Bijlage 2 Advies Participatieraad Re-integratieverordening
Tekst van het document
Participatieraad Sociaal Domein Losser Postbus 90 7580 AB Losser
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Losser T.a.v. mevrouw M. Oosterbroek en de heer M. Lahdo Postbus 90 7580 AB LOSSER
Losser, 5 augustus 2024
Ons kenmerk: PR/RIV/2024-03 Inl.: Bernadette Venterink-Westenbroek
Uw brief: 27 juni 2024 Uw kenmerk: 24.00016549 Zaaknummer: 24Z00743
Betreft: 1. Adviesaanvraag concept Re-integratieverordening Participatiewet 2024 2.Tijdelijke beleidsregel maandelijkse 50Zo reservering van uitkering aan vakantiegeld Geacht college, Op 27 juni jl. heeft u de participatieraad per e-mail verzocht advies uit te brengen over het concept Re-integratieverordening 2024. Op 23 juli is de conceptverordening met nadere toelichting tijdens een informeel informatief gesprek besproken met uw beleidsmedewerker Frank Beumers. 1.
Concept Re-integratieverordening 2024
Algemene indruk van de verordening Daar op grond van de wet regionaal wordt samengewerkt t.a.v. van de inzet van voorzieningen om werkzoekenden bij werkgevers te plaatsen over de inhoud van de verordening gaat de participatieraad er vanuit dat regionale afstemming plaatsgevonden van de arbeidsmarktregio Twente (14 Twentse gemeenten) Derhalve wordt ook aangenomen dat er regionale afstemming heeft plaatsgevonden t.a.v. job coaching voor personen met een arbeidsbeperking en voor de kwaliteitseisen wordt aangesloten bij de eisen uit het protocol interne job coaching van het UWV. De participatieraad gaat er wel vanuit dat de criteria/ voorwaarden en de hoogte van de bedragen nog nader worden uitgewerkt. Uiteraard wil de participatieraad hierbij graag nauw betrokken worden. Verder wordt er nog in de uitgebreide toelichting onder art 1. Definities de doelgroep van de Participatiewet 2 (WIA) genoemd. Nadere toelichting m.b.t. deze doelgroep is zeer wenselijk. Hetzelfde geldt voor de beëindigingsgronden m.b.t. de WIA, omdat het niet duidelijk is wie hier precies onder valt en hoe hiermee wordt omgegaan.
Inhoudelijk Hoofdstuk 3 Algemene bepalingen over voorzieningen De eerste zin ‘Het college biedt de goedkoopst adequate voorziening aan, houdt bij het voorzieningenaanbod rekening met andere voorzieningen die in het kader van het sociaal domein beschikbaar zijn en stemt het aanbod, als dat nodig is, intern af zodat het optimaal bijdraagt aan een integrale ondersteuning van de persoon.
Advies De participatieraad adviseert naast een optimale integrale ondersteuning ook sterk rekening te houden met het leveren van persoonlijk maatwerk en het creëren van oplossingen die maatwerk zijn, waarbij wet en regelgeving ondersteunend is. Het advies is om dit in deze zin te verwerken of een aanvullende zin toe te voegen. Hoofdstuk 4 Algemene voorzieningen gericht op uitstroom naar regulier werk Artikel 4. Werkstage. Opmerkelijk is dat er binnen de verordening zowel een werkstage als een participatieplaats wordt opgenomen, terwijl het bij beide eigenlijk om een werkervaringsplek gaat. Advies Waarom wordt er niet gesproken over een werkervaringsplek en worden hiervoor duidelijke voorwaarden/ richtlijnen aangegeven. Het lijkt dubbel. Wel wordt er bij een participatieplaats een vergoeding verstrekt. In de praktijk zal daarom veelal worden gekozen voor een participatieplaats. Er mag geen sprake zijn van verdringing. Vraag is wie hiervoor de beoordeling doet? Artikel 5. Proefplaats. Het college kan, als dit door hem noodzakelijk wordt geacht, een persoon als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder a, van de wet die algemene bijstand ontvangt, toestemming verlenen om op een proefplaats bij een werkgever onbeloonde werkzaamheden te verrichten met behoud van uitkering. Na een proefplaatsing kan de forfaitaire loonkostensubsidie worden ingezet.
