Antwoorden schriftelijke vragen def.pdf
Tekst van het document
Beantwoording technische vragen over de concept-begroting 2022 BF 1 Vraag: Welke instrumenten zijn er om de belastingdruk in onze gemeente te kunnen verlagen zonder dat wij financiële risico’s gaan lopen? Antwoord: Jaarlijks neemt de raad een besluit over de belastingtarieven. De opbrengst van de belastingen is als bate meegenomen in de Programmabegroting. Verlaging van de belastingtarieven leidt tot een lagere opbrengst en leidt tot een dekkingsprobleem. Volgens de spelregels die we in Losser met elkaar hebben afgesproken, vinden afwegingen hierover bij de Voorjaarsnota plaats. BF 2 Grondexploitatie Vraag: Hoe is het percentage opbrengst (van de totale inkomsten begroting) van de grondexploitatie precies opgebouwd en hoe is het verloop de komende jaren? Antwoord: Begroting (bedragen x € 1.000) A) Baten grondexploitatie B) Paragraaf 4.1 Pb totale baten Percentage A t.o.v. B
2022 4.109 65.706
2023 2.573 62.391
2024 767 60.689
2025 531 61.560
6,3%
4,1%
1,3%
0,9%
BF 3 Om de gemeenten in staat te stellen een goede kostenonderbouwing te maken, heeft de VNG modellen ontwikkeld. Voor elke grote heffing is een eigen model beschikbaar. Het model zorgt voor een eenduidige, transparante onderbouwing van de individuele heffing. Er zijn o.a. modellen kostenonderbouwing beschikbaar van de rioolheffing en afvalstoffenheffing. Vraag: Maakt de gemeente gebruik van deze modellen? Antwoord: Ja, hier maakt Losser gebruik van. BF 4 Vraag: Kunnen wij de kostenonderbouwing krijgen van de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Antwoord: Zie volgende bladzijde.
1
AFVAL
2022
Huishoudelijk afval
Personeel, communicatie, organisatie Verwerkingskosten (o.a. Twence, Remondis, etc. ) Twente Milieu
€ 241.265 € 163.467 € 740.274 € 1.145.007
Afvalbrengpunt
Personeel, communicatie, organisatie Verwerkingskosten Kapitaallasten Inkomsten
€ 333.844 € 293.603 € 19.473 € 187.923€ 458.998
Overige afvalverwerking
Personeel Perceptiekosten Overige kosten afval Handhaving Kwijtschelding BTW Verrekening voorziening
€ € € € € € € €
157.437 70.566 16.680 27.415 81.540 246.215 41.957557.896
€ 2.161.900
RIOLERING
2022 Energie Onderhoud en diensten van derden Overhead Straatreiniging Kwijtschelding Kapitaallasten Doorberekende kosten Verrekening voorziening riolering BTW Overige kosten
€ 91.626 € 280.867 € 246.996 € 165.770 € 4.063 € 1.063.460 € 591.839 € 479.150 € 266.087 € 36.423 € 3.226.281
BF 5 pagina 4 / Inhoud: Algemeen: mutaties kleiner dan € 10.000 worden niet toegelicht. Vraag: Wie heeft dit bedrag bepaald? Antwoord: In de Financiële verordening 2018 van de gemeente Losser is hier niets over geregeld. Voor wat betreft de tussentijdse rapportage heeft de raad voor de toelichting in genoemde verordening een bedrag van € 10.000 als minimum ondergrens gekozen. Hier heeft het college bij aangesloten, uit oogpunt van doelmatigheid (d.i. de tijd die gemoeid is met het maken van de toelichtingen) en leesbaarheid van de jaarrekening. Bij de actualisatie van genoemde verordening kan de raad daar nieuwe afspraken over maken. BF 6 Pag. 9 / Inhoud: Gelet op de gemeentelijke declaraties in 2020, is een opwaartse aanpassing naar € 220.000 (stijging van € 100.000) verantwoord. Vraag: Graag uitleg? Gaat het bijv. om meer rekeningen die hiervoor in aanmerking komen? Antwoord: Tot twee decennia geleden betaalden gemeenten geen btw. Vanaf het begin van deze eeuw is dit wel het geval. Om gemeenten hiervoor financieel te compenseren is een Btw-compensatiefonds gevormd. De 2
voeding van dit compensatiefonds is het gemeentefonds. Een groot deel van de betaalde btw kunnen gemeenten via het Btw-compensatiefonds weer terugvragen. Declareren de gemeenten meer dan de omvang van het fonds, dan wordt extra geld aan het gemeentefonds onttrokken (ten koste van de collectieve gemeenten). Wordt minder gedeclareerd en blijft geld in het compensatiefonds over, dan vindt een toevoeging aan het gemeentefonds plaats. Gemeenten mogen hier zelf een reële raming voor opnemen. De regels hiervoor zijn door de provincie aangescherpt, waardoor Losser nog slechts € 100.000 heeft geraamd. Op basis van informatie uit de meicirculaire van 2021 kunnen we het geraamde bedrag in onze begroting met € 100.000 verhogen, omdat het collectief van gemeenten over 2020 minder compensabele btw heeft gedeclareerd. BF 7 Pag. 15 / Baten en lasten Vraag: Waarom zijn de hier de kleuren die staan voor de programma’s bij baten niet gelijk aan lasten? Dit is wat verwarrend. Antwoord: Inderdaad is dit verwarrend. We zorgen er voor dat deze kleuren in het vervolg wel aan elkaar gelijk zijn. BF 8 Pag. 17 / gebiedsagenda Overdinkel O&S Vraag: Wanneer kunnen we die verwachten? Antwoord: In de voortgangsrapportage van de Pitstop projecten is de planning aangegeven. In timebox 3 wordt de concept gebiedsagenda opgesteld. Dat is medio november 2021. BF 9 Pag.
