 245 10 9
32 2 64 33 2 79
4 1 37 69 1 659 9 3
9481
28 18 4
91 55
1254 1320
51 42 46 42
33 35
12 0 112
484 484
3
5 13 7 12
3
3
19 3 19
rekenparameters Rapport: Model:
Lijst van model eigenschappen model
Model eigenschap Omschrijving Verantwoordelijke Rekenmethode
model Wim #2|Wegverkeerslawaai|RMW-2012|
Aangemaakt door Laatst ingezien door Model aangemaakt met
Wim op 12-2-2021 Wim op 24-3-2021 Geomilieu V4.50
Dagperiode Avondperiode Nachtperiode Samengestelde periode Waarde Standaard maaiveldhoogte Rekenhoogte contouren Detailniveau toetspunt resultaten Detailniveau resultaten grids Zoekafstand [m] Max. reflectie afstand tot bron [m] Max. reflectie afstand tot ontvanger [m] Standaard bodemfactor Zichthoek [grd] Maximale reflectiediepte Reflectie in woonwijkschermen Geometrische uitbreiding Luchtdemping Luchtdemping [dB/km] Meteorologische correctie Waarde voor C0
07:00 - 19:00 19:00 - 23:00 23:00 - 07:00 Lden Gem(Dag, Avond + 5, Nacht + 10) 0 1,5 Bronresultaten Groepsresultaten ---1,00 2 1 Ja Volledige 3D analyse Conform standaard 0,00; 0,00; 1,00; 2,00; 4,00; 10,00; 23,00; 58,00 Conform standaard 3,50
Geomilieu V4.50
24-3-2021 23:18:10
modelgegevens Model: Groep:
Naam 1
model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012
Omschr. M. van Rossumstraat
Geomilieu V4.50
ISO_H 0,00
ISO M. 0,00
Hdef. Relatief
Type Verdeling
Cpl False
Cpl_W 1,5
Helling 0
Wegdek W0
V(MR(D)) --
V(MR(A)) --
24-3-2021 23:17:21
modelgegevens Model: Groep:
Naam 1
model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012
V(MR(N)) --
V(MR(P4)) --
Geomilieu V4.50
V(LV(D)) 60
V(LV(A)) 60
V(LV(N)) 60
V(LV(P4)) --
V(MV(D)) 60
V(MV(A)) 60
V(MV(N)) 60
V(MV(P4)) --
V(ZV(D)) 60
24-3-2021 23:17:21
modelgegevens Model: Groep:
Naam 1
model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012
V(ZV(A)) 60
V(ZV(N)) 60
Geomilieu V4.50
V(ZV(P4)) --
Totaal aantal 725,00
%Int(D) 6,80
%Int(A) 3,20
%Int(N) 0,70
%Int(P4) --
%MR(D) --
%MR(A) --
%MR(N) --
24-3-2021 23:17:21
modelgegevens Model: Groep:
Naam 1
model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012
%MR(P4) --
%LV(D) 95,00
Geomilieu V4.50
%LV(A) 97,00
%LV(N) 95,00
%LV(P4) --
%MV(D) 3,00
%MV(A) 2,00
%MV(N) 3,00
%MV(P4) --
%ZV(D) 2,00
%ZV(A) 1,00
%ZV(N) 2,00
%ZV(P4) --
MR(D) --
24-3-2021 23:17:21
modelgegevens Model: Groep:
Naam 1
model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012
MR(A) --
MR(N) --
Geomilieu V4.50
MR(P4) --
LV(D) 46,84
LV(A) 22,50
LV(N) 4,82
LV(P4) --
MV(D) 1,48
MV(A) 0,46
MV(N) 0,15
MV(P4) --
ZV(D) 0,99
24-3-2021 23:17:21
modelgegevens Model: Groep:
Naam 1
model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012 ZV(A) 0,23
Geomilieu V4.50
ZV(N) 0,10
ZV(P4) --
LE (D) 63 71,92
LE (D) 125 79,96
LE (D) 250 85,83
LE (D) 500 92,11
LE (D) 1k 98,64
LE (D) 2k 95,05
LE (D) 4k 88,24
24-3-2021 23:17:21
modelgegevens Model: Groep:
Naam 1
model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012
LE (D) 8k 77,93
LE (A) 63 67,91
Geomilieu V4.50
LE (A) 125 75,89
LE (A) 250 81,49
LE (A) 500 88,23
LE (A) 1k 95,21
LE (A) 2k 91,60
LE (A) 4k 84,78
LE (A) 8k 74,18
LE (N) 63 62,04
24-3-2021 23:17:21
modelgegevens Model: Groep:
Naam 1
model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012
LE (N) 125 70,08
Geomilieu V4.50
LE (N) 250 75,96
LE (N) 500 82,23
LE (N) 1k 88,76
LE (N) 2k 85,18
LE (N) 4k 78,37
LE (N) 8k 68,06
LE (P4) 63 --
LE (P4) 125 --
24-3-2021 23:17:21
modelgegevens Model: Groep:
Naam 1
model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012
LE (P4) 250 --
Geomilieu V4.50
LE (P4) 500 --
LE (P4) 1k --
LE (P4) 2k --
LE (P4) 4k --
LE (P4) 8k --
24-3-2021 23:17:21
modelgegevens Model: Groep:
Naam
model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Grids, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012
Omschr.
