04 Resultaten Haalbaarheidsonderzoek MC de Woerd 23 januari 2024
Tekst van het document
Resultaten haalbaarheidsonderzoek Maatschappelijk cluster de Woerd in Hedel. 1. Inleiding De Woerd in Hedel, de agrarische gronden tussen de Koningin Wilhelminastraat en de Burgemeester C. van de Werkenstraat, is een van de laatste ontwikkellocaties in het hart van Hedel. De betrokken ontwikkelaars willen hier graag woningen realiseren. De gemeente Maasdriel wil op deze centrale plek naast woningbouw ook maatschappelijke voorzieningen te realiseren. Dit cluster moet ruimte bieden aan de drie Hedelse basisscholen, kinderdagverblijven, buitenschoolse opvang, een bibliotheekvoorziening voor 0-12 jarigen, een gymzaal, een adviesplein en een huiskamer, een huisartsenpraktijk en apotheek. De gemeente heeft de financiële en maatschappelijke haalbaarheid van het maatschappelijk cluster onderzocht. In deze notitie zijn de bevindingen van dit onderzoek samengevat. De doelstelling van het haalbaarheidsonderzoek is om enerzijds kwantitatief te bepalen wat de benodigde oppervlakten en de kosten zijn, anderzijds wat het draagvlak onder de betrokken partijen is om deel te nemen aan het maatschappelijk cluster.
Figuur 1: Locatie de Woerd
2. Kaders en uitgangspunten 2.1 Integraal Huisvestingplan Onderwijs De gemeenteraad heeft de wens tot een maatschappelijk cluster in Hedel onder meer vastgelegd in het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (IHP), november 2022. Het uitgangspunt is om onderwijs te huisvesten in één integraal kindcentrum. Een centrale plek waar behalve onderwijs kindgerichte zorg en aandacht mogelijk is. De basis voor het maatschappelijk cluster is vastgelegd in het IHP. Daarin is opgenomen dat schoolbesturen en gemeenten streven naar een bereikbaar aanbod van kindvoorzieningen in kindcentra (hierna: KC) te realiseren. De kern van een KC is de samenwerking tussen basisonderwijs en kinderopvang om daarmee te zorgen voor een stabiele, intellectuele, persoonlijke en sociale groei van kinderen van 0-12 jaar. Verbreding met zorg en/of ondersteuning is mogelijk op basis van lokale 1
behoeften en aanbod. Ook is in het IHP opgenomen dat (eventuele) huisvesting moet uitnodigen tot samenwerking. Nauwe samenwerking, gelijkwaardigheid en vertrouwen tussen de partners zijn essentieel. Een gezamenlijke koers slaagt niet als draagvlak bij één van de partners ontbreekt. Deze samenwerking vindt bij voorkeur plaats in één gebouw of in de directe omgeving. Bij nieuwbouw is vorming van een KC vanzelfsprekend en wordt breder gekeken naar aanvullende behoeften vanuit de dorp. Uit het IHP blijkt dat de Zaaier op zeer korte termijn en de twee overige bassischolen over ca 5 tot 8 jaar, toe zijn aan (vervangende) nieuwbouw. De gemeente heeft de wettelijke taak om te voorzien in goede huisvesting. Daarnaast heeft de gemeente belang bij goede kinderopvang maar de gemeente heeft geen zorgplicht voor huisvesting van kinderopvang. Vanuit de kinderopvangorganisaties is aangegeven dat huren voor hen het uitgangspunt is. Voor de gemeente en Hedel is het vormen van kindcentra belangrijk. Vanuit deze optiek kan de gemeente faciliteren in de huisvesting van kinderopvang in het cluster van de Woerd, mits er sprake is van een passende zakelijke afspraak. Ten aanzien van het zakelijke aspect (investering) wordt vermeld dat dit in elke situatie maatwerk is.
