CConstaterende datLosser
Koppel je AI →
Document · PDF

Facetregeling kruimelgevallen_Bijlage toelichting

Raadsvergadering 17 september 2024, gemeente LosserBij agendapunt: Gewijzigd vaststellen bestemmingsplan Facetregeling Kruimelgevallen1.432 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

bestemmingsplan Facetregeling kruimelgevallen vastgesteld

bestemmingsplan Bijlage toelichting

Facetregeling kruimelgevallen vastgesteld

bestemmingsplan Facetregeling kruimelgevallen

Inhoudsopgave

Bijlage toelichting

5

Bijlage 1

7

Nota van zienswijzen

3

bestemmingsplan Facetregeling kruimelgevallen

4

bestemmingsplan Facetregeling kruimelgevallen

Bijlage toelichting

5

bestemmingsplan Facetregeling kruimelgevallen

6

bestemmingsplan Facetregeling kruimelgevallen

Bijlage 1 Nota van zienswijzen

7

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen met betrekking tot het ontwerp van het bestemmingsplan “Facetregeling kruimelgevallen”

1. Inleiding 1.1 Procedure en opzet De Omgevingswet is met ingang van 1 januari 2024 in werking getreden. Als gevolg daarvan is de kruimelgevallenregeling zoals in het Besluit omgevingsrecht was opgenomen komen te vervallen. Het voorliggende bestemmingsplan ziet op een regeling dat hiervoor in de plaats komt. Met deze regeling is het blijvend mogelijk om op een relatief eenvoudige manier medewerking te verlenen om voor deze kleinere gevallen van het omgevingsplan af te wijken. Het ontwerp van het bestemmingsplan “Facetregeling kruimelgevallen” en de bijbehorende stukken hebben met ingang van 30 november 2023 voor een periode van zes weken voor een ieder ter inzage gelegen. Er zijn gedurende deze periode twee zienswijzen ingediend. In deze nota zijn deze zienswijzen samengevat, voorzien van een reactie en een conclusie. Daarnaast zijn aan het plan nog een aantal ambtshalve wijzigingen aangebracht. Door het ontwerp van het bestemmingsplan vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet ter inzage te leggen gaat de daarin opgenomen regeling onderdeel uitmaken van het (tijdelijk) omgevingsplan. 1.2 Wet bescherming persoonsgegevens Sinds 25 mei 2018 is de Algemene verordening gegevensbescherming (Avg) van toepassing. Om deze reden worden in deze zienswijzennota geen NAW-gegevens vermeld. Deze nota wordt als onderdeel van de besluitvorming op internet gepubliceerd.

In verband met de Avg zijn de zienswijzen daarom geanonimiseerd. De werking van de Avg strekt zich niet uit tot gegevens omtrent natuurlijke personen, die behoren tot een rechtspersoon. Dit geldt bijvoorbeeld ook voor stichtingen of verenigingen. Deze namen zijn daarom niet geanonimiseerd. Dit geldt ook voor personen die beroepsmatig betrokken zijn bij de procedure (namen van advocaten, gemachtigden en dergelijke). 1.3 Ingediende zienswijzen Er zijn twee zienswijzen ingediend. Het gaat om de volgende zienswijzen: • zienswijze van Enexis (reclamant 1) d.d. 8 januari 2024 met kenmerknummer 24.0000700; • zienswijze van Gasunie (reclamant 2) d.d. 9 januari 2024 pro-forma met kenmerknummer 24.0001202 en d.d. 14 februari 2024 aangevuld met kenmerknummer 24.0004827. De zienswijzen zijn tijdig ingediend en derhalve ontvankelijk. De zienswijzen worden hierna onder punt 2 besproken. 1.4 Ambtshalve wijzigingen De ambtshalve wijzigingen wordt onder punt 3 nader toegelicht.

1

2. Zienswijzen 2.1 Zienswijze reclamant 1 Samengevat Door reclamant wordt concreet gevraagd om - in het belang van de energietransitie - de binnenplanse afwijkingsmogelijkheid te verruimen van een oppervlakte van 50 m² naar 60 m². Door reclamant wordt deze concrete vraag van een nadere inleiding voorzien en wordt een toelichting gegeven op de taak en de doelstelling van het bedrijf. De nut en noodzaak om de planregeling te verruimen naar maximaal 60 m² heeft met de vaste oppervlaktematen te maken van de transportverdeelstations die worden toegepast: • een 13-veld transportverdeelstation heeft een oppervlakte van 37 m²; • een 19-veld transportverdeelstation een oppervlakte van 49,5 m², en • een 23-veld transportverdeelstation een oppervlakte van 59 m². De eerste twee categorieën werden vaak vergund met de kruimelgevallenregeling, maar niet voor het 23-veld transportverdeelstation omdat deze groter is dan 50 m². Deze maximale oppervlakte kan worden verruimd naar 60 m² omdat de ruimtelijke uitstraling en effecten vergelijkbaar zijn met die van de andere typeverdeelstations. Bovendien is in het plan een afwegingskader opgenomen die voldoende waarborg biedt dat sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Deze verruiming zorgt voor een vereenvoudigd vergunningenproces en vermindering van procedurele lasten.

Gelet op vorenstaande komt reclamant tot de conclusie dat verruiming naar 60 m² de gestelde doelen van de energietransitie ten goede komt. Beoordeling Wij kunnen ons volledig vinden in de zienswijze van reclamant en hebben de maximale oppervlakte in de planregels verruimd naar 60 m². De reden dat wij deze verruiming mogelijk maken heeft ermee te maken dat het afwegingskader zoals in het bestemmingsplan is opgenomen voldoende waarborg is dat aan een goede ruimtelijke ordening wordt voldaan. De verruiming naar 60 m² kan mogelijk in bepaalde situaties wel degelijk een dusdanig impact hebben dat dit onevenredige negatieve ruimtelijke effecten kan hebben. Met vorengenoemde afwegingskader die in het bestemmingsplan is opgenomen wordt dit voorkomen. Conclusie De zienswijze geeft aanleiding het plan aan te passen. De maximale oppervlakte wordt vergroot naar 60 m².

