CConstaterende datMaasdriel
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Was-wordt-tabel voorgenomen centrumregeling BW MO Meierij-Bommelerwaard 2026-2030

Gemeenteraad 13 februari 2025, gemeente MaasdrielBij agendapunt: Regioplan en centrumregeling beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2026-203011.511 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Was-wordt-tabel: voorgenomen centrumregeling ‘Beschermd wonen, maatschappelijke opvang en aanverwante taken MeierijBommelerwaard 2026-2030’ In de onderstaande Was-wordt-tabel staan de voorgenomen wijzigingen van de centrumregeling “Beschermd wonen, maatschappelijke opvang en aanverwante taken Meierij-Bommelerwaard”. Dit zijn met name actualisaties en vereenvoudigingen, geen fundamentele wijzigingen ten opzichte van de centrumregeling 2022-2025. Formeel stellen colleges en raden een nieuwe centrumregeling in, waarbij de tekst sterk overeenkomt met de centrumregeling 2022-2025, die we gaan intrekken. In kolom 1 staat de oude tekst (2022-2025), in kolom 2 de nieuwe tekst voor de komende periode (2026-2030) en in kolom 3 een korte toelichting. Indien de raad een wijziging (een zienswijze – WGR, art. 3 lid 1) aan de regio wil voorstellen kan zij dat doen via een motie. Leeswijzer: wijzigingen/toevoegingen in blauw, verwijderingen in rood en doorgehaald.

WAS centrumregeling 2022-2025

WORDT centrumregeling 2026-2030

Centrumregeling beschermd wonen, maatschappelijke opvang, verslavingszorg en aanverwante taken regio Meierij en Bommelerwaard 2022 e.v.

Centrumregeling beschermd wonen, maatschappelijke opvang, verslavingszorg en aanverwante taken regio Meierij en Bommelerwaard 2026 e.v.

(Gewijzigde centrumregeling per datum 22 september 2023)

(Gewijzigde centrumregeling per datum 22 september 2023)

Deze centrumregeling heeft betrekking op de taken die de gemeenten uit de regio Meierij en Bommelerwaard uitvoeren betreffende beschermd wonen, maatschappelijk opvang, verslavingszorg, de aanpak van personen met verward gedrag, de Wet verplichte Ggz en de Wet zorg en dwang.

Deze centrumregeling heeft betrekking op de taken die de gemeenten uit de regio Meierij en Bommelerwaard uitvoeren betreffende beschermd wonen, maatschappelijk opvang, verslavingszorg, de aanpak van personen met verward gedrag, de Wet verplichte GGZ en de Wet zorg en dwang.

De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Boxtel, ’s-Hertogenbosch, Maasdriel, Meierijstad, Sint-Michielsgestel, Vught en Zaltbommel, ieder voor zover het zijn bevoegdheden betreft;

De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Boxtel, ’s-Hertogenbosch, Maasdriel, Meierijstad, Sint-Michielsgestel, Vught en Zaltbommel, ieder voor zover het zijn bevoegdheden betreft;

Overwegende dat:

Overwegende dat:

zij met ingang van 1 januari 2020 regionaal hebben samengewerkt op basis van de ‘Samenwerkingsovereenkomst beschermd wonen, maatschappelijke opvang en aanverwante taken regio Meierij en Bommelerwaard 2020 e.v.’;

zij met ingang van 1 januari 2022 regionaal hebben samengewerkt op basis van de ‘Centrumregeling beschermd wonen, maatschappelijke opvang en aanverwante taken regio Meierij en Bommelerwaard 2022 e.v.’; 1

Toelichting

de ‘Samenwerkingsovereenkomst beschermd wonen, maatschappelijke opvang en aanverwante taken regio Meierij en Bommelerwaard 2020 e.v.’ vanaf 01 januari 2022 niet meer voldoet aan de wettelijke eisen;

de ‘Samenwerkingsovereenkomst beschermd wonen, maatschappelijke opvang en aanverwante taken regio Meierij en Bommelerwaard 2020 e.v.’ vanaf 01 januari 2022 niet meer voldoet aan de wettelijke eisen;

zij belang hechten aan voortzetting van de samenwerking in de regio Meierij en Bommelerwaard omtrent de uitvoering van taken op het gebied van beschermd wonen, maatschappelijk opvang, verslavingszorg, de aanpak van personen met verward gedrag, de Wet verplichte Ggz en de Wet zorg en dwang;

zij belang hechten aan voortzetting van de samenwerking in de regio Meierij en Bommelerwaard omtrent de uitvoering van taken op het gebied van beschermd wonen, maatschappelijk opvang, verslavingszorg, de aanpak van personen met verward gedrag, de Wet verplichte Ggz en de Wet zorg en dwang;

de samenwerking rondom de inkoop en de beleidstaken van de specialistische functies die onder Wmo vallen (met uitzondering van beschermd wonen, maatschappelijke opvang en aanverwante taken) voor de regio Meierij (niet voor de regio Bommelerwaard) vastgelegd zijn in de centrumregeling regio Meierij Wmo 2020;

de samenwerking rondom de inkoop en de beleidstaken van de specialistische functies die onder Wmo vallen (met uitzondering van beschermd wonen, maatschappelijke opvang en aanverwante taken) voor de regio Meierij (niet voor de regio Bommelerwaard) vastgelegd zijn in de centrumregeling regio Meierij Wmo 2020;

de gemeente ’s-Hertogenbosch tot en met 2025 nog als centrumgemeente fungeert voor maatschappelijk opvang en verslavingszorg;

de gemeente ’s-Hertogenbosch tot en met 2025 als centrumgemeente fungeert voor maatschappelijk opvang en verslavingszorg;

de gemeente ’s-Hertogenbosch tot en met 2021 als centrumgemeente voor beschermd wonen heeft gefungeerd en er met ingang van 2022 een geleidelijke doordecentralisatie plaatsvindt; de gemeenten ook de samenwerking op het gebied van de aanpak van personen met verward gedrag, de Wet verplichte Ggz en de Wet zorg en dwang wenst voort te zetten; de gemeente ’s-Hertogenbosch op basis van bovenstaande ook vanaf 2022 als centrumgemeente wil fungeren voor beschermd wonen, maatschappelijk opvang, verslavingszorg, de aanpak van personen met verward gedrag, de Wet verplichte Ggz en de Wet zorg en dwang; de start van de nieuwe samenwerking (als gevolg van de doordecentralisatie beschermd wonen) op 01 januari 2022 moet ingaan en de regio dan een niet-vrijblijvende governance geregeld moet hebben, die voldoet aan de Norm van Opdrachtgeverschap;

de gemeente ’s-Hertogenbosch tot 2026 en met 2021 als centrumgemeente voor beschermd wonen fungeert heeft gefungeerd en er met ingang van 2026 of later, wanneer de wet Woonplaatsbeginsel Beschermd wonen van kracht wordt, een geleidelijke doordecentralisatie naar alle gemeenten plaatsvindt;

Verouderde tekst.

De Wet Woonplaatsbeginsel BW (doordecentralisatie BW) is uitgesteld tot 1-1-2026.

de gemeenten ook de samenwerking op het gebied van de aanpak van personen met verward gedrag, de Wet verplichte Ggz en de Wet zorg en dwang wensen voort te zetten; de gemeente ’s-Hertogenbosch op basis van bovenstaande ook vanaf 2026 als centrumgemeente wil fungeren voor beschermd wonen, maatschappelijk opvang, verslavingszorg, de aanpak van personen met verward gedrag, de Wet verplichte Ggz en de Wet zorg en dwang; de start van de nieuwe samenwerking (als gevolg van de doordecentralisatie beschermd wonen) op 01 januari 2022 moet ingaan en de regio dan een niet-vrijblijvende governance geregeld moet houden hebben; 2

Verouderde tekst.

