20250406 Beantwoording GR Recreatieschap
Tekst van het document
Zie onderstaande antwoorden op de gestelde vragen door Evelien Baudoin (GroenLinks Maasdriel). Vraag: agendapunt 4 GR recreatieschap: Waarom is deze GR eerder nooit meegenomen in overzichten van GR-en waar Maasdriel bij betrokken is? Ook kaderbrieven, jaarstukken en de bijdrage die de gemeenten leveren aan deze GR zijn ons onbekend: ze komen bijv. niet ter sprake op de jaarlijkse raadsvergadering in juni waar begrotingen en jaarstukken van de GR-en passeren. Wat is daar de reden van? Antwoord Op 1 juli 2022 is de Wet gemeenschappelijke regelingen aangepast en op 1 juli 2024 moesten alle gemeenschappelijke regelingen daarmee in overeenstemming zijn gebracht. Voor de gemeenschappelijke regeling Recreatieschap Nederrijn, Lek en Waal is een ander proces doorlopen dan voor de overige gemeenschappelijke regelingen. Deze GR-en vergden echter een bredere aanpak dan alleen de implementatie van de genoemde wetswijziging. De verouderde GR-en (uit 1989) waren dringend aan algehele herziening toe. Reden waarom deze drie GR-en niet meegenomen zijn in het reeds lopende proces in Rivierenland. Daarnaast zijn ook gemeenten bij deze GR-en betrokken die niet in Rivierenland liggen. Met het oog op de eenheid van de drie GR-en, vooral van belang voor de uitvoering door de gezamenlijke BV Uiterwaarde, is ervoor gekozen eenzelfde proces voor alle drie de GR-en te doorlopen.
De drie gemeenschappelijke regelingen; Recreatieschap Nederrijn, Lek en Waal, Recreatieschap Over-Betuwe en Natuur- en Recreatieschap Lingegebied, zijn de aandeelhouders in de BV Uiterwaarde. De gemeenteraad heeft in haar vergadering op 13 juni 2024 ingestemd met een eerdere versie van de gemeenschappelijke regeling Recreatieschap Nederrijn, Lek en Waal. Door de nieuwe aanpassingen moet het gehele proces van instemming door het college en gemeenteraad van Maasdriel opnieuw doorlopen worden. Door de aanpassingen sluit het P&C proces van het Recreatieschap nog beter aan bij het P&C proces van de gemeenten in Rivierenland (en daarmee ook op het P&C proces van de overige gemeenschappelijke regelingen). Verder is nu opgenomen dat uittreden per kalenderjaar mogelijk is, terwijl dat eerder slechts eenmaal per vijf jaar mogelijk was. Antwoord op financiële gedeelte: In het jaarverslag van 2023 staat: Vanaf 1 juli 1999 zijn alle taken door de Natuur- en Recreatieschappen in het Rivierengebied overgedragen aan de BV Uiterwaarde (B.V. Recreatiemaatschappij Rivierengebied) en voeren zij derhalve geen eigen activiteiten c.q. exploitaties meer uit. Om die reden worden in de zin van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten geen begroting, investeringsprogramma’s en paragrafen meer opgesteld c.q. vastgesteld. Vandaar dat de gemeenteraad deze ook niet gezien heeft.
Hiermee hoop ik dat de vragen van GroenLinks beantwoord zijn. Mocht dit niet het geval zijn, verneem ik dit graag.