2.2 Zienswijze reclamant 2 Samengevat Door reclamant wordt afgevraagd of voldoende rekening is gehouden met het Besluit externe veiligheid buisleidingen. Dit vanwege de bepaling die in artikel 2 van het bestemmingsplan is opgenomen. Dit artikel betreft een voorrangsbepaling en stelt dat in het geval van strijdigheid de meest ruime regeling bij recht of bij afwijking van toepassing is. Door reclamant wordt verondersteld dat dit kan leiden tot situaties waarbij afwijkingen voorrang krijgen op vigerende planregelingen die de externe veiligheid beoogt te beschermen. Door reclamant wordt gevraagd naar een nadere toelichting op deze voorrangsbepaling en of deze bepaling moet worden gezien als een schakelbepaling. En in het geval sprake is van een schakelbepaling dan wordt door reclamant afgevraagd of deze bepaling voldoende duidelijk en concreet is, dit uit oogpunt van rechtszekerheid.

2

Voorts wordt door reclamant ingegaan op de voorwaarden van het afwegingskader zoals die in het bestemmingsplan is opgenomen. In de onderliggende geldende bestemmingsplannen is langs de buisleidingen een belemmeringenstrook opgenomen. Gevraagd wordt om het afwegingskader zodanig aan te passen dat er geen aantasting mag plaatsvinden van buisleidingen, dat het woord “onevenredig” uit deze bepaling wordt geschrapt en dat door het college vooraf schríftelijk advies wordt ingewonnen bij de leidingbeheerder. Deze aanpassing is nodig omdat reclamant van mening is dat het afwegingskader zoals in het ontwerpplan is opgenomen een beoordelingsvrijheid bevat die niet door het Besluit externe veiligheid buisleidingen wordt geboden. Om de veiligheidsaspecten ten aanzien van gastransportleiding te waarborgen wordt verzocht om een bepaling op te nemen waarin wordt bepaald dat de dubbelbestemming “Leiding-Gas” bij samenvallen met andere bestemmingen voorrang krijgt. Beoordeling Met het voorliggende bestemmingsplan wordt een binnenplanse vergunningplicht toegevoegd aan de bestaande planregels van de verschillende bestemmingsplannen die voor deze gemeente gelden. De planregels van die verschillende bestemmingsplannen worden gerespecteerd en worden met deze regeling dus niet vervangen.

Ook de dubbelbestemming “Leiding-Gas” in de onderliggende bestemmingsplannen en de daarmee samenhangende planregelingen worden met voorliggend bestemmingsplan niet gewijzigd. Wel wordt met de voorrangsbepaling die in het bestemmingsplan is opgenomen duidelijk gemaakt dat, in het geval er sprake is van strijdigheid of overlapping van regels, de meest gunstige planregeling voorrang heeft. Deze voorrangsregeling betekent niet dat daarmee de externe veiligheid van buisleidingen niet langer adequaat zou zijn beschermd. Door reclamant wordt voorbij gegaan dat in het proces van vergunningverlening sprake van een integrale afweging van belangen. Er is in het plan een afwegingskader opgenomen die dusdanig is dat de externe veiligheid voldoende is gewaarborgd. Gelet hierop zien wij geen reden om in het plan aanvullende voorwaarden op te nemen. Tot slot wordt opgemerkt dat de voorliggende planregeling niet meer is dan de mogelijkheden van vergunningverlening ten aanzien van kruimelafwijkingen zoals die onder de oude wetgeving al kon worden toegepast. Wel zijn wij met reclamant van mening dat omgevingsveiligheid (in de meest brede zin) in het omgevingsplan op een goede manier moet worden geborgd. Dit krijgt in het kader van het opstellen van een omgevingsplan die voor het gehele grondgebied van de gemeente nog moet worden opgesteld nadere uitwerking.

Conclusie De zienswijze geeft geen aanleiding het plan aan te passen.

3. Ambtshalve wijziging De volgende wijzigingen zijn doorgevoerd ten opzichte van het ontwerpplan: • In artikel 4.1 onder b is de tekst “…en het bebouwingsoppervlak op het bij het oorspronkelijke hoofdgebouw behorende achtererfgebied en zij-erf niet meer dan 50% van de oppervlakte van dit gebied mag bedragen “ vervangen door “…en het bebouwingsoppervlak niet meer dan de helft van het bebouwingsgebied mag bedragen “. Deze aanpassing is gedaan om de leesbaar van de planregeling te vergroten. • Aan artikel 1 is onder 1.9 het begrip “bebouwingsgebied” toegevoegd. De uitleg over het begrip bebouwingsgebied is toegevoegd in verband met de aanpassing van vorengenoemde wijziging waarmee de term bebouwingsgebied wordt geïntroduceerd. • In artikel 4.1 onder b wordt de term “woningen” vervangen door “hoofdgebouw”. De term hoofdgebouw heeft zowel betrekking op een (burger)woning als op een bedrijfswoning. • Aan artikel 4.1 is onder h de mogelijkheid toegevoegd om onder voorwaarden van het omgevingsplan af te wijken ten behoeve van het plaatsen van een woonunit voor een maximale duur van 2 jaar. Het gaat om veelvoorkomende verzoeken met een beperkt ruimtelijk effect.

3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Losser&id=a16218fd-674d-4517-b179-c85fefd605e3