voor de uitvoering van publiekrechtelijke taken een publiekrechtelijke regeling als een gemeenschappelijke regeling de voorkeur verdient boven een privaatrechtelijke regeling;

voor de uitvoering van publiekrechtelijke taken een publiekrechtelijke regeling als een gemeenschappelijke regeling de voorkeur verdient boven een privaatrechtelijke regeling;

de vorm van een lichte gemeenschappelijke regeling in de vorm van een enkelvoudige centrumregeling (zonder openbaar lichaam en gemeenschappelijke orgaan) na een zorgvuldige afweging de meest geschikte vorm blijkt te zijn voor de regio Meierij en Bommelerwaard voor het uitvoeren van de taken op beschermd wonen, maatschappelijk opvang, verslavingszorg, de aanpak van personen met verward gedrag, de Wet verplichte Ggz en de Wet zorg en dwang;

de vorm van een lichte gemeenschappelijke regeling in de vorm van een enkelvoudige centrumregeling (zonder openbaar lichaam en gemeenschappelijke orgaan) na een zorgvuldige afweging de meest geschikte vorm is voor de regio Meierij en Bommelerwaard voor het uitvoeren van de taken op beschermd wonen, maatschappelijk opvang, verslavingszorg, de aanpak van personen met verward gedrag, de Wet verplichte Ggz en de Wet zorg en dwang;

zij daarom ingaande 01 januari 2022 een centrumregeling wensen aan te gaan voor tenminste 4 jaar (2022-2025) waarin aan de gemeente ’sHertogenbosch het mandaat wordt verleend om als centrumgemeente beschermd wonen, maatschappelijke opvang en verslavingszorg, de aanpak van personen met verward gedrag, de Wet verplichte Ggz, en de Wet zorg en dwang, in te kopen, contract- en accountmanagement uit te voeren, de financiën te beheren en regionale beleidstaken uitvoert;

zij daarom ingaande 1 januari 2026 de centrumregeling wensen te vernieuwen aan te gaan voor tenminste 4 jaar (2026-2030) waarin aan de gemeente ’s-Hertogenbosch het mandaat wordt verleend om als centrumgemeente beschermd wonen, maatschappelijke opvang en verslavingszorg, de aanpak van personen met verward gedrag, de Wet verplichte Ggz, en de Wet zorg en dwang, in te kopen, contract- en accountmanagement uit te voeren, de financiën te beheren en regionale beleidstaken uit te voeren;

de centrumregeling overeenkomt met de constructie van de centrumgemeente tot en met 2021, met uitzondering van de benodigde aanpassingen in het kader van de lokale verantwoordelijkheden zoals beoogd wordt met de doordecentralisatie beschermd wonen; de centrumregeling aansluit bij de organisatiestructuur zoals deze is vastgelegd in de centrumregeling Meierij Wmo 2020; de centrumregeling de gemeenten niet ontslaat van haar taken om te komen tot transformatie op het gebied van beschermd wonen.

de centrumregeling aansluit bij de organisatiestructuur zoals deze is vastgelegd in de centrumregeling Meierij Wmo 2020; de centrumregeling overeenkomt met de constructie van de centrumgemeente tot en met 2021, met uitzondering van de benodigde aanpassingen in het kader van de gemeenten onverkort lokale verantwoordelijkheden houden zoals beoogd wordt met de doordecentralisatie beschermd wonen; de centrumregeling de gemeenten niet ontslaat van haar taken om te komen tot transformatie op het gebied van beschermd wonen.

Gelet op

Gelet op

Artikel 1.2.1 en 2.6.1 van de Wmo 2015, afdeling 10.1.1 Algemene wet bestuursrecht, en de artikelen 1 en 8, vierde lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr);

Artikel 1.2.1 en 2.6.1 van de Wmo 2015, afdeling 10.1.1 Algemene wet bestuursrecht, en de artikelen 1 en 8, vierde lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr); 3

de door de raden van voornoemde gemeenten aan hun colleges van burgemeester en wethouders verleende toestemming tot het aangaan van deze samenwerking en het vaststellen van deze regeling ex artikel 1, tweede lid Wgr.

de door de raden van voornoemde gemeenten aan hun colleges van burgemeester en wethouders verleende toestemming tot het aangaan van deze samenwerking en het vaststellen van deze regeling ex artikel 1, vierde tweede lid Wgr.

B E S L U I T E N:

B E S L U I T E N:

vast te stellen de navolgende gemeenschappelijke regeling voor het uitvoeren van de taken op het gebied van beschermd wonen, maatschappelijke opvang, verslavingszorg, de aanpak van personen met verward gedrag, de Wet verplichte Ggz en de Wet zorg en dwang.

1.

vast te stellen de Centrumregeling beschermd wonen, maatschappelijke opvang en aanverwante taken regio Meierij en Bommelerwaard 2026-2030 voor het uitvoeren van de taken op het gebied van beschermd wonen, maatschappelijke opvang, verslavingszorg, de aanpak van personen met verward gedrag, de Wet verplichte Ggz en de Wet zorg en dwang.

2.

In te trekken de Centrumregeling beschermd wonen, maatschappelijke opvang, verslavingszorg en aanverwante taken regio Meierij en Bommelerwaard 2022 e.v. per 1 januari 2026.

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel 1 Begripsbepalingen Deze Centrumregeling verstaat onder: a. Aanbieders: aanbieders kunnen zijn leveranciers van zorg, GGD of vertrouwenspersoon; b. Aanverwante taken: de aanpak van personen met verward gedrag, de Wet verplichte Ggz en de Wet zorg en dwang; c. Accountmanagement: het bewaken van afspraken uit de overeenkomsten met de aanbieders via Kritische Prestatie Indicatoren (KPI’s), het bewaken van financiële informatie en het bespreken van innovatie en ontwikkelmogelijkheden met de aanbieders; d. Beschermd wonen: alle mogelijke uitwerkingen van beschermd wonen zoals beschreven in de Wmo 2015, de Regiovisie 2020 e.v., Regioplan 2022 e.v., beleidsregels, verordening en het uitvoeringsprogramma; e. Centrumgemeente: gemeente zoals bedoeld in artikel 8, vierde lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen: gemeente ’s-Hertogenbosch;

Artikel 1 Begripsbepalingen Deze Centrumregeling verstaat onder: a. Aanbieders: aanbieders kunnen zijn leveranciers van zorg, GGD of vertrouwenspersoon; a. Aanverwante taken: de aanpak van personen met verward gedrag, de Wet verplichte Ggz en de Wet zorg en dwang; b. Accountmanagement: het bewaken van afspraken uit de overeenkomsten met de aanbieders via Kritische Prestatie Indicatoren (KPI’s), het bewaken van financiële informatie en het bespreken van innovatie en ontwikkelmogelijkheden met de aanbieders; c. Beschermd wonen: alle mogelijke uitwerkingen van beschermd wonen zoals beschreven in de Wmo 2015, de Regiovisie 2020 e.v., Regioplan 2026 e.v., beleidsregels, verordening en het uitvoeringsprogramma; d. Centrumgemeente: gemeente zoals bedoeld in artikel 8, vierde lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen: gemeente ’s-Hertogenbosch;

4

Correctie i.v.m. gewijzigde Wet Wgr

Ad a. Aanbieder is gedefinieerd in artikel 1.1.1 Wmo 2015: natuurlijke persoon of rechtspersoon die jegens het college gehouden is een algemene voorziening of een maatwerkvoorziening te leveren.

f. Centrumregeling: Centrumregeling beschermd wonen, maatschappelijke opvang, verslavingszorg en aanverwante taken regio Meierij en Bommelerwaard 2022 e.v.; g. Cliëntervaringsonderzoek: het jaarlijks verplichte onderzoek naar cliëntervaringen; h. Contractbeheer: het beheer van de overeenkomsten met de aanbieders en het monitoren van het naleven van afspraken uit deze overeenkomsten; i. Gemeenten: alle gemeenten die aan deze regeling deelnemen, inclusief de centrumgemeente ’s-Hertogenbosch; j. Inkoopopdracht: jaarlijkse opdracht van het Regionaal Regieteam aan het Regionaal Inkoopteam waarin wordt aangegeven wat dit team voor het daaropvolgende jaar moet inkopen; k. Lokaal uitgekeerde budget: de geoormerkte middelen die de lokale gemeenten ontvangen vanuit het Rijk voor de nieuwe cliënten beschermd wonen; l. Lokaal uitvoeringsbudget: de middelen die de lokale gemeenten ontvangen uit het regionaal budget voor het ontwikkelen van de lokale set aan basisvoorzieningen; m. Maatschappelijke opvang: alle mogelijke uitwerkingen van maatschappelijke opvang zoals beschreven in de Wmo 2015, de Regiovisie 2020 e.v., beleidsregels, verordening en het uitvoeringsprogramma; n. Poho MZ: het overleg tussen de portefeuillehouders Wmo van elke gemeente; o. Portefeuillehouder Wmo: het collegelid van een deelnemende gemeente, verantwoordelijk voor de Wmo; p.