18 / ondersteuning vrijwilligers Vraag: Hoe staat het met het aantal beschikbare vrijwilligers en is de website hiervoor nog actueel? Antwoord: Het aantal beschikbare vrijwilligers bij Fundament is in totaal 218. De website van Fundament is vorig jaar vernieuwd en wordt voortdurend actueel gehouden. BF 10 Pag. 19 / Inhoud: Inmiddels is de coördinator van 't Trefhuus in dienst genomen bij woningcorporatie Domijn. Er zijn gesprekken gaande tussen Domijn, Stichting Kulturhus Overdinkel en gemeente over de toekomstige exploitatie van 't Trefhuus. Vraag: Graag uitleg en waar het op vast zit. Antwoord: De exploitatie van ’t Trefhuus is niet de verantwoordelijkheid van de gemeente. De Stichting Kulturhus Overdinkel (SKO) is de eerstverantwoordelijke voor de exploitatie. De stichting voert hierover met de eigenaar van het gebouw (Domijn) gesprekken omdat Domijn de eerste 5 jaren de exploitatie op zich heeft genomen en dat nu aan de Stichting overdraagt. De beheerder is nu in dienst bij Domijn zodat de personeelslasten niet voor rekening van de stichting komen. De gemeente volgt de gesprekken tussen deze partijen over de toekomstige exploitatie, maar treedt niet in de exploitatie. De gemeente heeft wel een overeenkomst gesloten met de SKO om het beheer van de sportzaal op zich te nemen en voteert daarvoor een beheersvergoeding aan de SKO. BF 11
3
pagina 19 / Inhoud: Lokaal Preventie Akkoord Vraag: Worden er inmiddels al ervaringsdeskundigen ingezet? Antwoord: Nee. Er zijn nog geen activiteiten gepland waarbij ervaringsdeskundigen ingezet kunnen worden. Hierover gaan we nog in overleg met betrokken organisaties. BF 12 Pag. 19 / Inhoud: Samen met omliggende gemeenten wordt gewerkt aan de lobby tot het behoud van gezondheidszorgvoorzieningen in de nabijheid van inwoners. Vraag: Lobby richting wie?? Wat moeten we ons hierbij voorstellen. Welke gezondheidszorgvoorzieningen? Antwoord: In 2020 is een intentieverklaring ondertekend waarin verschillende partijen uit de zorg- en welzijnsketen de handen ineensloegen om goede zorg dichtbij voor de oudere burgers in Dinkelland, Losser, Oldenzaal en Tubbergen te realiseren. Bij de ontwikkeling van de plannen zijn de volgende partijen betrokken: Carintreggeland, Zorgfederatie Oldenzaal, Zorggroep Sint Maarten, MST, Praktijk voor gespecialiseerde fysiotherapie Jeroen van der Weide, Gemeente Dinkelland, Gemeente Losser, Gemeente Oldenzaal, Gemeente Tubbergen, Menzis en Apotheek Oldenzaal. Het plan Goede Zorg Dichtbij bestaat uit de volgende onderdelen: 1) Creëren (extra) tijdelijk verblijf capaciteit in de regio 2) Opzet Geriatrisch Expertisecentrum 3) Opzet van een innovatiegarage Alle drie de concepten zouden moeten worden gehuisvest op locatie ‘Heil der kranken’ in Oldenzaal.
Het idee is om tijdelijk verblijf bedden te realiseren waar oudere burgers die herstelzorg nodig hebben terecht kunnen. In een Geriatrisch Expertisecentrum werken professionals uit de zorg- en welzijnsketen multidisciplinair samen om, op verzoek van de huisarts, doelgericht oplossingen te vinden voor complexe problematiek bij ouderen. Het betreft problematiek die niet in de eerste zorglijn kan worden opgelost. Vanuit de innovatiegarage wordt de onderlinge samenwerking in de keten bevorderd, worden ketenprocessen slimmer ingericht en verbeterd en wordt het aanbod aan oudere burgers regionaal beter op elkaar afgestemd/toegankelijker gemaakt. Waar mogelijk wordt subsidie aangevraagd voor de uitwerking van de genoemde concepten. Zodra de haalbaarheid is getoetst, vindt eventueel besluitvorming plaats met betrokken partijen en kan een projectfase starten waarin de concepten klaargemaakt worden voor gebruik in de praktijk. BF 13 Pag. 20 / Inhoud: Kinderen met een lichte beperking integreren we in reguliere (sport)activiteiten. Vraag: Wat wordt verstaan onder lichte beperking? Antwoord: Hieronder verstaan we ieder kind dat een lichte beperking en/of drempel ervaart om uit eigen beweging naar sport te gaan. Deze drempel of beperking kan betrekking hebben op diverse deelgebieden, zowel fysiek, mentaal als sociaal.
We willen graag dat deze kinderen mee kunnen (blijven) doen in reguliere (sport)activiteiten en geven ze waar nodig ondersteuning of bijsturing om over deze drempel heen te komen. BF 14 pagina 27 + 29 – onderwijshuisvesting / sportaccommodatie / riolering e.a.
4
De stijging komt door hogere afschrijvingslasten? Vraag: Is dit niet van tevoren bekend of te voorzien? Antwoord: Hogere afschrijvingslasten zijn het gevolg van investeringen. Voor het doen hiervan is krediet nodig, toe te kennen door de raad. Voor alle afschrijvingen die in de begroting 2022 zijn opgenomen is dit krediet ook verleend en is ook extra budget beschikbaar gesteld voor de dekking van de kapitaallasten (waaronder afschrijvingslasten). In de toelichting wordt gewezen op dit hogere budget (ter dekking van de afschrijvingslasten) in de begroting 2022, ten opzichte van de begroting 2021. Volledigheidshalve: de Programmabegroting 2022 is ook wat dit betreft in lijn met jaarschijf 2022 in de Voorjaarsnota 2021. BF 15 Pag. 26 – programma fysiek / De relatie tussen de dorpskernen en het omliggende landschap in de gemeente Losser is duurzaam versterkt. Vraag: Hoe? Graag uitleg. Antwoord: Een sterke kracht van Losser is het fraaie (nationale) landschap waarin de dorpskernen zich als het ware nestelen. De fysiek/ruimtelijke verbinding tussen de bebouwde omgeving en entrees met het landschap kan versterkt worden. Middels de visies “Kwaliteitsimpulsen” die voor de verschillende kernen zijn of nog worden gemaakt, wordt hieraan invulling gegeven. Een voorbeeld is de Kwaliteitsimpuls De Lutte.
In de door de Raad in 2017 vastgestelde visie is het versterken van de relatie tussen kern en de entrees en het omliggende landschap als één van de verbeterpunten aangemerkt. Vervolgens vindt de uitvoering plaats via het MIP en het Uitvoeringsprogramma Kwaliteitsimpuls De Lutte. Hierin is het deelproject: “verfraaien entrees en verzachten dorpsranden De Lutte” geïnitieerd. Op dit moment vindt het ontwerpproces van dit deelproject plaats. BF 16 Pag. 26 / Er zijn maatregelen genomen om verontreiniging van de bodem te voorkomen. Vraag: Welke maatregelen moeten we dan aan denken? Antwoord: Het betreft hier beleidsmatige en uitvoerende “maatregelen”. Bij beleidsmatig betreft het bijvoorbeeld het daar waar nodig wijzigen/aanscherpen van de bodemkwaliteitseisen (via de regionale bodemkwaliteitskaart). Op dit moment is nog steeds de bedoeling meer te doen aan de monitoring en evaluatie van het beleid. Dit wordt zoveel mogelijk regionaal opgepakt. De uitvoering in de vorm van vergunningverlening en toezicht ligt ook voor bodem, één van de milieuaspecten, voor een groot deel bij de Omgevingsdienst Twente. Het streven om hier, naast het reguliere toezicht vanuit de ODT, ook door Domein II boa’s (milieu c.a.) op te laten handhaven staat nog steeds. BF 17 Pag.. 36 / Bij resultaat doelstelling staat dat de gemeente Losser is 2022 minimaal20% energieneutraal is.
Vraag: Halen we dat volgens de nu beschikbare gegevens? Antwoord: De doelstelling van 20% duurzame opwek op basis van het gas- en stroomverbruik in 2022 wordt net niet gehaald is de verwachting. De nieuwe data over het jaar 2020 wordt eind deze maand vrijgegeven door het RVO en verwerkt in de monitor van de RES Twente. In december is op basis van de update een betere inschatting te maken.
