CConstaterende datLosser
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota van zienswijzen - Gronausestraat 328a Glane

Raadsvergadering 11 november 2025, gemeente LosserBij agendapunt: Gronausestraat 328a Glane3.843 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota van zienswijzen TAM-omgevingsplan “TAM-Omgevingsplan Hoofdstuk 22c, Buitengebied, Gronausestraat 328a te Glane”

Inhoudsopgave 1.

2.

Inleiding ............................................................................................................... 3 1.1

Procedure en opzet ...................................................................................... 3

1.2

Wet bescherming persoonsgegevens .......................................................... 3

1.3

Ingediende zienswijzen ................................................................................ 3

Zienswijzen .......................................................................................................... 4 Zienswijze 1 ............................................................................................................ 4 Zienswijze 2 ............................................................................................................ 7 Zienswijze 3 .......................................................................................................... 10

3.

Wijzigingen ........................................................................................................ 12

Nota van zienswijzen” TAM-omgevingsplan Hoofstuk 22c, Buitengebied, Gronausestraat 328a te Glane”

1. Inleiding 1.1 Procedure en opzet Het ontwerp TAM-omgevingsplan “TAM-Omgevingsplan Hoofdstuk 22c, Buitengebied, Gronausestraat 328a te Glane” en de bijbehorende stukken hebben voor een periode van zes weken (met ingang van 18 december 2024 tot en met woensdag 29 januari 2025) voor eenieder ter inzage gelegen. Gedurende deze periode zijn drie zienswijzen ingediend op het ontwerp TAM-omgevingsplan. In deze Nota van zienswijzen zijn de ingekomen zienswijzen samengevat en voorzien van een reactie. Daarna is een conclusie getrokken of deze al dan niet leiden tot een wijziging van het TAM-omgevingsplan. Vervolgens geeft hoofdstuk 3 een overzicht van de wijzigingen. 1.2 Wet bescherming persoonsgegevens Sinds 25 mei 2018 is de Algemene verordening gegevensbescherming (Avg) van toepassing. Om deze reden zijn in deze zienswijzennota geen NAW-gegevens vermeld. De nota wordt, als onderdeel van de besluitvorming, op internet gepubliceerd. In verband met de Avg is de zienswijze daarom geanonimiseerd. De werking van de Avg strekt zich niet uit tot gegevens over natuurlijke personen, die behoren tot een rechtspersoon. Dit geldt bijvoorbeeld ook voor stichtingen of verenigingen. Deze namen zijn daarom niet geanonimiseerd. Dit geldt ook voor personen die beroepsmatig betrokken zijn bij de procedure (namen van advocaten, gemachtigden en dergelijke).

1.3 Ingediende zienswijzen Er zijn drie zienswijzen binnengekomen. Het betreft de volgende zienswijzen: 1. Zienswijze van Reclamant 1 met kenmerknummer 25.0001938, gedateerd 28 januari 2025 en geregistreerd d.d. 29 januari 2025; 2. Zienswijze van Reclamant 2 met kenmerknummer 25.0002036, gedateerd 28 januari 2025 en geregistreerd d.d. 29 januari 2025; 3. Zienswijze van Reclamant 2 met kenmerknummer 25.0002037, gedateerd 28 januari 2025 en geregistreerd d.d. 29 januari 2025; De zienswijzen zijn tijdig ingediend en derhalve ontvankelijk.

