2021.08.18 Regioplan Doordecentralisatie DEF versie
Tekst van het document
•
•
Vaak zijn er vele partijen bij de kwetsbare inwoner betrokken. Niet altijd is in beeld welke partij wat doet, terwijl het van belang is dat de geboden zorg goed op elkaar aansluit. Gemeenten kunnen regisseurs aanstellen die zorgdragen dat de zorg goed op elkaar afgestemd is en efficiënter kunnen werken. Zorgaanbieders en/of welzijnsinstellingen ondersteunen inwoners die nieuw in een wijk komen wonen, bij het kennis maken met voorzieningen in een wijk. Door bijvoorbeeld een aantal keer mee te gaan totdat iemand het vertrouwen heeft en het zelfstandig aan durft.
Kennis van de doelgroep • Investeer in kennis bij de vrijwilligers en zorgprofessionals in de eerste- en tweedelijns zorg hoe om te gaan met de kwetsbare inwoners. Dit vraagt veelal om specifieke vaardigheden. Een expertisecentrum kan opgezet worden waar onder andere omwonenden, vrijwilligers en professionals hun informatie vandaan kunnen halen over de doelgroep.
Belangrijke punten bij de uitwerking van de randvoorwaarden Passend en aansluitend zorgaanbod • Breng het huidige zorgaanbod in beeld en kijk hoe dit zorgaanbod op elkaar aansluit. In veel gemeenten zijn al veel voorzieningen aanwezig. Deze voorzieningen dienen elkaar aan te vullen en te versterken.
Pagina | 21 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
Nr.
Randvoorwaarden
Effect
Laagdrempelige ondersteuning gericht op zelfredzaamheid bij wonen 4.1 Laagdrempelige psychosociale ondersteuning bij wonen.
Lichte ondersteuningsvragen worden laagdrempelig ondervangen.
4.2
Laagdrempelige hulp om het huishouden te draaien.
De inwoner leert zelfstandig zijn woning te onderhouden.
4.3
Investeer in kennisontwikkeling over de doelgroep bij de vrijwilligers/professionals in de eerstelijns zorg. Toeleiden naar zorg.
Vrijwilligers en professionals weten hoe ze met de kwetsbare inwoners om moeten gaan en hoe ze hen kunnen ondersteunen. Zorg wordt tijdig ingezet.
4.4
Lokaal/ regionaal
Status
Bestaand/ nieuw Bestaand/ nieuw Bestaand/ nieuw Bestaand
Ondersteuning bij deelnemen aan het sociale leven 4.5 Laagdrempelig punt voor informatie en advies.
Lichte ondersteuningsvragen kunnen laagdrempelig ondervangen worden.
4.6
Ervaringsdeskundigen zijn betrokken in de ondersteuning voor de inwoner.
Bestaand/ nieuw Bestaand
Voor iedere kwetsbare inwoner die in de wijk komt wonen is er één centraal aanspreekpunt die bekend is in de wijk. Gespecialiseerde zorg 4.8 De betrokken (zorg)partijen bij de inwoner dienen de zorg en ondersteuning op elkaar af te stemmen. 4.9 Gespecialiseerde zorg moet snel toegankelijk zijn.
De inwoner kan ondersteuning ontvangen om de buurt te leren kennen.
Bestaand
Zorg en ondersteuning voor de cliënt is op elkaar afgestemd.
Nieuw
Zorg kan snel en gemakkelijk opgeschaald worden waar nodig.
Nieuw
4.10
Hulp is altijd beschikbaar voor de inwoner.
Bestaand
Zorgaanbieders bieden gezamenlijk de gepaste zorg aan mensen met verward gedrag. Voorziening voor tijdelijk verblijf 4.12 Time-outvoorziening bij noodzaak tot behandeling.
De ondersteuning en zorg voor de inwoner is op elkaar afgestemd.
Bestaand/ nieuw
Langdurige opname kan worden voorkomen.