5
BF 18 Pag. 37 / Daar staat bij 4 resultaat doelstelling: De gemeente Losser borgt de omgevingskwaliteit en sociale cohesie door de actuele regels correct toe te passen en te handhaven en verantwoord ruimte te bieden. Vraag: wat moeten we verstaan onder “verantwoord de ruimte te bieden”? Antwoord: Onder “verantwoord de ruimte te bieden” moet worden verstaan om vanuit het denken vanuit de bedoeling nu al vooruit te lopen op de nieuwe Omgevingswet en het op basis daarvan nog op te stellen Omgevingsplan, door als het enigszins kan voor ontwikkelingen maatwerk te leveren. BF 19 Pag. 37 / Inhoud: De openbare ruimte is schoon, heel en veilig. De openbare ruimte is kwalitatief passend ingericht afgestemd op de gebruiksfunctie. Vraag: Ook voor mensen met een beperking?? Antwoord: De geldende normen en richtlijnen waar wij ons op beroepen bij het opstellen van ontwerpen in de openbare ruimte, zoals met name die van het CROW, zijn tot stand gekomen met betrokkenheid van o.a. (vertegenwoordigingsorganen van) mensen met een beperking. Derhalve wordt onze openbare ruimte per definitie -naast schoon, heel en veilig- kwalitatief passend ingericht en afgestemd op de gebruiksfunctie. Ook voor mensen met een beperking.
Tijdens de planvorming voor projecten in de openbare ruimte worden (samenwerkings)partners en vertegenwoordigers van inwoners(groepen) betrokken, naast het feit dat alle inwoners kennis kunnen nemen van onze plannen. Als de context van een project aanleiding geeft om een specifieke groep belanghebbenden nauwer te betrekken bij het ontwerpproces, dan worden ook zij proactief betrokken bij de planvorming. Dit zouden bijvoorbeeld mensen met een beperking kunnen zijn. Op deze manier vindt er in de verschillende stadia van het ontwerpproces overleg plaats met de meest relevante gebruikers om te komen tot een gedegen en integrale belangenafweging met als eindresultaat een inclusief, gebruikersgericht en gedragen ontwerp. BF 20 Op pag. 40 wordt gesproken over de doelstelling vaststelling windbeleid. Vraag: Dit zou direct na de zomervakantie in de raad komen maar dat is niet gebeurd. Wanneer kunnen we dit nu dan verwachten? Antwoord: De verwachting is nu dat het windbeleid rond de zomer van 2022 aan de raden in Noordoost Twente ter besluitvorming wordt voorgelegd. BF 21 Pagina 47 / beheer overige gebouwen en gronden De lasten stijgen door maatregelen duurzaamheid. Vraag: Aan welke investeringen ad.
304.000 euro moeten we dan denken? Antwoord: Deze extra investering op ons meerjaren onderhoud (MOP) is gericht op de verduurzaming van onze gebouwen voor de eigen dienst en maatschappelijke doeleinden. De investering is gericht op het verbeteren van de energielabels van deze gebouwen van energielabel C naar A . Daarbij moet men denken aan (extra) isolatie (van dak, gevels en vloeren), toepassen van HR++ beglazing en LED verlichting. De
6
lasten worden (deels) gedekt door de besparing op energie kosten die met deze maatregelen wordt bereikt. BF 22 Pagina 48 – bedrijfsloket en regelingen “Dit wordt veroorzaakt doordat er vanaf 2022 15.000 euro geraamd wordt voor de gemeentelijke inbreng SWV centrum Losser.” Vraag: Wat wordt hiermee bedoeld? Antwoord: In de Voorjaarsnota 2021 hebben we aangegeven dat voor een toekomstbestendig centrum van Losser, ook sprake moet zijn van een structureel samenwerkingsverband tussen centrumondernemers, gemeente en andere investeerders. De raad heeft voor dit doel in genoemde nota € 15.000 opgenomen. Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar bladzijde 35, onderdeel 6), van de Voorjaarsnota 2021. BF 23 VEILIGHEID EN HANDHAVING Pag. 53 / Ondermijning Vraag: Is er genoeg ambtelijke capaciteit en voldoende budget om goed uitvoering te kunnen geven aan de wet BIBOB? Antwoord: Op dit moment wordt de toetsing aan de wet BIBOB uitgevoerd door de vergunningverleners. Naast deze toetsing op zaakniveau is de insteek om een aanspreekpunt voor de BIBOB te hebben (BIBOB-coördinator). Door personeelswisselingen heeft dit proces helaas vertraging opgelopen. De insteek is nu om vanaf 2022 een BIBOB-coördinator te hebben. De BIBOB toetsing - volgens het huidige beleid - past binnen de huidige formatie en budget.
BF 24 Vraag: Op welke manieren worden medewerkers van het sociaal domein getraind signalen van ondermijning te onderkennen?" Antwoord: Afgelopen jaar hebben de beleidsmedewerker Veiligheid en Sociaal Rechercheur I Toezichthouder WMO / BRP/ Jeugd voorlichting gegeven over het Riec en in het bijzonder over ondermijning. Daarnaast zijn onze consulenten dermate geschoold dat onderbuikgevoelens ten aanzien van o.a. ondermijning opgemerkt kunnen worden en deze vervolgens ook vertaalt worden naar vragen aan de inwoner (zeker bij de Pgb). Over de onderbuikgevoelens is tevens een werkafspraak gemaakt. Bij onderbuik gevoelens of vermoedens van ondermijning weten de consulenten dat ze dit moeten melden aan de procesmanager. De procesmanager bespreekt dit vervolgens met de beleidsmedewerker veiligheid en/of medewerker handhaving & toezicht en zij pakken het op en/of handelen het af. Mocht het een zorgaanbieder betreffen dan wordt dit ook gemeld bij de contractmanager. BF 25 Vraag: Wanneer is de infographic klaar? Nadere toelichting Burgerforum: Bij de behandeling van het integraal veiligheidsbeleid hebben wij gevraagd om een meldpunt ondermijning.
Dat heeft het niet gehaald, maar het antwoord van het college was dat er gewerkt werkt aan een infografic, zodat alle inwoners konden zien wat er allemaal aan meldpunten en informatievoorziening was en via die infografic doorgestuurd konden worden naar de betreffende onderdelen. Dus breder dan een meldpunt voor ondermijning, wat er overigens t.z.t wel onderdeel van zou kunnen uitmaken.