Hoogte 1,50
Geomilieu V4.50
Maaiveld 0,00
DeltaX 5
DeltaY 5
24-3-2021 23:17:21
modelgegevens Model: Groep:
Naam 1
model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Toetspunten, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012
Omschr.
Maaiveld 0,00
Geomilieu V4.50
Hdef. Relatief
Hoogte A 1,50
Hoogte B --
Hoogte C --
Hoogte D --
Hoogte E --
Hoogte F --
Gevel Ja
24-3-2021 23:17:21
modelgegevens Model: Groep:
Naam 1 1
model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Bodemgebieden, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012
Omschr. verharding M. van Rossumstraat -- 3,00m (L/R)
Geomilieu V4.50
Bf 0,00 0,00
24-3-2021 23:17:21
modelgegevens Model: Groep:
Naam 1
model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Gebouwen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012
Omschr. clubgebouw
Geomilieu V4.50
Hoogte 3,00
Maaiveld 0,00
Hdef. Relatief
Gebruiksfunctie
Cp 0 dB
Zwevend False
Refl. 63 0,80
Refl. 125 0,80
Refl. 250 0,80
24-3-2021 23:17:21
modelgegevens Model: Groep:
Naam 1
model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Gebouwen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012
Refl. 500 0,80
Refl. 1k 0,80
Geomilieu V4.50
Refl. 2k 0,80
Refl. 4k 0,80
Refl. 8k 0,80
24-3-2021 23:17:21
Bijlage 3
Bodemonderzoek
(vastgesteld) Buitengebied herziening 2021, Maarten van Rossumstraat 2a NL.IMRO.0263.BP1231-VG01
34 - 274
Bodem en Bouwstoffen
Verkennend Bodemonderzoek Doorningstraat - Maarten van Rossumstraat Rossum rapport 3488R005-2
datum: opdrachtgever:
21 februari 2020 Newae, Poort van Veghel 4933, 5466 SB Veghel.
Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en / of openbaar gemaakt zonder schriftelijke toestemming van Archimil BV. Op al onze werkzaamheden zijn de algemene leveringsvoorwaarden van toepassing, zoals gedeponeerd bij de Kamer van Koophandel te Eindhoven, onder nummer 17159750.
21 februari 2020 rapportnummer: 3488R005-2
I
VERANTWOORDING
P. Heesakkers Adviseur
Ing. B. van den Bosch Teamleider
Archimil B.V. Koningsplein 18, 5721 GJ Asten, Tel.nr. 0493-671818 – Faxnr. 0493-671800, Email: info@archimil.nl Archimil BV, Laagheidehof 5, 5804 XB Venray, telnr. 0478-515736 Rabobank Iban NL70RABO01636.28.580, Kvk nr. 17159750
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
21 februari 2020 rapportnummer: 3488R005-2
II
SAMENVATTING Voor een verklaring van de gebruikte terminologie met betrekking tot eventuele verontreinigingen verwijzen wij naar de ‘circulaire bodemsanering 2013’ en het ‘besluit bodemkwaliteit’. Op een terrein aan de Doorningstraat - Maarten van Rossumstraat te Rossum is een verkennend bodemonderzoek en een verkennend onderzoek naar het voorkomen van asbest uitgevoerd zoals voorgeschreven in de Nederlandse norm NEN 5740 en NEN 5707. De geografische gegevens van de onderzoekslocatie staan weergegeven in het volgende overzicht: Gemeente
Maasdriel
Adres
Doorningstraat - Maarten van Rossumstraat te Rossum
Kadastraal
Sectie: D
Nr: 780 + 781 + 1361
Coördinaten
X: 150.790
Y: 424.275
Oppervlakte onderzoekslocatie
circa 31610 m2
Het onderzoek is uitgevoerd op basis van de resultaten van het vooronderzoek van de onderzoekslocatie en de directe omgeving. Op basis van de in het vooronderzoek verzamelde gegevens is de toplaag van de locatie als heterogeen verdacht voor bestrijdingsmiddelen beschouwd. Voor het overige is uitgegaan van een onverdachte locatie. Veld- en laboratoriumwerkzaamheden zijn derhalve uitgevoerd conform de strategie onverdacht uit de NEN 5740 en NEN 5707. Uit het onderzoek volgt dat de asfaltverharding van de parkeerplaats een gemiddelde dikte heeft van 5,33 cm. Derhalve zal bij de verwijdering circa 141,25 m3 ofwel circa 353 ton asfalt vrijkomen, welke nietteerhoudend is. Onder de asfalt- en klinkerverharding is een fundering van betongranulaat / staalslakken en baksteen aanwezig. In de bovengrond van de voetbalvelden wordt sporadisch een bijmenging met baksteen aangetroffen, welke niet als asbestverdacht wordt beschouwd. Op het maaiveld van en direct rondom de verhardingen is geen asbest aangetroffen. In de grove fractie (>20 mm) van de inspectiegaten is visueel geen asbest aangetroffen. In één van de mengmonsters van de fijne fractie is in beperkte mate asbest aangetoond, ruimschoots onder de grens voor nader onderzoek. Derhalve kan de onderzochte locatie als onverdacht voor een verontreiniging met asbest worden beschouwd.