Waarbij in het IHP wordt vermeld dat: vanuit de kinderopvang-organisaties huur van ruimten uitgangspunt is; het verwerven van voldoende contractuele zekerheden bij de betreffende kinderopvang van belang is voor de gemeente; de gemeente geen zorgplicht heeft voor de kinderopvang; de gemeente werkt aan beleidsregels voor verhuur van ruimten in onderwijsgebouwen en haar maatschappelijk vastgoed. 2.2. Huisartsen en apotheek Ook het aanbod huisartsenzorg is in het belang van de gemeente. Huisvesting is wel een gezamenlijke verantwoordelijkheid van gemeente, huisartsen en zorgverzekeraars. Het is in ieders belang om te zorgen dat de huisartsenzorg laagdrempelig, nabij en toegankelijk blijft. De apotheek en huisartsen, momenteel gehuisvest in het Gelres End, hebben een huurovereenkomst tot en met 31 december 2031. Deze huurovereenkomst kan niet worden verlengd. De bouwvergunning is verleend op randvoorwaarde van Rijkswaterstaat dat deze tijdelijk is. In de huurovereenkomst is overeen gekomen dat de gemeente voornemens is, om binnen de eerste huurperiode van 10 jaar, tot nieuwbouw van het zorgcluster binnen de herontwikkelingslocatie in het centrum van Hedel over te gaan. Hierbij heeft huurder een recht tot huur van een commerciële ruimte op de begane grond op basis van door huurder aan te geven metrage en tegen op dat moment geldende marktconforme huur- en servicekosten.
2.3 Beleidsnota Samenleven (november 2022) De vastgestelde beleidsnota Samenleven is de basis voor het huisvesten van het adviesplein en een huiskamer in de Woerd. Maatschappelijk vastgoed is een belangrijk instrument om de leefbaarheid in kernen te waarborgen. Het gaat dan niet om het bezit van het vastgoed, maar over wat ermee bereikt kan worden aan maatschappelijke beleidsdoelen, zoals ontmoeting, gezondheid en ontwikkeling van onze inwoners. De gemeente is een voorstander van het samenbrengen (clusteren) van verschillende maatschappelijke functies in één gebouw. Hierdoor wordt de bezetting van een gebouw maximaal benut, Ook ontstaat er synergie tussen de betrokken partijen en meer onderling contact tussen inwoners.
2.4 Dorpshuis 2
Aanvankelijk was het uitgangspunt dat ook de functie van dorpshuis Gelres End onderdak zou vinden in het maatschappelijk cluster de Woerd. Hiervoor bleek geen draagvlak te zijn. Inmiddels heeft het college besloten deze functie niet langer mee te nemen in het haalbaarheidsonderzoek. 3. Proces Bij het onderzoek zijn de potentiële gebruikers en huurders actief betrokken. Te weten: - de besturen en schoolhoofden van de drie Hedelse basisscholen; - vertegenwoordigers van de dorpsraad; - de kinderdagverblijven: Veldmuisje, Toverfluit, Pippi en de Stichting Christelijke Kinderopvang Bommelerwaard (SCKB) - huisartsen en apotheek; - vertegenwoordiger van bibliotheek Rivierenland. Bij de start zijn individuele gesprekken gevoerd om behoeften, wensen en mogelijkheden te inventariseren. In circa 5 groepsbijeenkomsten zijn de mogelijkheden van het cluster verder uitgewerkt. Voor inspiratie en om te leren is een bezoek gebracht aan een onderwijscluster in Utrecht met daarin drie basisscholen elk met een eigen identiteit. Het bureau ICS, eveneens de opsteller van het IHP, heeft de gemeente en betrokken partijen, geadviseerd en ondersteund in het vaststellen van de benodigde vierkante meters voor het cluster, op basis van normen en wensen. ICS heeft de stichtingskosten voor het vastgoed op basis van de huidige inzichten en prijzen berekend. 4. Vaststellen van het programma.