4.13
Verergering van de problematiek kan worden voorkomen en/of ontlasting van de omgeving van de inwoner.
Bestaand/ nieuw Nieuw
Inzet ervaringsdeskundigheid.
4.7
24-uurs bereikbaarheid en beschikbaarheid.
4.11
Respijtvoorziening als rustplek om erger te voorkomen.
Pagina | 22 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
Vuistregel 5. Fijne leefomgeving Wanneer een inwoner vanuit beschermd wonen of maatschappelijk opvang doorof uitstroomt in de wijk, dienen mensen de inwoner op te kunnen vangen. Tevens moet er ook aandacht zijn voor de leefbaarheid voor omwonenden. Binding met mensen in de omgeving is immers van belang voor het herstel.
Aandachtspunten • Ga uit van het principe maatwerk. Iedere inwoner heeft andere wensen, behoeften en interesses. Er is niet één voorziening die voor iedere kwetsbare inwoner passend is. Doe wat voor de inwoner het beste is. • Kijk daarnaast ook naar maatwerk op wijkniveau. Het onderzoeken van de wijkdynamiek is hierin een belangrijk thema. • Investeer in het opbouwen van wijknetwerken. • Zorg dat de betrokkenen die om de kwetsbare inwoner staan, zowel het formele als informele netwerk, op de hoogte zijn van elkaars taken. Denk hierbij aan partijen als de gemeente, woningcorporatie, wijkagent, wijkteam en zorgorganisatie. Zodoende is er duidelijkheid over de verantwoordelijkheden van de betrokkenen in een wijk, kunnen signalen tijdig opgepakt worden en kan de inwoner de juiste ondersteuning krijgen die hij/zij op dat moment nodig heeft.
• •
inwoner. Hierover kunnen afspraken gemaakt worden in bijvoorbeeld de inkoopvoorwaarden. Per individu dient gekeken te worden of de buren wel of niet geïnformeerd hoeven te worden over de komst van de kwetsbare inwoner in de wijk. Daarin dienen de wensen van de inwoner leidend te zijn. Voor het formele en informele netwerk dat om de kwetsbare inwoner heen staat, is het van belang dat helder is wie wanneer in actie komt. Daarbij is het van belang om concrete afspraken te hebben wie de waakvlamfunctie vervult.
Laagdrempelige voorzieningen • Bij laagdrempelige voorzieningen gericht op bewegen en ontmoeten, zoals wandelclubjes of sporten met een buurtcoach, zijn vaste wekelijkse afspraken van belang. Daarbij dient de organisator te weten (vrijwilliger/buurtcoach) hoe die met GGZ-problematiek om kan gaan. Per individu dient gekeken te worden of het wenselijk is dat er wordt aangesloten bij een groep bestaande uit kwetsbare inwoners of juist een gemêleerde groep. Leefbaarheidstoets/-monitor • Een leefbaarheidstoets/-monitor kan uitgevoerd worden om de draagkracht van een wijk te meten: of een wijk het aan kan om onder andere kwetsbare inwoners te huisvesten en of een inwoner goed hierin ontvangen wordt. • Het versterken van draagkracht in de wijk kan door buurtinitiatieven te initiëren, bijvoorbeeld volgens de methode van Kwartiermaken. Deze methode is gericht op succesvolle integratie in de samenleving van mensen die op basis van een kwetsbaarheid/beperking met uitsluiting kampen. •
Belangrijke punten bij de uitwerking van de randvoorwaarden Wonen in de wijk • Wonen in een wijk betekent dat de kwetsbare inwoner te maken krijgt met buurtgenoten die er langer wonen. Een fijne leefomgeving moet van twee kanten worden ingevuld, desgewenst met hulp van welzijnswerk en/of professionals. Zorgaanbieders zouden bijvoorbeeld door kunnen geven aan de lokale welzijnsinstelling dat de inwoner er komt wonen, in overleg met de Pagina | 23 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
Nr.