Het mengmonster van de grond uit de bovenlaag (0-0,25 m-mv) van het noordwestelijke terrein is licht verontreinigd met DDD, DDE, DDT en PAK’s. De lichte verhogingen met DDE en DDT komen overeen met de verwachting op basis van de bodemkwaliteitskaart. Het mengmonster van de grond uit de bovenlaag (0-0,25 m-mv) van het zuidelijke deel van de voetbalvelden is licht verontreinigd met DDD en DDE. De mengmonsters van de resterende bovengrond van de voetbalvelden zijn niet verontreinigd met één van de componenten waarop is onderzocht.
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
21 februari 2020 rapportnummer: 3488R005-2
III
Van de mengmonsters van de bovengrond is het gehalte aan PFAS bepaald. De bovengrond van het noordwestelijk terrein is licht verontreinigd met PFOA. In de overige mengmonsters is een gehalte PFOS en PFOA aangetroffen onder de achtergrondwaarden uit het tijdelijk handelingskader (d.d. 29-11-2019). De grond uit de bodemlaag onder de funderingslagen (0,35-0,80 m-mv) is zeer licht verontreinigd met nikkel. De resterende grond uit de onderlaag (0,4-1,5 m-mv) is niet verontreinigd met één van de componenten waarop is onderzocht. Het grondwater is diffuus licht verontreinigd met barium. De hypothese heterogeen verdachte locatie kan voor bestrijdingsmiddelen in de toplaag van de bodem worden aangenomen op basis van de onderzoeksresultaten. De hypothese niet-verdachte locatie kan voor ondergrond en het grondwater worden aangenomen op basis van de onderzoeksresultaten. Naar aanleiding van bovenstaande conclusies merken wij op dat er ons inziens, op basis van de onderzoeksresultaten, geen restricties gesteld te worden aan toekomstige bouwactiviteiten op de onderzochte locatie. De lichte verontreinigingen in de bovengrond en het grondwater vormen geen aanleiding tot het instellen van een nader onderzoek. De aanwezigheid van bovengenoemde componenten vormt, gezien de concentraties, vanuit milieuhygiënisch oogpunt, geen bezwaar.
Indien, bijvoorbeeld bij bouwactiviteiten, grond vrijkomt die op een andere locatie zal worden hergebruikt dan dient bepaald te worden of wat de kwaliteit is in het kader van het besluit bodemkwaliteit.
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
21 februari 2020 rapportnummer: 3488R005-2
IV
INHOUDSOPGAVE SAMENVATTING 1
INLEIDING EN DOEL VAN HET ONDERZOEK ................................................................................ 1
2
VOORONDERZOEK ......................................................................................................................... 3 2.1 GEOGRAFISCHE GEGEVENS.......................................................................................................... 3 2.2 HUIDIG EN VOORMALIG BODEMGEBRUIK ........................................................................................ 3 2.2.1 Bodemonderzoeken........................................................................................................... 5 2.3 TOEKOMSTIG GEBRUIK .............................................................................................................. 5 2.4 BODEMOPBOUW EN (GEO-)HYDROLOGIE ......................................................................................... 5 2.4.1 Algehele bodemkwaliteit................................................................................................... 6 2.4.2 PFAS................................................................................................................................ 6 2.5 CONCLUSIE VOORONDERZOEK ..................................................................................................... 6
3
OPZET EN UITVOERING VAN HET ONDERZOEK.......................................................................... 8 3.1 3.2 3.3 3.4
VOORONDERZOEK EN LOCATIE-INSPECTIE ...................................................................................... 8 OPZET BODEMONDERZOEK ......................................................................................................... 8 ANALYSEPAKKETTEN .............................................................................................................. 10 UITVOERING BODEMONDERZOEK ................................................................................................ 10
4
WIJZE VAN BEOORDELEN EN INTERPRETATIE ........................................................................11
5
RESULTATEN...............................................................................................................................12 5.1 ASFALTONDERZOEK ................................................................................................................ 12 5.2 ASBESTONDERZOEK ................................................................................................................ 12 5.2.1 Maaiveldinspectie ........................................................................................................... 12 5.2.2 Veldwerk ........................................................................................................................ 13 5.2.3 Resultaten laboratoriumonderzoek .................................................................................. 13 5.2.4 Conclusie asbestonderzoek ............................................................................................. 13 5.3 VERKENNEND BODEMONDERZOEK .............................................................................................. 14 5.3.1 Veldwerk ........................................................................................................................ 14 5.3.2 Veldwerk grondwater .....................................................................................................
14 5.3.3 Grondmengmonsters ....................................................................................................... 14 5.3.4 PFAS.............................................................................................................................. 15 5.3.5 Grondwatermonsters ...................................................................................................... 16
6
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ...........................................................................................17
TABELLEN ...........................................................................................................................................18
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
21 februari 2020 rapportnummer: 3488R005-2
V
Bijlage 1 ............................................................................................................ overzichtstekening Bijlage 2 .................................................................................................................. vooronderzoek Bijlage 3 ............................................................................................................locatie en boringen Bijlage 4 ........................................................................................................................ boorstaten Bijlage 5 ............................................................................................................. analyseresultaten Bijlage 6 ........................................................................................................................ referenties
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
21 februari 2020 rapportnummer: 3488R005-2
1
1
INLEIDING EN DOEL VAN HET ONDERZOEK
In verband met de geplande herontwikkeling aan de Doorningstraat - Maarten van Rossumstraat te Rossum is door Newae schriftelijk opdracht verleend om een verkennend bodemonderzoek op bovengenoemde locatie uit te voeren. Het doel van het verkennend bodemonderzoek bestaat uit het verkrijgen van inzicht in de kwaliteit van de grond en het freatische grondwater op het te onderzoeken terrein. Voor de milieuhygiënische verklaring kan dit onderzoek dienen als bewijs voor de kwaliteit van de ontvangende bodem (Regeling bodemkwaliteit artikel 4.3.4) in het kader van het Besluit Bodemkwaliteit. Het doel van het verkennend onderzoek naar asbest is om, met een relatief geringe onderzoeksinspanning, na te gaan of de verdenking van (bodem)verontreiniging met asbest terecht is. Het onderzoek is uitgevoerd op basis van NEN 5740 [2] en NEN 5707 [12] conform de BRL2000 met bijhorende protocollen van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsboring Bodemonderzoek [3]. De grondmengmonsters en het grondwatermonster zijn geanalyseerd op de parameters welke opgenomen zijn in het NEN-pakket of op eventueel verdachte componenten. De analyseresultaten zijn getoetst aan de achtergrond-, streef- en interventiewaarden, zoals vermeld in de Circulaire bodemsanering 2013 [8].