Nota van zienswijzen” TAM-omgevingsplan Hoofstuk 22c, Buitengebied, Gronausestraat 328a te Glane”

2. Zienswijzen Hieronder volgt een samenvatting van de ingediende zienswijzen. De zienswijzen zijn voorzien van een inhoudelijke beoordeling en een conclusie. Zienswijze 1 Samenvatting inhoud zienswijze A) Hoewel het TAM-Omgevingsplan stelt dat omwonenden vroegtijdig zijn betrokken, was dit niet het geval. Reclamant vernam de plannen pas later via een voormalig wethouder, waarna een gesprek met de initiatiefnemer plaatsvond, maar dit leidde niet tot wijzigingen; B) In de toelichting wordt gesteld dat de camperplaatsen via de Glanergrensweg worden ontsloten, terwijl reclamant ontsluiting via de bredere Gronausestraat wenst. Reclamant betwist dat dit onwenselijk is, aangezien er voldoende ruimte is om de camperplaatsen te bereiken zonder over het boerenerf te rijden en er voldoende manoeuvreerruimte is; C) De reclamant stelt dat het plan voor camperplaatsen binnen het Natuurnetwerk Nederland valt, terwijl er binnen het plangebied voldoende alternatieve locaties buiten dit netwerk beschikbaar zijn. Volgens de omgevingsverordening is zorgvuldige afweging van alternatieven vereist, maar dit onderzoek heeft niet plaatsgevonden. Hierdoor wordt mogelijk niet voldaan aan de voorwaarden voor afwijking van het beschermingsregime; D) Reclamant stelt dat op grond van de Nota verblijfsrecreatie 2023 geen nieuwe Gereguleerde Overnachtingsplaatsen (GOP's) gerealiseerd mogen worden.

E) Reclamant stelt dat het realiseren van nieuwe kleinschalige kampeerterreinen niet wenselijk is F) Reclamant stelt dat moet worden beoordeeld aan nieuw beleid voor verblijfsrecreatie G) Reclamant stelt, onder verwijzing naar het onderzoeksrapport 'Verblijfsrecreatie in Noordoost Twente', dat de verblijfsrecreatiemarkt verzadigd is en vooral behoefte heeft aan vernieuwend aanbod. Volgens reclamant voegen nieuwe camperplaatsen met voorzieningen niets vernieuwends toe en richten ze zich niet op specifieke doelgroepen. H) Reclamant geeft aan dat het (bouw)plan niet voldoet aan de milieuzoneringen en de VNG-richtafstanden en dat er onvoldoende is onderbouwd dat de bestaande kuilvoerplaats en mestopslag onevenredige overlast veroorzaken; I) Reclamant wil graag een grondig onderzoek naar het leefgebied van de aanwezige reeën en de impact van de nieuwe ontwikkeling op het leefgebied. Reactie gemeente A) In de zienswijze wordt benoemd dat omwonenden niet vroegtijdig zijn betrokken. Dit betekent echter niet dat er geen participatie heeft plaatsgevonden. De initiatiefnemers zijn de buurt in gegaan om de plannen toe te lichten. Hier kwam niet altijd respons op. Er zijn dus wel inspanningen gedaan om met omwonenden in gesprek te gaan. Daarnaast is een participatietraject geen garantie voor aanpassing van het plan.

Het kan dus voorkomen dat de beoogde plannen niet aan ieders verwachting voldoen. Dat betekent echter niet dat het participatieproces anders had moeten verlopen. Ook

Nota van zienswijzen” TAM-omgevingsplan Hoofstuk 22c, Buitengebied, Gronausestraat 328a te Glane”

als het participatietraject uitgebreider was doorlopen, betekent dat niet dat het plan gewijzigd of aangepast had moeten worden. B) Het is bij de gemeente bekend dat de Glanergrensweg al een aantal jaren onderwerp van gesprek is in Glane. Een aantal buurtbewoners ervaart verkeersoverlast en wil graag dat de Glanergrensweg wordt afgesloten voor doorgaand verkeer. Om duidelijkheid te krijgen over hoeveel verkeer er over deze weg gaat, is de gemeente op dit moment bezig met een verkeerstelling. Deze data is op dit moment nog niet beschikbaar. Voor het initiatief waartoe deze zienswijzenota behoort, vindt geen onderzoek naar de verkeerintensiteit plaats en is gebruik gemaakt van de op dit moment beschikbare gegevens Los daarvan is in het kader van het TAM-omgevingsplan uitgezocht of de inrit voor campers aan de Glanergrensweg onevenredige afbreuk doet aan de omgeving. De inrit aan de Glanergrensweg is de meest logische keuze voor toegang tot het terrein. Hierdoor hoeven campers niet het volledige erf te doorkruisen om hun tijdelijke staplaats te bereiken. Dit voorkomt verstoring van de werkzaamheden op het boerenbedrijf en beperkt de problemen met de beperkte manoeuvreerruimte op het erf. Verkeerskundig advies bevestigt dat de Glanergrensweg geschikt is als aan- en afrijroute.

