CConstaterende datLosser
Koppel je AI →
Document · PDF

2026.05.07 Technische vragen BF bij raadsvoorstel Nota Bodembeheer met reactie op aanvullende vragen 22 mei 2026 def

Raadsvergadering 2 juni 2026, gemeente LosserBij agendapunt: Beantwoording technische vragen BF bij raadsvoorstel vaststellen Nota Bodembeheer 2.11.028 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen bij een raadsvoorstel In te vullen door de Raadsgriffie: Vragensteller(s):

H.F.M. (Henry) Elsjan

Fractie(s):

Burgerforum

Datum van indienen:

Donderdag 7 mei 2026

Voorliggende raadsvoorstel:

Nota Bodembeheer 2.1

In te vullen door ambtelijke organisatie: Portefeuillehouder:

Korte toelichting (facultatief):

De technische vragen: Actualiteit data 1. Hoe actueel zijn de bodemkwaliteitskaarten en wat is de vaste updatefrequentie? ANTWOORD: Bodemkwaliteitskaarten worden doorgaans iedere 5 jaar geactualiseerd. Maar dit is geen wettelijke verplichting. Bij het actualiseren van een bodemkwaliteitskaart (BKK) spelen veranderende wetgeving (denk hierbij ook aan nieuwe stoffen zoals zeer zorgwekkende stoffen (ZZS), nieuwe data (bodemonderzoek) een rol. In regionaal verband wordt de noodzaak voor een nieuwe kaart in het Kennisnetwerk Bodem Twente (KBT) met elkaar afgestemd. Onzekerheden in data 2. Welke onzekerheidsmarges zitten in de meetgegevens en modellen, en hoe worden die meegenomen in besluitvorming? ANTWOORD: Naar ons inzicht zijn die onzekerheidsmarges niet groot tenzij er aanleiding zou zijn om te twijfelen aan de basisdata. Dat zijn de resultaten van bodemonderzoeken die worden geput uit het bodeminformatiesysteem (BIS). Leveren die onvoldoende informatie op voor een kwalificatie van een zone dan wordt eventueel aanvullend onderzoek verricht om tot een goed kwalificatie te komen. Het kan ook zijn dat een gebied bij gebrek aan gegevens niet in een zone valt. Dat hoeft niet erg te zijn als daar toch weinig tot geen grondverzet plaatsvindt. Opvallende resultaten worden nader onder de loep genomen Deze gegevens worden op een verantwoorde statistische wijze vertaald naar zones.

Technische vragen bij een raadsvoorstel Lokale afwijkingen 3. Hoe wordt omgegaan met lokale afwijkingen of verontreinigde hotspots binnen een zone? ANTWOORD: De zogenaamde uitbuiters (locaties waar de gemeten bodemkwaliteit sterk afwijkt van het algemene beeld in een gebied, bijvoorbeeld door lokale verontreinigingen) blijven buiten het bepalen van de waarde voor een zone omdat deze uitbijters niet maatgevend zijn voor een zone. Beleidsruimte gemeenten 4. Welke concrete beleidsruimte hebben individuele gemeenten om af te wijken van de regionale nota? ANTWOORD: Het is wenselijk om te werken met een regionale Bodemkwaliteitskaart en Nota bodembeheer om ook tussen gemeenten op een voor de bodemkwaliteit verantwoorde wijze grondverzet mogelijk te maken. Het is echter niet verplicht om hieraan mee te doen. Dit betekent dan wel dat er meer onderzoek nodig is bij grond die Losser verlaat en grond die Losser binnenkomt. Cumulatieve effecten 5. Hoe wordt voorkomen dat herhaald hergebruik van grond leidt tot geleidelijke verslechtering van de bodemkwaliteit? ANTWOORD: Herhaald grondverbruik staat niet gelijk aan een verslechtering van de grond. Hergebruik van grond is toegestaan, maar alleen onder voorwaarden die ervoor zorgen dat de bodemkwaliteit minimaal gelijk blijft en niet verslechtert. De kwaliteit van de grond kan wel verslechteren door onjuist gebruik. Uitzonderingen 6.