7
Antwoord: De infographic wordt naar verwachting begin november opgeleverd. BF 26 Vraag: Toegezegd is het Centrum voor Criminaliteitsbestrijding en Veiligheid in te schakelen. Is dat inmiddels gebeurd? Nadere toelichting fractie Burgerforum: Ook bij het IVB de toezegging om bij overlast/ondermijning het CCV in te schakelen om zodoende handvaten te krijgen voor het beleid en de uitwerking Antwoord: CCV is een partner die we indien nodig inschakelen. We raadplegen het CCV het hele jaar door op ontwikkelingen in het veiligheidsdomein. We krijgen continue de nodige informatie toegezonden vanuit dit centrum en blijven zo op de hoogte van recente ontwikkelingen. BF 27 Pag 67 van de PB 2022 van 458.000 naar 573.000 Vraag: Doorbelasting kosten bedrijfsvoering per programma en taakveld -> wat valt onder die doorbelasting? Antwoord: Onder de kosten van bedrijfsvoering vallen alle kosten die nodig zijn om de producten en diensten van de gemeente losser te kunnen maken/leveren. Dit zijn onder andere kosten van: personeel (niet zijnde het personeel, waarvan de kosten rechtstreeks aan taakvelden worden toegerekend), huisvesting, ICT en andere facilitaire kosten. BF 28 pagina 71 Inhoud: De Gemeentewet maakt voor de OZB onderscheid tussen woningen en niet-woningen.
Sportvelden, dorpshuizen, sportkantines, dorps- en buurthuizen worden voor de OZB aangemerkt als nietwoning en worden dienovereenkomstig in de belastingheffing betrokken (…. en verdere tekst over tegenstrijdigheid in de tekst en advies GBT voorlopig van de wetswijziging nog geen gebruik te maken.) Vraag: Begrijpen wij het goed dat er dus voorlopig nog niets gedaan wordt aan de OZB voor verenigingen e.d. En is in de begroting wel voorzien in een vorm van compensatie dan? Antwoord: Minister Ollongren heeft aangegeven dat de betreffende wettelijke bepaling voor gemeenten niet toepasbaar is. De Losserse gemeenteraad heeft hier in de belastingverordening dan ook geen gebruik van gemaakt. In de Losserse begroting is dan ook rekening gehouden met de volledige heffing. De raad heeft er niet voor gekozen om hier bij de Voorjaarsnota budget voor te reserveren. BF 29 Pag. 71 OZB / Inhoud: Met ingang van 2021 wordt voor alle woningen in Losser de gebruiksoppervlakte gebruikt om de WOZ-waarde te bepalen. Tot 2021 gebruikten we de bruto inhoud. Dit omdat veel andere instanties ook de gebruiksoppervlakte gebruiken, zoals makelaars, taxateurs en woningbouwverenigingen. Met de gebruiksoppervlakte wordt de grootte van de woningen bepaald.
Alle professionele organisaties gebruiken hiervoor dezelfde meetinstructies (meetinstructie gebruikersoppervlakte woningen juli 2019) waardoor de onderlinge vergelijkbaarheid wordt vergroot. Opmerking en vraag: In de praktijk blijkt dat ook carports en overkappingen in de m2 worden meegenomen. Is dat een correcte uitvoering en zo nee, wat als dat wel gebeurt? Antwoord:
8
Ja, dat is een correcte uitvoering. Bij alle WOZ-objecten, zijnde een woning, dienen wij de Gebruiksoppervlakte (GBO) te gaan hanteren. Echter, een WOZ-object bestaat in dat geval meestal uit een aantal deelobjecten. Bijvoorbeeld: - Grond - Woning - Carport - Vrijstaande berging - Aangebouwde garage - Dakkapel - Serre - Etc. Van ALLE deelobjecten, niet zijnde grond, moeten wij de Gebruiksoppervlakte registreren. Dus ook van een vrijstaande berging, een aangebouwde garage, een carport, een overkapping, een dierenverblijf, een serre, een zwembad binnen, een zwembad buiten etc. Daardoor krijgen dus alle deelobjecten (niet zijnde grond) een Gebruiksoppervlakte. Op de website van het GBTwente staat het één en ander verder uitgelegd: - Gebruiksoppervlakte (van m3 naar m2) (gbtwente.nl) -
Gebruiksoppervlakte (gbtwente.nl)
BF 30 Pag. 77 / risico’s / punt 2 “politiek / bestuur zit soms nog erg dicht op de uitvoering….etc.” Vraag: Graag uitleg m.b.t. die zinsnede. Antwoord: De genoemde zinsnede maakt al geruime tijd onderdeel uit van de post ‘Overige onvoorziene risico’s’, binnen de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing. Uit jurisprudentie blijkt dat een gezagsdrager toezeggingen kan doen, waar bijvoorbeeld een inwoner een beroep op kan doen. Dit kan een financieel risico met zich meebrengen. Het is goed om deze mogelijkheid als algemeen risico op te nemen. BF 31 Risico’s punt 9 garantstellingen. Vraag: Daar worden nog SCW, Muziekschool en Bib genoemd, maar dat is toch niet meer aan de orde? Antwoord: Het risico van de garantstellingen laat al jaren een dalende lijn zien en is ook in deze Programmabegroting weer geactualiseerd en iets verlaagd. In de toelichting wordt vanuit de historie aangegeven waar deze garantstellingen betrekking op hebben. Het klopt dat een deel van deze garantstellingen niet meer aan de orde is, waaronder die t.b.v. de inmiddels door Fundament afgestoten panden. BF 32 Pagina 93 – gemeenteraadsverkiezingen Er komt een experiment met nieuwe stembiljetten. Wij begrepen dat dit vooreerst alleen nog is bij herindelingsgemeenten, maar er zal een vervolg komen bij andere gemeenten. Vraag: Gaat de gemeente Losser hier aan meedoen? M.a.w.
is zij van plan zich hiervoor vrijwillig op te geven, ook als dat nog niet verplicht is? pagina 94
9
Antwoord: Nee, Losser gaat niet aan meedoen aan het experiment met nieuwe stembiljetten voor de gemeenteraadsverkiezing in 2022. Het wetsvoorstel Tijdelijke experimentenwet nieuwe stembiljetten is op 12 oktober in de Tweede Kamer behandeld en aangenomen. De Eerste Kamer moet het wetsvoorstel nog behandelen en aannemen. De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heeft toegezegd aan de Tweede Kamer dat het experiment niet plaatsvindt ten tijde van de gemeenteraadsverkiezing in 2022. BF 33 Pag 94 / Verbonden partijen en wijziging van de wet gemeenschappelijke regelingen om de democratische legitimatie te versterken. Er worden een aantal instrumenten hiervoor vermeld. Vraag: Welke van de instrumenten zal worden opgenomen in een actueel beleidskader verbonden partijen? Antwoord: De wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen is op dit moment nog in behandeling bij de Eerste Kamer. Het wetsvoorstel kent een aantal nieuwe elementen (genoemd in de paragraaf verbonden partijen), die beogen de democratische legitimatie van gemeenschappelijke regelingen te vergroten. Een aantal van deze elementen wordt rechtstreeks in de wet opgenomen of ziet op het handelen van de gemeenschappelijke regeling zelf, waarbij een wijziging van de gemeenschappelijke regeling noodzakelijk is. Die wijzigingen komen in ieder geval voor toestemming langs de gemeenteraad.