Het rapport is als volgt opgebouwd: Hoofdstuk 2 geeft een beschrijving van de verzamelde gegevens van de onderzoekslocatie en/ of de daaromheen liggende percelen, welke tijdens het vooronderzoek naar voren zijn gekomen. De opzet en uitvoering van het onderzoek worden besproken in hoofdstuk 3. In hoofdstuk 4 wordt het toetsingskader van de resultaten gepresenteerd waarna in hoofdstuk 5 de gevonden resultaten besproken zullen worden. Tot slot worden in hoofdstuk 6 de conclusies besproken en worden enkele aanbevelingen gedaan. De in de tekst aangehaalde literatuurbronnen zijn opgenomen in bijlage 6. Contactpersoon voor de opdrachtgever was de heer R. Bouten.
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
21 februari 2020 rapportnummer: 3488R005-2
2
Luchtfoto onderzoekslocatie en omgeving
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
21 februari 2020 rapportnummer: 3488R005-2
2
3
VOORONDERZOEK
Het vooronderzoek met betrekking tot het bodemonderzoek is uitgevoerd op het standaardniveau, conform NEN 5725. Het vooronderzoek heeft zich gericht op de onderzoekslocatie en de direct aanliggende percelen vanaf de grens van het onderzoeksgebied tot aan 25 meter buiten het onderzoeksgebied. Het doel van het vooronderzoek is het verzamelen van relevante informatie over de locatie van het bodemonderzoek, door het opvragen van informatie bij de opdrachtgever, de eigenaar en de gemeente, houden van interviews, uitvoeren van terreininspectie en archiefonderzoek. De te verzamelen informatie heeft betrekking op het voormalige gebruik, het huidige gebruik, het toekomstige gebruik, de bodemopbouw, de geohydrologische situatie en financieel-juridische aspecten. Hiervoor worden de volgende informatiebronnen geraadpleegd: milieuvergunningdossiers, archief bodemonderzoeken, etc. In bijlage 2 is een overzicht weergegeven van deze (geraadpleegde) informatiebronnen en de verkregen informatie. Op basis van de verzamelde informatie wordt het veld- en chemisch onderzoek goed voorbereid en wordt de onderzoekshypothese voor het verkennend of nader bodemonderzoek opgesteld. Ook worden de resultaten van het vooronderzoek gebruikt bij de interpretatie van de resultaten van het bodemonderzoek.
2.1 Geografische gegevens De geografische gegevens van de onderzoekslocatie staan weergegeven in het volgende overzicht:
Gemeente
Maasdriel
Adres
Doorningstraat - Maarten van Rossumstraat te Rossum
Kadastraal
Sectie: D
Nr: 780 + 781 + 1361
Coördinaten
X: 150.790
Y: 424.275
Oppervlakte onderzoekslocatie
circa 31610 m2
Op de onderzoekslocatie is er voor zover bekend geen sprake van een calamiteit of overtreding van voorschriften in het kader van de Wet Milieubeheer en/of Wet Bodembescherming en/of andere milieuregelgeving. 2.2 Huidig en voormalig bodemgebruik Het onderzoeksterrein aan de Doorningstraat - Maarten van Rossumstraat te Rossum heeft een totale oppervlakte van circa 31.610 m2, waarvan circa 24.390 m2 in gebruik is voormalig voetbalveld. Op de locatie zijn de oude voetbalvelden van de in 2014 gefuseerde voetbalvereniging gelegen op sportpark Den Hoek. Op het sportpark zijn tussen eind jaren ’70 van de vorige eeuw en 2014 wedstrijden gespeeld.
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
21 februari 2020 rapportnummer: 3488R005-2
4
Aan de Maarten van Rossumstraat 2A is een met asfalt verharde parkeerplaats gelegen (circa 2450 m2) en is een kantine/kleedruimte (circa 400 m2) aanwezig. Op 2 juli 2018 is de kantine uitgebrand. Inpandig waren mogelijk asbesthoudende materialen toegepast. De asfaltverharding heeft een vermoedelijke dikte van 5 cm en is vermoedelijk vóór 1994 aangelegd. De oprit en het terrein richting de kleedruimte (circa 1000 m2) zijn voorzien van klinkers. Tussen de parkeerplaats en de Maarten van Rossumstraat is een klein deel in gebruik als skatebaan. De dikte van de betonlaag is circa 12-15 cm. Vermoed wordt dat onder de klinkerverharding en onder de asfaltverharding van de parkeerplaats een beperkte puinfundering aanwezig is. Het resterend onderzoeksterrein is voor zover bekend niet opgehoogd met bodemvreemde materialen zoals puin, sintels of gebroken asfalt. Op de onderzoekslocatie hebben voor zover bekend geen olietanks in of op de bodem gelegen. Er zijn, behoudens de brand, geen gegevens bekend omtrent eventuele activiteiten of calamiteiten op de onderzoekslocatie welke geleid kunnen hebben tot een bodemverontreiniging. Uit de historische kaarten (bron: http://www.topotijdreis.nl) blijkt dat op de locatie aan het einde van de 19de eeuw de locatie grotendeels in gebruik was als boomgaard.