Advies De participatieraad is van mening dat het inzetten van de forfaitaire loonkostensubsidies onwenselijk is na een proefplaatsing. Tijdens een proefplaatsing is er voldoende tijd om een gevalideerde loonwaardemeting te doen. Dit geeft een juister beeld van de werkelijke productiviteit van de werknemer. Daarnaast kan de arbeidsdeskundige beoordelen of de plaatsing gezien de beperkingen passend is en of er wel/niet aanvullende voorzieningen noodzakelijk zijn. De participatieraad adviseert tevens dat een forfaitaire loonwaarde alleen dient te worden ingezet als iemand tot de doelgroep Loonkostensubsidie behoort, van werk naar nieuw werk gaat en het niet zinvol is om een proefplaatsing in te zetten en de werkzaamheden beduidend anders zijn dan in de vorige baan. Zijn het dezelfde werkzaamheden dan kan de oude loonwaarde tijdelijk worden meegenomen. Artikel 6. Detacheringsbaan Het college kan door detachering zorgen voor toeleiding van een persoon die behoort tot de doelgroep naar een dienstverband met een werkgever (zoals een detacheringsbedrijf of uitzendbureau), gericht op arbeidsinschakeling. Advies De participatieraad heeft uit goed ingelichte bronnen vernomen dat de loonwaarde Cao Aan de Slag alleen kan worden ingezet bij werkgevers die gelieerd zijn aan gemeenten of gemeentelijke instellingen.
Hoe wordt dit opgelost bij detacheringsconstructies bij commerciële werkgevers? Met name bij werkgevers die geen Cao hebben en/of geen pensioenregeling. De participatieraad adviseert om vooraf bij de werkgever onderzoek te doen of er een Cao van toepassing is, zo niet dan is de wet Arbeidsrecht van toepassing. Artikel 7. Scholing Het streven dat iedereen een startkwalificatie (minimaal niveau 2) moet hebben richting arbeidsmarkt is zeer zinvol.
2
Advies Sinds 2015 worden gemeenten geconfronteerd met een groep schoolverlaters van het Speciaal en Praktijkonderwijs en entree-opleiding (niveau 1), die geen recht hebben op Wajong en niet in staat zijn deze startkwalificatie te behalen. Zij zijn veelal aangewezen op routinematig, eenvoudig productiewerk met dikwijls voorzieningen op vele terreinen. Daarnaast betreft dit al een aantal jaren de grootste groep nieuwe instromers in het doelgroepenregister. De participatieraad vindt dat deze doelgroep in de beleidsregels onvoldoende naar voren komt, omdat de prognoses aangeven dat deze kwetsbare doelgroep nu en in de toekomst de grootste nieuwe instroom zal zijn binnen de Participatiewet/doelgroep register en effectievere ondersteuning c.q. hulpverlening zal vragen. Artikel 11. Aanvraagproces Loonkostensubsidie. Scholen voor Speciaal Onderwijs en Praktijkonderwijs gaan tijdig in overleg met gemeentes voor de schoolverlaters zoals bij 7 beschreven. In overleg met ouders en student wordt over het algemeen nog tijdens de schoolperiode een aanvraag ingediend voor toelating tot het doelgroepenregister. Het UWV neemt deze groep administratief op in het doelgroepenregister; dus niet via een praktijkroute en licht gemeentes en belanghebbenden hierover in.
