Bijlage XII - Visie Zon en Wind Maasdriel
Tekst van het document
VISIE ZON EN WIND MAASDRIEL EEN RUIMTELIJK PERSPECTIEF OP DUURZAME ENERGIE
VISIE ZON EN WIND MAASDRIEL EEN RUIMTELIJK PERSPECTIEF OP DUURZAME ENERGIE
status datum opdrachtgever door
Vastgesteld Juni 2021 Gemeente Maasdriel Feddes/Olthof Landschapsarchitecten
Samenvatting Voor u ligt de Visie zon en wind van de gemeente Maasdriel. De aanleiding voor deze Visie is de transitie van fossiele brandstoffen naar duurzame energie (oa zon en wind) die komende jaren grote impact gaat hebben op het landschap. De Visie is opgesteld vanuit een maatschappelijk en ruimtelijk perspectief. Beperkingen en randvoorwaarden vanuit wet- en regelgeving zijn wel degelijk van toepassing bij de ontwikkeling van zon en wind. Ook moeten de initiatiefnemers rekening houden met andere ruimtelijk relevante plannen en visies. Maasdriel maakt deel uit van de Bommelerwaard, een bijzondere plek in het Rivierenland. Het Maasdrielse landschap is een typisch rivierenlandschap: met de hogere gronden langs de rivieren - bebouwd en intensief gebruikt - de lager gelegen, relatief open komgronden en afwisselende uiterwaarden van Maas en Waal. De snelweg A2 en het spoor doorsnijden het landschap in noord-zuid richting. De waardevolle landschappelijke karakteristieken moeten behouden blijven, dan wel worden versterkt, bij ontwikkelingen op het gebied van duurzame energie (zon en wind). Zon op dak heeft daarom altijd de voorkeur. Om de klimaatdoelen te halen zal echter ook moeten worden gekeken naar mogelijkheden voor windenergie en (grootschalig) zon op land/water. Daarom heeft de gemeente Maasdriel een kansenkaart ontwikkeld.
Op deze kaart is het gebied aangewezen dat de grootste kans heeft voor het ontwikkelen van windturbines en zonnepanelen. De basis voor deze kansenkaart is gelegd in de landschappelijke analyse, een digitale enquête onder inwoners van de gemeente en als vervolg daarop twee digitale werksessies over kansrijke locaties voor zon en wind en randvoorwaarden voor ontwikkeling. Tot 2030 is de zone rondom de snelweg A2 en het spoor aangewezen als kansrijk zoekgebied voor wind en grootschalig zon op land. Buiten deze zone blijft ruimte voor initiatieven, maar tot 2030 enkel voor kleinschalige proefopstellingen, innovatieve projecten of lokaal geinitieerde ontwikkelingen die breed gedragen en 100% cooperatief zijn. Niet ieder landschapstype is even kansrijk. De komgronden lenen zich wat beter voor dergelijke initiatieven dan de uiterwaarden en de oeverwallen, waar de landschappelijke-, recreatieve- en natuurwaarden veel hoger zijn. Per zone, dus per landschapstype, zijn spelregels opgesteld voor het plaatsen van windturbines en het inpassen van zonnevelden in het landschap. Deze spelregels borduren voort op de landschappelijke karakteristieken van de kom, uiterwaard of oeverwal. Daarnaast moeten de plannen bijdragen aan de omgeving. Immers investeren in duurzame energie betekent investeren in landschap én omgeving.
Ook daarvoor worden een aantal randvoorwaarden meegegeven aan initiatiefnemers.
INHOUD 1 Introductie
4
1.1 Klimaatakkoord, RES en GEA 4 1.2 Doel van de Visie 5 1.3 Naar een Visie voor zon en wind 6 1.4 Looptijd 7 1.5 Leeswijzer 7
DEEL 1 DE BASIS
DEEL 2 KANSEN EN SPELREGELS
2 Maasdriel tussen de rivieren
11
4 Kansen voor zon en wind
30
3 beperkingen en technische randvoorwaarden
22
5 spelregels voor zon en wind
34
2.1 Historische schets van het landschap 2.2 Onderscheidende landschapstypen
3.1 Huidig energienetwerk 3.2 Lopende plannen en initiatieven 3.3 Beperkingen door wet- en regelgeving 3.4 Technische bouwstenen 3.5 Combineer zon en wind 3.6 Overige duurzame energiebronnen
12 15
22 23 24 25 26 26
4.1 Kansenkaart 4.2 Regels voor initiatiefnemers
5.1 Algemene spelregels 5.2 Infrastructuur 5.3 Komgronden 5.4 Bebouwd landschap 5.5 Rivier en uiterwaarden 5.6 Oeverwallen
30 32
34 38 42 48 52 56
Bronnen61 Bijlagen62
4/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
1 INTRODUCTIE Voor u ligt de Visie zon en wind van de gemeente Maasdriel. De aanleiding voor deze Visie is de transitie van fossiele brandstoffen naar duurzame energie. Deze energietransitie gaat de komende jaren grote impact hebben op het dagelijks leven en de leefomgeving van mensen. Nieuwe bronnen van energie vragen om ruimte, zowel bovengronds als ondergronds. De plaatsingswijze van windparken, zonneweides en bijbehorende technische voorzieningen zijn bepalend voor zowel het functioneren als het beeld van het landschap. Daarnaast is maatschappelijke betrokkenheid (participatie) cruciaal voor het slagen van de hele transitie. Het landschap van de gemeente Maasdriel is waardevol. Het is daarom van belang aan te geven wat ruimtelijk wenselijk is binnen deze gemeente. Deze Visie benoemt de kansrijke gebieden voor zon en wind in de gemeente Maasdriel. Binnen deze gebieden zijn nieuwe initiatieven gebonden aan spelregels, die zorgen voor het behoud en versterken van de landschappelijke kwaliteiten én meerwaarde creëren voor de omgeving. De Visie is tot stand gekomen met input van de inwoners van Maasdriel.
1.1 Klimaatakkoord, RES en GEA In de Klimaatwet is vastgelegd dat we in 2030 49% minder CO2 moeten uitstoten en in 2050 95% minder ten opzichte van 1990. In de Klimaatwet staat niet hoe we dat gaan doen. Die inhoudelijke maatregelen zijn in het Klimaatakkoord afgesproken met de maatschappelijke partijen die aan het overleg deelnamen. Een van de middelen om deze doelstelling te bereiken is de grootschalige opwek van duurzame energie via windturbines en zonnepanelen. Veel van de afspraken uit het Klimaatakkoord zullen regionaal opgelost moeten worden via de Regionale Energie Strategie (RES). De doelstelling voor de RES is het realiseren van ten minste 35 TWh (126 PJ) aan hernieuwbare energie op land in 2030 en de warmtetransitie in de gebouwde omgeving. De gemeente Maasdriel maakt onderdeel uit van de RES Rivierenland. De Concept RES van deze regio is inmiddels opgeleverd en gaat uit van een duurzame opwek van 0,632 TWh voor 2030. Dit bod is gebaseerd op bestaande projecten en dat wat in de pijplijn zit, zoals het Burgerwindpark A2 Lage Rooijen. Daarbij is de ambitie uitgesproken om dit bod te verdubbelen voor de RES 1.0.
DE AMBITIE VAN DE REGIO RIVIERENLAND VOOR RES 1.0 IS EEN VERDUBBELING VAN HET CONCEPT BOD (0,632 TWh) VOOR 2030 Het RES 1.0 bod is inmiddels voorbereid. Hierin is de verdubbeling naar 1,2 TWh per jaar in 2030 voor de regio Rivierenland opgenomen. De Visie zon en win Maasdriel biedt het kader en randvoorwaarden waarbinnen in Maasdriel, projecten ontwikkeld kunnen worden om bij te dragen aan deze verdubbeling. Naast de RES heeft de gemeente Maasdriel zich gecommiteerd aan het Gelders Energieakkoord (GEA). Het Gelders Energieakkoord is een afspraak en samenwerking tussen meer dan 220 organisaties en instellingen in de provincie Gelderland. De doelstelling van het GEA is ambitieuzer dan de doelstelling van de RES: namelijk een CO2 reductie van 55% ten opzichte van 1990 in 2030 (ipv 49% uit de Klimaatwet).