Vanaf medio jaren ’50 van de vorige eeuw is ook aan de overzijde van de Maarten van Rossumstraat een boomgaard zichtbaar. Eind jaren ’70 van de vorige eeuw is aan de Maarten van Rossumstraat een kantine gebouwd.
1938
1967
1993
2014
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
21 februari 2020 rapportnummer: 3488R005-2
5
2.2.1 Bodemonderzoeken Voor zover bekend zijn er geen gegevens bekend van reeds uitgevoerde bodemonderzoeken op deze locatie. In de omgeving van de onderzoekslocatie zijn in het verleden diverse bodemonderzoeken uitgevoerd. Maarten van Rossumstraat Voor de geplande verbreding van de asfaltweg is een bodemonderzoek uitgevoerd (rapport 98.2705, Nipa Milieutechniek, d.d. 11-12-1998). Aan weerszijden van de weg zijn boringen geplaatst tot de gewenste ontgravingsdiepten van 40 cm-mv. De grondmonsters zijn per zijden samengevoegd tot een mengmonster. Uit de toetsingstabellen volgt dat de westelijke berm licht verontreinigd was met nikkel, minerale olie en PAK’s en dat de oostelijke berm licht verontreinigd was met minerale olie en PAK’s. De waterbodem van de sloot tussen de weg en de huidige onderzoekslocatie was, getoetst als bodem, licht verontreinigd met barium, cadmium, kwik, nikkel, zink, PAK’s, dichloorbenzenen (som) en DDT (som). In 2000 is op de locatie een partijkeuring uitgevoerd (rapport 3514br1, Nipa Milieutechniek, d.d. 17-22000). Uit de rapportage volgt dat beide mengmonsters licht verontreinigd waren met minerale olie en PAK’s. Op basis hiervan voldeed de kwaliteit van de vrijkomende grond aan de destijds geldende normen voor categorie 1. 2.3 Toekomstig gebruik Ter plaatse van het onderzoeksterrein zal in de nabije toekomst een herontwikkeling plaatsvinden.
Voor de herontwikkeling zal de bestaande bebouwing worden gesloopt en de verhardingen worden verwijderd. Nadien zullen op de locatie twee natuurgrasvelden en één kunstgrasveld worden aangelegd. Daarvoor moet dieper dan 50 cm-mv worden ontgraven. 2.4 Bodemopbouw en (geo-)hydrologie Het te onderzoeken terrein heeft een hoogteligging gelijk aan ca. 3,9 m + N.A.P. De opbouw van de ondergrond is schematisch weergegeven in figuur A. Figuur A: opbouw ondergrond. Holocene afzetting Formatie van Kreftenheye Formatie van Beegden Formatie van Sterksel Formatie van Stramproy Formatie van Peize / Waalre
Archimil BV
Zwak tot matig siltig fijn tot fijn tot matig fijn zand Matig grof tot uiterst grof, kalk- en grindhoudend zand Zandige leem tot grind, uitkomst van Maasafzettingen Grof zand en grind Uiteenlopende korrelgroottes, met plaatselijke leem, grind en kleilagen Fluviatiel wit of grijs grof zand en grind
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
21 februari 2020 rapportnummer: 3488R005-2
6
De freatische grondwaterspiegel bevindt zich op circa 1,0 m-mv. De stromingsrichting van het freatische grondwater is noordoostelijk, richting de Maas, gericht. De stromingsrichting van het grondwater in het eerste watervoerende pakket is globaal eveneens noordoostelijk gericht. Voorgenoemde geohydrologische gegevens zijn ontleend aan de grondwaterkaart van Nederland [6]. 2.4.1 Algehele bodemkwaliteit De gemeente Maasdriel maakt gebruik van de regionale bodemkwaliteitskaart en bodembeheerplan Rivierenland (juli 2019) waarin diffuus verhoogde achtergrondgehalten aan verontreiniging zijn vastgelegd. De onderzoekslocatie bevindt zich in zone B7 (voormalige) boomgaarden. De kwaliteit van de bovengrond van deze zone voldoet, op basis van chloordaan, heptachloor, heptachloorepoxide, DDT en DDE aan de klasse Industrie. De kwaliteit van de onverdachte ondergrond voldoet gemiddeld genomen aan de achtergrondwaarden. Opgemerkt wordt dat PFAS (zie ook paragraaf 2.4.2 nog niet is opgenomen in de bodemkwaliteitskaart, zodat deze per 1 oktober j.l. buiten werking gesteld is. De gemeente Maasdriel maakt gebruik van een regionale bodemfunctieklassenkaart. Hierin heeft de locatie de functie overig (landbouw/natuur) toegekend gekregen.