Hoewel de Gronausestraat goede passeermogelijkheden biedt en direct aansluit op het openbare wegennet, is deze ontsluiting minder toegankelijk vanwege de beperkte ruimte op het erf en het intensieve gebruik van het erf voor agrarische werkzaamheden. De kuilvoerplaten zullen worden verplaatst, waardoor de doorgang aan het noordelijke deel van het erf minder toegankelijk wordt voor voertuigen. Hierdoor zal de inrit aan de Gronausestraat in de praktijk minder (kunnen) worden gebruikt. Ontsluiting via de Glanergrensweg is daarom efficiënter en ondersteunt een vlotte bedrijfsvoering. Via deze route is het erf goed en gemakkelijk bereikbaar, zonder belemmeringen voor de dagelijkse agrarische werkzaamheden. Hoewel de Glanergrensweg een smalle weg is, net als de toegangsweg vanaf de Gronausestraat, leidt dit niet tot onevenredige verkeersproblemen. De verkeersintensiteit op deze weg is laag en de bestaande beperkte breedte dwingt weggebruikers tot het aanpassen van het (rij)gedrag en een lagere snelheid, waardoor verslechtering van de verkeersveiligheid nauwelijks aan de orde is. Daarbij is de Glanergrensweg verboden voor doorgaand gemotoriseerd verkeer en dus bestemd voor bestemmingsverkeer, waaronder ook het adres Gronausestraat 328a in Glane valt. Het gebruik van deze weg ten gevolge van de ontwikkeling past daarmee binnen de bestaande verkeersfunctie.

C) Uit overleg met de provincie Overijssel blijkt dat de agrarische percelen ten onrechte als NNN-gebied zijn aangeduid. Deze aanduiding wordt gecorrigeerd. Daarnaast heeft de provincie geen negatieve effecten op het jong heide- en broekontginningslandschap aangegeven. De kleinschalige ontwikkeling heeft minimale invloed op dit landschap, en de provincie heeft geen bezwaar tegen de

Nota van zienswijzen” TAM-omgevingsplan Hoofstuk 22c, Buitengebied, Gronausestraat 328a te Glane”

voorgestelde plannen. Het project voldoet daarom aan de geldende wet- en regelgeving, en een aanvullend onderzoek naar alternatieven is niet nodig. D) Op het perceel aan de Gronausestraat 328a in Glane komen geen GOP's. GOP's zijn parkeerplaatsen speciaal voor kampeervoertuigen waar mensen maximaal 72 uur mogen blijven staan. Dit is iets anders dan een kleinschalig kampeerterrein. Op het betreffende perceel wordt een kleinschalig kampeerterrein gerealiseerd, waarvoor het huidige beleid en het Bestemmingsplan (nu Omgevingsplan) ruimte biedt. E) Op basis van de "Nota Verblijfsrecreatie Noordoost Twente" zijn er mogelijkheden om een kleinschalig kampeerterrein te realiseren, mits wordt voldaan aan specifieke voorwaarden. Deze voorwaarden omvatten onder andere een aantoonbare meerwaarde, brandveiligheid, ruimtelijke ordening, milieuaspecten en infrastructuur en parkeren. Daarnaast wordt ingezet op de versterking van bestaande kleinschalige kampeerterreinen boven nieuwvestiging. Echter, nieuwe aanvragen worden afzonderlijk beoordeeld en kunnen worden toegevoegd aan het verblijfsrecreatief aanbod als ze aan de gestelde toetsingscriteria voldoen. Deze ontwikkeling voldoet aan de voorwaarden uit het beleid.