Visie Zon En Wind Maasdriel
1.2 Doel van de Visie Het doel van de Visie zon en wind Maasdriel is tweeledig: 1. De Visie dient als afwegingskader voor nieuwe initiatieven van zon en wind binnen de gemeente Maasdriel vanuit een ruimtelijk en maatschappelijk perspectief; 2. De Visie levert input aan de RES Rivierenland. De Visie zon en en wind is een sectorale visie op hoe Maasdriel tot 2030 wil omgaan met grootschalige opwek van duurzame energie (zon en wind) in het landschap. De Visie is aanvullend op andere gemeentelijke beleidsdocumenten, zoals de Structuurvisie en plan-MER Maasdriel. Daarnaast gelden er ook ruimtelijke plannen, zoals Bestemmingsplannen (zie www.ruimtelijkeplannen.nl). Initiatiefnemers moeten zich vergewissen van het ter plekke geldende en in voorbereiding zijnde ruimtelijke beleid. Wanneer ontwikkelingen niet passen in het ter plekke geldende bestemmingsplan, dan zal de gemeente worden verzocht, een afweging te maken. Bij de beoordeling hiervan wordt dan gekeken naar de passendheid binnen het gemeentelijke ruimtelijke beleid dat is vastgesteld en in voorbereiding is, maar ook naar beleid, en regelgeving van bijvoorbeeld provincie en rijk.
5/72
6/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
september 2020
oktober 2020
december 2020 - maart 2021
Stap 1: landschappelijke analyse en
Stap 2: kansenkaart en opstellen
Stap 3: Visie zon en wind in concept
Enquête onder inwoners • Mogelijke locaties, inpassing en randvoorwaarden
Werksessies zon en wind • Verdieping mogelijke locaties, inpassing en randvoorwaarden
Concept visie ter inzage • Beoordelen en verwerken reacties, voorstel aanscherpen visie
randvoorwaarden zon en wind
spelregels
1.3 Naar een Visie voor zon en wind Het schema hierboven geeft het proces van de Visie weer. Bij het opstellen van de Visie is getracht zoveel mogelijk inwoners van de gemeente Maasdriel te laten meedenken, zodat de inhoud breed gedragen wordt. Door bijzondere omstandigheden (Covid-19) was dat niet eenvoudig. Participatie vergt immers menselijke interactie. Inwoners van de gemeente Maasdriel hebben op verschillende manier input kunnen geven: ▪
in september 2020 is er (ism bureau TOP) een digitale enquête uitgezet, ondermeer onder leden van het Tip-burgerpanel. Om de enquête onder de aandacht te brengen zijn de diverse communicatiekanalen van de gemeente gebruikt. Daarnaast zijn er steekproefsgewijs 4000 huishoudens aangeschreven. In totaal hebben 538 respondenten gereageerd. Deze respons is voldoende om de resultaten van de enquête als representatief te beschouwen en mee te nemen in te Visie (zie Bijlage 1);
▪
▪
in oktober 2020 zijn er twee digitale werksessies geweest met ca. twintig deelnemers per werksessie. Deze deelnemers hebben in de enquête aangegeven graag betrokken te blijven bij het opstellen van de Visie. In deze sessies hebben we de resultaten van de enquête kunnen verdiepen en uitwerken; ook de opbrengsten van de ruimte ateliers in het kader van de Concept RES Rivierenland september/ oktober 2019 zijn meegenomen (resrivierenland.nl/ wp-content/uploads/Concept-RES-20200331.pdf). Hierbij waren ook inwoners van Maasdriel aanwezig.
De belangrijkste zaken die zijn opgehaald uit de enquête en uit de werksessies hebben betrekking op de locaties van mogelijke initiatieven, de randvoorwaarden voor de ontwikkeling van duurzame energie en de inpassing van zon (en wind) in het landschap. De resultaten uit de enquête vormen de hoofdmoot van de input, omdat hierbij veruit de meeste deelnemers waren betrokken. De resultaten uit de werksessies geven een goede indruk
van de argumentatie achter de gegeven antwoorden in de enquête. Het concept van deze visie heeft vanaf 2 december 2020 zes weken ter inzage gelegen, zodat inwoners de mogelijkheid hebben gehad om hierop te reageren. De inspraakreacties zijn opgenomen in de Bijlage 3. Een voorstel hoe om te gaan met de ontvangen reacties en enkele concrete voorstellen voor het aanscherpen van de visie zijn in maart besproken met de raadscommissie Ruimte. Naar aanleiding van deze consultatie is de visie verder aangepast en zal worden voorgelegd aan de gemeenteraad ter vaststelling in juni 2021.
7/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
april - juni 2021
Stap 4: Vaststellen Visie
Visie zon en wind Maasdriel
Presentatie Commissie Ruimte en Gemeenteraad Maasdriel • Aanpassingen en voorstel vaststelling visie
1.4 Looptijd
1.5 Leeswijzer
De visie is geschreven voor de periode tot 2030. Tegen het einde van de looptijd wordt de Visie geëvalueerd om dan te bepalen of herijking plaatsvindt of dat een nieuwe visie nodig is. Alleen wanneer er dringende redenen zijn kan besloten worden om de Visie eerder te herzien. Dringende redenen kunnen zijn: gewijzigde wetgeving, een gewijzigde opgave, het niet tot ontwikkeling komen van initiatieven of onvoorziene innovatieve methoden van energieopwekking.
Deze Visie is opgebouwd uit twee delen: Deel 1 omschrijft de kenmerken en kwaliteiten van het landschap in de gemeente Maasdriel (H2), en de beperkingen en technische randvoorwaarden voor de ontwikkeling van zon en wind (H3). In het eerste deel leggen we de basis voor deel 2, waarin de kansenkaart en de spelregels worden uiteeengelegd. Deel 2 toont de kansrijke locaties voor zon en wind in de gemeente Maasdriel en benoemt de randvoorwaarden waar ieder initiatief op het gebied van zon en wind aan moet voldoen (H4). Vervolgens worden per landschapstype spelregels aangereikt voor de omvang, de plaatsing en inpassing van wind en zon (H5).
8/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Em voluptas nonseque porehendici ut occupictate la nestemporit repudaesto incit vellabo reicto consecto doluptur, si ius, volorio nsequibusam, to volorerum erum, volorrum nonecumquia de si alitaquiat eosam estiae. Ovidemped ma nossit, officit ma quost.
Beeld bijschrift
Beeld bijschrift
Beeld onderschrift – Em voluptas nonseque porehendici ut occupictate la nestemporit repudaesto incit vellabo reicto consecto doluptur, si ius, volorio nsequibusam, to volorerum erum, volorrum nonecumquia de si alitaquiat eosam estiae. Ovidemped ma nossit, officit ma quost venimaxim.
Em voluptas nonseque porehendici ut occupictate la nestemporit repudaesto incit vellabo reicto consecto doluptur, si ius, volorio nsequibusam, to volorerum erum, volorrum nonecumquia de si alitaquiat eosam estiae. Ovidemped ma nossit, officit ma quost.
Visie Zon En Wind Maasdriel
DEEL 1 DE BASIS
9/72
10/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
11/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
2 MAASDRIEL TUSSEN DE RIVIEREN Maasdriel maakt, samen met de gemeente Zaltbommel, deel uit van de Bommelerwaard. Een bijzondere plek in het rivierenlandschap. De Bommelerwaard wordt in zijn geheel omsloten door Waal en Maas, en vormt een heus eiland tussen de rivieren.
De gemeente Maasdriel beslaat min of meer de zuidoostelijke helft van de Bommelerwaard. Het omvat een groen, relatief open landschap met een aantal verspreid gelegen dorpen. De gemeente wordt opgedeeld door de snelweg A2 en het spoor, die het kenmerkende rivierenlandschap van noord naar zuid doorsnijden.
12/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
2.1 Historische schets van het landschap Rivieren hebben het landschap van de Bommelerwaard gevormd. Dichtbij de rivier werden de zandige en lichtere deeltjes afgezet, waardoor stroomruggen en oeverwallen ontstonden. In de daartussen gelegen lagere delen bezonken de zwaardere kleideeltjes, de huidige komgronden. De mens heeft dit rivierenlandschap verder vormgegeven. In eerste instantie werden er kades aangelegd om de natte komgronden te ontginnen. Later ontstond hier een systeem van dorpspolders met kades en sloten. Dit patroon is nu nog grotendeels herkenbaar in het landschap. De dijken werden tussen 1100 en 1300 aangelegd. Hierdoor ontstonden de uiterwaarden. Om de kom verder te ontwateren werd begin 14de eeuw een stelsel van weteringen aangelegd (RCE 2017, Panorama Landschap). Ook het afsnijden van rivierbochten, het aanleggen van dammen en het graven van kanalen heeft het huidige landschap van de Bommelerwaard gevormd. De ontwikkelingen van Maas en Waal (op hoofdlijnen): ▪
▪
Ontwikkeling van de Maas en de Waal
de Waal en de Maas bij Heerewaarden liggen erg dicht bij elkaar en stonden tot een eeuw geleden met elkaar in verbinding; in 1904 werd de Bergsche Maas (Maaswerken) aangelegd, omdat het samenvloeien van de Maas en Waal bij Woudrichem voor problemen zorgde. De oude loop bij Ammerzoden werd afgedamd;
▪
▪
het Kanaal van Sint Andries was in de Tachtigjarige Oorlog gegraven door Spaansgezinden. Het huidige kanaal is later opnieuw gegraven ivm de Maaswerken; de bocht in de Maas bij Alem werd gedempt. Hierdoor werd Alem onderdeel van Gelderland in plaats van Brabant.