2.4.2 PFAS In het rapport “Aanwezigheid PFAS in Nederland Deelrapport B Verdachte locaties” 2 is een overzicht opgenomen van potentiële risico-locaties voor het voorkomen van PFAS-verbindingen. Voor de locatie van herkomst is geen sprake van een bronlocatie. Opgemerkt wordt dat op basis van recente gegevens de bovengrond van een groot deel van Nederland mogelijk in lichte mate verontreinigd is met PFASverbindingen1 en dat uitspoeling naar de ondergrond kan plaatsvinden. Door het ministerie is een tijdelijk handelingskader PFAS opgesteld voor hergebruik van PFAS houdende grond en baggerspecie 3. 2.5 Conclusie vooronderzoek Het vooronderzoek heeft zich gericht zich op de onderzoekslocatie en de direct aanliggende percelen vanaf de grens van het onderzoeksgebied tot aan 25 meter buiten het onderzoeksgebied. In het verleden is het sportpark in gebruik geweest als boomkwekerij. Uit de bodemkwalitieitskaart volgt dat bij (voormalige) boomkwekerijen verhoogde gehalte DDE en DDT (bestrijdingsmiddelen) kunnen worden aangetroffen. Derhalve wordt voor de toplaag (25 cm) uitgegaan van een heterogeen verdachte locatie voor bestrijdingsmiddelen. Onderzoek dient plaats te vinden conform de strategie VED-HE-NL uit NEN 5740. Ter plaatse van het met klinkers en het met asfalt verharde terrein is de (puin)fundering verdacht voor een verontreiniging met asbest, metalen en PAK’s.
Voor het overige kan de locatie vooralsnog als onverdacht worden beschouwd.
1
https://www.bodemplus.nl/onderwerpen/wet-regelgeving/bbk/grond-bagger/handelingskader-pfas/tijdelijk/ https://www.expertisecentrumpfas.nl/images/Handelingskader/DDT219-1-18-008.228-rapd-Voorkomen_PFAS_in_Nederland__deelrapport_B_Verdachte_locaties_-_definitief.pdf 3 https://www.rijksoverheid.nl/binaries/rijksoverheid/documenten/rapporten/2019/12/01/bijlage-1-tijdelijk-handelingskader-voorhergebruik-van-pfas-houdende-grond-en-baggerspecie/bijlage-1-tijdelijk-handelingskader-voor-hergebruik-van-pfas-houdende-gronden-baggerspecie.pdf 2
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
21 februari 2020 rapportnummer: 3488R005-2
7
De asfaltverharding is vóór 1994 aangelegd en is derhalve potentieel teerhoudend. Ter plaatse dient de teerhoudendheid bepaald te worden middels een onderzoek conform CROW 210. In bijlage 3 is een tekening van de geografische afbakening van de onderzoekslocatie voor het bodemonderzoek opgenomen.
Foto van de noordelijke parkeerplaats – d.d. 15 januari 2020
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
21 februari 2020 rapportnummer: 3488R005-2
3
8
OPZET EN UITVOERING VAN HET ONDERZOEK
3.1 Vooronderzoek en locatie-inspectie Het maaiveld ter plaatse van het met asfalt en klinkers verharde terrein wordt ingedeeld in inspectiestroken van maximaal 1,5 meter breed die in twee richtingen haaks op elkaar worden geïnspecteerd. Wanneer meer dan 10 cm2/m2 aan asbestverdacht materiaal wordt aangetroffen dan worden voor het betreffende deel van de locatie inspectierasters van 1 x 1 m geïnspecteerd. Alle aangetroffen asbestverdachte materialen worden op kaart vastgelegd en samengevoegd tot één verzamelmonster. Tevens wordt de inspectie-efficiency ingeschat. 3.2 Opzet bodemonderzoek Het veldwerk zal onafhankelijk van de opdrachtgever worden uitgevoerd conform de eisen van BRL SIKB 2000 (Veldwerk milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek) en de daarbij horende protocollen. De eerste 50 cm bodemlaag wordt in twee lagen van 25 cm bemonsterd. Van elke navolgende 50 cm bodemlaag of van iedere bodemlaag afzonderlijk worden representatieve monsters genomen. Per boring wordt de samenstelling van de bodem vastgelegd. De boringen worden gelijkmatig over de onderzoekslocatie verdeeld volgens een systematisch patroon. Het grondwater wordt minimaal één week na plaatsing van de peilbuizen bemonsterd. Hierbij worden in het veld de temperatuur, pH en geleidbaarheid gemeten.
In bijlage 3 is een situatieschets opgenomen waarin de plaatsen van de gaten/boringen en de peilbuis zijn aangegeven. Algemeen (grotendeels onverhard, circa 31.610 m2, strategie VED-HE-NL) Op het te onderzoeken terreindeel worden 50 grondboringen geplaatst, waarvan 38 boringen tot 0,5 mmv en 8 boringen tot 2 m-mv. Tevens worden 4 boringen geplaatst tot circa 150 cm onder de actuele grondwaterstand en afgewerkt met een peilbuis om het grondwater te onderzoeken. 15 van de bovengenoemde boringen worden geplaatst ter plaatse van het verharde terrein (zie onderstaand). In het laboratorium worden vijf grond(meng)monsters van de verdachte bovengrond samengesteld, deze worden onderzocht op de parameters volgens het standaardpakket voor grond, aangevuld met OCB’s. Aanvullend worden twee grondmengmonsters van de onverdachte ondergrond onderzocht op de stoffen uit het standaardpakket (op basis van strategie ONV-GR). Vier grondmengmonsters worden onderzocht op het gehalte aan PFAS (op basis van strategie VED-HO-NL). De vier grondwatermonsters worden onderzocht op parameters volgens het standaardpakket voor grondwater. Skatebaan (beton, circa 300 m2) Één van de boringen wordt gesitueerd ter plaatse van de skatebaan. Hiervoor is een verhardingsboring noodzakelijk.