In welke situaties mag worden afgeweken van de regels en wie beslist daarover? ANT WOORD: De Nota bodembeheer is een door de Raad vastgesteld beleid. Specifiek een vaststelling van grondverzet gestelde eisen om de bodemkwaliteit te borgen. Hier kan in beginsel niet van worden afgeweken. Indien de feitelijke situatie op een locatie aantoonbaar afwijkt, kan gemotiveerd en zorgvuldig van de regels worden afgeweken, waarbij de bescherming van een veilige en verantwoorde bodemkwaliteit uitgangspunt blijft. Dit is een gemandateerde bevoegdheid aan de OD Twente. Verantwoordelijkheid 7. Wie is verantwoordelijk en aansprakelijk bij onjuiste bodemkwaliteitsinschattingen of verkeerde toepassing? ANTWOORD: Hoofdprincipe is de vervuiler betaalt. Dus in dit geval degene die zich van de grond ontdoet en degene die de grond ontvangt. Als vanzelfsprekend komt hierbij afhankelijk van de kwaliteit ven het onderzoek ook aan de adviseur/bodemonderzoeker een

Technische vragen bij een raadsvoorstel bepaalde verantwoordelijkheid/aansprakelijkheid toe. Aanvullende technische vragen 8. Worden deze kosten gedragen door de 14 gemeenten gezamenlijk (als regio), of is dit een bedrag dat de gemeente Losser zelfstandig moet reserveren? ANTWOORD: De kosten voor de BKK en Nota Bodembeheer worden verdeeld over de deelnemende gemeenten. 9. Waarom is er gekozen voor een zonering op basis van gemiddelden in plaats van een meer risicogerichte benadering? ANTWOORD: In Twente hebben wij niet gekozen voor een generiek beleid op basis van gemiddelden. Juist omdat het gebruik van gemiddelden in ons gebied leidt tot een bodemkwaliteit die geen goed beeld geeft van ons grondgebied. Daarom is gekozen voor een percentielwaarde (P80), wat al meer risicogericht is. De P80 is een statistische waarde die aangeeft dat 80% van de gemeten waarden in een bepaald bodemgebied gelijk is aan of lager is dan deze waarde. Daardoor krijgen we een betrouwbaar beeld van de bodemkwaliteit in een bepaald gebied. Zo kunnen we de bodemkwaliteit beschermen. 10. In de nota wordt gesproken over actualisatiekosten tot een ton.

Hoe wordt in de begroting van Losser voorkomen dat we over enkele jaren plotseling voor deze grote uitgave komen te staan nu er geen vaste termijn van 5 jaar meer is? ANTWOORD: De gemeente heeft nu geen apart geld gereserveerd voor de actualisatie van de Nota Bodembeheer. Dat is een bewuste keuze. We actualiseren alleen als dat echt nodig is. Bijvoorbeeld als uit de praktijk blijkt dat het beleid niet meer goed aansluit. Belangrijk daarbij zijn de evaluaties van het beleid. Als blijkt dat actualisatie nodig is, dan zien we dat ruim op tijd aankomen en kunnen we de kosten via de normale begrotingscyclus meenemen. Daardoor voorkomen we dat we ineens voor een grote, onverwachte uitgave komen te staan. 11. Wat zijn de consequenties geweest van het feit dat we dit beleid 2024 niet formeel hebben vastgesteld? Heeft dit geleid tot juridische risico’s en onduidelijkheden bij lopende projecten in Losser tussen 1 januari 2024 en heden? ANTWOORD: Het is een regionale Nota waarvan de uitvoering bij de OD Twente ligt en tot dusver iedere Twentse gemeente hier “gewoon” mee werkt. Gelet op de beperkte verschillen tussen de Nota Bodembeheer 2.1 en de eerder vastgestelde versie 2.0, zijn de juridische en inhoudelijke consequenties van het niet vaststellen in 2024 naar verwachting gering geweest.

Wel is het vanuit rechtszekerheid en bestuurlijke duidelijkheid wenselijk om de Nota Bodembeheer 2.1 alsnog formeel vast te stellen.

Technische vragen bij een raadsvoorstel In de voorstaande beantwoording van uw vragen zijn ook uw later ontvangen aanvullende vragen inclusief die van 19 mei 2026 meegenomen. Dit met de bedoeling u zo volledig mogelijk te informeren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Losser&id=43230d15-3899-474e-8fc8-b2ef3b354d98