Regiogemeenten: gemeente Boxtel, Maasdriel, Meierijstad, SintMichielsgestel, Vught en Zaltbommel. q. Regionaal beleidsteam: het overleg tussen ambtelijke beleidsmedewerkers (met beschermd wonen en/of maatschappelijke opvang en/of verslavingszorg en/of aanverwante taken in hun portefeuille) van elke gemeente; r. Regionaal budget: het lokaal uitgekeerde budget van beschermd wonen opgeteld bij het rijksbudget beschermd wonen; s. Regionaal uitvoeringsbudget: de middelen die de centrumgemeente ontvangt vanuit het regionaal budget voor de uitvoering van het regionaal uitvoeringsprogramma;

e. Centrumregeling: Centrumregeling beschermd wonen, maatschappelijke opvang, verslavingszorg en aanverwante taken regio Meierij en Bommelerwaard 2026 e.v.; f. Cliëntervaringsonderzoek: het tweejaarlijks verplichte onderzoek naar cliëntervaringen; g. Contractbeheer: het beheer van de overeenkomsten met de aanbieders en het monitoren van het naleven van afspraken uit deze overeenkomsten; h. Gemeenten: alle gemeenten die aan deze regeling deelnemen, inclusief de centrumgemeente ’s-Hertogenbosch; i. Inkoopopdracht: jaarlijkse opdracht van het Regionaal Regieteam aan het Regionaal Inkoopteam waarin wordt aangegeven wat dit team voor het daaropvolgende jaar moet inkopen; j. Lokaal uitgekeerde budget: de geoormerkte middelen die de lokale gemeenten ontvangen vanuit het Rijk voor de nieuwe cliënten beschermd wonen; k. Lokaal uitvoeringsbudget: de middelen die de lokale gemeenten ontvangen uit het regionaal budget voor het ontwikkelen van de lokale set aan basisvoorzieningen; l. Netwerk Opvang en Wonen: regionale samenwerking tussen toegangsteams, aanbieders en corporaties (urgentieplus). m. Maatschappelijke opvang: alle mogelijke uitwerkingen van maatschappelijke opvang zoals beschreven in de Wmo 2015, de Regiovisie 2020 e.v., beleidsregels, verordening en het uitvoeringsprogramma; n. Poho MZ: het overleg tussen de portefeuillehouders Wmo van elke gemeente; o.

Portefeuillehouder Wmo: het collegelid van een deelnemende gemeente, verantwoordelijk voor de Wmo; p. Regiogemeenten: gemeente Boxtel, Maasdriel, Meierijstad, SintMichielsgestel, Vught en Zaltbommel. q. Regionaal beleidsteam: het overleg tussen ambtelijke beleidsmedewerkers (met beschermd wonen en/of maatschappelijke opvang en/of verslavingszorg en/of aanverwante taken in hun portefeuille) van elke gemeente; r. Regionaal budget: het lokaal uitgekeerde budget van beschermd wonen opgeteld bij het rijksbudget beschermd wonen; 5

Ad. f. Het cliëntervaringsonderzoek (CEO) mag vanaf 2021 flexibeler worden ingevuld. Onze regio heeft zelf een specifiek CEO voor BW en MO ontwikkeld (vanaf 2024). Van 2017 tot 2023 heeft de Universiteit van Amsterdam een onderzoek onder cliënten uitgevoerd.

Ad. L. Toevoeging, zie verder art. 18.

t. Regionaal Regieteam: het overleg tussen de ambtelijke vertegenwoordigers op managementniveau van elke gemeente; u. Regionaal Inkoopteam: organisatieonderdeel van de centrumgemeente dat belast is met de inkoop van de Wmo voor de gemeenten zoals in deze regeling omschreven; v. Rijksbudget beschermd wonen: het budget dat de centrumgemeente ’s-Hertogenbosch ontvangt voor de huidige cliënten beschermd wonen; w. Toezicht: toezien op de kwaliteit van gecontracteerde aanbieders, als bedoeld in de Wmo, eventueel na een signaal, klacht of melding. x. Verdeelsleutel: het percentage CBS-inwoneraantal per gemeente op het totaal aantal inwoners in de regio op 1 januari van het voorgaande jaar plus het percentage cliëntaantallen vanuit het GGK per gemeente op het totaal aantal cliënten in de regio op 1 januari van het voorgaande jaar gedeeld door twee; y. Verslavingszorg: alle mogelijke uitwerkingen van verslavingszorg zoals beschreven in de Wmo 2015, de Regiovisie 2020 e.v., beleidsregels, verordening en het uitvoeringsprogramma; z. Vertrouwenspersoon: een onafhankelijk persoon die de inwoner ondersteunt bij het opkomen voor de eigen belangen; aa. Wmo 2015: Wet maatschappelijke ondersteuning 2015.

s. Regionaal uitvoeringsbudget: de middelen die de centrumgemeente ontvangt vanuit het regionaal budget voor de uitvoering van het regionaal uitvoeringsprogramma; t. Regionaal Regieteam: het overleg tussen de ambtelijke vertegenwoordigers op managementniveau van elke gemeente; u. Regionaal Inkoopteam: organisatieonderdeel van de centrumgemeente dat belast is met de inkoop van de Wmo voor de gemeenten zoals in deze regeling omschreven; v. Rijksbudget beschermd wonen: het budget dat de centrumgemeente ’s-Hertogenbosch ontvangt voor de huidige cliënten beschermd wonen; w. Toezicht & handhaving: controleren of aanbieders voor beschermd wonen, maatschappelijke opvang en aanverwante taken, of derden die op basis van een persoonsgebonden budget een (deel van een) maatwerkvoorziening aan cliënten leveren, de regels, verplichtingen of normen zoals vastgelegd in wetgeving (bij of krachtens de wet) correct naleven en bij overtreding sanctioneren; x.

Verdeelsleutel: het percentage CBS-inwoneraantal per gemeente op het totaal aantal inwoners in de regio op 1 januari van het voorgaande jaar plus het gemiddelde percentage van het aantal unieke cliënten beschermd wonen GGK per gemeente (stand zoals vermeld in het dashboard RIOZ) op het totaal aantal cliënten beschermd wonen in de regio op 1 april en 1 juli van het voorgaande jaar; het percentage inwonertal en het percentage cliëntenaantal wordt gedeeld door twee; y. Verslavingszorg: alle mogelijke uitwerkingen van verslavingszorg zoals beschreven in de Wmo 2015, de Regiovisie 2020 e.v., beleidsregels, verordening en het uitvoeringsprogramma; z. Vertrouwenspersoon: een onafhankelijk persoon die de inwoner ondersteunt bij het opkomen voor de eigen belangen; aa. Wmo 2015: Wet maatschappelijke ondersteuning 2015.

Artikel 2 Doel van de centrumregeling In deze centrumregeling zijn de afspraken vastgelegd tussen de gemeenten uit de regio Meierij en Bommelerwaard over de uitvoering van de taken rondom beschermd wonen, maatschappelijke opvang, verslavingszorg, de aanpak van personen met verward gedrag, de Wet verplichte Ggz en de Wet zorg en dwang (aanverwante taken). De gemeenten gaan daartoe de komende jaren een onderlinge samenwerking aan, gericht op het zorgdragen voor een kwalitatief goede

Artikel 2 Doel van de centrumregeling In deze centrumregeling zijn de afspraken vastgelegd tussen de gemeenten uit de regio Meierij en Bommelerwaard over de uitvoering van de taken rondom beschermd wonen, maatschappelijke opvang, verslavingszorg, de aanpak van personen met verward gedrag, de Wet verplichte Ggz en de Wet zorg en dwang (aanverwante taken). De gemeenten blijven daartoe de komende jaren samenwerken, gericht op het zorgdragen voor een kwalitatief goede ondersteuningsstructuur voor 6

Ad w. Toezicht en handhaving: de artikelen 1 lid w, artikel 5 en artikel 17 zijn aangescherpt. Toezicht op kwaliteit wordt uitgebreid tot toezicht én handhaving op kwaliteit, doelmatigheid en rechtmatigheid voor zorgaanbieders (gecontracteerd en PGB) voor BW MO. Ad. x. Het principe blijft gelijk, maar voor regiogemeenten met een klein aantal cliënten BW is het rechtvaardiger om het rekenkundig gemiddelde van twee peildata te hanteren i.p.v. één peildatum per jaar. Bovendien lopen veel Wmobeschikkingen per 31 december af, waardoor 1 januari geen representatieve peildatum is. In formule: (% Inwonertal per 1 januari) + (% unieke cliënten BW per 1 april en 1 juli, gedeeld door 2) / gedeeld door 2

ondersteuningsstructuur voor de doelgroep van beschermd wonen, maatschappelijke opvang en aanverwante taken. Hierdoor wordt het behalen van schaalvoordelen, het stimuleren van de samenwerking tussen de gemeenten, de beheersing van de middelen en eventuele besparingen of aanvullende kosten en de verevening van risico’s geregeld.

de doelgroep van beschermd wonen, maatschappelijke opvang en aanverwante taken. Hierdoor wordt het behalen van schaalvoordelen, het stimuleren van de samenwerking tussen de gemeenten, de beheersing van de middelen en eventuele besparingen of aanvullende kosten en de verevening van risico’s geregeld.

