Plantoelichting vastgesteld Bestemmingsplan Losser, Kloppenstraat 77
Tekst van het document
In hoofdstuk 4 van de regels staan de overgangs- en slotregels. In de overgangsregels is aangegeven wat de juridische consequenties zijn van bestaande situaties die in strijd zijn met dit bestemmingsplan. In de slotregels wordt aangegeven hoe het bestemmingsplan wordt genoemd.
7.3
Verantwoording van de regels
Kenmerk van de Nederlandse ruimtelijke ordeningsregelgeving is dat er uitgegaan wordt van toelatingsplanologie. Een bestemmingsplan geeft aan welke functies waar zijn toegestaan en welke bebouwing mag worden opgericht. Bij het opstellen van dit bestemmingsplan zijn keuzes gemaakt over welke functies waar worden mogelijk gemaakt en is gekeken welke bebouwing stedenbouwkundig toegestaan kan worden. Het is noodzakelijk dat het bestemmingsplan een compleet inzicht biedt in de bouw- en gebruiksmogelijkheden binnen het betreffende plangebied. Het bestemmingsplan is het juridische toetsingskader dat bindend is voor de burger en overheid en geeft aan wat de gewenste planologische situatie voor het plangebied is. In deze paragraaf worden de gemaakte keuzes nader onderbouwd. ‘Tuin’ (Artikel 3) Met name de randen van het plangebied zijn voorzien van de bestemming ‘Tuin’. Het gaat hierbij om gronden gelegen tussen de woongebouwen en de openbare wegen. De voor ‘Tuin’ aangewezen gronden zijn bestemd voor tuin, behorende bij de op de aangrenzende gronden gelegen hoofgebouwen en gebouwen, erkers en ingangspartijen ten dienste van de aangrenzende bestemming ‘Wonen’. Ingevolge de bouwregels is bepaald dat voor het bouwen van gebouwen uitsluitend erkers, ingangspartijen, luifels, balkons en galerijen ten dienste van de aangrenzende bestemming ‘Wonen’ zijn toegestaan, met dien
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
45
Bestemmingsplan Losser dorp, partiële herziening Kloppenstraat 75-77 Vastgesteld verstande dat deze (van een woning deel uitmakende) bebouwing de bouwgrens, over maximaal de halve gevelbreedte, met niet meer dan 1,5 m mag overschrijden en: a. b.
de afstand tussen de bebouwing en een trottoir minimaal 3 m bedraagt; de afstand tussen de bebouwing en de weg minimaal 5 m bedraagt.
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde bedraagt de bouwhoogte niet meer dan 1 meter. ‘Wonen’ (Artikel 4) De gronden die niet behoren tot de locatie van de te realiseren woongebouwen, maar wel een woonbestemming moeten krijgen omdat de gronden betrokken worden bij de ten oosten gelegen woonpercelen, hebben de bestemming ‘Wonen’ gekregen. Binnen deze strook zijn de bouwmogelijkheden ingeperkt tot het uitsluitend mogen bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde. ‘Wonen - Woongebouw’ (Artikel 5) De gronden ter plaatse van de beoogde woongebouwen zijn voorzien van de bestemming ‘Wonen Woongebouw’. Gronden met deze bestemming zijn bedoeld voor het wonen in woongebouwen, al dan niet in combinatie met een aan huis verbonden beroep. Verder is een ‘specifieke bouwaanduiding – toren’ opgenomen ter plaatse van de te behouden toren in het plangebied. Ter plaatse van deze aanduiding mag een toren worden gebouwd (of behouden). In de bouwregels is bepaald dat hoofgebouwen uitsluitend binnen de bouwvlakken mogen worden gebouwd. Per bouwvlak is aangegeven wat de maximale bouwhoogte is en hoeveel woningen per bouwvlak mogen worden gerealiseerd. Voor de toren is separaat geregeld dat deze uitsluitend binnen de ‘specifieke bouwaanduiding – toren’ mag worden gebouwd. De oppervlakte van de toren mag niet meer bedragen dan de bestaande oppervlakte.