De bedoeling is om de wijzigingen vanuit de Wet gemeenschappelijke regelingen twentebreed af te stemmen, zodat voor alle gemeenschappelijke regelingen in Twente gelijkluidende bepalingen gaan gelden. Dit geldt voor kwesties waarvoor de gemeenteraden een standpunt moeten innemen, bijvoorbeeld de inzet van gemeenschappelijke adviescommissies, maar ook voor zaken die door de gemeenschappelijke regeling moeten worden geregeld, zoals de invulling van actieve informatieplicht of de participatie. Het Beleidskader verbonden partijen bevat zowel procedurele als inhoudelijke afspraken over de wijze van omgang met gemeenschappelijke regelingen en deelnemingen. Beide aspecten moeten als gevolg van de wetswijziging worden aangepast. De wijze waarop dit gaat gebeuren is afhankelijk van de definitieve tekst van de wet en van de afspraken die hier regionaal en lokaal over worden gemaakt. Dat het Beleidskader verbonden partijen moet worden geactualiseerd is op voorhand duidelijk. BF 34 Vraag: Het college heeft in januari 2020 al besloten om voor een risicomanagementsysteem bij voorkeur aan te sluiten bij Naris. Is hiervoor nu een bedrag in de begroting opgenomen (wij konden het niet vinden) en zo ja, welk bedrag. Antwoord: Ja, hiervoor is een bedrag in de begroting 2022 opgenomen. Verwezen wordt naar: a) bladzijde 25 van de Voorjaarsnota 2021, in tabel 6.1, onder punt 4.
b) Bladzijde 135 van de Programmabegroting 2022, ‘Overzicht prioriteiten bedrijfsvoering’, onder punt 4. Voor 2022 wordt een bedrag gevraagd van € 6.500 en voor de jaren daarna € 3.500. Vraag 35 is vervallen BF 36 Vanaf 100 / grondbeleid Op het Luttermolenveld zijn nog veel kavels “leeg” die in het bezit van een derde zijn.
10
Vraag: Om hoeveel kavels gaat het dan nog en is bekend waarom die zo vreselijk traag worden uitgegeven/verkocht? Antwoord: Het gaat hierbij om circa 65 kavels. De vraag vanuit de markt is bepalend voor het bouwtempo. BF 37 Pag. 104 / wonen aan het Dinkeldal: Vraag: Iets minder dan de helft van de kavels is geleverd staat er. Maar is de andere grond dan nog in bezit van de gemeente? Is de andere helft van de grond nog in eigendom van de gemeente? Zo ja, waarom verkoopt ze dit dan niet zelf? Antwoord: De niet verkochte kavels zijn nog in eigendom van de gemeente. De gemeente is contractueel verplicht deze kavels te leveren aan de ontwikkelaar Haafkes/Leclerq. De gemeente kan de nog niet verkochte kavels dus niet aan anderen verkopen. Ze zijn al verkocht maar nog niet allemaal afgenomen. De ontwikkelaar heeft hier al met al twee jaar de tijd voor en betaalt een rentevergoeding aan de gemeente voor de kavels die nog niet zijn afgenomen en betaald. BF 38 Algemene vraag: Door hoeveel initiatiefnemers is de gemeente benaderd met de vraag om iets te mogen ontwikkelen, waar en met welk resultaat? Antwoord: De gemeente wordt meerdere keren per jaar door initiatiefnemers benaderd met de vraag om een locatie voor woningbouw te mogen ontwikkelen. Daarbij worden allerlei overwegingen gemaakt op het vlak van: ruimtelijke overwegingen, woonvisie en andere relevante beleidsstukken.
Op basis hiervan worden initiatiefnemers geïnformeerd over haalbaarheid. Initiatiefnemers kunnen vervolgens altijd een principeverzoek indienen. Voor het overige antwoord op de vraag wordt verwezen naar Actieplan Woonvisie dat onlangs naar de raad is gestuurd. BF 39 Algemene vraag: Hoeveel kavels zijn in onze gemeente, onderverdeeld per kern, nog beschikbaar om te bouwen (zowel van de gemeente als van derden). Antwoord: Ook hiervoor verwijzen wij naar het Actieplan Woonvisie. BF 40 Pag. 107 – overzicht baten en lasten Vraag: Waarom is zo weinig onvoorzien voor 2022 opgenomen in relatie tot voorgaande en komende jaren? Antwoord: Het verschil tussen 2022 en 2021 houdt verband met het bedrag van € 500.000 ter dekking van de kosten die gemoeid zijn met de bestrijding van het Coronavirus. Dit bedrag is opgenomen onder ‘Onvoorzien’. Het gaat om een incidenteel bedrag voor 2020 en 2021. Ook is vanuit de resultaatbestemming in de jaarrekening 2020, in de begroting 2021 incidenteel € 48.000 voor handhaving en toezicht Corona opgenomen onder deze post.
11
Voor de jaren na 2023, 2024 en 2025 het volgende. In de meicirculaire is het indexpercentage door het rijk aangepast. Hierover hebben wij de raad in een raadsinformatie van 22 juni 2021 geïnformeerd (zie laatste alinea). De effecten voor 2022 zijn beperkt. De meerjarige effecten niet. in de jaren erna moet ten opzichte van 2022 een bedrag van € 455.000 (in 2025) extra worden geïndexeerd. Zie ook de toelichting op blz. 8 van de Programmabegroting 2022, tabel 1, vierde regel. Dit nadelige financiële effect is in de begroting centraal onder Onvoorzien geraamd. Bij de Voorjaarsnota 2022 wordt deze raming functioneel verwerkt. BF 41 Pagina 113 – algemene risicoreserve / Reserve Kulturhus 98.000 – Vraag: Welk kulturhus? Antwoord: ’T Lossers Hoes. BF 42 Algemene vraag: Hoe staat het met de exploitatie van ’t Lossers Hoes en welke risico’s lopen we hier? Antwoord: De financiële exploitatie van ’t Lossers Hoes is onveranderd. Eén partner de VVV Toerist Info heeft de huur opgezegd en de ruimte verlaten. VVV Toerist Info zal het contract dat voor 5 jaar is aangegaan uitdienen tot eind 2022 en aan bijbehorende financiële verplichtingen voldoen. Verder is de vraag naar meer verhuurbare oppervlakte (kantoor-/spreekruimten) bij onze partners alleen maar gestegen. Wij voorzien daarom geen leegstand van verhuurbare ruimtes.
BF 43 SOCIAAL DOMEIN Het viel ons op dat Losser Mentaal van plek 7 naar grootste aanbieder van de gemeente Losser is gegaan op het gebied van jeugdzorg. Vraag: Hoe zien de verwijzingen er uit? Waarvoor krijgen jeugdigen bijvoorbeeld hulp en door wie worden ze doorverwezen? Hoe is deze stijging te verklaren? Antwoord: De verwijzingen naar Mentaal Losser zijn allemaal verwijzingen voor Jeugd GGZ, dus ondersteuningsbehoefte 4. Mentaal Losser wordt zowel door onze consulenten ingezet als door externe verwijzers. Het is een lokale aanbieder, waardoor de reisafstand voor onze inwoners klein is. Daarnaast is de wachtlijst bij Mentaal Losser minder lang dan bij de grote Jeugd GGZ aanbieders, waardoor de inwoner de gewenste ondersteuning eerder ontvangt. Dat laatste is met name zichtbaar geworden bij de externe verwijzingen van afgelopen jaar. CDA 44 Op bladzijde 6 wordt gesproken over mogelijke voordelen vanwege de beweging die te constatering valt tussen rijk en gemeenten. Daarbij is het dreigende nadeel van ruim 1,3 miljoen (structureel) benoemd en aangegeven dat in de voorliggende begroting geen rekening wordt gehouden met mee- of tegenvallers omdat deze zich “ten opzichte van elkaar redelijk in evenwicht lijken te houden”.