Er is aangetoond dat het kleinschalig kampeerterrein aan de Gronausestraat 328a in Glane, aantoonbare meerwaarde heeft voor het verblijfsrecreatief aanbod, goed past binnen de geldende ruimtelijke ordening en voldoet aan de eisen op het gebied van brandveiligheid, milieu en infrastructuur. F) Er ligt nieuw beleid ten aanzien van verblijfsrecreatie. Dit beleid heet ‘Kaders verblijfsrecreatie gemeente Losser’. De beoogde ontwikkeling is hieraan getoetst en blijkt te voldoen aan de voorwaarden uit dit beleid. G) Het plan sluit goed aan bij het genoemde onderzoek en speelt duidelijk in op de specifieke behoeften die daarin worden gesignaleerd. Volgens het onderzoek uit 2023 blijkt dat er binnen Noordoost Twente met name voor de doelgroep "de rustzoeker" nog steeds meer vraag dan aanbod is. Uit het bedrijfsplan blijkt dat dit initiatief precies inspeelt op deze doelgroep door te voorzien in rust, ruimte en een verblijf in een landelijke omgeving. Bovendien onderscheidt dit plan zich nadrukkelijk van bestaande camperplaatsen in de gemeente Losser door de unieke ligging direct aan de Duitse grens en de aanwezigheid van aantrekkelijke fiets- en wandelroutes in de directe nabijheid. Daarmee voldoet het initiatief uitstekend aan de aanbeveling om onderscheidend te zijn en aan te sluiten op de wensen van specifieke doelgroepen.

H) Een camper of camperplaats is geen geurgevoelig object, omdat er geen sprake is van permanente bewoning. Geurgevoelige objecten betreffen doorgaans woningen of gebouwen waar langdurige blootstelling aan geurhinder onwenselijk is. Camperplaatsen zijn recreatieve voorzieningen voor kortstondig verblijf, waarbij gebruikers zich bewust zijn van de agrarische omgeving en de bijbehorende geur- en geluidsaspecten. Daarom kwalificeren camperplaatsen zich niet als geurgevoelig object.

Nota van zienswijzen” TAM-omgevingsplan Hoofstuk 22c, Buitengebied, Gronausestraat 328a te Glane”

Daarnaast zijn de VNG-richtafstanden niet van toepassing, omdat deze bedoeld zijn voor ruimtelijke scheiding tussen functies op aparte locaties. In dit geval maken de camperplaatsen integraal deel uit van de agrarische inrichting. I)

De ree is geen beschermde diersoort onder de Wet natuurbescherming. Hoewel de soort onder de algemene zorgplicht valt, geniet zij geen strikte bescherming. Het ecologisch onderzoek, uitgevoerd door een gekwalificeerd ecoloog, bevestigt dit en geeft geen reden om de conclusies in twijfel te trekken. Uit het onderzoek blijkt dat het plangebied hoofdzakelijk als foerageergebied dient voor verschillende diersoorten. De voorgenomen activiteiten schenden de Wet natuurbescherming niet, omdat er geen significante negatieve effecten worden verwacht op beschermde soorten of hun leefgebied. Bovendien heeft de afname van het gebruik als foerageergebied geen juridische consequenties, aangezien er voldoende alternatieve foerageergebieden in de omgeving beschikbaar zijn. Daarnaast blijkt uit het onderzoek dat het plangebied geen essentieel leefgebied vormt voor reeën. Er is geen aanwijzing dat de voorgenomen activiteiten de reeënpopulatie negatief beïnvloeden.