De bouwhoogte mag niet meer dan 35 meter bedragen.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
46
Bestemmingsplan Losser dorp, partiële herziening Kloppenstraat 75-77 Vastgesteld
HOOFDSTUK 8
ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID
Artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening stelt dat de gemeenteraad gelijktijdig met de vaststelling van het bestemmingsplan moet besluiten om al dan niet een exploitatieplan vast te stellen. Hoofdregel is dat een exploitatieplan moet worden vastgesteld bij elk bestemmingsplan. Er zijn echter uitzonderingen. Het is mogelijk dat de raad verklaart dat met betrekking tot een bestemmingsplan geen exploitatieplan wordt vastgesteld indien het verhaal van kosten van de grondexploitatie anderszins is verzekerd of het stellen van nadere eisen en regels niet noodzakelijk is. In het voorliggende geval is een overeenkomst gesloten tussen initiatiefnemer en de gemeente. Hierin is verzekerd dat het risico van planschade voor rekening van de initiatiefnemer komt. Tevens zijn de gemeentelijke kosten opgenomen in de overeenkomst, waardoor het kostenverhaal voor de gemeente volledig verzekerd is. Dit brengt met zich mee dat vaststelling van een exploitatieplan achterwege kan blijven.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
47
Bestemmingsplan Losser dorp, partiële herziening Kloppenstraat 75-77 Vastgesteld
HOOFDSTUK 9 9.1
VOOROVERLEG EN ZIENSWIJZEN
Vooroverleg
Op grond van artikel 3.1.1 Bro is vooroverleg vereist met het waterschap en met de diensten van de provincie en het Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. 9.1.1
Rijk
In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) zijn de nationale belangen die juridische borging vereisen opgenomen. Het Barro is gericht op doorwerking van nationale belangen in gemeentelijke bestemmingsplannen. Geoordeeld wordt dat deze ontwikkeling geen nationale belangen schaadt. Daarom is afgezien van het voeren van vooroverleg met het Rijk. 9.1.2
Provincie Overijssel
Gelet op de aard en omvang van de in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling wordt het voeren van vooroverleg met de provincie Overijssel niet noodzakelijk geacht. In paragraaf 4.2 is geconcludeerd dat de voorgenomen ontwikkeling in overeenstemming is met het relevante provinciale beleid. 9.1.3
Waterschap Vechtstromen
In het kader van de watertoets heeft er een digitale watertoets plaatsgevonden via de website www.dewatertoets.nl. De beantwoording van de vragen heeft ertoe geleid dat de normale procedure van de watertoets van toepassing is. Hiertoe is advies van het waterschap ingewonnen wat heeft geleid tot de huidige waterparagraaf wat is opgenomen in paragraaf 6.2.2. Nader vooroverleg met het waterschap kan achterwege blijven.
9.2
Zienswijzen
Deze paragraaf wordt na de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan ingevuld.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
48
Bestemmingsplan Losser dorp, partiële herziening Kloppenstraat 75-77 Vastgesteld
BIJLAGEN BIJ DE TOELICHTING Bijlage 1
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
49
Bestemmingsplan Losser dorp, partiële herziening Kloppenstraat 75-77 Vastgesteld
Bijlage 2
Bodemonderzoek
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
50
Bestemmingsplan Losser dorp, partiële herziening Kloppenstraat 75-77 Vastgesteld
Bijlage 3
Stikstofonderzoek
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
51
Bestemmingsplan Losser dorp, partiële herziening Kloppenstraat 75-77 Vastgesteld
Bijlage 4
Vormvrije m.e.r.-beoordeling
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
52
Bestemmingsplan Losser dorp, partiële herziening Kloppenstraat 75-77 Vastgesteld
Bijlage 5
Watertoetsresultaat
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
53
Bestemmingsplan Losser dorp, partiële herziening Kloppenstraat 75-77 Vastgesteld
Bijlage 6
Beeldkwaliteitsplan
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
54
Bestemmingsplan Losser dorp, partiële herziening Kloppenstraat 75-77 Vastgesteld
Bijlage 7
Akoestisch onderzoek industrielawaai
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
55