2024-10 Raadsinfo Brief van GS aan PS voortgang PPLG Overijssel
Tekst van het document
Provincie Overijssel Luttenbergstraat 2 Postbus 10078 8000 GB Zwolle Telefoon 038 499 88 99 www.overrjssel.nl overïjsselloket@overïjssel.nl KvK 51048329 IBAN NL45 RABO 0397 3411 21
Provinciale Staten van Overijssel Inlichtingen bij Mevr. J.F.X. Visser-Kuiper Dhr. B. McCarthy Telefoon 038 499 7035/8422 JFX.Visser-Kuiper@overijssel.nl BF.McCarthy@overijssel.nl
Datum
Kenmerk
Zaaknummer
Pagina
23.10.2023
D2023-10-010533
2023-054296
1 van 4
Bijlagen
Uw brief
Uw kenmerk
Onderwerp: Voortgang PPLG Overijssel
Toezending aan Provinciale Staten met oogmerk: [X] ter informatie [] anders, en wel:
Op 27 juni 2023 ontving u van ons het Ontwerp PPLG Overijssel, de concept gebiedsprogramma's en maatregelpakketten 2024, zoals we die hebben aangeleverd bij het Rijk. Op 24 oktober 2023 ontvingen wij van de directeur-generaal Regieorganisatie Transitie Landelijk Gebied een reactie. Deze 'Terug koppeling tussentijds beeld met bevindingen uit de integrale beoordeling van ons gebiedsprogramma en eerste maatregelpakketten' stuurden we op 24 oktober 2023 aan u door. Hierbij ontvangt u onze reactie op deze brief, een doorkijk naar 2024 en de stand van zaken rondom het PPLG Overijssel. Ook ontvangt u de beantwoording van de Statenvragen van JA21 over de brief van het Rijk. U wordt via een aparte brief geïnformeerd over een procesaanpak om te komen tot een landbouwvisie Overijssel, als onderdeel van het PPLG Overijssel. Onze reactie op de beoordeling van het Rijk We zijn blij met de waardering van het Rijk voor onze inzet, de inzet van onze gebiedspartners en onze integrale 3x3 aanpak en bottom-up gebiedsaanpak. We lezen in de brief echter ook een lijn van alles aan de voorkant uitdenken en het moeten voldoen aan alle vereisten voordat er Rijksmiddelen beschikbaar worden gesteld voor de opgaven in het landelijk gebied.
Dit vinden wij moeilijk te rijmen met onze aanpak om samen met de gebiedspartners het PPLG Overijssel van onderop verder vorm te geven en in de gebiedsprocessen ook daadwerkelijk ruimte te bieden aan de inbreng vanuit het gebied. Wij willen samen aan de slag met duidelijke doelen aan de voorkant en willen ruimte geven aan het ondernemer- en vakmanschap in de gebieden. Wij verwachten van het Rijk voldoende ruimte om het PPLG Overijssel succesvol te kunnen uitvoeren. Een aantal specifieke punten uit de brief waarop we hier willen ingaan: ^ Er wordt aangegeven dat het van belang is direct stappen te ondernemen om de verslechtering in de Natura 2000-gebieden terug te dringen. Wij werken hier nu al aan met het programma
Datum verzending
07.11.2023
Ontwikkelopgave Natura 2000 en zullen indien nodig aanvullende stappen zetten. Vanaf 2013 werken wij aan de Natura 2000-doelen voor de 24 gebieden in Overijssel. We maken samen met onze partners plannen op basis van de aanwijzingsbesluiten en de vastgestelde beheerplannen. De maatregelen uit deze plannen geven invulling aan deze doelen. We voeren maatregelen binnen en buiten de natuurgebieden uit om op die manier te werken aan robuust natuurherstel. Het sneller voorbereiden en uitvoeren van maatregelen zoals door het Rijk gevraagd, is met het huidige instrumentarium niet mogelijk. De opgaven zijn complex en vragen veel afstemming. Extra middelen zijn noodzakelijk om de doelen te halen (o.a. voor de uitbreiding uitwerkingsgebieden Engbertsdijkvenen en het Wierdense Veld, zoals door u besloten). Wij gaan ervan uit dat deze middelen via het Programma Natuur 2e fase beschikbaar worden gesteld door het Rijk. ^
De Nationale Grondbank kan, in aanvulling op het provinciale anticiperend grondfonds, worden ingezet om gronden aan te kopen. Wij willen beide faciliteiten optimaal en naast elkaar inzetten. Dit doet echter niks af aan het feit dat we verwachten dat er vanuit het Rijk PPLG-middelen beschikbaar komen zodat de provincie zelf gronden kan aankopen en er voldoende slagkracht is binnen PPLGgebiedsprocessen.