Randvoorwaarden
Acceptatie en inclusie in de wijk 5.1 Voorlichtingscampagnes worden gemeentebreed en waar nodig wijkgericht ingezet. 5.2
Onafhankelijke cliëntondersteuning wordt in de gemeente ingezet.
5.3
De inwoner wordt warm ontvangen in zijn nieuwe buurt.
5.4
Signalen in de wijk worden opgevangen en opgepakt.
5.5
Er is sprake van draagkracht in de wijk om de kwetsbare inwoner op te vangen. Fijne omgeving die stimuleert tot bewegen en ontmoeten 5.6 Er is een omgeving waarin de inwoner de mogelijkheid heeft om anderen te ontmoeten en gestimuleerd wordt om te bewegen.
Effect
Lokaal/ regionaal
Status
Inwoners leren hoe ze kunnen omgaan met mensen met verward gedrag, weten waar ze met signalen van verward gedrag terecht kunnen en verward gedrag wordt genormaliseerd. De inwoner wordt ondersteund bij de inzet van (preventieve) maatregelen waardoor snel de juiste zorg kan worden ingezet. De inwoner voelt zich welkom en wordt gestimuleerd om de buurt te leren kennen. Problemen van inwoners worden vroeg gesignaleerd waar snel de juiste zorg kan worden ingezet. De inwoner komt in een wijk terecht die de inwoner op juiste wijze kan ondersteunen.
Nieuw
De inwoner doet sociale contacten op en lichamelijke beweging.
Bestaand/ nieuw
Bestaand Bestaand/ nieuw Bestaand/ nieuw Bestaand/ nieuw
Pagina | 24 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
6. Samenwerking In juni 2020 hebben gemeenten landelijk ingestemd met de niet-vrijblijvende Norm van Opdrachtgeverschap (NvO). Hiermee nemen gemeenten de verantwoordelijkheid om de regionale samenwerking te verbeteren en het opdrachtgeverschap richting aanbieders te versterken. Door samenwerking beperken gemeenten onder andere administratieve lasten en behalen we efficiëntievoordelen. Binnen de gezamenlijke verantwoordelijkheid vinden we het belangrijk dat lokale gemeenten zeggenschap houden. Hierover maken we duidelijke afspraken met elkaar. We spreken de samenwerkingsvorm af voor een periode van 4 jaar (2022 t/m 2025), waarbij we oog houden voor de efficiëntie van de regionale samenwerking. Zodra 1 + 1 = 3 niet meer geldt evalueren we met elkaar de samenwerking en maken we aanpassingen. 6.1 Samenwerkingsvorm – enkelvoudige centrumregeling Onder een enkelvoudige centrumregeling wordt verstaan een gemeenschappelijke regeling waarbij één gemeente als centrumgemeente is aangewezen (art. 8 lid 4 Wgr.). Dit is de traditionele vorm van de centrumregeling: één gemeente voert de in de gemeenschappelijke regeling opgenomen taken uit voor de andere deelnemers, de gastgemeenten. De gemeenschappelijke regeling die wordt opgesteld geven we in de regio als volgt vorm: Beleidsmatig • Uniform beleid We voeren een uniform, gezamenlijk opgesteld beleid voor beschermd wonen.
De basis hiervoor is de Regiovisie en de kaders uit het Regioplan. In elke lokale beleidsregels en verordening staat dezelfde tekst (of een strekking daarvan). Elke lokale gemeente heeft de vrijheid om te verwijzen naar de beleidsregels / verordening van de centrumgemeente of het in een eigen vorm te gieten.
•
Lokale set aan basisvoorzieningen Als regio spreken we op basis van het Regioplan kaders af voor de basis van de lokale voorzieningen. De inkleuring hiervan gebeurd op lokaal niveau. Elke gemeente conformeert zich aan de inspanning op deze kaders en geeft op gezette momenten de voortgang hiervan aan. De invulling van de basis van de lokale voorzieningen is een lokale verantwoordelijkheid.
