Antwoorden op vragen van seniorenconvent aan de afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling mbt de gele vlek in het Bp Hoge Heiligenweg
Tekst van het document
Antwoorden op vragen van seniorenconvent aan de afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling mbt de gele vlek in het Bp Hoge Heiligenweg 22 november 2021 Let op, een algemene opmerking vooraf! De vragen uit het seniorenconvent richten zich op het bestemmingsplan ‘Ammerzoden herziening 2015, Hoge Heiligenweg 32 en 34 + percelen langs A2’. Dit bestemmingsplan geldt ter plaatse niet meer. Met de inwerkingtreding van het bestemmingsplan ‘Buitengebied herziening 2016’ is dit het planologische kader geworden. 1.
Waarom is er in afwijking van wat gebruikelijk is zo’n ruime “gele vlek” ontstaan/ingetekend? Dit soort ruimtelijke initiatieven kunnen op verschillende manieren planologisch vertaald worden in een bestemmingsplan/wijzigingsplan. Geen van die manieren zijn per se gebruikelijk of ongebruikelijk. De hier gekozen methode (één groot bestemmingsvlak met aparte bouwvlakken voor de woningen) is ook niet ongebruikelijk en komt op meerdere plekken in Maasdriel voor. Bijvoorbeeld het bestemmingsplan ‘Buitengebied herziening 2015, Zandweg 6 Ammerzoden’ dat inmiddels ook is opgenomen in het bestemmingsplan ‘Buitengebied herziening 2016’.
2. Wat zijn de consequenties als er initiatieven worden voorgelegd die kleinere delen van dit grote blok betreffen? De mogelijkheden voor initiatieven worden niet groter of kleiner door te kiezen voor één groot bestemmingsvlak ‘Wonen’ in plaats van drie aparte bestemmingsvlakken per woning. Als de vraag is of dit grote bestemmingsvlak de mogelijkheid creëert om een vierde woning te realiseren, dan is het antwoord daarop nee. Artikel 18.2.2 van het geldende bestemmingsplan ‘Buitengebied herziening 2016’ voorkomt dit en een aanvraag voor een extra woning moet dus op grond van het bestemmingsplan geweigerd worden (zie hieronder): 18.2.2 Hoofdgebouw Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels: a) hoofdgebouwen worden, indien een bouwvlak is aangegeven, uitsluitend binnen het bouwvlak gebouwd; b) per bestemmingsvlak is één hoofdgebouw toegestaan, met dien verstande dat: 1) per hoofdgebouw maximaal 1 woning is toegestaan, met uitzondering van de gronden ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden', waarvoor geldt dat maximaal het aantal aangegeven woningen in het hoofdgebouw is toegestaan; 2) indien het bestemmingsvlak is voorzien van een bouwvlak, dan mag het aantal woningen niet meer bedragen dan 1 per bouwvlak; Roel Peters, manager afdeling RO