Op de hogere gronden langs de rivieren werd gewoond. Ook nu nog liggen hier de dorpen. De vruchtbare gronden waren uitermate geschikt voor akkerbouw. Kenmerkend voor Maasdriel is de fruitteelt, de glastuinbouw en paddenstoelenteelt. De lagere, nattere komgronden daarentegen waren enkel geschikt als weide- en hooiland. Ook delen van de uiterwaarden werden hiervoor gebruikt.
13/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Halverwege de vorige eeuw veranderde het landschap sterk. Door de ruilverkaveling verbeterde de waterhuishouding van de komgronden, evenals de ontsluiting van het gebied en de (agrarische) bebouwing nam toe. Ook buitendijks veranderde er veel, onder andere door zanden grindafgravingen. De ontwikkeling van Maasdriel (op hoofdlijnen): ▪
▪
▪
▪
op de kaart van 1815 zijn de weteringen en de kastelen bij Hedel, Ammerzoden en Well dominant. De gegraven weteringen ontwaterden de natte komgebieden. Alle wegen lopen van oost naar west, er zijn bijna geen noord-zuid verbindingen; de kaart van 1900 toont de eerste infrastructuur van noord naar zuid: de spoorlijn tussen Utrecht en Den Bosch die vanaf 1870 in bedrijf is. Het komgebied is nog open en nat, te zien aan de smalle percelen met ‘water’ op het land; opvallend aan de kaart van 1970 is een beter ontgonnen komgebied (als gevolg van de ingrijpende ruilverkaveling van 1961 in de Bommelerwaard oost) en de komst van de snelweg A2, die dan nog via Hedel loopt; de kaart van 1990 toont een verdere uitbreiding van de dorpen. Ook is de A2 verlegd, met een nieuwe brug over de Maas. De bedrijventerreinen bij Hedel en Velddriel ontwikkelen zich. Deze ontwikkeling zet zich tot op heden voort.
1815
1900
1970
1990
14/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
/ slot
De landschapstypen in de gemeente Maasdriel
15/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
2.2 Onderscheidende landschapstypen Op basis van ondergrond, historie en gebruik kan onderscheid worden gemaakt tussen verschillende landschapstypen. In de gemeeente Maasdriel onderscheiden we vijf landschapstypen: ▪ Oeverwallen ▪ Komgronden ▪ Rivier en uiterwaarden ▪ Bebouwd landschap ▪ Infrastructuur Op de volgende pagina’s worden per landschapstype de belangrijkste kenmerken en kwaliteiten genoemd. Bij nieuwe initiatieven voor zon en wind moeten de landschapstypen herkenbaar blijven en mogen deze kenmerken en kwaliteiten niet verloren gaan. In hoofdstuk 5 staan de spelregels beschreven voor het creëren van landschappelijke meerwaarde.
Oeverwallen
Komgronden
Rivier en uiterwaarden
Bebouwd landschap
Infrastructuur
16/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Oeverwallen Kenmerken: ▪ kleinschalig en besloten landschap: door houtwallen, boomgaarden en bebouwing; ▪ onregelmatige kavelstructuren; ▪ relatief dicht bebouwd: alle dorpen liggen op de oeverwallen; ▪ intensief gebruik: de oeverwal kent veel bebouwing en (agrarische) bedrijvigheid. Het vele groen en de historische elementen maken het gebied ook aantrekkelijk voor allerlei vormen van recreatie; ▪ cultuurhistorische waarden: waardevolle bebouwingslinten, kastelen Ammersoyen en Well.
Ligging van de oeverwallen
Beeld vanaf de dijk bij Hurwenen: boomgaarden en kleinschalige erven
Kasteel Well, gebouwd in de vijftiende eeuw en kreeg vanaf de zeventiende eeuw zijn huidige aanzicht
17/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Komgronden Kenmerken: ▪ relatief open en grootschalig landschap; ▪ rationele kavelstructuren; ▪ wegen in de kom zijn veelal beplant met essen: deze laanbeplanting deelt de kom als het ware op in verschillende landschappelijke kamers; ▪ verspreide (agrarische) bebouwing langs wegen; ▪ de kom is primair in gebruik voor de landbouw; ▪ in het westelijke komgebied ligt waardevol weidevogelgebied; ▪ cultuurhistorische waarden: de weteringen uit de 14e eeuw die werden aangelegd om het komgebied te ontwateren (waaronder de Drielse wetering) en de eendenkooi ten noorden van Hedel.
Ligging van de komgronden
De Drielse wetering
Essenlaan langs de Achterdijk
18/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Rivier en uiterwaarden Kenmerken: ▪ de Waal is een grote brede werkrivier met veel scheepvaart. De uiterwaarden zijn relatief open en moerassig. De uiterwaarden van de Maas zijn beslotener door meer opgaande beplanting. De rivier de Maas is relatief smal en heeft zich diep ingesneden in het landschap; ▪ de uiterwaarden zijn onbebouwd; ▪ alle uiterwaarden zijn waardevol natuur- en recreatiegebied: de uiterwaarden langs de Waal, waaronder de kil van Hurwenen, zijn Natura 2000 gebied. De grote dynamiek van deze rivier zorgt voor moerassige omstandigheden. De Zandmeren aan de Maas hebben een grote recreatieve waarde. De plas bij de A2 en de dode Maasarm bij Alem behoren tot het Gelders Natuur Netwerk (GNN); ▪ cultuurhistorische waarden: de eeuwenoude dijken en forten. Het fort Nieuw Sint Andries bij Heerewaarden dateert uit 1812 en werd gebouwd ter vervanging van het (oude) fort Sint-Andries uit 1599 (Tachtigjarige oorlog). Fort de Voorn werd in de 16e eeuw (1588) aangelegd. Het fort is nu alleen nog als contour herkenbaar (natuurmonumenten.nl).
Ruimtelijke ontwikkelingen: ▪ bij Heerewaarden in de uiterwaarden van de Waal is natuurontwikkeling voorzien als onderdeel van het project Uiterwaard Wamel, Dreumel en Heerewaarden (UWDH) (Waalweelde West, 2013).
De uiterwaarden van de Maas. De Maas is nauwelijks zichtbaar doordat hij ingesneden in het landschap ligt.
De Waal, een brede werkrivier.
19/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Weidevogelgebied Natura 2000 Gelders Natuur Netwerk Recreatieve functie Natuur- en recreatiegebieden
De Maas en oude Maasarm bij Alem (© Siebe Swart)
20/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Infrastructuur Kenmerken: ▪ A2 en spoor doorsnijden de landschappelijke oost-west richting, en daarmee de verschillende landschapstypen binnen Maasdriel; ▪ vanaf de hoofdinfrastructuur (spoor en A2) heeft de gebruiker een open zicht op het kommenlandschap. Vanuit het landschap gezien vormen de A2 en het spoor vooral een barrière in het landschap, ook omdat beide verhoogd in het landschap liggen; ▪ de provinciale wegen N831 en N322 (Van Heemstraweg) vormen de belangrijkste oost-west verbindingen in de gemeente;
Ligging van de infrastructuur
Ruimtelijke ontwikkelingen: ▪ in de nabije toekomst wordt de A2 mogelijk uitgebreid van 2x3 naar 2x4 rijstroken (Structuurvisie Maasdriel, 2011).
