CConstaterende datMaasdriel
Koppel je AI →
Document · PDF

11. Was wordt lijst verordeningen 2024

Gemeenteraad 14 december 2023, gemeente MaasdrielBij agendapunt: Belastingverordeningen 2024952 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Wijzigingen verordening standplaatsen en marktgelden 2024 Artikel 1 lid 3

Was Onder de naam "energiekostenvergoeding" wordt een recht geheven van standplaatshouders, niet zijnde standplaatshouders op een markt, voor het ter beschikking stellen van een door de gemeente aangebrachte elektriciteitsvoorziening.

Wordt Onder de naam "energiekostenvergoeding" wordt een recht geheven van (weekmarkt) standplaatshouders voor het ter beschikking stellen van een door de gemeente aangebrachte elektriciteitsvoorziening.

Reden De weekmarkt zal door de wijziging in deze bepaling de verbruikte energie moeten vergoeden aan de gemeente.

Wijzigingen verordening precariobelasting 2024 Artikel 4

Was De precariobelasting wordt niet geheven ter zake van het hebben van: a. voorwerpen, waarvan de gemeente ter zake van het gebruik van de voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond waarop het voorwerp of de voorwerpen zich bevinden een recht heft op grond van artikel 229, eerste lid, onderdeel a, van de Gemeentewet; b. voorwerpen, waarvan de gemeente genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is, met uitzondering van voorwerpen die in gebruik zijn bij een derde; c. buizen in de grond tot lozing van fecaliën, huishoud- of hemelwater..

Wordt De precariobelasting wordt niet geheven ter zake van het hebben van: a. voorwerpen, waarvan de gemeente ter zake van het gebruik van de voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond waarop het voorwerp of de voorwerpen zich bevinden een recht heft op grond van artikel 229, eerste lid, onderdeel a, van de Gemeentewet; b. voorwerpen, waarvan de gemeente genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is, met uitzondering van voorwerpen die in gebruik zijn bij een derde; c. buizen in de grond tot lozing van fecaliën, huishoud- of hemelwater. d. terrassen van plaatselijke instellingen zonder winstoogmerk voor activiteiten op cultureel en maatschappelijk terrein.

Reden Door een lid d toe te voegen zijn de instellingen zonder winstoogmerk voor activiteiten op cultureel en maatschappelijk terrein vrijgesteld van de precariobelasting.

Wijzigingen Verordening Riool- en Waterzorgheffing 2024 Een gespecialiseerd bureau in gemeentelijke heffingen (Van Den Bosch & Partners) heeft de rioolheffingsverordening juridisch aangepast, en daarbij een aantal wijzigingen aangebracht zodat vanaf 2024 ook de gebruikersheffing kan worden opgelegd in de enkele situaties waar dat in 2023 niet kon. Tevens zijn deze wijzigingen met BSR afgestemd om ook de uitvoering te kunnen borgen. Het gaat hierbij om de volgende wijzigingen: - Om de optie tot forfaitaire aftrek (46 m3 per persoon per huishouden) te regelen in de verordening van 2024 voor meerdere situaties, bijvoorbeeld voor de situaties waarin meerdere percelen/WOZobjecten één gezamenlijke watermeter hebben; - Om voor de situatie wanneer meerdere niet-woningen één gezamenlijke watermeter hebben vast te leggen dat de totale hoeveelheid afgevoerd water gedeeld wordt over het aantal percelen/WOZ objecten. Naast bovenstaande wijzingen is er een uitvoeringsregeling toegevoegd voor de veehouderij en fruitteelt, of voor andere gevallen waar (vermoedelijk) afwijking is tussen het ingenomen en geloosde water. Vanaf 2024 worden deze uitgenodigd om voorafgaand aan de aanslagoplegging aangifte te doen, zodat op basis van het daadwerkelijk afgevoerde water kan worden geheven. Voor de duidelijkheid: er zijn géén inhoudelijke wijzigingen gedaan ten aanzien van de rioolheffing.

Het stuk is juridisch robuust gemaakt zodat we kunnen heffen zoals bedoeld. Artikel 5

6

Was b. waterverdedigings- en waterbeheersingswerken die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen

Wordt b. waterverdedigings- en waterbeheersingswerken die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning;

c. werken die zijn bestemd voor de zuivering van riool- en ander afvalwater en die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen

c. werken die zijn bestemd voor de zuivering van riool- en ander afvalwater en die worden beheerd door organen, instellingen of diensten van publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van de delen van zodanige werken die dienen als woning. 6. In afwijking van het derde lid wordt, ingeval sprake is van een perceel dat in hoofdzaak tot woning dient en een perceel dat niet in hoofdzaak tot woning dient (niet-woning) die aangesloten zijn op één gezamenlijke watermeter, het aantal kubieke meters dat wordt afgevoerd ter zake van het perceel dat tot woning vastgesteld op 46 m3 per

Reden Dit zijn tekstuele aanpassingen om met zekerheid bij de definitie van de Wet WOZ aan te sluiten.

Forfaitaire mogelijkheden zijn voor verschillende situaties toegevoegd, zodat de gebruikersheffing in die situaties geheven kan worden (lid 6,7, 8 en 10). Voor niet-woningen die uit meerdere percelen/ WOZ objecten bestaan en een gezamenlijke

Artikel

Was

Wordt bewoner. 7. Ter zake van het in het vorige lid genoemde perceel dat niet tot woning dient wordt het aantal kubieke meters verminderd met 46 m3 per bewoner van het perceel dat in hoofdzaak tot woning dient.

Reden watermeter hebben, is geregeld dat de gebruikersheffing wordt gebaseerd op de totale hoeveelheid afgevoerd water gedeeld door het aantal percelen/WOZ objecten (lid 9).

8. In afwijking van het derde lid wordt, indien meerdere percelen die in hoofdzaak tot woning dienen aangesloten zijn op één gezamenlijke watermeter, per perceel de hoeveelheid kubieke meters dat wordt afgevoerd vastgesteld op 46 m3 per bewoner. 9. In afwijking van het derde lid wordt, meerdere percelen die niet in hoofdzaak tot woning dienen aangesloten zijn op één watermeter, de hoeveelheid afgevoerd water per perceel gesteld op de totale hoeveelheid afgevoerd water gedeeld door het totaal aantal percelen dat op de watermeter is aangesloten. 10. Als de gegevens bedoeld in het derde lid voor een perceel dat in hoofdzaak tot woning dient niet bekend zijn, wordt het aantal kubieke meters water voor dat perceel vastgesteld op 46 m3 per bewoner. Uitvoerin gsregeli ng

Deze is als nieuw document opgesteld, zie bijlage 8a.

De uitvoeringsregeling is toegevoegd voor de veehouderij en fruitteelt, of voor andere gevallen waar (vermoedelijk) afwijking is tussen het ingenomen en geloosde water.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13458658/2