Voor de onderwijsvoorzieningen in de kern Hedel is binnen het proces om te komen tot het Integraal Huisvestingsplan (IHP) Maasdriel gekeken naar vervangende nieuwbouw voor de drie scholen. Het IHP gaat daarbij alleen uit van het beschrijven en benoemen van de benodigde (normatieve) vierkante meters en kijkt niet naar andere aanvullende voorzieningen. In het IHP is qua duurzaamheid uitgegaan van ENG Frisse Scholen klasse B (FS-B) en aardgasloos bouwen voor vervangende nieuwbouw. Bij het onderzoeken van de haalbaarheid van een maatschappelijk cluster is uitgegaan van dezelfde duurzaamheidsuitgangspunten. In dit proces is wel in samenspraak met betrokken organisatie gekeken naar het verder aanscherpen van de benodigde ruimten, zonder nog een Programma van Eisen te maken. In deze fase is het berekend ruimteprogramma nog niet geoptimaliseerd. Er is ruimer gerekend voor onderwijsdoeleinden buiten lokalen en de mogelijkheid om enkele (maatschappelijke) functies toe te voegen.
In een volgende fase komt dat zeker aan bod door te zoeken naar dubbel gebruik van functies en ruimtes en meerlaags bouwen Voor het onderwijs zijn daaruit de volgende aanvullingen gekomen: ▪ Actualisatie van het aantal leerlingen (herijking uitgangspunt leerlingenprognose; aanname in overleg met schoolbesturen en betrokken partijen tijdens projectgroepen gedaan; ▪ Rekening houden met toekomstige mogelijkheid om uit te breiden (115 bruto vierkante meter per school); ▪ Toeslag extra vierkante meters voor inclusief onderwijs (75 bruto vierkante meter per school); ▪ Stelpost keuken onderwijs en opvang; ▪ Liftinstallatie (voor de zekerheid); ▪ Speellokaal: 2 meegenomen. In het IHP is gerekend is met een investeringsbedrag van circa € 2.900,- per bruto vierkante meter. Deze bedragen zijn geactualiseerd naar het prijspeil 2023 en er is gerekend met een bandbreedte van € 3.850,- tot € 4.500,- per bruto vierkante meter. Deze verschillen komen door prijsstijgingen, veranderende duurzaamheidseisen en verschillen in omvang van voorzieningen. Een kleiner gebouw is in verhouding duurder dan een groter gebouw. Ook hebben niet alle voorzieningen een gelijk investeringsbedrag per bruto vierkante meter en is gewerkt met een gewogen investeringsbedrag. 3
Tabel 1. Samenvattend programma maatschappelijk cluster de Woerd, Toelichting bij de tabel: Onderwijs: de drie Hedelse basisscholen; Opvang: kinderopvang ; Sport: de nieuwbouw van de Hedelse Gymzaal , vergelijkbaar met hoe deze nu is (afmetingen 21x12 m en 7m hoog. Deze gymzaal is door haar hoogte en afmetingen geschikt voor bijvoorbeeld gevechts- en verdedigingssporten, gymnastiek/turnen, tafeltennis, badminton. Voor andere sporten zoals bijvoorbeeld basketbal zijn andere afmetingen nodig); Bieb: een bibliotheek voorziening voor 0 -12 jarigen voor alle drie de basisscholen. De bibliotheekvoorziening bestaat uit een collectie boeken die uitgeleend wordt door de school, aangevuld met inzet van een leescoach die in een aantal groepen werkt aan leesbevordering en vooral focus heeft op de individuele kinderen die moeite hebben met lezen. Daarnaast komt er een afhaalpunt voor boeken voor de doelgroep 12 jaar en ouder en 0 tot 4 jarigen; Ondersteuning: een verzamelnaam voor therapeuten (kind gerelateerd), klein consultatiebureau, huiskamer, adviesplein en prikpost; Zorg: huisartsen en apotheek. In de bovengenoemde tabel is niet de benodigde buitenruimte opgenomen. De benodigde vierkante meters voor onder meer speelplaatsen en een fietsenstalling is bepaald op basis van de wettelijke normering voor scholen en kinderdagverblijven en de gemeentelijke parkeernorm.