Vanaf de hoger liggende A2 beleef je voornamelijk het open komlandschap
De A2 gezien vanuit de omgeving
21/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Bebouwd landschap Kenmerken: ▪ het bebouwde landschap omvat alle dorpen binnen de gemeente, inclusief bedrijventerreinen en glastuinbouw: Alem, Ammerzoden, Hedel, Heerewaarden (beschermd dorpsgezicht), Hoenzadriel, Hurwenen, Kerkdriel, Rossum, Velddriel, Well en Wellseind. ▪ langgerekte dorpen zijn karakteristiek voor het rivierengebied. Velddriel is hiervan een mooi voorbeeld; ▪ de bedrijventerreinen (120 ha) liggen aan de randen van de dorpen, zijn zeer divers en relatief kleinschalig van opzet. Aan weerszijden van de A2 is een groter cluster ontstaan; ▪ kassen liggen verspreid over het gebied, vaak gecombineerd met grote bedrijfshallen en loodsen;
Ligging bebouwd landschap
Ruimtelijke ontwikkelingen: ▪ het gebied tussen de A2 en Hedel is aangewezen als beoogd ontwikkelingsgebied voor bedrijven (Structuurvisie Maasdriel, 2011); ▪ de gemeente heeft twee gebieden aangewezen als herstructureringsgebied voor de glastuinbouw.
Het langgerekte dorp Velddriel
Bedrijventerrein bij Hedel: abrupte overgang van bedrijventerrein naar omliggende landschap
22/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
3 BEPERKINGEN EN TECHNISCHE RANDVOORWAARDEN Zonnevelden en windturbines kunnen niet zomaar overal worden geplaatst. Voor beide vormen van duurzame energieopwekking gelden beperkingen en voorwaarden die te maken hebben met het netwerk, wet- en regelgeving en kosteneffectiviteit. Dit hoofdstuk gaat in op deze beperkingen en voorwaarden.
3.1 Huidig energienetwerk Het huidige energienetwerk is voor zowel de plaatsing van wind als zon een belangrijke factor om rekening mee te houden. Voor grootschalige initiatieven (>2 MW) is de afstand tot het onderstation van groot belang (indicatief geldt een afstand tot 5 km). Het onderstation Zaltbommel of soms een regelstation is de plek waar een dergelijke opstelling wordt aangesloten op het netwerk. Zon op dak kan in principe worden aangesloten op het lokale middenspanningsnet, zolang de totale opwekcapaciteit onder 2MW blijft. Daarbij moet worden aangetekend dat ook de lokale netten steeds voller worden. Het kaartje op de pagina hiernaast toont het huidige netwerk en de ligging van de onder- en regelstations. De gemeente Maasdriel maakt momenteel gebruik van het onderstation bij Zaltbommel en het satellietstation RS Velddriel. Ligging netwerk, onderstation (OS) en Regelstations (RS)
23/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Het bestaande net raakt steeds voller, dus voor toekomstige wind- en zonneparken is het faseren van ontwikkelingen in de tijd is van groot belang. Een andere optie is cable pooling, waarbij een nabijgelegen windpark en een zonnepark gebruik maken van dezelfde aansluiting. Zo wordt de energie infrastructuur beter benut, omdat zon en wind complementair zijn aan elkaar. De nieuwe energiewet die in voorbereiding is gaat meer ruimte bieden aan het lokaal op elkaar afstemmen van vraag en aanbod. Ook daarmee worden transportnetten ontlast. Er lopen in Nederland al pilots met slimme netten achter een aansluiting en toepassingen van opslag in accu’s en conversie van elektriciteit in warmte (opslag). Dit soort oplossingen gaan ook een grotere betekenis krijgen in de planning en haalbaarheid van projecten voor zon en wind. Deze ontwikkeling sluit aan bij de wens van de gemeente Maasdriel om zoveel mogelijk van de lokaal opgewekte energie ook lokaal te gebruiken.
3.2 Lopende plannen en initiatieven Binnen de gemeente Maasdriel, maar ook in de nabije omgeving spelen verschillende ontwikkelingen op het gebied van zon en wind. Ze hebben grote impact op het landschap, en vormen daarom eveneens belangrijke context voor nieuwe ontwikkelingen. De elf windturbines bij Deil zijn bijvoorbeeld vanuit een groot deel van de gemeente zichtbaar. De belangrijkste initiatieven op een rij: ▪ burgerwindpark A2 Lage Rooijen (gemeente Maasdriel); ▪ windpark Bommelerwaard-A2 (gemeente Zaltbommel); ▪ zonnepark Ketelsteeg (gemeente Zaltbommel); ▪ windpark de Rietvelden (gemeente Den Bosch); ▪ windpark Oss-Den Bosch (definitieve plannen zijn nog niet concreet).
Visualisatie burgerwindpark Lage Rooijen © https://windparklagerooijen. nl/visualisaties/
24/72
3.3 Beperkingen door wet- en regelgeving
Visie Zon En Wind Maasdriel
Grootste beperkingen windturbines ▪
Er gelden diverse restricties voor wind en zon door wet- en regelgeving op verschillende schaalniveaus. Zo kunnen windturbines of zonnepanelen worden uitgesloten vanwege veiligheidsoverwegingen (bijv. buisleidingen of waterkeringen), een beschermde status (bijv. natuur of monumenten) en/of een fysieke onmogelijkheid (bijv. bestaande dorpskern of snelweg). In het Handboek Risicozonering Windturbines worden op basis van risicoanalyses afstandscriteria meegegeven voor diverse aspecten en rekenmethodes waarmee de riscocontouren kunnen worden bepaald. Bij nieuwe initiatieven moet er aandacht zijn voor de effecten op de leefomgeving van mens en natuur, zoals geluid, slagschaduw, effecten op natuur (vogels, vleermuizen etc. en de leefgebieden), visuele impact en veiligheid . Gezien de inrichting van Nederland, is het onmogelijk projecten in te passen zonder effecten op de directe omgeving. Al deze aspecten worden bij nieuwe initiatieven zorgvuldig getoetst en afgewogen. In de hoofdstukken 4 en 5 worden de kansen en spelregels beschreven voor de plaatsing van zon en wind in de gemeente Maasdriel, vanuit een maatschappelijk en landschappelijk perspectief.
▪
▪
Geluidsgevoelige objecten. Bij onderzoek naar de plaatsingsmogelijkheden van windturbines wordt als eerste gekeken naar de afstand tot geluidgevoelige objecten (zoals woningen). Hiervoor wordt vaak een afstand van 400 meter aangehouden. Binnen deze zone kunnen geen windturbines gepositioneerd worden. Uit ervaring blijkt dat met deze afstand (eventueel met mitigerende maatregelen) voldaan kan worden aan wet- en regelgeving ten aanzien van geluid, maar ook veiligheid en slagschaduw. Er is aandacht voor de laatste ontwikkelingen m.b.t. gezondheids- en veiligheidsaspecten. Zodra er door bevoegde instanties concrete aanbevelingen komen, zal dit aanleiding kunnen zijn voor gewijzigde wet- of regelgeving of voor het opstellen van specifiek beleid; (Beperkt) kwetsbare objecten, wegen, waterwegen, spoorwegen, industrie, buisleidingen, hoogspanningslijnen en waterkeringen. Hiervoor gelden minimale afstanden tussen object(en) en de windturbine(s) (zie Handboek Risicozonering Windturbines); Radarposten en laagvlieggebied. Windturbines kunnen verstoring op de radar veroorzaken. Daarom moet ieder plan worden getoetst. Dat geldt ook voor de laagvlieggebieden, zoals de komgronden in de Bommelerwaard;
▪
Natura 2000, GNN en weidevogelgebied. De uiterwaarden van de Waal zijn Natura 2000 gebied. De uiterwaarden van de Maas behoren grotendeels tot het Gelders Natuur Netwerk. Ten westen van de A2 ligt een weidevogelgebied. In deze zones gelden strengere richtlijnen voor de plaatsing van windmolens en zonnevelden. Provincie Gelderland heeft met de actualisatie van de Omgevingsverordening op 31 maart 2021, zonnevelden en windturbines in de weidevogelgebieden uitgesloten.
Grootste beperkingen zonnevelden Voor zon zijn de beperkingen veel beperkter. Ook hier worden gebieden uitgesloten (weidevogelgebieden en Natura 2000) en gelden verplichte afstanden tot woningen en wegen, maar deze zijn veel minder groot. ▪
Aansluiting op netwerk. Meer dan bij wind spelen afstanden tot aansluitpunten op het elektriciteitsnet een rol van betekenis. De lengte van de aansluitkabel heeft een forse impact op de financiële haalbaarheid van een zonnepark. Zo is de financiële haalbaarheid van een zonnepark met een aansluitmogelijkheid op een 110 kV transformatorstation op minder dan 5 kilometer relatief goed. Bij grotere afstanden drukken de kosten voor het leggen van de kabels vaak te zwaar op de business case en zijn projecten niet meer interessant.