•
Toegang We hanteren in elke gemeente dezelfde toegangsafspraken. De lokale toegang wordt ondersteund door een regionaal expertteam (het Netwerk Opvang en Wonen).
•
Gezamenlijke verantwoordelijkheid Gemeenten zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor de doelgroep. Dit uit zich bijvoorbeeld in het toegankelijk zijn van de voorzieningen voor alle gemeenten uit de regio (tenzij anders is afgesproken).
•
Inzet op transformatie Alle gemeenten zetten beleidsmedewerkers in voor de transformatie van beschermd wonen (het realiseren van de lokale set aan basisvoorzieningen én de regionale voorzieningen). Waar eerst de focus vooral lag op het regionale, verschuift de focus van de inzet steeds meer naar het lokale. Hierbij verliezen we niet de regionale binding.
•
Regionaal uitvoeringsprogramma We stellen elk jaar gezamenlijk een regionaal uitvoeringsprogramma (in samenhang met de aanpalende beleidsterreinen) op. Bij het opstellen van het regionaal uitvoeringsprogramma wordt ook een besluit genomen over de beschikbare financiële middelen voor het regionaal uitvoeringsprogramma en de bijbehorende taken. Het regionaal uitvoeringsprogramma wordt vastgesteld door alle colleges in de regio.
•
Lokaal uitvoeringsprogramma Elke gemeente stelt elk jaar een lokaal uitvoeringsprogramma op. In het lokale uitvoeringsprogramma wordt uiteen gezet hoe er aan de slag wordt gegaan Pagina | 25
Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
met de lokale set aan basisvoorzieningen. Het is aan de lokale gemeenten om te bepalen in welke vorm, welk tijdspad en welke volgorde van de randvoorwaarden. Belangrijk hierbij is wel dat het inzichtelijk is voor de regio dat er inspanningen worden gepleegd op de lokale set aan basisvoorzieningen, zodat we van elkaar kunnen leren of eventueel een samenwerking kunnen opzoeken. •
Regionale overlegstructuur We hebben regionale overlegstructuur waarin de regionale besluitvorming wordt voorbereid, de voortgang van de regionale projecten besproken en kennis wordt gedeeld. De regionale overlegstructuur bestaat uit een regionaal beleidsteam (RBT), een regieteam (RT) en een portefeuillehouders overleg maatschappelijke zaken (Poho MZ). Iedere gemeente zorgt voor vertegenwoordiging in elk van de overleggen.
•
Regiobijeenkomst We hebben elk jaar een regiobijeenkomst waar we de opbrengsten van het afgelopen jaar presenteren aan alle betrokken stakeholders.
•
Safari Na 2 jaar organiseren we een ‘safari’ waar we met collega’s uit de regio (zowel beleidsmedewerkers, als managers en bestuurders) een rondje maken langs de verschillende gemeenten om de opbrengsten van de afgelopen jaren aan elkaar presenteren.
Taken • Beleidsmedewerkers De centrumgemeente heeft 1 beleidsmedewerker beschermd wonen en 1 beleidsmedewerker maatschappelijke opvang in dienst voor de specialistische ondersteuning op deze beleidsterreinen voor de hele regio. Deze beleidsmedewerkers voeren hun taken onafhankelijk met een regionale blik uit en werken vanuit de belangen van de regio. De beleidsmedewerkers worden ondersteund door een beleidsondersteuner. De lokale gemeenten hebben 1 beleidsmedewerker in dienst die ook beschermd wonen en maatschappelijke opvang in het pakket heeft. De inzet van deze beleidsmedewerkers is
gebaseerd op de gevraagde inzet vanuit het regionale en lokale uitvoeringsprogramma. Bij het opstellen van het lokale en regionale uitvoeringsprogramma wordt de inzet voor de regio van de beleidsmedewerkers voor het jaar erop bepaald. •
Regionaal programmamanager De centrumgemeente heeft 1 regionaal programmamanager vast in dienst. Deze regionaal programmamanager voert zijn taak onafhankelijk uit met een regionale blik en werkt vanuit de belangen van de regio. De regionaal programmamanager kan op aanvraag ook ondersteunend in de lokale gemeenten ingezet. De regionaal programmamanager heeft een aantal taken: - verantwoordelijk voor het coördineren van de regionale processen; - bewaken van de voortgang van het regionaal uitvoeringsprogramma; - verantwoording afleggen richting bestuurders over de regionale voortgang; - stimuleren en ondersteunen van de lokale uitvoeringsprogramma’s; - als projectleider inzetbaar op een aantal strategische projecten (door de regio bepaald bij het vaststellen van het uitvoeringsprogramma).