Bij een verdere uitwerking kan gezocht worden naar het dubbelgebruik van bijvoorbeeld parkeren en groen in combinatie met de omliggende woningbouw. Op dit moment is de grond in eigendom van een projectontwikkelaar. Voor de realisatie van het cluster koopt de gemeente de grond van de ontwikkelaar. De grondprijs wordt op basis van een taxatie bepaald. De footprint van het gebouw plus de benodigde buitenruimte bepalen hoeveel vierkante meters nodig zijn. Het benodigde oppervlakte is berekend op bruto 11.700 m 2. Hierin is een reserve van ca. 350 m2 opgenomen om eventuele uitbreidingen in de toekomst mogelijk te maken. Bij een verdere uitwerking kan is onderzoek naar het dubbel gebruik van bijvoorbeeld parkeren en groen in combinatie met de omliggende woningbouw mogelijk. 5. Draagvlak Onder de betrokken partijen is er overwegend draagvlak om mee te verhuizen naar de Woerd. Partijen zien het voordeel van een gezamenlijk nieuw gebouw centraal in Hedel. De nabijheid van elkaar werkt versterkend en is efficiënt. Partijen zijn afwachtend over wat de gemeente gaat beslissen ten aanzien van de investering in het maatschappelijk cluster.
Kinderopvang
4
De kinderdagverblijven (met uitzondering van de SCKB) willen op basis van kostprijsdekkende huur blijven deelnemen in een volgende fase. Voor peuteropvang alleen is de gevraagde huur te hoog. Dat kan alleen in combinatie met andere soorten van opvang. Voor het SCKB met een gemiddelde bezetting tussen de 5 en 8 BSO kinderen en 8-12 peuters voor gemiddeld 4 dagen per week is het niet rendabel om ruimte te huren. Zorg Voor het bieden van goede en efficiënte zorg, moeten de apotheek en huisartsen aan elkaar gelieerd blijven. De apotheek is akkoord met de voorgestelde huurprijs. Voor de huisartsen is het niet mogelijk om een kostprijsdekkende huur te vragen, gezien de normen van de Nederlandse Zorg Autoriteit (NZA). Huisartsen zijn financieel afhankelijk van de zorgverzekeraars, waardoor de NZA een norm voorschrijft. De door deze partijen vastgestelde tarieven kunnen niet aangepast worden om bijvoorbeeld een hoger huur te betalen. Als de gemeente een hogere huurprijs zou vaststellen kunnen zij financieel niet deelnemen aan het cluster. Dat betekent dat huisartsenzorg in Hedel in de toekomst dan niet meer kan worden gegarandeerd. Er is geen alternatieve huisvesting in Hedel en nieuwbouw kan niet goedkoper worden gerealiseerd. Het uitgangspunt is dat het maatschappelijk essentieel is de huisartsen te behouden voor Hedel.
Met de huisartsen is afgesproken dat voor hen de NZA- huurprijs het uitgangspunt is. Onderwijs De basisscholen Pollenhof en Lispeltuut willen graag mee naar de Woerd. Zij wachten op een beslissing van de gemeente. Voor alle scholen geldt (overigens ook voor de overige gebruikers) dat in een volgende fase ruimte is om specifieke eisen kenbaar te maken en te vertalen in een programma van eisen Aan de Zaaier is toegezegd dat het mogelijk is om binnen het maatschappelijk cluster de Woerd haar eigen identiteit te behouden onder meer meteen eigen ingang en speelruimte. Het bezoek aan een cluster in Utrecht heeft laten zien dat dit op een goede manier mogelijk is. Het delen van gemeenschappelijke ruimten kan door afspraken te maken over de inrichting ervan. Het bestuur van de Zaaier heeft laten weten dat haar achterban een voorkeur heeft om op de huidige locatie te blijven. De Zaaier geeft om die reden de voorkeur aan het huidige gebouw te renoveren. Samengevat geef de Zaaier daarvoor de onderstaande redenen op: 1. De huidige locatie biedt rust en is groter dan wat de Zaaier er volgens de normering in de nieuwbouw er voor terug krijgt; 2. Het is voor de SCKB niet rendabel om ruimte te huren in de Woerd. Als gevolg hiervan zou de door de Zaaier gewenste samenwerking kunnen worden beëindigd; 3.
