Bijlage 7 Adviesrapport GGD Gelderland-Zuid - Adviesfunctie Gemeenschappelijke Regelingen
Tekst van het document
Gemeente Nijmegen Adviesfunctie Gemeenschappelijke Regelingen Kristian Peeters Hans Mulder April 2022
Adviesrapport Jaarstukken 2021 & Begroting 2023 GGD GZ
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
adviesrapport GGD GZ jaarstukken 2021 en begroting 2023 DEF.docx
Inhoudsopgave Inhoudsopgave ……..in één oogopslag Inleiding 1. Advies 1.1 Advies bij de jaarstukken 2021 1.2 Advies bij de begroting 2023 en begrotingswijziging 2022 2. Kaders 2.1 BRN-normen 2.2 Overige kaders 3. Algemeen 4. Jaarstukken 2021 4.1 Algemeen 4.2 Controleverklaring accountant 4.3 Fiscaliteiten 4.4 Begroting 2021 en managementrapportages 4.5 Resultaatanalyse 4.6 Balanstoelichting 4.7 Voorstel bestemming resultaat 4.8 Deelnemersbijdragen 5. Gewijzigde begroting 2022 6. Begroting 2023 6.1 Algemeen 6.2 BRN-normen, BBV-normen en overige kaders 6.3 Begrotingsanalyse 6.4 Deelnemersbijdragen 6.5 Meerjarenbegroting 7. Weerstandsvermogen 7.1 Algemene reserve 7.2 Bestemmingsreserves 7.3 Risico’s
1 2 3 4 4 4 5 5 5 5 6 6 6 6 6 6 8 8 8 9 11 11 11 11 13 14 15 15 15 15
1
adviesrapport GGD GZ jaarstukken 2021 en begroting 2023 DEF.docx
……..in één oogopslag VERMOGENSPOSITIE
JAARSTUKKEN 2021 Goedkeurende accountantsverklaring
Algemene reserve € 1.696.000 Norm Algemene reserve € 3.379.000
Rekeningresultaat: € 149.000 positief Resultaatbestemming: toevoegen aan algemene reserve.
Bestemmingsreserves € 386.000
BEGROTING 2023 - Niet sluitend met een tekort van € 418.000. Verschil wordt veroorzaakt door CAO effect 2021 - BBV proof - Voldoet aan de BRN
ADVIES -
-
In te stemmen met de jaarstukken 2021 en het bestemmingsvoorstel resultaat. In te stemmen met de begrotingswijzigingen 2022, en de begroting 2023, behoudens: 1. De verhoogde Bijzondere Zorg: nog niet structureel maar incidenteel, en evalueren in Q1 2023. 2. De voorgestelde begroting van Veilig Thuis, maar om uit te gaan van de realisatie 2021, en de daarbij behorende begroting 3. De bijdrage informatiegestuurd werken, niet structureel, maar nog een jaar incidenteel te verstrekken, en om in Q1 2023 de meerwaarde te evalueren De meerjarenraming 2024-2026 voor kennisgeving aan te nemen. De GGD GZ te verzoeken interne dienstverlening anders en transparant te berekenen.
2
adviesrapport GGD GZ jaarstukken 2021 en begroting 2023 DEF.docx
Inleiding Dit adviesrapport bevat de uitkomsten van de beoordeling van de jaarstukken 2021 en de begroting 2023 van de GGD Gelderland Zuid. Hierbij hebben wij een advies geformuleerd voor de zienswijze die GGD Gelderland Zuid vraagt aan de deelnemende gemeenten bij de begroting 2023 inclusief de begrotingswijziging 2022, en een advies bij de vaststelling van de jaarstukken 2021 en resultaatbestemming 2021. Op 25-4-2022 hebben wij onze bevindingen besproken met de GGD GZ (Moniek Pieters en Rob de Haan) Tijdschema zienswijze De GGD Gelderland Zuid heeft de jaarstukken 2021 en de begroting 2023 aan de deelnemende gemeenten aangeboden op 31 maart 2022. Volgens de BRN-planning geven wij een advies aan de deelnemende gemeenten op 30 april 2022 en zullen gemeenten uiterlijk 2 juni 2022 hun zienswijze indienen. De vaststelling van deze begroting en jaarstukken door het AB is gepland op 30 juni 2022. Werkwijze Adviesfunctie Voor de beoordeling van de jaarstukken en de begroting hebben de gemeenten in de Regio Nijmegen de Adviesfunctie Gemeenschappelijke Regelingen opgericht (hierna: Adviesfunctie). Als Adviesfunctie beoordelen wij de jaarstukken en de begroting en brengen hierover advies uit aan de regiogemeenten. Vertrekpunt bij de beoordeling zijn de Begrotingsrichtlijnen Regio Nijmegen (BRN), die de gemeenten in de Regio Nijmegen vastgesteld hebben. Hieraan toetsen wij.
