WRP Losser 2025-2030
Tekst van het document
RAPPORT Water- en rioleringsprogramma Losser 2025-2030
Klant:
gemeente Losser
Referentie:
BJ7107-WM-RP-241118-1337
Status:
Concept/02
Datum:
03 maart 2025
Projectgerelateerd
HASKONINGDHV NEDERLAND B.V.
Koggelaan 21 8017 JN Zwolle Netherlands Water & Maritime Trade register number: 56515154 Telefoon: +31 88 348 65 00 Email: info@rhdhv.com Website: royalhaskoningdhv.com
Titel document: Sub titel: Referentie:
Water- en rioleringsprogramma Losser 2025-2030
Status: Datum: Projectnaam: Projectnummer: Auteur(s):
Concept/02 03 maart 2025 Klimaatadaptatie en WRP Losser BJ7107 Evert de Lange, Marcel IJland (gemeente Losser), Waterbureau Schepers (kostendekkingsplan)
Gecontroleerd door:
Evert de Lange
Datum:
3 maart 2025
Goedgekeurd door:
Marco de Kraker
Datum:
5 maart 2025
Classificatie:
Projectgerelateerd
BJ7107-WM-RP-241118-1337
Behoudens andersluidende afspraken met de Opdrachtgever, mag niets uit dit document worden verveelvoudigd of openbaar gemaakt of worden gebruikt voor een ander doel dan waarvoor het document is vervaardigd. HaskoningDHV Nederland B.V. aanvaardt geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor dit document, anders dan jegens de Opdrachtgever. Let op: dit document bevat mogelijk persoonsgegevens van medewerkers van HaskoningDHV Nederland B.V.. Voordat publicatie plaatsvindt (of anderszins openbaarmaking), dient dit document te worden geanonimiseerd of dient toestemming te worden verkregen om dit document met persoonsgegevens te publiceren. Dit hoeft niet als wet- of regelgeving anonimiseren niet toestaat. 3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
ii
Projectgerelateerd
Inhoud 1
Over dit plan
1
1.1
Reikwijdte
1
1.2
Functies
1
1.3
Planproces
1
1.4
Planvorm
2
1.5
De gemeentelijke watertaken
3
1.6
Het doel van stedelijk waterbeheer
4
2
Context: waar moeten we rekening mee houden?
5
2.1
Samenwerking binnen Twents waternet
5
2.2
Klimaatadaptatiestrategie Losser
5
2.3
Integraal omgevingsbeleid
5
2.4
Herziene Europese Richtlijn Stedelijk Afvalwater
5
2.5
Overig beleid
6
3
Een korte terugblik
8
3.1
Projecten
8
3.2
Beheer
9
3.3
Personeel
9
3.4
Financiën
9
4
Wat willen we bereiken
10
4.1
Watervisie Losser
10
4.2
Omgevingsvisie gemeente Losser
10
4.3
Klimaatadaptatiestrategie
10
4.4
Visie Twents Waternet
11
4.5
Visie waterschap Vechtstromen
12
5
Onze taken (beleid gemeentelijke watertaken)
13
5.1
Zorgtaak afvalwater
13
5.1.1 5.1.2
Huishoudelijk afvalwater Bedrijfsafvalwater
13 13
5.2
Zorgtaak hemelwater
14
5.3
Zorgtaak grondwateroverlast
15
5.4
Oppervlaktewater en drinkwater
16
5.4.1 5.4.2
Oppervlaktewater Drinkwater
16 17
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
iii
Projectgerelateerd
6
Onze doelen en randvoorwaarden
18
6.1
Doelen vanuit onze watertaken
18
6.2
Randvoorwaarden
18
7
Strategie en aanpak
20
7.1
Gidsprincipes
20
7.2
Klimaatadaptatie, groenblauw Losser
21
7.3
Verminderen wateroverlast
23
7.4
Verdergaand afkoppelen
24
7.5
Beperken grondwateroverlast
25
7.6
Doelmatig beheer van de infrastructuur
25
7.7
Beschermen waterkwaliteit
27
7.8
Samenwerking met perceeleigenaren
28
8
Programma
29
8.1
Beheer en onderhoud
29
8.2
Onderzoek
30
8.3
Investeringen
31
9
Financiën
32
9.1
Wettelijk kader voor de rioolheffing.
32
9.2
Opbouw en verloop rioolheffing
33
9.3
Kostendekkingsberekening
34
Bijlagen A1
Water en riolering in Losser
A1.1
Plangebied
A1.2
Grondwaterbeschermingsgebied
A1.3
Infrastructuur
A1.4
Omvang en aantallen
A1.5
Externe overstorten
A1.6
Afgekoppelde gebieden
A2
Evaluatie GRP Losser 2018 – 2024
A3
Input Waterschap Vechtstromen t.b.v. WRP Losser
A4
Informatie voor bewoners
A4.1
Gemengde of gescheiden riolering
A4.2
Huisaansluitingen
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
iv
Projectgerelateerd
A4.3
Afvalwater
A4.4
Regenwater (hemelwater)
A4.5
Grondwater
A4.6
Wateroverlast door regen
A4.7
Uw tuin vergroenen
A4.8
Help mee afkoppelen
A4.9
Meer informatie
A5
Informatie voor bedrijven
A5.1
Afvalwater
A5.2
Hemelwater
A5.3
Grondwater
A5.4
Afkoppelen
A5.5
Meer informatie
A6
Informatie voor ontwikkelaars
A6.1
Snel contact
A6.2
Waterberging
A6.3
Weinig verharding, veel groen
A6.4
Nieuwe sanitatie
A6.5
Ontwateringsdiepte
A6.6
Wateroverlast
A7
Beheer en onderhoud
A7.1
Gegevensbeheer
A7.2
Reiniging
A7.3
Inspectie
A7.4
Onderhoud
A8
Renovatie en vervanging
A8.1
Rioolvernieuwing
A8.2
Objectrenovatie
A9
Kostenoverzichten
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
v
Projectgerelateerd
1
Over dit plan
Dit Water en Rioleringsprogramma (WRP) beschrijft het water- en rioleringsbeleid van gemeente Losser voor de periode 2025-2030. Het is relevant voor bestuurders, medewerkers van gemeente en waterschap en voor inwoners, bedrijven en projectontwikkelaars.
1.1
Reikwijdte
Dit WRP beschrijft ons beleid en de planning voor de planperiode en geeft een doorkijk op lange termijn. Het gaat over de drie gemeentelijke watertaken (afvalwater, hemelwater en grondwater) en over de raakvlakken met de ruimtelijke omgeving, het oppervlaktewater en de rioolwaterzuivering (rwzi). Het plan heeft betrekking op het hele gemeentelijk grondgebied. Een beschrijving hiervan staat in de bijlage Water en riolering in Losser.
1.2
Figuur 1-1: Afvoer water vanuit Losser naar de Dinkel.
Functies
Dit WRP dient als: ▪ document voor besluitvorming over het water-, en rioleringsbeleid; ▪ uitvoeringsprogramma voor de periode 2025 t/m 2030; ▪ basis voor de financiële planning vanaf 2025; ▪ leidraad en kader voor de uitvoering; ▪ informatiebron voor inwoners en bedrijven, waarin is vastgelegd wat de gemeente doet en waarvoor inwoners en bedrijven zelf moeten zorgen; ▪ informatiebron voor ontwikkelaars over lokale eisen zoals hemelwaterberging.
1.3
Planproces
Water en riolering zijn onderdeel van onze werk- en leefomgeving. Dit plan is dan ook afgestemd op de andere beleidsterreinen voor de werk-/leefomgeving en het beheer van de openbare ruimte. Diverse medewerkers van gemeenten en waterschap hebben een bijdrage geleverd. In werkbijeenkomsten en overleggen hebben zij gezamenlijk dit WRP tot stand gebracht. Royal HaskoningDHV verleende procesmatige en inhoudelijke ondersteuning. Externe overlegpartners Het WRP is in overleg met waterschap Vechtstromen opgesteld. Het waterschap is akkoord met voorliggend plan. Een exemplaar van het definitieve (vastgestelde) plan wordt naar de provincie, het waterschap en Vitens verzonden.