Op de nieuwe locatie zal de school minder onderscheidend zijn van de andere twee basisscholen; 4. Op de locatie van de Woerd wordt gevreesd voor meer drukte door bijvoorbeeld vanwege verkeer; Met de Zaaier is afgesproken verder te onderzoeken wat mogelijk en wenselijk is. Globaal kan het volgende worden gesteld: 1. Ook bij nieuwbouw van de huidige locatie zal er conform normering worden gebouwd en wordt het gebouw kleiner. De overgebleven grond zal benut worden voor andere functies, waardoor de school ingepast wordt in een ander straatbeeld. 2. Het opnemen van kinderopvang is geen wettelijke taak. Bij nieuwbouw van het huidige gebouw zal conform beleid ook normatief, zonder kinderopvang, worden gebouwd. Dit gevolg is dan ook in beide situaties hetzelfde. 3. Er wordt rekening gehouden met het behoud van de eigen identiteit van alle deelnemende scholen. Voor de Zaaier betekent dit bijvoorbeeld een eigen ingang en speelruimte. Scenario: de Zaaier solitair Gezien de staat van de school, moet het gebouw van de Zaaier binnen 5 jaar worden vernieuwd. De overige scholen komen binnen nu en 8 jaar aan bod. Hiervoor zijn twee mogelijkheden: vervangende nieuwbouw of levensduurverlengende renovatie.
5
Het realiseren van vervangende nieuwbouw voor enkel één school of één school met opvang is relatief duurder dan vervangende nieuwbouw in een groter complex. Dat heeft onder meer te maken met de dure componenten in een gebouw zoals een gevel en een dak. Maar ook te maken plankosten, bouwplaatskosten en tijdelijke huisvesting speelt hier een rol. In het scenario waarbij alleen voor de Zaaier met opvang een voorziening wordt gerealiseerd zijn de kosten per bruto vierkante meter aanzienlijk hoger; 4.250 euro/m2 in vergelijking met 3.750 euro/m2 in het maatschappelijk cluster. De totale investering is voor een nieuw te bouwen Zaaier met kinderopvang is dan zo’n 12% duurder dan opname, met behoud van eigen identiteit, in het maatschappelijk cluster. Levensduurverlengende renovatie Een alternatief voor vervangende nieuwbouw is een levensduurverlengende renovatie. In het IHP is deze maatregel ook benoemd met een levensduurverlenging van 25 jaar. Dit is in lijn met de wetgeving in ontwikkeling. Echter, hier wordt qua duurzaamheid ambitie BENG aangehouden. Dat is niet vergelijkbaar met vervangende nieuwbouw waar ENG wordt aangehouden. Wel betekent dit vaak al een grote verduurzamingsslag. In de praktijk zijn er twee vormen van levensduurverlengende renovatie: ▪ Verlengen levensduur met 25 jaar (de IHP Maasdriel variant); ▪ Verlengen levensduur met 40 jaar.