Voor een uitgebreide toelichting op de indexeringssystematiek verwijzen wij naar de BRN 2023. Wij hebben de bijzonderheden die gelden voor GGD GZ verder in dit rapport toegelicht. Onze beoordeling van de jaarstukken richt zich op de financiële verantwoording en het voorstel over de bestemming van het resultaat. Op basis van de accountantscontrole gaan wij uit van de juistheid van de jaarrekeningcijfers en richten wij ons op een beoordeling van deze cijfers. Daarbij nemen wij de bevindingen in het accountantsverslag mee. Daarmee valt een inhoudelijke beoordeling van geleverde prestaties buiten de scope van onze werkzaamheden. Onze beoordeling van de begroting richt zich allereerst op het realiteitsgehalte van de raming en de toepassing van de BRN-normen en richt zich vooral op het jaar 2023. De meerjarenraming gebruiken wij met name als basis voor de beoordeling van de vermogenspositie. Een inhoudelijke beoordeling van beleidsvoornemens valt buiten de scope van onze werkzaamheden. Zowel bij de jaarstukken als de begroting nemen wij de risico’s en de risicobeheersing in ogenschouw en beoordelen wij de vermogenspositie, en met name het verloop van de algemene reserve. Algemeen Coronavirus COVID-19 Ook heel 2021 stond in het teken van de bestrijding van de Corona crisis. De GGD vervult een centrale functie in de bestrijding van deze crisis.
Het afgelopen jaar hebben alle GGD’s, dus ook de GGD GZ, een enorme inspanning geleverd door teststraten op te zetten, contactonderzoeken en het vaccinatieprogramma uit te voeren zoals het is bedacht door RIVM en overheid. Deze inspanningen zijn terug te vinden in de jaarcijfers van 2021.
3
adviesrapport GGD GZ jaarstukken 2021 en begroting 2023 DEF.docx
1. Advies 1.1
Advies bij de jaarstukken 2021
Wij adviseren de deelnemende gemeenten van GGD Gelderland Zuid om: 1. In te stemmen met de jaarrekening 2021 van de Gemeenschappelijke regeling van de GGD GZ. 2. In te stemmen met het voorstel om het positieve resultaat 2021 toe te voegen aan de Algemene Reserve. Het bedrag aan compensabele BTW over 2021 is uitgekomen op € 312.275
1.2
Advies bij de begroting 2023 en begrotingswijziging 2022
Wij adviseren de deelnemende gemeenten van GGD Gelderland Zuid om: 1.
In te stemmen met incidentele verhoging Bijzondere Zorg voor 2022 en 2023, zoals gesteld in 2020, en om in Q1 2023 samen te evalueren of het de gemeenten lukt om de toestroom te verlagen. 2. In te stemmen met de structurele aanstelling van een concerncontroller 3. In te stemmen met de verhoging 2023 voor Prenataal Huisbezoek (€ 64.474) 4. In te stemmen met de verhoging 2023 inzake toezicht kinderopvang 5. In te stemmen met de berekende indexering, en als gevolg daarvan de verhoging van de deelnemersbijdrage. 6. Niet in te stemmen met de voorgestelde begroting voor Veilig Thuis, maar om uit te gaan van de realisatie 2021, en de daarbij behorende begroting. 7. In te stemmen met de voorgestelde uitzetting overhead. 8. Niet in te stemmen met het structureel maken van de bijdrage Informatiegestuurd werken, maar om deze bijdrage nog een jaar incidenteel te verstrekken, en in Q1 2023 samen de meerwaarde te evalueren. 9. De adviesfunctie adviseert de deelnemende gemeenten om deze bijdrage van het Rijk inzake ‘Kansrijke Start’ op te nemen in haar begroting en in gesprek te gaan met de GGD over een mogelijke invulling. 10. In te stemmen met de wijzigingen betreffende Prenataal Huisbezoek 11. In te stemmen met de verlaging inzake het Toezicht Kinderopvang 12. In te stemmen met het uniformeren van de taak ‘Wet verplichte GGZ’. 13.
In te stemmen met de verlaging van de RVP bijdrage, vanwege de lagere opkomst. 14. Wij adviseren de gemeenten om de GGD GZ te verzoeken om een voorstel te doen om op een andere wijze en transparant, de interne dienstverlening te verwerken. Wij willen de gemeenten erop attenderen dat de werkelijke CAO stijging wel is verwerkt in de loonkosten, maar niet in de deelnemersbijdragen. Dit verklaart het negatieve resultaat van deze begroting. Volgens de spelregels wordt dit tekort ten laste gebracht van de algemene reserve. Genoemde punten zijn nader toegelicht in paragraaf 6.3. Voorts adviseren wij de deelnemende gemeenten om de risico’s van € 3.739.000, voor zover deze de algemene reserve van de GGD GZ van € 1.696.000 overstijgen, op te nemen in hun eigen paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing (zie toelichting in hoofdstuk 7.3). Dit naar rato van deelname.