Artikel 3 Uitgangspunten voor de samenwerking 1. De gemeenten behouden hun eigen bestuurlijke structuur, bevoegdheden en verantwoordelijkheden, gericht op een goede dienstverlening aan de eigen inwoners en ruimte voor het behoud van eigen identiteit in de uitvoering van de beschermd wonen, maatschappelijke opvang, verslavingszorg en aanverwante taken. 2. De gemeenten sluiten bij het uitvoeren van de taken binnen de samenwerking aan bij de Regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2020 e.v., het Regioplan beschermd wonen 2022 e.v. en andere aanverwante beleids- en visiedocumenten of beleid wat hiervoor in de plaats komt. 3. Bij medewerkers van het Regionaal Inkoopteam mag geen sprake zijn van taakvermenging met lokale en beleidstaken op het terrein van beschermd wonen, maatschappelijke opvang, verslavingszorg en aanverwante taken. 4. Iedere gemeente is zelf verantwoordelijk voor het afgeven van een beschikking voor beschermd wonen en opdrachtverstrekking voor aanverwante taken. 5. De toegang wordt lokaal georganiseerd voor Beschermd Wonen en ondersteund door een regionaal expertteam: het Netwerk Opvang en Wonen.

Artikel 3 Uitgangspunten voor de samenwerking 1. De gemeenten behouden hun eigen bestuurlijke structuur, bevoegdheden en verantwoordelijkheden, gericht op een goede dienstverlening aan de eigen inwoners en ruimte voor het behoud van eigen identiteit in de uitvoering van de beschermd wonen, maatschappelijke opvang, verslavingszorg en aanverwante taken. 2. De gemeenten sluiten bij het uitvoeren van de taken binnen de samenwerking aan bij de Regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2020 e.v., het Regioplan beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2026 e.v. en andere aanverwante beleids- en visiedocumenten of beleid wat hiervoor in de plaats komt. 3. Bij medewerkers van het Regionaal Inkoopteam mag geen sprake zijn van taakvermenging met lokale en beleidstaken op het terrein van beschermd wonen, maatschappelijke opvang, verslavingszorg en aanverwante taken. 4. Iedere gemeente is zelf verantwoordelijk voor het afgeven van een beschikking voor beschermd wonen, maatschappelijke opvang en opdrachtverstrekking voor aanverwante taken. 5. De toegang wordt lokaal georganiseerd voor Beschermd Wonen en ondersteund door een regionale toegangstafel BW: het Netwerk Opvang en Wonen. 6.

De toegang tot Maatschappelijke opvang wordt lokaal en regionaal georganiseerd door de lokale toegangsteams en Centrale Toegang MO en ondersteund door de regionale toegangstafel MO: het Netwerk Opvang en Wonen.

Hoofdstuk 2 Centrumgemeente en regiogemeenten

Hoofdstuk 2 Centrumgemeente en regiogemeenten

Artikel 4 Centrumgemeente De gemeente ’s-Hertogenbosch wordt aangewezen als centrumgemeente in deze regeling.

Artikel 4 Centrumgemeente De gemeente ’s-Hertogenbosch wordt aangewezen als centrumgemeente in deze regeling. 7

Ad. 4 en 6. Vanaf juni 2022 wordt de toegang verleend door de lokale toegangsteams en de Centrale Toegang MO (’s-Hertogenbosch). Ad 5 en 6: zowel voor BW als MO wordt de regionale tafel “Toegangstafel” genoemd.

Artikel 5 Taken en bevoegdheden centrumgemeente 1. De colleges en burgemeesters van de regiogemeenten dragen aan het college en burgemeester van de centrumgemeente taken op ter verwezenlijking van het doel, genoemd in artikel 2. 2. De colleges en burgemeesters van de regiogemeenten geven de centrumgemeente mandaat om de in lid 5.3 genoemde taken uit te voeren, uiteraard begrensd door wetgeving, jurisprudentie en vastgestelde kaders. 3. De taken van de centrumgemeente zullen zich in ieder geval richten op inkoop, contract- en accountmanagement, beheren van regionale financiën, toezicht en het uitvoeren van regionale beleidstaken. 4. De taken en bevoegdheden uit lid 3 betreffen de volgende deelgebieden en voorzieningen van het sociaal domein: a. beschermd wonen; b. maatschappelijke opvang; c. verslavingszorg; d. aanverwante taken (te weten de aanpak van personen met verward gedrag, de Wet verplichte Ggz en de Wet zorg en dwang). 5. De gemeente ’s-Hertogenbosch zal haar rol als centrumgemeente in de zin van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning 2015 invullen. 6. Het college en burgemeester van de centrumgemeente kunnen de bevoegdheden in lid 5.2 onder mandateren aan ambtenaren van de centrumgemeente of een uitvoerende organisatie. 7. De centrumgemeente draagt zorg voor de archiefbescheiden conform de archiefregeling van de centrumgemeente.

Artikel 5 Taken en bevoegdheden centrumgemeente 1. De colleges en burgemeesters van de regiogemeenten dragen aan het college en burgemeester van de centrumgemeente taken op ter verwezenlijking van het doel, genoemd in artikel 2. 2. De colleges en burgemeesters van de regiogemeenten geven de centrumgemeente mandaat, volmacht en machtiging om de in lid 5.3 genoemde taken uit te voeren, uiteraard begrensd door wetgeving, jurisprudentie en vastgestelde kaders. 3. De taken van de centrumgemeente zullen zich in ieder geval richten op inkoop, contract- en accountmanagement, beheren van regionale financiën, toezicht & handhaving en het uitvoeren van regionale beleidstaken. 4. De taken en bevoegdheden uit lid 3 betreffen de volgende deelgebieden en voorzieningen van het sociaal domein: a. beschermd wonen; b. maatschappelijke opvang; c. verslavingszorg; d. aanverwante taken (te weten de aanpak van personen met verward gedrag, de Wet verplichte Ggz en de Wet zorg en dwang). 5. De gemeente ’s-Hertogenbosch zal haar rol als centrumgemeente in de zin van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning 2015 invullen. 6. Het college en burgemeester van de centrumgemeente kunnen de bevoegdheden in lid 5.2 onder mandateren aan ambtenaren van de centrumgemeente of een uitvoerende organisatie. 7.

Het college en burgemeester van de centrumgemeente kunnen de manager van het Regionale inkoopteam RIOZ aanwijzen als toezichthouder conform titel 5.2 van de Algemene Wet Bestuursrecht (Awb). 8. De centrumgemeente draagt zorg voor de archiefbescheiden conform de archiefregeling van de centrumgemeente.

Artikel 6 Taken en bevoegdheden gemeenten 1. De taken van de gemeenten richten zich in ieder geval op het realiseren van de lokale set aan basisvoorzieningen, zoals beschreven in

Artikel 6 Taken en bevoegdheden gemeenten 1. De taken van de gemeenten richten zich in ieder geval op het realiseren van de lokale set aan basisvoorzieningen, zoals beschreven in 8

Ad. 2 Mandaat is publiekrechtelijke bevoegdheid, volmacht is privaatrechtelijke bevoegdheid, machtiging betreft feitelijk handelen.

Ad 7. Toezicht en handhaving: de artikelen 1 lid w, artikel 5 en artikel 17 zijn aangescherpt.

het Regioplan beschermd wonen 2022 e.v., gedurende de looptijd van deze centrumregeling. 2. De gemeenten zullen hun rol in de zin van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning 2015 invullen.

het Regioplan beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2026 e.v., gedurende de looptijd van deze centrumregeling. 2. De gemeenten zullen hun rol in de zin van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning 2015 invullen.

