CConstaterende datLosser
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen fractie Burgerforum.pdf

Raadsvergadering 8 maart 2022, gemeente LosserBij agendapunt: Oprichten Regionaal Energie Bedrijf Noordoost Twente3.120 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Memo Datum 7 februari 2022 Van Wilma Paalman-Vloedgraven Aan Jami van Essen, wethouder gemeente Losser Kopie aan Dick Ramerman Onderwerp Antwoorden vragen BF

VRAGEN BF AGENDAPUNT 4 Gemeenten nemen na 5 jaar een besluit of zij de REB-NOT zullen verlaten? Vraag: Kun je zonder financiële kosten uitstappen, stopt ook de financiële betrokkenheid en wat kunnen de consequenties zijn voor de “blijvende” gemeente?

Antwoord: Je kunt zonder financiële kosten uitstappen, mits aan de afgesproken verplichtingen is voldaan. Het is een coöperatie U.A., dus met uitgesloten aansprakelijkheid. De financiële betrokkenheid stopt niet voor zover het de uitkeringen/vergoedingen betreft die op dat moment nog lopen, zie concept-statuten artikel 19 lid 3. De voorfinanciering wordt gebruikt voor het ontwikkelen van projecten tot het realiseren van de praktijk, een periode van 1 tot 2 jaar in beslag nemend. Vraag: Er wordt gesproken over een directeur/projectleider en hier zal ongetwijfeld een prijskaartje aan hangen. Is dat meegenomen in het financiële plaatje van 1 euro per inwoner?

Antwoord: Voor de 1e 2 jaar worden de personele kosten voor een belangrijk deel betaald vanuit de bijdrage van € 1. Deze zijn opgenomen in de begroting, zie begroting in het projectplan. Uitgangspunt is dat de ondersteuning vanuit het REB-NOT die door de LEI’s voor hun projecten wordt gevraagd, vanuit die projecten wordt betaald. Kosten die worden gemaakt voor projecten die het REB-NOT zelf uitvoert worden meegenomen in de investering. Vraag: Waaraan moeten we denken bij grootschalige projecten?

Antwoord: Alle projecten die betrekking hebben op de opwekking van duurzame energie en niet door de aangesloten LEI’s worden uitgevoerd. Dit kunnen dus projecten zijn zowel op het gebied van zon, wind, water, biomassa. Afhankelijk van wat wordt toegestaan door gemeentelijk beleid. Vraag: Hoe gaat die 50% verdeling in de praktijk. Bij zonneparken gaan daar dan nog de nodige kosten af die de commerciële partij maakt, hoe zit dat hier en hoe kan dat gecontroleerd worden?

Antwoord: Bij samenwerking met een commerciële partij wordt de 50 % deelname altijd gerealiseerd door het project feitelijk in tweeën te delen. REB-NOT heeft dan voor haar deel het volledige eigendom, de zeggenschap en het risico. Vanzelfsprekend kunnen er afspraken gemaakt worden over gezamenlijke realisatie/exploitatie, maar uitsluitend op basis van gelijkwaardigheid. Overigens is het natuurlijk ook mogelijk dat het REB-NOT projecten realiseert met 100 % Lokaal Eigendom. Vraag: Welke rol kan de REB spelen op het gebied van energiearmoede. Wat moeten we ons daarbij voorstellen?

Antwoord: Het exploitatieresultaat van een project komt via een gebiedsfonds ten goede aan de inwoners van een gebied/gemeente. Over de besteding worden gezamenlijk afspraken gemaakt.

Door projecten uit te voeren met een garantstelling van de gemeente, kan iedereen meedoen aan projecten zonder te investeren en dus ook profiteren. Ten aanzien van risicodragend vermogen. Deelname is hier mogelijk bij grootschalige projecten. Indien dat het geval is zal hierover een afzonderlijk besluit worden genomen. Vraag: Hoe gaat die besluitvorming dan? In elke raad afzonderlijk? En wat kan dan de consequentie zijn als een van de gemeenten NEE zegt?