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
1
Projectgerelateerd
1.4
Planvorm
Het gemeentelijk rioleringsplan (GRP) is in de Omgevingswet (sinds 1 januari 2024 in werking) teruggekomen als facultatief programma. Daarmee is de planverplichting uit de Wet Milieubeheer verdwenen. Wel wordt aangeraden om de belangrijkste aspecten van de gemeentelijke watertaken en de bekostiging ervan planmatig vast te leggen. De Omgevingswet gaat, veel meer dan de traditionele ruimtelijke ordening, uit van leefbaarheid en gezondheid als belangrijke speerpunten voor beleid en regelgeving op het gebied van de fysieke leefomgeving. Binnen de Omgevingswet bestaan de planvormen omgevingsvisie, programma en omgevingsplan:
Figuur 1-2: Ontvlechting van het GRP of Watertakenplan (links) in de gemeentelijke omgevingsvisie, programma (water en riolering) en het omgevingsplan.
De Omgevingswet heeft tot doel om de regels op het gebied van de fysieke leefomgeving te vereenvoudigen en te verminderen. Daarnaast ook om ervoor te zorgen dat regelgeving op dit terrein integraal en onderling goed afgestemd is. Met de Omgevingswet is veel van de bestaande regelgeving samengevoegd, maar de verdeling van taken en verantwoordelijkheden is niet gewijzigd. De gemeentelijke zorgtaken voor afval-, hemel- en grondwater gelden nog onverkort. Lokale regelgeving op het gebied van stedelijk waterbeheer heeft een plek in het gemeentelijk omgevingsplan. De verplichting tot onderhoud van kapitaalgoederen geldt ook onder de Omgevingswet en de separate financiële positie voor rioolbeheer in de gemeentelijke begroting is nog steeds van toepassing. De saldi in voorzieningen en de hoogte van de rioolheffing moeten ook onder de Omgevingswet onderbouwd zijn door middel van een actueel kostendekkingsplan. De maatregelenplannen en financiële onderbouwing worden onder de Omgevingswet uitgewerkt in een separaat omgevingsprogramma. In voorliggend Water en rioleringsprogramma (WRP) wordt de omgevingsvisie vertaald naar een watervisie met daaraan verbonden beleidskeuzes en doelen. Van daaruit volgt het programma voor de komende jaren met een kostendekkingsplan ter onderbouwing voor de rioolheffing.
Het WRP is tevens een middel om inwoners en bedrijven te betrekken bij het opstellen van water- en rioleringsbeleid.
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
2
Projectgerelateerd
1.5
De gemeentelijke watertaken
De gemeentelijke watertaken spelen een belangrijke rol binnen het stedelijk waterbeheer. De gemeentelijke watertaken zijn: ▪ De inzameling en het transport van stedelijk afvalwater; ▪ De inzameling en de verwerking van afvloeiend hemelwater; ▪ Het treffen van maatregelen in de openbare ruimte bij structurele problemen van de grondwaterstanden mits het doelmatig is en niet tot de zorg van het waterschap of de provincie behoort. Onder stedelijk afvalwater wordt afvalwater verstaan dat bestaat uit huishoudelijk afvalwater of een mengsel daarvan met bedrijfsafvalwater, afvloeiend hemelwater, grondwater of ander afvalwater. De gemeente zorgt voor transport van dit water naar rioolwaterzuivering. De zorgtaak betreft het gehele gemeentelijke grondgebied. De gemeentelijke watertaken raken aan verschillende andere gemeentelijke taken en maatschappelijke vraagstukken, zoals: ▪ Het beheer en de inrichting van de openbare ruimte; ▪ De woningbouwopgave; ▪ Het bewaken en versterken van ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid; ▪ Het anticiperen op en omgaan met de toenemende kans op weersextremen; ▪ Bodemdaling; ▪ De energietransitie; ▪ Het verbeteren van de waterkwaliteit; ▪ Het versterken van de biodiversiteit. De gemeentelijke watertaken zijn ook onder de Omgevingswet onverkort van kracht.
De gemeentelijke watertaken hebben inhoudelijk een sterke samenhang met de taken van het waterschap voor het zuiveren van stedelijk afvalwater en die van de waterbeheerder voor het regionale watersysteem. Naast de klassieke gemeentelijke watertaken noemt de Omgevingswet nog twee taken die in bijzondere gevallen toegedeeld zijn aan gemeenten: ▪ Het beheer van watersystemen, in het geval dat de provincie dit specifiek aan de gemeente heeft toegedeeld; ▪ De zuivering van stedelijk afvalwater, in het geval dat het waterschap en de gemeente dit om doelmatigheidsredenen zijn overeengekomen. Een belangrijk principe van de Omgevingswet is dat elk bestuursorgaan bij de uitoefening van zijn taken en bevoegdheden rekening houdt met de taken en bevoegdheden van andere bestuursorganen en zijn taken en bevoegdheden zo nodig met deze andere bestuursorganen afstemt. Dit betekent concreet dat we het waterschap vroegtijdig betrekken in plannen en projecten en vice versa. Er is een grote beleidsvrijheid voor met name de omgang met huishoudelijk afvalwater in het buitengebied en voor de omgang met overtollig hemelwater en grondwater. Om die reden leggen we in voorliggend plan vast op welke wijze we hier invulling aan geven, zodat het voor inwoners en bedrijven duidelijk is wat zij van de gemeente kunnen verwachten en waar hun eigen verantwoordelijkheden liggen.
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
3
Projectgerelateerd
1.6
Het doel van stedelijk waterbeheer
Het stedelijk waterbeheer kent doelen op het gebied van volksgezondheid, waterkwaliteit en de (grond)waterhuishouding in de bebouwde omgeving. Het hoofddoel van de riolering is om afvalwater uit gebouwen en de gebouwde omgeving te verwijderen (omwille van de volksgezondheid) en om hemelwater af te voeren. Daarmee wordt contact met vuilwater voorkomen en worden gezondheids- en overlastrisico’s voor bewoners en gebruikers beperkt. De riolering vormt een omvangrijk systeem en het in stand houden ervan kost geld. De riolering, het (grond)watersysteem en de inrichting van de buitenruimte dragen bij aan de leefbaarheid in de dorpen en steden. Wateroverlast, stank, milieuvervuiling en droogte worden hiermee zoveel mogelijk beperkt. De benodigde middelen voor de uitvoering van de gemeentelijke watertaken worden bijeengebracht door het (op grond van de Gemeentewet) opleggen van een rioolheffing door de gemeente aan inwoners en bedrijven. In hoofdstuk 9 wordt de ontwikkeling van de rioolheffing bepaald om nu en in de toekomst kostendekkend te blijven.
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
4
Projectgerelateerd
2
Context: waar moeten we rekening mee houden?
2.1
Samenwerking binnen Twents waternet
Gemeente Losser werkt samen met waterpartners binnen het Twents waternet bestaande uit een bestuurlijk en een ambtelijk platform, waarin alle 14 Twentse gemeenten, provincie Overijssel, Vitens (drinkwaterbedrijf) en waterschap Vechtstromen zijn vertegenwoordigd. Intensiever samenwerken, sneller innoveren en leren van anderen helpt om geld te besparen en de dienstverlening verder te verbeteren. Samenwerking tussen overheid, ondernemers en onderwijs- en onderzoeksinstellingen draagt bij aan het sneller en doelgerichter optimaliseren van de afvalwaterketen (alle activiteiten tussen drinkwaterwinning en rioolwaterzuivering). Twents waternet werkt met zogenaamde werkplaatsen waarin concrete opdrachten worden uitgewerkt. Deze werkplaatsen betreffen actuele onderwerpen waarvoor de behoefte is om dit gezamenlijk op te pakken. Denk aan onderwerpen als communicatie, subsidies, klimaatadaptatie en drinkwatervoorziening. Vier keer per jaar worden alle actuele zaken besproken op ambtelijk en bestuurlijk niveau.
2.2
Klimaatadaptatiestrategie Losser
Scenario’s van het KNMI voorspellen in Nederland een toename van extreem weer, zoals hevigere regenbuien, nattere winters met langdurige regenval, meer hittegolven en langere periodes van droogte. De maatregelen die we nemen om de effecten en de gevolgen van klimaatverandering te beperken, noemen we klimaatadaptatie. Zonder deze maatregelen te nemen kunnen de effecten van klimaatverandering leiden tot onveilige situaties, gezondheidsklachten en materiële schade. Gemeente Losser geeft in de Klimaatadaptatiestrategie aan hoe zij zich verder wil voorbereiden op de risico’s van een veranderend klimaat. De maatregelen die hierbij horen worden gedeeltelijk vanuit de rioolheffing bekostigd, zover ze gekoppeld zijn aan één van de gemeentelijke watertaken.
