Coalitieakkoord Losser 2026-2030
Tekst van het document
COALITIEAKKOORD Gemeente Losser 2026 – 2030
Samen bouwen aan een krachtige gemeente Verbindend besturen voor alle inwoners
INLEIDING
Voorwoord Losser is een gemeente van sterke dorpen. Losser, De Lutte, Glane, Beuningen en Overdinkel hebben ieder hun eigen karakter, geschiedenis en gemeenschapskracht. Inwoners, ondernemers, verenigingen, vrijwilligers en dorpsraden dragen onze gemeente. Zij zorgen voor leefbaarheid, ontmoeting, ondernemerschap en betrokkenheid. Die kracht van de samenleving is het vertrekpunt van dit coalitieakkoord. Dit coalitieakkoord is het gezamenlijke bestuursprogramma van Burgerforum, CDA en VVD voor de raadsperiode 2026–2030. Het biedt een gemeenschappelijke koers, gebaseerd op gedeelde ambities en een realistisch beeld van wat de gemeente de komende jaren kan waarmaken. Losser staat voor grote opgaven. Woningbouw, fijn en veilig kunnen leven, behoud van voorzieningen, betaalbare passende zorg en gezonde financiën vragen om scherpe keuzes. En een bestuur dat ambitie verbindt aan uitvoerbaarheid. Die opgaven staan niet op zichzelf. Twente groeit richting 2050. Dat betekent meer woningen, meer banen, meer mobiliteit en meer druk op de beschikbare ruimte. Ook Losser krijgt daarmee te maken. Niet omdat alles en iedereen hier moet en kan ‘landen’. Wel omdat regionale ontwikkelingen invloed hebben op onze dorpen, ons buitengebied, onze woningmarkt en onze bereikbaarheid. Als we dit goed aanpakken, biedt dit kansen. Tegelijk verandert onze eigen, Losserse samenleving.
Door vergrijzing groeit de behoefte aan passende woningen, mantelzorg, Wmoondersteuning (en financiering), ontmoeting en toegankelijke voorzieningen, liefst op pantoffelafstand. We willen ook graag dat jongeren en jonge gezinnen in Losser wonen, waar dat nu soms moeilijk is door gebrek aan (betaalbare) woonruimte. Dat alles raakt de manier waarop wij onze dorpen inrichten en voorzieningen behouden. Er zijn ook beloftes en ambities. Maar eerlijk, niet alles kan, en zeker niet tegelijk. Daarom kijken wij bij besluiten niet alleen naar de wensen of eerdere beloftes, maar ook naar de huidige haalbaarheid, betaalbaarheid, maatschappelijke meerwaarde. En de gevolgen op de lange termijn. Vanuit die gedachte werken wij in brede samenwerking aan een Lange Termijn Agenda +, waarbij de 'plus’ over de bestuursperiode heen gaat. Wij besturen met een koersvaste blik vooruit, zodat keuzes van vandaag ècht bijdragen aan een sterk en leefbaar Losser in het ‘nu, straks en later’. Wij kiezen als samenwerkende partijen voor een eigen bestuursstijl van rust, betrouwbaarheid en uitvoeringskracht. Goed bestuur begint voor ons bij duidelijke keuzes en bij betrouwbaarheid door het nakomen van afspraken en beloftes. En over eerlijk zijn over wat wel en (nu) niet mogelijk is.
Inwoners moeten kunnen rekenen op een gemeente die dicht bij hen staat, helder communiceert, zelf de juiste procedures netjes volgt en zichtbaar aanwezig is in de dorpen. Deze coalitie is ervan overtuigd dat de kracht van Losser, De Lutte, Glane, Beuningen en Overdinkel, de diverse buurtschappen en het buitengebied ligt in de samenleving zelf. Inwoners, ondernemers, verenigingen en dorpsraden zijn voor ons daarom belangrijke partners. Zeker in tijden van financiële krapte. Wij willen hen vroegtijdig betrekken bij keuzes die hun leefomgeving raken en we willen duidelijk zijn over waar en welke invloed mogelijk is. Respect voor de rol van de gehele gemeenteraad is ook iets wat we graag expliciet benoemen: een brede coalitie als deze vraagt om openheid, zorgvuldige besluitvorming en ruimte voor debat en tegenspraak. En om gezamenlijke betrokkenheid van coalitie en oppositie bij visies, veranderingen en vraagstukken.
Pagina | 1
Met dit akkoord leggen Burgerforum Losser, CDA gemeente Losser en VVD gemeente Losser een gezamenlijke stabiele basis voor een betrouwbare, zelfstandige en toekomstgerichte gemeente. Een gemeente die afspraken nakomt, focus houdt op uitvoering, realistisch is en dichtbij inwoners, ondernemers en verenigingen staat. En die werkt aan een sterk en leefbaar Losser voor huidige en toekomstige generaties.
Namens de coalitiepartijen, Losser juni 2026 Harold Sligman
Burgerforum
Paul Elferink
CDA
Janice Meerenburgh
VVD
Pagina | 2
Inhoud 1. Betrouwbaar besturen ............................................................................................................................... 4 2. Toekomstbestendig wonen en leven ........................................................................................................... 6 2.1 Wonen ................................................................................................................................................. 6 Wat willen we bereiken?............................................................................................................................. 6 Wat gaan we doen?.................................................................................................................................... 6 Wat zijn de belangrijkste resultaten? .......................................................................................................... 6 2.2 Leefbaarheid en voorzieningen ............................................................................................................. 7 Wat willen we bereiken?............................................................................................................................. 7 Wat gaan we doen?....................................................................................................................................
7 Wat zijn de belangrijkste resultaten? .......................................................................................................... 8 3. Toekomstbestendig sociaal domein ........................................................................................................... 9 Wat willen we bereiken? .............................................................................................................................. 9 Wat gaan we doen? ..................................................................................................................................... 9 4. Buitengebied en landbouw in balans ......................................................................................................... 12 Wat willen we bereiken?............................................................................................................................ 12 Wat gaan we doen?................................................................................................................................... 12 Wat zijn de belangrijkste resultaten? ......................................................................................................... 13 5. Economie, Ondernemen en Werkgelegenheid............................................................................................
14 Wat willen we bereiken?............................................................................................................................ 14 Wat gaan we doen?................................................................................................................................... 14 Ondernemen en economie .................................................................................................................... 14 Detailhandel en centrumontwikkeling .................................................................................................... 15 Bedrijventerreinen ................................................................................................................................ 15 Recreatie en toerisme ........................................................................................................................... 15 Wat zijn de belangrijkste resultaten? ......................................................................................................... 15 6. Financieel gezond Losser .......................................................................................................................... 16 7. Lange Termijn Agenda Plus 2026-2045....................................................................................................... 18 8.