Antwoord: Bij grootschalige projecten is er sprake van een risicovolle ontwikkelfase. Het REB-NOT ontwikkelt dit project dan in opdracht van 1 of meer partijen, al dan niet vertegenwoordigd in het REB-NOT. Over deze ontwikkelfase en de financiering daarvan maak je afspraken met de betrokken partijen. REB-NOT geeft daarbij de mogelijkheden en de kaders aan. Financiering van deze ontwikkelfase kan plaatsvinden via het Ontwikkelfonds van de Provincie Overijssel of door crowdfunding onder inwoners en bedrijven. In dat geval vindt besluitvorming bij de betrokken partijen en in het REB-NOT plaats. Indien het een project van de gemeente zelf betreft en/of de gemeente wil bijdragen in de financiering van de risicovolle ontwikkelfase, dan vindt over die deelname in die gemeente afzonderlijk besluitvorming plaats. Vraag: Lusten en Lasten: Hoe kun je lusten bij ALLE inwoners terecht laten komen? In welke vorm?

Antwoord: De besteding van het resultaat gebeurt volgens van tevoren gemaakte afspraken. De specifieke uitkeringen aan direct omwonenden vallen onder de kosten en worden dus altijd eerst betaald. De middelen die overblijven nadat aan alle verplichtingen is voldaan, worden verdeeld volgens van te voren gemaakte afspraken, dat kan dus op verschillende manieren ten goede komen aan alle inwoners, zowel direct (vergoeding/uitkering) als indirect (voorzieningen). Om de kosten in de ontwikkelfase voor gemeenten te beperken wordt ook genoemd de mogelijkheid van crowdfunding onder inwoners in de vorm van een risicodragende lening tegen een aantrekkelijke rente: Vraag: Wie regelt dat dan?

Antwoord: REB-NOT organiseert dan de crowdfunding. Verschillende LEI’s hebben hier inmiddels ervaring mee opgedaan. Vraag: Welke principiële redenen had Oldenzaal om niet mee te doen?

Antwoord: Gemeente Oldenzaal heeft aangegeven in eerste instantie geen zitting te nemen in de rechtspersoon. Men heeft dus de mogelijkheid opengehouden om dit in een later stadium wel te doen. In Oldenzaal lagen geen moties of uitspraken van de gemeenteraad voor een gemeentelijk of regionaal energiebedrijf. In de nieuwe raad zal e.e.a. worden besproken. De principiële reden waren de uitspraken gedaan rondom Twence en het standpunt inzake Verbonden Partijen. Deze uitspraken gelden voor de huidige coalitieperiode. Verhouding Twence en de rol die Twence zou kunnen spelen bij grootschalige projecten. Opmerkelijk is ook dat Twence in de stukken van Dinkelland niet genoemd wordt! Vraag: Aan welke grootschalige projecten moeten we dan denken en hoe moeten we de rol van Twence zien. Samen werken is prima, maar onder welke voorwaarden doet Twence dat?

Antwoord: Twence is een bedrijf dat ook van ons als gemeente is. Omdat zij ook (namens gemeenten) duurzame projecten in onze regio realiseren is het belangrijk om de verhouding tussen REB-NOT en Twence te beschouwen en ze met elkaar te verbinden. In Hof van Twente heeft Twence bijvoorbeeld al op kleine schaal samengewerkt met een aantal LEI’s in die gemeente. In het contact met Twence hierover is gebleken dat men openstaat voor dit soort samenwerkingen