Vraag: Zijn genoemde mogelijke voordelen dan ook te kwantificeren zodat de Raad zich een beter beeld kan vormen bij de verwoorde afweging? Antwoord: We schatten in dat het om de volgende bedragen gaat (bedragen in € ‘s): 1) Herverdeling gemeentefonds: 1.300.000 Nadelig 2) Rijkscompensatie sociaal domein: 1.000.000
12
3) Vervallen ‘Opschalingskorting’ 4) Compensatie abonnementensysteem Wmo
675.000 80.000
CDA 45 Op blz. 7 is een belangrijk uitgangspunt bij het opstellen van de begroting geformuleerd: ‘de besluitvorming van de raad over de VJN 2021”. Bij de behandeling van de VJN is aangegeven dat het toekennen van extra geld aan Fundament/Jeugdwerk niet zomaar akkoord is; we wilden eerst de presentatie van Fundament afwachten. Deze presentatie is nadien niet besproken maar in het RVS staat wel een post van €1.714.000,- van het rijk voor extra middelen jeugd. Vragen: a) Hoe worden deze gelden besteedt (hoeveel gaat naar Fundament)? b) Hoe verhouden deze middelen zich met het op blz 6 genoemde mogelijke voordeel door een hogere uitkering in de tekorten van het sociaal domein (Jeugdzorg)? Antwoord: a) De arbitragecommissie Van Zwol heeft geconstateerd dat gemeenten voor de uitoefening van taken binnen het ‘Sociaal domein’ tekort komen op de rijksbijdrage voor jeugd, zorg en inkomen. Dit is de rijksbijdrage die met de decentralisaties in 2015 naar gemeenten is toegekomen. Ook Losser kan de taken niet uitvoeren binnen de beschikbare rijksmiddelen. Om die reden heeft het rijk voor 2022 alvast deze extra incidentele financiële compensatie toegezegd. De omvang van de structurele compensatie maakt onderdeel uit van de formatiebesprekingen. Het bedrag van € 1.714.000 is de incidentele compensatie voor 2022 voor onze gemeente.
Dit bedrag is meegenomen in het financieel middelenkader en maakt, zoals ook blijkt uit de toelichting op pagina 8 van de begroting, volledig onderdeel uit van het begrotingssaldo over 2022. Er gaat derhave geen extra geld naar Fundament. b) Met de ‘hogere uitkering in de tekorten van het Sociaal domein’ zoals bedoeld op bladzijde 6 van de begroting, wordt gedoeld op een structureel hogere rijksuitkering. De uitkering van € 1.714.000 heeft alleen betrekking op 2022 (en is daarmee incidenteel). Verder wordt verwezen naar het antwoord op onderdeel a) van deze vraag. CDA 46 Op blz. 18 wordt de vrijwilligersprijs genoemd. Vraag: Wij nemen aan dat deze bij de volgende nieuwjaarsreceptie weer wordt uitgereikt? Antwoord: Ja, tijdens de nieuwjaarsreceptie zal de vrijwilligersprijs weer worden uitgereikt. Mocht de prijsuitreiking tijdens de nieuwjaarsreceptie niet door kunnen gaan vanwege beperkingen met betrekking tot Corona, dan werken we een passend alternatief uit om de prijs toch uit te kunnen reiken. CDA 47 Eveneens op blz. 18 wordt verwezen naar het regulier overleg met de ouderenbonden. Vraag: Graag een aanduiding van wat onder regulier valt te verstaan en hoe deze overlegsituaties zijn vormgegeven. Antwoord: De reguliere overleggen vinden twee keer per jaar plaats, waarbij de wethouder en de beleidsadviseur aanwezig zijn.
Alle ouderenbonden uit de gemeente Losser worden voor dit overleg uitgenodigd. De gemeente Losser geeft informatie over relevante beleidsonderwerpen voor de ouderen. Daarnaast vragen we de ouderenbonden waar behoeften aan is onder hun achterban. In verband met Corona hebben de overleggende afgelopen periode digitaal plaatsgevonden. Hierdoor hebben de ouderenbonden niet
13
allemaal kunnen deelnemen. We pakken de overleggen weer fysiek op en binnenkort is er een nieuw overleg. CDA 48 Op blz 19 2e vak/ 2e bullet: “Samen met omliggende gemeenten wordt gewerkt aan de lobby tot het behoud van gezondheidszorgvoorzieningen in de nabijheid van inwoners”. Vragen: a) Graag een toelichting. b) Wordt in dat kader ook gekeken hoe de poliklinieken van het MST in Oldenzaal behouden kunnen blijven? Antwoord: Verwezen wordt naar het antwoord op vraag 12 CDA 49 Op blz. 22 wordt het festival Lutterzand Literair benoemd. Een mooi initiatief waar onder meer vanuit de provincie voor 2022 21.000 euro subsidie beschikbaar is gesteld. Vragen: a) Hoeveel subsidie gaat er vanuit de gemeente Losser jaarlijks naar ‘Festival Lutterzand Literair’? b) Kan de Raad een overzicht krijgen van de subsidiebedragen vanaf de start? c) Hoe lang gaat de gemeente door met subsidiëren? Antwoord: A) De eerste editie van Lutterzand Literair was in 2019. De tweede keer was in 2020 en in 2021 is het in verband met de Coronasituatie niet doorgegaan. Voor januari 2022 is wel weer een editie georganiseerd. Er is geen vast subsidiebedrag voor Lutterzand Literair vanuit de gemeente Losser. De organisatie doet voor elke editie een nieuwe aanvraag. B) - In de subsidieronde van oktober 2018 is een incidentele subsidie van 2.000 euro voor de editie van januari 2019 beschikbaar gesteld.
- Voor de editie 2020 is in oktober 2019 een subsidie van € 5.000 verleend vanuit het Actieprogramma Recreatie en Toerisme. - Voor de editie van 2022 is onlangs een subsidieaanvraag ingediend in het kader van het Actieprogramma Recreatie en Toerisme. Deze subsidieaanvraag moet nog worden beoordeeld, we hebben een positieve insteek. C) We zijn van mening dat Lutterzand Literair een toegevoegde waarde heeft voor Losser. Het evenement is uniek voor Twente, onderscheidend en bovenregionaal; het trekt bezoekers (in het laagseizoen) van zowel binnen als buiten de regio. Het biedt mogelijkheden voor lokale ondernemers via arrangementen en genereert de nodige publiciteit. Het maakt een mooie verbinding tussen natuur, erfgoed en cultuur. Daarnaast vraagt het aandacht voor taal en lezen, waarmee het ook een maatschappelijke functie heeft. Vanuit die overwegingen is tot op heden subsidie verstrekt. Eventuele toekomstige subsidie voor het evenement zal jaarlijks opnieuw moeten worden aangevraagd en zal worden beoordeeld conform onze bestaande regelingen. CDA 50 Op blz. 27 onder 3.4 word de bereikbaarheid van de Drilandsteen genoemd. Vraag: Wat is de stand van zaken? Komt er nu ook een fietstunnel naar de Drilandsee? Zie ook blz. 38 Antwoord: De Drilandsteen wordt bereikbaar gemaakt met de realisatie van het zonnepark.