De laatste variant is een volwaardig alternatief voor vervangende nieuwbouw, waarbij dezelfde eisen worden aangehouden. Voor deze variant met 40 jaar levensduurverlenging is de praktijk dat de investeringskosten vaak gelijk of hoger zijn dan die voor vervangende nieuwbouw. Dan is het in de praktijk verstandiger om voor vervangende nieuwbouw te gaan. In deze variant wordt namelijk vaak de constructie gespaard waarna het gebouw opnieuw wordt opgebouwd. Indien wordt gekozen voor een levensduurverlenging van 25 jaar moet er een afweging worden gemaakt van renovatie kosten versus nieuwbouwkosten. Voor het bestaande gebouw van de Zaaier is niet zomaar een uitspraak te doen of levensduurverlengende renovatie verantwoord dan welmogelijk is en wat daarvan de kosten zullen zijn. Hiervoor is het noodzakelijk om vanuit de onderwijsvisie te kijken naar het gebouw en functionele aanpassingen in beeld te brengen. Deze benodigde aanpassingen worden na een schouw inzichtelijk en samen met bouwkundige, installatietechnische en verduurzamende aanpassingen meegenomen in een haalbaarheidsonderzoek Voor een renovatievariant is, in tegenstelling tot nieuwbouw op een andere locatie, tijdelijke huisvesting aan de orde De kosten daarvan zijn hoog, daarbij moet er plek voor handen zijn voor het plaatsen van de noodbouw.
Om te bepalen of het mogelijk is de school te renoveren, tegen welke kosten en volgens welke uitganspunten is aanvullend onderzoek en maatwerk nodig. In het algemeen kan gesteld worden dat de kosten voor nieuwbouw en renovatie elkaar niet veel ontlopen, ervan uitgaand dat de school er weer voor 40 jaar blijft staan. Overigens geldt voor elke school dat bij zowel nieuwbouw als renovatie en voor ongeacht welke de oppervlakte kleiner zal zijn dan de het huidige oppervlakte.
6
Alhoewel de gemeente de wettelijke verplichting heeft te voorzien in de huisvesting van de Zaaier, is het financieel nadelig voor de gemeente om te investeren in dit afzonderlijke gebouw. Dat geldt zowel voor nieuwbouw als voor renovatie. In het algemeen kan worden gesteld dat de renovatiekosten, uitgaande van een afschrijvingsperiode van 40 jaar, al snel vergelijkbaar zijn met de kosten voor nieuwbouw. Bij renovatie is een Energie Neutraal Gebouw-norm (ENG) niet realistisch. Daarbij komen de kosten voor tijdelijke noodlokalen tijdens de renovatie. Ook geldt dat de Zaaier op basis van de huidige rijksnormen sowieso een kleiner gerenoveerd gebouw terugkrijgt, zodat het verlies aan ruimte bij participatie in het maatschappelijk cluster geen doorslaggevende overweging kan zijn. Daarbij komt dat het ruimtebeslag op de huidige locatie inefficiënt is. Een deel van het huidige gebouw zal van rechtswege vervallen aan de gemeente die daaropvolgend moet besluiten wat de toekomstige mogelijkheden zijn van dit overige gedeelte. Deze mogelijkheden worden beperkt door de aanwezigheid van een solitair schoolgebouw. Verder onderzoek moet uitwijzen wat de kosten zijn voor renovatie dan wel nieuwbouw.
Om tegemoet te komen aan de wens van de Zaaier om ook de identiteit in de Woerd te behouden, is toegezegd dat dit zonder meer mogelijk is bijvoorbeeld door een eigen ingang en buitenruimte in te richten. Om bovenstaande redenen is verplaatsing van de Zaaier naar het maatschappelijk cluster wenselijk.