25/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Op de potentiekaarten in de Bijlage 2 is te zien waar op basis van deze (harde) beperkingen plek is voor het plaatsen van zon en wind. Let op, dit is niet het beleid van de gemeente Maasdriel, dat volgt in deel 2 van deze Visie. Bovendien betreft het een eerste scan op basis van GIS data (NPRES december 2020).
3.4 Technische bouwstenen
▪
De vuistregel die hiervoor wordt gehanteerd is vier maal de rotordiameter. Bij een rotordiameter van 140 meter is de afstand tussen twee windturbines dus 560 meter. Randzaken. Windturbines hebben een grote funderingsplaat nodig, voldoende opstelruimte voor de kraan tijdens de opbouw en een beheerweg. Daarnaast is transformatorkast, nodig om de spanning te kunnen omzetten naar die van het netwerk.
Voor zowel zonnevelden als windparken gelden verschillende technische randvoorwaarden. Daartoe behoren ook de transformatorkasten, beheerwegen etc. Dit noemen we de technische bouwstenen.
Bouwstenen wind ▪
▪
Maat en schaal. Moderne windturbines worden steeds hoger, en leveren ook steeds meer energie op. De nieuwste turbines gaan richting de 250 meter (tiphoogte) en hebben een minimaal vermogen van 5 MW. Kleinschalige windmolens hebben een tiphoogte tot maximaal 20 meter en een relatief klein vermogen (ca. 20kW). Om met deze kleinschalige windmolens evenveel energie op te wekken als met één moderne windturbine heb je ca. 500 kleine windmolens nodig. De voorkeur gaat uit grote, moderne windturbines. Onderlinge afstand. Om te voorkomen dat de windturbines elkaars opbrengst beïnvloeden moeten ze op voldoende afstand van elkaar worden geplaatst.
Bouwstenen windturbines
26/72
Bouwstenen zonnevelden ▪
▪
Opstelling panelen. Een zuidopstelling is de meest voorkomende opstelling voor zonnevelden, gevolgd door de oostwest opstelling. Een zuidopstelling heeft de grootste opbrengst op het moment dat de zon het hoogst staat. Oostwest opstellingen (of dakjes), hebben een lagere piekopbrengst, maar leveren hun energie meer verspreid over de dag. Dat kan financieel gunstig zijn. Wel moeten de rijen relatief dicht op elkaar staan (bij de financieel meest gunstige opstelling) en bereikt maar weinig licht de bodem, waardoor er slechts geringe vegetatieontwikkeling mogelijk is. Zuidopstellingen kunnen verder uit elkaar staan, zodat er nog vegetatie tussen de rijen kan groeien. Panelen kunnen enigszins worden geroteerd om beter aan te sluiten bij bijvoorbeeld het kavelpatroon. Bij een te grote verdraaiing zal een zonneveld echter als businesscase snel minder interessant zijn, omdat het te weinig rendement oplevert. Randzaken. Zonnevelden gaan gepaard met een invoedstation en meerdere tansformatorkasten. Afhankelijk van de grootte van het park zijn er een of meer beheerwegen nodig, en een toegang tot het park. Ook worden de parken meestal voorzien van een omheining in de vorm van een hekwek en/of brede watergang voor de verzekering.
Visie Zon En Wind Maasdriel
▪
Tijdelijkheid. De zonnevelden worden gezien als tijdelijk landgebruik, voor ca. 20 tot 25 jaar. De gebruikte locaties moeten na de uitgebruikname van de installaties weer N in oorspronkelijke staat worden N teruggebracht. In overleg kunnen de landschappelijke investeringen (groen water) die gedaan zijn Z en Z worden behouden.
Zuidopstelling
N
N Z
Z
N Oostwest opstelling (dakjes)
Z
27/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
3.5 Combineer zon en wind
3.6 Overige duurzame energiebronnen
Een turbine in het windpark van Deil levert ongeveer 14.700 MWh per jaar op. De masthoogte van deze windturbines is ca. 140 meter en de tiphoogte (inclusief de wiek) is 208 meter. Om dezelfde hoeveelheid energie op te wekken met zonnepanelen heb je een zonnepark van ca. 16 ha. nodig. Een zonnepark vergt dus meer ruimtebeslag dan een windmolen. Toch hebben we ze beide nodig. Over het algemeen schijnt de zon harder als de wind niet waait en andersom. Denk daarbij aan dag en nacht, maar ook aan zomer en winter. De duurzame energievormen vullen elkaar aan, ook op aansluiting. Door gebruik te maken van zowel windturbines als zonnepanelen, is er een gelijkmatiger aanbod van energie op het net en is de energievoorziening minder kwetsbaar.
Deze visie biedt een ruimtelijk perspectief voor de opwek van duurzame energie met zon en wind in de gemeente Maasdriel. De gemeente denkt ook na over hoe het de warmtetransitie in Maasdriel willen vormgeven. Daarvoor wordt een Transitievisie Warmte voorbereid. Uiteraard zijn er ook andere bronnen van duurzame energie, zoals waterkracht. Deze methode levert nog (te) weinig op aan duurzame energie en vraagt bovendien veel hogere subsidiekosten dan zon en wind. Daarom is deze methode nu buiten beschouwing gelaten. Bij een herijking van deze visie (over drie tot vijf jaar) is het goed mogelijk dat andere methoden, zoals waterkracht, veel rendabeler zijn geworden. De visie kan dan daarop worden aangepast.
Zonnepark Veendam: 14.725 MWh per jaar (16 ha.)
Door de autonome groei van zon op dak is het voor de efficiëntie van het systeem wenselijk om tot 2030 vooral in te zetten op windenergie. Omdat de aansluitcapaciteit voor zon beperkt is loont het om zonnevelden te clusteren en de aansluiting te combineren met wind (cablepooling). Ook uit de enquête blijkt een voorkeur voor de combinatie van zon en wind.
1 turbine type Deil: 14.700 MWh per jaar
28/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Visie Zon En Wind Maasdriel
DEEL 2 KANSEN EN SPELREGELS
29/72
30/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
4 KANSEN VOOR ZON EN WIND Het landschap van Maasdriel is exemplarisch voor het rivierengebied, met haar besloten oeverwallen, relatief open komgronden en waardevolle, afwisselende uiterwaarden. Deze kwaliteiten (zie Hoofdstuk 2) moeten ook naar de toekomst behouden blijven. Daarom heeft zon op dak de voorkeur. Echter, niet alle daken zijn geschikt en bovendien kan zon op dak niet worden verplicht. Naar verwachting zal de Omgevingswet hiervoor wel in beperkte mate mogelijkheden gaan bieden voor nieuwbouw, deze mogelijkheden zullen nadat de regeling definitief is kunnen worden onderzocht. Om onze klimaatdoelen te halen zal daarom ook moeten worden gekeken naar mogelijkheden voor windenergie en (grootschalig) zon op land. Voor deze Visie vormen de landschapstypen van Maasdriel het uitgangspunt, en niet de beperkingen. Welke landschapstypen lenen zich goed voor het plaatsen van zon en wind? En op welke manier kunnen dergelijke initiatieven meerwaarde creëren voor de omgeving? De basis hiervoor is gelegd in de digitale enquête en de beide werksessies.
4.1 Kansenkaart De kansenkaart geeft aan - vanuit een maatschappelijk en landschappelijk perspectief - welke locaties binnen de gemeente Maasdriel de voorkeur hebben voor de plaatsing van windturbines en zonnepanelen. Deze locaties zijn dus nog niet getoetst aan beperkingen en technische randvoorwaarden, zoals beschreven in Hoofdstuk 3. Tot 2030 is de zone rondom de snelweg A2 en het spoor (op de kansenkaart met groen gemarkeerd) aangewezen als kansrijk zoekgebied voor wind en grootschalig zon op land.
In deze zone tussen en rondom de snelweg A2 en het spoor worden de meeste kansen gezien voor windturbines en zonnepanelen (bij voorkeur in combinatie of in elkaars nabijheid). Dit sluit goed aan bij het huidige provinciale beleid, waar het combineren van windturbines met andere, intensieve functies in een gebied de voorkeur heeft. De infrastructuur zone bevat de A2 en het spoor tot maximaal 850 meter daarbuiten (Beleidslijn windenergie, 2019). Binnen 850 meter is de infrastructuur zo dominant aanwezig, dat het landschap als infrastructuurlandschap wordt getypeerd.