Parkeerterrein (asfalt, circa 2450 m2) Conform CROW210 worden zes van deze boringen gesitueerd ter plaatse van de met asfalt verharde parkeerplaats en uitgevoerd als inspectiegaten (30x30x50 cm). Hiervoor zijn verhardingsboringen (6x boring en 6x gat) noodzakelijk. Indien daadwerkelijk sprake is van een zeer dunne asfaltverharding (5 cm) zullen de inspectiegaten worden gemaakt met behulp van een breekhamer. Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
21 februari 2020 rapportnummer: 3488R005-2
9
Van de asfaltkernen (6x) wordt de constructieopbouw bepaald en worden de kernen beoordeeld met een PAK-marker op teerhoudendheid. Ervan uitgaande dat geen teerindicatie wordt aangetroffen worden aanvullend twee mengmonsters onderzocht op het gehalte aan PAK middels de GCMS-methode. Klinkerterrein (circa 1000 m2) Ter plaatse van het met klinkers verharde terrein acht inspectiegaten (30x30x50 cm) gegraven. De opgegraven grond wordt gezeefd over 20 mm waarna de grove fractie (> 20 mm) wordt geïnspecteerd op het voorkomen van asbestverdacht materiaal. Tijdens het inspecteren wordt de grond vochtig gehouden, voor zover deze niet reeds vochtig is. Per gat/boring wordt de samenstelling van de bodem vastgelegd. Per gat worden de asbestverdachte materialen verzameld en verpakt. Hierbij wordt het gehalte aan asbest geschat. De fijne fractie (<20 mm) wordt bemonsterd door tenminste twee in het veld samengestelde mengmonsters. De verzamelmonsters van de grove fractie (>20 mm) worden onderzocht op het gehalte aan asbest. Van de fijne fractie (<20 mm) worden twee mengmonsters onderzocht op het gehalte aan asbest.
Skatebaan (beton) Parkeerplaats (asfalt) Oprit (klinkers) Kleedlokaal
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
21 februari 2020 rapportnummer: 3488R005-2
10
3.3 Analysepakketten De toegepaste NEN-pakketten bestaan uit: Grond: standaardpakket grond: Droge stof, Metalen (Ba,Cd,Co,Cu,Hg,Mo,Ni,Pb,Zn), Minerale Olie (GC) (C10 - C40), PAK (10 VROM), PCB (7) Grondwater: standaardpakket grondwater: Metalen (Ba,Cd,Co,Cu,Hg,Mo,Ni,Pb,Zn), Minerale olie (GC), Aromaten (BTEXN), Styreen, VOCl (11), Vinylchloride, 1,1 Dichlooretheen, 1,1-Dichloorpropaan, 1,2-Dichloorpropaan, 1,3-Dichloorpropaan, Bromoform Ter bepaling van de achtergrond- en interventiewaarden worden enkel representatieve grondmengmonsters onderzocht op het gehalte aan lutum en organisch stof. 3.4 Uitvoering bodemonderzoek De veldwerkzaamheden worden uitgevoerd volgens de NEN-normen en de protocollen van de Stichting Infra Kwaliteitsborging Bodemonderzoek [4]. De activiteiten bestaan uit: 1. het uitvoeren van een maaiveldinspectie; 2. het verrichten van de boringen en 3. het plaatsen van de peilbuizen; 4. het bemonsteren van de grond en het grondwater; 5. visueel en organoleptisch onderzoek van de monsters. De grondboringen worden voor zover mogelijk met handkracht uitgevoerd waarbij gebruik wordt gemaakt van een ongelakte Edelmanboor met een diameters van 6 tot 12 cm. Er wordt voor zover mogelijk geen werkwater gebruikt. Na elke boring wordt het boormateriaal met leidingwater schoongemaakt.
Voor het plaatsen van de peilbuizen wordt geboord tot circa 1,5 meter beneden de freatische grondwaterspiegel. Het materiaal van de buis is slagvast P.V.C.. Het geperforeerde gedeelte wordt omgeven door een gewassen, paraffinevrije filterkous en gegloeid en gezeefd filtergrind. Het nietgeperforeerde gedeelte wordt met de oorspronkelijke grond omstort. Het boorgat wordt afgedicht met een laag zwelklei van ca. 30 cm. De chemische analyses van de grond- en grondwatermonsters worden uitgevoerd door een AS3000 geaccrediteerd laboratorium. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de voorbehandelings-, opwerkings-, en analysemethoden zoals beschreven in de NEN-normen en de protocollen van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer [4].