Conclusie De zienswijze geeft geen aanleiding om het plan aan te passen. Zienswijze 2 Samenvatting inhoud zienswijze A) Reclamant geeft aan dat er geen participatie heeft plaatsgevonden; B) Reclamant vraagt zich af of het landschapsplan wel juist is; C) Reclamant geeft aan dat punt D op de overzichtstekening nog agrarische grond betreft en dat dit geen bouwvlak is D) Reclamant vraagt zich af of er wel sprake is van herbouw/vervangen bedrijfsgebouw op de locatie van punt D, aangezien hier volgens reclamant nu illegale bebouwing staat. E) Reclamant geeft aan dat het te verplaatsen bouwvlak kleiner oogt dan de te realiseren camperplaats F) Reclamant wenst dat de beoogde beukhaag bij punt P landschappelijk wordt ingepast. Reclamant stelt dat een beukhaag niet in het landschappelijke karakter past. G) Reclamant vraagt zich af wanneer de grond gewijzigd is in agrarische grond. Het bestemmingsplan buitengebied is vastgesteld in 2013 H) Reclamant vraagt zich af waarom er in het bodemonderzoek niks is terug te vinden over de oorspronkelijke veenachtige en/of cultuurgrond met bijzondere biodiversiteit. I) Reclamant vraagt zich af of de veiligheid wordt gewaarborgd als de beoogde kuilvoerplaats tegen het bestaande bedrijfsgebouw wordt geplaatst. Ook vraagt reclamant zich af of het nadelige gevolgen heeft voor het aanrijden van hulpdiensten.

J) Reclamant geeft aan dat hij verwacht dat door de toename van het bestemmingsverkeer over de Glanergrensweg, de overlast wordt verergerd.

Nota van zienswijzen” TAM-omgevingsplan Hoofstuk 22c, Buitengebied, Gronausestraat 328a te Glane”

K) Reclamant geeft aan dat er in de publicatie van het besluit sprake is van de Gronausestraat 329a. In de publicatie wordt het juiste adres genoemd, maar ook het verkeerde adres. L) Dit in combinatie met de aanwezige hondenvereniging waar hondengeblaf en geschreeuw vandaan komt. M) Reclamant wenst dat de camperplaatsen niet via de Glanergrensweg worden ontsloten, omdat de ontsluiting via de Glanergrensweg volgens Reclamant geen rechtmatige ontsluiting betreft. N) Reclamant geeft aan dat er regelmatig kadavers onder een zeil liggen langs de ontsluiting naar de Glanergrensweg. O) Reclamant vraagt of het raadzaam is om te kijken naar een alternatieve locatie voor de camperplaats, namelijk ten noordoosten van het bedrijf. P) Reclamant geeft aan dat geluidcirkel betreffende de afstand van het plangebied tot de naastgelegen woonbestemming niet juist is. Reactie gemeente A) In de zienswijze staat dat er geen participatie is geweest. Er is echter wel geparticipeerd, want er zijn door de initiatiefnemer inspanningen gedaan om met de omwonenden in gesprek te gaan. Dat niet iedere omwonende is gesproken of dat een uitkomst niet aan de verwachtingen voldeed, betekent niet automatisch dat het proces anders had moeten verlopen of dat er niet geparticipeerd is. B) De zandweg in het verlengde van de Hogeveldweg is eigendom van de gemeente en hoort dus niet bij het agrarisch bedrijf.