Hoofdstuk 3 Financiering

Hoofdstuk 3 Financiering

Artikel 7 Financiering beschermd wonen 1. De financiering van beschermd wonen gaat in 2022 via de rijksbudgetten welke de centrumgemeente ’s-Hertogenbosch ontvangt. Vanaf 01 januari 2023 (uitstel vanuit het Rijk daargelaten) ontvangen de gemeenten – naast het rijksbudget welke de centrumgemeente ’sHertogenbosch ontvangt voor bestaande cliënten – geoormerkte middelen voor nieuwe cliënten beschermd wonen. Deze twee budgetten gezamenlijk noemen wij het ‘regionale budget’. 2. Alle gemeenten oormerken de door het Rijk beschikbaar gestelde middelen voor beschermd wonen in hun lokale begroting. 3. De gemeenten hevelen het lokaal uitgekeerde budget minus het lokale uitvoeringsbudget over naar de centrumgemeente, inclusief de eigen bijdragen CAK. 4. De kosten voor het verlenen van zorg, de personele en overhead kosten voor het uitvoeren van regionale taken op het gebied van beschermd wonen worden betaald vanuit het regionale budget. Zorgkosten worden in het geval van een PxQ bekostiging via het berichtenverkeer betaald door de gemeenten en na afloop van ieder kwartaal gedeclareerd bij de centrumgemeente. 5. Om de lokale set aan basisvoorzieningen te realiseren krijgt elke gemeente een ‘lokaal uitvoeringsbudget’. 6. De basisafspraak van het totale lokale uitvoeringsbudget is vastgesteld op 2% van het totale regionale budget en wordt verdeeld conform de verdeelsleutel. 7.

Elk jaar wordt door de gemeenten geëvalueerd of het totale lokale uitvoeringsbudget voldoende is voor het realiseren van de lokale set aan basisvoorzieningen. Op basis van de evaluatie kan er een bijstelling van het totale lokale uitvoeringsbudget plaatsvinden indien dit binnen de financiële kaders past en na instemming van alle gemeenten. 8. De gemeenten zijn financieel solidair aan elkaar. In geval een gemeente bij de uitvoering van het realiseren van de lokale set aan

Artikel 7 Financiering beschermd wonen 1. De financiering van beschermd wonen gaat in 2022 via de rijksbudgetten welke de centrumgemeente ’s-Hertogenbosch ontvangt. Vanaf 01 januari 2026 (uitstel of afstel vanuit het Rijk daargelaten) ontvangen de gemeenten – naast het rijksbudget welke de centrumgemeente ’s-Hertogenbosch ontvangt voor bestaande cliënten – geoormerkte middelen voor nieuwe cliënten beschermd wonen. Deze twee budgetten gezamenlijk noemen wij het ‘regionale budget’. 2. Alle gemeenten oormerken de door het Rijk beschikbaar gestelde middelen voor beschermd wonen in hun lokale begroting. 3. De gemeenten hevelen het lokaal uitgekeerde budget minus het lokale uitvoeringsbudget over naar de centrumgemeente, inclusief de eigen bijdragen CAK. 4. De kosten voor het verlenen van zorg, de personele en overheadkosten voor het uitvoeren van regionale taken op het gebied van beschermd wonen worden betaald vanuit het regionale budget. Zorgkosten worden in het geval van een PxQ bekostiging via het berichtenverkeer betaald door de gemeenten en na afloop van ieder kwartaal gedeclareerd bij de centrumgemeente. 5. Om de lokale set aan basisvoorzieningen te realiseren krijgt elke gemeente een ‘lokaal uitvoeringsbudget’. 6.

Tussentijdse uitkeringen vanuit de Reserve BW MO Regionaal worden bij voorkeur ingezet in het sociaal domein, in het bijzonder voor de doelgroep van beschermd wonen (Ggz, verslaving) en maatschappelijke opvang (dakloosheid), en voor aanverwante taken zoals preventie, participatie, wonen & zorg, en zorg & veiligheid (‘gentlemens agreement’). 7. De basisafspraak van het totale lokale uitvoeringsbudget is vastgesteld op minimaal 2% van het totale regionale budget en wordt verdeeld conform de verdeelsleutel. 9

Ad. 1. De invoering van de wet Woonplaatsbeginsel BW is uitgesteld tot 2026.

Ad 3. De lokale uitvoeringsmiddelen worden jaarlijks regionaal vastgesteld bij de (meerjaren)begroting. De eigen bijdragen die onder het abonnementstarief Wmo vallen (voor ambulant en kleinschalig BW) zijn niet te onderscheiden in de betalingen van CAK aan gemeenten en zijn niet regionaal verrekenbaar. Ad. 6. In 2023 is de centrumregeling gewijzigd om tussentijdse uitkeringen uit de regionale reserve BW MO mogelijk te maken. De ‘gentlemens agreement’ is in juli 2022 gemaakt tussen portefeuillehouders Wmo. Ad. 7 en 8: Vanaf 2023 is een hoger percentage dan 2% uitgekeerd aan gemeenten, nl. 10% van de

basisvoorzieningen of voorzieningen voor de regio in het kader van de transformatie voor zijn kosten aanspraak wenst te maken op het regionale budget, dient de gemeente daarvoor een gemotiveerd verzoek bij het regieteam in. Indien in het Poho MZ alle gemeenten met deze aanspraak instemmen en dit past binnen de financiële kaders, worden deze kosten gedekt uit het regionaal budget.

8. Elk jaar wordt door de gemeenten geëvalueerd of het totale lokale uitvoeringsbudget haalbaar is binnen de regionale (meerjaren)begroting en/of voldoende is voor het realiseren van de lokale set aan basisvoorzieningen. Op basis van de evaluatie kan er een bijstelling van het totale lokale uitvoeringsbudget plaatsvinden indien dit binnen de financiële kaders past en na instemming van alle gemeenten. 9. De gemeenten zijn financieel solidair aan elkaar. In geval een gemeente bij de uitvoering van het realiseren van de lokale set aan basisvoorzieningen of voorzieningen voor de regio in het kader van de transformatie voor zijn kosten aanspraak wenst te maken op het regionale budget, dient de gemeente daarvoor een gemotiveerd verzoek bij het regieteam in. Indien in het Poho MZ alle gemeenten met deze aanspraak instemmen en dit past binnen de financiële kaders, worden deze kosten gedekt uit het regionaal budget.

Artikel 8 Financiering maatschappelijke opvang en verslavingszorg 1. De financiering van maatschappelijke opvang en verslavingszorg gaat via de rijksbudgetten welke de centrumgemeente ’s-Hertogenbosch ontvangt. 2. De kosten voor het verlenen van zorg, de personele en overhead kosten voor het uitvoeren van regionale taken op het gebied van maatschappelijke opvang en verslavingszorg worden betaald vanuit het regionale budget.

Artikel 8 Financiering maatschappelijke opvang en verslavingszorg 1. De financiering van maatschappelijke opvang en verslavingszorg gaat via de rijksbudgetten welke de centrumgemeente ’s-Hertogenbosch ontvangt. 2. De kosten voor het verlenen van zorg, de personele en overhead kosten voor het uitvoeren van regionale taken op het gebied van maatschappelijke opvang en verslavingszorg worden betaald vanuit het regionale budget.

Artikel 9 Vaststellen begroting beschermd wonen, maatschappelijke opvang en verslavingszorg 1. Alle financiële afspraken zoals gemaakt conform artikel 7 en 8 worden vastgelegd in een transparante en regionale (meerjaren)begroting. 2. De centrumgemeente voert de regie op de totstandkoming van een deugdelijke en transparante (meerjaren)begroting. 3. In het proces rondom de totstandkoming van een deugdelijke en transparantie (meerjaren)begroting wordt rekening gehouden met lokale consultatie in elke gemeente. 4. Alle regiogemeenten geven de centrumgemeente het mandaat om de (meerjaren)begroting te laten vaststellen. 5. De vaststelling van de (meerjaren)begroting gaat ter informatie naar alle regiogemeenten.

Artikel 9 Vaststellen begroting beschermd wonen, maatschappelijke opvang en verslavingszorg 1. Alle financiële afspraken zoals gemaakt conform artikel 7 en 8 worden vastgelegd in een transparante en regionale (meerjaren)begroting. 2. De centrumgemeente voert de regie op de totstandkoming van een deugdelijke en transparante (meerjaren)begroting. 3. In het proces rondom de totstandkoming van een deugdelijke en transparantie (meerjaren)begroting wordt rekening gehouden met lokale consultatie in elke gemeente. 4. Alle regiogemeenten geven de centrumgemeente het mandaat om de (meerjaren)begroting te laten vaststellen. 5. De vaststelling van de (meerjaren)begroting gaat ter informatie naar alle regiogemeenten. 10

integratieuitkering BW. De lokale uitvoeringsmiddelen worden jaarlijks vastgesteld bij de (meerjaren)begroting.