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
21 februari 2020 rapportnummer: 3488R005-2
4
11
WIJZE VAN BEOORDELEN EN INTERPRETATIE
Bij de beoordeling en interpretatie van de resultaten is gebruik gemaakt van de circulaire bodemsanering 2013. Deze circulaire definieert streefwaarden, achtergrondwaarden, interventiewaarden en tussenwaarden voor de beoordeling van de concentratieniveaus van diverse verontreinigingen in grond en grondwater. In onderstaand overzicht worden deze toegelicht: - de Achtergrondwaarde (grond) of Streefwaarde (grondwater) geeft het niveau aan waarbij, volgens de huidige inzichten, sprake is van een duurzame bodemkwaliteit. In geval er curatief gehandeld moet worden, geeft deze waarde het niveau aan dat bereikt moet worden om de functionele eigenschappen die de bodem voor mens, dier of plant heeft, volledig te herstellen; - de interventiewaarde (I) geeft het niveau aan waarbij de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, dier en plant, ernstig zijn verminderd of dreigen te worden verminderd. Bij gehalten boven deze waarde is normaliter sprake van een ernstige verontreiniging en zal moeten worden bekeken of sanering urgent is; - de tussenwaarde (T = [S + I] / 2) bevindt zich op de helft tussen de streef- en interventiewaarde. Boven deze waarde is in ieder geval, en onder deze waarde afhankelijk van bepaalde factoren zoals bodemtype, een nader onderzoek gewenst. Deze waarden zijn afhankelijk van de grondsoort.
Op basis van het lutum en het organische stofgehalte van de onderzochte grond, wordt een correctie uitgevoerd op de waarden zoals die voor een standaardbodem (lutum= 25% en humus= 10%) zijn vastgesteld. Om de mate van verontreiniging weer te geven wordt in dit rapport de onderstaande terminologie gebruikt: - niet verontreinigd concentratie lager dan of gelijk aan de achtergrondwaarde; - licht verontreinigd concentratie hoger dan de achtergrondwaarde, maar lager dan of gelijk aan de tussenwaarde; - matig verontreinigd concentratie hoger dan de tussenwaarde, maar lager dan of gelijk aan de interventiewaarde; - sterk verontreinigd concentratie hoger dan de interventiewaarde. Specifiek voor verontreinigingen met zware metalen ten gevolge van zinkassen in projectgebied de Kempen zijn in de regeling uniforme saneringen terugsaneerwaarden vastgesteld voor wonen met moestuin (ABdK-M) en wonen met siertuin (ABdK-S). Deze normen zijn verruimd ten opzichte van de algemene terugsaneerwaarden zoals deze eerder in de bodemgebruikswaarden waren vastgelegd en die sinds 1 oktober 2008 zijn vervangen door de achtergrondwaarden (AW), maximale waarden voor wonen (MWW) en maximale waarden voor industrie (MWI) uit het besluit bodemkwaliteit. Voor asbest is alleen een interventiewaarde vastgesteld, er is geen achtergrondwaarde vastgesteld.
De interventiewaarde voor vaste bodem ligt op 100 mg/kgds (concentratie serpentijn plus 10 x concentratie amfibool). De interventiewaarde is gelijk aan de hergebruikswaarde voor asbest in puin.
Archimil BV
Afdeling Bodem en Bouwstoffen
21 februari 2020 rapportnummer: 3488R005-2
5
12
RESULTATEN
5.1 Asfaltonderzoek De asfaltverharding heeft een oppervlakte van circa 2650 m2 (globaal 39 x 70 meter, incl. groenstrook). De asfaltverharding is in 1992-1993 aangelegd. Aangezien de verharding is aangelegd vóór 1994 is deze potentieel teerhoudend. Voor de toekomstige reconstructie van het sportpark zal de bestaande verharding worden verwijderd. Verzocht is ter plaatse een onderzoek conform CROW 210 uit te voeren. Historische gegevens (voor zover bekend en aangeleverd): • jaar van eerste aanleg van de asfaltverharding (aanleg bestek); • uitgevoerde onderhoudswerkzaamheden (onderhoudsbestekken); • uitgevoerde reparaties; • toegepaste asfaltmengsels en producten.
onbekend onbekend geen reparaties bekend vooralsnog onbekend
Op basis van tabel 1 uit de CROW210 zijn zes asfaltkernen geboord (nummers 106, 113 t/m 117). Uit de boorprofielen volgt dat de verharding een gemiddelde dikte heeft van 5,33 cm. Derhalve bedraagt de omvang circa 141,25 m3 ofwel circa 353 ton. Door de geringe dikte zijn bij monstername diverse kernen gebroken. Foto van de asfaltkern van boring 113 Omdat diverse kernen zijn gebroken en afzonderlijk frezen (door de beperkte dikte) niet mogelijk zal zijn is ervoor gekozen om geen constructieopbouw en PAK-marker testen te laten bepalen en om, conform CROW 201, direct twee mengmonsters samen te stellen voor de GCMS-proef. Uit het analysecertificaat volgt dat geen van de PAK-componenten is aangetroffen boven de detectielimiet. Derhalve wordt de grens van 75 mg/kgds niet overschreden en is de asfaltverharding nietteerhoudend. 5.2
Asbestonderzoek
5.2.1 Maaiveldinspectie Op 14 januari 2020 is voorafgaand aan het onderzoek van de contactzone ter plaatse van het noordwestelijke terrein (rondom kantine/kleedruimte, oprit en parkeerplaats) een maaiveldinspectie uitgevoerd door SIKB2018 erkend veldwerker de heer G. van der Kant. Ten tijde van de maaiveldinspectie was het licht bewolkt en viel er geen neerslag. De inspectie-efficiency op en rondom de verhardingen is geschat op circa 60%. Op het maaiveld is geen asbest aangetroffen.