CConstaterende datMaasdriel
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 bij de regels - Besluit Ministerie LNV Wet natuurbescherming v2

Gemeenteraad 10 juni 2021, gemeente MaasdrielBij agendapunt: Bestemmingsplan Buitengebied herziening 2020, Defensie Pijpleiding1.059 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

> Retouradres Postbus 20401 2500 EK Den Haag

Lievense B.V. Dhr. R. Heijnemans Postbus 3199 4800 DD Breda

Directoraat-generaal Natuur, Visserij en Landelijk gebied Bezoekadres Bezuidenhoutseweg 73 2594 AC Den Haag Postadres Postbus 20401 2500 EK Den Haag Overheidsidentificatienr 00000001003214369000 T 070 379 8911 (algemeen) F 070 378 6100 (algemeen) www.rijksoverheid.nl/lnv

Datum Betreft

25 februari 2021 Positieve afwijzing vergunningaanvraag; DPO kerosineleiding Ammerzoden - Vlijmen

Behandeld door ing. R.M. Ravesteijn T 070 379 7925 r.m.ravesteijn@minlnv.nl Ons kenmerk DGNVLG / 21055431

Besluit

Uw kenmerk -Bijlage(n) 1

Geachte heer Heijnemans, Op 28 mei 2020 heeft de Omgevingsdienst Brabant Noord (ODBN) van u een aanvraag ontvangen voor vergunning ingevolge artikel 2.7, tweede lid, van de Wet natuurbescherming voor het verleggen en verruimen van een kerosineleiding tussen Ammerzoden en Vlijmen, in de gemeenten Maasdriel, ’s-Hertogenbosch en Heusden. Deze aanvraag heeft u, daartoe door hen gemachtigd, ingediend namens de Defensie Pijpleiding Organisatie, Postbus 90701, 2509 LS ’sGravenhage. Omdat ODBN begin februari 2021 betwijfelde of de provincie Noord-Brabant wel het juiste bevoegd gezag was voor de behandeling van uw aanvraag is op basis van het Besluit natuurbescherming art. 1.3 lid 1.a sub 3: militaire terreinen en oefengebieden, alsmede de inrichtingen, bedoeld in categorie 29 van bijlage I, onder C, bij het Besluit omgevingsrecht; en bijlage I, onder C, van het Besluit omgevingsrecht, categorie 29, 29.1 sub d: Inrichtingen zijnde bestemd voor het transporteren of het opslaan van brandstoffen, die van essentieel belang zijn voor de Nederlandse of een bondgenootschappelijke krijgsmacht, uw aanvraag op 4 februari 2021 voor verdere behandeling overgedragen aan de minister van LNV. Op 12 februari 2021 heb ik u middels videoconferencing aanvullende vragen gesteld ter verduidelijking en completering van uw aanvraag.

Op 23 februari 2021 heeft u hierop gereageerd door de aanlevering van een aangepaste ecologische toets. OVERWEGINGEN Het project wordt geheel buiten Natura 2000-gebied uitgevoerd. Er is dus geen sprake van directe beïnvloeding, alleen van externe effecten.

Pagina 1 van 4

Directoraat-generaal Natuur, Visserij en Landelijk gebied

Het project is relatief gering van omvang en van tijdelijke aard. In de ecologische toets wordt ingegaan op de mogelijke effecten die optreden op relevante beschermde natuurwaarden. Op correcte wijze zijn de mogelijke effecten afgebakend en beperkt tot a. verstoring van de habitatrichtlijnsoorten grote modderkruiper, kleine modderkruiper en bittervoorn in het N2000-gebied Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek, en b. stikstofbelasting van habitattypen en leefgebieden in N2000-gebied Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek en twee andere N2000-gebieden.