Wethouders en portefeuilleverdeling ......................................................................................................... 19
Pagina | 3
DEEL I – VISIE EN UITGANGSPUNTEN
1. Betrouwbaar besturen Deze coalitie van Burgerforum, CDA en VVD kiest nadrukkelijk voor een bestuursstijl van rust, realisme, betrouwbaarheid en uitvoeringskracht. In de traditie van Johan Rudolf Thorbecke geloven wij in een overheid die helder is over rollen, verantwoordelijkheden en keuzes. Voor Burgerforum, CDA en VVD begint goed bestuur bij betrouwbaarheid. Afspraak is afspraak. De gemeente moet doen wat zij zegt, helder uitleggen wat wel en niet kan en inwoners betrekken op het moment dat ze nog invloed kunnen uitoefenen. Goed lokaal bestuur vraagt ook om bestuurlijke stabiliteit, duidelijke kaders. Geen grote beloftes, wel realisme in de uitvoering. En dat moet: gemeenten, zo ook Losser, staan de komende jaren voor een groeiende spanning tussen toenemende maatschappelijke opgaven die vaak met elkaar samenhangen, financiële krapte en schaarste aan ambtelijke capaciteit. Waardoor scherpere keuzes, realistische planning en focus op samenhang en uitvoerbaarheid noodzakelijk zijn. Bij grote keuzes kijken we daarom niet alleen naar de inhoud van een voorstel, maar ook of het financieel haalbaar is, ambtelijk uitvoerbaar is, maatschappelijk gedragen kan worden en of het past binnen de lange termijn ontwikkeling van Losser. We realiseren ons: we moeten eerlijk zijn over 'beloftes uit het verleden'.
Er zullen onmiskenbaar plannen zijn die in het licht van de huidige financiële situatie en de nadrukkelijke lijn van rust in de portemonnee van onze inwoners, geen of beperkt doorgang kunnen vinden. Dat is gewoonweg het eerlijke verhaal. Vanuit de principes van opgavegericht werken, die ook terug te vinden zijn in dit akkoord, kijken wij niet naar losse dossiers of postzegelplannen, maar in samenhang naar maatschappelijke en ruimtelijke vraagstukken. Met een scherp oog voor het ‘nu’, ‘straks’ en ‘later’. Daarbij komt, ons speelveld is geen ‘greenfield’; we hebben ons te verhouden tot landelijke en regionale regels en opgaven, en tot aangegane verplichtingen uit eerdere bestuursperioden waaraan we juridisch gebonden zijn. Benutten van de kracht van de samenleving Burgerforum, CDA en VVD geloven in de kracht van de samenleving. Inwoners, dorpen, verenigingen, ondernemers, maatschappelijke organisaties en dorpsraden zijn geen buitenstaanders, maar partners. Hun kennis, betrokkenheid en organiserend vermogen zijn nodig om opgaven goed aan te pakken. Daarom hoort bij deze bestuurscultuur een gemeente die dichtbij is, luistert, zichtbaar is in de dorpen en eerlijk duidelijk maakt waar inwoners invloed op hebben. Wij kiezen voor een open bestuursstijl.
Daarom betrekken we inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties bij onderwerpen die hen raken, als dat mogelijk en zinvol is. We zijn daarbij vooraf duidelijk over de ruimte die er is voor invloed: gaat het om meedenken, meedoen of meebeslissen? Zo weet iedereen waar hij of zij aan toe is. Lange Termijn Agenda Plus (LTA+) Deze coalitie werkt samen met de raad aan een Lange Termijn Agenda +, waarbij de “plus” staat voor een koersvaste blik van minimaal tien jaar vooruit: goed openbaar bestuur vraagt volgens ons om maatschappelijke stabiliteit door consistente lange termijn sturing, zodat besluiten van vandaag ècht bijdragen aan duurzame kwaliteit van wonen, voorzieningen, leefbaarheid en financiële gezondheid voor toekomstige generaties. Duidelijke bestuursstijl passend bij een brede coalitie Wij bouwen aan een wendbare organisatie en een transparant bestuur dat dichtbij inwoners staat, zichtbaar is in de dorpen en keuzes uitlegt voordat besluiten onomkeerbaar zijn. Daarbij horen duidelijke omgangsvormen: openheid, aanspreekbaarheid, bestuurlijke betrouwbaarheid, zorgvuldigheid in procedures en respect voor dualisme. Raad, college en organisatie kennen ieder hun eigen rol en versterken elkaar daarin.
Pagina | 4
Bij een brede coalitie hoort extra zorgvuldigheid. De rol van de oppositie, tegenspraak en controle door de hele Raad blijven wezenlijk voor goede besluitvorming. Goed bestuur draait niet alleen om meerderheden organiseren, maar ook om het wegen van alle perspectieven, draagvlak, transparantie en democratische legitimiteit. De gemeenteraad wordt vroegtijdig in positie gebracht, zodat zij haar kaderstellende rol goed kan uitvoeren. Niet pas als keuzes feitelijk al gemaakt zijn, maar aan ‘de voorkant’ bij de prioritering, fasering, financiële ruimte, risico’s en maatschappelijke effecten. Wij kiezen daarmee voor een bestuursstijl van rust, openheid en uitvoeringskracht. Dat helpt om ambitie en realisme aan elkaar te verbinden; niet alles kan tegelijk en niet iedere wens kan direct worden uitgevoerd. Juist daarom maken we keuzes zorgvuldig, leggen we dilemma’s eerlijk op tafel en houden we focus op wat haalbaar, nodig en uitvoerbaar is. Toegankelijke gemeente Dienstverlening van de gemeente hoort dichtbij, toegankelijk en gastvrij te zijn voor al onze inwoners, verenigingen en ondernemers. We versterken de toegankelijke gemeentelijke dienstverlening met persoonlijk contact, duidelijke aanspreekpunten, dorpsondersteuning én een goede digitale ondersteuning.
Pagina | 5
2. Toekomstbestendig wonen en leven De gemeente Losser wil dorpen die leefbaar, herkenbaar en toekomstbestendig zijn. Dorpen waar inwoners prettig wonen, elkaar ontmoeten en gebruik kunnen maken van voorzieningen. Dit vraagt om een samenhangende aanpak van wonen, leefbaarheid en voorzieningen, waarbij per kern maatwerk wordt geleverd en de eigen identiteit benadrukt wordt en centraal blijft staan. Daarbij moeten keuzes worden gemaakt over de schaarse ruimte die er is, ook in het kader van de regionale ontwikkelingen die er op dit moment spelen. De LTA+ helpt daarin volgorde, fasering, financiële dekking en uitvoeringskracht scherp te bepalen. We bouwen voort op de kracht van onze dorpen: sterke gemeenschappen, actief verenigingsleven en betrokken inwoners. Tegelijkertijd pakken we de opgaven die voor ons liggen gericht en gefaseerd aan: het verlichten van de druk op de woningmarkt, het toekomstbestendig maken van voorzieningen en het verbeteren van de kwaliteit van de openbare ruimte.
