Beantwoording technische vragen Voorjaarsnota 2023 - deel 2.pdf
Tekst van het document
Technische vragen – Voorjaarsnota 2023
CDA 18, Kwaliteitsimpulsen Het raadsvoorstel kwaliteitsimpuls Beuningen is naar achteren gegaan qua planning; wat is hier de oorzaak van? Zijn de inwoners hiervan op de hoogte? Wat is de verdere planning voor wat betreft de kwaliteitsimpuls in Beuningen? Antwoord: Na de ‘pitstop’ periode een inschatting gemaakt t.b.v. de raadsagenda over de planning mbt het ontwerp- en participatieproces in Beuningen. Daarnaast loopt het voorbereidingstraject om invulling te geven aan de ruimtelijke ontwerpopgave. Hierin trekt de gemeente samen op met o.a. de dorpsraad, maar ook met andere werkgroepen. We koersen, samen met de dorpsraad Beuningen, op een brede informatieavond voor alle geïnteresseerden in het najaar. De reacties worden verwerkt in de ruimtelijke ontwerpen. Op basis daarvan kunnen de beslisdocumenten opgesteld worden. We verwachten deze in het voorjaar van 2024 aan te kunnen bieden. CDA 31, Participatie: Hoe wordt contact onderhouden met de verenigingen/ dorpsraden etc. per dorp? Antwoord: Bij de inzet van inwonerparticipatie worden inwoners benaderd die het meest betrokken zijn bij het betreffende onderwerp of de situatie. Dit kan zowel op kern/dorpsniveau als gemeente-breed. Inwoners worden zowel rechtstreeks benaderd, als via de dorpsraden en/of verenigingen in de kernen/dorpen. Ook dit is afhankelijk van het onderwerp en de situatie.
Een goede analyse vooraf van de te benaderen doelgroep is belangrijk. Dit gebeurt in afstemming met de dorpsraden of verenigingen. CDA 35, Pagina 9: welke cofinancieringsmogelijkheden zijn er op het oog? Of welke aard? Antwoord: U kunt hierbij denken aan subsidies, maar ook externe bijdragen vanuit exploitatieovereenkomsten (samenwerking met derden). BF 45, pagina 13 Ervaringsdeskundigen Wat is de rol ervaringsdeskundigen in het programma inwonersparticipatie? Antwoord: Ervaringsdeskundigheid wordt op verschillende terreinen ingezet, zowel bij de (door)ontwikkeling van beleid als bij de uitvoering van activiteiten (bijv. door St. Fundament). Inwoners kunnen hierin een waardevolle inhoudelijke bijdrage leveren vanuit de ervaringen die zij hebben opgedaan in hun eigen leefwereld of omgeving. Bij de inzet van inwonerparticipatie wordt ervoor gekozen (voor zover passend bij het onderwerp en de situatie) inwoners met ervaring ten aanzien van het betreffende onderwerp gericht te benaderen.
2
Dit vraagt om een zorgvuldige analyse vooraf van de te benaderen doelgroep. Met andere woorden “wie kun je voor welk onderwerp benaderen”. BF 46, De inzet van ervaringsdeskundigen juichen we toe, maar missen focus. Wordt er specifieke ervaringsdeskundigheid ingezet op specifieke beleidsterreinen? Bijvoorbeeld apart iemand voor armoede, verslaving, mantelzorgbeleid, openbare ruimte indeling etc. Antwoord: Ervaringsdeskundigheid wordt binnen diverse beleidsterreinen gebruikt en ingezet. Als wordt gekozen voor de inzet van inwonerparticipatie middels ervaringsdeskundigheid, moet vooraf een zorgvuldige analyse worden gemaakt van de te benaderen doelgroep. Deze moet zo goed mogelijk aansluiten bij het betreffende onderwerp of beleidsterrein. Dit geldt dus zowel voor onderwerpen binnen het sociaal domein als de openbare ruimte. Inwoners worden vaak rechtstreeks benaderd dan wel via een uitvoerende (lokale) organisatie of vereniging. Zo wordt o.a. Stichting Fundament betrokken bij de totstandkoming van het strategisch beleidsplan sociaal domein. Zij kan deelnemers aan haar activiteiten gericht benaderen met de vraag of zij input willen leveren op bepaalde thema’s of onderwerpen. Binnen het opgavegericht werken wordt de inzet van ervaringsdeskundigen structureel verankerd op verschillende niveaus, zoals: Leveren van input voor activiteiten.