•
Inhuur Op basis van het regionaal uitvoeringsprogramma kan de regio ervoor kiezen om professionals (bijvoorbeeld in de vorm van een projectleider) in te huren. Zij komen in dienst van de centrumgemeente. Deze professionals voeren hun taak onafhankelijk uit met een regionale blik en werkt vanuit de belangen van de regio.
•
Financieel adviseur De centrumgemeente stelt een financieel adviseur beschikbaar voor de werkzaamheden rondom de financiële middelen en de jaarlijkse begroting. De financieel adviseur voert alle taken uit die noodzakelijk zijn voor het onafhankelijk en secuur beheren van de middelen.
•
Regionaal expertteam De lokale toegangsmedewerkers worden ondersteund vanuit een regionaal expertteam; het Netwerk Opvang en Wonen. Het Netwerk Opvang en Wonen biedt vanuit expertise ondersteuning aan bij het bepalen van de beschikkingen Pagina | 26
Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
van beschermd wonen. Hierbij hebben ze een aantal taken: - het geven van advies m.b.t. een lokale beschikking beschermd wonen; - het ondersteunen van lokale teams in de vorm van deskundigheidsbevordering; - het organiseren van trainingen / opleiding in de vorm van deskundigheidsbevordering; - het signalen van trends of ontwikkelingen op beschermd wonen en deze actief communiceren met beleidsmedewerkers van de centrumgemeente; - het ondersteunen bij mogelijke bezwaar & beroep zaken. De inzet van het regionaal expertteam wordt bepaald op basis van het aantal cliënten en de deskundigheid van de lokale teams. Hoe minder cliënten en hoe meer deskundigheid in de lokale teams, hoe minder de regionale ondersteuning nodig is. •
Regionale inkooporganisatie De regio wordt middels de regionale inkooporganisatie zorg ondersteunt op het gebied van account- en contractmanagement, toezicht en aanbestedingen. Hierover leggen zij structureel en conform de gemaakte afspraken verantwoording af. Met het regionale inkooporganisatie worden afspraken gemaakt over trends, ontwikkelingen, signalering en benodigde informatie t.b.v. integrale beleidsadvisering.
Financieel • Begroting We stellen jaarlijks een transparante, regionale begroting op voor de uitvoering van beschermd wonen en geven de centrumgemeente het mandaat om deze officieel vast te stellen. In de begroting staat ook het totaal bedrag dat aan de lokale gemeenten wordt uitgekeerd in het ‘lokale uitvoeringsbudget’. De lokale gemeenten gaan zelf over het inzetten van de lokale middelen. De centrumgemeente houdt de regio tussentijds op de hoogte van de stand van zaken van de (meerjaren)begroting. •
beschermd wonen beschikbaar voor deze taak door het oormerken van deze middelen voor beschermd wonen. •
Inkoopnotitie Er is één regionale inkooporganisatie die beschermd wonen contracteert en afrekent met zorgaanbieders, verantwoordelijk is voor account- en contractmanagement en verantwoording aflegt aan de deelnemende gemeenten. Elk jaar wordt er een inkoopnotitie opgesteld waarbinnen afspraken worden gemaakt over het inkoop volume van het jaar erop. Deze inkoopnotitie wordt in elk college vastgesteld.