Samen met de gemeenten Gronau en Bad Bentheim onderzoeken we of er een bredere herinrichting mogelijk is van het gebied rondom de Drilandsteen, waarbij een veilige oversteek op Duits grondgebied (Gronau) wordt gerealiseerd. Hiervoor is de aankoop van een provinciaal perceel nodig. Dit biedt ook mogelijkheden voor de elektrokar
14
om dichtbij de Drilandsteen te komen. Het realiseren van een fietstunnel is volgens onze Duitse partners geen optie. CDA 51 Op bladzijde 29 wordt gesproken over het onderzoek naar binnensportaccommodaties in NOT verband. Uit dit onderzoek zou moeten blijken of samenwerking op het gebied van binnensportaccommodaties haalbaar is (exploitatie en beheer). Vraag: Is hiervan een rapportage voorhanden of in aantocht (mogelijk zelfs reeds gedeeld)? Antwoord: Het onderzoeksproces is nog gaande. Er is dan ook vooralsnog geen rapportage voorhanden. Uiterlijk in het eerste kwartaal van 2022 wordt uw raad nader geïnformeerd over de voortgang, de uitkomsten van het onderzoek en het vervolg. CDA 52 Op blz. 40 onderaan wordt gesproken over participatie in regionale fora voor grootschalige energieopwekking en – distributie. Op 12 juli jl. is een raadsinfo (documentnummer 21.0012128) ontvangen over energieopwekking op gemeentelijke percelen. Een sluitende business case bleek niet mogelijk. Vraag: Is het zinvol de in het voorjaar gemaakte calculatie te herzien op grond van de ontwikkelingen op de energiemarkt? Zo ja, kan dit worden geagendeerd? Antwoord: Bij het opstellen van een businesscase wordt er gerekend met de (op dat moment bekende/verwachte) prijsindexen en parameters. Vanzelfsprekend kan het zinvol zijn als er ontwikkelingen zijn ( bijv.
op de energiemarkt) om te kijken of er nu wel een meerjarig sluitende businesscase te maken is. De prijsontwikkeling van elektriciteit is momenteel zeer onzeker. Toch is de verwachting deze op de (middel)langere termijn weer zal dalen. De beperkte invoedcapaciteit en de lage SDE++ subsidie zijn momenteel nog steeds ongunstige parameters voor een sluitende businesscase. De verwachting is dat er nog steeds geen sluitende businesscase te maken is voor dit soort relatief kleine zonnevelden. CDA 53 Op blz.42 (F4) wordt gesproken over het hondenbeleidsplan. Concreet wordt gesteld dat het programma in 2022 zal eindigen. Nu is dit programma ook gericht op tegengaan van overlast en handhaving. Vraag: Wat gaat het stopzetten van het programma concreet inhouden en wat betekent dat in de praktijk. Antwoord: Het stopzetten van het programma houd concreet in dat het bestaande budget nog wordt gebruikt om bestaande en reeds ingediende initiatieven te ondersteunen. Bestaande hondenpoepbakken blijven staan en worden geleegd. Er worden geen nieuwe initiatieven meer uitgevoerd, tenzij er financiële middelen voor worden vrijgegeven middels een raadsbesluit. CDA 54 Op blz 43 eerste vak 4e bullet wordt de uitvoering van riotherme in zwembad Brilmansdennen genoemd.
Vraag: Wat zijn de financiële gevolgen (opbrengsten) van de uitvoering riothermie in zwembad Brilmansdennen? Antwoord: Het doorrekenen van de financiële businesscase voor de riothermie zwembad Brilmansdennen wordt momenteel afgerond. Een voorstel voor krediet voor deze investering en de financiële gevolgen (businesscase) wordt naar verwachting dit najaar aan college- en raad voorgelegd ter besluitvorming.
15
CDA 55 Op bladzijde 118 Reserve Sociaal Domein is aangegeven dat in de begroting wordt voorgesteld 300.000 uit deze reserve aan dit doel te besteden. We zien in de begroting terug dat dit wordt besteed aan de taakvelden “Wijkteams”, “Maatwerkvoorzieningen WMO” (beide 100.000). Vragen: a) Waar wordt de resterende 100.000 euro voor aangewend? We konden dit niet eenvoudig herleiden. b) Kan met de Raad reeds gedeeld worden tot welke pilots dit per taakveld zal leiden? Antwoord: Over a) Naast de € 100.000 voor pilots die genoemd zijn in de toelichting op de taakvelden 6.2 Wijkteams (pilots Jeugd) en 6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO) (pilots Zorg/Wmo) is ook nog eens € 100.000 vrijgemaakt voor pilots voor het onderdeel Participatie. Dit bedrag is verwerkt op het taakveld 6.3 Inkomensregelingen, maar wordt in de toelichting op dit taakveld niet expliciet benoemd. Daardoor is het niet eenvoudig te herleiden. In de toelichting op de reserve Sociaal Domein op pagina 118 van de Begroting 2022 wordt overigens wel verwezen naar de drie decentralisaties, deze lijn is hier doorgetrokken. Over b) Binnen het sociaal domein werken we in Losser integraal op de gebieden Jeugdhulp, Wmo en participatie. Vanuit die invalshoek worden de middelen uit de Reserve Sociaal Domein ingezet.
De middelen worden toegewend voor het anticiperen op ontwikkeling en actualiteiten in het continue veranderende speelveld binnen het sociaal domein. Daarnaast wordt er ruimte gecreëerd om lopende pilots, zoals de JIM-aanpak, sportcoach en de 18-/18+ consulent, bij succes te kunnen verlengen en nieuwe denkrichtingen in de praktijk verder te kunnen onderzoeken. Voorbeelden hiervan zijn het opzetten van een voorliggende voorziening voor jeugdigen als dagopvang en het creëren van een inkomsten/woonvoorziening voor jeugdigen die tussen wal en schip vallen. De verantwoording van de pilots leggen we af in de jaarrekening en de monitoring is terug te vinden in de (halfjaarlijkse) lokale monitor Sociaal Domein. PVDA 56 Hoe worden resultaten concreet gemeten? Nadere verduidelijking: als acties worden ondernomen om een bepaald doel/resultaat te realiseren, hoe worden deze resultaten dan in algemene zin gemeten? Oftewel; of een actie ook daadwerkelijk leidt tot het gewenste resultaat. Antwoord: In de Losserse Programmabegroting heeft de raad voor elk programma een aantal doelstellingen geformuleerd (zie het Programmaplan, vanaf bladzijde 16). In de begroting worden de volgende drie vragen geoperationaliseerd: 1) wat willen we bereiken (welke resultaten?), 2) wat gaan we er voor doen? (welke activiteiten ondernemen we?) en 3) wat mag het kosten? (welke budgetten zijn beschikbaar?).