DGNVLG / 21055431

Ad a. Verstoring habitatsoorten Uit uw toetsing blijkt afdoende dat effecten op grote modderkruiper, kleine modderkruiper en bittervoorn in het N2000-gebied Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek op voorhand kunnen worden uitgesloten. Derhalve worden de natuurlijke kenmerken van deze gebieden niet aangetast en geldt er geen vergunningplicht op grond van de Wnb voor de voorgenomen activiteit zoals opgenomen in de natuurtoets. Ad b. Stikstofdepositie Uit de door u aangeleverde stikstofberekeningen (uitgevoerd met AERIUS Calculator) volgt dat sprake kan zijn van een geringe tijdelijke depositietoename op (bijna) overbelaste hexagonen in diverse N2000-gebieden, met een maximum in het meest nabijgelegen N2000-gebied Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek van 0,07 mol/ha/jr op het habitattype H6410 Blauwgraslanden. In de N2000-gebieden Rijntakken en Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen bedraagt de mogelijke extra depositie maximaal 0,01 mol/ha/jr. De werkzaamheden worden binnen het tijdsbestek van een jaar uitgevoerd. Er is geen sprake van stikstofemissie of -depositie in de gebruiksfase van de pijpleiding. Voor de aanlegfase van de activiteit worden mobiele werktuigen en ander materieel ingezet die tijdelijk stikstofemissie veroorzaken.

Ik constateer dat de ingezette mobiele werktuigen en de daaraan verbonden vervoersbewegingen van het bedienend personeel, verspreid over het geheel van Nederland op vrijwel continue basis actief zijn, op telkens wisselende locaties. Het gaat naar mijn mening om bestaande bronnen die onderdeel zijn van de achtergronddepositie zoals over het gehele land reeds aanwezig. Er is daarom geen sprake van een extra stikstofbelasting door dit afzonderlijke project. Op basis van het bovenstaande concludeer ik dat het op voorhand duidelijk is dat er geen significant negatieve effecten kunnen optreden op de relevante instandhoudingsdoelstellingen van de drie Natura 2000-gebieden Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek, Rijntakken en Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen. Derhalve worden de natuurlijke kenmerken van deze gebieden niet aangetast en geldt er ook met betrekking tot stikstof geen vergunningplicht op grond van de Wnb voor de voorgenomen activiteit zoals opgenomen in de ecologische toets. BESLUIT WNB-VERGUNNING

Pagina 2 van 4

Directoraat-generaal Natuur, Visserij en Landelijk gebied

Ik kan u de gevraagde vergunning niet verlenen omdat de voorgenomen activiteit en de daarin opgenomen werkzaamheden, zoals door u voorgelegd in de toegezonden ecologische toets van 23 februari 2021, op grond van artikel 2.7, lid 2 van de Wet natuurbescherming naar mijn oordeel niet vergunningplichtig zijn. Ik raad u aan om, indien de uitvoering van de werkzaamheden afwijkt van hetgeen is omschreven in de ecologische toets, zo spoedig mogelijk contact op te nemen met het bevoegd gezag. Een wijziging in de uitvoering van de werkzaamheden kan er namelijk toe leiden dat u in dat geval (mogelijk) toch een vergunning van de Wet natuurbescherming nodig heeft.

DGNVLG / 21055431

Hoogachtend,

C. den Hartog MSc MT-lid Directoraat-Generaal Natuur, Visserij en Landelijk Gebied Bijlage(n): 1. Ecologische beoordeling DPO-leiding, Voortoets Natura 2000

Pagina 3 van 4

Directoraat-generaal Natuur, Visserij en Landelijk gebied

BEZWAAR Tegen dit besluit staat op grond van de Algemene wet bestuursrecht voor een belanghebbende de mogelijkheid open een bezwaarschrift in te dienen. Een bezwaarschrift moet binnen zes weken na bekendmaking van dit besluit worden ingediend bij:

DGNVLG / 21055431

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit Rijksdienst voor Ondernemend Nederland Afdeling Juridische Zaken Postbus 40219 8004 DE Zwolle Het bezwaarschrift dient te zijn ondertekend en moet ten minste de volgende elementen bevatten: a) de naam en het adres van de indiener; b) de dagtekening; c) een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar gericht is, en d) de gronden van bezwaar. Het is raadzaam een kopie van dit besluit bij het bezwaarschrift te voegen.

PUBLICATIE BESLUIT De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit maakt dit besluit openbaar op grond van artikel 8 van de Wet openbaarheid van bestuur. Het zal onder anonimisering van de persoonsgegevens geplaatst worden op https://puc.overheid.nl/natuurvergunningen.

Pagina 4 van 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10086988/1