Juridisch • Enkelvoudige centrumregeling We sluiten een lichte Gemeenschappelijke Regeling (GR) af in de vorm van een enkelvoudige centrumregeling (conform art. 8 lid 4 Wgr). We besluiten te kiezen voor ’s-Hertogenbosch als centrumgemeente. Ondanks dat we een nieuwe situatie hebben, is dit de meest wenselijke keuze. Hiermee behouden we de integraliteit met Maatschappelijke Opvang (t/m 2025 is ’sHertogenbosch hier nog de centrumgemeente van) en zorgen we voor effectiviteit m.b.t. de implementatie (het kost veel tijd / financiële inzet om van centrumgemeente te veranderen). •
Meerderheidsprincipe Afspraken over alles o.a. beleid, financiën, inzet etc. kunnen alleen in gezamenlijkheid gemaakt worden. Hiervoor geldt een meerderheidsprincipe op basis van inwoneraantal op peildatum 01 januari van dat jaar, met een minimum aantal van drie gemeenten.
Andere domeinen • We blijven volgens de uitgangspunten en ambities van de Regiovisie werken en betrekken alle belangrijke aanpalende beleidsterreinen bij de uitvoering van beschermd wonen.
Oormerken middelen Iedere gemeente stelt de in het gemeentefonds beschikbare middelen voor Pagina | 27
Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
•
We trekken in de uitvoering van beschermd wonen zoveel mogelijk met elkaar op, waarbij de nieuwe Gemeenschappelijke Regeling ook voor de maatschappelijke opvang en het domein Zorg & Veiligheid geldt.
Wat wordt er concreet van de lokale gemeenten verwacht op het gebied van samenwerking? • Elke gemeente heeft 1 beleidsmedewerker beschikbaar voor de beleidsterreinen beschermd wonen en maatschappelijke opvang om de lokale én regionale ambities tot uitvoering te brengen. • De gemeente stelt elk jaar een lokaal uitvoeringsprogramma op in samenwerking met betrokken stakeholders. Dit lokaal uitvoeringsprogramma is uiterlijk op 01 november van dat jaar gereed en in afstemming met het regionaal uitvoeringsprogramma. Het is aan de lokale gemeenten om te bepalen in welke vorm, welk tijdspad en welke volgorde van de randvoorwaarden. • De gemeente zorgt voor vertegenwoordiging in de regionale overlegstructuur. • De gemeenten verleent mandaat aan de centrumgemeente en het RIOZ om op te treden namens de hele regio bij account- en contractmanagement, vaststellen van de begroting en het vertegenwoordigen van de regio in bijv. landelijke overleggen. • Het college van de lokale gemeenten stelt elk jaar vast: het regionaal uitvoeringsprogramma, het lokaal uitvoeringsprogramma en de inkoopnotitie.
Pagina | 28 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
7. Financiën De vaststelling van het nieuwe objectief verdeelmodel en het woonplaatsbeginsel laat nog op zich wachten. Bovendien is de verdeling van het Rijk met betrekking tot nieuwe en bestaande cliënten onnodig gecompliceerd. Daarom spreken wij met elkaar af dat we de financiën effectief en eenvoudig met elkaar regelen. Vanaf 01 januari 2023 krijgt elke gemeente voor een periode van 10 jaar stapsgewijs een (toenemend) budget voor nieuwe cliënten beschermd wonen. Deze opbouw is gebaseerd op een landelijk gemiddelde van instroom nieuwe cliënten. Het is onzeker of dit landelijk gemiddelde ook van toepassing is op onze regio. Ook laten de huidige trends een stijging van beschermd wonen cliënten zien én een toename van complexiteit van de problematiek. Dit tezamen kan ervoor zorgen dat een gemeente een financieel risico heeft als de instroom van cliënten hoger is dan de instroom begroot in het lokale budget. Daarnaast kost een transformatie geld: de huidige voorzieningen moeten in stand gehouden worden, terwijl de nieuwe voorzieningen ontwikkeld worden. Als regio vinden wij het belangrijk dat er zoveel mogelijk geld naar de ondersteuning van cliënten gaat, in plaats van naar andere zaken eromheen. Daarom willen we o.a. de kosten voor bedrijfsvoering efficiënt met elkaar regelen.