2.3
Integraal omgevingsbeleid
Water en riolering zijn nodig om de (stedelijke) omgeving goed te laten functioneren. Dit geldt andersom ook. Er zijn aanpassingen in de stedelijke omgeving nodig om de riolering en het watersysteem goed te laten functioneren. Het klimaatbestendig maken van de riolering kan niet met alleen ondergrondse maatregelen. Kortom water en riolering zijn verweven met de (stedelijke) omgeving. Water, riolering en de omgeving hebben elkaar nodig. Het is slimmer om keuzes en ontwerpen af te stemmen op het geheel. Met de invoering van de Omgevingswet is ook de regelgeving hierop aangepast. Dit WRP gaat uit van de integrale benadering van de ruimtelijke omgeving.
2.4
Herziene Europese Richtlijn Stedelijk Afvalwater
De herziene Europese Richtlijn Stedelijk Afvalwater (2024 vastgesteld) omvat een pakket aan maatregelen dat moet leiden tot een betere bescherming van de waterkwaliteit en de volksgezondheid in Nederland en Europa. Elke lidstaat moet binnen drie jaar een nationaal uitvoeringsprogramma voor de richtlijn hebben opgesteld. De richtlijn vraagt in ieder geval aandacht voor het ontwerp, de constructie en het onderhoud van afvalwatersystemen. Die moeten worden uitgevoerd in overeenstemming met de beste technische kennis zonder dat deze buitensporige kosten met zich meebrengt.
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
5
Projectgerelateerd
De richtlijn noemt expliciet aandacht voor het volume en de kenmerken van stedelijk afvalwater, voor preventie van lekkage, infiltratie en foutaansluitingen en voor beperking van vervuiling van ontvangende oppervlaktewater door overstorten en hemelwateruitlaten. Daarnaast gaat de richtlijn in op de aanwezigheid van voldoende sanitaire voorzieningen, in het bijzonder voor kwetsbare groepen (in relatie tot de sustainable development goals). De herziene richtlijn heeft gevolgen voor de gemeentelijke watertaken, wat en hoe precies is nog onduidelijk. Stichting RIONED gaat daarom in een concretiseringsslag op zoek naar antwoorden op de vragen zoals wat staat er al in de Nederlandse wet, wat is er nieuw met de invoering van de herziene richtlijn, wat doen we al, wat is er extra nodig, en op welk schaalniveau?
2.5
Overig beleid
De meest relevante wettelijke- en beleidsdocumenten die een relatie hebben met dit WRP zijn weergegeven in de onderstaande tabel. Tabel2-1: Wettelijk- en beleidskader voor het Water- en Rioleringsprogramma 2025-2030. -
Europees beleid
-
Rijksbeleid -
-
Europese Richtlijn stedelijk afvalwater Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) (PS deze richtlijnen zijn omgezet in onze nationale wet- en regelgeving) Bestuursakkoord Water (2011 met aanvullende afspraken in 2018) Deltabeslissing Ruimtelijke Adaptatie (2018) Omgevingswet De omgevingswet heeft onder anderen vervangen: De Waterwet: □ inclusief gemeentelijke watertaken; □ behalve de regelingen voor het deltaprogramma en het financiële hoofdstuk. De Wet milieubeheer: regelgeving over plaatsgebonden activiteiten (PS De Wet milieubeheer is niet geheel verdwenen. Zij bevat bijvoorbeeld nog de voorkeursvolgorde voor het omgaan met afvalwater (art. 10.29a Wm). Gemeenten gebruiken deze voorkeursvolgorde om lozingsbeleid te ontwikkelen en om eisen aan lozingen te stellen.). Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken (WIBON) Nog geen wettelijke verplichting, maar wel relevant: Kamerbrief ‘De Landelijke Maatlat voor een groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving’ (2023); Kamerbrief ‘rekening houden met water en bodem bij bouwplannen’ (2024).
Provinciaal ▪ beleid ▪ ▪
Omgevingsvisie Overijssel, jaarlijks geactualiseerd Regionaal waterprogramma Overijssel 2022-2027 Omgevingsverordening Overijssel
Waterschaps▪ beleid ▪ ▪ ▪
Ontwikkelperspectief waterketen Vechtstromen, 2023 Watervisie 2050 ‘Water verbindt in een dynamisch rivierengebied’, 2021 Waterbeheerprogramma 2022-2027 waterschap Vechtstromen, 2021 Waterschapsverordening hierin staan alle regels die bepalen, welke activiteiten, waar in het gebied mogen plaatsvinden en onder welke voorwaarden. De waterschapsverordening heeft de keur en de algemene regels vervangen.
Gemeente
Omgevingsvisie Losser, 2024 De regels uit onderstaande besluiten zijn per 1 januari 2024 door het Rijk losgelaten, maar wel als bruidsschat in het tijdelijk deel van het gemeentelijk omgevingsplan opgenomen: ▪ Besluit lozing afvalwater huishoudens (Blah); ▪ Besluit lozen buiten inrichtingen (Blbi); ▪ Activiteitenbesluit (en de activiteitenregeling). De meeste lokale verordeningen, zoals de aansluitverordening, maken per 1 januari 2024 nog geen deel uit van het omgevingsplan. Zij gelden nog apart naast het omgevingsplan.
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
6
Projectgerelateerd
Een aantal gemeentelijke verordeningen maakt per 1 januari automatisch deel uit van het tijdelijk omgevingsplan. Dit geldt bijvoorbeeld voor de Verordening op de afvoer van hemelwater en grondwater. In de overgangsfase tussen 1 januari 2024 en 1 januari 2032 herschrijft gemeente Losser de regels uit het tijdelijk deel van het omgevingsplan, zodat ze goed passen bij de lokale situatie. Voor zover wenselijk worden de regels uit aparte verordeningen dan ook opgenomen in het omgevingsplan.
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
7
Projectgerelateerd
3
Een korte terugblik
Hier volgt een korte terugblik op de planperiode 2018 tot 2024. In bijlage A2 is een uitgebreidere evaluatie opgenomen.
3.1
Projecten
In de afgelopen periode heeft gemeente Losser gewerkt aan een aantal projecten waarbij water, riolering en klimaatadaptatie integraal onderdeel waren van de ontwerpopgave: ▪ Kwaliteitsimpuls de Lutte; ▪ Centrumplan Losser; ▪ Beken en Bleken; ▪ Ontwikkeling De Muchte en herinrichting omliggende straten.
Figuur 3-1: Wadi De Lutte Centrumplein (links) en herstel De Bleek (rechts).
Figuur 3-2: Waterberging parkeerplaats Langenkamp Losser (links) en werkzaamheden Beatrixstraat (rechts).
Alhoewel de investeringen vanuit de watertaken binnen deze projecten vaak het vliegwiel zijn om de leefomgeving als geheel te verbeteren, is de consequentie van ‘het combineren’ soms ook dat rioolvervanging te vroeg of te laat plaats vindt. Een groot deel van de vervangingsopgave van riolen is gekoppeld aan de MIP-programmering, zoals Centrum Losser Fase 2, Roofvogelbuurt en kwaliteitsimpuls Glane. Gezien de complexiteit van deze projecten is de doorlooptijd langer. In sommige gevallen betekent dit dat langer door beheerd moet worden, bijvoorbeeld door reparaties uit te voeren.
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
8
Projectgerelateerd
Door de vrij grootschalige herinrichtingen in Losser Centrum en De Lutte is de afkoppelambitie van 0,5 hectare per jaar ruimschoots gehaald.
3.2
Beheer
Een belangrijke basis van beheer is het op orde houden van de gegevens van het areaal in het beheerpakket Riodesk Kikker. In de planperiode is onderzoek gedaan naar de wijze waarop risico gestuurd beheer vorm gegeven kan worden. De gekozen werkwijze wordt vanaf 2025 geïmplementeerd. Gemeente Losser heeft sinds 2022 een hemelwaterverordening. Bij nieuwe ontwikkelingen verwijst de gemeente naar deze verordening waarin de eisen voor de te realiseren waterberging staan opgenomen. In Twents Waternet verband zijn gemeenten en waterschap in overleg over meer eenduidigheid ten aanzien van waterbergingseisen. In het GRP was een voorstel voor streefwaarden voor wateroverlast opgenomen. Alhoewel het principe hierachter correct is, blijkt de tabel niet makkelijk uitlegbaar. Met het opstellen van de klimaatadaptatiestrategie worden de streefwaarden geactualiseerd.
3.3
Personeel
Gemeente Losser heeft in het kader van het nieuwe Water- en rioleringsprogramma in 2024 laten onderzoeken of de aanwezige formatie van voldoende omvang is om de gewenste taken en activiteiten uit te voeren. Daarbij is gebruik gemaakt van de formatiescan ‘personele capaciteit’ uit de Kennisbank Stedelijk Water. De conclusie is dat de huidige formatie voor de uitvoering van de watertaken binnen Losser aan de krappe kant is bij de binnendienst. Dit geldt voor de functieprofielen beleidsmedewerker, beheerder en projectleider, werkvoorbereider, toezichthouder. Met de opgaven die erbij komen vanuit de klimaatadaptatiestrategie is dit helemaal een aandachtspunt voor de gemeente. De formatie van de buitendienst is op peil.
