2024-10 Raadsinformatiebrief Stand van zaken PPLG
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief Onderwerp:
Provinciaal Programma Landelijk Gebied (PPLG); stand van zaken
Portefeuillehouder:
M. Lahdo
Behandelend ambtenaar:
G. Brinkman
Zaaknummer: Documentnummer:
22z01441 23.0036205
Datum:
31 januari 2024
______________________________________________________________________________ Geachte leden van de gemeenteraad, Zoals afgesproken en te doen gebruikelijk informeren wij u over de stand van zaken met betrekking ontwikkelingen in het landelijk gebied en specifiek over de landbouw. In deze brief brengen wij u op de hoogte van de actuele stand van zaken rond het Provinciaal Programma Landelijk Gebied (PPLG) en de beëindigingsregelingen Lbv en Lbv-plus. Provinciaal Programma Landelijk Gebied Het proces In de raadsinformatiebrief van 23 juni 2023 hebben wij u uitgebreid geïnformeerd over het concept ontwerp-PPLG en de daaruit voortvloeiende financiële aanspraken (€5 miljard). Zoals u weet, had de Provincie Overijssel de complexe en uitdagende verplichting om uiterlijk 1 juli 2023 het concept Provinciaal Programma Landelijk Gebied (PPLG) op te leveren aan het Rijk. In het PPLG Overijssel wordt aangegeven hoe de Rijksdoelen uit het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG) invulling krijgen in Overijssel. Het Rijk toetst of het PPLG voldoende vertrouwen geeft in realisatie door de provincie. Deze toetsing van het concept ontwerp-PPLG is ondertussen afgerond en aan de provincie gecommuniceerd met de brief ‘Terugkoppeling tussentijds beeld met bevindingen uit de integrale beoordeling van uw gebiedsprogramma en eerste maatregelpakketten’ van 24 oktober 2023.
U vindt deze terugkoppeling in de bijlagen. Ook vindt u in de bijlage de reactie van GS op de beoordeling van het Rijk, gericht aan Provinciale Staten én de brief van GS aan het ministerie. Inhoudelijk Het ministerie constateert dat het ontwerp-PPLG van provincie Overijssel ‘al behoorlijk uitvoerig is uitgewerkt, waardoor de analyse van het toetsteam op een redelijk gedetailleerd niveau kon worden uitgevoerd en op dat niveau getoetst kon worden aan de vereisten uit de handreiking.’ Laat onverlet dat er nog veel verdere en concretere uitwerking geëist wordt in een volgende versie van het PPLG, onder andere op basis van een nog te verschijnen ex ante evaluatie door diverse kennisinstellingen. Qua middelentoekenning is het kabinet voornemens om in 2024 - nadat de kennisinstellingen een positief advies hebben uitgebracht - middelen op de begroting te reserveren voor eerste maatregelpakketten, zodat daar al in 2024 mee gestart kan worden. Dit vergt wel dat de Tweede Kamer deze begrotingswijziging feitelijk vaststelt.
Voor de toekenning van die middelen voor 2024 vraagt het ministerie het commitment van de provincie op een verbeterslag van het PPLG / gebiedsprogramma. U leest daarover meer op pagina 4 van de terugkoppelingsbrief. In reactie geeft de provincie aan blij te zijn met de waardering van het Rijk voor de bottom-up gebiedsaanpak, maar constateert teleurgesteld dat dit zich vooralsnog niet vertaalt in beschikbare rijksmiddelen die dringend nodig zijn voor de continuering van de in gang gezette koploperprojecten. In een brief van 7-12-2023 (zie bijlage) dringt GS bij het ministerie dan ook aan op helderheid over beschikbare middelen op zo’n kort mogelijke termijn. De rol voor de gemeente Losser (inzet budget en werkzaamheden) Uit het bovenstaande – concreet uit de informatiewisseling tussen provincie en rijk - blijkt wel dat de ontwikkelingen, vooral financieel gezien, vooralsnog op slot zitten, waardoor de feitelijke uitvoering van de gebiedsprocessen dreigt te stagneren. Daardoor ontstaat er een vacuüm waarin steeds moeizamer gehandeld kan worden. Vooral de agrarische ondernemers blijven daardoor in onzekerheid zitten, een onzekerheid die soms nog groeit door bijvoorbeeld aanvullende maatregelen buiten het PPLG om, bijvoorbeeld de versnelde afbouw van de derogatie, waarover uw raad nog separaat geïnformeerd zal worden.