4
adviesrapport GGD GZ jaarstukken 2021 en begroting 2023 DEF.docx
2. Kaders 2.1
BRN-normen
De toe te passen indexering heeft betrekking op de gemeentelijke bijdragen. Het vaststellen van een algemeen indexpercentage heeft dus betrekking op de algemene gemeentelijke bijdragen voor de uitvoering van wettelijke taken. De GGD GZ en VRGZ hebben een afwijkende indexering en zullen dan ook hun eigen berekening volgen. De afwijking ten opzichte van de standaard is voor de GGD GZ: de GGD GZ hanteert een verhouding van 78%-22% voor de lonen en materiele kosten (ipv 70-30%) b. De GGD GZ heeft ook voor de loonindex een afwijkende systematiek vastgesteld. Zij actualiseren niet op grond van de circulaires 2 jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar, maar nemen de werkelijke loonkostenstijgingen van januari van het jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar mee. Volgens info van GGD is de voorcalculatorische index 2023 1,98%. De nacalculatie over 2021 (loonindex) betreft -1,53%. De totaal index van de begroting 2023 bestaat uit voorcalculatie 2023 en de nacalculatie 2021. Totaal index begroting 2023 voor de GGD GZ: 0,45 % Deze indexering is toegepast voor de begroting 2023. Bij de GGD Gelderland-Zuid zijn de bijdragen van gemeenten voor wettelijke taken een belangrijke financieringsbron. Voor deze taken wordt de standaard index aangehouden. Daarnaast heeft de GGD Gelderland-Zuid ook diverse niet wettelijke taken waarvoor zij subsidies van overheden en derden ontvangen.
Deze financieringsbronnen kennen hun eigen normeringen en indexeringen. Wanneer er rijksmiddelen beschikbaar worden gesteld voor wettelijke taken, zal binnen dat betreffende rijksbudget gewerkt moeten worden. Bijvoorbeeld meldcode en vaccinatie. Het budget Veilig Thuis kent ook nog zijn eigen dynamiek.
2.2
Overige kaders
De volgende regelingen zijn nog (steeds) van kracht: - Gemeenschappelijke Regeling GGD Gelderland Zuid 1-1-2020, - Notitie Risicomanagement, voorzieningen en Weerstandsvermogen (dec 2014) - BBV Richtlijnen (besluit begroten en verantwoording) - Financiële verordening 2020 vastgesteld AB vergadering 27 juni 2019 - Treasury statuut 2019 vastgesteld AB vergadering 27 juni 2019 De regiogemeenten Rijk van Nijmegen hebben in het PFO van 7 oktober 2019 afgesproken om na indexering van de budgetten (de bijdrage gemeenschappelijke regelingen) een generieke korting structureel toe te passen van 1% in 2021, 2% in 2022 en 3% vanaf 2023. Deze besparingen heeft de GGD GZ in de begroting opgenomen.
3. Algemeen De rol die de GGD GZ heeft gekregen in de bestrijding van COVID-19 beïnvloedt de realisatie in 2021. In de begroting van 2023 is geen effect van COVID-19 opgenomen.
5
adviesrapport GGD GZ jaarstukken 2021 en begroting 2023 DEF.docx
4. Jaarstukken 2021 4.1
Algemeen
Het jaarverslag 2021 is opgemaakt in hetzelfde format als voorgaande jaren. De jaarrekening geeft het overzicht van baten en lasten van de gehele GGD, met een specifieke uitlichting van Veilig Thuis. De toegevoegde bijlagen geven aanvullende inzichten.
4.2
Controleverklaring accountant
De jaarstukken 2021 van de GGD GZ zijn door de accountant gecontroleerd op 21-04-2022, en voorzien van een goedkeurende verklaring voor getrouwheid en rechtmatigheid.
4.3
Fiscaliteiten
Jaarlijks beoordeelt de GGD GZ of zij voor onderdelen VPB-plichtig zijn. De GGD GZ heeft in 2021 geen VPB betaald. Het bedrag aan compensabele BTW is € 312.275.
4.4
Begroting 2021 en managementrapportages
De primaire begroting van 2021 is op 1-7-2021 door het AB aangepast met alleen een wijziging voor VT. De benodigde aanpassingen vanwegen de acticviteiten rondom COVID-19 zijn niet opgenomen als begrotingswjzigingen. Het AB is regelmatig geïnformeerd over de ontwikkelingen rondom COVID-19.