3.4
Financiën
De stand van de voorziening is ruim 4 miljoen euro. Komende planperiode is er een duidelijk overzicht nodig van investeringen die ten laste komen van voorziening en welke investeringen worden geactiveerd. De op dit moment lage rente heeft invloed op de hoogte van de kapitaallasten. Onder anderen daardoor is de heffing iets minder hard gestegen dan was berekend.
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
9
Projectgerelateerd
4
Wat willen we bereiken
4.1
Watervisie Losser “Losser wil samen met haar inwoners en andere belanghebbenden werken aan een veilige, gezonde en klimaatbestendige leefomgeving en een toekomstbestendige waterketen.”
Dit kan de gemeente niet alleen; om dit te realiseren wordt samengewerkt met de (water)ketenpartners (o.a. Twents waternet, provincie Overijssel, waterschap Vechtstromen en Vitens) en met bedrijven en inwoners van de gemeente. De visie sluit aan bij c.q. is een nadere uitwerking van de Omgevingsvisie Losser. Tevens is aansluiting gevonden bij de Klimaatadaptatiestrategie met bijbehorende uitvoeringsprogramma en de visie van Twents Waternet alsook Waterschap Vechtstromen. Zie volgende paragrafen.
4.2
Omgevingsvisie gemeente Losser
In de omgevingsvisie van gemeente Losser (vastgesteld maart 2023) zijn vier overkoepelende ambities geformuleerd met daaraan gekoppeld doelen, keuzes en acties. Het WRP sluit vooral aan bij de ambities uit de omgevingsvisie: ‘een leefbaar en gezond Losser’ en ‘een toekomstgericht Losser’. Actie nr. 16 bij de ambitie ‘een toekomstgericht Losser’ uit omgevingsvisie gemeente Losser: De gemeente Losser heeft als ambitie om de beekdalen als functionele en ruimtelijk dragende structuren van het landschap betekenis te geven. Ruimte voor water en continuïteit van het systeem zijn leidend. Tevens is de ambitie afwenteling van wateroverlast op stroomafwaarts gelegen gebieden te voorkomen door het beeksysteem als eenheid te beschouwen en het vasthouden van water te bevorderen. Tot slot zijn beekdalen belangrijke verbindingen voor mens, plant en dier. Beekdalen en laagtes krijgen in het Omgevingsplan een beschermende bestemmingsregeling, gericht op instandhouding van het watersysteem, de waterkwaliteit en voldoende ruimte voor water en, indien het bestaande (agrarisch) gebruik dat toelaat, natuurlijke dynamiek.
En als ontwikkelingen plaatsvinden in of in de directe nabijheid van beekdalen en natte laagtes, dragen deze bij aan extra ruimte voor de dynamiek van het stromende water en het vasthouden van water, aan versterking van de samenhang in het beeksysteem en aan vergroting van de zichtbaarheid, bereikbaarheid en beleefbaarheid van het water. Dit zijn uitgangspunten bij (her)inrichting.
4.3
Klimaatadaptatiestrategie
Het klimaat verandert, ook in Losser hebben we dat de laatste jaren steeds vaker ervaren. Klimaatadaptatie is één van de grotere thema's binnen een geheel van opgaven die allemaal samenkomen in een beperkte ruimte. De extreme buien van de afgelopen jaren, zoals van 21 juli 2024 hebben ons doen beseffen dat het watersysteem niet langer ‘maakbaar’ is. Als lokale gemeenschap moeten we samen leren omgaan met deze veranderingen en bepalen wat we wel willen accepteren en wat niet. Onze klimaatadaptatiestrategie ‘Groenblauw Losser’ beschrijft hoe we van Losser een klimaatbestendige gemeente willen maken. Deze strategie is opgesteld samen met regionale partners en deskundigen. Het beschrijft hoe we klimaatadaptatie in Losser vormgeven en de wijze waarop we samen met inwoners, bedrijven en partners stappen willen zetten om zowel de huidige problemen op te lossen en ons voorbereiden op toekomstige weersextremen. Daarnaast hebben we een uitvoeringsprogramma met concrete vervolgstappen voor de komende 5 jaar opgesteld.
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
10
Projectgerelateerd
4.4
Visie Twents Waternet
Het Twents Waternet (Twn) is een professioneel netwerk van 14 Twentse gemeenten, provincie Overijssel, Vitens en waterschap Vechtstromen. Water werkt van oudsher als een magneet op mensen: het is onze eerste levensbehoefte, zorgt voor bedrijvigheid en bevordert welzijn, ontspanning en de volksgezondheid. Waterbeheer is daarom van waarde voor de gehele maatschappij. Water verbindt, of het nu gaat om natuur, milieu, landbouw, wonen, economie, recreatie, cultuurhistorie of veiligheid. We zien dat investeringen in de (afval)waterketen steeds vaker een vliegwiel vormen voor integrale gebiedsontwikkeling en bijdragen aan een duurzame leefomgeving. Twents waternet laat zich, onder het motto “Twents water verbindt, van waterwinst naar waterbewustzijn” de komende jaren leiden door de volgende visie: “Om de regio Twente aantrekkelijk te houden, staat een veilige en klimaatbestendige inrichting van de openbare en particuliere leefomgeving centraal. Dat geldt niet alleen voor de bebouwde kommen van de steden, maar evenzeer voor de buitengebieden van Twente. Twentse gemeenten en het waterschap werken samen om dit te bereiken. Naast het delen van kennis en het treffen van fysieke maatregelen, zetten we daarbij in op het vergroten van het waterbewustzijn van de Twentse samenleving en bij beleidsmakers.
We laten ons hierbij leiden door vier beleidsambities: bescherming, beleving, bewustwording en bundeling.”
▪ ▪
▪
▪
Bescherming (tegen water, droogte & hitte); Beleving (o.a. aan het herstellen van beken in bebouwd gebied, bij inbreidingen wordt water- en groenopgave versterkt); Bewustwording (een sterker waterbewustzijn draagt bij aan een gedragen waterbeleid wat moet leiden tot een leefomgeving die ingericht is op de gevolgen van de klimaatverandering); Bundeling (samen met andere stakeholders de krachten bundelen om de wateropgaven het hoofd te bieden).
3 maart 2025
Figuur 4-1: Beleidsambities.
BJ7107-WM-RP-241118-1337
11
Projectgerelateerd
4.5
Visie waterschap Vechtstromen
In 2021 is door waterschap Vechtstromen de Watervisie 2050 vastgesteld. In de Watervisie blikt het waterschap vooruit naar de grote, integrale opgaven die voor de verdere toekomst worden gezien. In de Watervisie worden zeven ambities geformuleerd: 1. Het aanpassen van de waterhuishouding op het gebruik van de ruimte bereikt zijn grenzen; 2. Het grootste en meest geschikte reservoir om water in te bergen is de bodem; 3. Ons water moet, zowel ecologisch als chemisch, van goede kwaliteit zijn. Schoon water is de basis voor een veilige leefomgeving en drager van natuur- en landschapskwaliteit; 4. Waterschap Vechtstromen is een op duurzame ontwikkeling gerichte partner; 5. Zuiveringsinstallaties worden knooppunten voor circulair watergebruik en de productie van energie en grondstoffen; 6. Regenwater is geen afvalwater, maar een bouwsteen in de ontwikkeling van een robuust watersysteem; 7. Genieten van water. Hoewel niet alle zeven ambities direct te linken zijn aan gemeentelijk beleid, zijn er zeker wel raakvlakken. Duidelijk herkennen we als gemeente de route naar een duurzaam, klimaatadaptief, schoon en veerkrachtig watersysteem. Zaken als duurzaamheid en klimaatadaptatie zijn nadrukkelijk ook ambities van ons als gemeente. We willen dan ook samen optrekken en koppelkansen benutten. In februari 2023 is door waterschap Vechtstromen het ontwikkelperspectief waterketen vastgesteld.
De komende tijd (2025-2026) wordt daar een ‘programmatische uitwerking’ aan gegeven.
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
12
Projectgerelateerd
5
Onze taken (beleid gemeentelijke watertaken)
De gemeente heeft wettelijke zorgtaken voor afvalwater, hemelwater en grondwater. In dit hoofdstuk staat waarvoor de gemeente zorgt en waarvoor bewoners en bedrijven zelf verantwoordelijk zijn. Ook is beschreven welke doelen we nastreven. Deze doelen zijn niet gebonden aan een planperiode, maar gelden voor de lange termijn.