2.1 Wonen Wat willen we bereiken? Wij willen dat inwoners in hun eigen dorp kunnen blijven wonen en doorstromen naar een passende woning. Daarom zetten we in op een beschikbaar en betaalbaar woningaanbod voor starters, talent, gezinnen en senioren, met behoud van de leefbaarheid. Nieuwe woningbouw koppelen we aan voorzieningen, bereikbaarheid en een passende leefomgeving, afgestemd op de behoefte per kern.
Wat gaan we doen? We gaan actief grondbeleid voeren, we verkennen nieuwe mogelijke ontwikkellocaties die nog niet in beeld waren en gebruiken dit om gericht te sturen op (gefaseerde) woningbouw die past bij de behoefte van onze inwoners en dorpen. Daarbij geven we prioriteit aan bouwen voor eigen inwoners en zorgen we voor een goede mix van woningen in iedere kern. Specifiek zetten we in op jonge gezinnen en passende woningen voor ouderen om doorstroming te bevorderen. Juridische instrumenten die daarvoor nodig zijn worden ingezet. Wij versnellen de woningbouw door slim, datagedreven en innovatief te bouwen, waarbij we regionale data en nieuwe bouwmethoden inzetten om sneller en betaalbaarder en duurzamer woningen te realiseren in een sterke leefomgeving. Daarnaast versimpelen we vergunningscriteria: vergunningsvrij wat kan, vergunningsplichtig wat moet. Verder kiezen wij ervoor om tempo te maken in de woningbouw en daarbij zorgvuldig afwegingen te maken wanneer verschillende belangen elkaar raken. Wij gaan voor snelheid en betaalbaarheid in de woningbouw, wat kan betekenen dat we soms op andere terreinen een deel van onze ambities moeten temperen. We faciliteren doorstroming door een passend woningaanbod. Daarbij geven we prioriteit aan wonen voor jonge gezinnen en senioren.
Ook bieden we ruimte aan flexibele woonvormen, zoals mantelzorgwoningen, woningsplitsing en geclusterde woonconcepten. ‘Tiny houses’ behoren daar nadrukkelijk niet toe. Binnen de LTA+ prioriteren we op uitbreidingslocaties zoals het Hannekerveld en De Lutte Noord, en als het kan ook in locaties in Beuningen en Glane. Verder zetten we in op herontwikkelingslocaties in alle kernen, die gefaseerd worden uitgewerkt in een LTA+. Tegelijkertijd blijven we starters ondersteunen via de starterslening en stimuleren we verduurzaming voor onze inwoners. Binnen de ambtelijke organisatie komt meer focus op een samenhangende ruimtelijke ordening.
Wat zijn de belangrijkste resultaten? We willen een groter woningaanbod dat sneller en beter aansluit bij de vraag van inwoners. Mensen kunnen binnen hun eigen dorp een passende woning vinden, waardoor de doorstroming op gang komt en dorpen in balans blijven.
Pagina | 6
Woningbouwprojecten versterken de kwaliteit van de leefomgeving, doordat ze worden gecombineerd met verbeteringen in de openbare ruimte en voorzieningen. Zo dragen nieuwe ontwikkelingen zichtbaar bij aan de toekomstbestendigheid van de dorpen en het bouwen aan gemeenschappen.
2.2 Leefbaarheid en voorzieningen Wat willen we bereiken? Wij willen dorpen waar inwoners zich thuis voelen en elkaar kunnen ontmoeten. Iedere kern beschikt over passende voorzieningen en een veilige, aantrekkelijke leefomgeving met goed ingerichte openbare ruimte en voldoende groen. We zorgen dat voorzieningen toekomstbestendig blijven, zodat kwaliteit en gebruik ook op langere termijn geborgd zijn.
Wat gaan we doen? We investeren en faciliteren gericht in voorzieningen die een centrale rol spelen in het dagelijks leven van inwoners. Dat betekent dat we dorpshuizen en multifunctionele accommodaties realiseren, zoals de ontwikkeling van de multifunctionele accommodatie (MFA) in Beuningen en De Lutte. We werken gebiedsgericht en maken per dorp duidelijke keuzes. Zo wordt de centrumontwikkeling van Losser vanuit één samenhangende regie opgepakt. Voor Overdinkel kiezen we voor gebiedsregie met prioriteit voor woningmix, dorpshart, openbare ruimte, veiligheid en voorzieningen. De uitwerking krijgt een plek in de LTA+, met fasering, uitvoeringskracht en financiële dekking. Voor voorzieningen kiezen we niet voor een optelsom van projecten, maar voor een volgorde op basis van urgentie, maatschappelijke waarde, financiële haalbaarheid en uitvoeringskracht. We kiezen ervoor om functies en voorzieningen vaker te clusteren op plekken waar zij elkaar versterken. Voor de Aloysiuslocatie betekent dit dat de ontwikkeling als zelfstandig cultureel centrum in de huidige vorm stopt. De maatschappelijke behoefte aan cultuur en ontmoeting, evenals een goede invulling van het gebouw blijft bestaan. Het voor de Aloysius beschikbare budget blijft geoormerkt voor een haalbare invulling van deze locatie.
Binnen de LTA+ onderzoeken we hoe cultuur en ontmoeting in Losser een passende plek kunnen krijgen, bijvoorbeeld door clustering met andere voorzieningen, beter gebruik van bestaande locaties of een andere haalbare invulling van het Aloysiusgebouw. Een definitieve keuze maken we op basis van maatschappelijke meerwaarde, karakteristieke kwaliteit, financiële haalbaarheid, structurele lasten, uitvoeringskracht en risico’s. Daarnaast willen we de leefbaarheidsambitie zichtbaar terugbrengen in de dorpen. Binnen de LTA+ kijken we daarom ook naar concrete, uitvoerbare ruimtelijke investeringen met beperkte financiële impact en veel maatschappelijke waarde, zoals verbeteringen op en rond de sportparken in Overdinkel en Losser, ontmoetingsplekken in de dorpen en de herinrichting en verkeersveiligheid in Glane. Ook investeren we in de kwaliteit van de openbare ruimte. Zo werken we aan een aantrekkelijker en levendiger centrum van Losser, o.a. door de revitalisering van omgeving van de Brink, en versterken we de groene leefomgeving in de dorpen, zoals het Luttermolenveld in De Lutte. Voor de groene inrichting in onze kernen geven wij de voorkeur aan een verzorgd en representatief beeld door adequaat onderhoud. De verkeersveiligheid pakken we gericht aan door onveilige situaties te verbeteren, zoals langs de Gronausestraat in Glane.
En door in te zetten op veilige vrijliggende fietsroutes en betere verbindingen met regionale netwerken zoals de F35. Ook wordt gefaseerd ingezet op het verbeteren en/of vervangen van wegen en bruggen. Dit wordt verder uitgewerkt in de LTA+. We blijven verenigingen en vrijwilligers, die een dragende rol spelen in de leefbaarheid, ondersteunen. We stimuleren samenwerking en clustering van voorzieningen, zodat deze duurzaam behouden blijven. Waar het kan, verlagen we de regeldruk voor initiatieven en evenementen.