In de stukken van Losser wordt gesproken over een inspanningsverplichting om te komen tot 50% lokaal eigendom en dat het ontbreken daarvan een reden kan zijn om de omgevingsvergunning te weigeren. In de stukken van de gemeente Dinkelland wordt dit nog duidelijker beschreven: "het ontbreken van 50% lokaal eigendom kan een reden zijn om de omgevingsvergunning te weigeren" Daarmee wordt in de tekst van Losser de indruk gewekt dat er alleen sprake moet zijn van een inspanningsverplichting. Vraag: Is het ontbreken van een inspanningsverplichting reden om een omgevingsvergunning te weigeren of is het ontbreken van 50% lokaal eigendom een reden om een omgevingsvergunning te weigeren. Antwoord: Deze vraag wordt beantwoord onder ‘vragen bij raadsvoorstel beleidsnotitie lokaal eigendom’ verder op in de beantwoording. In de stukken van Dinkelland staat onder "Definitie van lokale omgeving: Er is geen landelijke standaard voor wat de lokale omgeving van een energieproject is. Welke bewoners, (agrarische) grondeigenaren en ondernemers onderdeel zijn van de lokale omgeving wordt per soort project bepaald." Dit staat niet niet in de stukken van de gemeente Losser. Vraag: Wie bepaalt of er wel/geen sprake is van een lokale omgeving (definitie lokaal eigendom)?

Antwoord: Er is altijd sprake van een lokale omgeving. Alleen kan de grootte van wat aangemerkt als lokale omgeving verschillen. Voor een windpark bijvoorbeeld is de lokale omgeving groter dan bij een zonnepark. Vraag: Wie gaat er namens de gemeente Losser in het bestuur zitting nemen van de REB?

Antwoord: Hier moeten nog nadere afspraken over worden gemaakt, maar het ligt voor de hand dat het bestuur mede wordt gevormd door (een afvaardiging van) de portefeuillehouders duurzaamheid van Dinkelland, Tubbergen en Losser. Vraag: Welke ambities zou Losser via de REB willen realiseren? Dinkelland noemt bijvoorbeeld faciliteren van een biogas(rotonde). De biogas/groengas plannen vallen onder de ambitie om een beheerentiteit Groen Gas NOT op te richten, waarover u als raad ook bent geïnformeerd. Voor het REB-NOT denken we in eerste aanleg aan het voltrekken van zon-op-dakprojecten samen met de coöperaties. Overtekening van de fondsen SCE, SDE. In januari 2021 SDE++ met 1,4 miljard overtekend SDE++ overtekend - Zon en CO2 aan kop - CCS Energie-advies (ccsenergieadvies.nl). December 2021 (dus recent) SDE++ extreem overtekend SDE++ overtekend - Zon en CO2 aan kop - CCS Energie-advies (ccsenergieadvies.nl) SCE in april opengesteld 2021 en in juni 2021 al overtekend Postcoderoossubsidie SCE - Energie Samen Vraag: Wat zijn hiervan de risico's voor de REB?

Antwoord: Financiële risico zit in de ontwikkelingsfase, daarna (bij financial close) is er nauwelijks nog risico. STATUTEN Artikel 7 Projecten, Productie-installaties, Gebiedsfondsen en Exploitatieresultaten 1. De Coöperatie ondersteunt aangesloten leden vanuit de groep LEI’s bij het realiseren van projecten voor de opwekking van duurzame energie met behulp van de Subsidieregeling Coöperatieve Energieopwekking. Per project of groep projecten worden afspraken gemaakt over de mate van ondersteuning en de verrekening daarvan.

2. De Coöperatie realiseert zelfstandig of in samenwerking met anderen grootschalige productie installaties door middel van de Subsidieregeling Duurzame Energieopwekking SDE). 3. Voor elke grootschalige productie-installatie zoals bedoeld in artikel 2 wordt een aparte B.V. opgericht waarvan de Coöperatie de enige aandeelhouder is. 4. Voor de in artikel 2 bedoelde productie-installaties wordt jaarlijks per gerealiseerde MWh een bedrag van minimaal € 1,00 gestort in een Gebiedsfonds dat gerealiseerd wordt in het gebied waarin de productie-installatie wordt gerealiseerd. Dit Gebiedsfonds wordt beheerd door een beheerder, die gevormd wordt door een bestaande of nieuw op te richten rechtspersoon, bestaande uit inwoners van het betrokken gebied Vraag: In artikel 7 wordt in 3 en 4 verwezen naar artikel 2. Echter artikel van de statuten gaat over de naam en zetel van de coöperatie en niet over grootschalige productie installaties. Die worden wel benoemd in artikel 7 lid 2; moet artikel 2 dan ook niet lid 2 zijn?