Voor die onzekerheid en de onderhand zichtbare gevolgen daarvan zullen we blijvend aandacht moeten hebben. Bij alle geconstateerde onrust blijven de opgaven en uitdagingen in het landelijk gebied divers en veelomvattend, waarbij vooral provincie en waterschap in de lead zijn. Wat de gemeente doet, is zo goed mogelijk vormgeven aan initiatieven in lijn met de PPLG, waarbij wij vooral ook gerichte aandacht geven aan de noden van onze inwoners. Uw raad heeft voor de uitvoering van deze werkzaamheden een extra budget van € 200.000,-beschikbaar gesteld voor de werkzaamheden die verband houden met de ontwikkelingen in het landelijk gebied (transitie). Hieronder geven wij u een beeld van deze werkzaamheden. - Landbouwinventarisatie. In de voorgaande informatiebrief werd reeds aangegeven dat we gestart zijn met een onderzoek naar objectieve data binnen de landbouw om meer inzicht te krijgen in de specifieke situatie in Losser: een Landbouwinventarisatie. Met de informatie, zowel kwantitatief als kwalitatief (data worden getoetst en duiding gegeven in gesprekken met deskundigen) die hieruit voortvloeit kan nog beter geanticipeerd worden op de voorliggende opgaven. De verzameling, ordening en interpretatie van deze data is een proces dat momenteel positief verloopt.
Enigszins tegenvallend daarbij is de constatering dat de data slechts tegen relatief hoge kosten (geldt dus ook voor overheden) te krijgen zijn bij het CBS. Vooralsnog is het budget echter toereikend. - Netwerk versterken. In de voorgaande informatiebrief werd al gewezen op de noodzaak om van het netwerk met agrariërs te versterken. De externe ondersteuning hierin wordt geleverd door bureau Eeckhof. De medewerkers van dit externe adviesbureau kennen ons gebied en onze agrarische ondernemers goed. Zij zijn in staat om (mede ook vanuit de kennis als erfcoaches) vanuit die invalshoek een waardevolle bijdrage en expertise in de ondersteuning te leveren. Een kennisdag, die twee jaar gelden werd georganiseerd, resulteerde in een meer structurele dialoog met vooral boerinnen uit het gebied. Vanuit deze succesvolle aanpak gaat vanaf nu ook ingezet worden op het betrekken van jonge agrariërs in het gebied. - Belangen Losser monitoren. Juist omdat de provincie en waterschap in een aantal processen in de lead is, is het zaak om de gemeentelijke en inwonerbelangen daarbinnen te monitoren. Een voorbeeld is het Gebiedsproces gebied Fleuer te Overdinkel. Wij hebben de provincie gevraagd om bij de uitvoering van de Bossenstrategie integraal naar ontwikkeling van het gebied ”het Fleuer” te kijken en niet sectoraal naar het natuurbelang i.c. het sec aanplanten van bos.
Dat heeft ertoe geleid dat er een proces op gang is gekomen waarbij percelen die
Pagina 2 van 4
-
-
-
-
bij de provincie in eigendom zijn en geschikt zijn voor landbouwkundig gebruik thans niet voor bosaanplant worden ingezet, maar dat in gesprek met de gebruikers in het gebied wordt bezien of via een vrijwillig kavelruil proces agrariërs in het bezit komen van de geschikte landbouwgrond. Dan kan bosaanplant mogelijk gerealiseerd wordt op plekken (met name langs of in omgeving van de Ruhenbergerbeek die voor agrariërs minder geschikt zijn. Over het verloop van dit proces en de resultaten zullen wij t.z.t. verder informeren. Incidenteel initiatieven met geld ondersteunen. Voorbeeld hiervan is de vraag van LTONoord, om een bijdrage te leveren voor het initiatief Kruidenrijk grasland. Na een succesvolle start met een streven naar 1000 hectare (3500 ha. gerealiseerd!) is men nu bezig om op te schalen met een ambitie van 10.000 hectare. Kruidenrijk grasland is goed voor de bodem, klimaat, waterberging en biodiversiteit. Door de grotere variëteit aan (bloeiende) kruiden en grassen ontstaat er meer bodemleven, kunnen er meer insecten leven en dat is weer goed voor vogels. Ook resulteert kruidenrijk grasland in aanzienlijke reductie van kunstmest en gewasbeschermingsmiddelen. Investeren in PPLG-dialoog met provincie en NOT.