In het landschapsplan moet dit aangepast/ duidelijker gemaakt worden. C) De grond bij punt D uit de situatietekening valt binnen het bouwvlak van het agrarisch bedrijf, en daar is bebouwing/ bouwen ten dienste van de bestemming of nevenactiviteit bij de bestemming toegestaan. D) De locatie van punt D uit de situatietekening bevindt zich binnen het bouwvlak. Binnen het bouwvlak mogen gebouwen worden gebouwd ten dienste van de agrarische bedrijfsvoering, wat betekent dat de huidige bebouwing legaal is. Hier mag een nieuw gebouw gebouwd worden of een bestaand gebouw vervangen/ herbouwd worden. E) Het te verplaatsen bouwvlak wordt één op één overgezet. De oppervlakte van het te verplaatsen bouwvlak en het beoogde bouwvlak is dus gelijk en wordt niet vergroot. F) In het landschapsplan staat dat er enkel een beukhaag wordt gerealiseerd, terwijl een houtwal of in ieder geval een gemengde haag een betere landschappelijk inpassing is. Het type beplanting zal aangepast moeten worden naar in ieder geval een gemengde haag, zodat de beplanting past bij het landschap.

Nota van zienswijzen” TAM-omgevingsplan Hoofstuk 22c, Buitengebied, Gronausestraat 328a te Glane”

G) Het bestemmingsplan buitengebied is vastgesteld in 2013. In dit bestemmingsplan kende de betreffende grond al de bestemming agrarisch-1. Daarnaast had het plangebied in het Bestemmingsplan 1992 al een agrarische bestemming met aanduiding ‘kernrandgebied’. Het perceel had- en heeft- geen waarde ‘natuur’ of bestemming ‘natuur’. H) Het bodemonderzoek richt zich op de kwaliteit van de bodem en of deze geschikt is voor het toekomstige gebruik. Het onderzoek is uitgevoerd volgens de daarvoor bedoelde richtlijnen. Uit de verrichte boringen volgt niet dat er sprake is geweest van veenachtige gronden. Daarnaast richt een dergelijk onderzoek zich niet op de biodiversiteit die hier al dan niet aanwezig is (geweest). I)

Met het verplaatsen van de kuilvoerplaats is het perceel nog steeds vanaf twee kanten bereikbaar voor hulpdiensten, namelijk vanaf de Glanergrensweg en vanaf de Gronausestraat. We voorzien geen problemen in de bereikbaarheid van dit perceel.

J) Overlast met betrekking tot de toename in verkeersbewegingen over de Glanergrensweg, zal naar verwachting geen onevenredige overlast veroorzaken. Het gaat hier om een kleine toename in bestemmingsverkeer, namelijk de gasten van de camperplaatsen. Het gaat om langzaam rijdend verkeer van grotere voertuigen (campers). Als er al een toename in geluid is, zal dit geen onevenredige overlast gaan veroorzaken. Er is geen aanleiding voor een uitgebreid akoestisch onderzoek. K) Het is duidelijk dat Gronausestraat 329a een verschrijving is. Daarnaast blijkt uit het TAM-omgevingsplan en de bijbehorende documenten dat het plan betrekking heeft op de Gronausestraat 328a. Wij bieden onze excuses aan voor deze verschrijving in de publicatie en zullen hier naar de toekomst toe scherper op letten. L) De Glanergrensweg betreft een bestaande inrit die zowel voor bedrijfsactiviteiten en woonactiviteiten, als voor de toekomstig nevenactiviteit(en) gebruikt mag worden. Dat de weg smal is en dat voertuigen elkaar moeizaam kunnen passeren, betekent niet dat dit onevenredige problemen oplevert. Dit is overigens ook bij de toegangsweg vanaf de Gronausestraat aan de orde. In de bestaande situatie moeten omwonenden en gebruikers van deze weg hun weggedrag hierop aanpassen. Dit leidt tot snelheidsverlaging en geen onveilige situaties.