Pagina | 7
De rol van de gemeente is faciliterend. Daar waar initiatieven door de gemeenschap zelf kunnen worden opgepakt, verwachten we dat inwoners hierin het voortouw nemen. Wij dagen hen uit en ondersteunen waar dat nodig is. Dit zorgt niet alleen voor meer draagvlak, maar is ook efficiënter en effectiever.
Wat zijn de belangrijkste resultaten? Dit resulteert in dorpen waar voorzieningen beter worden benut en elkaar versterken. Sport, ontmoeting en maatschappelijke functies worden daar waar kan zoveel mogelijk geclusterd, waardoor plekken levendiger en toekomstbestendig worden. Inwoners ervaren een veilige en aantrekkelijke leefomgeving, met goed bereikbare voorzieningen en herkenbare ontmoetingsplekken. Door gerichte keuzes ontstaat duidelijkheid over welke voorzieningen worden behouden en versterkt. Een grotere en duidelijke samenhang tussen projecten zorgt ervoor dat ontwikkelingen elkaar versterken. Cultuur en ontmoeting blijven een plek houden in Losser, terwijl binnen de LTA+ wordt bepaald hoe dit financieel haalbaar en uitvoerbaar wordt georganiseerd. Zo dragen we bij aan toekomstbestendige dorpen die bruisend zijn en blijven. En blijven deze aantrekkelijk voor inwoners, ondernemers en recreanten.
Pagina | 8
3. Toekomstbestendig sociaal domein Wat willen we bereiken? We houden het sociaal domein menselijk, preventief, uitvoerbaar en financieel verantwoord. We blijven zorgen voor inwoners die ondersteuning nodig hebben, we versterken wat dorpen zelf kunnen dragen en we maken keuzes die uitlegbaar, betaalbaar en toekomstbestendig zijn.
Wat gaan we doen? Losser is een gemeente waar mensen naar elkaar omkijken. Die kracht zit in onze sportverenigingen, buurthuizen, vrijwilligersgroepen, kerken, maatschappelijke organisaties en het rijke verenigingsleven in onze kernen. Die sociale basis blijft het vertrekpunt. Wij zien de samenleving als partner bij onze opgaven: inwoners, verenigingen, vrijwilligers, mantelzorgers, maatschappelijke partners en gemeente dragen ieder vanuit hun eigen rol bij aan een sociaal domein dat menselijk, dichtbij en houdbaar blijft. Partnerschap met Fundament evalueren Fundament vervult al meer dan tien jaar een waardevolle rol in het sociaal domein van Losser. Nu dit partnerschap een nieuwe fase ingaat, is het een natuurlijk moment om samen te bezien of de huidige inzet van middelen nog aansluit bij de opgaven van vandaag. In goed overleg verkennen we of bijstelling van afspraken, taakverdeling of financiering wenselijk is. Niet als signaal van wantrouwen, maar als uitdrukking van verantwoord omgaan met publieke middelen. Duidelijke kaders opstellen Voor inwoners die het zonder hulp niet redden, blijft de gemeente zorgen. Tegelijk nemen we niet over wat de samenleving zelf kan dragen. We maken die kracht mogelijk met duidelijke kaders, eenvoudige regels en ondersteuning waar dat nodig is.
Dat is geen terugtredende overheid, maar verantwoord bestuur: eerlijk zijn over wat de gemeente zelf doet, wat we samendoen en waar financiële, juridische en organisatorische grenzen liggen. Doorgaan met de beweging van curatief naar preventief De druk op het sociaal domein, onder andere jeugdzorg, huishoudelijke hulp, mantelzorg en voorzieningen neemt toe. Losser vergrijst, zorgvragen worden complexer en de financiële ruimte is beperkt. Daarom zetten we de beweging van curatief naar preventief door. Vroeg signaleren, laagdrempelig contact en passende ondersteuning dichtbij zijn beter voor inwoners en helpen om zwaardere zorg waar mogelijk te voorkomen. Wat al goed loopt, blijven we benutten; wat beter kan, maken we eenvoudiger, gerichter en beter meetbaar. Professionele inzet als aanvulling Professionele inzet blijft waardevol waar die nodig is. Die inzet moet de kracht van inwoners, verenigingen en het voorliggende veld aanvullen, niet vervangen. Daarom kijken we kritisch naar bestaande afspraken en ondersteuning: niet om voorzieningen af te breken, maar om te zorgen dat de inzet past bij de opgaven van vandaag en morgen, inwoners bereikt die anders buiten beeld blijven en bijdraagt aan preventie, zelfredzaamheid en bestaanszekerheid.
Jeugd: vroegtijdige, laagdrempelige hulp dichtbij Voor de jeugd blijven we inzetten op vroegtijdige, laagdrempelige hulp in de omgeving van het kind. Problemen die bij het gewone leven horen, moeten niet onnodig worden gemedicaliseerd. Jongeren en ouders die hulp nodig hebben, mogen tegelijk niet verdwalen in systemen. De samenwerking tussen school, huisarts, praktijkondersteuning, welzijn en gemeentelijke toegang moet daarom helder en dichtbij zijn. Scherp op de financiën
Pagina | 9
Het sociaal domein is financieel kwetsbaar. De correctie van circa 1,5 miljoen euro voor geïndiceerde jeugdhulp is geen vrije bezuinigingsruimte, maar budgetherstel. Zij benadrukt wel dat we realistischer moeten ramen, beter moeten volgen welke verplichtingen al bestaan en scherper moeten sturen op kosten die daadwerkelijk beïnvloedbaar zijn. Besparingen op preventie boeken we pas in wanneer effecten voldoende onderbouwd zijn. We volgen daarom beter wat preventieve inzet oplevert voor bereik van inwoners, instroom, afschaling, druk op maatwerkvoorzieningen en kostenontwikkeling. Ook de reserve sociaal domein bekijken we kritisch. Lopende pilots en bestaande verplichtingen maken we zorgvuldig af. Ruimte die niet nodig is voor lopende verplichtingen of aantoonbaar effectieve vernieuwing, wegen we opnieuw in het licht van de financiële opgave. Pilots of vernieuwende inzet borgen we alleen wanneer maatschappelijk en financieel effect voldoende aannemelijk is en structurele dekking beschikbaar is. Dat is een keuze én een signaal: incidenteel geld gebruiken we zorgvuldig en niet als permanente oplossing voor structurele tekorten. Gebiedsgericht werken De verschillen tussen onze dorpen doen ertoe. Wat nodig is in De Lutte, Beuningen, Glane, Glane-Beekhoek, Losser of Overdinkel is niet altijd hetzelfde.