De overige gebieden gaan niet op slot, maar tot 2030 is hier enkel ruimte voor kleinschalige proefopstellingen, innovatieve projecten of lokaal geinitieerde ontwikkelingen die breed gedragen en 100% cooperatief zijn. Het inititiatief dient onderdeel uit te maken van een levensvatbaar agrarisch bedrijf of van de sociale leefomgeving. Een goede landschappelijke inpassing, met voldoende aandacht voor biodiversiteit, is te alle tijden vereist.
Het komgebied is redelijk geschikt voor de opwek van duurzame energie. Het relatief grootschalige open landschap leent zich zowel voor windturbines als zonneparken. Aandachtspunt blijft het gebruik van waardevolle landbouwgronden. Mede daarom is dit gebied tot 2030 niet als kansrijk zoekgebied aangewezen.
De uiterwaarden behoren tot de waardevolle natuur- en recreatiegebieden binnen de gemeente, maar er is veel ruimte en er wonen weinig mensen. Daarom worden hier op zeer beperkte schaal kansen gezien voor drijvende zonnepanelen, mits het de aanwezige functies en natuurwaarden niet aantast.
31/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Spelregels rivier en uiterwaarden zie p 52
Het minst kansrijk voor zon en wind zijn de oeverwallen. De dichte bebouwing en het kleinschalige karakter lenen zich niet goed voor grootschalige opstellingen, en zeker niet voor wind.
Algemene spelregels zie p 34
Een uitzondering vormt het bebouwde landschap, en dan met name de bedrijventerreinen. Hier worden wel degelijk kansen gezien voor zowel zon als voor wind. In Hoofdstuk 5 worden per landschapstype de spelregels beschreven voor de plaatsing van windturbines en de inpassing van zonnepanelen in het landschap.
Spelregels komgronden zie p 42
Spelregels bebouwd landschap zie p 48 Spelregels oeverwallen zie p 56
Spelregels infrastructuur zie p 38
Kansenkaart voor windturbines en grootschalige zonnevelden gemeente Maasdriel
32/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
4.2 Regels voor initiatiefnemers
Regels voor grootschalige opstellingen zon (vanaf 2 ha) en windturbines in het landschap
Naast wettelijke en beleidskaders, zoals voor geluid, slagschaduw of natuurgebieden, wil de gemeente Maasdriel ook zelf regels stellen aan initiatieven voor zon en wind binnen de gemeente. Het doel hiervan is dat de plannen moeten bijdragen aan de omgeving, denk aan een goed participatieplan of lokaal eigendom. Hierbij maken we onderscheid tussen: 1. Kleinschalige opstellingen (rendement voor eigen gebruik): ▪ zon op dak en/of binnen de woonbestemming of agrarisch bouwperceel (kleiner dan 2 ha); ▪ windmolens tot 20 meter 2. Grootschalige opstellingen zon (vanaf 2 ha) en wind in het landschap.
▪
Voor opstellingen in het landschap is een goede landschappelijke inpassing vereist (zie ook Hoofdstuk 5). Aan grootschalige opstellingen stellen we echter meer regels, omdat de ruimtelijke impact groter is. Zo kan ook de omgeving meeprofiteren. De gemeente Maasdriel toetst bij grootschalige opstellingen aan de GEA ambities en aan de volgende regels rondom participatie met de samenleving.
▪
▪
▪
Investeringen in duurzame energie gaan altijd samen met investeringen in het landschap en omgeving. Deze investeringen kunnen direct samengaan met de opgave voor duurzame energie, bijvoorbeeld een nieuwe recreatieve route in de nabijheid van een zonnepark of een bijdrage aan de biodiversiteit in het gebied. De initiatiefnemers stellen een participatieplan op (als onderdeel van hun projectplan) dat als doel heeft: inwoners vanaf de start bij het initiatief betrekken, inwoners meenemen in de planvorming en inwoners laten meedoen in de omslag naar een energieneutraal Maasdriel en hen daarvan te laten profiteren. Deze verplichting wordt ook opgelegd vanuit de Klimaatwet. De initiatiefnemers committeren zich aan de verantwoordelijkheden rondom proces-, project- en financiële participatie en verwerken deze in hun aanpak. Ze maken kenbaar hoe de lokale omgeving gaat profiteren van het project. De initiatiefnemers onderbouwen hoe ze ten minste 50% of meer in coöperatief lokaal eigendom van het voorgestelde project gaan realiseren. Ze motiveren hoe ze zich gaan inzetten voor meer dan 50% in lokaal eigendom van het initiatief. Deze verplichting wordt ook opgelegd vanuit de Klimaatwet.
▪
▪
▪
▪
▪
▪
De initiatiefnemers voeren voor hun project een lokaal energiesysteem analyse uit, met als doel een initiatief dat zowel energetisch als financieel-economisch duurzaam is. Opgewekte duurzame energie moet zoveel mogelijk ten goede komen aan inwoners van de gemeente Maasdriel tegen een aantrekkelijk tarief. Coöperatie Bommelerwaar werkt al op deze manier. De initiatiefnemers gebruiken de kansenkaart van de gemeente (zie vorige pagina) als leidend zoekinstrument. De initiatiefnemers stellen voor een zonneveld een landschappelijk inpassingsplan op, conform de spelregels zoals benoemd in Hoofdstuk 5. Naast landschappelijke inpassing van het initiatief dragen de initiatiefnemers bij aan een gemeentebreed omgevingsfonds. Het geld in het omgevingsfonds is beschikbaar voor initiatieven op het gebied van ontwikkeling van natuur en landschap en maatschappelijke versterking van de leefomgeving, waaronder ook verduurzaming. De initiatiefnemers zorgen voor extra overlastbeperkende maatregelen (bijvoorbeeld een stilstandvoorziening voor windturbines) indien nodig. Voor windturbines (m.u.v. miniturbines <20 meter) en zonnevelden buiten de woonbestemming of agrarische bouwpercelen, dienen initiatiefnemers een principe verzoek voor het project in.
Visie Zon En Wind Maasdriel
▪
Bij een positieve beoordeling van het initiatief door het college wordt het verzoek daarna voor het innemen van een principestandpunt voorgelegd aan de gemeenteraad. Deze procedure geldt alleen voor initiatieven die niet passen binnen de mogelijkheden die de vigerende bestemmingsplannen bieden (inclusief flexibiliteitsbepalingen). Voor windparken dient een compensatieregeling opgenomen te worden voor direct getroffenen, in lijn met de regeling zoals deze is gehanteerd bij het Burgerwindpark A2 Lage Rooijen.
Investeringen in duurzame energie moeten altijd samengaan met investeringen in het landschap en omgeving.
33/72
34/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
5 SPELREGELS VOOR ZON EN WIND Dit hoofdstuk beschrijft de spelregels, ofwel de landschappelijke inpassingsprincipes, voor de ontwikkeling van windturbines en/of zonnepanelen in het Maasdrielse landschap. Ook hiervoor hebben de enquête en de werksessies veel input voor geleverd. We starten met een aantal algemene principes voor zon en wind. Vervolgens worden per landschapstype de kansen en de specifieke spelregels benoemd.
▪
▪
5.1 Algemene spelregels Algemene spelregels wind De moderne windturbines overstijgen de schaal van ons landschap. Ze kunnen daarom niet landschappelijk worden ingepast, maar kunnen wel een landschappelijke structuur of richting benadrukken. Een logische opstelling van turbines en voldoende afstand tussen verschillende windparken dragen bij aan een rustig landschapsbeeld. Ook kan er aandacht worden besteed aan de vormgeving van de turbine en inrichting van het terrein. Voor een neiuwe windturbines gelden de volgende algemene spelregels: ▪ ▪
combineer waar mogelijk wind en zon, met inachtneming van de specifieke spelregels; sluit aan bij of houd voldoende afstand (ca. 2-5 km) tot de geplande windparken bij Zaltbommel en Hoenzadriel;
▪
▪
opstellingen die bijdragen aan een rustig landschapsbeeld zijn: (dubbele) lijnen of zwermen. Per type opstelling geldt een aantal principes (zie afbeelding pag. 35). Om daadwerkelijk een rustig beeld te creëren moeten deze opstellingsprincipes zo zuiver mogelijk worden toegepast; eenheid in vormgeving van windturbines per opstelling (afmeting, type en kleur) draagt bij aan een rustige uitstraling van opstelling. Een verhouding tussen masthoogte en rotordiameter van 1:1 wordt esthetisch als beste verhouding beschouwd; de ruimte rondom de turbines wordt zoveel mogelijk vrij gehouden van obstakels. De transformatorkast wordt zo mogelijk in de mast geïntegreerd en er worden geen hekwerken rondom de turbine geplaatst; de funderingsplaat wordt weggewerkt in de ondergrond en verhardingen voor beheerwegen en dergelijke worden geminimaliseerd.