4.5
Resultaatanalyse
Zowel de primaire begroting 2021, als ook de begrotingswijziging van 1-7-2021 zijn sluitend opgesteld. Opnieuw heeft de bestrijding van COVID-19 veel invloed gehad op de uiteindelijke jaarrekening. Op pagina 81 van het jaarverslag 2021 wordt een overzicht gepresenteerd van alle baten en lasten die samenhangen met de bestrijding van COVID-19. De meerkosten Corona bedragen in totaal ook € 57 mln (gedeclareerd bij ministerie van VWS € 55,5 mln en bij RIVM € 1,5 mln). Zoals gezegd zijn deze lasten niet in de gewijzigde begroting opgenomen. Bij de ‘baten’ zijn onder de post ‘subsidie rijk’ alle extra vergoedingen opgenomen die samenhangen met COVID-19. De extra lasten zijn vooral te vinden onder de posten ‘personeel, ‘huisvesting’ en ‘algemene kosten’. Baten: Naast de extra Covid-19 baten zien we dat er bij subsidie gemeenten € 956.000 meer is ontvangen ten opzichte van de gewijzigde begroting. Verwacht was dat er op deze post fors minder baten zouden zijn dan in 2020. Ten opzichte van de realisatie 2020 is er echter € 182.000 meer ontvangen. Deze meeropbrengsten worden adequaat toegelicht op p. 71. De overige opbrengsten zijn € 1.259.000 lager dan (gewijzigd) begroot. Net als in 2020 is dit vooral veroorzaakt door minder reizigersadviezen en-vaccinaties. Hiervan is netto € 125.000 vanwege Corona als minder inkomsten opgevoerd en gedeclareerd bij het rijk.
Lasten: Wanneer we de extra Corona uitgaven buiten beschouwing laten, zien we dat de lasten redelijk conform de begroting verlopen, behalve de uitgaven betreffende Interne Dienstverlening, hetgeen hieronder wordt toegelicht..
6
adviesrapport GGD GZ jaarstukken 2021 en begroting 2023 DEF.docx
Interne dienstverlening. In 2020 heeft de adviesfunctie aandacht besteed aan de manier waarop de verrekening van de interne dienstverlening tot stand komt. Ook nu zien we significante verschillen tussen de realisatie van 2021, en de begrotingen 2022 en 2023. Bij de primaire begroting 2021, ging de GGD GZ er nog vanuit dat er € 10.193.000 aan interne dienstverlening zou worden doorbelast. Bij de realisatie van 2021 blijkt dit ‘slechts’ € 6.745.000 te zijn. En ten opzichte van de realisatie 2020 is er uiteindelijk (9.452.000 – 6.754.000 =) € 2.698.000 minder interne doorbelasting verrekend. Voorts blijkt in het Jaarverslag 2021 dat de interne dienstverlening bij facultatieve taken, niet meer apart wordt gepresenteerd. Deze kosten zijn verwerkt in de post ‘personeel’. Ondanks ons verzoek van vorig jaar is de duidelijkheid niet toegenomen. Integendeel. De GGD GZ geeft aan dat de getoonde interne dienstverlening per uniforme taak (bijlage 6 van het jaarverslag) de totale interne dienstverlening presenteert, dus het deel van de GGD GZ, samen met de overhead van de uniforme taak. Bij alle facultatieve taken wordt geen interne dienstverlening gepresenteerd. Hier zijn de kosten van interne overhead versleuteld in de post ‘personeel’. De begroting 2023 lijkt op dezelfde manier te worden opgesteld.
Het verzoek van de adviesfunctie voor meer inzicht over de wijze waarop de interne dienstverlening tot stand komt wordt op deze wijze niet ingevuld. Deze presentatie is niet consistent, en roept vragen op. Bovendien blijkt uit de realisatie van 2021, en de begrotingen van 2022 en 2023 dat de interne dienstverlening in de begroting vaak (fors) toeneemt (zie pagina 66 van de begroting 2023). Als toelichting van de GGD GZ is aangegeven dat er een fout is gemaakt in de primaire begroting 2021. Daarnaast heeft de GGD GZ de interne dienstverlening per facultatieve taak niet apart berekend. Deze kosten, voorzover het geen GGZ brede overhead betreft, zijn wel meegenomen in de post ‘personeel’. In de toelichting geeft de GGD GZ aan, dat indien het vaste deel van de interne bijdrage (overhead GGDGZ), ter hoogte van 2,3 Mio wel wordt toegerekend aan de interne dienstverlening, en niet aan personeel, de interne dienstverlening op € 6.754.000 + € 2.300.000 = € 9.054.000 wordt. De personele component zou dan met een vergelijkbaar bedrag dienen te dalen, maar dat wordt niet aangevoerd. De genoemde fluctuaties die worden gepresenteerd veroorzaken onduidelijkheid, bepalen in hoge mate het resultaat per taak , en dit heeft ook invloed op het totaalresultaat. Onderstaande tabel geeft een overzicht van de diverse bedragen:
Door deze fluctuaties, en de wijze waarop wordt toegerekend per taak, is het voor de adviesfunctie niet goed mogelijk om een advies te geven over de interne dienstverlening. De GGD GZ ziet een meerwaarde (verlaging administratieve lasten) om de toerekening anders vorm te geven. De gedachte is om een vast deel (bv 23% overhead) te berekenen bij elke taak. En dat is dan de interne dienstverlening. De overhead die niet centraal is, dus binnen de taak, wordt onder ‘personeel’ bij de betreffende taak vermeld. Elke taak betaalt daarmee vooraf een percentage, en die wordt vermeld in de jaarcijfers. Wij adviseren de gemeenten om de GGD GZ te verzoeken om een voorstel te doen om op een andere wijze en transparant de interne dienstverlening te verwerken. Veilig Thuis: In 2021 zijn er 6.691 adviezen VT afgegeven. In tegenstelling tot de rapportage van 2020 is dit het aantal adviezen exlcusief chats. Er zijn 539 chats geregistreerd, waardoor het totaal aantal adviezen komt op 7.230. Dit is hoger dan begroot. Het aantal meldingen is echter 8,7% lager dan 2020. Waar in 2020 25,6% van de meldingen heeft geleid tot bemoeienis van VT is dat in 2021 28,4%. Op basis van deze activiteiten, met de geldende tarieven, kan er totaal € 6.849.030 aan kosten worden verklaard. Het resultaat is lager dan op grond van P*Q verwacht werd.