In sommige buurten en kernen stapelen kwetsbaarheid, goedkope huur, zorgvragen, gezondheid, eenzaamheid en beperkte draagkracht zich sterker op dan elders. Daarom werken we gebiedsgericht: niet overal hetzelfde doen, maar aansluiten bij de draagkracht, sociale structuur en fysieke mogelijkheden van iedere kern. De dorpsondersteuner is een concreet voorbeeld van gebiedsgericht werken: een herkenbaar aanspreekpunt in de kern, laagdrempelig bereikbaar voor inwoners met vragen over wonen, zorg of welzijn. Hij of zij signaleert vroeg, verbindt zonder bureaucratie en werkt aanvullend op het professionele netwerk. Zo laat dit model in de praktijk zien hoe dichtbij en preventief werken onnodige doorverwijzing naar duurdere zorg voorkomt. Integraal werken We verbinden het sociaal domein nadrukkelijker met wonen, zorg, welzijn en de fysieke leefomgeving. Ouderen blijven langer thuis wonen, mantelzorgers raken sneller belast en niet iedere woning of buurt is geschikt om veilig oud te worden. De inrichting van onze dorpen en wijken is daarmee ook sociaal beleid. Veilige routes, ontmoetingsplekken, passende woningen, voorzieningen dichtbij en een leefbaar dorpshart kunnen sociale problemen helpen voorkomen of verkleinen. Duidelijke rolverdeling Indien een aanvraag voor hospicezorg vanuit de markt of samenleving komt, neemt de gemeente een ondersteunende rol aan.
De gemeente denkt mee over locatie, vergunningverlening zonder zelf initiatiefnemer of exploitant te worden. Voorwaarden zijn passende zorgbehoefte, draagvlak in de omgeving en een structureel geborgde exploitatie zonder beroep op gemeentelijke middelen. Dit zijn opgaven die verder reiken dan één collegeperiode. In dit akkoord leggen we de richting vast; de prioritering, fasering, financiële dekking en uitvoeringskracht werken we uit via de LTA+. Dat geldt in het bijzonder voor langjarige keuzes rond wonen, welzijn, zorg, voorzieningen, gebiedsontwikkeling en de verbinding met begroting en investeringsprogramma. Opvang en huisvesting van doelgroepen Bij de opvang en huisvesting van doelgroepen voldoet Losser aan de wet- en regelgeving. Onze gemeente heeft al laten zien haar verantwoordelijkheid te willen nemen en te willen voldoen aan wet- en regelgeving, waaronder de Spreidingswet. Die lijn wordt doorgezet. Tegelijk blijven veiligheid, draagkracht, leefbaarheid en evenwichtige spreiding in de kernen belangrijke voorwaarden. Voorafgaand aan lokale opvang of huisvesting voeren we tijdig overleg in de regio, zodat spreiding, draagkracht en uitvoerbaarheid zorgvuldig worden meegewogen. Opvang, huisvesting, inburgering en participatie organiseren we zo
Pagina | 10
dat wettelijke taken worden uitgevoerd en de lokale gemeenschap dit kan blijven dragen. Bij nieuwe opgaven gaan we ook in gesprek met de omliggende gemeenten over de mogelijk- en onmogelijkheden.
Pagina | 11
4. Buitengebied en landbouw in balans Het buitengebied van de gemeente Losser is van grote waarde voor onze identiteit, leefbaarheid en economie. Het kenmerkt zich door een waardevol landschap, een sterke agrarische sector en een groeiende rol voor recreatie en toerisme. Tegelijk staat het gebied onder druk door veranderingen in de landbouw, toenemende ruimtevraag en duurzaamheidsopgaven. Dit vraagt om duidelijke keuzes en regie. Agrariërs, inwoners en ondernemers zijn samen de dragers van het buitengebied. Zij zorgen voor voedselproductie, landschapsbeheer en economische dynamiek. Daarom kiezen wij bewust voor een koers waarin zij de ruimte krijgen om te ondernemen, te vernieuwen en toekomstbestendig te blijven. Wij zetten in op een vitaal buitengebied waarin landbouw, landschap, leefbaarheid, recreatie en economie in balans zijn. Ontwikkelingen moeten passen bij de schaal en kwaliteit van het landschap, waarbij ruimte voor ondernemerschap het uitgangspunt blijft.
Wat willen we bereiken? Wij streven naar een vitaal en economisch sterk buitengebied waarin agrariërs een centrale rol spelen als partners en belangrijkste gebruikers. Zij krijgen maximale ruimte voor ondernemerschap, innovatie en nieuwe of andere verdienmodellen. Daarbij zetten we in op een toekomstbestendige agrarische sector waarin bedrijfsontwikkeling en verbreding hand in hand gaan. Tegelijk zetten wij in op het behoud en de versterking van het karakteristieke coulisselandschap, in samenhang met de bredere regio Noordoost-Twente. Landbouwgronden blijven zoveel mogelijk behouden en we zijn terughoudend met functiewijzigingen zoals bosaanplant. Het uitgangspunt is een goede balans tussen landbouw, economie, natuur, water, klimaat en leefomgeving. Daarnaast willen wij de samenhang tussen recreatie, leefbaarheid en ondernemerschap versterken. Dit vraagt om flexibel en realistisch ruimtelijk beleid, met duidelijke kaders voor grondgebruik en sturing op gewenste en ongewenste teelten. Ook zetten wij in op het zorgvuldig en maatwerkgericht benutten van vrijkomende erven, onder andere in relatie tot de woningbouwopgave.
Wat gaan we doen? Om deze ambities te realiseren, bieden wij agrariërs maximale ruimte om hun bedrijf te ontwikkelen binnen heldere kaders. We stimuleren actief nieuwe verdienmodellen, zoals de opwek van biogas via mono-mestvergisters, en maken nevenactiviteiten mogelijk. Tegelijk zetten we functieverandering, bijvoorbeeld door kleinschalige bedrijvigheid, gericht in om leegstand en ondermijning tegen te gaan. En zorgen we voor vereenvoudiging en versnelling van procedures.
We besteden expliciet aandacht aan vrijkomende agrarische gronden en de gevolgen van stoppende boeren, waarbij we gerichte sturing geven via duidelijke regels voor grondgebruik en bestemmingen. Om dit goed uitvoerbaar te maken, prioriteren we onze ambities en stellen we deze waar nodig bij. We versterken de ambtelijke capaciteit voor het buitengebied waar mogelijk en vertalen beleid naar concrete uitvoeringsprogramma’s. Daarbij werken we volgens de principes van de Omgevingswet, met aandacht voor participatie, integraal werken en de inzet van de omgevingstafel. De aanpak is gebiedsgericht: per deelgebied leveren we maatwerk. We verbeteren de inzet van data en sturingsinformatie om beter inzicht te krijgen en blinde vlekken te voorkomen. Ook zoeken we actief de samenwerking met provincie, waterschappen en andere partners, waarbij we waar nodig gebiedsteams inzetten.