35/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Algemene spelregels wind
Lijn
▪ ▪
▪ ▪ ▪
Dubbele lijn
een lijn bestaat uit minimaal 3 turbines onderlinge afstanden tussen de turbines zijn gelijk (max. 20% afwijking), dit is minimaal 4x maar nooit meer dan 7x de rotordiameter de opstelling volgt een rechte lijn, turbines mogen maximaal 20-30 meter afwijken binnen een opstelling worden dezelfde type turbines toegepast afstand tot een volgende opstelling is minimaal 2km
▪ ▪
▪ ▪ ▪
een dubbele lijn bestaat uit minimaal 3 turbines per rij, 6 turbines in totaal onderlinge afstanden tussen turbines zijn gelijk, ook de afstand tussen de rijen is gelijk (max. 20% afwijking tussen turbines, maximaal 20-30 meter afwijking van een lijn) de opstelling volgt een rechte lijn binnen een opstelling worden dezelfde type turbines toegepast afstand tot een volgende opstelling is minimaal 5km
Zwerm
▪ ▪ ▪
▪
een zwerm omvat minimaal 5 turbines een zwerm is compact van opzet en bevat geen lijnen de onderlinge afstanden zijn gelijkwaardig, gebruik een veelhoek met oneven zijden om lijnvorming te voorkomen afstand tot een volgende opstelling is minimaal 5km
36/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Algemene spelregels zon
Algemene spelregels zon:
voorkom rafelranden
We streven ernaar dat al het geschikte dakoppervlak in de gemeente Maasdriel wordt benut voor de productie van zonne-energie. Voor grondgebonden opstellingen voor zon, de zogenaamde zonnevelden, hebben we een aantal (algemene) spelregels opgesteld. Deze gelden zowel voor grootschalige als kleinschalige initiatieven. De algemene spelregels hebben betrekking op de plaatsing van panelen op de kavel(s) en de uitwerking van de randzaken (zie Hoofdstuk 3). Daarnaast moet er bij de ontwikkeling van zonnevelden altijd aandacht zijn voor de ruimtelijke context: de omgeving en de kernkwaliteiten van het landschap (zie spelregels per landschapstype).
▪ ▪ ▪ ▪
▪ ▪ ▪ ▪
positioneer transformatorkasten zoveel mogelijk in een lijn
nieuwe ontsluiting volgt de kavelgrens
combineer waar mogelijk zon en wind, met inachtneming van de specifieke spelregels; zorg voor een eenduidige opstelling van de panelen; volg bestaande landschapsstructuren en verkavelingspatronen; voorkom rafelranden, zeker bij opstellingen in het open landschap, door panelen met regelmaat te laten verspringen, zodat overhoeken ongeveer even groot zijn; positioneer objecten als transformatorkasten en dergelijke zoveel mogelijk in een lijn; kies een eenduidige kleurstelling voor hekwerken en objecten; de nieuwe ontsluiting volgt de kavelgrens en wordt op een landschappelijke manier ingericht; streef naar vergroting van de biodiversiteit en verbetering van de bodemkwaliteit in en rondom het zonnepark.
Visie Zon En Wind Maasdriel
Impressie zonnepark op de oeverwal, in lijn met de verkaveling.
37/72
38/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
5.2 Infrastructuur Geschikt door: ▪ ▪
▪
de combinatie met andere, intensieve functies: snelweg , spoor en aangrenzende bedrijvigheid; (geplande) opstellingen windpark A2 Bommelerwaard en burgerwindpark A2 Lage Rooijen in deze zone, waarbij aangesloten kan worden; veel ‘onbenutte’ ruimte in de vorm van taluds, afslagen en restruimtes tussen weg en spoor die kunnen worden benut voor zonnepanelen;
KANSRIJK ZOEKGEBIED VOOR WIND EN (GROOTSCHALIG) ZON OP LAND TOT 2030
Zone behorend bij infrastructuur (tot 850 meter van A2 en spoor)
Mogelijkheden duurzame energie langs infrastructuur
39/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Spelregels wind
▪
▪
Nieuwe initiatieven voor wind moeten aansluiten bij de (geplande) windparken in deze zone. Omdat het korte lijnopstellingen betreft is een zwerm als opstellingsprincipe hier uitgesloten. Het verlengen van de lijnen en/of het verdubbelen van de lijnen behoort wel tot de opties. De lijnen staan weliswaar haaks op de landschappelijke richting van het rivierengebied, maar passen qua maat en schaal wel bij de bundel infrastructuur.
Impressie dubbele lijnopstelling langs de A2
Lijn
Dubbele lijn
40/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Spelregels zon
▪
▪
▪
Voor nieuwe zonneparken in deze zone zijn er verschillende mogelijkheden: - in de afslag - op het talud - langs de infrastructuur - zone tussen A2 en spoor In het gebied tussen de snelweg A2 en het spoor zijn veel mogelijkheden voor zon en wind, omdat dit gebied zo onder invloed staat van infrastructuur. Het laadvermogen van het landschap is groot. Hier zijn zonnevelden mogelijk tot maximaal 20 ha. Wel zijn hier de overige spelregels zon voor kom of oeverwal van toepassing. Daarbij moet een initiatief altijd bezien worden in relatie tot het overig beleid van de gemeente Maasdriel, zoals het beoogde ontwikkelingsgebied voor bedrijven in deze zone. Tot 2030 geldt voor dit kansrijke zoekgebied een maximum van 20 ha. (grootschalig) zon op land. Deze zal als maatschappelijke tender (volgens de handreiking van het Gelders Energie Akkoord) op de markt worden gezet. (zie bijlage: Consulterende memo Commissie Ruimte, inclusief modellenstudie zon in zone ‘grote kans’).
Zonnevelden in de afslag A2:
▪ ▪
▪
de panelen liggen enkel binnen de afslag; de panelen zijn max. 1 meter hoog, gemeten vanaf maaiveld of wateroppervlak tot bovenzijde paneel, zodat automobilisten er over heen kunnen kijken; de panelen kunnen ook op de waterbekkens worden geplaatst, houd hierbij rekening met de aquatische ecologie en watervogels door bijvoorbeeld eilanden of kunstmatige onderwaterstructuren toe te voegen.
Zonnepanelen op talud:
▪ ▪
de opstelling volgt het talud; de panelen moeten ivm warmteafgifte op stellages worden aangebracht met enige tussenruimte tussen grond en panelen, deze tussenruimte is niet hoger dan 50 cm gemeten tussen talud en onderzijde paneel.
41/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Spelregels zon
Zonneveld langs A2 of spoor westzijde:
Zonneveld langs A2 of spoor oostzijde:
Zonnepanelen in de snelwegafslag A10. Automobilisten hebben goed zicht over het zonneveld door lage panelen.
▪
▪
voor de opzet van deze velden zie spelregels kom of oeverwal (afhankelijk van de locatie van het zonnepark in op de oeverwal of in de kom, maar wel binnen de invloedsfeer van de infrastructuurzone); voorkom dat weg- en treingebruikers tegen de achterkant van de panelen aankijken, zorg voor een groene rand;
▪
▪
▪
voor de opzet van deze velden zie spelregels kom of oeverwal (afhankelijk van de locatie van het zonnepark in op de oeverwal of in de kom, maar wel binnen de invloedsfeer van de infrastructuurzone); de velden mogen zichtbaar zijn vanaf de A2 (en het spoor). Maar de panelen zijn max. 1,5 meter hoog, gemeten vanaf maaiveld tot bovenzijde paneel, zodat men er overheen kan kijken; de randen van het park, met uitzondering van de weg-/spoorzijde, worden voorzien van een groene rand waarmee eventuele achterkanten van panelen uit het zicht worden genomen.
Zonnepanelen op het talud van de ring A10. Panelen volgen de helling van het talud.
42/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
5.3 Komgronden
Gemiddeld geschikt door: ▪ ▪ ▪ ▪
relatief grote schaal, openheid en weinig bebouwing; (geplande) opstellingen windpark A2 Bommelerwaard en burgerwindpark A2 Lage Rooijen; (waardevolle) landbouwgronden; buiten het kansrijke zoekgebied langs A2 en spoor tot 2030 niet mogelijk, tenzij lokaal geïnitieerd en/ of innovatief project.