In de jaarrekening wordt teruggekeken. De vragen 2) en 3) worden veelal beantwoord. Het antwoord op de eerste vraag (wat willen we bereiken?) is vaak lastiger om te geven, omdat evalueerbare doelen en indicatoren ontbreken. De Rekenkamercommissie heeft in het rapport ‘Sturen met beleidsindicatoren’ aandacht aan dit onderwerp besteed. De commissie beveelt aan om deze doelen en indicatoren te gaan formuleren. In onze reactie op het rapport hebben we het volgende aangegeven: “Deze aanbeveling onderschrijven we van harte. De exercitie die voor ons ligt is uitdagend. Blauwdrukken zijn er niet, want gemeenten verschillen
16
van elkaar. Wij geloven dan ook in het ‘werkende weg’, vanuit te actualiseren doelstellingen, zoeken naar een werkwijze die recht doet aan de Losserse situatie en die aansluit op de lokale sturingsbehoefte van raad en college.” In de komende periode gaan we graag samen met de raad de uitdaging aan om onze Programmabegroting op dit punt verder te verbeteren. PVDA 57 Vraag: Pag 8 1.1. ; Hoe kan er een batig saldo van 2 miljoen ontstaat? Antwoord: In de Voorjaarsnota 2021 was het geraamde saldo voor de jaarschijf 2022 afgerond nul. In de tabel op bladzijde 8 van de begroting is een overzicht gegeven van de nieuwe (financiële) ontwikkelingen die leiden tot het begrotingssaldo van € 2 miljoen. De belangrijkste reden van deze forse verbetering van het saldo is de incidentele rijksuitkering van ruim € 1,7 miljoen voor de compensatie van de gestegen kosten voor ‘jeugd’. Daarnaast levert de meicirculaire per saldo in 2022 ook nog een voordeel op van € 300.000. PVDA 58 Vraag: Pag 9 .5; Wat is de oorzaak van het grote verloop bij de SW? Antwoord: de Wsw-populatie van Losser is sterk aan het vergrijzen. Met name in de jaren 2020, 2021 en 2022 zien we een sterke uitstroom als gevolg van pensionering. Naast deze belangrijkste reden van uitstroom is daarnaast, weliswaar in mindere mate, ook nog sprake van uitstroom als gevolg van langdurige ziekte (> 2 jaar).
In de nieuwe cao Wsw (per 1 juli 2021 van kracht geworden) is een regeling vervroegd uittreden overeen gekomen. Ook daarvan wordt enig effect verwacht. PVDA 59 Pag 48 openbaar groen. Vraag: Is het incidenteel beschikbaar stellen van €40.000 wel voldoende voor het bestrijden van de Japanse duizendknoop? Antwoord: Deze incidentele financiële middelen zijn voor vijf pilot-locaties. Deze zijn inmiddels ingericht en worden gemonitord. Als de resultaten goed blijken, kunnen we dit ook op andere locaties toepassen en zijn meer financiële middelen nodig. PVDA 60 Pag 52 8.3; Er wordt €402.000 uitgetrokken voor de omgevingswet. Vragen: a) Waarvoor worden deze gelden concreet ingezet? b) Graag ook een reflectie over proces m.b.t. de omgevingswet tot nu toe en een vooruitblik. Antwoord: Over a) • inhuur van bureaus voor opstellen omgevingsvisie en omgevingsplan; • aanschaf software en licenties; • inhuur vervanging voor medewerkers van de gemeente die worden ingezet i.v.m. invoering Omgevingswet; • inzet gemeente Enschede bij digitalisering. Over b)
17
Reflectie is het nadenken om ervaringen te begrijpen en te analyseren en er betekenis aan te geven voor het toekomstige handelen. Dit is geen vraag die door de ambtelijke organisatie van een louter technisch antwoord kan worden voorzien. Vanzelfsprekend bestaat de bereidheid om hier op terug te komen via de bestuurlijke lijn, bijvoorbeeld in de vorm van een raadsinfobrief waarin wordt ingegaan op de ervaringen tot nu toe en wordt aangegeven wat dat betekent voor de nabije toekomst. BF 61 pagina 71 vraag: Vragen: a) Worden zonnepanelen nu wel of niet betrokken bij de woz bepaling? b) En Wat is het gemiddelde verschil in geld tussen de oude waardebepaling in m3 en de nieuwe waardebepaling in m2? Antwoord: Over a) De WOZ-waarde wordt bepaald op basis van de Wet Waardering Onroerende Zaken. Hierbij baseert een gemeente zich op marktgegevens van verkochte woningen en bedrijfspanden. Tot de onroerende zaak (zoals een woning) horen ook duurzaamheidsmaatregelen, zoals zonnepanelen, een zonneboiler en warmtepomp. Het is geen keuze om deze maatregelen wel of niet in de waarde te betrekken, dit gebeurt altijd. In hoeverre de aanwezigheid ervan van invloed is op de waarde, moet nog blijken uit de beschikbare marktinformatie. Uit de permanente marktanalyse is tot nu toe niet gebleken dat de aanwezigheid van dit soort duurzaamheidsmaatregelen van invloed is op de verkoopwaarde.
Over b) Het antwoord op deze vraag is niet te geven. De waardebepaling heeft voor 2021 alleen plaats gevonden op basis van m3. Deze waarde vergelijken met voorgaande jaren (2020 of eerder), waarin taxaties waren gebaseerd op m2, zou een vertekend beeld geven door onder andere een sterke marktwaarde ontwikkeling. Alleen de omzetting van m3 naar m2 heeft geen invloed op de waardebepaling. In november 2020 heeft wel een impact analyse plaats gevonden. Hierin werd een waardestijging van 9 tot 10% voorzien. De reden van stijging zijn onder andere: - Signalering vergunningsvrije bouw, zoals dakkapellen, overkappingen, garages en carports (waardoor de WOZ-waarde stijgt) - Signalering illegale bouw (waardoor de WOZ-waarde stijgt)
BF 62 pagina 102 vraag: Vraag: Kunnen we een overzicht krijgen van voorgestelde bouwprojecten die zijn ingediend. Ook de projecten die door de gemeente negatief zijn beoordeel en zijn afgewezen? Antwoord: Als eerste: in het kader van privacy kunnen we alleen een overzicht van aantallen verzorgen. Als er een specifiek initiatief is waar er vragen over zijn kunnen we daar ook specifiek een antwoord op geven. Het aantal initiatieven (woningbouw) binnen het tijdvak 1-1-2021 tot 1-10-2021. Dit tijdvak hebben we gekozen, omdat dit ook de periode is de we gebruiken voor het opstellen van het jaarplan Vergunningverlening 2022. Concept aanvragen: 30 stuks Formele aanvragen: 30 stuks In totaal gaat het hier om initiatieven van om en nabij 90 woningen.
18