5.1
Zorgtaak afvalwater
5.1.1
Huishoudelijk afvalwater
De gemeente zorgt voor het inzamelen en afvoeren van huishoudelijk afvalwater: ▪ binnen de bebouwde kom en; ▪ voor zover het doelmatig is, in het buitengebied. Deze taakopvatting geldt voor stedelijk afvalwater. Dat is afvalwater dat voornamelijk bestaat uit huishoudelijk afvalwater. Het inzamelen gebeurt vanaf de perceelgrens. Bewoners en bedrijven moeten zelf zorgen voor de riolering op hun perceel. Uitzonderingen vanwege doelmatigheid ▪ In delen van het buitengebied waar geen riolering ligt, is het niet altijd doelmatig dat de gemeente voor het afvalwater zorgt. In die gevallen dienen de bewoners of eigenaren een eigen afvalwatervoorziening te hebben, zoals een IBA (Individuele Behandeling Afvalwater). De gemeentelijke regels die gelden zijn opgenomen in het omgevingsplan (artikel 22.148 en 22.149); ▪ In de toekomst komen er misschien meer (wettelijke) mogelijkheden voor particuliere afvalwatervoorzieningen, bijvoorbeeld op plaatsen waar drukriolering niet (meer) doelmatig is. In dat geval kunnen de gemeente en eigenaren afspraken maken over particuliere afvalwatervoorzieningen, voor zover dit volgens (toekomstige) wetgeving is toegestaan. Zie Informatiepunt Leefomgeving voor meer informatie over de gemeentelijke zorgtaak inzameling stedelijk afvalwater.
5.1.2
Bedrijfsafvalwater
Bedrijven zijn zelf verantwoordelijk voor verwerking van het bedrijfsafvalwater. In sommige gevallen gebeurt dit via de gemeentelijke riolering. De gemeente is samen met de provincies verantwoordelijk voor het reguleren van verontreinigingen die door bedrijven via de riolering worden afgevoerd. De vergunningverlening en handhaving hiervan wordt in opdracht van de provincies en gemeenten uitgevoerd door de omgevingsdienst.
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
13
Projectgerelateerd
5.2
Zorgtaak hemelwater
De gemeente zorgt binnen de bebouwde kom voor het inzamelen en verwerken van: ▪ hemelwater van het openbaar gebied, zoals straten en pleinen; ▪ hemelwater van bestaande woonpercelen zonder regenwaterberging op het perceel. Dit geldt voor de meeste wijken in Losser; ▪ de pieken van grote regenbuien van bedrijfsterreinen, nieuwe woonwijken en herinrichtingen vanaf het jaar 2000, waarbij er in het ontwerp van uitgegaan is dat het regenwater (deels) op de percelen wordt verwerkt. Dit geldt voor de meeste bedrijventerreinen en voor woningen met regenwaterberging op het perceel. Het inzamelen gebeurt vanaf de perceelgrens. Bewoners en bedrijven moeten er zelf voor zorgen dat het hemelwater op de juiste wijze op de perceelgrens wordt aangeboden. Bij nieuwbouw en verbouw moet de regenwaterafvoer gescheiden zijn van het vuile afvalwater en meestal moet het regenwater bovengronds worden aangeboden. Als oude gemengde riolen in een straat worden vervangen door gescheiden riolering, moeten bewoners en bedrijven hun lozing hierop aanpassen, als dat redelijkerwijs mogelijk is. In het buitengebied wordt geen hemelwater ingezameld. De bewoners en bedrijven in het buitengebied zijn hier zelf verantwoordelijk voor. Het is niet toegestaan om regenwater op de drukriolering te lozen.
Bij bedrijfsterreinen, nieuwe woonwijken en herinrichtingen moeten bewoners, eigenaren of ontwikkelaar zorgen voor regenwaterberging (en infiltratie). Deze berging moet voldoende groot zijn. Bij de informatie voor bewoners, bedrijven en ontwikkelaars is aangegeven hoeveel waterberging is vereist. Uit voorgaande alinea’s blijkt dat de gemeente lang niet in alle gevallen voor het hemelwater zorgt. Wat bewoners en bedrijven zelf moeten doen is afhankelijk van het gebied, bouwjaar, soort perceel en het type rioolstelsel. De details staan bij de informatie voor bewoners en informatie voor bedrijven. Hier is ook aangegeven hoe bewoners het hemelwater moeten aanbieden op de perceelgrens. Hemelwaterverordening Sinds 2022 heeft gemeente Losser een hemelwaterverordening waarin staat in welke gevallen en hoe regenwater mag worden afgevoerd naar de gemeentelijke (hemelwater)riolering. Deze regels zijn vanaf 2024 onderdeel van het omgevingsplan. Het waterschap zorgt voor zuivering van hemelwater dat, gemengd met vuil water, via de gemeentelijke riolering wordt aangevoerd. Dit gebeurt zolang het voor de gemeente nog niet mogelijk of doelmatig is om het schone hemelwater gescheiden in te zamelen. Wateroverlast Bij het inzamelen en verwerken van hemelwater zorgt de gemeente er ook voor dat de kans op wateroverlast klein blijft.
Bij streefwaarden wateroverlast in paragraaf 7.3 staat hoever de gemeente de risico’s wil verminderen. Beleid bij nieuwbouw en herinrichting De landelijke maatlat voor een groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving schept het landelijke kader voor groen en klimaatadaptief bouwen. De maatlat gaat in op inrichting en bouwwijze met normen en richtlijnen voor de klimaatthema’s (hitte, droogte, wateroverlast en gevolgbeperking van overstromingen), bodemdaling en biodiversiteit.
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
14
Projectgerelateerd
Binnen Twents Waternet vindt afstemming plaats over regionale richtlijnen voor waterberging. Gemeente Losser is voornemens die te volgen, maar houdt voorlopig bij nieuwbouw en stedelijke vernieuwing het volgende aan: ▪ Een volledige gescheiden inzameling en verwerking van het afval- en hemelwater; ▪ Vanaf particuliere percelen wordt hemelwater bovengronds aangeboden op de erfgrens; ▪ Voor wat betreft de hoeveelheid waterberging: Bij nieuwbouw: ▪ 80 mm waterberging ten opzichte van het verharde oppervlak in de plansituatie; ▪ Maximale afvoer van hemelwater op het regionale watersysteem van 1,6 l/s/ha. Bij herinrichting van de openbare ruimte: 40 mm waterberging ten opzichte van het verharde oppervlak in de plansituatie. ▪ Nieuwe hemelwaterriolering ontwerpen wij op bui09 (Kennisbank Stedelijk Water, herhalingstijd 5 jaar, 29,4 mm in één uur). Deze bui moeten de riolen kunnen afvoeren zonder dat er water-op-straat komt te staan; ▪ Bij nieuwbouw is de bouwpeilhoogte minimaal 30 cm boven het hoogste straatniveau. Bij inbreidingslocaties zal dit niet altijd mogelijk zijn. In deze situaties kan hier gemotiveerd op worden afgeweken, dit blijft maatwerk. Met nieuwbouw bedoelen we zowel uitbreidings- als inbreidingslocaties alsook aanbouw aan bestaande bouw.
5.3
Zorgtaak grondwateroverlast
In sommige gevallen neemt de gemeente maatregelen tegen grondwateroverlast, maar alleen maatregelen in openbaar gebied. Bewoners en bedrijven zijn zelf verantwoordelijk voor eventuele maatregelen op hun perceel. De gemeente zorgt voor maatregelen tegen grondwateroverlast, als ▪ er structurele overlast is door de grondwaterstand; ▪ die met maatregelen in openbaar gebied verholpen of verminderd worden; ▪ en de maatregelen doelmatig zijn. In Bijlage A4 informatie voor bewoners staat wat precies wordt verstaan onder structureel en doelmatig. De grondwatertaak betekent niet dat de gemeente voor een bepaalde grondwaterstand zorgt. Het gaat om maatregelen tegen overlast. En overlast kan lang niet altijd worden opgelost met doelmatige maatregelen in het openbaar gebied. In principe wordt drainagewater dat geloosd wordt door particulieren/bedrijven, dan wel afkomstig is van het gemeentelijk drainagestelsel, aangesloten op het regenwaterriool, IT-riool of geloosd op oppervlaktewater. Aansluiting van drainage op het gemengde riool is enkel toegestaan indien er geen andere doelmatige manier van lozing mogelijk is. Particulieren en bedrijven dienen dit aan te tonen en vooraf toestemming te verkrijgen van de gemeente.