Op basis van P*Q ligt een positief resultaat van ca € 600.000 meer in de verwachting. Echter, er zijn meerkosten gemaakt vanwege incidentele en tijdelijke taken (TOC),
7
adviesrapport GGD GZ jaarstukken 2021 en begroting 2023 DEF.docx
waar ook deels inkomsten tegenover staan. Daarnaast is de personele bezetting hoger begroot, hetgeen de kosten verhoogd. Omdat er op basis van een hogere begroting een hogere bijdrage is betaald door de deelnemende gemeenten, kan VT een resultaat tonen van € 170.000 positief. Resultaat: Het resultaat van 2021 is de optelling van alle bovenstaande afwijkingen. Veel posten zijn beïnvloed door de Corona inspanningen, maar Corona heeft het resultaat niet beïnvloed, omdat het Rijk er evenveel inkomsten tegenover heeft gezet. Een andere belangrijke factor in het behaalde resultaat is de doorberekening van interne dienstverlening naar alle diensten. Deze grote verschillen worden niet toegelicht, maar zijn wel bepalend voor het uiteindelijke resultaat. GGD GZ heeft een klein batig saldo gerealiseerd van € 149.000.
4.6
Balanstoelichting
In de balans zijn meerdere Corona gerelateerde posten opgenomen. De post voorraden betreft de voorraad Corona vaccins. De afname van het debiteurensaldo is volledig te verklaren door de openstaande declaratie eind vorig jaar bij het Rijk inzake Corona. Ook de uitzetting van het saldo ‘Rijks Schatkist’ wordt veroorzaakt door Corona facturen. De hoge stand van ‘overige crediteuren’ wordt met name veroorzaakt door de facturen voor uitzendkrachten in het kader van de Coronabestrijding. De balans is toegelicht in paragraaf 5.4.
4.7
Voorstel bestemming resultaat
In de aanbiedingsbrief wordt voorgesteld om het positieve resultaat van 2021 van € 149.000 toe te voegen aan de algemene reserve. De algemene reserve komt daarmee op 50% van de berekende streefwaarde. Conform de afspraken zijn in de berekening van de streefwaarde van de Algemene Reserve ook de Coronamiddelen meegenomen in de baten en lasten. Wanneer we deze Coronamiddelen niet meenemen komen we op een streefwaarde van ca € 1.517.000. De dekking van de algemene reserve wordt daarmee, zonder Corona-invloed, ca 107%. Geadviseerd wordt om dit voorstel over te nemen.
4.8
Deelnemersbijdragen
In onderstaande tabel zijn de bijdragen per gemeente en per werkveld weergegeven als onderdeel van de totale bijdragen in 2021 (bron jaarrekening 2021 GGD GZ, pagina 119). Dit betreft zowel uniforme als facultatieve bijdragen.