Losser heeft onlangs plaatsgenomen in het kernteam van de ambtelijke gebiedstafel PPLG, waardoor we nu nóg meer aan voorkant zitten van signaleringen, projecten en ontwikkelingen in het landelijk gebied. In gesprek blijven met onze bewoners. Juist in onzekere tijden is het zaak om in gesprek te blijven met bewoners en agrarische gebiedsgebruikers. In het complexe dossier Landelijk gebied is nog veel onduidelijk en er leven veel vragen, ook bij ons als overheid. Juist daarom is het nu zaak om in gesprek te blijven met bewoners en agrarische gebiedsgebruikers. Daarom wordt er medio februari in NOT-verband gestart met een pilot Gespreksuren PPLG, bestaande uit spreekuren voor agrariërs en bewoners van de NOTgemeenten op verschillende locaties in het NOT-gebied: Rossum, Tubbergen en Losser. De pilot zal een half jaar draaien en geëvalueerd worden. Deze pilot kan budgetneutraal (secretarieel wordt eea bekostigd uit provinciaal PPLG-budget) worden uitgevoerd. Daarnaast zijn wij een dialoog gestart met de provincie en de werkgroep Dinkeldalboeren, om te vernemen welke knelpunten men in dat gremium ziet ten aanzien van de bedrijfsvoering in dat bijzondere en specifieke gebied en op welke wijze de provincie en de gemeente Losser ondersteunend/faciliterend kunnen zijn om een (verbeterd) perspectief te bieden, passend binnen de doelstellingen van het PPLG.
De resultaten van deze dialoog zullen wij op een geëigend moment uiteraard met u delen.
LBV+ en LBV regeling Zoals u weet zijn op 12 juni 2023 de regelingen Landelijke beëindigingsregelingen veehouderijlocaties (Lbv en Lbv+) bekend gemaakt. Doel is om hiermee stikstofuitstoot te reduceren. Wie op basis van vrijwilligheid deel wil nemen aan de Lbv-regeling moet met zijn/haar bedrijf minimaal een bepaalde stikstofneerslag (stikstofvracht) op overbelaste Natura 2000gebieden hebben. De hoogte van deze drempelwaarde verschilt per N2000-gebied. De aanvraag voor de Lbv subsidie is gesloten op 1 december 2023; de aanvraagmogelijkheid voor de Lbv-plus subsidie (piekbelasters) loopt nog door tot april 2024. Deze periode wordt naar alle waarschijnlijkheid verlengd tot het najaar 2024. De verwachting is dat er geen piekbelasters zijn in de gemeente Losser. Hoeveel en welke bedrijven gebruik zullen maken van de Lbv regeling wordt pas duidelijk nadat de bedrijven zich gemeld hebben via het ministerie. Voorwaarden voor deelname aan de regelingen zijn ongewijzigd (productierechten worden ingeleverd, de milieu- en natuurvergunning worden gewijzigd/ingetrokken, sloop op locatie en de bestemming gewijzigd).
Pagina 3 van 4
Wij hopen u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Mocht u nog vragen hebben dan kunt u contact opnemen met de behandelend ambtenaar. Bijlagen 1. Ministeriële brief Bevindingen uit integrale beoordeling concept-PPLG Overijssel 2. Brief van GS aan PS Voortgang PPLG Overijssel (reactie op bevindingen ministerie). 3. Brief van GS aan het ministerie van LNV
Pagina 4 van 4