Pagina | 12
Recreatie zien we als een aanvullend verdienmodel dat kan bijdragen aan de vitaliteit van het buitengebied. Daarbij bewaken we de balans tussen natuur en toerisme en maken we duidelijke keuzes per gebied, zoals bij het Lutterzand. Een veilig buitengebied is een randvoorwaarde. Daarom maken we veiligheid een structureel onderdeel van ons beleid en versterken we toezicht en samenwerking om ondermijning tegen te gaan, o.a. via procesbegeleiders en ervencoaches. De rol van de gemeente is faciliterend. Initiatief vanuit de samenleving blijft leidend. Wij ondersteunen waar mogelijk en benutten actief kansen voor subsidies en cofinanciering.
Wat zijn de belangrijkste resultaten? Een vitaal en uitvoerbaar buitengebiedsbeleid vraagt om een integrale benadering waarin verschillende doelen en belangen samenkomen. Centraal staat het ontwikkelen van een toekomstbestendige agrarische sector, die niet alleen economisch sterk is, maar ook duurzaam en innovatief kan inspelen op veranderende omstandigheden. Daarbij hoort het behoud en de versterking van het landschap, zodat de kwaliteit en identiteit van het buitengebied behouden blijven en waar mogelijk worden verbeterd. Om deze ambities waar te maken, is gerichte en effectieve sturing op grondgebruik essentieel. Dit betekent dat keuzes bewust worden gemaakt en dat functies goed op elkaar worden afgestemd. Tegelijkertijd is een betere koppeling tussen visie en uitvoering noodzakelijk: plannen en beleid moeten niet alleen op papier overtuigen, maar ook daadwerkelijk uitvoerbaar en zichtbaar zijn in de praktijk. Een veilige en leefbare omgeving vormt daarbij een belangrijke randvoorwaarde. Inwoners en gebruikers van het buitengebied moeten kunnen rekenen op een gezonde, aantrekkelijke en goed ingerichte leefomgeving. Dit vraagt om een sterke samenwerking tussen overheid en initiatiefnemers, waarbij vertrouwen, duidelijkheid en gezamenlijke verantwoordelijkheid centraal staan.
Alleen door deze samenwerking kan het buitengebied zich ontwikkelen tot een plek waar economische vitaliteit, ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid hand in hand gaan.
Pagina | 13
5. Economie, Ondernemen en Werkgelegenheid Een sterke lokale economie is onmisbaar voor de leefbaarheid en vitaliteit van Losser. Ondernemers zorgen voor werkgelegenheid, levendige centra en het behoud van voorzieningen in onze dorpen. Daarom zetten we in op een toekomstbestendig ondernemingsklimaat, met ruimte voor groei van lokale bedrijven, uitbreiding van beschikbare gronden en sterke bedrijventerreinen. Ook willen we aantrekkelijke centra, behoud van winkels en voorzieningen en kansen voor recreatie en grensoverschrijdende samenwerking. Zo zorgen we ervoor dat inwoners dichtbij huis kunnen werken, ondernemen en voorzieningen behouden blijven.
Wat willen we bereiken? Wij bouwen aan een sterke en toekomstbestendige lokale economie waarin ondernemers de ruimte krijgen om te groeien en inwoners dichtbij huis kunnen werken. Daarom zetten wij in op de verdere ontwikkeling/herbestemming en uitbreiding van bedrijventerreinen, waarbij met een zorgvuldig uitgiftebeleid ruimte wordt geboden aan bedrijven die bijdragen aan de lokale economie, innovatie en werkgelegenheid. Tegelijkertijd willen wij bedrijventerreinen veilig, goed bereikbaar en toekomstbestendig maken, zodat ondernemers duurzaam kunnen investeren en ondernemen. Daarnaast streven wij naar aantrekkelijke en economisch vitale centra waar winkelen, ontmoeten en verblijven samenkomen. Hiervoor is een actuele en toekomstgerichte detailhandelsvisie nodig die inspeelt op veranderend consumentengedrag en nieuwe economische ontwikkelingen. Door leegstand terug te dringen en de kwaliteit van winkelgebieden te verbeteren, willen wij samen zorgen voor levendige centra en het behoud van voorzieningen in alle kernen van de gemeente. Wij vinden het belangrijk dat lokaal ondernemerschap, vakmanschap en jonge ondernemers voldoende kansen krijgen om zich te ontwikkelen. Familiebedrijven en het midden- en kleinbedrijf vormen de ruggengraat van onze lokale economie en verdienen daarom ondersteuning en ruimte om te groeien.
Ook zetten wij in op voldoende werkgelegenheid dichtbij huis, zodat inwoners in hun eigen gemeente kunnen wonen én werken. Tot slot zien wij recreatie, toerisme en grensoverschrijdende samenwerking als belangrijke kansen voor economische versterking. Door recreatieve voorzieningen verder te ontwikkelen, samen te werken binnen Twente en de Euregio en de bereikbaarheid van bedrijven en centra te verbeteren, versterken wij de economische positie en aantrekkelijkheid van Losser.
Wat gaan we doen? Ondernemen en economie Om de lokale economie verder te versterken blijven wij actief samenwerken met ondernemersverenigingen, bedrijven en andere economische partners. Ondernemers worden vroegtijdig betrokken bij plannen en ontwikkelingen die invloed hebben op hun onderneming of omgeving, zodat beleid beter aansluit op de praktijk. Daarnaast zetten wij in op een toegankelijk ondernemersloket met één duidelijk aanspreekpunt binnen de gemeente. Wij willen ondernemen eenvoudiger en aantrekkelijker maken door regelgeving waar mogelijk te vereenvoudigen en te verruimen. Ook stimuleren wij lokaal ondernemerschap bij aanbestedingen en gemeentelijke opdrachten. Tegelijkertijd blijven wij investeren in grensoverschrijdende samenwerking met regionale en Duitse partners om economische kansen beter te benutten. Een veilige en eerlijke economie vinden wij belangrijk. Daarom pakken wij ondermijning actief aan en versterken wij de weerbaarheid van ondernemers en bedrijventerreinen. Bij de ontwikkeling van bedrijventerreinen sturen wij op een evenwichtige sectorale opbouw en voorkomen wij eenzijdige concentratie van bedrijfsactiviteiten. Nieuwe vestigingen worden kritisch beoordeeld op hun toegevoegde waarde voor de lokale economie en ruimtelijke kwaliteit.
Pagina | 14
Handhaving - zeker tegen ongewenst gebruik van de openbare ruimte - en het eventueel actief wegbestemmen, zijn onderdeel van de strategie om onze bedrijventerreinen vitaal en gezond te houden.