8
adviesrapport GGD GZ jaarstukken 2021 en begroting 2023 DEF.docx
5. Gewijzigde begroting 2022 In 2021 is de concept begroting 2022 , inclusief begrotingswijziging VT (€372.000) aangepast en vastgesteld in het AB van 1-7-2021. De volgende begrotingswijzigingen voor 2022 liggen nu voor, en deze zijn ook opgenomen in de conceptbegroting 2023:
1. Verhoogde Instroom bij Bijzondere Zorg GGD GZ geeft aan dat de primaire begroting 2022 van BZ is gebaseerd op 250 adviezen en 500 BZ trajecten. In 2020 is het aantal adviezen toegenomen tot 325, en het aantal trajecten BZ 1117. Dit was mogelijk met de bestaande middelen: er bleef in 2020 immers € 96.000 over. Voor 2022 wordt gevraagd om het aantal trajecten BZ met 100 te verhogen. Daarbij zet de GGD, in samenwerking met de gemeenten, in op vermindering van het aantal trajecten. Het positieve resultaat van 2020, blijkt uit de toelichting, is vooral veroorzaakt door een eenmalige facultatieve bijdrage van € 564.000. De adviesfunctie adviseert de gemeenten om deze verhoging incidenteel toe te kennen voor de jaren 2022 en 2023, en om in Q1 van 2023 samen te evalueren of het aantal trajecten daalt, en of het de gemeenten lukt om de toestroom te verlagen.
2. Concerncontroller Door een wijziging van Besluit Begroting en Verantwoording gemeenten (BBV) moet het DB vanaf 2022 zelf (in plaats van de accountant) een verantwoording opstellen voor de rechtmatigheid van het gevoerde -financiële- beleid, die opgenomen wordt in de jaarrekening. De kosten voor de aanstelling van deze controller worden gedeeld met VRGZ, en bedragen € 60.000. De adviesfunctie adviseert om akkoord te gaan met deze aanstelling.
3. Prenataal Huisbezoek Met de wijziging van de Wet publieke gezondheid (Wpg) worden gemeenten per 1 juli 2022 verplicht een prenataal huisbezoek aan zwangeren en/of gezinnen in een kwetsbare situatie aan te bieden. In 2022 wordt hiermee gestart. Voor 2023 verwacht de GGD GZ 580 huisbezoeken uit te voeren. Voor deze uitbreiding wordt in 2022 € 64.474, en vervolgens voor 2023 nogmaals € 64.474. Totaal €128.984. Voor de uitvoering van deze nieuwe taak verstrekt het rijk, via het gemeentefonds, extra middelen. De adviesfunctie adviseert om akkoord te gaan met deze wijziging.
4. Toezicht Kinderopvang De inspecties van de gastouder opvang wil de GGD, conform de landelijke doelstelling, ophogen van 5% naar 50%. Voor deze ophoging is een aanvullend budget nodig van €120.349. Het Rijk verstrekt voor dit doel ruim extra middelen via het gemeentefonds. Wij adviseren de gemeenten om hiermee in te stemmen.
9
adviesrapport GGD GZ jaarstukken 2021 en begroting 2023 DEF.docx
De uitzetting van de deelnemersbijdrage is opgenomen in de programmabegroting 2023.
10
adviesrapport GGD GZ jaarstukken 2021 en begroting 2023 DEF.docx
6. Begroting 2023 6.1
Algemeen
In 2019 is de nieuwe indeling van de Programmabegroting GGD vastgesteld. Deze indeling sluit beter aan bij de behoeften van gemeenten, waaronder het inzicht in verschillende taken (uniforme- en facultatieve taken). Vanaf 2020 zijn de programmabegrotingen gewijzigd opgesteld. De effecten van Corona zelf zijn in de begroting 2023 niet zichtbaar. De verwachting is dat de pandemie voorbij is, maar dat er een achterstand is ontstaan in gezondheid. De achterstanden zijn ontstaan doordat er in de Corona periode meer stress en angst heerst, en er minder is bewogen. In de begroting 2023 is bij de baten de post ‘subsidie rijk’ genormaliseerd, alsook een normalisatie van de lasten bij de personele kosten, medische zaken en algemene kosten ten opzichten van de realisatie 2021. Wel is er mogelijk een uitloop van investeringskosten die in het kader van Corona zijn gedaan. Op het moment van opstellen van deze begroting zijn er veel onzekerheden. Mede door de oorlog in Oekraïne stijgen de energie prijzen en grondstofprijzen. Hierdoor zijn er nog onbekende, aanvullende risico’s die gelden voor 2023.
6.2
BRN-normen, BBV-normen en overige kaders
In de BRN zijn aan de GGD begrotingsrichtlijnen (BRN) meegegeven voor het opstellen van de begroting 2022. In het AB van 14 december 2017 is besloten dat de GGD GZ een afwijkende indexeringsmethodiek zal gebruiken. De GGD en VRGZ hebben een afwijkende indexering en zullen dan ook hun eigen berekening volgen . Volgens info van GGD is de voorcalculatorische index 2023 1,98%. De nacalculatie over 2021 (loonindex) betreft -1,53%. De totaal index van de begroting 2023 bestaat uit voorcalculatie 2023 en de nacalculatie 2021. Totaal index begroting 2023 voor de GGD GZ: 0,45 % Het doorberekenen van deze indexering in alle programma’s leidt tot een lastenstijging van € 113.330 van de uniforme bijdrage voor de gemeenten. De afgesproken kortingen zijn verwerkt in de begroting 2023.