De komgebieden
Mogelijkheden duurzame energie in het komgebied
43/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Spelregels wind
▪
▪
Lijn
Nieuwe initiatieven voor wind moeten aansluiten bij of voldoende afstand houden tot de (geplande) windparken. Wanneer voldoende afstand kan worden gehouden tot de twee (geplande) windparken behoort ook een zwerm, op de overgang naar de oeverwal en nabij de dorpen, tot de mogelijkheden.
Dubbele lijn
Zwerm
44/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Spelregels zon
Zonnevelden in het komgebied hebben een grote impact op het grootschalige open landschap, ook wanneer het park volledig wordt omzoomd met groen. Om die openheid van de komgronden te behouden hebben we het laadvermogen van het landschap bepaald. Dit bestaat uit een maximale oppervlakte (totale omvang van het veld, inclusief landschap- en natuurontwikkeling) en minimale onderlinge afstand (tussen de velden). Het komgebied van Maasdriel is opgebouwd uit zogenaamde ‘landschapskamers’, die worden gevormd door de lanen en wegen met daaraan de bebouwing. Een landschapskamer is ongeveer 600 meter bij 1,5 kilometer groot, en beslaat gemiddeld zo’n 100 ha. Door het midden van de kamer ligt vaak een grotere watergang of wetering. Op basis van deze opzet hebben we de volgende spelregels bepaald: ▪
▪
▪
een zonneveld in de kom heeft een maximale oppervlakte (totale omvang) van 10 ha (10% van een landschapskamer); binnen een landschapskamer ligt het park aan één kant van de wetering (noord of zuid), zodat er voldoende ruimte om het park over blijft voor beleving van de openheid. Dit kan per kamer wisselen; de parken liggen onderling minimaal op 2 kilometer afstand van elkaar. Zo blijft de druk op het landschap beperkt.
Landschapskamer in het komgebied van Maasdriel
Ontwikkel een zonnepark aan één kant van de wetering
45/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Spelregels zon
Grootschalige opstelling (max. 10 ha) in het open landschap:
▪
▪
▪
▪
max. 75% van het totale park (besluitgebied) mag bebouwd worden met zonnepanelen (van bovenaf gezien). De overige 25% moet worden ingezet voor landschaps- en natuurontwikkeling, zoals een plasdraszone; de panelen zijn niet hoger dan 1,5 meter, gemeten vanaf maaiveld zonneveld tot bovenzijde paneel, zodat het zicht over de panelen gewaardborgd blijft; de rand van het zonneveld is waterrijk, bij voorkeur zonder hekwerken, met een ecologische oever ingeplant met riet, ruig gras en lage beplanting; de onderliggende strokenverkaveling blijft herkenbaar.
Zonneveld (max. 5 ha) ingepast als eendenkooi:
▪ ▪
▪ ▪
▪
eendenkooien, zoals die ten noorden van Hedel, zijn maximaal 5 ha groot en hebben een sterke relatie met de weteringen in het gebied; ook een ‘nieuwe eendenkooi’ mag max. 5 ha groot zijn en max. 80% van het totale park (besluitgebied) mag bebouwd worden met zonnepanelen. De overige 20% moet worden gebruikt voor het water en opgaand groen rondom; de panelen zijn niet hoger dan 1,5 meter, gemeten vanaf maaiveld zonneveld tot bovenzijde paneel; beplanting rondom het zonneveld bestaat uit een dichte groenstrook met riet en aangeplante, inlandse boomsoorten: iep, es, els, wilg, populier en eik; de gronden rondom het nieuwe zonneveld blijven grasland.
46/72
Impressie van windturbines en een zonnepark ingepast als eendenkooi in het komgebied
Visie Zon En Wind Maasdriel
47/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Spelregels zon
Kleinschalige opstellingen (< 2ha binnen woonbestemming of agrarisch bouwperceel):
Combinaties met zon: ▪
▪
▪
▪
benut eerst de geschikte daken van de aanwezige bebouwing;
▪
de panelen worden uitgelijnd op de kavelrichting en de oriëntatie van de huidige bebouwing;
▪
plaats het zonneveld aan de achterzijde van het erf, zodat er duidelijk onderscheid is tussen de formele voorkant en de bedrijvige achterkant;
▪
opstellingen hebben een beperkte hoogte van max. 1,5 meter, gemeten vanaf maaiveld zonneveld tot bovenzijde paneel, of worden ingepast met beplanting passend bij het erf en het komgebied.
streef naar dubbel ruimtegebruik van de zonnevelden, zoals het combineren van panelen met veeteelt; geef ruimte aan innovaties, mits deze voldoen aan voorgaande spelregels over grote- dan wel kleinschalige opstellingen in dit landschap; wanneer in bovengenoemde specifieke gevallen niet kan worden voldaan aan de spelregels is maatwerk op zijn plaats.
48/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
5.4 Bebouwd landschap Geschikt door: ▪
▪
▪
Binnen het bebouwde landschap zijn de bedrijventerreinen, zeker die langs snelweg en spoor (de Geerden, de Kampen en het mogelijk voor bedrijven te ontwikkelen gebied tussen Hedel en de A2), kansrijk voor (combinaties van) zon en wind; In de dorpen zijn de kansen voor windturbines zeer schaars, vooral omdat deze op minstens 400 meter afstand moeten staan van bebouwing. Zowel voor wind als zonnevelden aan dorpsranden geldt tot 2030 niet mogelijk, tenzij lokaal geïnitieerd en/of innovatief project; De meeste kansen voor zonnepanelen binnen de bebouwde omgeving liggen op daken.
Het bebouwde landschap: dorpen en bedrijventerreinen
Mogelijkheden duurzame energie in het bebouwde landschap
49/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Spelregels wind
Grootschalige initiatieven voor wind op bedrijventerreinen zijn alleen mogelijk in de zone rondom A2 en spoor. Hier gelden dan ook dezelfde principes: ▪
▪
▪
nieuwe initiatieven moeten aansluiten bij de (geplande) windparken in deze zone. Omdat het korte lijnopstellingen betreft is een zwerm als opstellingsprincipe hier uitgesloten. Het verlengen van de lijnen en/of het verdubbelen van de lijnen behoort wel tot de opties; de lijnen staan weliswaar haaks op de landschappelijke richting van het rivierengebied, maar passen qua maat en schaal wel bij de bundel infrastructuur; aan de rand van het dorp of bedrijventerrein is eventueel wel ruimte voor een enkele dorpsmolen (zie spelregels oeverwallen).
Lijn
Windturbines bij een bedrijventerrein
Dubbele lijn
50/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Spelregels zon
Grootschalig zonneveld (max. 5 ha) aan de dorpsrand:
▪
▪ ▪
▪
een zonneveld aan de rand van het dorp gaat altijd hand in hand met een kwaliteitsimpuls: max. 70% van het totale park (besluitgebied) mag bebouwd worden met zonnepanelen. De overige 30% moet worden ingezet voor landschaps- en natuurontwikkeling; de maximale omvang per zonneveld op de oeverwallen is 5 ha (voor de opzet van deze velden zie spelregels oeverwal); creëer mogelijkheden voor recreatief medegebruik: nieuwe wandelpaden vanuit dorp naar buitengebied, een poel of ruimte voor natuurlijk spelen; het park moet worden benut om de overgang van dorp naar buitengebied te verzachten;
Zonnepark (max. 5 ha) als tijdelijke invulling:
▪
▪ ▪
zonnevelden kunnen vanwege hun ‘tijdelijke’ karakter uitstekend worden ingezet in transformatiegebieden, zoals braakliggende bedrijventerreinen of bij de herstructuering van de glastuinbouw; de maximale omvang per zonneveld op de oeverwallen is 5 ha (voor de opzet van deze velden zie spelregels oeverwal); benut de randen van het terrein voor het verfraaien van de omgeving en het vergroten van de ecologsiche betekenis: max. 70% van het totale park (besluitgebied) mag bebouwd worden met zonnepanelen,. De overige 30% moet worden ingezet voor landschaps- en natuurontwikkeling.
51/72
Visie Zon En Wind Maasdriel
Spelregels zon
Kleinschalige opstellingen (<2 ha) binnen het dorp (binnen woonbestemming of agrarisch bouwperceel):
Functiecombinaties met zon: ▪
▪ ▪ ▪
benut eerst de geschikte daken van de aanwezige bebouwing; plaats panelen niet aan de voorzijde van het erf; kies voor subtiele, lage opstellingen, die niet vanuit het buitengebied zichtbaar zijn.