Antwoord: Dit is correct, dient lid 2 te zijn, zal worden aangepast. Het betreft overigens conceptstatuten die nog door de notaris zullen worden beoordeeld en aangepast. Artikel 8 Lidmaatschap 1. Er zijn twee groepen leden die gelijkwaardig zijn, zie verder artikel 12. 2. De eerste groep leden bestaat uit minimaal één en maximaal vier gemeenten in Noordoost Twente (Dinkelland, Losser, Oldenzaal en Tubbergen) Vraag: De gemeente Oldenzaal doet niet mee in het REB, draagt wel financieel bij. Dus moet Oldenzaal wel genoemd worden in de statuten nu duidelijk is dat zij niet willen deelnemen aan het REB?

Antwoord: Zie antwoord op eerdere vraag. Gemeente Oldenzaal heeft aangegeven in eerste instantie geen zitting te nemen in de rechtspersoon. BF vragen Raadsvoorstel Beleidsnotitie Lokaal Eigendom bij grootschalige Inhoud: Met deze beleidsnotitie als derde raadsvoorstel wordt bereikt dat waar mogelijk ook de realisatie van 50% lokaal eigendom in het beleid van de gemeenten vastgelegd wordt. Daarmee wordt bereikt dat elke initiatiefnemer in ieder geval een inspanningsverplichting heeft om te komen tot 50% lokaal eigendom en kan het ontbreken daarvan reden zijn om een omgevingsvergunning te weigeren. Vragen: Er staat daar waar mogelijk, waar zou het bijvoorbeeld dan NIET mogelijk zijn? En een inspanningsverplichting is een vaag begrip. Wanneer is wel of niet aan die inspanningsverplichting voldaan?

Antwoord: Probleem is dat je geen keiharde eisen kunt opnemen omdat e.e.a. niet geregeld kan worden in het Ruimtelijk Beleid. Zoals aangegeven ontbreekt jurisprudentie in hoeverre gemeenten dit kunnen “afdwingen”. Of een initiatiefnemer aan de inspanningsverplichting heeft voldaan is ter beoordeling aan de gemeente bij de behandeling van de omgevingsvergunning, dus uiteindelijk aan de gemeenteraad. Als een initiatiefnemer het met deze beoordeling niet eens is, kan deze een procedure aanspannen, zodat er uiteindelijk meer duidelijkheid ontstaat wat wel en niet aan eisen kan worden gesteld. “ Dat inzet van dit gesprek is om te komen tot een gezamenlijk traject tot realisatie met als uitgangspunt de realisatie van 50% lokaal eigendom. Dat op deze manier zowel de lasten als de lusten ten goede komen van de gemeenschap en de acceptatie van grootschalige hernieuwbare energieprojecten wordt vergroot.” Vraag: Iemand van de provincie gaf in een RES bijeenkomst een keer aan dat je dit

niet kunt afdwingen. Dus hoe borg je dat en wat als ze dat niet willen afspreken/vastleggen??

Antwoord: Zie hiervoor. Je kunt het inderdaad niet afdwingen, vandaar ook de gekozen formuleringen. Zoals aangegeven kan een gemeente de omgevingsvergunning op die gronden weigeren (als het opgenomen is in het beleid) en dan is het aan een initiatiefnemer om hiertegen in bezwaar en beroep te gaan. Inhoud: hernieuwbare energieprojecten 50% lokaal eigendom wordt nagestreefd. In de RES Twente hebben de gemeenten met elkaar afgesproken dat bij grootschalige hernieuwbare energieprojecten 50% lokaal eigendom wordt nagestreefd. Opmerking: Maar dat is dus niet het geval. Dinkelland formuleert het net wat anders!! Zie eerdere schriftelijke vraag. Graag reactie.