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
15
Projectgerelateerd
5.4
Oppervlaktewater en drinkwater
5.4.1
Oppervlaktewater
We streven naar een gezonde én aantrekkelijke leefomgeving, daar hoort een ecologisch gezond en natuurlijk (grond)watersysteem bij. Om dit te bereiken beheren we de afvalwaterketen doelmatig en beperken we de emissie vanuit de afvalwaterketen op het oppervlaktewater zoveel als mogelijk. We staan open voor het koppelen van onze riool gerelateerde ingrepen aan waterkwaliteitsdoelen, het vergroten van de sponswerking van de bodem en andere gebiedsfuncties, zoals landbouw, natuur en recreatie. Als voorbeeld: de realisatie van een gescheiden rioolstelsel met afkoppeling van verhard oppervlak en infiltratie van hemelwater in het kader van tegengaan van wateroverlast, draagt als positief bijeffect bij aan een verbetering van de waterkwaliteit en aan vermindering van verdroging. Bij meldingen over een slechte waterkwaliteit, onderzoeken wij het aandeel van de riolering daaraan, voordat eventueel maatregelen getroffen worden. Wij sturen niet enkel op emissie, maar op kwaliteit van het ontvangende oppervlaktewater. Relatie droogte en oppervlaktewater Als gevolg van klimaatverandering zullen er naar verwachting vaker langere perioden van droogte voorkomen in Nederland. In stedelijk gebied heeft dit een dalende grondwaterstand tot gevolg. Het peilbeheer van het oppervlaktewater is in handen van het waterschap. De grondwaterstand kan beïnvloed worden door de oppervlaktewaterstand.
Maar ook wij als gemeente en inwoners ons steentje bijdragen aan het tegengaan van verdroging door zo min mogelijk oppervlak te verharden (ook ontharden en de aanleg van groen) en het hemelwater zo veel mogelijk lokaal vast te houden en te infiltreren. Genoemde maatregelen worden al getroffen met het oog op het reduceren van het risico op wateroverlast tijdens extreme neerslag. Het tegengaan van verdroging is een neveneffect dat in het kader van de toenemende droogteproblematiek steeds belangrijker wordt. Een van de mogelijke gevolgen van dalende grondwaterstanden is zettingen van het maaiveld, waardoor (ongelijke) verzakkingen en scheuren kunnen ontstaan.
De kwaliteit van het oppervlaktewater in de bebouwde omgeving en het onderhoud van watergangen is geen specifieke watertaak van gemeenten. Als eigenaar van gronden langs watergangen in de openbare ruimte kan een gemeente wél onderhoudsplichtig zijn. Ook raakt waterkwaliteit aan de kwaliteit en het gebruik van de fysieke leefomgeving, waar de gemeente verschillende taken in heeft. Het toenemende gebruik van oppervlaktewater als recreatiewater (o.a. zwemmen en varen) stelt eisen aan de waterkwaliteit. Daarover zal een gemeente met de waterkwaliteitsbeheerder afspraken maken: welke waterkwaliteit streven we na en wat is daarvoor nodig? In de gemeente Losser ligt geen officieel zwemwater. We informeren onze inwoners periodiek over zwemmen of spelen in oppervlaktewater (niet officieel zwemwater), waarop riooloverstorten kunnen lozen en/of andere verontreinigingsbronnen aanwezig kunnen zijn.
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
16
Projectgerelateerd
5.4.2
Drinkwater
Ten oosten van de kern Losser ligt de drinkwaterwinning Enschede-Losser. Het bijbehorende grondwaterbeschermingsgebied strekt zich uit tot in de kern Losser. De taak van de gemeente is ervoor te zorgen dat activiteiten in de openbare ruimte geen risico vormen voor de drinkwatervoorziening. Dit betekent dat de gemeente Losser moet zorgen voor een veilige en gezonde leefomgeving waarin de drinkwaterbronnen worden beschermd tegen verontreiniging en andere risico’s. De gemeente Losser streeft er naar de kwaliteit van het grondwater te beschermen. Daarom wordt hier bij Omgevingsvergunningen rekening mee gehouden en wordt bijvoorbeeld (potentieel) vervuild regenwater gezuiverd of naar het vuilwaterriool afgevoerd. Daarnaast worden schades aan de riolering in grondwaterbeschermingsgebieden eerder gerepareerd vanwege het hogere risico. In opdracht van de provincie Overijssel zijn gebiedsdossiers grondwater en maatregelprogramma’s opgesteld. In bijlage A1.2 is opgenomen hoe gemeente Losser rekening houdt met de risico’s voor de drinkwaterwinning. Waterbeschikbaarheid De waterbeschikbaarheid in onder andere Twente staat onder druk. Dit is de afgelopen jaren met droge zomers een actueel en acuut onderwerp geworden. Om alle (nieuwe) huishoudens van drinkwater te kunnen blijven voorzien moet water bespaard en hergebruikt worden.
Vitens toetst zakelijke drinkwateraanvragen voor aansluiting voortaan op de wettelijke noodzaak om water van drinkwaterkwaliteit in het bedrijfsproces te gebruiken én op de bijdrage die een bedrijf met haar product, dienst of toepassing bij de eindgebruiker levert aan het bevorderen van waterbesparing. Losser zet naast de trits van vasthouden, bergen en afvoeren ook in op waterbesparing en benutting. Om de waterreserves niet onnodig uit te putten wordt ook aan aanvulling bijgedragen door verhard oppervlak af te koppelen (zelf en door particulieren) en het water lokaal te infiltreren: We werken aan een klimaatbestendig en waterrobuust Losser door neerslag vast te houden waar het valt en de sponswerking van de bodem te vergroten. Daarbij hanteren we binnen bestaand stedelijk gebied de volgende principes: ▪ Inzetten op het scheiden (bij de bron) van hemelwater en vuil water en daar waar mogelijk benutting en hergebruik van hemelwater; ▪ Maximaal inzetten op infiltratie van hemelwater naar grondwater via openbaar groen; ▪ Particulieren dragen zo veel mogelijk bij aan opvang van hemelwater en infiltratie van hemelwater naar grondwater; ▪ Ontharden van oppervlakken (verharding vervangen door groen); ▪ Vergroten van de bovengrondse berging op straat of andere verharde terreinen.
In het landelijk gebied zijn samenwerkingspartners als waterschap Vechtstromen, Vitens, natuur- en landbouworganisaties van groot belang. We kunnen de opgave alleen samen aanpakken. Door het water in de haarvaten van het systeem beter vast te houden én door de sponswerking van de bodem te verbeteren worden we weerbaarder tegen watertekorten (zoetwaterbeschikbaarheid) en kan de schade door droogte worden verkleind.
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
17
Projectgerelateerd
6
Onze doelen en randvoorwaarden
Vanuit onze watervisie (H4) en onze zorgtaken (H5) hebben we doelen en randvoorwaarden geformuleerd als basis voor onze uitvoeringsstrategie (H7) en het bijbehorend programma (H8).
6.1
Doelen vanuit onze watertaken
Met de drie watertaken streven we naar: 1) Goede, schone en prettige omgeving In de eerste plaats willen we dat water en riolering bijdragen aan een goede, schone en prettige werk- en leefomgeving. Goed beheer en onderhoud van de bestaande voorzieningen is onze hoofdtaak. We stellen de omgeving centraal. Andersom hebben we de omgeving nodig voor toekomstbestendig stedelijk waterbeheer. Water en riolering zijn verweven met onze omgeving. 2) Volksgezondheid Het belangrijkste doel van de afvalwaterzorg is de volksgezondheid. Met de komst van de riolering is de levensverwachting van Nederlanders sterk verhoogd. Dit moet gewaarborgd blijven. 3) Goede dienstverlening Uiteindelijk zijn het de bewoners en bedrijven die baat hebben bij een goed water- en rioleringsbeheer. Zij zijn de ‘klanten’ die bediend worden. We leveren een schone en prettige werk-/leefomgeving, afvoer en verwerking van afvalwater, veiligheid en een ‘loket’ voor vragen, meldingen en vergunningen. Andersom gaat de gemeente ook om medewerking en inzet van bewoners en bedrijven vragen, bijvoorbeeld bij het afkoppelen van regenwater.