Ad. 1. Het Rijk heeft geen standpunt ingenomen t.a.v. doordecentralisatie Maatschappelijke opvang. Dit is en blijft vooralsnog een centrumgemeentetaak.

6. In de (meerjaren)begroting staat ook het totaalbedrag dat aan de gemeenten wordt uitgekeerd als ‘lokaal uitvoeringsbudget’ en gemeenten nemen de lokale middelen ook zelf op in de begroting.

6. In de (meerjaren)begroting staat ook het totaalbedrag dat aan de gemeenten wordt uitgekeerd als ‘lokaal uitvoeringsbudget’ en gemeenten nemen de lokale middelen ook zelf op in de begroting.

Artikel 10 Verantwoording begroting De centrumgemeente houdt de gemeenten minimaal twee keer per jaar op de hoogte van de stand van zaken van de (meerjaren)begroting, op 01 juli en 01 november. Standaard wordt de (meerjaren)begroting bijgevoegd ter informatie bij het vaststellen van het regionaal uitvoeringsprogramma in de colleges van de regiogemeenten.

Artikel 10 Verantwoording begroting De centrumgemeente houdt de gemeenten minimaal twee keer per jaar op de hoogte van de stand van zaken van de (meerjaren)begroting, op 1 juli en 1 november. Standaard wordt de (meerjaren)begroting bijgevoegd ter informatie bij het vaststellen van het regionaal uitvoeringsprogramma in de colleges van de regiogemeenten.

Artikel 11 Tekorten en overschotten beschermd wonen, maatschappelijke opvang en verslavingszorg 1. Mogelijke overschotten uit het regionale budget voor beschermd wonen, maatschappelijke opvang en verslavingszorg stort de centrumgemeente in de reserve Sociaal & Zorgfonds van de gemeente ’sHertogenbosch. Dit deel van de reserve is uitsluitend bedoeld voor het opvangen van de lasten en baten met betrekking tot beschermd wonen, maatschappelijke opvang en verslavingszorg conform de regionale afspraken. De centrumgemeente rapporteert twee keer per jaar over de stand van zaken aan de regiogemeenten, tegelijkertijd met de communicatie over de (meerjaren)begroting. 2. Na volledige uitputting van de reserve verrekenen de gemeenten mogelijke tekorten voor beschermd wonen, maatschappelijke opvang en verslavingszorg op basis van de verdeelsleutel. 3. Bij een overschot op de reserve, kan dit tussentijds worden uitgekeerd aan de deelnemende gemeenten op basis van de verdeelsleutel. De gewenste reserve is 15% van de rijksuitkering voor beschermd wonen en maatschappelijke opvang, tenzij een risicoanalyse een hogere reserve noodzakelijk maakt. De risicoanalyse wordt tweejaarlijks uitgevoerd door de centrumgemeente. De regionale risicoreserve wordt voor 2023-2024 vastgesteld op € 6,5 mln. 4.

Indien de regeling wordt opgeheven wordt een mogelijk positieve stand van de reserve uitgekeerd aan de gemeenten op basis van de verdeelsleutel.

Artikel 11 Tekorten en overschotten beschermd wonen, maatschappelijke opvang en verslavingszorg 1. Mogelijke overschotten uit het regionale budget voor beschermd wonen, maatschappelijke opvang en verslavingszorg stort de centrumgemeente in de Reserve BW MO Regionaal van de gemeente ’sHertogenbosch. Dit deel van de reserve is uitsluitend bedoeld voor het opvangen van de lasten en baten met betrekking tot beschermd wonen, maatschappelijke opvang en verslavingszorg conform de regionale afspraken. De centrumgemeente rapporteert twee keer per jaar over de stand van zaken aan de regiogemeenten, tegelijkertijd met de communicatie over de (meerjaren)begroting. 2. Na volledige uitputting van de reserve verrekenen de gemeenten mogelijke tekorten voor beschermd wonen, maatschappelijke opvang en verslavingszorg op basis van de verdeelsleutel. 3. Bij een overschot op de reserve, kan dit tussentijds worden uitgekeerd aan de deelnemende gemeenten op basis van de verdeelsleutel. Dit wordt jaarlijks vastgesteld bij de (meerjaren)begroting. De gewenste reserve is 15% van de rijksuitkering voor beschermd wonen en maatschappelijke opvang, tenzij een risicoanalyse een hogere reserve noodzakelijk maakt. De risicoanalyse wordt tweejaarlijks uitgevoerd door de centrumgemeente en vastgelegd bij de meerjarenbegroting. De regionale risicoreserve wordt voor 2023-2024 vastgesteld op € 6,5 mln. 4.

Indien de regeling wordt opgeheven wordt een mogelijk positieve stand van de reserve uitgekeerd aan de gemeenten op basis van de verdeelsleutel.

11

Ad. 1. Nieuwe naam voor de regionale reserve binnen de begroting van de centrumgemeente. Ad 1 t/m 3. De hoogte van de risicoreserve wordt tweejaarlijks vastgelegd bij de (meerjaren)begroting, in de periode 2025-2026 € 6,0 mln. De actuele stand van de regionale reserve wordt gerapporteerd bij de vaststelling van de (meerjaren)begroting. Een mogelijke tussentijdse uitkering uit de reserve wordt jaarlijks vastgelegd bij de vaststelling van de (meerjaren)begroting.

Artikel 12 Financiering aanverwante taken De financiering van de zorgkosten van aanverwante taken valt niet onder deze centrumregeling, maar onder de lokale verantwoordelijkheid van de gemeenten. De personele en overhead kosten voor het uitvoeren van regionale taken op het gebied van de aanverwante taken worden betaald vanuit het regionale budget.

Artikel 12 Financiering aanverwante taken De financiering van de zorgkosten van aanverwante taken valt niet onder deze centrumregeling, maar onder de lokale verantwoordelijkheid van de gemeenten. De personele en overhead kosten voor het uitvoeren van regionale taken op het gebied van de aanverwante taken worden betaald vanuit het regionale budget.

Hoofdstuk 4 Samenwerking en overleg

Hoofdstuk 4 Samenwerking en overleg

Artikel 13 Regionale organisatiestructuur De samenwerking en aansturing van de organisatie is als volgt georganiseerd: 1. Regionaal Bestuurlijk Overleg Wmo (Poho MZ), bestaande uit de portefeuillehouders Wmo van de gemeenten. Het Poho MZ wordt ambtelijk ondersteund door een secretaris. 2. Regionaal Regieteam, bestaande uit één ambtelijke vertegenwoordiger per partij op managementniveau. Het Regionaal Regieteam wijst uit zijn midden de voorzitter aan en wordt ambtelijk ondersteund door een secretaris. De manager van het Regionaal Inkoopteam en de voorzitter van het Regionaal Beleidsteam zijn vaste adviseurs van het Regionaal Regieteam. Het Regionaal Regieteam kan naar behoefte andere adviseurs betrekken. 3. Regionaal Beleidsteam, bestaande uit ambtelijke beleidsmedewerkers (met beschermd wonen en/of maatschappelijke opvang en/of verslavingszorg en/of aanverwante taken in hun portefeuille) van de gemeenten. Het Regionaal Beleidsteam wijst uit zijn midden een voorzitter aan. De voorzitter is vaste adviseur van het Regionaal Regieteam. 4. Regionaal Inkoopteam, bestaande uit ambtenaren van de centrumgemeente die belast zijn met de inkoop van beschermd wonen, maatschappelijke opvang, en aanverwante taken voor de gemeenten zoals in deze centrumregeling omschreven. De manager van het Regionaal Inkoopteam is vaste adviseur van het Regionaal Regieteam.