7.1 Financiën tijdens de eerste fase: realiseren lokale set aan basisvoorzieningen (2022 – 2025) We werken vanuit een regionaal budget, waarbinnen al het geld van de centrumgemeente en regiogemeenten valt die beschikbaar zijn voor beschermd wonen. De regiogemeenten oormerken dit geld op de lokale begroting voor beschermd wonen. Het nieuwe objectief verdeelmodel dat ingaat per 01 januari 2023 zorgt ervoor dat we een zogenoemde voordeelgemeente zijn. Over een periode van 10 jaar krijgen we stapsgewijs €5 miljoen extra. Om invulling te geven aan het lokale uitvoeringsprogramma per gemeente en recht te doen aan de lokale verantwoordelijkheid, krijgt elke gemeente elk jaar een vrij te besteden lokaal uitvoeringsbudget. Ondanks dat het objectief verdeelmodel pas op 01 januari 2023
ingaat en lokale gemeenten dan pas een lokale uitkering krijgen, willen wij vanaf 2022 al starten met een lokaal uitvoeringsbudget. 7.2 Financiën tijdens de tweede fase (verwacht 2026 e.v.) In de tweede fase is het wenselijk dat we werken vanuit een lokaal budget en vandaar financiën afdragen voor het in stand houden en ontwikkelen van de regionale voorzieningen, mogelijke regionale bedrijfsvoering. De basis is dus vanuit lokaal naar regionaal. Om alsnog geen last te hebben van de ingewikkelde situatie van bestaande en nieuwe cliënten, maar voor alle cliënten hetzelfde beleid te kunnen voeren is het noodzakelijk dat er voor het einde van fase 1 gekeken gaat worden naar een eigen regionaal objectief verdeelmodel. We gaan dan vooruitlopend op het ingroeipad van het Rijk – conform duidelijke afspraken en verdeelsleutel – het totale regionale budget met elkaar verdelen. Een voorbeeld hiervan is het objectief verdeelmodel van de regio Groningen. 7.3 Financiering maatschappelijke opvang De maatschappelijke opvang blijft tot en met 2025 onder een centrumgemeente constructie vallen. Op dit moment hebben we een structureel tekort van €1,4 miljoen op het Rijksbudget van de maatschappelijke opvang. We vangen dit momenteel op vanuit de reserve beschermd wonen. Er is in de transformatieopgave van de maatschappelijke opgave een taakstellende bezuiniging afgesproken.