^
Het Rijk erkent dat onze integrale aanpak met perspectief voor de landbouw en behoud van sociaaleconomische kwaliteit van het landelijk gebied, naast de doelen voor natuur, water en klimaat, bijdraagt aan het draagvlak en de uitvoerbaarheid van het PPLG. Dit uit zich echter niet in een vooruitzicht op financiële middelen voor sociaal-economische maatregelen. Wij vinden dit teleurstellend en verwachten dat ook op Rijksniveau naar middelen wordt gezocht voor behoud van zowel welvaart als welzijn in het landelijk gebied. Het borgen van een integrale aanpak zien wij nadrukkelijk ook als een taak van én in het belang van het Rijk.
^
Om in gebiedsprocessen de juiste keuzen te kunnen maken is het urgent dat er duidelijkheid komt over de Rijksinzet op onder meer de volgende onderwerpen: o het perspectief voor de landbouw waarbij voor de ondernemers emissiereductie het uitgangspunt is, zodat er ruimte is voor ondernemerschap en vakmanschap; o duidelijkheid over generieke (richtinggevende) normen op bedrijfsniveau en wanneer agrariërs hieraan moeten voldoen; o middelen voor agrarisch natuurbeheer en de beloning van de landbouw voor ecosysteemdiensten op basis van langjarige afspraken; o duidelijkheid over lange termijn doelen voor na 2030 met name voor natuur, natuur in boerenland en de klimaatopgave (methaan). Wij vragen van het Rijk om hier in het (Ontwerp) NPLG meer duidelijkheid over te geven.
^
Wij gaan verder met onze aanpak en gaan aan de slag met gebiedsinitiatieven. Zo behouden we de energie in de gebieden en laten we zien dat PPLG-doelen gerealiseerd kunnen worden. Wij gaan er van uit dat het Rijk snel de benodigde middelen voor uitvoering beschikbaar stelt. Die middelen moeten passen bij de integrale opgaven in het landelijk gebied. Mocht er onhelderheid over doelen of middelen blijven bestaan dan kan de ongewenste situatie ontstaan (en de waterschappen hebben aangegeven dat zij onze voorkeur hierin ondersteunen) dat we de integrale benadering los moeten laten omdat doelen als de Kader Richtlijn Water (KRW) een deadline van 2027 kennen. Dit heeft als consequentie dat we mogelijk vaker dan één keer langs moeten in een gebied. De onzekerheid die dit geeft willen we juist met onze integrale aanpak vermijden.
Onze reactie op het tussentijds toetsadvies gaan wij met het Rijk bespreken. Ook nodigen wij de nieuwe Tweede Kamerleden uit om ze te informeren over onze Overijsselse aanpak in het landelijk gebied. Alleen door Den Haag dichter bij te halen kunnen we werken aan vertrouwen in onze aanpak en Kamerleden laten ervaren wat de impact is van Rijkbesluiten op de gebiedsprocessen.