Antwoord: Zie antwoord hiervoor. Inhoud: gesprek over de invulling van 50% 1.2 Vaststelling van deze beleidsnotitie heeft gevolgen voor het zonneveldenbeleid en het concept windbeleid, waarin de lokale participatie anders is vormgegeven. Zonneveldenbeleid kent het totale streven dat 25% van de omvang van het zonneveldproject wordt ingezet aan vormen voor participatie. Het concept windbeleid gaat uit van de regel 1\/3, 1\/3, 1\/3 (te weten: ontwikkelaar, grondeigenaar, participanten\/ omwonenden). De beleidsnotitie gaat uit van minimaal 50% lokaal eigendom, waarin elk project invulling geeft aan deze minimale eis, met als voordeel dat er vooraf geen verder onderscheid wordt gemaakt tussen partijen die het lokaal eigendom vertegenwoordigen. Hierdoor ontstaat er als vanzelf meer maatschappelijke gedragenheid, met niet alleen een grotere kans op werkelijke realisatie, maar ook de kans op meer dan 50% lokaal eigendom. Vraag: Overruled deze beleidsnotatie dan die andere afspraken??? Zonnevelden en windbeleid. Antwoord: Ja, deze beleidsnotitie is leidend. Het zonneveldenbeleid stamt uit de tijd voor het klimaatakkoord. Het concept-windbeleid zal moeten worden aangepast op deze beleidsnotitie.

BF Raadsvoorstel Garantstelling voor duurzame energie opwekking van REB-NOT.pdf Algemeen: Ik had graag een simpel financieel overzichtje gezien. Inhoud: geldlening door leden van energiecoöperaties. Door het uitgangspunt te hanteren dat er geleend kan worden tegen een zo laag mogelijke rente voor de senior lening ontstaat er meer ruimte voor het verstrekken van een goede rente op de achtergestelde geldlening en ruimte voor gezamenlijk te bepalen doelen, zoals het bestrijden van energiearmoede en het financieren of ondersteunen van nieuwe initiatieven voor duurzame energie. Vraag: Graag uitleg bij de technische briefing over hoe energie armoede aangepakt kan worden. Antwoord: Het REB-NOT is niet primair een vehicle om energie-armoede aan te pakken. Bij besteding van de opbrengsten kunnen er (in samenspraak met de omgeving en de coöperaties) afspraken worden gemaakt waar revenuen in de omgeving zouden moeten landen. Zie ook de antwoorden op de eerdere vragen. Opmerking: 15-16 jarige dakvergoeding. Vraag: Aan welke bedragen moeten we dan denken?

Antwoord: Dakvergoedingen die in Twente betaald worden liggen in het algemeen op € 3 tot € 4 per paneel of op een bedrag per kWh dat daarmee overeenkomt. Inhoud: Uit ervaringen In Hof van Twente is gebleken dat vooral agrariërs het erg aantrekkelijk vinden om met het direct na plaatsing van de panelen door de coöperatie te ontvangen voorschot of afkoopbedrag in eigen panelen te investeren om zo met gebruik van de Salderingsregeling met eigen panelen in de stroombehoefte van het bedrijf te voorzien. De gemeentelijke financiering werkt dan als een multiplier: het leidt niet alleen tot plaatsing van panelen door de coöperatie, maar ook door plaatsing van panelen door de ondernemer zelf. Die laatste bespaart door gebruik van de Salderingsregeling overigens substantieel op zijn stroomkosten. Vraag: Maar dat zou toch afgebouwd worden, dus is er nog grote onzekerheid over. En wat als het net de stroom niet af kan nemen. Dat is op veel plekken nog een probleem. Antwoord: Op dit moment is dit in Twente nog niet echt een probleem. Salderingsregeling is aangekondigd dat deze wordt afgebouwd in de periode 2023-2030, maar er is nog steeds geen definitief besluit over genomen.