Artikel 13 Regionale organisatiestructuur De samenwerking en aansturing van de organisatie is als volgt georganiseerd: 1. Regionaal Bestuurlijk Overleg Wmo (Poho MZ), bestaande uit de portefeuillehouders Wmo van de gemeenten. Het Poho MZ wordt ambtelijk ondersteund door een secretaris. 2. Regionaal Regieteam, bestaande uit één ambtelijke vertegenwoordiger per partij op managementniveau. Het Regionaal Regieteam wijst uit zijn midden de voorzitter aan en wordt ambtelijk ondersteund door een secretaris. De manager van het Regionaal Inkoopteam en de voorzitter van het Regionaal Beleidsteam zijn vaste adviseurs van het Regionaal Regieteam. Het Regionaal Regieteam kan naar behoefte andere adviseurs betrekken. 3. Regionaal Beleidsteam, bestaande uit ambtelijke beleidsmedewerkers (met beschermd wonen en/of maatschappelijke opvang en/of verslavingszorg en/of aanverwante taken in hun portefeuille) van de gemeenten. Het Regionaal Beleidsteam wijst uit zijn midden een voorzitter aan. De voorzitter is vaste adviseur van het Regionaal Regieteam. 4. Regionaal Inkoopteam, bestaande uit ambtenaren van de centrumgemeente die belast zijn met de inkoop van beschermd wonen, maatschappelijke opvang, en aanverwante taken voor de gemeenten zoals in deze centrumregeling omschreven. De manager van het Regionaal Inkoopteam is vaste adviseur van het Regionaal Regieteam. 5.

Regionaal Netwerk Opvang en Wonen bestaande uit medewerkers van de gemeentelijke toegangsteams, twee regionale voorzitters en waar nodig gedragsdeskundige en regionaal beleidsmedewerkers. 12

Dit betreft WVGGZ-taken, cisisinterventie en bemoeizorg.

Ad. 5 Bestaande regionale samenwerkingsstructuur van de toegangsteams t.b.v. de toegang tot BW en MO.

Artikel 14 Taken Poho MZ Taken van het Poho MZ zijn: • adviseren van colleges van gemeenten over de beleidskaders waarbinnen de uitvoering, financiën en inkoop van de Regiovisie 2020 e.v., het Regioplan 2022 e.v. en het Uitvoeringsprogramma van beschermd wonen, maatschappelijke opvang een aanverwante taken plaatsvindt. Deze beleidskaders omvatten de gezamenlijke beleidsdoelen en de lokale ruimte; • kaders geven aan het Regionale Regieteam voor te verstrekken opdrachten aan het Regionaal Inkoopteam; • informeren en adviseren van het college over de beleidsthema’s, doelstellingen en de uitkomsten van de verstrekte inkoopopdracht.

Artikel 14 Taken Poho MZ Taken van het Poho MZ zijn: • adviseren van colleges van gemeenten over de beleidskaders waarbinnen de uitvoering, financiën en inkoop van de Regiovisie 2020 e.v., het Regioplan 2026 e.v. en het Uitvoeringsprogramma van beschermd wonen, maatschappelijke opvang een aanverwante taken plaatsvindt. Deze beleidskaders omvatten de gezamenlijke beleidsdoelen en de lokale ruimte; • kaders geven aan het Regionale Regieteam voor te verstrekken opdrachten aan het Regionaal Inkoopteam; • informeren en adviseren van het college over de beleidsthema’s, doelstellingen en de uitkomsten van de verstrekte inkoopopdracht.

Artikel 15 Taken Regionaal Regieteam Taken van het Regionaal Regieteam zijn: • adviseren aan het Poho MZ over beleidskaders waarbinnen de uitvoering en inkoop van de Regiovisie 2020 e.v., het Regioplan 2022 e.v. en het Uitvoeringsprogramma van beschermd wonen, maatschappelijke opvang een aanverwante taken van plaatsvindt. Deze beleidskaders omvatten de gezamenlijke beleidsdoelen en de lokale ruimte. De adviezen worden gebaseerd op input van de het Regionaal Beleidsteam, het Regionaal Inkoopteam en landelijke ontwikkelingen; • binnen de aangegeven kaders van het Poho MZ opdrachten verstrekken aan het Regionaal Inkoopteam en het Regionaal Beleidsteam; • organiseren van de benodigde middelen voor de Inkoopopdracht; • afstemmen Inkoopopdracht, lokaal beleid en lokale dynamiek; • bepalen op basis van welke KPI’s en met welke frequentie het Regionaal Regieteam periodieke rapportages wenst te ontvangen van het Regionaal Inkoopteam; • periodiek informeren van en verantwoording afleggen aan het Poho MZ over de realisatie van de Inkoopopdracht.

Artikel 15 Taken Regionaal Regieteam Taken van het Regionaal Regieteam zijn: • adviseren aan het Poho MZ over beleidskaders waarbinnen de uitvoering en inkoop van de Regiovisie 2020 e.v., het Regioplan 2026 e.v. en het Uitvoeringsprogramma van beschermd wonen, maatschappelijke opvang een aanverwante taken van plaatsvindt. Deze beleidskaders omvatten de gezamenlijke beleidsdoelen en de lokale ruimte. De adviezen worden gebaseerd op input van de het Regionaal Beleidsteam, het Regionaal Inkoopteam en landelijke ontwikkelingen; • binnen de aangegeven kaders van het Poho MZ opdrachten verstrekken aan het Regionaal Inkoopteam en het Regionaal Beleidsteam; • organiseren van de benodigde middelen voor de Inkoopopdracht; • afstemmen Inkoopopdracht, lokaal beleid en lokale dynamiek; • bepalen op basis van welke KPI’s en met welke frequentie het Regionaal Regieteam periodieke rapportages wenst te ontvangen van het Regionaal Inkoopteam; • periodiek informeren van en verantwoording afleggen aan het Poho MZ over de realisatie van de Inkoopopdracht.

13

Artikel 16 Taken Regionaal Beleidsteam Taken van het Regionaal Beleidsteam (onderdeel BW/MO) zijn: • gevraagd en ongevraagd adviseren van het Regionaal Regieteam; • uitvoering geven aan en het voeren van een uniform, gezamenlijk opgesteld beleid voor de regionale afspraken vanuit de Regiovisie 2020 e.v., het Regioplan 2022 e.v. en het Uitvoeringsprogramma voor beschermd wonen, maatschappelijke opvang en aanverwante taken en het bepalen van de gezamenlijke uitgangspunten voor de inkoop van de beschermd wonen, maatschappelijke opvang, verslavingszorg, de aanpak van personen met verward gedrag, de Wet verplichte Ggz en de Wet zorg en dwang taken; • waar nodig het, in samenwerking en afstemming met het regionaal inkoopteam, laten organiseren van een gezamenlijk overleg met gecontracteerde zorgaanbieders van beschermd wonen, maatschappelijke opvang, verslavingszorg en aanverwante taken over beleidsmatige ontwikkelingen en transformatie. Artikel 17 Taken Regionaal Inkoopteam Taken van het Regionaal Inkoopteam zijn: • de regionale inkoop van beschermd wonen, maatschappelijke opvang, verslavingszorg en aan- verwante taken, inclusief accountmanagement, contractbeheer en het houden van toezicht.

Een gemeente kan bij een gesprek tussen een accountmanager en een aanbieder aanwezig zijn, indien dat nodig is voor oplossing van een (lokaal) knelpunt; • in voorkomende gevallen het aangaan van een subsidierelatie; • in voorkomende gevallen het doen van een aanbesteding waarbij de start van het gegunde contract valt binnen de periode als genoemd in artikel 36; • de door het Regionaal Regieteam verstrekte Inkoopopdracht uitvoeren; • gevraagd en ongevraagd adviseren aan het Regionaal Regieteam; • het evalueren van accountmanagement en contractbeheer; • het organiseren van het overleg met gecontracteerde aanbieders van beschermd wonen, maatschappelijke opvang, verslavingszorg en aanverwante taken over inkoop gerelateerde onderwerpen;

Artikel 16 Taken Regionaal Beleidsteam Taken van het Regionaal Beleidsteam (onderdeel BW/MO) zijn: • gevraagd en ongevraagd adviseren van het Regionaal Regieteam; • uitvoering geven aan en het voeren van een uniform, gezamenlijk opgesteld beleid voor de regionale afspraken vanuit de Regiovisie 2020 e.v., het Regioplan 2026 e.v. en het Uitvoeringsprogramma voor beschermd wonen, maatschappelijke opvang en aanverwante taken en het bepalen van de gezamenlijke uitgangspunten voor de inkoop van de beschermd wonen, maatschappelijke opvang, verslavingszorg, de aanpak van personen met verward gedrag, de Wet verplichte Ggz en de Wet zorg en dwang taken; • waar nodig het, in samenwerking en afstemming met het regionaal inkoopteam, laten organiseren van een gezamenlijk overleg met gecontracteerde aanbieders van beschermd wonen, maatschappelijke opvang, verslavingszorg en aanverwante taken over beleidsmatige ontwikkelingen en transformatie.