We zien daarom ook geen reden om alternatieve aan- en afrijroutes te onderzoeken. Zie ook zienswijze 1, onder b. Mocht blijken dat de toename in verkeer toch leidt tot verkeersonveilige situaties dan kan voor de campers gedacht worden aan specifieke aankomsttijden op aankomstdagen om de verkeersdrukte te verlagen. M) Reclamant benoemt dat er nog een onderzoek loopt naar de rechtmatigheid van de ontsluiting van de Glanergrensweg. Belangrijk is dat de ontsluiting aan de Glanergrensweg aantoonbaar vóór 1989 aanwezig was. Dit betekent dat deze ontsluiting rechtmatig gebruikt kan worden voor zowel de bedrijfsactiviteiten als de

Nota van zienswijzen” TAM-omgevingsplan Hoofstuk 22c, Buitengebied, Gronausestraat 328a te Glane”

woonfunctie en toekomstige nevenactiviteiten. Het is daarom mogelijk om beide ontsluitingen – zowel via de Gronausestraat als via de Glanergrensweg – te benutten voor de bedrijfsvoering. N) Wij nemen dit ter kennisgeving aan. Het terrein moet in overeenstemming met de overzichtstekening worden ingericht. We gaan ervan uit dat daardoor deze vorm van overlast wordt verholpen. O) Hoewel meerdere locaties denkbaar zouden zijn, is specifiek om deze locatie verzocht. Wij hebben dit initiatief zorgvuldig getoetst en beoordeeld dat het op deze locatie ruimtelijk goed inpasbaar en aanvaardbaar is. Er is daarom geen aanleiding om alternatieve locaties te overwegen. P) De afstand tot het woonperceel bedraagt meer dan 50 meter. Daarmee wordt voldaan aan de richtafstand die op basis van de VNG-uitgave aangehouden moet worden. Het is dan ook aannemelijk dat ter plaatse van de woning sprake blijft van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Het door de reclamant bedoelde zitje- het deel van de tuin en het deel van de vijver binnen de functie ‘Natuur - Natuur en bos‘- is illegaal gerealiseerd en maakt geen onderdeel uit van het woonperceel. Hier hoeft dan ook geen rekening mee gehouden te worden bij de toetsing van de afstanden op basis van de VNG-uitgave. Conclusie De zienswijze geeft aanleiding om het plan op een aantal onderdelen aan te passen. De volgende aanpassingen zijn aangebracht: 1.

Het aangescherpte landschapsplan wordt als bijlage aan het bestemmingsplan toegevoegd, zowel als bijlage van de plantoelichting als van de planregels. Daarmee wordt er in hoofdstuk 3, onderdeel 3.1 en hoofdstuk 4 verwezen naar het aangescherpte landschapsplan als voorwaardelijke verplichting; 2. De nieuwe uitgangspunten van het landschapsplan worden benoemd in de plantoelichting van het bestemmingsplan (Hoofdstuk 4, paragraaf 4.3); Zienswijze 3 Samenvatting inhoud zienswijze A) Reclamant wenst dat de camperplaatsen niet via de Glanergrensweg worden ontsloten B) Reclamant geeft aan dat er nog een onderzoek loopt naar de rechtsgeldigheid van de inrit vanaf de Glanergrensweg naar het perceel aan de Gronausestraat 328a C) Reclamant geeft aan dat er nog een onderzoek loopt naar de verkeersintensiteit van de Glanergrensweg D) Reclamant geeft aan dat er geen participatie heeft plaatsgevonden.

Nota van zienswijzen” TAM-omgevingsplan Hoofstuk 22c, Buitengebied, Gronausestraat 328a te Glane”