De verwachte realisatiedatum daarvan is 01 januari 2024. We blijven in de komende jaren als regio financieel solidair aan maatschappelijke opvang. Termen Regionaal budget Lokaal uitvoeringsbudget Lokaal uitgekeerde budget
budget centrumgemeente (bestaande cliënten) + het budget per lokale gemeente (nieuwe cliënten) het budget wat we beogen voor de lokale opgave het budget wat elke lokale gemeente krijgt voor de nieuwe cliënten
Pagina | 29 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
7.4 Uitwerking van de financiële regeling tijdens de eerste fase Regionaal budget • Het regionaal budget bestaat uit de gelden die beschikbaar zijn voor beschermd wonen vanuit de centrumgemeente en de lokale gemeenten. • De centrumgemeente beheert het regionale budget. • De centrumgemeente stelt elk jaar in de gemeenteraad het regionale budget vast. Voorafgaand wordt er ruimte geboden voor lokale consultatie in elke gemeente en gebeurd het opstellen van de begroting in samenspraak met alle gemeenten. In de begroting staat benoemd welk bedrag naar de lokale uitvoeringsbudgetten gaat, maar de specifieke invulling hiervan wordt lokaal vastgesteld. • We stellen elk jaar een meerjarenbegroting op om grip te houden op de financiële situatie. De meerjarenbegroting wordt bij grote wijzigingen geactualiseerd. Standaard wordt de meerjarenbegroting bijgevoegd ter informatie bij het vaststellen van de uitvoeringsprogramma in de colleges. Lokaal uitvoeringsbudget • Elke gemeente krijgt elk jaar een lokaal uitvoeringsbudget voor het uitvoeren van het lokaal uitvoeringsprogramma aan de hand van de kaders van het Regioplan. • De gemeenten hoeven regionaal geen verantwoording op financiën af te leggen betreffende de inzet van de financiële middelen. We werken op basis van partnership en vertrouwen. Wel leggen de gemeenten op inhoud verantwoording af op de voortgang van de lokale opgave.
• Het totale lokale uitvoeringsbudget is 2% van het regionale budget. • Het totale lokale uitvoeringsbudget wordt conform een verdeelsleutel op basis van een mix van inwoner aantal plus het aantal cliënten verdeeld over de regiogemeenten.
• •
Bij de verschuiving naar de toekomstige situatie (lokaal budget) wordt de reserve verdeeld over alle gemeenten conform de verdeelsleutel. Elke gemeente kan vanuit het lokale uitvoeringsbudget lokaal een reserve opbouwen, die bestemd is voor beschermd wonen. We leggen op financieel gebied geen verantwoordelijkheid af, maar hebben wel een inspanningsafspraak m.b.t. de lokale set aan basisvoorzieningen.
Tekorten • Bij mogelijke tekorten zijn we financieel solidair aan elkaar, wat betekent dat we dit gezamenlijk betalen. Tekorten spelen pas op als de regionale reserve van beschermd wonen uitgeput is. • De lokale bijdrage aan de tekorten wordt berekend op basis van de verdeelsleutel. Wat wordt er concreet van de lokale gemeenten verwacht op het gebied van financiën? • • • • • •
Reserve • We beheren centraal vanuit het regionaal budget een mogelijke reserve. Bij het vaststellen van de begroting wordt ook bepaald of het noodzakelijk is dat we de reserve inzetten voor eventuele tekorten.
Elke gemeente oormerkt het geld wat beschikbaar is voor beschermd wonen op zijn eigen begroting. Elke gemeente krijgt een lokaal uitvoeringsbudget en stelt de rest beschikbaar voor het regionale budget. Elke gemeente geeft de centrumgemeente het mandaat voor het vaststellen van de begroting. Elke gemeente verantwoord lokaal de uitgave van het lokaal uitvoeringsbudget beschermd wonen. Elke gemeente kan lokaal een reserve opbouwen, maar oormerkt deze reserve wel voor beschermd wonen. Elke gemeente gaat akkoord met het opbouwen van een regionale reserve, het verdelen van de regionale reserve bij beëindiging van het regionale budget en het financieel solidair zijn bij mogelijke tekorten (incl. de voorgestelde verdeelsleutel).
Pagina | 30 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
Bijlage: Factsheets lokale gemeenten
Pagina | 31 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
Pagina | 33 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
Pagina | 35 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
Pagina | 36 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
Pagina | 37 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
Pagina | 38 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
Pagina | 39 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
Pagina | 40 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
Pagina | 41 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
Pagina | 42 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
Pagina | 43 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
Pagina | 44 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
Pagina | 45 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
Pagina | 46 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
Pagina | 47 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
Pagina | 48 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
Pagina | 49 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
Pagina | 50 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard
Pagina | 51 Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen – Augustus 2021 - Regio Meierij en Bommelerwaard