Detailhandel en centrumontwikkeling Voor de toekomst van onze winkelgebieden kiezen wij voor sterke, compacte en toekomstbestendige centra. Daarom wordt de detailhandelsvisie herijkt, zodat deze aansluit bij actuele ontwikkelingen in de retailsector en veranderend koopgedrag. Via herontwikkelingen en gerichte transformaties willen wij de kwaliteit en aantrekkelijkheid van onze centra verbeteren. Ten aanzien van de nog te realiseren supermarkt in De Lutte geven wij, gelet op de urgentie, prioriteit aan deze ontwikkeling, binnen de wettelijke kaders. Wij zetten daarnaast in op een aantrekkelijke mix van winkels, horeca, dienstverlening en ontmoetingsplekken, zodat centra niet alleen economisch sterk blijven, maar ook bijdragen aan de leefbaarheid en sociale samenhang. Evenementen, markten en lokale initiatieven blijven we stimuleren om levendigheid te behouden. Daarbij blijven goede bereikbaarheid en voldoende parkeervoorzieningen belangrijke randvoorwaarden. Binnen kernwinkelgebieden kiezen wij voor een duidelijke zonering. In de primaire winkelzones blijft detailhandel centraal staan, terwijl er bijvoorbeeld in een tweede ring meer flexibiliteit mogelijk wordt gemaakt. Hiermee zorgen wij voor toekomstbestendige centra die beter kunnen inspelen op de trend van de digitalisering binnen de detailhandel.
Bedrijventerreinen Wij blijven ons inzetten voor de uitbreiding van en de mogelijkheden binnen onze bedrijventerreinen door actief grondbeleid, zodat lokale bedrijven voldoende ruimte krijgen om te groeien en nieuwe ondernemingen zich kunnen vestigen. Daarbij vinden wij het belangrijk dat bedrijventerreinen goed bereikbaar en verkeersveilig zijn, inclusief veilige looproutes van en naar bushaltes. Veilige, moderne en goed onderhouden bedrijventerreinen dragen bij aan een aantrekkelijk vestigingsklimaat voor ondernemers. Dat draagt bij aan een sterkere en toekomstbestendige lokale economie. Daarom stimuleren wij samenwerking tussen ondernemers op bedrijventerreinen om kennisdeling, gezamenlijke voorzieningen en innovatieve oplossingen mogelijk te maken. Met een zorgvuldig uitgiftebeleid willen wij zorgen voor diversiteit binnen het bedrijfsaanbod, terwijl bedrijven met beperkte toegevoegde waarde minder ruimte krijgen. Recreatie en toerisme Recreatie en toerisme bieden kansen voor zowel ondernemers als de leefbaarheid van de gemeente. Daarom willen wij recreatieve routes, verbindingen en voorzieningen blijven versterken. Ook ondersteunen wij toeristische ondernemers en lokale initiatieven die bijdragen aan een aantrekkelijk recreatief aanbod. Samenwerking binnen Twente en de Euregio blijft hierbij belangrijk om recreatie en toerisme regionaal sterker te positioneren.
Daarbij kiezen wij voor kwalitatieve groei, waarbij rust, natuur en leefbaarheid behouden blijven.
Wat zijn de belangrijkste resultaten? De belangrijkste resultaten bestaan uit een uitbreiding van het bestaande bedrijventerrein en een snellere, meer eenduidige en beter toegankelijke dienstverlening. Dit draagt bij aan een sterkere en toekomstbestendige lokale economie, waarin meer ontwikkelruimte ontstaat voor ondernemers en de werkgelegenheid groeit. Tegelijkertijd wordt ingezet op aantrekkelijke en levendige centra, waarin leegstand wordt teruggedrongen en een actuele, concreet uitgewerkte detailhandelsvisie richting geeft aan de ontwikkeling. Door een intensievere samenwerking tussen gemeente en ondernemers wordt de economische dynamiek verder versterkt. Daarnaast krijgt recreatie en toerisme een impuls, met oog voor een goede balans tussen economie, leefbaarheid en ruimtegebruik. Pagina | 15
6. Financieel gezond Losser Een financieel gezond Losser is geen sluitstuk van dit coalitieakkoord, maar een randvoorwaarde voor betrouwbaar bestuur. Ambities zijn nodig, maar zij moeten, naast juridisch houdbaar te zijn, passen binnen een structureel houdbare begroting, voldoende uitvoeringskracht en gebaseerd zijn op een realistisch beeld van de financiële ruimte. De gemeente staat daarbij voor een stevige opgave, met een forse taakstelling. Een sluitende meerjarenbegroting is noodzakelijk om Losser financieel gezond te houden. Daarom maken wij scherpe keuzes in ambities, investeringen en uitvoering. Tegelijk nemen de opgaven toe. Demografische ontwikkelingen, zoals vergrijzing, en ontwikkelingen binnen de Jeugdzorg en Wmo werken door in de structurele uitgaven van de gemeente. Ook ruimtelijke en maatschappelijke ambities vragen om zorgvuldige financiële afwegingen. Wij kiezen daarom niet voor een optelsom van wensen, maar voor financiële sturing op samenhang, prioriteit en uitvoerbaarheid. Nieuwe ambities worden alleen toegevoegd als duidelijk is wat zij kosten, welke structurele lasten zij veroorzaken, welke capaciteit nodig is en welke gevolgen zij hebben voor andere keuzes. Niet alles kan, en zeker niet alles tegelijk.
Bij grote besluiten kijken wij, zoals dat bij goed financieel beheer hoort, niet alleen naar het eerste investeringsbedrag, maar ook naar beheer, onderhoud, exploitatie, personele inzet, risico’s en gevolgen voor toekomstige begrotingen. Tegelijk erkennen wij dat investeringen in preventie, samenwerking en sterke dorpen van grote waarde zijn, zowel maatschappelijk als financieel. Wel zijn wij terughoudend met het vooraf inboeken van besparingen: deze nemen wij pas op in de begroting wanneer de effecten daadwerkelijk aantoonbaar zijn. De gemeente hanteert een financieel kader dat draait om realisme, discipline en uitvoerbaarheid. Daarbij maken wij helder onderscheid tussen uitgaven en ontwikkelingen waarop de gemeente daadwerkelijk invloed heeft en kosten die vooral voortkomen uit wettelijke taken, externe prijsontwikkelingen of Rijksbeleid. Strategisch personeelsbeleid is nodig om als organisatie goed toegerust te zijn op de opgaven die op de gemeente afkomen. Daarom betrekken wij ambtelijke capaciteit, digitalisering en samenwerking steeds bij de financiële plannen en bestuurlijke afweging. Plannen zijn pas verantwoord als zij niet alleen betaalbaar zijn maar ook uitvoerbaar binnen de beschikbare organisatiekracht. Bij de gemeentelijke lasten staat betaalbaarheid voor inwoners voorop. De OZB blijft laag en wordt maximaal gecorrigeerd voor inflatie.