Leveren van input op de verschillende beleidsterreinen. Leveren van specifieke input op participatie trajecten. Inzet van ervaringsdeskundige medewerkers. Om de inzet van ervaringsdeskundigen structureel te borgen hebben we ook onze werkprocessen aan te scherpen. Dit zal naar aanleiding van de ervaringen binnen de totstandkoming van het strategisch beleidsplan sociaal domein en de ervaringen die we nu al hebben opgedaan worden gerealiseerd middels een uitvoeringsplan. BF 55, Is hier een tijdpad aan gekoppeld? Antwoord: In beide kernen zijn de ontwerpprocessen opgestart. Hierbij wordt eraan gewerkt om aan meerdere opgaven tegelijk invulling te geven. Het gaat dus om een integrale aanpak, waarbij het participatieproces een belangrijk onderdeel is. De stappen die in het proces gezet worden zijn op hoofdlijnen gepland, maar de doorlooptijd is mede afhankelijk van hetgeen tijdens dit proces naar voren komt. Dat kan technisch van aard zijn, inbreng van partners of vanuit het participatieproces. Zodra het overkoepelend ontwerpproces is afgerond, kan in nader te bepalen deelprojecten, de technische uitwerking, aanbesteding en uitvoering worden opgepakt.
2
3
In Beuningen wordt gekoerst op een beslismoment door uw raad in het voorjaar van 2024. In Glane is een groot deel van de opgaven uit de Kwaliteitsimpuls afgerond. Momenteel ligt de focus op het ontwerpproces voor de Gronausestraat. BF 65, pagina 44 Onderzoek traverse N731 Waarin wijkt dit onderzoek af van het eerdere onderzoek naar ongelijkvloerse oversteek voor voetgangers zoals dat staat vermeld in het Goudappel rapport? Antwoord: Het betreffende rapport van Goudappel betrof een alternatievenstudie naar de kruisingsvormen t.p.v. de kruising N731(Hoofdstraat)-Nijverheidstraat n.a.v. de maatschappelijke en bestuurlijke onrust m.b.t. de fietsoversteek van het LAGApad aldaar. Het onderzoek ‘Traverse N731’ betreft een ruimtelijk en verkeerskundig onderzoek naar de -in provinciaal eigendom en beheer zijnde- N731 binnen de bebouwde kom; Gronausestraat (bebouwde komgrens-Burgemeester van de Sandtplein), Burgemeester van de Sandtplein en Hoofdstraat (Burgemeester van de Sandtplein-Nijverheidstraat). Waar het rapport van Goudappel zich richtte op slechts een onderdeel van de traverse, zal voornoemd onderzoek -dat in gezamenlijkheid met de provincie Overijssel zal worden uitgevoerd- zich richten op een integrale visie op de gehele traverse.
Dit onderzoek dient meerdere doelen; naast het verbeteren van de verkeersveiligheid op het Burgemeester van de Sandtplein (structureel de locatie met de hoogste verkeersongevallenconcentratie binnen de gemeente Losser) dient het onderzoek ook als input voor de visie revitalisering bedrijventerreinen evenals een integrale beoordeling van de verkeerscirculatie en verkeersveiligheid op de aanliggende bedrijventerreinen. Tevens dient het onderzoek als kaderstellend document voor invulling van andere opgaven als klimaat, duurzaamheid, biodiversiteit, water, etc. Hiermee wordt voorkomen dat ‘op postzegelniveau’ maatregelen worden gepland/uitgevoerd die op andere locaties op de traverse tot afgeleide problemen kunnen/zullen leiden. BF 66, Pagina 44 mobiliteitsvisie Wanneer wordt er een start gemaakt met de nieuwe inrichting van de Hoofdstraat ter hoogte van het Kulturhus? Antwoord: De mobiliteitsvisie betreft een beleidsdocument waarin zal worden vastgelegd welke ambities de gemeente heeft t.a.v. mobiliteit en verkeerveiligheid. Op basis van een analyse van het areaal en deze ambities zal een uitvoeringsprogramma worden opgesteld. Mogelijk dat deze locatie hierin naar voren zal komen, maar dat is allerminst een gegeven.
Verkeerskundige analyse van deze locatie wijst uit dat buiten een aantal kleine maatregelen (parkeerkoffer ‘uit de voorrang’ en snelheidsregime wijzigen van woonerf naar 30 km/h) herinrichting niet noodzakelijk/zinvol is. Aanleiding voor deze analyse waren signalen en wensen vanuit de gemeenschap o.a. naar aanleiding van een op handen zijnde verhuizing van de Brede School Overdinkel naar ’t Trefhuus. Nu deze verhuizing van de baan lijkt, is er
3
4
vooralsnog dan ook geen aanleiding om -buiten voornoemde maatregelen- de Hoofdstraat op deze locatie opnieuw in te richten.
4