Reactie gemeente A) In het kader van het TAM-omgevingsplan is uitgezocht of de ontwikkeling aan de Glanergrensweg in Glane verkeerskundig voor overlast/ onevenredige afbreuk zorgt. Het gebruik van de inrit aan de Glanergrensweg is gezien de locatie van de ontwikkeling het meest voor de hand liggend, omdat de campers via deze inrit niet het hele erf over hoeven om hun tijdelijke staplaats te bereiken. Bovendien zullen er naar verwachting geen problemen ontstaan wanneer de Glanergrensweg als ontsluiting wordt gebruikt, gelet op de huidige en/of te verwachten hoeveelheid verkeersbewegingen en de huidige categorisering van de weg als erftoegangsweg. Zie ook de reactie onder zienswijze 1, onder b. B) De inrit aan de Glanergrensweg is aanwezig vanaf 1989 en is rechtsgeldig. Er loopt dus geen onderzoek (meer) bij de gemeente naar de rechtsgeldigheid van deze inrit. Zie ook uitleg bij zienswijze 2, onder m. C) De Glanergrensweg is een weg die opengesteld is voor bestemmingsverkeer, en ook zodanig gebruikt mag worden. De Glanergrensweg mag in die hoedanigheid ook gebruikt worden als aanrijroute voor campers naar de camperplaatsen op Gronausestraat 328a. De campers worden dan ook gezien als bestemmingsverkeer. Zie ook uitleg bij zienswijze 1, onder b.

Momenteel wordt er op de Glanergrensweg een verkeersmeting uitgevoerd om te kunnen beschikken over actuele objectieve data in verband met een voorliggend verzoek tot fysiek afsluiten van de weg. Deze data is op dit moment nog niet beschikbaar. Voor het initiatief waartoe deze zienswijzenota behoort, vindt geen onderzoek naar de verkeerintensiteit plaats en is gebruik gemaakt van de op dit moment beschikbare gegevens. D) In de zienswijze staat dat er geen participatie heeft plaatsgevonden. Er is echter wel degelijk geparticipeerd, want er zijn door de initiatiefnemer inspanningen gedaan om met de omwonenden in gesprek te gaan. Uit de zienswijze begrijpen wij dat niet met reclamant is gesproken over deze ontwikkeling. Dat niet iedereen gesproken is, of dat niet iedere uitkomst voor iedereen aanvaardbaar is, betekent niet automatisch dat het proces anders had moeten verlopen of dat er niet geparticipeerd is. Conclusie De zienswijze geeft geen aanleiding om het plan aan te passen.

Nota van zienswijzen” TAM-omgevingsplan Hoofstuk 22c, Buitengebied, Gronausestraat 328a te Glane”

3. Wijzigingen De ingekomen zienswijzen hebben geleid tot enkele wijzigingen in de toelichting en de regels van het TAM-omgevingsplan. Hierna volgt een overzicht van de wijzigingen ten opzichte van het ontwerp TAM-omgevingsplan die het gevolg zijn van de ingekomen zienswijzen: Toelichting 

 

Het landschapsplan wordt aangescherpt en als bijlage aan het TAM-omgevingsplan toegevoegd en als bijlage van de plantoelichting. Onderdelen die in het landschapsplan gewijzigd worden zijn: o De zandweg in het verlengde van de Hogeveldweg zal op het landschapsplan duidelijker worden aangegeven als niet behorend bij het agrarisch bedrijf. o De beukhaag in het landschapsplan zal vervangen worden tot in ieder geval een gemengde haag of een houtwal. De nieuwe uitgangspunten van het landschapsplan worden benoemd in de plantoelichting van het TAM-omgevingsplan (paragraaf 4.3 en bijlage 1). De tekst onder paragraaf 5.2.4, artikel 4.58 en paragraaf 9.1.3 zal worden aangepast waarin benoemd wordt dat de aanduiding van het NNN-gebied ter plaatse van de planlocatie wordt gecorrigeerd door de Provincie Overijssel.

Regels 

Het landschapsplan wordt aangescherpt en als bijlage aan het TAM-omgevingsplan en als bijlage van de regels toegevoegd. Via Hoofdstuk 3 en Hoofdstuk 4 in de toelichting wordt verwezen naar het aangescherpte landschapsplan als voorwaardelijke verplichting.

Nota van zienswijzen” TAM-omgevingsplan Hoofstuk 22c, Buitengebied, Gronausestraat 328a te Glane”

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Losser&id=31a67543-4fce-429b-8b00-4231cd53bac0