Nieuwe heffingen worden alleen overwogen wanneer daarvoor een wettelijke grondslag bestaat, de opbrengst reëel is en de uitvoeringskosten staan tot de opbrengst en zij aantoonbaar bijdragen aan maatschappelijke doelen. Daarnaast benut de gemeente actief kansen via subsidies van provincie, Rijk en EU en treedt zij op als cofinancierder waar dit meerwaarde heeft. Subsidies worden doelgericht ingezet en gekoppeld aan concrete maatschappelijke resultaten. Maatschappelijke initiatieven van inwoners, verenigingen en ondernemers kunnen bijdragen aan betrokkenheid, draagvlak en passende lokale oplossingen. Eventuele financiële voordelen uit zulke initiatieven worden pas als dekking opgenomen wanneer zij aantoonbaar, structureel en uitvoerbaar zijn. De begroting en de Lange Termijn Agenda Plus worden met elkaar verbonden. Zo ontstaat meer samenhang tussen politieke ambities, financiële ruimte, uitvoeringskracht en lange termijn keuzes. Financieel gezond bestuur betekent
Pagina | 16
niet dat niets meer kan. Het betekent dat keuzes uitlegbaar, betaalbaar, uitvoerbaar en toekomstbestendig zijn. En dat soms ook het eerlijke verhaal over wat niet kan noodzakelijk is voor een huishoudboekje dat op orde is en rust in de portemonnee van de inwoner houdt.
Pagina | 17
7. Lange Termijn Agenda Plus 2026-2045 De Lange Termijn Agenda+ komt voort uit de opdracht die vanuit het presidium is meegegeven aan het formatieproces: de raad in positie brengen en, op basis van de inbreng van alle fracties, te komen tot een langjarige agenda voor Losser. Deze coalitie ziet de LTA+ als strategisch kompas voor keuzes die verder reiken dan één bestuursperiode. Losser staat de komende jaren voor keuzes die niet los van elkaar kunnen worden gemaakt en die om een langjarig perspectief vragen. Twente heeft richting 2050 grote ambities op het gebied van wonen, economie, mobiliteit, energie en de kwaliteit van stad, dorp en landschap. Tegelijkertijd vragen ook ontwikkelingen binnen onze eigen gemeente om langjarige keuzes: vergrijzing, een woningvoorraad die niet overal in balans is, druk op voorzieningen, toenemende zorgvragen en de behoefte aan ontmoeting en leefbare dorpen. Het is dus én regionaal én lokaal nodig om eerst richting te kiezen en daarna gericht uit te voeren. Daarom maken we duidelijke keuzes: wat doen we, wat doen we later en wat doen we niet. Daarbij kijken we steeds naar wat onze dorpen, buurtschappen en het buitengebied nodig hebben, wat het oplevert voor inwoners en of het financieel en organisatorisch uitvoerbaar is. De LTA+ is een langjarige agenda waarbij de gemeenteraad als geheel richting geeft.
De coalitiepartijen hebben in dit coalitieakkoord aangegeven welke onderwerpen die als vertrekpunt voor de LTA+ kunnen dienen. Wij gaan ervan uit dat de raad deze lijst, vanuit zijn kaderstellende en volksvertegenwoordigende rol, waar mogelijk aanvult en samen verder brengt. Na de zomer willen wij samen met de raad starten met het vormgeven van de LTA+. Onderwerpen die volgens de coalitiepartijen in ieder geval, maar niet limitatief, onderdeel zijn van de LTA+: • • • • • •
Wendbare organisatie Toekomstbestendige woningbouw Duurzame leefomgeving Toekomstbestendig sociaal domein Economie, Ondernemen en Werkgelegenheid Landbouw & buitengebied
Pagina | 18
8. Wethouders en portefeuilleverdeling De coalitie heeft de volgende afspraken gemaakt over de verdeling van de portefeuilles: Wethouder Wonen, leven en sport Harold Sligman (Burgerforum) • Wonen en woningbouw • Stedelijke gebiedsontwikkeling • Betaalbaarheid, doelgroepen en doorstroming • Energietransitie • Netcongestie • Milieu, afval en grondstoffen • Openbare ruimte dorpskernen en servicebedrijf • Klimaatadaptatie dorpskernen • Toegankelijkheid • Omgevingswet en ruimtelijke ordening o Incl invulling RO dorpskernen • Vergunningverlening dorpskernen • Centrumontwikkeling (fysiek) • Verduurzaming gebouwde omgeving • Voorzieningenstructuur • Leefbaarheid kernen • Onderwijs en onderwijs-zorg verbinding o Cultuur(onderwijs) • Gezondheid en preventie • Sport • Toekomstvisie Losser/centrumontwikkeling De Lutte/Losser • Aloysiuslocatie • Eerste loco-burgemeester Wethouder Financiën, buitengebied en mobiliteit. Harry Scholten (CDA) • Gemeentelijk vastgoed • Grondzaken • Financiën • Auditcommissie • Landbouw en agrarische ontwikkeling o Transitie landbouw o Vrijkomende agrarische bebouwing • Ruimtelijke ordening buitengebied • Natuur en biodiversiteit • Landschap o Bossenstrategie o KGO • Water(beheer) • Klimaatadaptatie buitengebied • Gebiedsprocessen (NOT) • Ervencoaches • Leader • Initiatieven rondom (grootschalige) energie opwek o Windmolens, e.d.
(EVNOT) • Verkeer, vervoer en mobiliteit
Pagina | 19
• • • • •
Verkeersveiligheid Twenteboard/BOSS Twente en ROS (ruimtelijke ontwikkeling Twente Toekomst) Inkoop- en aanbestedingsbeleid/subsidiebeleid. Onderwijshuisvesting. Sporthal De Lutte (gebouw) Tweede loco-burgemeester
Wethouder Economie, sociaal en zorg Evert Jan Temmink (VVD) • Economie en ondernemersklimaat • Sociaal-economische structuurverstreking • Bedrijventerreinen • Detailhandel en centra • Toerisme en recreatie • Recreatie buitengebied • Vrijetijdseconomie o Cultuur en erfgoed o Evenementen • Bestaanszekerheid en armoedebeleid o Incl energiearmoede • Schuldhulpverlening en vroegsignalering • Werk & inkomen • Participatie en werk (Participatiewet, beschut werk, RWC) • Jeugd en gezin (toegang, jeugdhulp, Kansrijke Start) • Mentale gezondheid • Middelengebruik en preventie • Wmo en ondersteuning • Wonen, welzijn en zorg • Sociale basis en welzijn • Basisvaardigheden • Welzijn(swerk) • Asiel, bijzondere doelgroepen • Inwonerparticipatie • Cultureel erfgoed • Dierenwelzijn • Volksgezondheid, mentale gezondheid • Derde locoburgemeester Burgemeester • • • • • • • • • • • •
Openbare orde, veiligheid en crisisbeheersing Ondermijning Brandweer Bestuurlijke integriteit Internationale betrekkingen Interbestuurlijke samenwerking Bestuurszaken en handhaving Publiekszaken, inclusief verkiezingen Automatisering en informatievoorziening Communicatie en representatie Dienstverleningsovereenkomst Enschede Losser Uitvoeringsprogramma Dienstverlening
Pagina | 20