Pagina 2 van 4
Aan de slag in de gebieden Wij gaan verder met onze aanpak in de gebieden. In 2024 gaan wij aan de slag met rond de 40 koploperprojecten. Dit zijn initiatieven die uit de zes PPLG-gebieden naar boven zijn gekomen en een aantal proeftuinen waarin we met partners werken aan een gezamenlijke aanpak op een bepaald thema. Met deze koploperprojecten willen we laten zien dat de doelen uit het PPLG haalbaar zijn, willen we de energie in de gebieden vasthouden en willen we ervaringen op doen en op basis daarvan voorbereidingen treffen voor een succesvolle uitvoering van het PPLG Overijssel vanaf 2025. Wij verwachten dat het Rijk in 2024 middelen beschikbaar stelt voor deze koploperprojecten. Om voor middelen in 2024 in aanmerking te komen vraagt het Rijk ons commitment af te geven op een verbeterslag van het PPLG Overijssel. We horen nog hoe dit commitment precies vorm moet krijgen. Wanneer de begrotingswijziging op instemming van de Tweede en Eerste Kamer kan rekenen, zullen wij onze aangescherpte maatregelpakketten indienen. Deze maatregelpakketten moeten projecten omvatten die bijdragen aan de doelen van het NPLG en toekomstvast zijn. De deadline voor het indienen van de maatregelpakketten is 1 maart 2024; voorafgaand hieraan zullen wij uw Staten informeren.
Dóórontwikkeling naar een PPLG Overijssel 2024 In het PPLG Overijssel 2024 blijven we inzetten op onze integrale 3x3 aanpak; drie onlosmakelijk met elkaar verbonden doelen: een sociaal-economisch perspectief voor het platteland, een toekomstbestendige landbouwsector en herstel van natuur, het watersysteem en klimaat. Om de opgaven met onze partners te realiseren, gaan we zoveel mogelijk sturen op doelen. We zien een belangrijke rol weggelegd voor het gezamenlijk, aan de voorkant van gebiedsprocessen, in beeld brengen van de feitelijke startsituatie van een gebied. Op basis van de in het coalitieakkoord "Schouder aan schouder" vastgelegde ambitie van gezamenlijk feitenonderzoek, willen we ook de lokale kennis van een gebied benutten. We willen initiatieven en het vakmanschap in de gebieden aanspreken om tot oplossingen te komen. In 2024 willen we een oplossing voor de problemen rondom vergunningverlening en met name de PAS melders. Dit vraagt dat we met een aanpak moeten komen die voldoende stevig is en bij de rechter aan kan tonen dat de instandhoudingsdoelstelling voor de natuur daadwerkelijk gerealiseerd wordt. In dit kader gaan wij als onderdeel van de doorontwikkeling naar een PPLG Overijssel 2024 met u en de betrokken sectoren het gesprek voeren over de wenselijkheid en het vorm geven van een zogenaamde geborgde aanpak voor de realisatie van de PPLG-doelen.
Een geborgde aanpak is een aanpak waarin expliciet wordt vastgelegd, denk aan onze omgevingsverordening, dat de maatregelen die nodig zijn voor het realiseren van de PPLG-doelen, zoals de reductie van emissies, natuurherstel en de verbetering van de (grond-)waterkwaliteit, met zekerheid en tijdig worden uitgevoerd. Een geborgde aanpak is nodig om juridisch houdbaar de PAS-melders te kunnen legaliseren op basis van extern salderen, verzoeken tot het intrekken van vergunningen te kunnen afwijzen, vergunningverlening in het kader van de Wet Natuurbescherming (Wnb) op basis van extern salderen weer mogelijk te maken en om juridische problemen vanwege het niet tijdig realiseren van de KRW-doelen te voorkomen. Dit kan een einde maken aan de onzekerheid voor ondernemers (agrariërs en industrie) en in sectoren als woningbouw en infrastructuur over het verkrijgen van een vergunning. Zonder geborgde aanpak moeten de effecten van maatregelen aangetoond zijn. Dat zal de komende 5 en waarschijnlijk 10 jaar nog onvoldoende het geval zijn. Het nemen van maatregelen kost nu eenmaal tijd. Landelijke planning van het Nationaal Programma Landelijk Gebied Op 10 juni 2022 heeft het Rijk de Startnotitie voor het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG) gepresenteerd. Sinds die tijd werkt het Rijk aan de opstelling van een Ontwerp NPLG.
