CConstaterende datLosser
Koppel je AI →
Document · PDF

2022-49 Raadsinformatiebrief Cameratoezicht bij ondergrondse afvalcontainers.pdf

Oordeelsvormende vergadering 20 september 2022, gemeente LosserBij agendapunt: Raadsinfo 2022-49 Cameratoezicht bij ondergrondse afvalcontainers932 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsinformatiebrief Onderwerp;

Cameratoezicht bij ondergrondse afvalcontainers

Portefeuillehouder:

J. van Essen

Behandelend ambtenaar:

Y. Timmerman

Zaaknummer: Documentnummer:

22Z00756 22.0018029

Datum:

1 augustus 2022

______________________________________________________________________________ Geachte leden van de gemeenteraad, Met de motie van de raad van 8 maart 2022 vraagt de raad het college te onderzoeken of het mogelijk is om cameratoezicht bij ondergrondse afvalcontainers in te zetten in de strijd tegen verloedering. In deze raadsinformatiebrief informeren wij u over de voortgang van ons onderzoek. Korte inhoudelijke toelichting Momenteel zijn we druk bezig met de inventarisatie van het probleem en of cameratoezicht het aangewezen middel is om het aantal bijplaatsingen van afval terug te dringen. Daarbij is het van belang dat we onder andere onderzoeken wat de juridische en financiële consequenties zijn van het inzetten van cameratoezicht. Juridische context De grondslag en regels voor cameratoezicht zijn vastgelegd in artikel 151c van de Gemeentewet. Dit artikel regelt onder andere dat de burgemeester in het belang van de openbare orde kan besluiten om voor een bepaalde duur cameratoezicht in te zetten. Hiervoor is het noodzakelijk dat de raad die bevoegdheid bij verordening verleend. Wij hebben deze bevoegdheidstoekenning geregeld in artikel 2:77 van onze APV. Verder bepaald artikel 151c van de Gemeentewet dat wij te allen tijde moeten voldoen aan de vereisten van proportionaliteit en subsidiariteit.

In het kader van cameratoezicht betekent dit dat de inzet van cameratoezicht in redelijke verhouding moet staan tot het doel wat wij beogen te bereiken, namelijk het aantal bijplaatsingen van afval terug te dringen en verloedering tegen te gaan (proportionaliteit). Om het doel te bereiken moeten we in beginsel kiezen voor het minst zware middel (subsidiariteit). Uit het rapport “Cameratoezicht door gemeenten”, uitgebracht op 12 april 2022 door de Rijksoverheid, blijkt dat cameratoezicht wordt gezien als een relatief zwaar middel om in te zetten, met name doordat iedereen in de buurt van de camera in beeld wordt gebracht. Voordat de burgemeester cameratoezicht dan ook mag inzetten moeten er andere, lichtere maatregelen zijn ingezet. Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan meer surveillance door de boa’s, andere inrichting van de openbare ruimte, communicatie, et cetera. Uit bovengenoemd rapport blijkt ook dat niet iedere gemeente het eens is met het standpunt dat artikel 151c van de Gemeentewet als wettelijke grondslag moet worden beschouwd voor de inzet van cameratoezicht bij ondergrondse afvalcontainers. Dit ondanks het standpunt van de toenmalige minister van Veiligheid en Justitie, die stelt dat leefbaarheidsovertredingen vallen onder Pagina 1 van 2

de definitie van openbare orde, omdat deze de “onveiligheidsbeleving van bewoners sterk beïnvloeden” en overtredingen zijn die “zorgen voor verslonzing en verloedering.” Naast bovengenoemde discussie en vereisten, zijn er meer voorwaarden waaraan we op grond van artikel 151c Gemeentewet moeten voldoen willen we cameratoezicht bij ondergrondse afvalcontainers inzetten. Eén van die voorwaarden is verplicht overleg tussen de burgemeester en de Officier van Justitie over de periode waarin het cameratoezicht plaats zal vinden. Ook is bepaald dat de gemaakte beelden rechtstreeks moeten worden bekeken. Verder is bepaald dat de verwerking van de beelden en gegevens moeten worden beschouwd als een verwerking zoals bedoeld in de Wet politiegegevens. Dit houdt in dat de politie verwerkingsverantwoordelijke is, bepaald met wie de beelden worden gedeeld en dat de gemaakte beelden na ten hoogste vier weken moeten worden vernietigd. Stappenplan Met inachtneming van de eerder geschetste (juridische) kaders, hebben wij een aantal middelen die we eerst inzetten om ons doel te bereiken. We zien dit als de stappen die we moeten doorlopen voordat we kunnen beginnen met cameratoezicht. Dit zien we ook terug bij andere gemeenten die de stap naar cameratoezicht al wel hebben gemaakt. 1.

Het schoonhouden van de milieupleinen Door bijplaatsingen zo snel mogelijk te verwijderen willen we de milieupleinen zo schoon mogelijk houden. Dat zou tot minder bijplaatsingen moeten leiden. Het neveneffect van deze actie is dat we daarmee het ongewenste gedrag in stand houden. Inwoners worden niet geconfronteerd met de consequenties van hun gedrag. In de praktijk heeft het zo snel mogelijk opruimen van de bijplaatsingen niet geleid tot significante vermindering van bijplaatsingen. De medewerkers van het servicebedrijf ruimen nog altijd dagelijks op een aantal hotspots de bijplaatsingen op. Daarom gaan we ook andere middelen inzetten om het aantal bijplaatsingen te verminderen. 2. Intensievere inzet handhaving We gaan intensiever surveilleren (binnen de beperkte beschikbare capaciteit) op een vijftal hotspots. De intensievere surveillance houdt in dat de boa’s één dagdeel per week gedurende zes weken de hotspots bezoeken, zichtbaar aanwezig zijn en eventuele bijplaatsingen onderzoeken op adresgegevens. In de loop van augustus starten we met de intensievere handhaving. 3. Communicatie Naast intensievere inzet op handhaving willen we tegelijkertijd communicatie als middel inzetten om inwoners bewust te maken van het ongewenste gedrag dat wij zien bij een aantal milieupleinen.

In de loop van augustus willen we door middel van herhalende nieuwsberichten in lokale media aandacht vragen voor de ongewenste bijplaatsingen op de verschillende milieupleinen en daarbij de inwoner oproepen ons te helpen de milieupleinen schoon te houden. 4. Cameratoezicht Evaluatie Om het effect van intensievere handhaving en communicatie over een bepaalde periode te kunnen meten, gaan we in de komende weken een nulmeting houden. Gedurende de periode van intensievere handhaving en communicatie (twee tot drie maanden) kunnen we meten of de door ons ingezette middelen het aantal bijplaatsingen doen verminderden (of niet). In de tussentijd zoeken we uit of er nog andere middelen zijn die het aantal bijplaatsingen kunnen verminderen, hoe we eventueel cameratoezicht kunnen gaan inzetten, welke kosten daarmee gemoeid zijn, et cetera. Wij hopen u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Mocht u nog vragen hebben dan kunt u contact opnemen met de behandelend ambtenaar.

Pagina 2 van 2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Losser&id=4d79d388-6b3d-4fbe-9e12-af2abe9c130d