6.Kosten en opbrengsten. Op basis van het geraamde programma heeft ICS de stichtingskosten berekend. De stichtingskosten zijn bepaald op basis van de bouw-, grond-, directie- en bijkomende kosten (prijspeil 2023). De stichtingskosten komen voor rekening van de gemeente. Met uitzondering van de basisscholen betalen de overige partijen huur. Vanuit het standpunt dat de gemeente geen winstoogmerk heeft is op basis van de stichtingskosten de kostprijsdekkende huur berekend. Beheer en servicekosten zijn eveneens inzichtelijk gemaakt en worden bij de kostprijdekkende huur opgeteld. Het welslagen van een maatschappelijk cluster hangt af van de aanwezigheid van een beheerder voor het gebouw. Dit is een van de lessen die is meegegeven vanuit de bestaande cluster in Maasdriel en de bezochte school in Utrecht. Dit is randvoorwaardelijk voor alle partijen om mee te verhuizen naar een cluster. Voor de gemeentelijke begroting is op basis van kosten en opbrengsten doorberekend wat dit jaarlijks voor de gemeente betekent. De gemeente zal geld moeten lenen om het gebouw te kunnen realiseren. De kapitaallasten zijn het eerste jaar het hoogst, omdat dan de grond wordt aangekocht. De grond blijft waardevast en wordt niet afgeschreven. Voor het gebouw geldt een afschrijvingstermijn van 40 jaar.
Voor de installaties in het gebouw geldt een afschrijving van 15 jaar De belangrijkste risico’s voor de financiering van het centrum is de fluctuatie in de rentestand, en de onzekerheid of alle hurende partijen gedurende de 40 jaar in het cluster blijven. Onderstaand is een samenvatting te vinden van de verwachte investeringskosten voor het cluster en wat dit betekent voor de gemeentelijke begroting. Conclusie en advies Conclusies Een maatschappelijk cluster met alle doelgroepen: onderwijs, kinderopvang gymzaal, zorg en maatschappelijke functies op één locatie biedt grote voordelen voor het meervoudig gebruik van ruimten. Het cluster de Woerd is voor een Hedel een unieke laatste kans om op één locatie op de toekomst gericht overheidsmiddelen in te zetten.
7
Er is draagvlak voor het realiseren van een maatschappelijk cluster. Één school, de Zaaier, heeft hierbij uitgesproken de voorkeur te hebben om te blijven op de huidige locatie. De stakeholders hebben zich positief uitgesproken over de huurprijs. Het is financieel mogelijk om het maatschappelijk cluster te financieren, mits dit financieel goed is ingeregeld. Een bestemmingsreserve om nu al middelen op te sparen, zorgt voor een iets lagere jaarlijkse afschrijvingskosten op langere termijn Een maatschappelijk cluster is door een groter bouwvolume op één locatie relatief goedkoper dan afzonderlijke solitaire gebouwen voor verschillende functies. Het onderwijs valt onder de wettelijke zorgplicht van de gemeente. Investeringen op het gebied van huisvesting zijn dan ook voor de gemeente. De scholen zelf zijn vrij de indeling/inrichting binnen de genormeerde m2’s te bepalen. De gemeente heeft de primaire verantwoordelijkheid- om de genormeerde m2 te bekostigen; Zonder maatschappelijk cluster zijn deze kosten voor afzonderlijke scholen alsnog voor de gemeente. Deze kosten zijn niet opgenomen in de meerjarenbegroting. Voor alle voorzieningen, behalve onderwijs, is sprake van inkomsten (huiskamer, adviesplein, opvang, huisartsen, apotheek, therapeuten); Bij alle partijen, met uitzondering van de uitgesproken voorkeur van de Zaaier is er draagvlak voor een geclusterde voorziening.
Het is mogelijk om dit cluster te realiseren zonder de Zaaier, maar de totale kosten zullen dan hoger voor de gemeente zijn. Voor Maasdriel is het wenselijk om één maatschappelijk cluster te hebben met alle scholen. Wanneer gebouwd wordt voor het toekomstig aantal kinderen in Hedel, dan is het aan de scholen om onderling de verhoudingen qua leerlingenaantal te bepalen op basis van het aanbod. Het is mogelijk om in het cluster verschillende wensen faciliteren voor het behoud van de eigen identiteit.
8