6.3
Begrotingsanalyse
In zowel kaderbrief als begroting zijn een aantal nieuwe items opgenomen die invloed hebben op de deelnemersbijdrage. Per onderwerp wordt de mening van de adviesfunctie gegeven.
1. Indexering De indexering van 0,45% voor 2023 bedraagt € 113.330, en is correct berekend en opgenomen in de begroting. De adviesfunctie adviseert om akkoord te gaan met deze indexering van € 113.330.
2. Nacalculatie nieuwe CAO. Wij willen de gemeenten erop attenderen dat de werkelijke CAO stijging wel is verwerkt in de loonkosten, maar niet in de deelnemersbijdragen. Dit verklaart het negatieve resultaat van deze begroting. Volgens de spelregels wordt dit tekort ten laste gebracht van de algemene reserve.
3. Veilig Thuis De adviesfunctie heeft VT geadviseerd om te begroten vanuit de realisatie. Immers, dit zijn heldere cijfers. De begroting van 2023 is deels opgesteld vanuit realisatie, maar deels niet. Het aantal adviezen dat in 2020 is aangegeven, is inclusief het aantal chats. Het aantal adviezen in 2021 is exclusief chats. Dat is verwarrend. Ook het prijsverschil tussen chats en adviezen is groot. Toen de chats als pilot werden gefinancierd, bedroeg het tarief per chat € 99. Omdat hier een mix van adviezen en chats wordt gepresenteert, conform 2020, zou de prijs voor de adviezen herberekend kunnen worden.
11
adviesrapport GGD GZ jaarstukken 2021 en begroting 2023 DEF.docx
Het aantal meldingen daalt, maar de GGD GZ ziet in januari 2022 juist een forse groei, waardoor deze maand is geëxtrapoleerd, en meegenomen als uitgangspunt voor de begroting 2023. Deze werkwijze om te begroten is niet gebruikelijk, en wijkt af van het uitgangspunt: realisatie 2021. Het meenemen van de maand januari 2022 bij de meldingen heeft forse gevolgen voor de totale begroting van VT, omdat hiermee ook het aantal onderzoeken en het aantal V&V stijgen. VT verwacht iets meer meldingen vanuit het onderwijs, maar in totaal geen groei. Wanneer de realisatie van 2021 als uitgangspunt wordt aangehouden, komt de adviesfunctie tot een andere begroting voor VT 2023. Om toch enige marge te hanteren adviseren wij om 2% groei te hanteren voor het aantal meldingen en overdrachten. De aantallen Overdrachten, Onderzoek en V&V worden dezelfde verhoudingen gehanteerd als die van de realisatie 2021. Dan ontstaat de volgende begroting:
De adviesfunctie adviseert om de afgesproken uitgangspunten te handhaven, en daarmee de ingediende begroting 2023 voor VT niet over te nemen.
4. Overhead De overhead zet uit met € 156.000 vanwege doorontwikkeling inkoopfunctie (€ 67.000), informatiebeveiliging (€ 57.000) en kosten Arbo dienst (€ 35.000). De overhead blijft hiermee onder de maximaal toegestane norm. De adviesfunctie adviseert om deze uitzetting over te nemen.
5. Informatiegestuurd werken In 2022 heeft het AB incidenteel € 175.000 voor informatiegestuurd werken toegekend voor de datainfrastructuur en data-specialistische kennis. Vorig jaar is het advies gegeven om om in 2023 te evalueren en te besluiten of deze bijdrage structureel moet worden. Een evaluatie met de gemeenten heeft nog niet plaats kunnen vinden. De adviesfunctie adviseert daarom om deze bijdrage nog een jaar incidenteel te verstrekken, en om in Q1 2023 de meerwaarde te evalueren, zodat de evaluatie kan worden meegenomen in de afweging.
6. Kansrijke Start Het kabinet wil in elke gemeente ‘Kansrijke Start’ invoeren. De GGD GZ adviseert de gemeenten graag over een samenhangende aanpak. De adviesfunctie adviseert de deelnemende gemeenten om deze bijdrage van het Rijk op te nemen in haar begroting en in gesprek te gaan met de GGD over een mogelijke invulling.
12
adviesrapport GGD GZ jaarstukken 2021 en begroting 2023 DEF.docx
7. Prenataal Huisbezoek Met de wijziging van de Wet publieke gezondheid (Wpg) worden gemeenten per 1 juli 2022 verplicht een prenataal huisbezoek aan zwangeren en/of gezinnen in een kwetsbare situatie aan te bieden. In 2022 wordt hiermee gestart. Voor 2023 verwacht de GGD GZ 580 huisbezoeken uit te voeren. Voor deze uitbreiding wordt in 2022 € 64.474, en vervolgens voor 2023 nogmaals € 64.474. Totaal €128.984. De adviesfunctie adviseert om akkoord te gaan met deze aanpassing.