Het gevaar van de praktijkroute is dat er geen onderzoeken hebben plaatsgevonden of iemand door beperkingen niet in staat is het Wettelijk Minimumloon te verdienen. Of via het UWV of door een verzekeringsarts. Advies De participatieraad vindt deze route alleen toegepast moet worden of momenten dat het niet anders kan (onvoldoende tijd i.v.m. mogelijkheden tot een plaatsing op korte termijn) en dan altijd in overleg met de desbetreffende arbeidsdeskundige. Daarnaast is het van belang werkgevers hierover goed te informeren i.v.m. no-riskpolis en belastingvoordelen, die binnen 3 maanden na aanvang van het dienstverband aangevraagd moeten worden. In de praktijk is in het verleden weleens gebleken dat de registratie vanuit de praktijkroute bij het UWV niet goed verliep, waardoor b.v. werkgevers bij ziekte van de medewerker geen beroep konden doen op de no-riskpolis. Artikel 24. Specifieke voorwaarden werkplekaanpassingen. Goed dat dit geregeld is. Wel hoopt de participatieraad dat iedereen zich er terdege van bewust is dat dit financiële consequenties kan hebben. Advies Een waarborg voor niet meeneembare werkplekaanpassingen zal moeten worden bepaald als de werkgever de overeenkomst met de medewerker voortijdig en eenzijdig beëindigd. Artikel 25. Participatievoorziening Beschut Werk.
Beschut werk kan zowel door de gemeente als door de belanghebbende worden aangevraagd bij het UWV, die vervolgens advies uitbrengt. Het college beoordeelt daarna of hij/zij tot de doelgroep beschut behoort. Het UWV-advies is altijd leidend. Beschut werk wordt toegekend indien iemand intensieve begeleiding nodig heeft of permanent toezicht. Advies Normaliter wordt voor een begeleidingsvergoeding subsidie toegekend aan de gemeente. De participatieraad adviseert deze regel toe te voegen in dit artikel.
3
Tenslotte nog een algemene opmerking In deze verordening m.n. in de re-integratie beleidsregels staat niets beschreven over Ziekte en de Wet Verbetering Poortwachter. Een en ander is geregeld in de vangnetregeling Participatiewet maar heeft zeker raakvlakken met re-integratie binnen de doelgroep Loonkostensubsidie. Personen, behorende tot de doelgroep Loonkostensubsidie, die bij einde dienstverband arbeidsongeschikt zijn, hebben recht op betaling van een Ziektewetuitkering door het UWV, echter heeft de gemeente de verplichting de reintegratie binnen de Wet Verbetering Poortwachter uit te voeren. Advies De participatieraad adviseert Ziekte en Wet Verbetering Poortwachter alsnog toe te voegen aan deze verordening.
2. Tijdelijke beleidsregel Maandelijkse reservering voor cliënten 5y0 van de uitkering aan vakantiegeld In verband met een uitspraak van de rechter moet iedereen in ieder geval een inkomen hebben ter hoogte van de beslagvrije voet. In de gevallen dat iemand een bijstandsuitkering heeft kan beslag worden gelegd waarbij ten minste 9507o van de bijstandsnorm overblijft. Voor alle cliënten waarop dit van toepassing is wordt ook maandelijks 507o van de uitkering gereserveerd voor vakantiegeld, dat in de maand juni wordt uitbetaald. Hierdoor werd bij deze cliënten 1007o van de uitkering ingehouden, dat niet meer geoorloofd is. Om deze reden is besloten voor deze groep, ongeveer 45 cliënten, om maandelijks geen vakantietoeslag te reserveren, maar deze maandelijks uit te betalen. Advies Voor deze groep cliënten wordt geen buffer (uitbetaling vakantietoeslag in juni) meer opgebouwd. Door het vakantiegeld maandelijks uit te keren, krijgen ze maandelijks een hogere uitkering, zodanig dat de 957 van de bijstandsnorm gehandhaafd kan blijven terwijl men aflost. De minder lagere uitkering van zijnde onder de 957 van de bijstandsnorm wordt dan rechtgetrokken door de maandelijkse uitkering van het vakantiegeld.
De participatieraad kan zich vinden in de tijdelijke regeling, echter zal een goede communicatie met de betreffende doelgroep van essentieel belang zijn, zodat zij in juni 2025 niet voor verrassingen komen te staan. Zodra de beslaglegging eindigt, dient deze regeling ook te vervallen en zal er weer “gewoon” maandelijks vakantiegeld moeten worden gereserveerd.
Uw reactie op deze adviezen worden met belangstelling tegemoet gezien.
Met vriendelijke groet, namens de participatieraad sociaal domein, Jos Westerveld Voorzitter
4