Het Rijk wil in december 2023 het Ontwerp NPLG ter inzage te leggen. Vaststelling van het NPLG volgt naar verwachting in 2024 door het nieuwe kabinet. Met het Ontwerp NPLG geeft het Rijk nadere invulling aan de nationale doelen en kaders voor het PPLG. De ontwikkeling en uiteindelijke vaststelling van het NPLG in 2024 betekent dat Overijssel tot eind september 2024 de ruimte heeft om toe te werken naar een volgende versie van het PPLG.
Pagina 3 van 4
Provinciale planning PPLG 2024 In de brief van het Rijk wordt geen toezegging gedaan op de in het ontwerp PPLG gevraagde middelen (C 5,2 mld.) voor de realisatie van de opgaven. Het uiteindelijke oordeel volgt na indiening van een nieuwe versie. Deze nieuwe versie, het PPLG Overijssel 2024, moet uiterlijk 30 september 2024 bij het Rijk worden ingediend. In het PPLG Overijssel 2024 moeten de bevindingen uit de tussentijdse beoordeling van het Rijk en de ex ante evaluaties van de onafhankelijke kennisinstellingen worden verwerkt. Ook zullen wij de reacties van onze gebiedspartners en uw Staten op het ontwerp PPLG Overijssel meenemen. De overige vereisten vanuit het Rijk worden in januari 2024 bekend wanneer een geactualiseerde Handreiking gebiedsprogramma's beschikbaar is. De 1ste versie van het PPLG Overijssel 2024 bespreken wij met onze gebiedspartners aan de zes PPLGgebiedstafels. In mei 2024 volgt een meningsvormend gesprek in de Statencommissie. De opmerkingen verwerken wij in een 2e versie. Wij nemen in juni een besluit over deze versie van het PPLG Overijssel 2024 en leggen het vervolgens voor een tweede bespreking voor aan de PPLG-gebiedstafels. In juli leggen we de 2de versie van het PPLG Overijssel 2024 aan uw Staten voor om vrij te geven voor tijdige verzending aan het Rijk. Deze versie versturen wij daarna naar het Rijk.
Het gesprek met gemeenten en waterschappen over de 2de versie van het PPLG Overijssel 2024 vindt na de zomer plaats. Verwachting is dat het PPLG Overijssel 2024 vanaf oktober ter inzage wordt gelegd in combinatie met de Omgevingseffectrapportage (OER) fase 2 van de Omgevingsvisie. Na verwerking van de inspraakreacties en het advies van de Ecologische Autoriteit stellen wij het PPLG Overijssel in het voorjaar van 2025 vast en wordt het aan uw Staten ter goedkeuring voorgelegd. In hoofdlijnen is de planning voor 2024 als volgt: jan.-april PS-brief voortgang PPLG incl. reactienota toetsadvies en aangescherpte maatregelpakketten maart Afronden 1ste versie PPLG Overijssel 2024 en toelichting maart Bespreken 1ste versie PPLG 2024 aan ambtelijke en bestuurlijke gebiedstafels april Afronden 2de versie PPLG Overijssel 2024 mei Meningsvormend in de Statencommissie over 2e versie PPLG 2024 juni Bespreken 2de versie PPLG 2024 in GS juni/juli Bespreken 2de versie PPLG aan ambtelijke en bestuurlijke gebiedstafels juli Bespreken 2de versie PPLG 2024 in PS en verzending naar het Rijk sept.-nov. Bespreken 2de versie PPLG 2024 in gemeenten en waterschappen okt.-dec. Terinzagelegging 2de versie PPLG 2024 i.c.m.
OER fase 2 Omgevingsvisie december Afronden eindversie PPLG Overijssel 2024 Q1 2025 Bespreken eindversie PPLG Overijssel in GS Q1 2025 Vaststellen eindversie PPLG Overijssel in PS en verzending naar het Rijk Tot slot Uiteraard zullen wij uw Staten ook de komende maanden regelmatig bijpraten over de voortgang van het PPLG Overijssel. Dit zal zijn in verschillende vormen: Statenbrieven, informatiemomenten en werkbezoeken. De exacte planning willen we in overleg met de Statengriffie nader invullen.
Gedeputeerde Staten van Overijssel,
voorzitter, A.P. Heidema
Pagina 4 van 4
secretaris, N. Versteeg