8. Toezicht Kinderopvang Door een daling van de risicoprofielen wordt een daling van de lasten verwacht van € 47.739. Wij adviseren de gemeenten om hiermee in te stemmen.
9. Wet Verplichte GGZ Het AB heeft besloten om vanaf 2023 hiervan een uniforme taak te maken. Tot nu toe werden er facturen gestuurd naar de betreffende gemeenten. De lasten uniform stijgen daardoor met € 153.772. De adviesfunctie adviseert om akkoord te gaan met deze aanpassing. 10. Rijksvaccinatieprogramma (RVP) De adviesfunctie adviseert om akkoord te gaan met deze daling vanwege het lagere opkomstpercentage. Zoals in de aanbiedingsbrief is opgenomen zijn de opgelegde bezuinigingen tot en met 2023 voor een bedrag van totaal € 715.000 in de begroting verwerkt. Ten opzichte van 2022 betekent dit een verlaging van de lasten en de deelnemersbijdrage met € 155.000. Dit bedrag is in de begroting verwerkt. De taakstelling van 3% is hiermee ingevuld.
6.4
Deelnemersbijdragen
In paragraaf 6.3 van de programmabegroting 2023 is in één overzicht per gemeente weergegeven wat de effecten zijn van de voorgestelde begrotingswijzigingen, van de indexering en de overeengekomen besparingen per programma. Onderstaand een totaalovericht van alle wijzigingen. Wanneer er adviezen van de adviesfunctie worden overgenomen, zullen de deelnemersbijdragen per gemeente ook veranderen.
13
adviesrapport GGD GZ jaarstukken 2021 en begroting 2023 DEF.docx
6.5
Meerjarenbegroting
In paragraaf 5.1. van de programmabegroting 2023 is een meerjarenoverzicht van de baten en lasten opgenomen tot en met 2026. Deze meerjarenplanning wordt voor kennisgeving aangenomen.
14
adviesrapport GGD GZ jaarstukken 2021 en begroting 2023 DEF.docx
7. Weerstandsvermogen 7.1
Algemene reserve
Saldo Algemene Reserve per 31-12-2020: Voorgestelde resultaatbestemming 2021: Algemene Reserve na resultaatbestemming:
€ 1.547.000 € 149.000 € 1.696.000
De streefwaarde voor het benodigde niveau van de Algemene Reserve bedraagt € 3.379.000, en is conform uitgangspunten berekend. De Algemene Reserve is bedoeld om de bedrijfsvoering risico’s op te vangen. Aan het einde van het boekjaar bedraagt de Algemene Reserve € 1.696.000. Dat is 50% van het beoogde niveau.
7.2
Bestemmingsreserves
In 2019 is besloten om de vrijvallende onderhoudsvoorziening van het pand aan de Groenewoudseweg te doteren aan een nieuw te vormen bestemmingsreserve frictiekosten huisvesting. Eind 2021 bedroeg deze bestemde reserve € 386.000. Deze bestemde reserve wordt gevormd om versnelde afschrijvingslasten van het huidige hoofdkantoor de dekken en toekomstige dubbele lasten op te vangen. Indien een bedrag resteert nadat het nieuwbouwproject is afgerond dan vloeit dit terug in de algemene reserve of naar gemeenten afhankelijk van besluitvorming op dat moment.
7.3
Risico’s
Op pagina 45 van de jaarrekening 2021 worden de belangrijkst geachte risico’s benoemd en gekwantificeerd:
De genoemde risico’s zijn nader toegelicht op pagina 45 e.v. De benodigde weerstandscapaciteit is gebaseerd op het aanhouden van een reserve van 30% van de gecalculeerde risico’s. Er is echter niet inzichtelijk gemaakt welke genoemde risico’s onder welk kopje vallen, en hoe de omvang van het ingeschatte risico wordt berekend. De berekening van de benodigde weerstandscapaciteit is afwijkend van de berekening van de streefwaarde van de algemene reserve. De Algemene Reserve is gebaseerd op omzetvolumes en aantal medewerkers. De Algemene Reserve wordt opgevoerd als de ‘totaal beschikbare weerstandscapaciteit’. Het verschil tussen het berekende risico’s (weerstandscapaciteit) en de omvang van de Algemene Reserve (€ 3.739.000 - € 1.696.000 = € 2.043.000) is derhalve niet afgedekt. Advies: De deelnemende gemeenten worden zoals in voorgaande jaren, geadviseerd om in hun paragraaf weerstandsvermogen rekening te houden met het gedeelte van de risico’s van de GGDGZ, dat niet wordt afgedekt door de beschikbare reserves, en hun aandeel in de gemeenschappelijke regeling op te nemen.
15