6.2
Randvoorwaarden
Het bereiken van bovenstaande doelen mag niet ten koste van alles gaan. Randvoorwaarden zijn doelmatigheid, beperken van nadelige gevolgen voor het milieu (lokaal en regionaal) en het sluiten van kringlopen van grondstoffen en energie (wereldwijd). 4) Doelmatigheid De zorgtaken zijn doelmatig als de doelen worden gerealiseerd tegen minimale kosten. In het stedelijk waterbeheer moet dit worden beschouwd over lange termijn, vanwege de lange levensduur van investeringen. Het doel is: ▪ zo laag mogelijke kosten over lange termijn; ▪ en aanvaardbare lokale lasten op korte termijn. 5) Beperken nadelige gevolgen voor het milieu De riolering en het waterbeheer mag niet te veel nadelige gevolgen hebben voor het milieu. Dit betreft de bodem, het grondwater en het oppervlaktewater. Voorbeelden zijn verontreiniging van open water door overstortingen en risico’s voor de drinkwaterwinning door lekke riolen. Tot de doelen behoort: ▪ niet overmatig verontreinigen van bodem en oppervlaktewater; ▪ voorkomen van verdroging.
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
18
Projectgerelateerd
6) Sluiten van kringlopen (wereldwijd) Het water- en rioleringsbeheer vergt grondstoffen en veroorzaakt CO2-uitstoot. Maar het biedt ook kansen voor (terug)winning van grondstoffen en energie. Binnen de gehele afvalwaterketen (d.w.z. inclusief de rioolwaterzuivering) kunnen we zelfs meer (terug)winnen dan we gebruiken. We willen met de riolering daaraan bijdragen. De doelen op lange termijn zijn: ▪ minimaal netto grondstofverbruik, door hergebruik en terugwinning (circulaire economie); ▪ geen netto uitstoot van broeikasgassen (klimaatmitigatie). Het opwekken van energie en verminderen van het verbruik is geen doel op zich, maar wel een middel om het grondstofverbruik en de CO2-uitstoot te verminderen.
Figuur 6-1: Lineaire versus circulaire economie.
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
19
Projectgerelateerd
7
Strategie en aanpak
De strategie geeft aan hoe de taken en doelen gerealiseerd worden. Gemeenten en waterschap kiezen voor een duurzame aanpak, waarbij de werkwijzen betaalbaar, uitvoerbaar en effectief zijn. Samenwerking is vereist, zowel tussen overheden als met bewoners en bedrijven.
7.1
Gidsprincipes
Norm-, effect- en kansgericht werken Waar nodig voldoen we aan minimum eisen, maar normen alleen zijn onvoldoende voor een doelmatig water- en rioleringsbeheer. Bij investeringskeuzes wegen we het effect en de kosten. Daarnaast maken we gebruik van kansen om dingen te realiseren die anders (voor lange tijd) niet gerealiseerd kunnen worden. Niet afwentelen Indien mogelijk en doelmatig lossen we problemen direct op, zo dicht mogelijk bij de bron. We willen (water)problemen niet afwentelen op benedenstroomse gebied of toekomstige generaties. Voorkomen, scheiden, zuiveren We proberen te voorkomen dat vuil water ontstaat en als dat niet haalbaar is houden we het vuil en schoon water gescheiden. Zo minimaliseren we de hoeveelheid vuil en gemengd water, die gezuiverd moeten worden. Gebruiken, vasthouden, bergen, afvoeren, besparen Regenwater wordt zoveel mogelijk lokaal (her)gebruikt of in de bodem geïnfiltreerd. Voor zover dat niet haalbaar is wordt het lokaal geborgen en pas in laatste instantie kiezen we voor het (vertraagd) afvoeren van overtollig regenwater. Duurzaam en robuust Als maatregelen nodig zijn kiezen we voor duurzame robuuste oplossingen. Dat zijn oplossingen die toekomstbestendig zijn, effectief zijn in meerdere situaties en effectief blijven als ze zwaarder of lichter worden belast dan we vooraf verwachten. Samen We zoeken samenwerking met alle betrokkenen.
Dat geldt binnen de gemeente (tussen afdelingen en beleidsterreinen), tussen organisaties (buurgemeenten, waterschap, provincie, ondernemers en onderzoeksinstellingen) en met onze bewoners en bedrijven.
Gemeenten en waterschap werken intensief samen in het Twents Waternet. In januari 2018 ondertekenden zij hun nieuwe gezamenlijke visie “Van waterwinst naar Waterbewustzijn”. Deze visie werkt door in dit WRP, zoals de keuze voor het waterrobuust en klimaatbestendig inrichten.
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
20
Projectgerelateerd
7.2
Klimaatadaptatie, groenblauw Losser
Losser wil in 2050 een gezonde, aantrekkelijke, veilige en dus klimaatbestendige woon- en leefomgeving. De klimaatadaptatiestrategie beschrijft hoe we onze doelstellingen willen bereiken. De kern van onze aanpak is dat we iedere ingreep in de openbare ruimte benutten voor klimaatadaptieve inrichting. Onze beken vormen de hoofdaders en transporteren overtollig water van hoog naar laag naar de Dinkel. Haaks op deze structuur lopen de haarvaten. Hier willen we de sponswerking verbeteren om het water zoveel mogelijk vast te houden om verdroging tegen te gaan. Ook willen we klimaatadaptatie verankeren in het handelen en denken van iedereen in de organisatie. Dit wil zeggen: bij elke ontwikkeling binnen de gemeentelijke organisatie moet nagedacht worden op welke manier bijgedragen kan worden aan het klimaatbestendig maken van de gemeente. Door te werken met concrete en meetbare indicatoren voor een klimaatbestendige inrichting, kunnen deze vroeg in het planproces worden meegenomen als ontwerpopgave. Stresstest In 2017 heeft gemeente Losser geïnvesteerd in een hydraulisch model van het stedelijk watersysteem. Dit model is afgelopen periode nuttig gebruikt bij het ontwerp van het hemelwatersysteem binnen herinrichtingsprojecten en met dit model is de stresstest extreme neerslag uitgevoerd. Gemeenten moeten 6-jaarlijks een stresstest klimaatimpact uitvoeren.
In 2025 is de tweede ronde stresstesten gepland. In 2025 wordt dit model geactualiseerd en gebruikt in de tweede ronde van de DPRA-stresstest. Klimaatlabels In 2024 zijn binnen de klimaatadaptatiestrategie de stresstest resultaten vertaald naar klimaatlabels. Per thema (wateroverlast, hitte, groen, droogte en overstromingen) zijn concrete doelstellingen met meetbare indicatoren (KPI’s) opgesteld. Hiermee geven we invulling wat we in Losser verstaan onder een klimaatbestendige woon- en leefomgeving. De indicatoren zijn uitgewerkt met een labelsystematiek, zodat we de voortgang van het klimaatadaptatiebeleid transparant kunnen monitoren. Werken in en aan de openbare ruimte Om Losser klimaatbestendig te maken moeten we de openbare ruimte aanpassen. Dat geldt voor water en riolering en andere beleidsterreinen, zoals groenbeheer, wegbeheer en ruimtelijke ordening. Ook deze disciplines moeten bijdragen. Met een integrale aanpak van wateroverlast scheppen we kansen om de openbare ruimte te verbeteren. Water en groen zijn een goede combinatie, die helpt tegen hittestress, verdroging en fijnstof. Water en groen vergroten ook de belevingswaarde en kunnen bijdragen aan de leefbaarheid van een wijk. En we kunnen functies verbinden.
Een mooi voorbeeld is het project Beken en Bleken, waarin cultuurhistorie, waterberging en -zuivering, hergebruik energie uit afvalwater en educatie samen verweven zijn.
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
21
Projectgerelateerd
Figuur 7-1: Beken en bleken.
Onderhoud Voor een goed functionerende omgeving is ook het beheer en onderhoud essentieel. Dit staat verderop bij Beheer van de infrastructuur.
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
22
Projectgerelateerd
7.3
Verminderen wateroverlast
Wateroverlast kunnen we niet voorkomen, maar we kunnen wel de risico’s beperken. Hierbij maken we onderscheid in hinder, overlast en schade. We streven ernaar om de risico’s overal te beperken tot de situatie zoals aangegeven in Tabel 7-1. Tabel 7-1: Streefwaarden tabel gemeente Losser. Beeld
Omschrijving hinder/overlast/schade
Komt voor vanaf
1) Plassen Hier en daar ondiepe plassen. Duur: tot 0,5 uur na de bui blijven wegen begaanbaar.
Alle buien
2) Hinder Hier en daar grote en diepe plassen Duur: tot 1 uur na bui blijven wegen begaanbaar, maar verkeer ondervindt enige hinder.