Iedereen die de komende jaren investeert heeft dus nog dat voordeel, bovendien wordt een groot deel van de stroom die bij agrarische bedrijven wordt opgewekt meteen op het bedrijf gebruikt en dus niet geleverd aan het net. Deze stroom valt sowieso buiten de salderingsregeling. Inhoud: Risico’s zijn beperkt Vraag: Wat is het worst case scenario? Antwoord: De lening is een seniorlening, dus gaat voor bij rente en aflossing. Worst-case-scenario zou kunnen zijn dat de voor 15 jaar gegarandeerde inkomsten vanuit het Rijk door deze niet worden nagekomen en de coöperatie daardoor niet aan haar aflossingsverplichtingen kan voldoen. Deze scenario’s – het niet nakomen SDE afspraken en wegvallen verkoop stroom - zijn zeer onwaarschijnlijk. Dan zou geen ondernemer of initiatiefnemer meer een duurzaam stroomproject opzetten. Een deel van de inkomsten behoudt het REB-NOT altijd, dat zijn de inkomsten uit de verkoop van de stroom. Als ook deze zou wegvallen, komt de aflossing over een periode van 15 jaar in gevaar. Aangezien bijvoorbeeld zonnepanelen 25 jaar meegaan, zou er op dat moment met de BNG andere afspraken gemaakt moeten worden. Inhoud: dat alle inwoners kunnen meeprofiteren. Vraag: Op welke wijze bijvoorbeeld? Antwoord: Zowel direct als indirect. Direct door mee te doen met projecten van LEI’s (coöperaties) of door een uitkering/vergoeding vanuit resultaten.

Indirect door te profiteren van voorzieningen die met resultaten gerealiseerd kunnen worden. Inhoud: Tenslotte wordt het hierdoor mogelijk gemaakt dat ieder inkomen kan meedoen met en profiteren van de opwekking van duurzame energie. Met deze wetenschap is onzes inziens uitstekend te verdedigen dat hier sprake is van een taak met publiek belang Opmerking: Als aan die voorwaarde van ALLE INWONERS wordt voldaan, dan wel. Vraag: Hoe stellig kunnen we dat stellen? Antwoord: Lid worden van een coöperatie is mogelijk voor iedereen met een eigen woonadres. De bijdrage van € 10 is minimaal en zou voor mensen met een uitkering kunnen worden vergoed.

Waar het resultaat aan besteed wordt is onderdeel van de afspraken die per project gemaakt worden. Op deze manier kan iedereen meedoen en profiteren. Vraag: Wat is de consequentie als crowdfunding niet lukt? Antwoord: Als crowdfunding onder de eigen inwoners en bedrijven niet lukt, kan breder aangeboden worden. Tot dusverre zijn er voor zover bekend geen projecten niet doorgegaan op het gebied van duurzame energie omdat er onvoldoende belangstelling voor de crowdfunding was. Inhoud: Wel is er uitgebreid met diverse vertegenwoordigers van Lokale Energie Initiatieven (LEI’s) in Noordoost Twente gesproken. Vraag: Wat is hier uit gekomen? Waren er ook bezwaren? Antwoord: Er is niet alleen uitgebreid met de LEI’s gesproken, zij hebben ook een actieve bijdrage gehad in het opstellen van de stukken. Bezwaren tegen een gezamenlijk REB-NOT zijn er niet, dat zou wel het geval zijn geweest als de gemeenten een REB-NOT hadden opgericht zonder de LEI’s. Vanzelfsprekend zijn er ook nog vragen over hoe het in de praktijk zal gaan werken. Het wordt gezien als een organisch proces, waarbij al werkende wijs zaken verder ingevuld gaan worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Losser&id=dcf69346-564e-488a-bd16-a98b4c8cafbe