Artikel 17 Taken Regionaal Inkoopteam Taken van het Regionaal Inkoopteam zijn: • de regionale inkoop van beschermd wonen, maatschappelijke opvang, verslavingszorg en aan- verwante taken, inclusief accountmanagement, contractbeheer en het houden van toezicht & handhaving op kwaliteit, doelmatigheid en rechtmatigheid; • een gemeente kan bij een gesprek tussen een accountmanager en een aanbieder aanwezig zijn, indien dat nodig is voor oplossing van een (lokaal) knelpunt; • in voorkomende gevallen het aangaan van een subsidierelatie; • in voorkomende gevallen het doen van een aanbesteding waarbij de start van het gegunde contract valt binnen de periode als genoemd in artikel 33. • de door het Regionaal Regieteam verstrekte Inkoopopdracht uitvoeren; • gevraagd en ongevraagd adviseren aan het Regionaal Regieteam; • het evalueren van accountmanagement en contractbeheer; • het organiseren van het overleg met gecontracteerde aanbieders van beschermd wonen, maatschappelijke opvang, verslavingszorg en aanverwante taken over inkoop gerelateerde onderwerpen; 14

Ad. 1e bullit: Toezicht en handhaving: de artikelen 1 lid w, artikel 5 en artikel 17 zijn aangescherpt.

Ad. 4e bullit: correctie

•

• • •

het organiseren van data-analyse ten behoeve van de Inkoopopdracht en het jaarlijks of zoveel eerder als nodig rapporteren op basis van gebruik van beschermd wonen, maatschappelijke op- vang, verslavingszorg en aanverwante taken; verantwoording afleggen aan het Regionaal Regieteam op basis van het door dit team bepaalde KPI’s en rapportagefrequentie; verantwoording afleggen aan het Regionaal Regieteam over de realisatie van de Inkoopopdracht; het voeren van rechtsgedingen voortvloeiende uit de hiervoor vermelde taken.

•

• • •

het organiseren van data-analyse ten behoeve van de Inkoopopdracht en het jaarlijks of zoveel eerder als nodig rapporteren op basis van gebruik van beschermd wonen, maatschappelijke op- vang, verslavingszorg en aanverwante taken; verantwoording afleggen aan het Regionaal Regieteam op basis van het door dit team bepaalde KPI’s en rapportagefrequentie; verantwoording afleggen aan het Regionaal Regieteam over de realisatie van de Inkoopopdracht; het voeren van rechtsgedingen voortvloeiende uit de hiervoor vermelde taken.

Artikel 18 Taken regionaal Netwerk Opvang en Wonen De taken van het regionaal Netwerk Opvang en Wonen zijn: • Adviseren over indicatiestelling en plaatsing met toegangsmedewerkers; • Adviseren over plaatsing en stagnerende trajecten met aanbieders; • Adviseren over uitstroom naar zelfstandig wonen (urgentieplus); • Signaleren, afstemmen en adviseren aan/met uitvoering, beleid, inkoop en ketenpartners; • Deskundigheidsbevordering. Artikel 18 Bestuurlijk en ambtelijk overleg 1. Het Poho MZ overlegt ten minste driemaal per jaar; 2. Het Poho MZ komt voorts bijeen wanneer minimaal twee gemeenten dit onder opgaaf van redenen noodzakelijk achten of op verzoek van het Regionaal Regieteam; 3. Het extra bestuurlijk overleg bedoeld in het tweede lid wordt uiterlijk binnen twee weken na het verzoek belegd; 4. Het Regionaal Regieteam voert periodiek overleg over de uitvoering van de in artikel 15 van deze regeling genoemde taken; 5. Het Regionaal Beleidsteam voert periodiek overleg over de uitvoering van de in artikel 16 van deze regeling genoemde taken; 6. Besluitvorming vindt plaats op basis van een meerderheid op basis van CBS-inwoneraantallen per 01 januari van het betreffende kalenderjaar én instemming van minimaal drie gemeenten. Waar het besluitvorming over de taken van de Centrumgemeente betreft, dient ook instemming van de Centrumgemeente te worden verkregen.

Artikel 19 Bestuurlijk en ambtelijk overleg 1. Het Poho MZ overlegt ten minste driemaal per jaar; 2. Het Poho MZ komt voorts bijeen wanneer minimaal twee gemeenten dit onder opgaaf van redenen noodzakelijk achten of op verzoek van het Regionaal Regieteam; 3. Het extra bestuurlijk overleg bedoeld in het tweede lid wordt uiterlijk binnen twee weken na het verzoek belegd; 4. Het Regionaal Regieteam voert periodiek overleg over de uitvoering van de in artikel 15 van deze regeling genoemde taken; 5. Het Regionaal Beleidsteam voert periodiek overleg over de uitvoering van de in artikel 16 van deze regeling genoemde taken; 6. Besluitvorming vindt plaats op basis van een meerderheid op basis van CBS-inwoneraantallen per 1 januari van het betreffende kalenderjaar én instemming van minimaal drie gemeenten. Waar het besluitvorming over de taken van de Centrumgemeente betreft, dient ook instemming van de Centrumgemeente te worden verkregen. 15

Nieuw artikel, bevat de samenwerkingspraktijk zoals de afgelopen jaren is gegroeid tussen toegangsmedewerkers in de regio en met zorgaanbieders en corporaties.

Hoofdstuk 5 Transformatie

Hoofdstuk 5 Transformatie

Artikel 19 Regionaal uitvoeringsprogramma en regionaal uitvoeringsbudget 1. Het Regionaal Beleidsteam (onderdeel BW/MO) stelt elk jaar gezamenlijk een regionaal uitvoeringsprogramma en regionaal uitvoeringsbudget op voor de beleidsterreinen beschermd wonen, maatschappelijke opvang en aanverwante taken (in samenhang met aanpalende beleidsterreinen o.a. wonen). 2. In het regionaal uitvoeringsprogramma staat tevens de inzet van de regionale functies die uitgevoerd worden door de centrumgemeente. 3. Bij de invulling van de inzet van het regionale functies wordt rekening gehouden met de financiële gevolgen van het verminderen van de inzet van regionale functies door de centrumgemeente. 4. Het regionaal uitvoeringsprogramma is uiterlijk twee maanden voor de ingangsdatum (op 01 november) gereed. 5. In juni van elk jaar wordt er door de gemeenten een evaluatie uitgevoerd op het regionaal uitvoeringsprogramma en het regionaal uitvoeringsbudget. Deze evaluatie wordt gepresenteerd aan het Regionaal Beleidsteam, het Regionaal Regieteam en het Poho MZ. 6. Het regionaal uitvoeringsprogramma en het regionale uitvoeringsbudget worden uiterlijk 31 december van elk jaar vastgesteld in alle colleges van de gemeenten.

Hierbij geldt dat het uitvoeringsprogramma en het uitvoeringsbudget zijn vastgesteld door de hele regio als een meerderheid op basis van inwoneraantal, plus minimaal drie gemeenten positief besluiten.

Artikel 20 Regionaal uitvoeringsprogramma en regionaal uitvoeringsbudget 1. Het Regionaal Beleidsteam (onderdeel BW/MO) stelt elk jaar gezamenlijk een regionaal uitvoeringsprogramma en regionaal uitvoeringsbudget op voor de beleidsterreinen beschermd wonen, maatschappelijke opvang en aanverwante taken (in samenhang met aanpalende beleidsterreinen o.a. wonen). 2. In het regionaal uitvoeringsprogramma staat tevens de inzet van de regionale functies die uitgevoerd worden door de centrumgemeente. 3. Bij de invulling van de inzet van het regionale functies wordt rekening gehouden met de financiële gevolgen van het verminderen van de inzet van regionale functies door de centrumgemeente. 4. Het regionaal uitvoeringsprogramma is uiterlijk twee maanden voor de ingangsdatum (op 01 november) gereed. 5. In juni van elk jaar wordt er door de gemeenten een evaluatie uitgevoerd op het regionaal uitvoeringsprogramma en het regionaal uitvoeringsbudget. Deze evaluatie wordt gepresenteerd aan het Regionaal Beleidsteam, het Regionaal Regieteam en het Poho MZ. 6. Het regionaal uitvoeringsprogramma en het regionale uitvoeringsbudget worden uiterlijk 31 december van elk jaar vastgesteld in alle colleges van de gemeenten.

Hierbij geldt dat het uitvoeringsprogramma en het uitvoeringsbudget zijn vastgesteld door de hele regio als een meerderheid op basis van inwoneraantal, plus minimaal drie gemeenten positief besluiten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15011279/1