Zeer hevige bui Bui08 T=2
3) Overlast Op enkele locaties en/of delen van de straat staat water tot bovenkant trottoirband (±15 cm). Duur: tot 1,5 uur na de bui zijn wegen moeilijk berijdbaar (langzaam rijden).
Grote intense bui Bui09 T=5
4) Schade In deel van wijk of gebied staat water tot aan entree / in voortuinen. Duur: tot 2 uur na bui. Schade: 1 tot 5 tuinen en Sommige bijgebouwen en wegen niet meer veilig te gebruiken.
Zeer grote intense bui Bui10 T=10
5) Ernstige schade Meer dan 20 cm water in grote delen van een kern of gebied. Duur: langer dan 2 uur na bui. Schade als gevolg van water in panden. Wegen die niet meer veilig te gebruiken zijn.
Zeer extreme bui 70 mm in 1 uur T=100
Het streven om ernstige schade tot een T=100 bui zo veel mogelijk te voorkomen sluit aan bij de doelstelling van de klimaatadaptatiestrategie waarin de volgende streefwaarden zijn opgenomen: ▪ Bij een extreme bui (T100 bui) staat er maximaal 10 cm water tegen de gevels van panden. Hevige neerslag leidt niet zo min mogelijk tot schade aan gebouwen; ▪ Bij een extreme bui (T100 bui) staat er maximaal 15 cm water op kritische routes. Hulpdiensten kunnen hun bestemming binnen de gewenste tijd bereiken;
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
23
Projectgerelateerd
▪
Bij een extreme bui (T100 bui) staat er maximaal 30 cm water tegen vitale infrastructuur. Kwetsbare en vitale functies en voorzieningen blijven beschikbaar.
De streefwaardentabel is onze ambitie. Op sommige locaties is het risico op wateroverlast groter dan de streefwaarden. Bij de volgende stresstest in 2025 bepalen we waar we nog niet voldoen en welke maatregelen nodig en mogelijk zijn om onze ambitie te kunnen halen.
7.4
Verdergaand afkoppelen
We gaan ermee door om regenwaterafvoeren van de riolering te halen. Dit heet afkoppelen en draagt bij aan meerdere doelen. Het helpt tegen wateroverlast en verdroging, is energiebesparend, bespaart zuiveringskosten en het schept mogelijkheden voor het lokaal benutten van regenwater. Ook helpt afkoppelen om overstortingen vanuit de riolering te verminderen, waardoor het oppervlaktewater schoner blijft. Aandacht voor de kwaliteit van afstromend hemelwater en zo nodig zuiverende voorzieningen blijft nodig. Bij nieuwbouw wordt geen regenwater op de riolering aangesloten. In bestaand gebied vergt afkoppelen substantiële investeringen. De strategie is om afkoppelen te combineren met andere werken. De kansen die zich voordoen gebruiken we om regenwater af te koppelen van de gemengde riolering, mits dit doelmatig kan. In Losser zijn al diverse straten en wijken afgekoppeld. De staafdiagram laat zien dat het verhard oppervlak dat afwatert via gemengde riolering afneemt. In bijlage A1.6 is op kaarten weergegeven voor zowel 2018 als 2024 waarop welke verharde oppervlakken zijn aangesloten.
Figuur 7-2: Voortgang afkoppelen vanaf 2000.
Afkoppelen in projecten Afkoppelen doen we in projecten, tegelijk met andere werken zoals rioolvervanging. In deze projecten stimuleren en helpen we bewoners om ook de oppervlakken op de percelen af te koppelen. Afkoppelen door bewoners/eigenaren Ongeveer de helft van het verharde oppervlak ligt op particuliere percelen. Daarom is ook inzet van bewoners en bedrijven gewenst. Bij herinrichtingsprojecten kan de gemeente de voorzijde van woningen meenemen in het project. In de planperiode 2025-2030 doen we dit op kosten van de gemeente.
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
24
Projectgerelateerd
In de projecten vragen we bewoners en perceeleigenaren om daken en verhardingen op bijvoorbeeld de achterzijde van hun perceel af te koppelen. Als tegemoetkoming in de kosten wordt vanuit het betreffende project een bijdrage beschikbaar gesteld. Hemelwaterstructuur De afkoppelprojecten worden niet alleen afgestemd op andere werken in de openbare ruimte, maar ook op het regenwaterstructuurplan. Langzaamaan ontstaat een netwerk van regenwaterleidingen door het bebouwd gebied. Door dit netwerk kunnen piekafvoeren worden verwerkt en daarmee schept het mogelijkheden voor afkoppelen. Anderzijds wordt in projecten de regenwaterstructuur uitgebreid, waardoor nieuwe afkoppelmogelijkheden ontstaan.
7.5
Beperken grondwateroverlast
De afgelopen perioden zijn meer meldingen van grondwateroverlast bekend geworden bij de gemeente. Dit heeft waarschijnlijk te maken met een extra natte periode. Gemeente Losser heeft een grondwatermeetnet. De meetdata is openbaar toegankelijk via een website. Er is behoefte aan een analyse van de meetdata om daarmee een goed inzicht te krijgen van de grondwatersituatie. Daaruit blijkt ook of meetnetoptimalisatie nodig is. Bij sommige projecten worden projectpeilbuizen geplaatst. De gemeente gaat regels / uitgangspunten opstellen betreffende het al dan niet (tijdelijk) opnemen van projectpeilbuizen in het meetnet. Voor het vaststellen van een nul-situatie en ten behoeve van een goed grondwateradvies worden projectpeilbuizen bij voorkeur tenminste een jaar voorafgaand aan het project geplaatst.
7.6
Doelmatig beheer van de infrastructuur
Rioolvernieuwing Vervangingsinvesteringen vormen de grootste kostenpost van de watertaken. We kunnen kosten besparen en de kwaliteit verbeteren met een slimme, mede op risico’s gebaseerde, vervangingsstrategie op basis van goede informatie over de technische staat van riolen, transportleidingen en andere voorzieningen. Ofwel, met rationeel beheer zoeken we naar het optimum van prestaties, kosten en minimale overlast voor bewoners. Onderzoek en gegevensbeheer Om dit voor elkaar te krijgen is inzicht nodig in de toestand en het functioneren van de infrastructuur. Dat inzicht verkrijgen we met metingen, inspecties, analyses en soms specifiek onderzoek. Gegevens houden we bij met beheersoftware. Risico gestuurd beheer Gemeente Losser heeft afgelopen periode een werkwijze voor risico gestuurd beheer ontwikkeld conform de methode Rasmariant. Alle riolen binnen de gemeente zijn beoordeeld op de mate van risico bij falen. Aspecten die daarbij zijn meegewogen zijn bijvoorbeeld de diameter, het debiet, de bestemming van de omgeving, de drukte van de bovenliggende weg en de ligging in een grondwaterbeschermingsgebied. De mate van risico van een riool weegt mee in het bepalen van de inspectie- en reinigingsfrequentie en het bepaalt de ingrijpmaatstaf. Vanaf 2025 is de methode Rasmariant richtinggevend bij de planning van noodzakelijke vervangingen en bijbehorende kostendekking.
3 maart 2025
BJ7107-WM-RP-241118-1337
25
Projectgerelateerd
Het daadwerkelijke moment van reparatie of vervanging wordt integraal afgestemd met de andere opgaven in de openbare ruimte. Deze integrale afstemming kan leiden tot een afwijkend tijdstip van vervanging van riolen ten opzichte van het bepaalde tijdstip conform de principes van risico gestuurd beheer riolering. Afwijken kan, maar daarbij gelden de volgende randvoorwaarden: ▪ Bij tot tien jaar later vervangen is extra budget nodig om het risico wat dan ontstaat te beheersen (extra inspectie, noodreparatie, etc.); ▪ Tien jaar later vervangen is maximaal toelaatbaar. Dan zal vervanging separaat plaats vinden en niet als integraal project; ▪ Meer dan tien jaar eerder vervangen dan noodzakelijk kan, maar dat heeft als consequentie dat er minder budget over blijft voor andere meer urgente locaties. Objectrenovatie De riolering omvat ruim 600 bijzondere objecten, zoals bassins, stuwputten, gemalen, verdeelkasten en pompunits. De mechanische en elektrische onderdelen moeten om de ±15 jaar worden vervangen. Dit is weergegeven in het renovatieplan. De komende planperiode willen we 40 a 45 objecten per jaar renoveren en daarnaast totaal zeven hoofrioolgemalen. Regulier onderhoud Gebrekkig onderhoud kan tot overlast leiden en soms zelfs tot onbruikbare voorzieningen. Bijvoorbeeld: drainageleidingen raken onherstelbaar verstopt als deze niet frequent genoeg worden doorgespoten.